Door Scholieren.com te bezoeken geef je toestemming voor het gebruik van cookies. Ben je onder de 16? Zorg dan dat je toestemming van je ouders hebt om onze site te bezoeken. Lees meer over je privacy (voor het laatst bijgewerkt op 25 mei 2018). Akkoord Instellingen aanpassen

Lego

Techniek

Werkstuk

Lego

5.3 / 10
groep 8
  • tijmenlodders
  • Nederlands
  • 4396 woorden
  • 3775 keer
    21 deze maand
  • 23 januari 2012
Voorwoord
Ik heb dit onderwerp gekozen, omdat ik zelf heel veel lego heb. Vorig jaar ben ik naar Legoworld in Zwolle geweest en dat vond ik echt geweldig. Ik speel al vanaf mijn tweede jaar met lego (ook duplo) . Ik vind dat het leukste speelgoed dat er bestaat. Ik heb wel ander speelgoed geprobeerd, zoals Playmobil, Knex en Meccano ,allemaal speelgoed om te bouwen en je fantasie te gebruiken. Toch vind ik lego het leukst , omdat je alles echt nog zelf moet bouwen en het niet gedeeltelijk al in elkaar staat. Er zijn meer onderdeeltjes en dus veel meer combinaties mogelijk. Ik vraag me vaak af hoe lego gemaakt wordt en hoe ze dat allemaal verzinnen. Ik wil ook al heel lang naar Legoland. Ik hoop dat ik daar allemaal meer over te weten kom met dit werkstuk maken.


Hoofdstuk 1 Wat is lego?
LEGO is de verzamelnaam voor bouwstenen van kunststof. Ze hebben allerlei kleuren, maten en vormen. Door een slim systeem passen de blokjes stevig op elkaar, zodat je met het bouwwerk kunt spelen zonder dat het meteen uit elkaar valt.

Op dit moment is er lego duplo voor kinderen van 2 tot ongeveer 5 jaar. De blokken zijn groter, zodat ze gemakkelijker zijn om vast te pakken. Er zijn allerlei speelthema’s bedacht, zoals : de boerderij, de dierentuin, de politie, de brandweer, het vliegveld, de trein, Toy Story, Cars, familiehuis en de bouwplaats.

Speciaal voor de meisjes is er lego Belville en Scala. Dit is een poppenhuis, paardenstal en hondenhok. Hier is veel roze gebruikt.

Voor kinderen vanaf 4 jaar zijn er heel veel legothema’s te koop. Lego past zich aan de tijd aan en vernieuwt de thema’s regelmatig. Ze sluiten ook aan bij bijvoorbeeld films die op dat moment populair zijn. Met lego kun je heel lang blijven spelen. In de boekjes staat aangegeven tot 16 jaar, maar er zijn heel veel volwassenen die het leuk vinden om er mee te bouwen. De volgende thema’s zijn nu te koop: Creator, van City: de brandweer, het vliegveld, de treinen, het politiebureau, de garage, de boerderij en de bouwplaats, Kingdoms(dat zijn kastelen), Harry Potter, Prince of Persia, Toy Story, Power miners, Atlantis,
World racers, Racers, Space Police, Hero factory en Starwars.

Voor de liefhebbers van techniek is er een groot aantal thema’s van technisch lego. Het werkt met pneumatiek(luchtdruk) of op motoren met batterijen. Er zijn ook dingen op afstandsbesturing. Dit wordt ook op scholen gebruikt en voor gehandicapten. Deze afdeling heet Dacta.

Er zijn nu ook robots die je met behulp van computerprogramma’s kunt programmeren. In een legosteentje zit dan een microchip. Dit heet lego Mindstorms.

Er zijn inmiddels heel veel minifiguren van lego. Dat zijn kleine mensjes die de legowereld bevolken.
Het bijzondere aan lego is, dat alle onderdelen op elkaar aan kunnen sluiten. Duplo past dus ook op gewone lego! Je kunt dus uitbreiden zoveel als je maar wilt.

Nieuw dit jaar zijn de gezelschapsspelletjes, waarbij je moet bouwen.


