Feitelijke gegevens

  • 1e druk, 2018
  • 480 pagina's
  • Uitgeverij: Harper Collins

Flaptekst

Een pure en overdonderende roman over opgroeien met autisme Jasmijn Vink praat niet. Wel met haar hond. En met Elvis. Die zeggen namelijk niets terug en dat is fijn. Dan hoeft zij zich niet af te vragen wat er bedoeld wordt. Of na te denken over wat ze moet antwoorden. Hoe kan het dat anderen wel weten hoe ze zich moeten gedragen? Dat mensen zich kunnen afsluiten voor de voortdurende stroom van prikkels, die er bij haar voor zorgt dat haar hoofd implodeert? Met vallen en opkrabbelen leert Jasmijn hoe ze zich in sociale situaties staande kan houden. Zondagskind vertelt het verhaal van een jong meisje dat opgroeit in de jaren tachtig en negentig, een tijd waarin weinig bekend was over autisme. Jasmijn bewandelt haar eigen, hobbelige pad en leert bij elk obstakel zichzelf en de wereld waarin ze leeft beter begrijpen. Zondagskind neemt de lezer mee in de belevingswereld van iemand met asperger.

Eerste zin

Een voetganger. Shit. Ik kende de theorieregeltjes, maar ik kon ze niet naar boven halen wanneer het er op aankwam.Elke rijles opnieuw hapten ze naar adem onder een lawine van prikkels.

Samenvatting

1997 
In het eerste hoofdstuk wordt verteld over de hopeloze rijlessen van Jasmijn Vink. De instructeur raadt haar aan contact te zoeken met een arts. Het is het opstapje naar het levensverhaal van Jasmijn Vink, geboren in Rotterdam op 29 januari 1978.

De roman begint met het verhaal over de vierjarige Jasmijn die naar de kleuterschool moet, maar ze loopt al snel weg, waardoor haar ouders natuurlijk in paniek raken. Jasmijn kan niet tegen de herrie op school, krijgt daardoor oordopjes van haar moeder mee. Ook ligt ze met lezen ver voor op de andere kinderen. Ze leest  graag over verhalen in de Bijbel. De juf begrijpt haar niet goed. Jasmijn voelt zich alleen gelukkig als ze een keer met schoolreisje naar Rockanje mag. Ze gaat later zelf een keer met de metro en de bus naar het dorpje aan zee, zonder haar familie te waarschuwen die natuurlijk in paniek raakt. 
Na de kleuterschool volgt de lagere school. Ze wordt op een verjaardagsfeestje van een klasgenootje  uitgenodigd, maar daar gaat het helemaal mis. Ze braakt de gegeten pannenkoeken weer uit. 

Met dieren kan Jasmijn veel beter overweg. Haar hond Senta is haar grootste vriend. Het liefst zou ze die meenemen naar school maar dat mag natuurlijk niet.  Later mag ze ook op paardrijles, hoewel haar ouders het niet breed hebben. Ze raakt verknocht aan het paard Cilly waarop ze telkens wil rijden en waarmee ze ook prijzen wint. Maar als Cilly door de eigenaar wordt verkocht, wil ze niet meer naar de manege.
Eigenlijk moet alles zo lang mogelijk hetzelfde blijven. Op feestjes is ze niet erg dol, vgl. het familiefeestje waar ze uiteindelijk telefoonboeken verscheurt. Ook een ruiterkamp wordt een fiasco, omdat ze er een heel andere gedachte over heeft. Een bezoek aan de Efteling gaat niet door, omdat ze zich die morgen te ziek vindt. Iets anders waar Jasmijn wel op gesteld raakt, is de muziek van Elvis. Die muziek maakt haar namelijk rustig. Klasgenootjes vinden dat maar raar. Intussen is haar vriendin Colette meer  geïnteresseerd geraakt in oudere jongens met wie ze al afspraakjes maakt. Jasmijn is daar nog helemaal niet aan toe. Ze heeft in tegenstelling tot Colette nog nauwelijks borsten. Ook wordt ze relatief laat ongesteld, pas op haar 14e.

