ADVERTENTIE
1500 euro winnen met je pws of sectorwerkstuk?

Check de online masterclasses van het Rijksmuseum waarin experts hun kennis en tips delen, zodat jij tot een goed onderwerp komt. En wist je dat je mee kunt doen aan de Rijksmuseum Junior Fellowship wedstrijd? Je maakt dan met jouw pws of sectorwerkstuk kans op 1500 euro en een traineeship!

Wij houden onze boekbespreking over het boek: De zwarte met het witte hart, geschreven door Arthur Japin.
Het is een literaire roman over 2 prinsen uit Afrika, het is een boek gebaseerd op feiten uit de geschiedenis van Nederland. Kwasi is de ik-persoon in het boek. Hij kijkt als bejaarde man vanuit zijn koffieplantage op Java terug op zijn leven
De Hoofdpersonen zijn: Kwame en Kwasi, Cornelius de Groot, Sophie en Mr. Van Drunen.
Kwasi is degene waarover het hele boek gaat en het boek is ook vanuit kwasi’s opzicht geschreven.


Inleiding
 Kwasi is een Afrikaanse prins van de Ashanti een stam ergens diep in het zwarte Afrika. Hij is heel intelligent en wil zich aanpassen aan de Nederlandse cultuur.
Kwame is de neef van kwasi en de troonopvolger van de Ashanti, door het hele boek heen zie je heel goed de verschillen tussen hem en kwasi. Hij worstelt ook de hele tijd met zichzelf en pleegt uiteindelijk zelfmoord. Hij is ook wel intelligent maar uit dat niet zoals Kwame. Hij is wel erg kunstzinnig.
Cornelis de Groot zat bij Kwasi en Kwame op school, Kwasi leert vechten van hem maar later loopt de vriendschap stuk. Hij is een grote en gespierde jongen en had veel aanzien.
Sophie is de dochter van Anna Paulowna en trouw met Wilhelm III en prinses. Ze is heel vrolijk en optimistisch en is hele goede vrienden met Kwasi en kwame.
Mr. Van Drunen zorgt ervoor dat de prinsen veilig in Nederland aankomen en leert ze Nederlands. Hij is vriendelijk en kan het onrecht dat Kwasi wordt aangedaan niet verdragen en neemt daardoor ontslag.
Samenvatting
Het boek bestaat uit 5 delen.
Het eerste deel:
Deel een.

In deel een is Quasi Boachi, een prins van het rijk Ashanti, drieëntwintig jaar en woont hij op Java. Hij is een beetje een brommerige oude man die niet aardig doet tegen zijn bediende, Ahim. Adeline Renselaar wil een feest geven ter ere van de eeuwwisseling, het is het jaar 1900. Bovendien is het ook het jaar waarin Quasi een halve eeuw op Java woont. Quasi heeft absoluut geen zin in het feest. Nu volgt er een flashback naar West-Afrika in 1836-1837. De vader van Quasi is koning van het Ashantijnse rijk. Hij is koning geworden omdat zijn broer dood is gegaan. Zijn broer had een zoon, Quame, die de beste van Quasi is. Soms komen er aan het hof van de Ashanti. Europeanen die slaven komen halen, omdat de slavernij officieel is afgeschaft. Op een gegeven moment komen er een aantal Nederlanders naar het hof. Een van hen is commissaris Van Drunen. In ruil voor de slaven leveren ze wapens aan de koning. De koning krijgt een voorschot, en besluit daarom om zijn zoon Quasi en neef Quame mee te geven. Quame is de troonopvolger.