Hoofdstuk 2 De geschiedenis van lego.
Dit is Ole Kirk Christiansen. Hij is de maker van het bekende legosteentje. Hij is geboren in 1891 in Denemarken. Zijn vader was een kleine boer en koetsier. De familie was erg arm. Al vroeg hielp hij zijn vader met het hoeden van het vee. De ene dag hielp hij zijn vader en de andere dag ging hij naar school. Hij werd leerling bij zijn broer en in 1911 was hij gediplomeerd timmerman. In 1916 kocht hij de Billundse houtverwerkingsfabriek. Hij verdiende geld met het bouwen van huizen en meubels voor boeren in de omgeving. Hij werd geholpen door een klein groepje leerlingen. De werkplaats brandde in 1924 af, doordat twee van zijn zoontjes tijdens een spelletje houtkrullen in brand hadden gestoken. Een jaar later werd het nieuwe gebouw door de bliksem getroffen. Hij bouwde de nieuwe werkplaats nog groter en breidde het bedrijf verder uit. In 1932 ging het in Europa niet zo goed en had hij weinig werk. De mensen in de buurt waren arm en konden Ole geen opdrachten meer geven. Zijn bedrijfje ging bijna failliet. Om het te redden ging hij dingen als ladders en strijkplanken maken. Om al het materiaal te gebruiken maakte hij ze ook in het klein. Zo werd bijna vanzelf het idee om speelgoed te maken geboren. Er kwam houten speelgoed, zoals trekpoppen, spaarpotten, auto's en vrachtwagens bij. Hij had wel steeds pech en ging toch bijna failliet. Gelukkig leende zijn familie hem geld om verder te gaan, maar ze waren niet echt enthousiast over de nieuwe producten. Hij moest maar iets nuttigs gaan maken vonden ze. Toch had hij ook succes. Bijvoorbeeld met de jojo. Deze werd een rage, maar stopte ook weer snel. Toen bleef hij zitten met een heleboel jojo’s. Hij zaagde ze door en maakte er wielen van voor vrachtwagens op de maat van de jojo’s. Die vrachtwagens werden een groot succes. Binnen een paar jaar was speelgoed het belangrijkste product van zijn bedrijf.

In 1934 ging zijn zoon Godtfred Kirk Christiansen meewerken in het bedrijf. Hij wilde eigenlijk automonteur worden, maar toen zijn vader vroeg om in het bedrijf te komen heeft hij dat gedaan. De naam houtbewerkingsfabriek paste niet meer bij het bedrijf en was te lang. Ole Kirk gaf zijn bedrijf een nieuwe naam: "LEGO". Lego is de afkorting van het Deense leg godt, wat "speel goed" betekent. Later ontdekten de mensen van Lego dat "LEGO" in het Latijn betekent: "ik stel samen”of “ik bouw”. Dat past dus toevallig heel goed bij het speelgoed.

In 1940 maakte het bedrijf al 140 verschillende, houten speelgoedproducten en kon de lening aan de familie worden terugbetaald. Er werkten 12 mensen in het bedrijf, waarbij ook twee van Ole’s zoons.

In 1942 werd de fabriek weer door brand verwoest. Ole zette alles op alles om het weer opnieuw te bouwen. Het werd een groter en eigenlijk te duur gebouw, maar het ging steeds beter met de fabriek. Door de oorlog kon er geen speelgoed uit het buitenland gehaald worden. In 1944 kon hij 40 mensen aan het werk zetten in zijn fabriek. Toen na de tweede wereld oorlog het gebruik van kunststof steeds populairder werd ging Christiansen dit materiaal ook gebruiken voor zijn speelgoed.
Na de oorlog in 1947, kocht de familie Christiansen de eerst spuitgietmachine, waarmee plastic speelgoed kon worden gemaakt in een soort mallen (lijkt op een bakblik), waarin (vloeibare) plastic werd gegoten. Bij een demonstratie van deze machine kregen Ole en Godtfred enkele voorbeelden van plastic bouwsteentjes te zien uit Engeland, die werden gemaakt door het bedrijf Kiddicraft. De machine was heel erg duur.
Ole en Godtfred bleven maar aan de steentjes denken. Bouwsteentjes en constructiespeelgoed was niet nieuw. Ze hadden ook al steentjes van hout gemaakt en andere bedrijven al van andere materialen. Het systeem met de knobbeltjes was ook niet nieuw. In 1949 besloot het bedrijf die bouwsteentjes te gaan maken. Het blokje wordt vooral steviger en harder gemaakt. De blokjes hadden aan de bovenkant 4 of 8 ronde noppen en waren hol aan de onderkant. De knobbels werden wat lager, zodat je er gemakkelijker muren en huizen van kon maken. Dit steentje is eigenlijk de voorloper van onze legosteentjes van nu. Het werd verkocht onder de naam “automic building bricks”. Na de oorlog kochten de mensen graag dingen met Engelse namen. Alleen deze legoblokjes verkochten toen nog niet goed.