Ze gaat na het basisonderwijs naar het VBO: het Mercatus college. Ze vindt het daar verschrikkelijk. Alleen in Nederlands en Engels is ze geïnteresseerd, de andere vakken (bijv. etaleren) wil ze het liefst vermijden en ze doet dat ook. Ze maakt haar eigen rooster en brengt uren door in een afgesloten kelder in de wijk en later in de bieb. Ook zorgt ze ervoor dat ze in de pauzes niet in de aula zit. Toch gaat ze over naar klas 2 en 3. Dan krijgt ze de slechte boodschap dat Senta tumoren in haar buik  heeft. De hond blijkt uiteindelijk niet te redden en ze moet hem laten inslapen. Dan heeft het leven voor Jasmijn ook weinig zin en ze schrijft een zelfmoordbrief.

Intussen heeft Colette veel meer oog voor jongen en krijgt Jasmijn een nieuwe vriendin die het goed met haar voor heeft. Ze gaan een keer winkelen, maar dat is voor Jasmijn een verschrikking: ze krijgt een migraineaanval. Ze moet in het vierde jaar stage lopen en via haar moeder komt ze bij Blokker terecht. Succesvol is dat allemaal niet: ze kan niet met haar collega's opschieten en ze gaat er op een bepaald moment niet meer naar toe. Het stageverslag zuigt ze uit haar duim, maar het wordt goed beoordeeld.
In haar klas zit een leuke jongen (Elliot) op wie ze stiekem verliefd is, maar ze durft hem niet aan te spreken of met hem te praten. Op een schoolfeest danst ze met hem maar ontwijkt hem na het weekend weer volledig. Elliot vindt dat natuurlijk raar. Later vlak voor de uitslag van het examen heeft ze weer iets met hem, maar de tongzoen valt letterlijk en figuurlijk vies tegen. Steeds heeft ze problemen met andere mensen te ontmoeten bijv. de moeder van Kirstin. Ook is ze heel huiverig voor een nieuwe opleiding en ze besluit met opzet verkeerde antwoorden op het examen in te vullen: ze zakt dan ook en krijgt nog een jaar de tijd om een nieuwe opleiding te bedenken. Elliot ziet ze niet meer en zo gaat haar eerste relatie voorbij.
Een jaar later slaagt ze wel en ze gaat als receptioniste bij een maritiem bedrijf werken. Dat gaat haar heel goed af: ze moet echter nog een dag naar school wat ze helemaal niet leuk vindt en ze besluit direct als ze achttien is op te zeggen.

Broer Emiel heeft intussen het ene meisje na het andere. De nieuwste aanwinst is Gabriëlle. Het stel neemt een hondje Romy, maar al op de eerste dag gaat het fout. Gabriëlle is hysterisch, omdat ze een miskraam heeft gekregen en het hondje moet weg. Jasmijn ontfermt zich over Romy en haar leven heeft weer zin. Ook gaat ze nog steeds met Kirstin om. 
Dan komt er een noodlottige dag. Op bezoek bij Emiel en Gabriëlle (die weer zwanger is) valt Jasmijn door een glazen pui en ze is aan haar benen ernstig gewond. Ze komt in het ziekenhuis terecht en de behandelend geneesheer vindt haar een zondagskind: ze heeft erg veel geluk gehad. Het revalidatieproces verloopt langzaam en moeilijk maar Jasmijn zet door. Intussen heeft ze een nieuw vriendje gekregen. Deze Nick zal al bij haar op de kleuterschool en hij heeft veel meer begrip voor de situatie van Jasmijn. Ze hebben een "soort van verkering": zoenen en seks met Nick vindt ze niet vies.Langzaam herstelt Jasmijn van haar vewondingen. 

1999. Kirstin die in het onderwijs werkzaam is, heeft te maken met autistische kinderen. Ze ziet eenzelfde gedrag bij Jasmijn en ze raadt haar vriendin aan zich te laten onderzoeken. Jasmijn denkt na en besluit dat te laten doen. Ze woont intussen in een eigen appartementje.

Personages

Jasmijn

Jasmijn (die in feite Judith Visser is) is een kind dat het syndroom van asperger heeft. Dat weer ze echter heel lang niet. Haar gedrag wijkt heel erg af van de andere kinderen in haar omgeving en op school. De meeste kinderen en onderwijzers begrijpen haar niet. Jasmijn wil eigenlijk helemaal niet praten. Heftige indrukken maken het leven voor haar moeilijk. Ze houdt van andere muziek dan de meeste kinderen. Zij houdt het meest van de muziek van Elvis, maar die is voor de andere kinderen "uit". Ze houdt niet van feestjes, niet van praten met anderen in de schoolpauzes. Ze gaat het liefst haar eigen gang. mensen mogen geen claims op haar leggen. daarom kan ze ook zo goed omgaan met dieren (Senta, Cilly en Romy) Pas als ze 21 jaar komt ze erachter dat ze asperger heeft.

Ouders van Jasmijn

De ouders spelen op de achtergrond hun rol mee. Ze hebben het best moeilijk met het afwijkende gedrag van Jasmijn. Ze hopen dat ze zich 'normaal'gaat gedragen. De familie Vink woont in Rotterdam-Zuid en heeft het niet erg breed. Haar vader moet een dubbele baan nemen en haar moeder werkt eerst bij Blokker. Toch is de verhouding tussen Jasmijn en haar ouders niet slecht.

Colette

Op de basisschool gaat Jasmijn veel om met Colette, maar dat meisje dat al jong een sexy voorkomen heeft, richt haar aandacht aan het einde van de basisschool vooral op jongens. Ze verliezen elkaar uit het oog.

Kirstin

Kirstin is de vriendin op het vbo. Ook zij heeft in het begin moeite met het gedrag van Jasmijn. maar Kirstin blijft toch een echte vriendin die haar met raad en daad bijstaat. Zo geeft ze tips aan Jasmijn over de jongens die haar leuk vinden (Elliot en Nick). Uiteindelijk raadt ze Jasmijn aan om zich te laten onderzoeken. In haar baan heeft Kirstin namelijk te maken met autistische kinderen en ze ziet overeenkomsten in het gedrag van Jasmijn.

Emiel

De broer van Jasmijn is de stoere Emiel. Hij heeft geen asperger en en ergert zich vaak aan het gedrag van zijn zusje. Die krijgt daarom vaak alle aandacht. Hij is een 'echte knul'. Al op jonge leeftijd zit hij achter de meisjes aan, die hem ook leuk vinden. Hij heeft diverse keren verkering die hij altijd mee naar huis neemt. Jasmijn is daarom wel jaloers op hem, omdat hij zich zo gemakkelijk gedraagt in de omgang met de andere sekse. Als hij ouder wordt, gedraagt hij zich volwassener. Hij krijgt een vaste relatie met Gabriëlle. Hij redt door een doortastend optreden het leven van Jasmijn wanneer die bij hem thuis door een glazen pui valt.

Quotes

""Ik zweefde over de reprise van mijn examenjaar als een zwaluw over de winter. Ik streek neer voor toetsen en tentamens, liet mijn moeder in de waan dat ik nog steeds vrijstelling had voor stage en bracht mijn door in de bieb.""

Bladzijde 400

"Voordat ik wist wat er gebeurde , spoot een harde straal pannenkoekbraaksel naar buiten, zo vanuit mijn mond over de tafel heen. Ik probeerde op te staan om naar de wc te gaan maar viel duizelig voorover. De volgende braakgolf gutste uit mijn mond. Colette gilde."

Bladzijde 54

"De afscheidsmusical trok als een nicotinewolk langs me heen. Ik sprak mijn tekst luid en duidelijk uit. Het maakte niet uit hoeveel mensen er naar me keken, naar me luisterden. Want dit was ik niet. Dit was de presentatrice van de show. Eindelijk was ik iemand anders."

Bladzijde 186

"Ik sloeg met mijn vuist tegen de grond. Ik was kwaad. Op mezelf. Kwaad dat ik, zoals Emiel het noemde, nooit eens normaal kon doen. Ik was namelijk niet normaal. en vanavond was dat weer een bevestigd. Een paar meter verderop was iedereen feest aan het vieren, en ik zat hier, verscholen achter de jassen van familieleden die het wel naar hun zin hadden. "

Bladzijde 128

"In gedachten zag ik Normale Jasmijn hem een kushandje toeblazen, hem wenken om naar haar toe te komen. Hoe vurig dat ik ook wenste om haar gedrag over te nemen, ik kon het niet. Iets zien betekent niet dat je het zelf kon toepassen. Toekijken hoe iemand jongleerde, hield ook niet in dat het talent daarmee vanzelfspreken oversprong op jou."

Bladzijde 312

Thematiek

Kindertijd en kinderleed
Eigenlijk is het thema "opgroeien met autisme". Jasmijn Vink (= Judith Visser) lijdt als kind aan het syndroom van Asperger, maar ze weet dat nog niet. Pas jaren later komt ze erachter dat haar voor de buitenwereld vreemde gedrag te wijten is aan het syndroom van Asperger. Ze houdt niet van school, niet van feestjes, niet van fel licht, niet van harde muziek, enzovoort. Op indringende wijze vertelt ze de anekdotes die met haar leven samenhangen. Ze geeft veel om dieren (haar hond en een rijpaard), houdt van de omgeving van de zee en de duinen, wil niet met alle mensen praten die dat dan natuurlijk maar vreemd vinden. Over het thema autisme is natuurlijk wel non-fictie geschreven, maar er zijn nog maar weinig literaire romans geschreven. Autisme komt nog niet in de themalijst voor, zodat ik als thema gekozen heb "Kindertijd en kinderleed." Dat dekt niet helemaal de lading.

Motieven

Vriendschap
Het is voor Jasmijn heel moeilijk om vriendschappen te sluiten. Op de lagere school lukt dat een beetje met Colette, maar die gaat al snel de kant van de jongens op. Aan verkering met jongens is Jasmijn heel lang niet toe. Dat schept allemaal verplichtingen. Een tweede vriendin -op het vbo - wordt Kirstin. Die is wel heel lief voor haar ook al begrijpt ze niet altijd wat Jasmijn beziet en wat de beweegredenen zijn voor haar gedrag. Uiteindelijk raadt Kirstin Jasmijn aan om zich een te laten onderzoeken op de verschijnselen van autisme. Maar dan is Jasmijn al 21 jaar.

Moeizame liefdesrelaties
Het aangaan van liefdesrelaties met jongens is voor Jasmijn een groot probleem. Ze is in haar lichamelijk ontwikkeling (geen borsten) wat achter gebleven bij leeftijdgenoten. Ze wil geen vaste verkering met vaste plichten en regels. Toch wordt ze wel verliefd : op het vbo op Elliot. In haar fantasieën doet ze er allemaal spannende dingen mee, maar de eerste echte tongzoen vindt ze maar een vieze aangelegenheid. Ze wil geen vaste afspraken zoals die horen bij vaste verkering en ze laat de eerste liefde voorbijgaan. Haar tweede vriend wordt Nick (een jongen bij wie ze op de kleuterschool in de klas zat) Hij wordt drummer en bij een optreden in een bar ontmoet ze hem weer. Met hem kan ze het een tijdje goed vinden, mede omdat hij geen vaste claims op haar legt (zoals bezoeken thuis, uit eten, vaste afspraken in een week) Met hem vindt ze zoenen en seks minder vies dan met Elliot.

Coming of age
We volgen de levensgeschiedenis van Jasmijn van haar vierde tot haar twintigste jaar. We leren haar kennen als kleuter, schoolkind, puber en bijna volwassene. In die verschillende levensfasen zien we dat Jasmijn uiteindelijk een bepaalde ontwikkeling meemaakt, waardoor ze leert omgaan met de 'gewone wereld.'

Muziek
Een rustgevende factor voor Jasmijn is de muziek van Elvis. In tegenstelling tot veel klasgenoten die moderne muziek leuker vinden, raakt Jasmijn van de wijs als ze moderne harde muziekprikkels krijgt. In gedachten praat ze met de overleden Elvis,, omdat ze daar rustig van wordt.

Schoolleven
Het schoolleven staat heel erg centraal in deze roman. Vanaf haar vierde levensjaar zit Jasmijn op school en gedraagt ze zich anders dan de juffen en meester van haar verlangen. Ze loopt soms weg, wil niet tegen de juf praten, wil opdrachten niet vervullen. Vanwege haar autisme kan ze al op haar derde jaar lezen en ze kruipt dan ook het liefst weg in een boek. De juffrouw gelooft niet dat ze bepaalde moeilijke boeken al kan lezen. Kortom, er is altijd sprake van misverstand. Jasmijn is erg goed in Nederlands en Engels, de andere vakken interesseren haar niet. De Citotoets verknalt ze opzettelijk. Daarom moet ze naar het vbo, maar daar is ze ook niet op haar plaats. Opnieuw heeft ze geen interesse in de vakken die op het vbo worden gegeven. Alleen Nederlands en Engels gaan goed. Ook stagelopen (bij Blokker) is een crime voor Jasmijn. Ze zorgt dat ze er niet meer heen hoeft en heeft al een paar jaar een alternatief rooster voor zichzelf bedacht. Veel lestijd brengt ze door in de bibliotheek. Omdat ze angst heeft om na het vbo weer naar een andere opleiding te moeten zorgt ze ervoor dat ze zakt door opzettelijk verkeerde antwoorden op te schrijven. Zo heeft ze nog een extra jaar waarin ze kan nadenken wat ze na het vbo wil gaan doen. Daar

Moeder-dochterrelatie
Het valt voor de hardwerkende moeder van Jasmijn, Paulien, niet mee te leven met een dochter met een afwijkend gedrag. Als klein meisje loopt ze al weg van de kleuterschool en bezorgt daar haar ouders een paar moeilijke uurtjes mee. Verder begrijpt haar moeder Jasmijn vaak niet. Ze zou ook wel eens graag met haar dochter hebben willen winkelen, zoals de meeste moeders doen. Maar dat is haar niet gegeven. Toch is de band tussen moeder en dochter niet slecht.

Dierenliefde
Omdat Jasmijn en gewone mensen geen gelukkige combinatie vormen, bindt ze zich liever aan dieren. Haar hond Senta is daarvan een mooi voorbeeld. Ze wil graag dat Senta mee naar school gaat, maar dat mag niet. Ze blijft heel lang met Senta tochten maken. Op den duur wordt de hond erg ziek (tumoren in haar buik) en het door haar zo geliefde dier moet ze helaas laten inslapen. Senta is eigenlijk haar beste vriendin.. Een ander dier waaraan ze gehecht raakt, is het rijpaard Cilly. Ze mag rijlessen nemen en Cilly voelt haar heel goed aan. Ze wint prijzen met het paard maar als het door de eigenaar wordt verkocht, wil Jasmijn niet op een ander paard rijden. Voor haar is de lol ervan af. Ze was erg gehecht aan haar paard. Wanneer haar broer Emiel het hondje Romy dat hij heeft uitgekozen door privéproblemen niet meer kan verzorgen, neemt Jasmijn het hondje onder haar hoede. De belangrijkste gedachte achter Jasmijns liefde voor dieren is de wetenschap dat dieren iemand nemen zoals die is. Met mensen is dat een andere zaak.

Motto

"A writer's duty is to register what it is like for him of her to be in the world." 
Zadie Smith

Het motto is heel toepasselijk voor deze autobiografische roman. Visser  heeft zelf het syndroom van asperger en in deze roman vertelt ze wat iemand meemaakt met  deze 'handicap'  Ze beschrijft de levensfase van een meisje van 4 tot 20.

 

Titelverklaring

Een 'zondagskind'is een kind dat letterlijk op zondag is geboren en figuurlijk een kind met wie het in het leven allemaal meezit. Een kind dat voor het geluk geboren lijkt. Dat lijkt zeker niet het geval te zijn voor Jasmijn Vink die met veel problemen te maken krijgt. 
De titel komt twee keer letterlijk in de roman voor:
(blz. 221) "Mijn ouders hadden me ooit verteld dat ik een lachbaby was. Een blije zuigeling die meteen na de geboorte al pretkuiltjes in haar wangen had, een vrolijkerd waar iedereen blij van werd. Een echt zondagskind."

En na het ongeluk met de glazen pui. (blz. 451) : "Ook dokter Yang zei het, en mijn ouders. Een wonder. Zoveel geluk. Ik was echt een zondagskind."

Structuur & perspectief

Het eerste hoofdstukje speelt in 1997. Het gaat over de mislukte rijlessen die Jasmijn neemt. De rijinstructeur vindt dat ze zich moet laten nakijken. Dat doet ze enkele jaren later wel. Ze hoort dan dat ze een autist is. Aan het einde van het eerste hoofdstuk vertelt Jasmijn dat ze het verhaal van Jasmijn Vink gaat vertellen die in de winter van 1978 is geboren.
Daarna volgen heel veel veelal kleine hoofdstukjes (soms maar van één pagina lengte) waarin Jasmijn in de ik-figuur en in de o.v.t. vertelt over haar levensgeschiedenis van 4 tot 20 jaar. 
In het laatste hoofdstuk 1999 zegt Jasmijns vriendin Kirstin dat zij zich eens moet laten onderzoeken op verschijnselen van autisme. 

Decor

De levensgeschiedenis die Jasmijn beschrijft is vanaf haar vierde tot haar twintigste. Ze is op 28 januari 1978 geboren (net als Judith Visser zelf).
Op haar vierde moet ze naar de kleuterschool (januari 1982) en het verhaal eindigt op haar twintigste : 1998. Het laatste hoofdstuk speelt in 1999.
Het belangrijkste decor is de zuidwijk van Rotterdam waar Jasmijn Vink opgroeit. Dat is niet bepaald een luxe woonwijk. Diverse scholen spelen  een rol in het decor o.a. het Mercatus College. Enkele passages spelen ook in Rockanje, het decor waarin Jasmijn zich heel gelukkig voelt. Op dit moment woont de schrijfster zelf ook in Rockanje.

Stijl

De vertelstijl van Judith Visser is goed te volgen. Ze gebruikt geen moeilijke woorden en ze vertelt in een pakkende, snelle  stijl. Je raast als lezer door het boek heen. Dat komt enerzijds ook wel door de korte hoofdstukken, maar zeker ook door de toegankelijke taal.  De door haar  gebruikte  metaforen passen daar goed bij.
Enkele voorbeelden:
(blz. 162) "Ik zweeg en keek naar onze schaduwen. Naast de twee sierlijke meisjes  leek ik wel een langpootmug. Ik had benen waar geen eind aan kwam, en ze werden steeds langer."
(blz. 164) Steeds weer keek ik vanuit het klaslokaal naar buiten, naar de vrijheid van de vogels in de boom op het schoolplein . Als kind moest je van kooitje naar kooitje, gekortwiekt door regels en leerplicht..."
(blz. 235) Telkens liet ik mee weer opsluiten in een klaslokaal, samen met alle anderen, iedereen in setjes van twee, als opgerolde sokken in een la."
(blz. 400) "Ik zweefde over de reprise van mijn examenjaar als een zwaluw over de winter. Ik streek neer voor toetsen en tentamens, liet mijn moeder in de waan dat ik nog steeds vrijstelling had voor stage en bracht mijn tijd door in de bieb."

(blz. 414) Mijn volle schooltas landde met een plof op de grond naast me, neergestort als een vliegtuig dat nooit zijn bestemming zou bereiken."

Slotzin

Ik keek haar aan. Herhaalde haar woorden in mijn hoofd. Toen voelde ik dat ik langzaam knikte. Misschien was het, na een leven vol waaroms, eindelijk tijd voor een daarom.

Beoordeling

Judith Visser die haar schrijversloopbaan begon met het schrijven van thrillers, is de laatste jaren een andere weg ingeslagen. Na een roman over een ernstig zieke moeder ( In seizoenen) , schrijft ze een autobiografische roman over het syndroom van asperger, waaraan ze zelf lijdt.  Jasmijn Vink is dan ook Judith Visser.
Het is een vuistdikke, vlot lezende roman, die  een goed beeld van de denkwijze van een kind geeft dat aan asperger lijdt. In de tijd dat ik zelf voor de klas stond, keek ik ook vreemd aan tegen de kinderen die autistische trekken hadden. Een jongen met het syndroom van asperger was voor mij soms een raadsel o.a. ook omdat hij alles letterlijk nam wat ik tegen hem zei. Daar waren soms opmerkingen bij die ik als grap bedoelde, maar die hij anders interpreteerde. 
In mijn opleiding tot leraar had ik  niets over autisme en ook ADHD meegekregen. De roman 'Zondagskind' zou daarom niet alleen voor scholieren maar ook voor hun docenten een aanrader zijn. Het verhaal geeft inzicht in de denkwijze van mensen met het syndroom van asperger.
. Hoewel de roman maar liefst 480 pagina's telt, is hij toch vrij snel te lezen. Dat komt o.a. door de eenvoudige en prettige opbouw van het verhaal  en de vlotte verteltrant van Judith Visser. En vervelen is er echt niet bij....

Recensies

"o volgen we Jasmijn van haar vierde tot haar twintigste bij allerlei situaties waar opgroeiende kinderen mee te maken krijgen, maar die voor Jasmijn allemaal net wat lastiger zijn. De overgang van de basisschool naar de middelbare school, een (niet genoeg) veranderend puberlichaam, en haar eerste vriendje. Maar ook de overprikkeling en de migraineaanvallen die Jasmijn daarvan krijgt, de bijzondere interesses die ze verborgen probeert te houden voor haar klasgenoten, en de momenten waarop ze iets zou moeten zeggen, maar dat niet kan. Je voelt als lezer de onmacht, maar ook het respect voor hoe Jasmijn zich staande probeert te houden in een wereld die haar niet begrijpt, behalve ‘dat ze nou eenmaal zo is’."
https://a-typist.nl/recen...r-autisme/

"Judith Visser schrijft ontroerend en prachtig over haar leven als klein meisje. Ze voelde zich gekortwiekt door regels, verlangde ernaar als de vrije vogels te zijn in plaats van gekooid te worden door wat anderen voor haar bepaalden. Mooi, empathisch, een must voor iedereen die met kinderen werkt en van kinderen houdt. Schitterend geschreven ook."
http://www.leeskost.nl/20...ndagskind/

"Judith vertelt over haar autisme en haar boek bij Jeroen Pauw."
https://pauw.bnnvara.nl/m...dia/384088

"Prima interview met de schrijfster op de website van Hebban.nl over haar leven met het syndroom van Asperger."
https://www.hebban.nl/art...ith-visser

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.