The lion, the witch and the wardrobe door C.S. Lewis

Beoordeling 6.9
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 4e klas vwo | 2700 woorden
  • 22 juni 2005
  • 179 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.9
  • 179 keer beoordeeld

Boek
Vertaald als
Het betoverde land achter de kleerkast
Auteur
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1950
Pagina's
176
Oorspronkelijke taal
Engels
Verfilmd als

Boekcover The lion, the witch and the wardrobe
Shadow
The lion, the witch and the wardrobe door C.S. Lewis
Shadow
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!
THE LION
THE WITCH AND
THE WARDROBE

C.S. LEWIS
1950

171 bladzijden
leestijd 4 uren
uitgelezen op

VERANTWOORDING VAN DE KEUZE

Ik heb dit boek gekozen omdat wij besloten hebben hem te lezen met ons leesgroepje. Ik hoorde van Sarian dat we deze wel konden doen. Toen hoorden we van u dat het een heel erg leuk boek was en dat het een sprookje was voor kinderen, dus lekker makkelijk te lezen. Na dit gehoord te hebben kreeg ik heel erg zin om het boek te lezen en heb ik hem na Sarian uit de bieb gehaald.

VERWACHTINGEN VOORAF

Omdat u verteld hebt dat het verhaal een sprookje voor kinderen was lijkt het boek me erg makkelijk om te lezen. Ook vind ik sprookjes meestal wel leuk dus ik heb er zin in om te lezen of een sprookje in het engels net zo leuk is. Sarian vertelde mij dat zij het ook wel een leuk en makkelijk boekje vond. De voorkant vind ik niet zo spectaculair, een beetje vreemd ik weet niet echt wat ik er van moet denken en van de titel word ik ook niet echt wijzer.


REACTIE ACHTERAF

Ik vind dit werk:

een beetje spannend, vooral het stukje dat de leeuw word doodgemaakt door de heks. En het is spannend als de kinderen met de bevers op de vlucht gaan voor de heks.

een beetje meeslepend, het is een sprookje dus niet realistisch en daardoor sta je er toch wat verder vanaf. Maar het is wel meeslepend omdat je helemaal mee wordt genomen in de wondere sprookjeswereld.

een beetje ontroerend, het is heel erg ontroerend als de leeuw word vermoord, echt heel ontroerend (gelukkig melde de schrijver dat alles wel weer goed zou komen). Maar voor de rest zijn er maar kleine dingen die ontroerend zijn. Het verhaal gaat tenslotte vooral om gebeurtenissen en minder om gevoelens en gedachten.

niet grappig, ik zou niet weten wat er grappig aan is er waren ook helemaal geen grappige gebeurtenissen in het verhaal.

een beetje realistisch, natuurlijk is het allemaal in de sprookjeswereld en bestaat het in het echt niet. Toch is alles erg realistisch verteld en kon je overal heel goed een voorstelling van maken, af en toe hielpen de plaatjes er ook bij.


erg fantasierijk, het is natuurlijk een sprookje dus dat is meestal erg fantasierijk. Alle dieren zoals, eenhoorns, centaurs, dwergen etc. bestaan in het echt natuurlijk niet dus dat is allemaal fantasie, het hele land Narnia is een land vol fantasie.

een beetje interessant, het is niet echt interessant om te weten hoe het er aan toe gaat in een land dat niet bestaat want dat voegt niets toe aan je kennis natuurlijk. De boodschappen achter sprookjes vind ik altijd het interessantst. Ik denk dat de boodschap achter dit sprookje is dat je beter niet kunt liegen want daar komt alleen maar narigheid van.

erg origineel, zo’n sprookje had ik nog nooit gelezen. Het is altijd wel met prinsesjes enzo maar dit vind ik eigenlijk wel erg origineel.

erg goed te begrijpen, ik begreep bijna alles uit het boek, dat was wel erg fijn om eens een engels boek echt goed te begrijpen. Soms waren er wel wat moeilijke woorden maar meestal kon je aan het zinsverband wel afleiden wat het betekende.

Dit werk heeft me aan niet aan het denken gezet, ik had ook niet echt iets om over na te denken alles was verzonnen dus het heeft niet echt betrekking op mijn leven. En dat je niet moet liegen, tja dat doe ik al bijna nooit meer en ik moet eerlijk zeggen als ik het wel doe heb ik er meestal veel plezier van i.p.v. narigheid.

Ik heb iets aan dit werk gehad, namelijk dat ik me er goed bij voel dat ik een engels boek goed begrepen heb en dat ik het wel leuk vond om op mijn 16de weer eens een sprookje te lezen.

Dit werk spreekt me wel aan, ik vond het een erg origineel sprookje en lekker makkelijk en vlot te lezen.