In 1954 werd Godtfred Kirk directeur van de Lego Group. Het bedrijf had 2.300 m² bebouwd terrein en had 65 mensen in dienst, waaronder Godtfred en zijn drie broers. Hij had het idee om van de legostenen een systeem te maken voor creatief spelen. De bouwstenen hadden technische gezien nog steeds enkele problemen: te weinig verbindingsmogelijkheden en niet erg stevig. Vanaf 1951 heetten de steentjes al wel Lego. Veel mensen waren tegen de komst van plastic en vonden dat hout nooit vervangen kon worden. Halverwege de jaren 50 kwam al meer dan de helft van de winst uit plastic en was lego klaar om het nieuwe ‘lego systeem in spel’ op de markt te brengen. Er waren autootjes bij bedacht en bedrukte wegenplaten en verkeersborden. Sommige speelgoedwinkels vonden het prachtig, maar de grootste winkels wilden er nog niks van weten. Lego was al wel begonnen om in steeds meer landen het lego speelgoed te laten zien. In zweden en Duitsland was dat al gelukt.

In 1957 werden er al handelsafspraken gesloten met Oostenrijk, Nederland en Portugal. De verkoop ging best goed, maar de mensen bleven klagen. De bouwwerken vielen te snel uit elkaar. Gelukkig vindt Godtfried een grote verbetering aan de steentjes uit. Hij plaatste buisjes in de onderzijde, waardoor de stenen veel beter op elkaar passen en je ze op meerdere manieren aan elkaar kunt verbinden.
Er zijn 102.981.500 manieren om zes legoblokjes met acht knopjes van dezelfde kleur te combineren.
Dat is dus heel veel!

In 1958 vroeg lego patent op het uiteindelijke buisjes en noppen-principe aan. Dat betekent dat niemand het na mag maken. Ze hadden dat goed gedaan , want veel bedrijven hebben wel geprobeerd om de legostenen na te maken. De zaken gingen nu snel. De fabriek werd weer uitgebreid en er kwamen meer dan 40 gietmachines bij. Er werkten nu 140 mensen! De legosteentjes werden inmiddels verkocht aan België, Italië, Finland, Frankrijk en Groot-Brittanië. In al deze landen mocht het steentje niet worden nagemaakt. De legosteentjes zagen er al hetzelfde uit als nu. In dit jaar overleed Ole Kirk Christiansen en nam zijn zoon het over.
In 1960 was er weer een brand op de afdeling houten speelgoed. Het grootste gedeelte van de voorraad houten speelgoed was verbrand. Toen heeft men besloten om hiermee te stoppen. Vanaf die tijd maakten ze alleen nog maar plastic speelgoed. Aan het einde van het jaar telde het personeel van de Lego Group meer dan 450 personen. Lego-Nederland werd opgericht.

In 1961 werden de eerste Legowielen gemaakt, waardoor ze auto's, vrachtwagens, bussen en andere voertuigen van Legostenen konden maken. Nu kon je alles maken wat je maar wilde.

In 1962 was het bedrijf zo groot geworden dat ze een vliegveld nodig hadden. Op een akker werd een landingsbaan aangelegd, die was afgezet met enorme legostenen. Het was het op één na grootste vliegveld van Denemarken.

In 1963 ging lego voor zijn steentjes betere materialen gebruiken. Dit nieuwe materiaal was vormvaster en kleurechter en kon nauwkeuriger worden gegoten. Legostenen die in 1963 zijn gemaakt, behouden 40 jaar later nog steeds hun kleur en vorm en passen netjes op de stenen die vandaag de dag worden gemaakt.

In 1964 werden voor het eerst instructieboekjes bij de Legosets gevoegd. Er werken inmiddels zo’n 600 mensen.

In 1966 werd een van de meest succesvolle lego series uitgebracht. Het lego treinsysteem met een 4 ,5 -volt motor. Twee jaar later kwam de 12-volt motor. Er kwamen ontzettend veel mensen naar de legofabrieken om de modellen te zien die daar opgesteld stonden; huizen, dieren en beelden. Ze kregen het idee om een tentoonstellingspark te maken.

Op 7 juni 1968 werd het eerste Legoland Park geopend in Billund, Miniland. In dit park kun je grote modellen van miniatuursteden zien, die alleen gemaakt waren van Legostenen. Het park was 12.000 m² groot en trok alleen al in het eerste jaar 625.000 bezoekers. In de komende 20 jaar groeide het park uit tot 8 keer zijn oorspronkelijk grootte, en trok uiteindelijk gemiddeld een miljoen bezoekers per jaar.

In 1968 werden meer dan 18 miljoen Legosets verkocht.

In 1969 werd weer een nieuwe legosteen uitgebracht, dat was duplo. Duplo stenen zijn 2x zo lang 2x zo breed en 2x zo hoog.

Vanaf 1970 groeide het bedrijf enorm. Er werden wereldwijd meerdere nieuwe fabrieken gebouwd en het assortiment werd steeds groter. Het personeel van de Lego Group bestond uit meer dan 900 personen. De productie wordt ook in andere landen gedaan, zoals in Duitsland, Zwitserland en de Verenigde Staten. Lego is een internationaal bedrijf geworden, maar is nog steeds een familiebedrijf. Er komt meisjeslego en er komen holle transportonderdelen, waardoor boten ook echt konden drijven. De eerste poppetjes worden gemaakt. Ze noemen die: minifigures (minifiguurtjes). Er kunnen nu hele steden nagebouwd worden met bewoners. Later kwamen er ook meer technische sets en de spacesets met ruimtemannetjes, raketten en maanlanders zijn nog steeds populair.

Vanaf 1979 is de kleinzoon van Ole, Kjeld Kirk Christiansen, president-directeur van het bedrijf.

Tussen 1981 en 1996 komen de treinen op stroom en afstandsbediening. Ook de kastelensets met ridders en paarden worden ontwikkeld. In 1984 werd de Technic-lijn uitgebreid met de komst van pneumatische (luchtdruk)onderdelen. In 1985, kwamen de "Licht en Geluid" sets op de markt; deze sets bevatten een batterijhouder met elektrische lampjes, trillingen en andere accessoires om de bouwsels nog echter te laten lijken. Voor de scholen kwam er een leersysteem met robots, vrachtwagens en andere gemotoriseerde modellen van Technic, die met een computer konden worden bestuurd. Er komen fabrieken in Korea en Brazilië.

In 1988 deden 38 kinderen van 17 verschillende landen mee aan de eerste Lego Wereld Beker bouwwedstrijd in Billund. LEGO bedacht de piratensets met schepen, eilanden en poppetjes die er anders uitzagen, namelijk als piraten.

In 1995 overlijdt Godtfred Kirk Christiansen. Er werken rond de 9000 mensen bij Lego!

Tussen 1997 en 2005 gaat het niet zo goed met lego. Steeds meer kinderen gaan achter de computer zitten en er wordt minder met lego gespeeld. Lego moet andere dingen gaan bedenken. Er komen lego computerspellen, legokleding en Clickits voor de meisjes, waarmee je sieraden kon maken. Ook kwam er een tussenmaat lego. Er konden nu jongere kinderen bouwen met makkelijkere stenen. De oudere bouwers vonden dat niet leuk, want de sets werden te gemakkelijk en je kon niet zo goed je eigen dingen bouwen omdat de stenen daar te groot voor waren.

Vanaf 1999 mocht de Lego Group series als Star Wars en Harry Potter op de markt te brengen. Er kwamen minifiguren uit die bij deze sets horen en sprekend lijken op de personen uit de series. Ook Spider-man, Batman en in 2008 Indiana Jones kwamen uit. De gezichten werden steeds mooier gemaakt met wenkbrauwen, plukjes haar en brillen. Toen de LEGO Basketball in 2003 uitkwam kwamen er zelfs bruine minifiguren op de markt.