Deel twee.
De twee prinsen worden door Van Drunen naar de kostschool van Van Moock in Delft gebracht. Ze krijgen van Van Moock veel bijlessen en halen hierdoor hun achterstand heel snel in. Quasi en Quame worden veel gepest door de andere leerlingen op de kostschool. Er is een jongen die voor ze opkomt. Hij heet Cornelius de Groot. Hij geeft Quasi bokslessen, zodat hij zich beter kan verdedigen. Quame gaat zich steeds meer terugtrekken, en vlucht voor de andere jongens, terwijl Quasi terug vecht. Tijdens een van de sessies voor een portret van Quasi en Quame ontmoeten ze Anna Paulowna en haar dochter Sophie. Hierna krijgen ze een uitnodiging om sinterklaas te vieren aan het hof. De 2 jongens bouwen een vriendschap op met Sophie. Quasi krijgt ook ruzie met Cornelius en vanaf dat moment heeft hij op de kostschool geen vrienden meer.
Deel drie
Quasi wordt verliefd op Sophie. Quasi en Quame komen steeds vaker op het hof. Maar door de liefde tussen Quasi en Sophie wordt de afstand tussen Quasi en Quame, die tot dan toe heel klein was, steeds groter. Als Quasi later besluit zelf voor zwarte Piet te gaan spelen, leidt dit tot de eerste echte ruzie tussen Quasi en Quame. Quasi is heel verdrietig als hij hoort dat Sophie gaat trouwen met Carl Alexander. Het jaar daarop gaat Quasi studeren op de Koninklijke Academie. Ook worden Quasi en Quame gedoopt, en heeft Quasi nog een gevecht met Cornelius. Quame gaat van de Koninklijke Academie weg, en gaat daarvoor in de plaats naar de Militaire Academie. Als Quasi een speech moet houden, vernedert hij zijn eigen volk en verlaat Quame kwaad de zaal.
Deel vier
Kwame is weg uit Nederland naar fort Elmina toe. Hij heeft een briefwisseling met Kwasi, ( je leest alleen de brieven die hij stuurt) over alle belevenissen. Hij wil terug naar zijn geboortedorp en gaat daarom een kleed weven in de ashanti-stijl. Ook probeert hij de taal weer een beetje te leren maar dat gaat niet zo goed. Hij stuurt een brief naar zijn vader met de vraag of dat hij langs mag komen in zijn geboortedorp. Hij wacht vol spanning maar uiteindelijk komt het bericht dat zijn vader hem niet wil ontvangen. Zijn vader is erg geschokt door het feit dat Kwame het Twi is verleert. Kwame wordt ziek en denkt zelf dat dit door het bericht komt, zo erg is hij ervan geschrokken. H ij herstelt langzaam weer en dan vraagt Kwasi advies over waar hij zal gaan werken. Hij wil graag dat Kwasi komt maar denkt dat het eigenlijk beter is van niet doordat er steeds ziektes zijn enzo. Kwame begint steeds meer te piekeren en denkt op een gegeven moment dat hij zijn moeder ziet en dat hij een hele nacht bij haar zit te praten. Vanaf dan wordt hij steeds warriger en denkt dat hij Twi kan en gaat de hele avond Twi praten tijdens een diner. Daarna schiet hij zichzelf door zijn hoofd.
Deel vijf
Het is weer rond 1900 en Kwasi is op zijn plantage. Hij wordt meegenomen naar het kantoor waar een belangrijk document ligt over de problemen van zijn carrière en wordt daarmee geholpen door mevrouw Renselaar. Ze vinden niet echt iets belangrijks maar Kwasi heeft een papiertje achtergehouden met een boodschap van zijn vader aan de gouverneur van Elmina waarin hij vraagt of dat Kwasi wil langskomen. Er staat ook in dat Kwasi weigert naar huis te komen, maar Kwasi wist daar niks van en niemand heeft hem ooit van het verzoek op de hoogte gesteld. Er is weer een flashback naar 1850-1855. Kwasi is afgestudeerd als aspirant-ingenieur maar krijgt begin maart het bericht dar Kwame zelfmoord heeft gepleegd. Hij is erg verdrietig en wil meteen weg uit Nederland dus vraagt hij om een aanstelling in Nederlands-Indië. Het gaat moeilijk maar uiteindelijk krijgt hij een aanstelling met een heel laag loon, het geeft hem niet want hij wil weg. Tot zijn grote schrik merkt Kwasi dat hij onder toezicht van Cornelius de Groot is geplaatst waardoor hij nog veel problemen krijgt. Als Kwasi hogerop wil komen dat kan dat niet en wordt hij erg ongelukkig en wil weg. Ook ontmoet hij Ahim voor het eerst. Kwasi blijft lang aandringen bij de Nederlandse regering om zijn situatie te verbeteren en gaat zelfs weer terug naar Delft. Als hij eindelijk een plantage heeft dan is het moeilijk om personeel en slaven te krijgen. Dan komt ook Ahim voor hem werken. Dan komen ze weer in het jaar 1900 en komt van Drunen Kwasi opzoeken wat is geregeld door Ahim en mevrouw Renselaar. Kwasi krijgt dan te horen dat zijn carrière de hele tijd is tegengehouden door de Nederlandse regering.
Ik ga nu een stukje lezen waarin de zelfmoord van Kwame wordt beschreven.
Lezen blz. 341/ 283

Plaats:Nederland, Java, West-Afrika, De kostschool in Delft en Nederlands-Indië
Tijd:in 1900, als kwasi al oud is en terug kijkt, en tussen1860 en 1870. Er worden veel tijdsprongen gemaakt en daardoor is het ook en beetje onduidelijk.
Thema: discriminatie
Titel:slaat op kwasi natuurlijk, die dus een donkere huid heeft, maar van binnen is hij wit. Hij wil zich helemaal aanpassen aan de Nederlandse cultuur.
Taalgebruik:er worden veel moeilijke woorden gebruikt maar over het algemeen wel gewoon ABN.
Mening:
We waren het eigenlijk wel helemaal met elkaar eens dat het een heel bijzonder boek is. Het verwijst op het onrecht tegen donkere mensen en discriminatie. We hadden het boek gepakt om dat heel veel mensen het een heel mooi boek vonden en de titel sprak erg aan, dus we waren wel nieuwsgierig. Toen we het gelezen hadden we er eigenlijk wat meer van verwacht. Het was erg moeilijk te lezen door alle tijdsprongen en moeilijke woorden. We vonden het heel saai omdat er geen actie was en alleen een levensverhaal werd verteld. Wel was het mooi dat een groot deel van het boek ook echt is gebeurt. Er werd heel veel informatie in verwerkt wat heel moeilijk leest. Het is heel moeilijk om je aandacht erbij te houden. Het is duidelijk literair geschreven door alle filosofie enzo. We vinden geen aanrader, maar als je volwassen bent kan het mooi zijn, dat zie je nu ook wel terug maar begrijp je er minder van.
Ik ga nu nog een kort stukje lezen, omdat in dit stukje heel duidelijk het thema discriminatie naar voren komt en omdat we zo ook goed kunnen laten horen hoe de stijl van schrijven is in het boek.
In dit stukje legt mnr. Van Drunen uit waarom hij ontslag nam, op het moment waarop hij de kans had om een mooie carrière op te bouwen.
Lezen blz. 427
Schrijversinformatie.
Arthur Japin is geboren in Haarlem op 26 Juli 1956. Hij heeft een moeilijke jeugd gehad, want zijn vader heeft zelfmoord gepleegd toen hij 12 jaar was en hij werd ook nog eens gepest. Hij heeft in Engeland de toneelschool gedaan, na het gymnasium . Hij is in 1987 begonnen met schrijven en heeft in 1997, na tien jaar onderzoek, de zwarte met het witte hart uitgebracht. Arthur Japin is erg beïnvloedt door zijn jeugd-ervaringen. Als jongen voelde hij zich al een buitenbeentje en in zijn boeken spelen buitenbeentjes ook altijd de hoofdrol. Veel van de boeken van Japin zijn gebaseerd op historische feiten, waarbij hij jaren onderzoek doet voordat hij gebruik maakt van zijn kennis. De boeken worden uiteindelijk een mengeling van geschiedenis en fantasie.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.