REACTIE OP VERWACHTINGEN VOORAF

Het boek was inderdaad lekker makkelijk te lezen, maar ik vind Nederlandse sprookjes net iets leuker omdat je onder het lezen minder hoeft na te denken over moeilijke woorden. De voorkant is me nu ook duidelijk geworden het is de binnenplaats van het kasteel van de heks waar verschillende figuurtjes versteend staan. En de titel, de leeuw die de kinderen en het land Narnia redt, de heks die de winter in Narnia veroorzaakt en opgeruimd wordt, en de kleerkast de sleutel tot het land Narnia.

SAMENVATTING VAN DE INHOUD

H1 Vier kinderen moeten uit Londen naar het platteland. Het is oorlog en in Londen is het te gevaarlijk. Ze gaan naar een professor, die een heel groot huis heeft. De kinderen heten: Peter, Susan, Edmund en Lucy. De professor is heel aardig. De dag na hun aankomst willen ze eigenlijk naar buiten gaan. Maar het regent buiten. Dus gaan ze het huis verkennen. Ze komen in een kamer waar alleen maar een kleerkast staat. Ze gaan weer naar buiten, behalve Lucy. Ze probeert of de kast open kan. Dat kan, en dan ziet ze dat er bontjassen in hangen. Ze stapt tussen de bontjassen. Dan merkt ze opeens dat ze tussen de bomen staat. Ze is in een bos en het sneeuwt. Er brandt een lantaarn in de verte. Lucy loopt er naar toe. Dan ziet ze een ander wezen lopen. Het is een Faun.

H2 Als de Faun Lucy ziet, schrikt hij. Hij had cadeautjes in zijn handen en die vallen op de grond. De faun heet Tumnus. Hij nodigt Lucy uit om naar zijn huis te komen. Na het eten vertelt Tumnus over vroeger, toen het nog fijn was in Narnia. Maar nu is het altijd winter. Als Lucy weg wil gaan, begint Tumnus opeens te huilen. Hij vertelt dat hij in dienst is van de Witte Tovenares. Die is nu de baas in Narnia en daardoor is het altijd winter. Hij wilde Lucy eigenlijk ontvoeren. Tumnus brengt Lucy naar de lantaarnpaal. Vanaf daar weet ze de weg wel naar de kleerkast.

H3 Als ze weer in de lege kamer is, rent ze naar de anderen toe. Maar die geloven niet wat ze heeft meegemaakt, voor hen is er geen tijd voorbij gegaan. De dagen daarna is Lucy erg ongelukkig. Niemand gelooft haar. Maar ze geeft niet toe dat ze het verzonnen heeft. Edmund zit haar heel de tijd te treiteren. Op een dag regent het weer. Ze gaan verstoppertje doen. Lucy gaat even bij de kleerkast kijken. Edmund ziet haar de kast ingaan en gaat ook de kast in. Maar hij ziet Lucy niet. Dan is hij ook in Narnia. Hij gaat op zoek naar Lucy, maar hij ziet haar nergens. Dan komt er een arrenslee aan. Hij wordt getrokken door rendieren. Op de slee zit een vrouw. Ze heeft witte kleren aan. Haar gezicht is ook helemaal wit, alleen haar mond is rood.

H4 De slee stopt bij Edmund. De vrouw zegt dat ze de Koningin van Narnia is. Ze vraagt of Edmund een jongen is, een Zoon van Adam. Dan geeft ze hem lekkere dingen, ook een doos marsepein.
De Koningin vraagt van alles aan Edmund en hij vertelt alles aan haar. Dan zegt ze dat hij zo snel mogelijk zijn broer en zussen mee moet nemen naar haar huis. Ze wijst hem de weg naar haar huis. Als hij de anderen ook meebrengt, zal hij nog meer marsepein krijgen.
Dan komt Lucy aan lopen. Ze is weer bij meneer Tumnus geweest. Edmund voelt zich niet op zijn gemak als hij hoort dat de Koningin de Witte Tovenares is, maar hij wil zo graag weer marsepein eten, dat hij haar toch wil gehoorzamen.

H5 Als Edmund en Lucy weer terug zijn, doet Edmund net of ze het hebben gespeeld. Lucy is heel verdrietig en Peter wordt kwaad op hem. Peter en Susan gaan het aan de professor vragen. Die zegt dat Lucy best gelijk kan hebben. Op een dag komen er bezoekers bij het huis. De kinderen mogen dan niet in de weg lopen. Dus verstoppen ze zich in de kleerkast. Dan zijn ze opeens allemaal in Narnia. Ze trekken allemaal een bontjas aan.

H6 Ze besluiten om naar Tumnus te gaan. Maar zijn huisje is helemaal vernield. Dat heeft Maugrim gedaan. Maugrim is een wolf, hij werkt voor de Koningin. Ze zien een roodborstje, die hun ergens heen leidt. Als het roodborstje wegvliegt, weten ze niet waar ze zijn. Maar dan zien ze een bever, die hen wenkt.

H7 Ze gaan naar hem toe. Hij vertelt dat Tumnus hem gewaarschuwd heeft voor hij gevangen werd genomen. De bever zegt ook dat Aslan waarschijnlijk in de buurt is. De kinderen gaan met hem mee om wat te eten. Het huisje van de bever staat op een dam. Die heeft hij zelf gebouwd. Mevrouw Bever is ook heel blij dat ze er zijn. Ze krijgen heerlijk eten. Dan vertelt meneer Bever over Narnia.

H8 Aslan is de Koning van Narnia. Als hij weer terug is, zal de Witte Tovenares worden verdreven. De kinderen moeten naar de Stenen Tafel komen, daar is Aslan ook. Er is een spreuk, dat als er vier Zonen van Adam en Dochters van Eva op de tronen in Cair Paravel zullen zitten, het kwaad voorgoed uit Narnia zal verdwijnen. De Koningin weet die spreuk ook, daarom zal ze de vier kinderen willen doden.

H9 Dan ontdekken ze opeens dat Edmund verdwenen is. Meneer Bever zegt dat hij naar de Witte Tovenares is, om te zeggen dat de rest bij de bevers is. Ze moeten dus vlug naar de Stenen Tafel gaan. Aslan is de enige die Edmund en hun zal kunnen redden van de Tovenares. Edmund gaat ondertussen naar het huis van de Koningin. Hij loopt tussen de stenen beelden door. Voor de ingang ligt een wolf. Die gaat aan de Koningin zeggen dat Edmund er is. Ze is heel kwaad dat hij de rest niet heeft meegenomen. Als de Tovenares hoort dat ze naar de Stenen Tafel gaan, laat ze de slee halen en gaat naar de Stenen Tafel. Edmund moet ook mee. Hij is heel ongelukkig, want hij heeft geen marsepein gekregen en de Koningin is niet aardig tegen hem.

H10 De andere drie kinderen, en meneer en mevrouw Bever, gaan op weg naar de Stenen Tafel. Het duurt wel voor ze weg zijn, want mevrouw Bever wil van alles meenemen. Ze moeten heel lang lopen.
Die nacht slapen ze in een hol, langs de kant van de weg. Dan horen ze opeens een arrenslee aankomen. Het is gelukkig niet de Koningin, maar de Kerstman. Peter krijgt een zwaard, Susan een pijl en boog en een hoorn. Lucy krijgt een dolk en een flesje met een genezend drankje. Ze krijgen ook een heerlijk ontbijt.

H11 Edmund en de Tovenares zijn in de slee op weg naar de Stenen Tafel. Edmund ziet dat de kracht van de Tovenares af begint te nemen. Er zijn dieren kerstfeest aan het vieren, en de sneeuw wordt steeds minder Dan kunnen ze zelfs niet meer verder met de arrenslee. Edmund's handen worden vastgebonden en de dwerg houdt hem vast. Zo lopen ze verder.

H12 De sneeuw is nu echt verdwenen. Overal zingen weer vogels en er stromen beekjes met smeltwater. Dat merken de kinderen en de bevers ook. Dan komen ze aan bij de Stenen Tafel. Die staat op een heuvel. Aslan is daar ook, omringd door dieren en wezens.
Peter stapt als eerste op hem af. Ze vragen aan Aslan of hij Edmund kan redden. De meisjes mogen feest gaan vieren. Dan neemt Aslan Peter apart. Hij laat hem Cair Paravel zien. Susan wordt aangevallen door een wolf. Peter vecht met de wolf en doodt hem. Er is nog een wolf, die rent weg. Aslan stuurt een paar van de snelste wezens achter hem aan. Aslan slaat Peter tot ridder, omdat hij zo dapper tegen de wolf heeft gevochten.

H13 De andere wolf is bij de Tovenares aangekomen. Als ze hoort dat de anderen al bij Aslan zijn, wil ze Edmund doden. Maar de wezens bevrijden Edmund. De Tovenares en de dwerg krijgen ze niet te pakken. Edmund is weer terug bij de anderen. Ze zijn niet kwaad op hem. Dan komt de dwerg en die zegt dat de Tovenares met Aslan wil praten. Dat mag van Aslan. De Tovenares zegt dat er een verrader is. Ze bedoelt natuurlijk Edmund. En er is een Verborgen Kracht, die zegt dat elke verrader gedood moet worden. De Tovenares moet bloed hebben, anders zal Narnia vernietigd worden. Aslan praat met de Tovenares. Daarna zegt hij tegen de kinderen en de rest dat Edmund niet gedood zal worden. Ze gaan weg bij de Stenen Tafel, naar de Doorwaadbare Plaats van Beruna. Aslan ziet er heel verdrietig uit. Iedereen wordt er verdrietig van.

H14 Die nacht kunnen de meisjes niet slapen. Er is iets met Aslan. Ze gaan naar buiten en daar zien ze hem lopen. Ze mogen met hem meelopen. Hij laat zijn kop hangen en loopt heel langzaam. Dan moeten ze achterblijven. Aslan loopt verder. Hij komt bij de Stenen Tafel. Daar is een hele menigte slechte wezens. Ze binden Aslan vast en knippen zijn manen af. Ze schelden hem uit en spugen op hem. Tenslotte doodt de Tovenares hem met haar mes. De meisjes zijn vreselijk verdrietig en huilen.

H15 Dan komt de hele menigte van de heuvel af stormen. Ze zien Susan en Lucy gelukkig niet. De muizen knagen de touwen van Aslan door. De nacht is alweer bijna voorbij en de meisjes kijken naar de zonsopkomst. Dan opeens horen ze een gekraak. De Stenen Tafel is doormidden gebroken en Aslan is weg! Maar plotseling staat hij achter hen, levend en wel. Zijn manen zijn weer aangegroeid.
Er is een kracht, nog eerder dan de Tijd. Daarin staat dat als iemand zich opoffert voor een verrader, hij weer levend zal worden. Daarom is Aslan weer opgestaan. Ze stoeien een poos met z'n drieën. Dan klimmen de meisjes op Aslans rug en rijden ze naar het kasteel van de Tovenares. Aslan springt over de muur en ze komen op de binnenplaats met de standbeelden.

H16 Aslan maakt alle standbeelden weer levend. Er is ook een reus bij. Ze gaan met z'n allen op weg om de Tovenares te zoeken.
Dan komen ze aan bij het gevecht van Peter en de rest tegen de Tovenares en alle nare wezens. Aslan en zijn gevolg storten zich in de strijd. Aslan doodt de Tovenares. De hele horde slaat op de vlucht. Peter vertelt dat Edmund de toverstaf van de Tovenares heeft gebroken. Door het drankje van Lucy wordt Edmund weer beter, hij was heel erg gewond.

H17 Ze gaan naar Cair Paravel en daar worden de kinderen tot Koningen en Koninginnen gekroond. Aslan gaat weer weg. De Koningen en Koninginnen regeren goed. Op een dag gaan ze jagen op het Witte Hert. Daardoor komen ze bij de lantaarnpaal. Als ze verder lopen, komen ze weer bij de kleerkast.

De bezoekers zijn er nog steeds. Er is dus helemaal geen tijd voorbij gegaan. Maar de professor gelooft de kinderen. En ze zullen zeker nog teruggaan. "Eens Koning of Koningin in Narnia, altijd Koning of Koningin in Narnia!"

THEMA / MOTIEVEN / TITEL / MOTTO

Het thema van het boek is een onbekend land, genaamd Narnia. Hier draait namelijk het hele boek om. In Narnia beleven de kinderen hele spannende dingen.
De motieven in het boek zijn:
de kleerkast, waar de kinderen doorheen moesten om in Narnia te komen.
de lantaarnpaal waar ze telkens moeten komen om uit Narnia naar de kleerkast te komen.
de zin die Lucie telkens zegt, dat je de deur van een kast altijd open moet laten.
De titel is makkelijk te verklaren. De leeuw die de kinderen redt en de heks vermoordt. De heks die de kinderen wil hebben en die vermoord wordt door de leeuw. De kleerkast waar ze doorheen moeten om in het land Narnia te komen.
Het motto of de boodschap van het boek is dat je niet moet liegen, dat er alleen maar problemen van komen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

B.

B.

Er komt geen bezoek bij hun thuis. Maar ze gaan met zn alle honkballen. en perongeluk gaat de bal door het raam. dus moeten ze zo snel mogelijk verstoppen dus verstoppen ze zich in de klerenkast. en dan komen ze in narnia.

14 jaar geleden

I.

I.

er zijn verschillende delen....

11 jaar geleden

A.

A.

Bas, jij hebt de film gezien en daar honkballen ze. Maar in het boek krijgen ze bezoek.

10 jaar geleden

H.

H.

in de film die ik heb gezien spelen ze geen honkbal

6 jaar geleden

Andere verslagen van "The lion, the witch and the wardrobe door C.S. Lewis"