Van 2005 tot nu.
Een hele tijd ging het niet goed met lego. Door de nieuwe sets hoefde je niet meer echt te bouwen. Het was al ver kant en klaar. Nu gaan ze weer sets maken met veel kleine onderdelen, zodat je weer moet bouwen. Dat is nu weer het belangrijkste. Het thema lego City (de stad) vinden heel veel mensen leuk. Er werd in 2005 weer winst gemaakt. Lego bedenkt huizen met verschillende verdiepingen, die je steeds verder uit kunt breiden en dus een rij woningen kunt maken. Tot vandaag aan toe is lego bezig met het uitdenken, maken en verkopen van het Lego speelgoed. Dat doet de afdeling Futura. Zij maken al plannen voor over vier jaar.
De kleinzoon van de oprichter, Kjeld Kirk Christiansen, heeft nu ongeveer vijfduizend mensen in dienst. Zijn bedrijf heeft een omzet van ongeveer 1 miljard euro. Lego wordt verkocht in 130 landen en in zo’n 90 procent van alle gezinnen in België, Nederland en Luxemburg vind je legoproducten. Over de hele wereld spelen ongeveer 300 miljoen kinderen met lego. Ongeveer 5 miljoen mensen hebben de legoparken bezocht. Lego staat als enig bedrijf uit Europa, op de vierde plaats van de top 5 van bedrijven die speelgoed maken.

Inmiddels mag iedereen proberen het legosteentje na te maken, want het patent is verlopen. Toch zal dat niet zo gemakkelijk zijn, omdat de samenstelling van het plastic heel bijzonder is.


Hoofdstuk 3. Hoe lego gemaakt wordt.
De nieuwe lego wordt vooral bedacht in het hoofdkantoor in Billund, maar in München, Barcelona, Los Angeles en Tokio zijn ook kantoren. Lego wordt bedacht door ontwerpers. De groep bestaat uit 120 mensen uit 15 verschillende landen. Zij bedenken nieuwe legomodellen, maar die moeten ook nog gemaakt worden.
Er zijn in de hele wereld fabrieken die legosteentjes maken. In Denemarken staan er twee en ook in de Verenigde staten, Zwitserland, Zuid-Korea en Tsjechië staan fabrieken. Samen maken deze fabrieken ongeveer 20 miljard steentjes per jaar(Dat is 20.000.000.000). Er zijn ongeveer 2.200 verschillende steentjes in 55 verschillende kleuren. Lego is heel streng voor zichzelf. Ieder steentje moet heel precies gemaakt worden. Als een steentje een klein beetje anders is, moet het weg. Van iedere miljoen steentjes zitten er 18 tussen die niet goed zijn. In alle fabrieken gaat dat precies hetzelfde, want lego wil wel dat alle steentjes, die vanaf 1958 gemaakt worden, heel goed op elkaar passen. Het mag dus niet uitmaken, uit welke fabriek ze komen.
Ieder steentje wordt van plastic gemaakt. Plastic bestaat uit allerlei materialen. Het plastic wordt in korrels (granulaat) naar de fabriek gebracht door grote trucks. Vanuit de trucks worden de korrels door grote slangen opgezogen en in silo’s gepompt. De fabriek in Billund heeft 14 van die silo’s. In elke silo past 30.000 kilo! Vanuit de silo’s worden de korrels door pijpleidingen naar de gietmachines gebracht. Nu wordt het in mallen gegoten. Er zijn 12 giethallen en in ieder hal staan 64 gietmachines. In de enorme giethallen werkt bijna niemand. In ieder hal zijn maar twee mensen aan het werk die de machines in de gaten moeten houden. De gietmachines doen eigenlijk alles zelf. Ze merken wanneer een kist vol is en roepen dan een robottruck. Ze gaan ondertussen door met het maken van blokjes, maar gaan pas weer vullen als er een nieuwe kist klaarstaat.
In de korrels zitten thermoplasten. Dat is een stof die zacht wordt als je het warm maakt. Het voordeel hiervan is, dat oude steentjes weer opnieuw gesmolten kunnen worden. Bij lego wordt het granulaat gesmolten op een temperatuur van wel 220 tot 235 graden. Het wordt naar een mal geleid en in een vorm geperst. Daarna wordt het afgekoeld en uit de machine geduwd. Dat duurt ongeveer 7 tot 10 seconden. Lego gebruikt geen stoffen die schadelijk zijn voor het milieu of de gezondheid. In 1995 heeft lego zelfs de Europese milieuprijs gewonnen, omdat ze een nieuw koelsysteem hadden bedacht voor het vormen van de thermoplasten. Het koelsysteem bespaarde veel energie en was dus beter voor het milieu.
In een andere fabriek worden de steentjes verder afgewerkt. Ze schilderen de gezichtjes op de hoofden en versieren de deeltjes waarbij dat nodig is. Dit heet de assemblagehal. Hier werken veel meer mensen dan in de giethal. Eén medewerker let ongeveer op twee machines.
Als laatste worden de onderdelen verpakt. Sommige legosets hebben wel honderden onderdelen. Dit werk moet dus heel precies gebeuren, anders kan het zijn dat er een onderdeeltje mist en het model niet gebouwd kan worden. Lego heeft hele goede machines bedacht om dit goed te laten gaan. De dozen (lego noemt ze cassettes) schuiven op een lopende band onder containers door, waarin een soort steentje zit. Als de cassette bij de container is gekomen, laat die het goede aantal en het goede steentje erin vallen. Ondertussen houden de werknemers de machines in de gaten. Ze vouwen de dozen en pakken de onderdelen in. Volgens mij werkt dit goed, want ik heb nog nooit een legodoos gehad die niet klopte.


Hoofdstuk 4. Lego in Nederland.
In 1957 werd in Haren, onder Groningen, een klein fabriekje gevestigd, bij een ander bedrijfje in, als onderdeel van een speldenfabriek. Zo leert Nederland Lego kennen.
De eerste legosteentjes werden weggegeven in de winkels in een klein doosje met één rood en één wit steentje of met één geel en één blauw steentje.

Jan van der Meer is de allereerste Nederlandse LEGO importeur ( iemand die een product uit het buitenland in zijn eigen land probeert te verkopen). Zijn zwager Koert Lameris had een plastic spuitgieterij. LEGO klopte vroeg in 1956 aan hem of hij de steentjes wilde importeren. Daar had hij geen zin in, maar hij stuurde lego naar zijn zwager. Jan vond het een aardig product en kon ook snel winkeliers vinden die het wilden verkopen. Alleen V&D wilde eerst niet. Pas toen de V&D in Den Haag ermee begon wilden ze het allemaal wel.

In 1960 wordt officieel LEGO Nederland opgericht, en een paar jaar later verhuist de fabriek naar Grootegast, in west-Groningen. Daar bleef LEGO 36 jaar zitten. In Grootegast zat LEGO aan de LEGOLaan!

In 1996 werd Lego Nederland met de Belgische groep samengevoegd tot Lego Benelux. Het bedrijf verhuisde naar het Belgische Schoten.

1 oktober 1999, LEGO Benelux wordt opgedeeld in LEGO Nederland en LEGO België. LEGO Nederland komt in een veel kleiner pand aan de Heerbaan 246 in Breda. Verder komt er aan de Minervum een magazijn. Per 1 juni 2000 werd de Consumenten Service Benelux gestopt en werd de consumenten service verplaatst naar Engeland. LEGO Europe Noord, Capital Point, 33 Bath Road Slough, Berkshire.

Per 2005 is LEGO Nederland samen met LEGO België samengevoegd tot LEGO Benelux BV. Het hoofdkantoor van LEGO Nederland en het magazijn van Instore & Events werden samengevoegd met de Belgische vestiging in Schoten. Vanaf juni 2005 zit LEGO dus niet meer in Nederland. Schoten is een gemeente in het Nederlandstalig gedeelte van België (Vlaanderen) in de provincie Antwerpen

In 2006 kreeg LEGO Instore & Events een magazijn in Dodewaard. Hier worden vooral de grote shows shows opgeslagen, spullen die te zien zijn op LEGO World in Zwolle.
In het voorjaar van 2010 is het hoofdkantoor van LEGO België en LEGO Nederland verhuisd naar Brasschaat. Alle zakelijke dingen van Lego voor de hele Benelux (België, Nederland en Luxemburg) zullen dan vanaf deze plaats worden uitgevoerd.


Hoofdstuk 5. Legoland parken
Legoland Billund
In de jaren zestig bezochten meer dan 200.000 mensen de legofabrieken in het Deense Billund. De mensen kwamen vooral voor de legomodellen die ontworpen waren door Dagny Holm.
Godtfred Kirk Christiansen vroeg zich af of het mogelijk zou zijn de modellen naar buiten te verhuizen. Hij wilde een kleine tuin maken die door mensen die met pensioen waren onder houden moest worden. Zo ontstond Legoland Billund. Op 7 juni 1968 ging Legoland Billund open. Het park had toen een oppervlakte van 30.000 m². Nu is het park 2x zo groot. Het bestaat uit Miniland, Safariland, Duploland, Piratenland en Legoredo-stad en het nieuwste gedeelte, Sprookjesland. In 1996 kreeg Legoland Billund zijn vijfentwintigmiljoenste bezoeker.

Legoland Windsor
In 1996 werd het tweede park in Windsor(Engeland) geopend. Het werd gebouwd op de plaats waar eerst een safaripark was. De aanleg van het park, inclusief het bouwen van de modellen, duurde 3 jaar. De bezoekers worden door een dinosaurusgezin verwelkomd. Legoland Windsor ligt in de landelijke heuvels van Bershire. Op het hoogste gedeelte van het park heb je een mooi uitzicht op het stadje Windsor en het kasteel.

Legoland Californië
In maart 1999 ging in zuid Californië het derde Legolandpark open. Het bouwen van de legomodellen en de attracties duurde weer 3 jaar. In Legoland Californië vind je het beste van de parken in Billund en Windsor bij elkaar. In de ruim duizend legomodellen zijn meer dan dertig miljoen legosteentjes verwerkt. Een van de hoofdattracties is het indrukwekkende model van het Griffith Observatory. Dat is een interactieve telescoop, die op de natuurlijke helling van een heuvel is gebouwd. Bezoekers aan het park kunnen door de telescoop naar de sterren kijken of over de stad Los Angeles.

Legoland Duitsland
Het vierde Legolandpark ligt in Duitsland in het plaatsje Günzburg. Het is geopend in 2001. Het park is 140 hectare groot. Naast het park ligt een vakantiedorp. Er zijn 50 miljoen legosteentjes in verwerkt en ze hebben er 4 jaar over gebouwd.

Meesterbouwers
Je hebt talent en kennis nodig om een professionele lego modelbouwer te worden. Je krijgt eerst een zware test en een gesprek. Als dat goed gegaan is krijg je een cursus waar je de technieken leert die ze bij het maken van de modellen voor de Legolandparken nodig hebben. De teams van de legogroep bouwen ook modellen voor reizende tentoonstellingen en speciale projecten. Elke modelbouwer heeft een grote werktafel, met daar omheen ladekasten met legosteentjes. De steentjes worden aan elkaar gelijmd, zodat het model tegen alle weersomstandigheden kan en tegen goed schoonmaken. De mensen die deze modellen bouwen worden meesterbouwers genoemd.


Hoofdstuk 6. Legoclubs
Vorig jaar ben ik naar Legoworld in Zwolle geweest. Dat is een grote hal waar allemaal dingen van lego staan. Hele grote modellen zoals in de legoparken, maar ook lego van verzamelaars. Er zijn ook wedstrijden in het bouwen van legomodellen en ontwerpers van lego uit verschillende landen staan klaar om je van alles uit te leggen. Er zijn ook kraampjes waar je lego onderdeeltjes en bouwtekeningen kunt kopen. Natuurlijk is er een grote speelgoedwinkel met alleen maar lego.
De verzamelaars zijn vaak lid van legoclub De Bouwsteen. Zij bouwen voor allerlei evenementen en hebben ook een clubblad.
Zelf krijg ik het gratis legomagazine dat door lego zelf wordt uitgegeven. Hierin staan de nieuwste dingen van lego en allerlei puzzels en weetjes. Ook kun je een foto van je eigen bouwwerk insturen.


Nawoord
Ik vond het niet zo leuk om aan het werkstuk te werken. Het duurde heel lang en ik vond het moeilijk . Het onderwerp was wel leuk voor mij, maar de informatie die ik kon vinden was wel een beetje moeilijk. Mijn moeder moest veel helpen. Ik vond het wel leuk dat ik op mijn moeders laptop mocht werken. We hebben een boekje over lego moeten kopen, dat vond ik ook leuk.
Ik heb met lego gemaild en zelfs post gekregen uit Engeland van een aardige medewerker. Dat kun je zien in de bijlage. Veel dingen wist ik nog niet. Over de meesterbouwers bijvoorbeeld en over de eerste legoblokjes, dat vond ik heel leuk om te weten. Ik ga liever spelen met lego dan er een werkstuk over maken.


Boeken- en internetlijst
Boeken:
Titel: Godtfred Kirk christiansen en LEGO Auteur: Ole Steen Hansen

Titel: Een dag in Legoland
Auteur: Kuun Jenniskens

Internetsites:
Lego.com Intertoys Wikikids en wikipedia miniland.nl

Persoon:
Meneer die voor lego werkt van de consumentenservice

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

4527

reacties

niets belangerijks kunnen vinden maar toch bedankt
door Ricardo (reageren) op 14 februari 2016 om 14:48

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer