ADVERTENTIE
Wil jij exposeren in het Rijks?

Heb jij een goed oog voor mooie beelden? Het Rijksmuseum zoekt jonge fotografen die hun talent durven laten zien. De prijzen: een tentoonstelling in het Rijksmuseum en je eerste betaalde foto-opdracht! Klik voor meer info over het thema en de wedstrijd.

Meer info

1: Wat is de Titel van het boek?

Twee Vrouwen

Naam en plaats van de uitgave die je gelezen hebt:

Penta Pockets 2001 Nr.4 Wolters-Nordhoff, Groningen en Bulkboek, Amsterdam.



2: Wanneer verscheen de eerste druk?


De eerste druk is uit 1975.



3: De biografie van Harry Mulish:







Harry Kurt Victor Mulisch wordt op 29 juli 1927 in Haarlem geboren. Zijn ouders zijn niet van Nederlandse origine. Zijn vader was geboren in het toenmalige Oostenrijk-Hongarije en diens geboorteplaats kwam na de verdeling van Midden-Europa in Tsjecho-Slowakije te liggen. Aan het eind van de eerste wereldoorlog ontmoette hij in België, waar hij als beroepsmilitair gestationeerd was, de uit Duitsland afkomstige familie Schwarz en in 1926 trouwde hij met de 18-jarige dochter Alice. Hij was inmiddels naar Nederland geëmigreerd, waar hij via de vader van Alice een functie op een bank kreeg. Zijn moeder was joods. Na de scheiding in 1936 is hij bij zijn vader gaan wonen waar hij werd opgevoed door de huishoudster (Frieda Falk). Op de middelbare school behaalde Harry matige resultaten, vooral omdat hij veel verzuimde. Hij had meer belangstelling voor scheikundige en natuurkundige processen, waarmee hij op zijn kamer (met een ‘laboratorium') altijd bezig was. Ook de sterrenkunde boeide hem in hoge mate.1944 stopt hij met school, zonder eindexamen te hebben gedaan.



In 1946 ontdekt hij plotseling het schrijverschap. Tot op dat moment had hij nog geen letter literatuur gelezen. Wel was hij geboeid geraakt door de jeugdboeken over Bram Vingerling, geschreven door Leonard Roggeveen. De lezing van de fantastische vertellingen van Edgar Allen Poe in dat jaar bracht een schok van herkenning teweeg. In snelle opeenvolging werkte hij aan een reeks verhalen in diezelfde stijl. Op 8 februari 1947 werd er één in Elsevier's Weekblad gepubliceerd, De kamer, een verhaal van enkel honderden woorden (afgedrukt in Mijn getijdenboek, p. 98). Om in leven te blijven verkocht Harry beetje bij beetje de bezittingen van zijn vader.



Na enkele baantjes besluit hij in 1949 zich helemaal op het schrijven te richten. De novelle Tussen hamer en aambeeld uit 1947 zond hij naar vrijwel elke uitgever in Nederland en telkens kreeg hij het manuscript terug. Hij schreef vervolgens Archibald Strohalm en leverde deze roman in bij de jury van de Reina Prinsen Geerlingsprijs. Dan krijgt hij eindelijk zijn beloning: de roman wordt bekroond. Destijds had deze prijs veel aanzien en van de ene op de andere dag was Mulisch' naam als schrijver gevestigd. Vanaf dan zit de vaart er flink in en schrijft hij romans, verhalen, toneelstukken, poëziebundels, partituren, autobiografieën, tijdgeschiedenissen en studies. Ondanks die verschillende vormen vertoont Mulisch’ werk thematisch een grote eenheid. Alle boeken getuigen namelijk van de levensvisie dat er geen toeval bestaat en dat alles met alles samenhangt. Dat kan niet anders, volgens de schrijver: “Het is ook allemaal uit één ding voortgekomen, die ene ‘big bang’. Het is een heksenkring van paddestoelen: kijk onder de grond en je ziet dat het een wortelstok is.”



In 1971 trouwt Mulisch met Sjoerdje Woudenberg. Uit het huwelijk zijn twee dochters geboren, Anna en Frieda.



Hoewel zijn werk nauwelijks verwantschap vertoont met het realisme (en autobiografisme), dat vooral de werkelijkheid wil weergeven, komen in al zijn werken elementen uit zijn eigen leven voor. De hoeveelheid wisselt echter sterk. In het autobiografische Mijn getijdenboek zegt hij daarover: ‘… ik heb bovendien van meet af aan de behoefte gehad, mijn leven ook zonder veel omwegen als mijn leven op papier te zetten.' Maar niet rechtstreeks zoals Menno Büch: ‘Bovendien wil ik, dat mijn leven buiten z'n oevers treedt en een eigen leven gaat leiden.'

De samenhangen tussen leven en werk én tussen de werken onderling zijn heel groot en sterker dan men op het eerste gezicht vermoedt. De meeste auteurs schrijven boeken, sommige werken aan een oeuvre. Harry Mulisch behoort ontegenzeggelijk tot de laatste groep.



Van de vele prijzen die Mulisch ontvangen heeft, noem ik hier slechts de Constantijn Huygensprijs (1977) en de P.C. Hoofdprijs, de Nederlandse staatsprijs voor letterkunde (1978).



Tot Mulisch’ omvangrijke oeuvre behoort slechts een klein aantal romans. De belangrijkste daarvan zijn: Archibald Strohalm (1951), Het stenen bruidsbed (1959), De verteller (1970) Twee vrouwen (1975), De aanslag (1982), Hoogste tijd (1985), De ontdekking van de hemel (1992), De procedure (1999) en Siegfried (2001). Opvallend is dat hij in de jaren zestig helemaal geen romans schrijft. “Ik had toen iets anders te doen,” verklaart de schrijver. “Ik kan alleen maar uit enthousiasme schrijven, als ik nijdig ben gaat het niet. En er was toen een oorlog gaande, er gebeurde zoveel op straat, daar wilde ik bij zijn.”



Wat Mulisch dan wel schrijft in die tijd is beschouwelijk proza, waarbij hij zich laat inspireren door de politieke en maatschappelijke realiteit. Zo rapporteert hij over de processen tegen een oorlogsmisdadiger in De zaak 40/61 (1962). En in Bericht aan de rattenkoning (1966) gaat het over de strijd in Amsterdam van de provo’s tegen de politie. Dat kon allemaal niet in de romanvorm, aldus de schrijver: "Een roman behoort tot de wereld van de kunst en wil dus mooi zijn. Non-fictie wil niet mooi zijn, maar wil waar zijn. Als ik een roman over die actuele gebeurtenissen had geschreven, had men zich ervan af kunnen maken door het gewoon een mooi boek te noemen en het verder niet over de inhoud te hebben. Dat wilde ik vermijden.”





Vanaf 1970 schrijft Mulisch weer romans. “De oorlog is nu over. [...] We kunnen elkaar weer verhaaltjes gaan vertellen,” vindt hij. Een van die ‘vertellingen’ is de roman Twee vrouwen. Het verhaal gaat over de liefde tussen het jonge meisje Sylvia en een wat oudere, gescheiden vrouw. Deze laatste, Laura, is de vertelster. Zij verblijft in Avignon, twee dagen na de dood van haar in Nice wonende moeder. Ze vertelt twee verhalen. Het ene is haar reis per auto naar Zuid-Frankrijk, naar haar dode moeder toe. Het andere is de tragisch afgelopen geschiedenis met Sylvia, die een half jaar eerder begonnen is.



De ontvangst van Twee vrouwen bij het publiek laat voor Mulisch niets te wensen over: binnen vier maanden zijn er vijftigduizend exemplaren verkocht. Ook de literaire pers reageert enthousiast. Men vindt het verhaal mooi, technisch perfect en misschien wel “de eerste oorspronkelijke liefdesroman van de laatste jaren”. En, zoals een van de recensenten opmerkt: het is een boek dat “vermoedelijk vrijwel iedere liefhebber van romans in één adem zal uitlezen: van verliefdheid naar liefde, naar wrevel, naar verwijdering, naar hereniging en tenslotte naar een tragische finale.”



4: De tekst vooraf:


…weer doorsidderde mijn hart

Eros, zoals de wind op de bergen in eiken valt.

SAPPHO



Verklaring:

Dit is een haiku van de Griekse dichteres van het eiland Sappho. Eros is de Griekse god van de liefde.

Opnieuw wordt mijn hart gebroken, zoals de wind steeds weer in de eiken op de bergen valt. Het kan ook liefde betekenen, die als de wind op de bergen en in de eiken valt. Hieruit valt af te leiden dat liefde iedereen onverwacht kan overkomen en weer onverwacht verlaten.



5: Welke genre is het?


Dit verhaal is een psychologische liefdesroman gebaseerd op een mythe. Het behoort tot de non-fictionele teksten, omdat alles zeer realistisch wordt beschreven en zou een waar gebeurd verhaal kunnen zijn. Het boek is niet chronologisch geschreven.



6: Wat is de literaire stroming?

Hij behoort tot de magisch-mythische stroming, het mythische element wordt gevormd door de Oedipus-mythe. In deze klassiek-Griekse mythe wordt verhaald hoe Oedipus zonder het te weten zijn vader Laïos doodde en met zijn moeder Iokaste trouwde. Deze geschiedenis is door de psycholoog Freud gebruikt om een bekend psychisch mechanisme te illustreren. Hij legt het verhaal als volgt uit: het toont de drang van een jongen om zijn vader opzij te schuiven en met zijn moeder te trouwen. Mulisch komt echter met een heel eigen interpretatie: hij bekijkt het teruggaan naar de moeder en het innemen van de plaats van de vader vanuit het gezichtspunt van tijd. Oedipus overwint door dit teruggaan de voortschrijdende tijd. Deze zienswijze leidt ons naar Mulisch' thematiek. Het magische element in Mulisch' filosofie houdt o.a. verband met het schrijven. Behalve het stilzetten van de tijd en het terugkeren naar het begin, bestaat er nog een manier om de dood te overwinnen: door God te worden. Dat is precies wat eens schrijver doet: hij heerst als een God over de wereld van een verhaal. Hij schept deze wereld, hij creëert de personages en hij kan er meer doen wat hij wil. Bovendien heeft het schrijven te maken met het stopzetten van de tijd. Het eenmaal gemaakte werk ligt vast, veranderd niet meer onder invloed van tijd. Zo bezien is de schrijver in zekere zin een magiër: hij is in staat de tijd stil te zetten in zijn gepubliceerde werk. Hij kan in zijn werk voort blijven leven, ook als hij zelf allang verdwenen is. Magisch heeft bij Mulisch nog een betekenis. De schrijver is een magiër omdat hij in staat is d.m.v. het woord een boodschap over te brengen. Zoals de priester een mens met God in verbinding brengt, zo vervult de schrijver een soortgelijke rol als tussenpersoon. Hij toont de problematiek waar de mens voor geplaatst is, dood en tijd, en laat zien dat menselijk handelen door dat probleem bepaald wordt. Mulisch gelooft in de magische kracht van het woord om zijn thematiek van dood en leven tot uitdrukking te brengen.



6: Welke andere auteurs behoren tot die stroming?


Gerrit Achterberg, een dichter.



7: Verklaar de titel:


De titel spreekt voor zichzelf. Het boek gaat over een relatie tussen twee vrouwen.



8: Wat is de thema?


De hoofdzakelijke thema van het boek is een relatie tussen twee vrouwen en de moeilijkheden die zo’n relatie met zich mee brengt.

Ook een duidelijk voorbeeld van een relatie met een groot leeftijdsverschil en de problemen die daaruit voortvloeien. Er is ook een duidelijk moeder – dochter motief.

Veel reizen en een normaal leven proberen op te bouwen in een niet door de overheid normaal gevonden relatie is ook een duidelijk motief.

Een motief is dat Laura en Sylvia geen kinderen hebben en Laura dat graag wil om van haar moeder los te komen. Dit zorgt voor iets problematisch in hun relatie.

Nog een motief is het schuldmotief: doordat Laura de zwangere Sylvia met Alfred laat praten, wordt Sylvia vermoord. Laura voelt zich schuldig.

Het Orpheus motief heeft een symbolische betekenis: Laura symboliseert Orpheus, Sylvia staat voor Eurydike.

De Orpheus mythe: Eurydike gaat dood door een slangenbeet. Orpheus wil Eurydike terug. Hij gaat naar de onderwereld en zorgt dat hij haar terugkrijgt, met een voorwaarde dat hij tijdens de terugtocht niet achterom kijkt. Orpheus kijkt toch achterom...

Dit verhaal komt op hetzelfde neer:

Sylvia gaat er vandoor met Alfred. Ze doet dit alleen om een kind van hem te krijgen. Als ze zwanger is gaat ze terug naar Laura (ze komt terug uit de onderwereld). Laura wil dat Sylvia met Alfred gaat praten en Alfred vermoordt Sylvia. (Laura maakt een fout door Sylvia met Alfred te laten praten en daardoor raakt ze Sylvia kwijt.)



9: Noteer de idee:


De hoofdbewering is dat homoseksuele relaties veel problemen met zich mee kunnen brengen. Vooral gezien de relatie tot de ouders. Ouders zijn van een oudere generatie en die hebben nog een taboe voor homofilie en –seksualiteit, en kunnen dan ook vaak moeilijk accepteren dat hun kind homoseksueel is.

Hoofdzakelijk draait deze boek om relaties, de achterliggende gedachte lijkt mij, dat we elkaar in waarde moeten laten. Het boek laat zien hoe leugens door angst voor confrontatie met de waarheid tot een bittere eind leiden.



Accepteer elkaar en leef de waarheid, zonder angst.



10: Waar speelt het boek zich af?


Het verhaal speelt zich op vele plaatsen af: de jeugdherinneringen, in Leiden;

in Amsterdam bij Laura thuis en in de schouwburg; in Nice en op het laatst in Avignon, de plek waar Laura blijft steken in een kamertje van een vrouw met onder het raam een put.



11: Wanneer speelt het boek zich af?


De periode waarin dit verhaal zich afspeelt is nogal vaag. Ik denk dat het rond 1975 afspeelt, toen is het boek ook geschreven. Niet alleen daarom denk ik dat, maar ook omdat twee vrouwen die samen leven een ongeaccepteerd iets was en dat is nu niet meer. De hele buurt keek Laura en Sylvia maar minachtend aan en de familie van Sylvia mocht echt van niets weten. De vertelde tijd is ongeveer een half jaar. Het boek begint wanneer Sylvia en Laura elkaar ontmoeten, in februari, en eindigt bij de vrouw waar Laura is, onderweg naar Nice, dit was in augustus. (enkele korte fragmenten zijn jeugdherinneringen, dit zijn uitzonderingen)

De verteltijd is 149 bladzijden.

De verteltijd is korter dan de vertelde tijd. De verteltijd is immers 149 bladzijden en hierin wordt een half jaar verteld. Dit verhaal is niet chronologisch, het zijn allemaal flash-backs, met uitzondering van het einde. Eigenlijk zijn het driedubbele terugblikken, namelijk over de reis naar Frankrijk, over Sylvia en over haar jeugd.



12: Noteer de hoofdpersoonen:


Laura Tinkhuizen:

Laura is de hoofdpersoon in het boek. Van Laura krijg je een heel goed beeld. Dit komt doordat je alles te weten komt over haar. Je weet precies wat ze denkt en hoe ze zich voelt. Laura is een gescheiden, kinderloos vrouw van 35 jaar oud. Ze houdt veel van kunst en weet daar ook veel vanaf doordat ze in een museum werkt. Laura is een goed mens. Een voorbeeld hiervan is dat ze medelijden heeft met Alfred terwijl hij eerst Sylvia van haar afpakt. Wel laat ze al haar vrienden vallen wanneer ze iets met Sylvia krijgt. Laura heeft een slechte band met haar moeder omdat de vrouw zich in het verleden te veel met Laura bemoeit heeft. Laura had wel een hechte band met haar vader gehad, tot zijn dood toe. Er worden namelijk alleen maar positieve fragmenten over haar vader verteld.



Sylvia Nithart:

Sylvia is 20 jarige kapster. Veel van haar gevoelens en gedachten kom je niet te weten. Sylvia is heel zwijgzaam en op zich zelf, maar wel erg bazig. Alles moet gebeuren, precies zoals zij het wil. Sylvia zit vol plannen en denkt altijd vooruit, vandaar ook de teruggehouden houding. Ze vit niet graag op een plaats. Sylvia’s ouders hebben een veel netter en rustiger beeld van hun kind dan ze eigenlijk is.



Alfred Boeken:

Alfred boeken is de ex-man van Laura. Hij is hertrouwd met Karin en heeft 2 zoontjes. Alfred is een mislukte schrijver en journalist. Hij verwacht niet veel van het leven en het leven zit hem ook niet echt mee. Hij is een onverwachte man, omdat hij van een lieve man omslaat in een wraakzuchtige moordenaar van Sylvia.



Karin Boeken:

Dit is de tweede vrouw van Alfred. Ze is een verschrikkelijke zeur en doet niets anders als klagen. Dan weer over dat ze in een te klein huis wonen of over dat de kinderen zo’n troep maken.



Meneer en mevrouw Nithart:

De ouders van Sylvia hebben nog redelijk ouderwetse opvattingen wat betreft lesbiennes. Daarom mogen zij van Sylvia niet vond het een heel mooi boek. Ik moest er natuurlijk wel rekening mee houden dat dit verhaal in 1975 geschreven is, want toen was homoseksualiteit iets waarover niet gesproken werd. Het einde was wel heel erg dramatisch, zoiets had ik echt niet verwacht. Dat is ook wel leuk, want als je het hele boek kunt voorspellen is er ook niet veel meer aan. weten dat ze iets met Laura heeft. Ze verzinnen een verloofde voor haar die ze Thomas dopen. Hij is de zoon van Laura. Meneer en mevrouw Nithart geloven dit alles.



De moeder van Laura: Zij zit in een verpleegtehuis in Nice. Er wordt niet veel over haar karakter verteld. Laura had niet zo’n goede band met haar en vertelde haar daarom ook niet dat ze een relatie met Sylvia heeft.



13: Wat voor characters zijn de hoofdpersonen?


Laura Tinkhuizen is een round karakter, omdat het boek haar kijk op de wereld is. Je weet precies wat ze denkt, hoe ze zich voelt en waarom ze handelt zoals ze handelt.



Sylvia Nithart is een flat karakter, omdat er niet gezegd wordt waarom ze zoveel lucht in haar hoofd heeft en waarom ze zoveel plannetjes in haar hoofd heeft en waarom ze ontstaan. Kortom is Sylvia een ongebonden dromertje die in haar eigen wereldje leeft met haar eigen regels.



Alfred Boeken is een flat karakter, omdat er niet verteld wordt waarom hij ineens van een gezinsman naar een wraakzuchtige moordenaar overslaat.



Moeder van Laura is een type. Ze is een typische moeder, omdat de denkbeeldige navelstreng met haar dochter nog steeds niet doorgeknipt is.



Meneer en mevrouw Nithart zijn types. Het zijn doorsnee ouderwetse ouders die bang zijn voor de moderne nieuwe en daar geen begrip voor hebben. Wel zijn ze over begripvol voor Sylvia’s luchtige wezen.



Karin is een type. Ze is een echte lastige echtgenote die maar de hele dag aan Alfred’s hoofd blijft door zeuren en zijn leven zo tot een hel maakt.



14: Samenvatting:


Laura Tinhuizen, dochter van een Leidse professor die een beroemd boek heeft geschreven over Provençaalse troubadours, heeft in haar jeugd een hechte band met haar vader. De relatie tussen moeder en dochter is veel afstandelijker. Laura studeert enkele jaren kunstgeschiedenis en trouwt op 23-jarige leeftijd met Alfred Boeken, een kunstcriticus. Het huwelijk duurt zeven jaar en blijft kinderloos. Dat is de voornaamste reden om te scheiden. Tijdens haar huwelijk neemt zij een baan als conservatrice van het museum Zinnicq-Bermann, dat een belangrijke verzameling iconen in bezit heeft. De vader van Laura is inmiddels gestorven en volgens zijn wens in de Provence begraven. Laura’s moeder sukkelt met haar gezondheid en wordt verpleegd in een tehuis in Nice.

Vijf jaar na de scheiding met Alfred, die inmiddels hertrouwd is met Karin en twee kinderen uit dat huwelijk heeft, ontmoet Laura op een zaterdagmiddag in februari Sylvia Nithart. Sylvia woont in Petten en werkt als kapster in Egmond aan zee. Haar vader is opzichter bij het hoogheemraadschap. Tussen de 35-jarige Laura en de 20-jarige Sylvia ontstaat een verhouding. Sylvia trekt al snel bij Laura in. Voor Laura is een lesbische relatie iets totaal nieuws; Sylvia daarentegen zegt zowel met mannen als met vrouwen verhoudingen gehad te hebben. Het wordt al snel duidelijk dat Sylvia de baas is. Deze wil haar relatie absoluut geheim houden voor haar ouders. Zij vertelt thuis dat zij bij een student intrekt, ene Thomas, zogenaamd Laura’s zoon. Ook Laura probeert voor haar moeder de lesbische relatie te verbergen.

Op een dag in maart bezoeken Laura en Sylvia de dierentuin. Laura fotografeert Sylvia bij verscheidene dieren (krokodillen, slangen, leguanen en hagedissen) en bij het beeld van een tyrannosauriër. Op Sylvia’s aandringen neemt een toevallig voorbijkomende jongen een foto van hen samen. Daarna wil Sylvia op de foto met de jongeman.

De kennissenkring raakt langzamerhand gewend aan de verhouding tussen Laura en Sylvia. Als Alfred Boeken ter ore komt dat zijn ex-vrouw een lesbische relatie is aangegaan, belt hij Laura op en reageert nogal gepikeerd.

Op zekere dag komt Sylvia’s moeder naar Amsterdam om met Thomas kennis te maken. Laura is nerveus, raakt bijna in paniek als mevrouw Nithart naar een foto van haar zoon vraagt. Sylvia heeft de situatie volledig onder controle en komt te voorschijn met de foto die in Artis is gemaakt.

In Mei vliegen Laura en Sylvia naar Nice. Zij krijgen onenigheid over het bezoek aan Laura’s moeder. Sylvia wil mee, maar Laura wijst dit beslist af. ’s Avonds gaan zij uit eten en laten zij twee Franse jongens in de waan dat er wel wat met hen te beginnen valt. Het bezoek aan mevrouw Tinhuizen vindt in een gespannen sfeer plaats. Laura wil niet veel over haar nieuwe relatie loslaten, terwijl haar moeder maar blijft doorvragen. Plotseling verschijnt Sylvia, tegen de afspraak in. Door een verspreking van Laura doorziet mevrouw Tinhuizen de situatie: zij komt overeind en begint met haar stok op Sylvia in te slaan. Hals over kop verlaten Laura en Sylvia de tuin van het verzorgingshuis.

Terug in Nederland komt het gesprek op kinderen. Laura bekent dat zij heel graag kinderen had gewild; ze bleek echter onvruchtbaar te zijn. Sylvia vraagt of Laura zou willen dat zij een kind van haar kreeg. Het gesprek stokt vrij plotseling als Laura zegt dat dit nu eenmaal onmogelijk is. In de dagen erna komt geen van beiden terug op het onderwerp kinderen, maar Laura heeft sterk het gevoel dat er iets gaande is. Zij voelt een zekere spanning in de relatie; alsof er iets smeult.

Korte tijd later bezoeken ze een toneelvoorstelling in het kader van het Holland Festival. Het stuk heet Orfeus’ vriend en geeft een interpretatie van de mythe van Orfeus en Eurydike. In de pauze ontmoeten zij Alfred Boeken. Na afloop van de voorstelling praten ze nog wat na met Karin, Alfred, de schrijver van het toneelstuk en enkele bekenden uit de kunstwereld. Sylvia en Alfred praten enige tijd samen op het balkon buiten.

Niet lang daarna komt de verhouding in een kritiek stadium. Zij kennen elkaar nu bijna een half jaar. Sylvia gedraagt zich stug en zegt bijna niets meer. Als Laura of Sylvia een paar dagen naar haar moeder wil, knikt ze meteen. Zonder behoorlijk afscheid te nemen vertrekt Sylvia.

Als Laura na enkele dagen nog niets gehoord heeft, belt ze naar Sylvia’s ouders. Die weten van niets: hun dochter is nooit aangekomen. Laura raakt in paniek: als ze constateert dat Sylvia al haar kleren heeft meegenomen, begint ze te geloven dat Sylvia er met een of andere jongen vandoor is. Verdriet maakt na enkele dagen plaats voor woede. Dan belt Karin: Sylvia is er met Alfred vandoor. Van Karin krijgt Laura het adres van het liefdespaar: een obscuur hotelletje ergens aan de Amstel. Laura gaat er op af, probeert Sylvia om te praten, maar dat lukt niet. Uit het gesprek blijkt dat het initiatief van Sylvia uit is gegaan.

In de weken erna probeert Laura over haar verdriet heen te komen. Zij leest een boek dat van haar vader was: de brieven van Abélard en Héloise. Eind juli neemt Sylvia onverwacht contact op. Laura’s hoop vervliegt als blijkt dat Sylvia slechts om haar paspoort komt. Ze vertrekt met Alfred naar Londen. Als Sylvia weggaat valt het Laura op dat Sylvia veranderd is: harder, vrouwelijker.

Juist op het moment dat zij haar situatie geaccepteerd heeft, keert Sylvia terug: opgewonden, blij en… zwanger. Ze komt Laura haar kind brengen: ‘Nu blijf ik voorgoed bij je.’ (p. 143) Laura vindt dat ze het met z’n drieën (dus Alfred erbij) moeten uitpraten, maar Sylvia weigert in eerste instantie. Pas als Laura aandringt, stemt ze toe in een gesprek met Alfred, onder vier ogen, zoals deze telefonisch voorgesteld had.

Op de dag van het gesprek is Laura op haar werk: onrustig en gespannen. Dan gaat de telefoon: een politieagent meldt haar een ongeval met Sylvia. Laura snelt naar huis. Als ze de kamer in komt ziet ze direct dat Sylvia dood is. Drie schoten uit het pistool van Alfred hebben een eind aan haar leven gemaakt.

Enige tijd later krijgt Laura ’s nachts om vier uur het bericht dat haar moeder overleden is. Ze besluit nog dezelfde nacht in haar auto naar Zuid-Frankrijk af te reizen. Tegen zonsopgang passeert zij de Belgisch-Nederlandse grens, om halfacht is zij op Frans grondgebied. Ze stopt kort om iets te drinken. In de loop van de ochtend arriveert ze in Parijs waar ze luncht. ’s Middags stopt ze na een lange rit in de buurt van Avallon. In een wegrestaurant ontmoet ze de schrijver van Orfeus’ vriend. Ze onthult niets over het drama met Sylvia. Ook vertelt ze niet waarom ze naar Nice reist.

In de buurt van Lyon is Laura getuige van een verkeersongeluk. In de omgeving van Orange betrapt zij zich erop niet meer met haar aandacht bij het autorijden te zijn: ze is oververmoeid en krijgt aanvallen van duizeligheid. Bij Avignon-noord besluit ze de snelweg te verlaten en een kamer te nemen. Bij het toeristenbureau hoort ze dat alle hotelkamers vol zijn, maar men kan haar wel aan een kamer helpen bij particulieren. In deze kamer schrijft Laura op wat haar overkomen is: het hier in samenvatting weergegeven verhaal.

Na een week staat het op papier.



15: Leesbeleving A5: Hoe levensecht is de hoofdpersonage?



Laura’s karakter is erg geloofwaardig. Ze zou makkelijk mijn buurvrouw kunnen zijn. Laura Tinkhuizen heeft geen charisma over zich heen. Ze lijdt een rustig leventje sinds haar scheiding met Alfred Boeken. Ze maakt geen wolkenkrabbende plannen, heeft hart voor haar werk, ontplooit haar hobby’s en gaat soms op bezoek bij vrienden. Af en toe heeft ze korte affaires met mannen, alleen voor de seks. Ze mist liefde. Laura heeft geen hechte relatie met haar moeder, maar bezoekt haar om de zoveel tijd. Ze is een aardige vrouw die zich niet veel met de moderne wereld bemoeit, maar voor het algemeen in het verleden leeft, in de geschiedenis. Haar doorsnee leven verveelt haar tot op het moment dat ze Sylvia ontmoet. De jonge geest van Sylvia blaast weer leven in Laura. De laatste jaren komen homoseksuele relaties steeds meer voor. De twee vrouwen zouden elkaar in het echte leven makkelijk ontmoet kunnen hebben. En de jonge Sylvia had ook in het echt de ouderwetse Laura kunnen inspireren en wederzijds.

Ik vind Laura een levensechte personage die neigt naar liefde en ontploiieng van het onbekende, ze lijdt onder een gevoelloos leven en verlangt naar genegenheid. Ze is een intelligente vrouw die over alles filosofeert in haar gedachten. Laura is eigenlijk een interessante vrouw, maar ziet dat zelf niet totdat een ander haar erop wijst. Dat is een kenmerk die erg vaak bij mensen is waar te nemen.

Volgens mij is Laura een doorsnee vrouw, die onderin haar twijfels een heel bijzonder iemand schuil houdt.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

A.

A.

Bij Meneer & Mevrouw Ninthart staat een stuk wat niet helemaal klopt. Dat begint ongeveer in de 2e regel! Daar is een stuk tussen geplakt, waarschijnlijk perongeluk, dit moet weggehaald worden. Dit zou dan de goede zin worden.

Meneer en mevrouw Nithart:
De ouders van Sylvia hebben nog redelijk ouderwetse opvattingen wat betreft lesbiennes. Daarom mogen zij van Sylvia niet weten dat ze iets met Laura heeft. Ze verzinnen een verloofde voor haar die ze Thomas dopen. Hij is de zoon van Laura. Meneer en mevrouw Nithart geloven dit alles.

11 jaar geleden

M.

M.

In de tekst staat: "Dit is een haiku van de Griekse dichteres van het eiland Sappho. "

Dit is niet juist, want Sappho is de dichteres die leefde op het eiland Lesbos.

zie de site: http://nl.wikipedia.org/wiki/Sappho



11 jaar geleden

R.

R.

He Roosje,
Ik heb je uitreksel van 'Twee vrouwen' van Mulisch gelezen en ik vind het heel goed geschreven. Ik heb er veel aan gehad om m'n boekverslag te kunnen maken. Hartstikke bedankt!!

Remco

17 jaar geleden

H.

H.

De samenvatting is ontzettend uitgebreid en soms té uitgebreid. Het lijkt me bijvoorbeeld overbodig in een samenvatting te vertellen waarover de vader van Laura een beroemd boek heeft geschreven, welk beroep de vader van Sylvia uitoefent en bij welke dieren ze in de dierentuin gefotografeerd zijn. Zo zijn er nog enkele punten die naar mijn mening weggelaten hadden mogen worden. Juist omdat de samenvatting zo uitgebreid is valt het me tegen dat ik bepaalde punten in de samenvatting mis. Bijvoorbeeld wanneer Sylvia Laura vraagt of ze kinderen wil. In de samenvatting komt het woord ‘ja’ niet echt duidelijk naar voren. Terwijl dit toch echt gezegd was (p. 54). Ik vond dit best belangrijk voor het verhaal. Sylvia laat zich tenslotte zwanger maken door Alfred omdat Laura een kind van haar wilde en ze Laura een plezier wilde doen. In het laatste stukje had er bijgezegd mogen worden dat ze van de oude mevrouw die in het huis woont waar ze die week verblijft zo lang mag blijven als ze wil, maar dat ze nog niet weet wat ze doet. Dat is tenslotte het eind van het verhaal. Buiten de dingen die ik miste in het verhaal waren er ook kleine puntjes waar ik het niet mee eens was. Zo verbaasde ik me erover dat er in de samenvatting staat dat het initiatief van de relatie tussen Sylvia en Alfred vanuit Sylvia kwam. Het was tenslotte Alfred die Sylvia als eerste belde. Ik maakte uit het boek op dat het initiatief van beiden kwam. Ook staat er in de samenvatting dat Sylvia pas na aandringen van Laura met Alfred praat, maar in het boek komt alleen naar voren dat Sylvia liever niet met Alfred praat. Laura vraagt dan of Sylvia het voor haar wil doen (p. 112). Verder wordt er niet over gesproken. Ik vind dat geen aandringen. Op deze punten van kritiek na vond ik de samenvatting heel volledig en duidelijk geschreven.




17 jaar geleden

R.

R.

Roosje, bedankt!

17 jaar geleden

K.

K.

Hey ff n opmerking .. dit stukje klopt niet .. het gaat over de ouders van Sylvia ... de 2e zin gaat als volgt: ??? "Daarom mogen zij van Sylvia niet vond het een heel mooi boek."??? daar klopt dus niks van begrijp je .. ;) maar goed .. daarom mogen zij van Sylvia niet wat ? maar goed .. dat viel me even op --> dit is dat stukje .. {Meneer en mevrouw Nithart:
De ouders van Sylvia hebben nog redelijk ouderwetse opvattingen wat betreft lesbiennes. ??? DAAROM MOGEN ZIJ VAN SYLVIA NIET VOND HET EEN HEEL MOOI BOEK. ?? Ik moest er natuurlijk wel rekening mee houden dat dit verhaal in 1975 geschreven is, want toen was homoseksualiteit iets waarover niet gesproken werd. Het einde was wel heel erg dramatisch, zoiets had ik echt niet verwacht. Dat is ook wel leuk, want als je het hele boek kunt voorspellen is er ook niet veel meer aan. weten dat ze iets met Laura heeft. Ze verzinnen een verloofde voor haar die ze Thomas dopen. Hij is de zoon van Laura. Meneer en mevrouw Nithart geloven dit alles.}

16 jaar geleden

A.

A.

Dank je wel!!!!!!!!!!!!!!

16 jaar geleden

D.

D.

volgensmij is de samenvatting van zo'n boekje waar alle handige dingen in staan. hij is dus niet van jou? of wel

9 jaar geleden

D.

D.

Het is Laura Tinhuizen, niet Tinkhuizen.

8 jaar geleden