Feitelijke gegevens

  • 10e druk, 1984
  • 180 pagina's
  • Uitgeverij: Querido

Flaptekst

Hersenschimmen is Bernlefs indringende en ontroerende roman over dementie, over de eenzaamheid en de angst die daarmee gepaard gaan, maar ook een verhaal over de liefde die een onvermijdelijk tragisch einde tegemoet gaat.

Maarten Klein verliest langzaam maar zeker zijn greep op de werkelijkheid. Hij kan heden en verleden niet meer onderscheiden, wil plotseling weer naar zijn werk terwijl hij al gepensioneerd is en ziet zijn vrouw voor een vreemde aan. Momenten van helderheid worden meer en meer verdrongen door ontreddering en verwarring. Net als ik lekker lig komt Vera me wekken. Is het ochtend? Waarom al die haast? En sinds wanneer kleed ik mij zelf niet meer aan?

De pers over Hersenschimmen:
‘Mijn hele generatie heeft zijn ouders ‘hersenschimmen’ cadeau gegeven, in de hoop hun ontgeestelijking te bezweren, maar mijn moeder was vergeten dat ze het had gelezen’ Kees van Kooten.
‘Maartens verstand lekt weg, centimeter voor centimeter, en vervliegt ten slotte. Bernlefs verslag van die martelgang is schrijnend, heel gedurfd.’ Harold Pinter
‘Herinneren, vergeten, verdwijnen – dat zijn de grote thema’s van ‘Hersenschimmen’; en ook van veel andere romans van Bernlef.’ NRC Handelsblad.

Eerste zin

Misschien komt het door de sneeuw dat ik me ’s morgens al zo moe voel.

Samenvatting

Hersenschimmen vertelt het verhaal van iemand die langzaam maar zeker begint te dementeren en de gevolgen die dit voor hem en zijn omgeving heeft.

Maarten en Vera Klein wonen al jaren gelukkig in Gloucester, Massachusetts (Verenigde Staten). Langzaam maar zeker begint Maarten heden en verleden door elkaar te halen. Het begin heel klein, op het moment dat hij niet meer weet welke dag het is en op een zondag wacht tot de schoolbus langs zal komen of als hij steeds vaker in gedachten verzonken is. Langzaam maar zeker kan hij zich dingen niet meer herinneren en als hij zich iets herinnert, gaat hij volledig in die herinnering op. Zo denkt hij op een dag dat hij weer op de kleuterschool is en van de juf de potlodendoos mag halen. Hij loopt de gang door naar het materiaalhok en klimt op een stoel om de doos te gaan zoeken. Dan staat Vera plots achter hem en haalt hem uit de droom. Hij blijkt op de keukenstoel in hun washok te staan. Later geeft hij hele rare antwoorden op vragen, omdat hij net ergens anders met z’n gedachten was. Als Vera hem een keer vraagt wat hij zo lang in de keuken deed, antwoordt hij bijvoorbeeld vangstquota. Uiteindelijk gaat dit nog een stapje verder en breekt hij in bij een vakantiehuisje waar vroeger de vergaderingen van zijn bedrijf waren omdat hij denkt dat hij te laat op zijn vergadering komt. Ook vergeet hij dat mensen en dieren dood zijn en vraagt dus steeds naar hen als anderen langskomen. Een keer begint hij plotseling naar de snoepreepjes die zijn oma altijd voor hem achter in de buffetkast verstopte te zoeken.
Vera wordt steeds ongeruster en als Maarten weg begint te lopen van huis laat ze uiteindelijk een meisje, Phil Taylor, in huis wonen die op Maarten kan passen als zij weg is. Maarten vergeet echter steeds wie ze is. Eerst ziet hij haar aan voor een vriendin van zijn dochter, dan voor zijn vroegere piano juf en uiteindelijk voor zijn dochter. Ook van Vera vergeet hij soms wie ze is.

In het boek wordt ook de moeilijker wordende relatie tussen Vera en Maarten weergegeven. Een eerste beschrijving die Maarten van haar geeft (zie eerste quote, een stuk terug in dit verslag) is nog heel scherp, bij kennis. Meer op het einde heeft hij het echter over een oude vrouw, die er een beetje verfomfaaid uitziet met haar vochtig neerhangende slappe bruine krullen en haar gerimpelde hals (p. 134). Later herkent hij haar niet meer op foto’s en uiteindelijk weet hij helemaal niet meer wie ze is.

In het laatste deel van het boek weet Maarten zelf niet meer wie hij is. Eerst heeft hij het nog over “mijn spullen”, “ik kan ..” etc. Maar naarmate hij verder aftakelt begint hij in derde persoon over zichzelf te praten, om het uiteindelijk alleen nog maar over ‘het’ te hebben. Tegelijk met deze verandering in benoeming van zichzelf, trekt hij zich steeds meer in zijn hoofd terug. Hij communiceert bijna niet meer met de buitenwereld, maar denkt in onsamenhangende zinnen en fragmenten aan wat er om hem heen gebeurt. Een van de redenen hiervoor is dat hij ook steeds meer moeite met het Engels begint te hebben, en soms even de taal niet meer lijkt te verstaan. Op het laatst zijn Maartens gedachten zo onsamenhangend en fragmentarisch dat er bijna niet meer duidelijk is wat er nou met hem gebeurt. Wel weet hij op zijn sterfbed weer even wat er om hem heen gebeurt en zoekt en vindt hij Vera’s hand, al weet hij haar naam niet meer.

Personages

Maarten Klein

Is het centrale (vertellende) personage in de roman. Maarten is van oorsprong Nederlands, heeft rechten gestudeerd en is samen met Vera naar de VS geëmigreerd, waar hij jarenlang voor een internationaal bedrijf gewerkt heeft dat onderzoeken deed naar visvangst. Samen met Vera heeft hij twee kinderen, Kitty en Fred, maar die komen bijna nooit langs. In de tegenwoordige tijd van het boek is hij 71 (of 72, het wordt niet precies benoemd) en begint te dementeren. Door de vele herinneringen en het vastzitten krijgen we een zeer gedetailleerd beeld van zijn leven. Gedurende het gehele boek heeft hij het over de sneeuw, en dat hij daarom zo van slag is. De laatste zin van het boek is dan ook: “de lente die op het punt staat te beginnen” (p. 176).

Vera Klein

Vera is Maartens echtgenote. We komen niet zo heel veel over haar te weten, alleen dat ze in de VS lange tijd bij een bibliotheek heeft gewerkt en dat zij en Maarten erg veel van elkaar houden. Ze heeft het steeds zwaarder naarmate Maarten verder aftakelt, maar besluit uiteindelijk toch dat het beter is als hij in een verzorgingstehuis komt. Tot het laatste moment blijft ze hem steunen.

Quotes

"Niet in paniek raken. Zij weet het tenslotte nog allemaal. Dit is dus mijn moeder."

Bladzijde

"'Hoe voel je je?’ ‘Als een schip,’ zeg ik, ‘een schip, een zeilschip dat in een windstilte is terechtgekomen. En dan plotseling is er even weer wat wind vaar ik weer. Dan heeft de wereld weer vat op me en kan ik weer meebewegen.’"

Bladzijde

"Maarten speelt altijd het adagio uit Mozarts Veertiende Pianosonate uit zijn hoofd. Al jaren. En nu opeens kan hij het begin niet meer vinden."

Bladzijde

Thematiek

Dementie/ geheugenverlies
Het boek gaat over dementie en hoe ermee om te gaan. Aan de ene kant gaat het verhaal er namelijk over hoe Maarten zelf met zijn dementie omgaat, maar aan de andere kant lees je het verhaal van twee mensen die al iets van 50 jaar samen zijn en liefde en leed hebben gedeeld, maar doordat Maarten dementeert van elkaar vervreemden. Op de achterliggende vraag van beide ‘verhaallijnen’: hoe moet je met dementie omgaan? is echter geen antwoord te geven, wat Bernlef dan ook niet doet.

Motieven

Symboliek
Er komen een aantal symbolische motieven in de vorm van voorwerpen in het boek voor, winter en een boek: Een van de motieven in het boek is de sneeuw en de winter. Al vanaf het begin van het boek zegt maarten steeds dat hij zo van slag is omdat de winters in Gloucester zo lang en koud zijn. In de laatste alinea van het boek, als Maarten sterft (?) fluistert Vera dat de lente eindelijk is aangebroken. Dit duidt op de symbolische waarde van de overgang van winter en lente: Maarten, die dement is, gaat dood en het \\\'oude leven\\\' is dan voorbij. Lente duidt aan dat er een nieuw, zorgeloos leven weer aanbreekt voor de andere personages. Het tweede symbolische motief is het boek “Our Man in Havana?” van Graham Greene. Dit boek duikt op allerlei plekken in het verhaal op. Eerst ziet Maarten een ander boek van Greene liggen, en besluit in een antiquariaat de titel “Our Man in Havana?” te kopen. Even later weet hij niet meer dat het zijn boek is en denkt dat het van Vera is. Dit wel en niet herkennen herhaalt zich een paar keer, maar terwijl Maarten verder aftakelt komt het boek ook bij anderen terecht. Zo lezen o.a. Vera en Phil het uit, terwijl Maarten het nooit uit leest. Het boek is een symbolische verbeelding van de toestand van Maartens ziekte.

Motto

“A touching dream to which we all are lulled
But wake from separately.”
Philip Larkin

De (mooie) droom staat hier voor het leven, terwijl de tweede zin (maar afzonderlijk uit wakker worden) gaat over de dood en het feit dat Maarten hier zonder Vera in zekere zin sterft.

Trivia

Wist je dat Bernlef in 2009 het boekenweekgeschenk geschreven heeft? Het boekje heette “De Pianoman”.

Hersenschimmen was Bernlefs nationale en internationale doorbraak, maar was niet zijn eerste boek.

Titelverklaring

Hersenschimmen verwijst naar de schimmen uit het verleden die in Maartens hoofd terugkeren, vooral zijn vader en moeder, terwijl hij steeds verder ‘wegzakt’ maar ook naar alles wat om Maarten heen gebeurt. Omdat hij dementeert denkt hij niet meer helder, waardoor allerlei gebeurtenissen enkel schimmen zijn.

Structuur & perspectief

Het verhaal wordt verteld vanuit een ik-perspectief, in dit geval door de hoofdpersoon Maarten. We kunnen gedurende het hele verhaal met hem, in zijn hoofd meekijken, waardoor we ook heel erg met hem meevoelen. Het verhaal is chronologisch opgebouwd, we volgen Maartens steeds verder ontwikkelende dementie, met veel flashbacks en herinneringen.

Decor

Het boek speelt zich in de tegenwoordige tijd van schrijven (eind jaren ’80) af in Gloucester, Massachusetts in de Verenigde Staten.

Stijl

Bernlef heeft een hele open stijl. Hoewel hij een heel zwaar en droevig onderwerp behandelt, laat hij dat niet nadrukkelijk merken. Zijn zinnen zijn niet te lang, de tekst heeft een redelijk toegankelijke structuur en opbouw en er wordt een begrijpbare vocabulaire gebruikt, etc. Wel gebruikt hij af en toe een mooie metafoor om de ernst en droevigheid van de situatie te schetsen, zoals de schipmetafoor van Maarten, die ik eerder bij de quotes ook al aanhaalde (p. 77). Omdat deze open stijl het onderwerp een zekere lichtheid verschaft, is het boek zeer toegankelijk.
Een ander punt wat bijzonder is aan Bernlefs stijl, is dat hij beschouwt. Hij neemt dingen waar en beschrijft ze, meer dan dat hij geforceerd dingen probeert te laten gebeuren. Ook dit draagt bij aan de kracht en toegankelijkheid van het boek.

Slotzin

Als het al dag is en GOOD MORNING en iemand zegt... fluisterend... de stem van een vrouw en je luistert... je luistert met gesloten ogen... luistert alleen maar naar haar stem die fluistert... dat het raam is gemaakt... dat waar eerst die oude deur voor zat gespijkerd... dat daar nu weer glas zit... glas waar je doorheen kunt kijken... naar buiten... het bos in en de lente die bijna begint... zegt ze... fluistert ze... de lente die op het punt staat te beginnen...

Beoordeling

In eerste instantie vond ik het erg moeilijk aan dit boek te beginnen. Dementie leek me een wel erg zwaar onderwerp, en om nou een boek te gaan lezen waarin uitgebreid iemands lijdensweg beschreven wordt... Toen ik het boek eenmaal had opgepakt heb ik het echter in een aantal dagen uitgelezen. Hoewel het een ongelofelijk zielig boek is, is het ook een heel mooi boek. Bernlef heeft iets wat hartstikke moeilijk is, iemands aftakeling onder invloed van dementie beschrijven, op een hele mooie, toegankelijke en leesbare manier gedaan. Twee citaten maken dat voor mij persoonlijk heel duidelijk, ik heb ze al een paar keer aangehaald, maar hier nogmaals:

1. De verwoording van de liefde tussen Maarten en Vera:
“Vera. Haar nog altijd snelle abrupt afkerende gebaren; de aandacht waarmee ze met haar spitse vingers een dood blad uit een plant plukt en van alle kanten bekijkt, alsof ze de doodsoorzaak wil vaststellen; hoe ze haar lippen tuit als ze nadenkt of zachtjes haar hoofd schudt wanneer ze iets leest dat ze mooi vindt. Ik ben de enige die al de vrouwen die ze geweest is in haar kan zien. Soms raak ik haar dan aan, raak ik ze allemaal tegelijk even zachtjes aan. Een gevoel is het. Een gevoel dat alleen zij bij mij kan oproepen; niemand anders.” (p. 11)

2. De pijn en het verdriet, maar ook de liefdevolle berusting van Vera aan het einde:
“Als het al dag is en GOOD MORNING en iemand zegt... fluisterend... de stem van een vrouw en je luistert... je luistert met gesloten ogen... luistert alleen maar naar haar stem die fluistert... dat het raam is gemaakt... dat waar eerst die oude deur voor zat gespijkerd... dat daar nu weer glas zit... glas waar je doorheen kunt kijken... naar buiten... het bos in en de lente die bijna begint... zegt ze... fluistert ze... de lente die op het punt staat te beginnen...” (p. 176)

Recensies

"...doordat Bernlef er met zijn ingehouden stijl in slaagt te laten vergeten dat je woorden leest. De lezer is rechtstreeks aangesloten op het gedachtenleven van Maarten Klein."
http://www.hansvervoort.n...rticleId=6

"In 1984 verscheen Hersenschimmen, de indringende en ontroerende roman over het voortschrijdende dementeringsproces van hoofdpersoon Maarten Klein."
http://www.literairnederl...-bernlef/

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

A.

A.

Ik moet een deel van het boek voorlezen bij mijn presentatie, heeft iemand een suggestie?

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

B.

B.

Nice man

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast