Over de schrijver: Harry Mulisch (1927-2010)

Harry Mulisch werd in Haarlem geboren, net als Anton, de hoofdpersoon van De Aanslag. Zijn moeder was Oostenrijks-joods, zijn vader kwam uit Oostenrijk-Hongarije. Mulisch bevond zich tijdens de Tweede Wereldoorlog in een bijzondere positie: Zijn vader collaboreerde met de Duitse bezetter, maar beschermde tegelijkertijd de joodse Harry en zijn moeder. Mulisch verloor wel verschillende joodse familieleden in de concentratiekampen.

Mulisch verliet in 1944 de middelbare school, zonder een diploma te halen. Vanaf deze tijd was hij voor zijn opleiding op zichzelf aangewezen. Hij begon al binnen enkele jaren te schrijven en publiceerde in 1947 het verhaal De kamer. Zijn eerste roman was archibald strohalm (1952). In de jaren die volgden schreef hij meer romans, maar in de jaren zestig stopte hij hiermee. Mulisch stapte over op toneelstukken, essays, een studie over het Eichmann-proces en een autobiografisch werk. Pas vanaf de jaren zeventig ging hij weer romans schrijven, waaronder De Aanslag (1982). Verder bleef Mulisch andere soorten werken schrijven, zoals korte verhalen en poëzie. Voor zijn zeer grote en uitgebreide oeuvre ontving hij de P.C. Hooftprijs. Mulisch overleed in 2010 op 83-jarige leeftijd aan kanker.

Samenvatting

Het verhaal is verdeeld in vijf episoden. In de eerste episode vindt de aanslag uit de titel plaats; in de vier die volgen krijgt de hoofdpersoon steeds een stukje informatie over die aanslag.

Eerste episode: 1945. Anton Steenwijk is twaalf jaar. Als hij op een avond thuis zit met zijn ouders en oudere broer, klinken er plotseling schoten. Fake Ploeg, een collaborerende politieagent, ligt dood voor het huis van de buren. Anton ziet hoe de buurman, de oude meneer Kortweg, en zijn dochter Karin het lijk voor zijn huis neerleggen. Zijn broer Peter, die begrijpt dat er slechte gevolgen kunnen komen voor het gezin als het lijk voor hun huis ligt, rent het huis uit om Ploeg een huis verderop te schuiven en grijpt zijn pistool.

Als de Duitse politie aankomt, wordt Antons gezin ondervraagd en naar buiten gebracht. Peter is spoorloos verdwenen. Anton wordt alleen in een politieauto meegenomen terwijl het huis in brand gestoken wordt.

Anton brengt een nacht in een cel in het politiebureau door. Hij ontmoet een jonge vrouw die gevangen zit, met wie hij een lang gesprek voert en die een grote indruk op hem maakt. Hij vertelt haar over de aanslag. Ze troost hem en vertelt hem dat de Duitsers zullen beweren dat het door het verzet komt dat zijn huis is afgebrand, omdat zij Ploeg vermoord hebben en ze wisten dat er represailles zouden komen. De vrouw zegt dat Anton nooit mag vergeten dat het de Duitsers zijn die hem zo hebben behandeld en dat het niet de schuld van het verzet is.

Na een nacht in het politiebureau te hebben doorgebracht komt Anton terecht bij zijn oom en tante in Amsterdam. Hij woont tot de bevrijding bij hen. Na de oorlog komt hij te weten dat zijn ouders en broer zijn doodgeschoten.

Tweede episode: 1952. Anton groeit bij zijn oom en tante op en gaat geneeskunde studeren. Hij probeert de oorlog achter zich te laten. Pas in 1952 gaat hij voor een feest van een studiegenoot terug naar Haarlem. Na het feest bezoekt Anton zijn oude buurvrouw, mevrouw Beumer. Zij vertelt hem dat Korteweg en Karin allang verhuisd zijn en dat er een monument is opgericht voor degenen die op de nacht van de aanslag door de Duitsers vermoord zijn: naast Antons ouders ook een aantal gijzelaars. Peter is weggelaten. Anton voelt zich ongemakkelijk en besluit nooit meer naar Haarlem te komen.

Derde episode: 1956. Anton woont in Amsterdam. Hij is getuige van de bestorming van de Felix Meritis tijdens de Hongaarse opstand. Toevallig komt hij de jonge Fake Ploeg tegen, de zoon van de politieagent op wie de aanslag is gepleegd. Fake en Anton ruziën over de aanslag en over hun huidige situatie. Beide komen van een goed achtergrond, maar Fake is na de oorlog gedwongen van het lyceum af te gaan en een ambacht te leren. Nu is hij ontevreden over het verschil in welvaart tussen hem en Anton. Daarnaast vindt Fake het onterecht dat zijn vader vermoord is. Hij is er werkelijk van overtuigd dat zijn vader een goed mens was. Anton kan zich hier helemaal niet in vinden. Hij wijst Fake erop dat zijn vader doelgericht gedood is door het communistisch verzet, terwijl de familie Steenwijk zomaar is afgemaakt omdat Ploeg zich toevallig voor hun huis bevond. Woedend gooit Fake een steen door Antons kamer en rent het huis uit.

Vierde episode: 1966. Anton is getrouwd met Saskia de Graaff en heeft een vierjarig dochtertje, Sandra. Hij werkt als anesthetist. Als het gezin naar de begrafenis van een oud-verzetsman gaat, komt Anton tegenover degene te staan die Ploeg vermoord heeft. Hij hoort Cor Takes opscheppen over zijn rol bij de aanslag en spreekt hem aan.

Takes heeft geen spijt. Hij legt Anton uit, net zoals de vrouw in de cel jaren geleden, dat het niet door het verzet komt dat de familie Steenwijk is vermoord. Ze wisten dat er represailles zouden komen, maar het zijn toch nog steeds de Duitsers die verantwoordelijk zijn voor de moorden. Takes geeft Anton meer informatie over de aanslag: hij was samen met de jonge Truus Coster, op wie hij verliefd was. Zij is door Ploeg geschoten en is gevangen genomen. Enkele weken later is ze gefusilleerd. Anton begrijpt dat dit de vrouw is met wie hij in de cel heeft gezeten.

Anton vertelt dat het lijk door Kortweg en Karin voor zijn huis is neergelegd. Takes, die hier niets van wist, vraagt waarom ze het juist voor het huis van Antons familie zouden hebben neergelegd. Aan de andere kant van Kortewegs huis stond ook een ander huis, bewoond door de Aartsen, een asociaal echtpaar dat weinig met de buren omging. Zou het niet logischer zijn het lijk voor hun huis neer te leggen? Anton heeft hier nooit bij stilgestaan.

De volgende dag gaat Anton bij Takes langs. Aan zijn huis is duidelijk te zien dat hij nog steeds in de oorlog leeft. Hij heeft het pistool nog waarmee Truus Ploeg neergeschoten heeft (‘je weet maar nooit of er niet toch nog eens een schot mee gelost moet worden’) en zijn kamer, die als bunker is ingericht, zit vol herinneringen aan haar en aan het verzet. Takes wil van Anton zoveel mogelijk horen over Truus, maar Anton is hun gesprek bijna vergeten.

Laatste episode: 1981. In de late jaren zestig is Anton gescheiden van Saskia met de veel jongere Liesbeth getrouwd. Ze hebben een zoontje, Peter. Als Anton op vakantie is met zijn nieuwe gezin, krijgt hij plotseling een paniekaanval nadat hij een tafelaansteker ziet in de vorm van een dobbelsteen. De aanvallen herhalen zich, maar Anton weigert er medicijnen voor te blijven nemen. Hij heeft het gevoel dat de aanvallen weg zullen gaan als ze merken dat hij zich er niets van aantrekt. Uiteindelijk heeft hij er geen last meer van.

Als Sandra zestien is, neemt Anton haar mee om de plek van de aanslag te zien. Zijn oude straat is onherkenbaar. Anton vertelt Sandra over Truus en samen gaan ze bloemen op haar graf leggen. Anton herinnert zich opeens dat Truus hem verteld heeft, dat ze van Takes gehouden heeft. Hij wil naar Takes toe om dit te vertellen, maar kan hem niet meet vinden.

In 1981 wordt Anton tegen zijn zin betrokken bij een demonstratie tgen de atoombewapening. Zijn tandarts eist dat hij meegaat in ruil voor hulp tegen zijn kiespijn. Bij de demonstratie ontmoet hij onverwachts Karin Korteweg. Van haar komt hij de laatste details over de aanslag te weten. Het lijk hebben ze verplaatst omdat haar vader zijn hagedissen wou beschermen. Als hun huis in brand was gestoken, dan waren de hagedissen gestorven. Peter is naar het huis van de Kortewegs gevlucht, waar de Duitsers hem doodschoten omdat hij Ploegs pistool had. Anton stelt haar de vraag die Takes aan hem heeft gesteld: waarom hebben zij en haar vader Ploeg voor zijn huis gelegd en niet voor het huis van de Aartsen? Karin zegt dat zij het lijk naar de Aartsen begon te trekken, maar dat haar vader haar tegenhield omdat hij wist dat zij joden in huis hadden.

Dit is Anton te veel. Hij beseft nu dat het zijn lot was om de aanslag mee te maken. Nu hij alles weet, heeft hij er geen behoefte meer aan eraan te denken.

Thema

Het belangrijkste thema van De Aanslag is het lot. Dit wordt gesymboliseerd door het motief van de dobbelsteen en blijkt uit verschillende dialogen over de aanslag. Het duidelijkst wordt dit idee geformuleerd in Antons eerste gesprek met Takes. Takes beweert: ‘Als je zegt, dat jouw familie nog had geleefd als wij Ploeg niet hadden geliquideerd, dan is dat waar. Dat is eenvoudig waar, maar meer ook niet. Als iemand zegt, dat jouw familie nog had geleefd als je vader destijds een ander huis had gehuurd, in een andere straat, dan is dat ook waar.[...]Tenzij het in die andere straat was gebeurd, want dan had ook Ploeg misschien ergens anders gewoond. Dat is een soort waarheden, waar we niks aan hebben. De enige waarheid waar we iets aan hebben, dat is, dat iedereen is afgemaakt door wie hij is afgemaakt, en niet door iemand anders’.  Volgens Takes heeft het geen zin om uit te puzzelen waardoor het komt dat alles is gebeurd zoals het is gebeurd. Het lot heeft het zo gewild.

Opvallend is dat Anton het lot juist niet zijn leven wil laten bepalen. Hij probeert de oorlog te vergeten en wil zich niet met het verleden bezighouden. Uiteindelijk blijkt hij er toch behoefte aan te hebben te begrijpen hoe de aanslag is gebeurd. Pas als hij in de laatste episode snapt hoe en waarom alles zich heeft afgespeeld, is de oorlog voor hem werkelijk voorbij.

Vertelwijze

De Aanslag bevat zowel veel dialogen als veel beschrijvingen. De dialogen die Anton voert, zijn vaak van groot belang voor het verhaal, omdat hij alleen door gesprekken meer te weten komt over de aanslag. De beschrijvingen dienen vooral ter illustratie, om het verhaal levendiger en realistischer te maken.

Het verhaal is in de verleden tijd verteld. Hierop zijn twee belangrijke en samenhangende uitzonderingen. In de eerste episode staat één alinea, waarin wordt beschreven hoe er schoten weerklinken terwijl de familie Steenwijk aan tafel zit, in de tegenwoordige tijd. In de vierde episode herinnert Anton zich deze schoten, nadat hij Takes heeft horen vertellen over de aanslag. Deze herinnering staat ook in de tegenwoordige tijd. Dit benadrukt het verband tussen de twee momenten en laat zien dat het moment van de aanslag centraal staat in het verhaal.

Titel, ondertitel en motto

De titel van De Aanslag slaat natuurlijk op de aanslag op Ploeg. Het heeft echter ook andere betekenissen. Zo plegen de Duitsers een aanslag op Antons familie als ze hen vermoorden en hun huis afbranden. Bovendien is dit een figuurlijke aanslag op Anton zelf. De gebeurtenissen rondom de aanslag blijven hem altijd achtervolgen. Hij probeert normaal te leven, maar de aanslag heeft zijn leven verstoord.

Het boek heeft geen ondertitel.

Het motto van De Aanslag komt uit een brief van Gaius Plinius Caecilius Secundus, een Romeinse schrijver. Plinius was bij de uitbarsting van de Vesuvius in 79. Later beschreef hij de uitbarsting in een brief aan een vriend:

Overal was het al dag, maar hier was het nacht, neen, meer dan nacht.

Op de dag na de uitbarsting was er geen zon te zien door de as- en rookwolken; het leek of de nacht nooit afliep. In De Aanslag is dit figuurlijk bedoeld. In januari 1945, wanneer de eerste episode plaatsvindt, was het grootste deel van het door de Duitsers bezette Europa al bevrijd: het was er ‘dag’, de zon was opgekomen en ‘[b]ijna heel Europa...vierde feest, at, dronk, bedreef de liefde en begon de oorlog zoetjesaan al te vergeten’ (blz. 16). Het noorden van Nederland was één van de weinige gebieden die nog bezet was: ‘Haarlem [waar Antons familie woont] veranderde steeds meer in een grauwe sintel, zoals die uit de kachel te voorschijn kwam toen er nog kolen waren’ (blz. 16). Hier was het nog steeds ‘meer dan nacht’.

Opbouw

De Aanslag bestaat uit een korte proloog en vijf episoden. De episoden zijn onderverdeeld in hoofdstukken, die geen titel hebben.

In de proloog worden Anton, zijn gezin en zijn buren geïntroduceerd.

De episoden spelen zich af in 1945, 1952, 1956, 1966 en 1981. In elk van deze jaren krijgt Anton nog een stukje informatie over de aanslag op Ploeg. Uiteindelijk weet hij aan het eind van de laatste episode alles. Elke episode is een ‘aflevering’ in het verhaal van Antons verwerking van de aanslag, die als een rode draad door zijn leven loopt. De keuze om het boek op te splitsen in episoden is waarschijnlijk geïnspireerd door oud-Griekse tragediën. Tragediën werden namelijk in episoden verdeeld.

Personages

Anton Steenwijk is de hoofdpersoon van De Aanslag. Hij komt als enige personage in alle episodes voor en is het meest ronde karakter in het verhaal. Ik bewonderde Anton omdat hij zijn leven niet door de aanslag wilde laten bepalen. Hij deed zijn best om normaal te leven, zonder een slachtoffermentaliteit aan te nemen.

Alle andere personages zijn vlakke karakters die weinig betekenis hebben, met één uitzondering: Takes. Hij is nog altijd geobsedeerd met de oorlog en raakt nooit over zijn verzetswerk uitgepraat. Takes en Anton zijn twee extreme voorbeelden van manieren om de oorlog te verwerken. Takes verbindt de oorlog onlosmakelijk met Truus en wil het niet vergeten, omdat hij bang is haar dan te vergeten. Anton daarentegen wil absoluut niet meer aan de oorlog denken; hij heeft er genoeg van gehad en wil verder met zijn leven.

Historische tijd

De vijf episodes van De Aanslag spelen zich achtereenvolgens in 1945, 1952, 1956, 1966 en 1981 af. De historische tijd hangt nauw met het verhaal samen. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat de Tweede Wereldoorlog in januari 1945 bijna voorbij was, dat de Koreaoorlog in 1952 op gang was en dat de demonstraties die in de derde en in de vijfde episodes worden beschreven in 1956 en 1981 plaatsvonden.

Plaats en ruimte

De plaats waar het verhaal zich afspeelt, is vaak van betekenis voor de verhaallijn. Het is in de eerste episode bijvoorbeeld van belang dat Anton in Noord-Nederland woont, omdat dat gebied nog steeds bezet is. Ook als hij terugkeert naar Haarlem, is deze plaats belangrijk voor het verhaal. Soms is de plaats tamelijk willekeurig gekozen. Zo ontmoet Anton Saskia in Londen, wat voor het verhaal weinig uitmaakt.

Tijdsduur en tijdsvolgorde

Als geheel speelt De Aanslag zich gedurende een periode van 36 jaar af. Hiervan worden echter slechts enkele jaren beschreven. Er zijn enorme hiaten van soms wel vijftien jaar tussen de episodes. De vijf episodes zelf omvatten slechts een korte periode. Zo gaat de eerste episode over één nacht en dag. De meeste betreffen enkele weken tot maanden.

Aan het begin van elke episode is er een korte samenvatting van wat er in de tussenliggende jaren is gebeurd, maar verder zijn er geen opvallende flashbacks, flash-forwards of andere afwijkingen in de tijdsvolgorde. Net als Anton blijft het verhaal vooruit kijken en houdt zich zo weinig mogelijk bezig met wat er is voorgegaan.

Perspectief

Het verhaal wordt zowel auctoriaal als personaal verteld. Er is een alwetende verteller en het verhaal wordt volledig in de derde persoon verteld, maar toch komt de lezer te weten wat Anton denkt en voelt.

Genre

De Aanslag is op de eerste plaats een oorlogsroman. Hoewel alleen de eerste episode zich werkelijk tijdens de oorlog afspeelt, blijven de gevolgen van de oorlog en de bezetting Anton zijn leven lang achtervolgen. Hij probeert eraan te ontkomen, maar de oorlog is voor hem pas in 1981 echt afgelopen, als hij van Karin de laatste details te horen krijgt over de aanslag die zijn leven heeft veranderd.

Verder bevat De Aanslag elementen van een psychologische roman. Anton wordt door de aanslag veranderd. Zo bepalen de gebeurtenissen rondom de aanslag mede zijn keuze van een huwelijkspartner: hij trouwt met Saskia omdat zij hem doet denken aan Truus, de vrouw met wie hij een nacht in de cel heeft doorgebracht. Anton denkt dat hij niets meer over de aanslag wil weten, maar toch neemt hij elke mogelijkheid om er meer over te leren. Hij probeert de oorlog achter zich te laten, maar het blijft hem vasthouden. Daarom is De Aanslag ook in dit genre in te delen.

Symboliek en motieven

Een belangrijk intern motief in De Aanslag is de dobbelsteen. Op de avond van de aanslag heeft Anton een dobbelsteen in zijn zak. Later in het verhaal komt de dobbelsteen steeds terug. Dit symboliseert het noodlot dat Anton treft en het toeval waardoor hij geleidelijk steeds meer te weten komt over de aanslag die zijn leven heeft veranderd.

Een tweede intern motief is liedteksten. Er komen zinnen uit liederen voor, die verband houden met het verhaal. Zo wordt Anton in de tweede episode door een vriend aangespoord in de Korea-oorlog te gaan vechten. Hij zegt dat hij ‘zijn portie gehad heeft’, waarmee hij bedoelt dat hij genoeg oorlog heeft meegemaakt. Tegelijkertijd speelt in de achtergrond een lied: Thanks for the memory... Het gesprek over communisme en oorlog heeft bij Anton herinneringen aan zijn verleden naar boven gebracht. Een ander voorbeeld komt in de vierde episode. Anton heeft Takes net ontmoet en gaat met hem praten over de aanslag. Op de achtergrond speelt een lied van de Beatles: It’s been a hard day’s night... Weer moet Anton aan de moeilijke nacht van de aanslag denken.

De terugkerende liedteksten zijn een element uit oud-Griekse tragediën. Tussen de episoden van een tragedie voerde een koor steeds een lied op, een stasimon. De korte liedfragmenten zijn in feite als stasima te beschouwen.

De terugkerende liedteksten zijn een element uit oud-Griekse tragediën. Tussen de episoden van een tragedie voerde een koor steeds een lied op, een stasimon. De korte liedfragmenten zijn in feite als stasima te beschouwen.

Persoonlijke leeservaring

Ik vond De Aanslag een erg interessant en goed geschreven boek. Zo was het boeiend om te zien hoe Takes en Anton heel verschillend reageerden op het leed dat ze in de oorlog hadden meegemaakt. Ook maakte Anton als personage een grote indruk op mij. Ik vond het bewonderenswaardig dat hij met zijn leven door wou gaan en zijn bestaan niet liet bepalen door de aanslag. Vergeleken met hem is Takes een zwakke, onsympathieke karakter, hoewel hij aanvankelijk juist een stoere, sterke indruk maakt.

Daarnaast vond ik de verteltechniek bijzonder goed. Net zoals veel van Mulischs andere werken is De Aanslag zeer erudiet. Zo zijn er verwijzingen naar Egyptische goden en naar de epen van Homerus. Het verwerken van de liedteksten in het verhaal was ook een leuk detail. Dit maakt het boek interessanter en vermakelijker om te lezen.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.