ADVERTENTIE
Zie jij op tegen het lezen van al die boeken voor je leeslijst?

Probeer dan eens een luisterboek! Wij geven je acht tips van boeken die op je leeslijst staan en die je kunt terugvinden op Storytel. Check het blog en probeer Storytel nu 30 dagen gratis! 


Check het blog!

Annelies Marie Frank wordt geboren op 12 juni 1929 in Frankfurt am Main (Duitsland). Zij is de tweede dochter van Otto Frank en Edith Frank-Holländer. Haar zusje Margot is dan drie jaar oud. De familie Frank is joods en Duits. Al lang wonen de families Frank en Holländer in Duitsland.

Otto Frank gaat in de zomer van 1933 naar Nederland. Hij heeft een kans gekregen om in Amsterdam een bedrijf op te zetten dat Opekta verkoopt. (Met Opekta kunnen huisvrouwen zelf jam maken.) In die tijd logeren Anne en Margot bij oma Holländer in Aken. Hun moeder reist op en neer naar Amsterdam om daar een woning te zoeken. Annes moeder vindt in november een mooie woning aan het Merwedeplein, in een nieuwbouwwijk. Margot gaat al in december naar Amsterdam, Anne volgt in februari 1934. Anne gaat naar een Montessorischool(uit woordenboek gehaald: onderwijsmethode, gebaseerd op individualisering, zelfwerkzaamheid en niet-cognitieve vakken, uitgaande van de spontane bezigheid van het kind.), Margot gaat naar een openbare basisschool. Daar maken ze nieuwe vrienden en zo kunnen ze snel Nederlands.



Otto Frank en Edith Holländer trouwden op 12 mei1925(Op otto’s verjaardag) in Aken. Na hun huwelijksreis naar Italië wonen ze in Frankfurt am Main. Negen maanden later, op 16 februari 1926, wordt hun eerste dochter geboren: Margot Betti. Iets meer dan drie jaar later volgt Anne(lies) Marie. De familie van Otto Frank woont al jaren in Frankfurt am Main, Edith’s familie komt uit Aken, vlakbij de Nederlandse grens.








Begin 1933 komt in Duitsland de Nationaal socialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP) aan de macht. Adolf Hitler, de leider van die partij, wordt Rijkskanselier (hoogste regeringsambtenaar.) Hij leidt de nieuwe regering. Al snel worden joden gediscrimineerd. Duitsland verandert van

een democratie in een dictatuur. (regering van of door een dictator => dictatorschap) Anne’s ouders voelen zich er niet meer veilig. Otto en Edith Frank besluiten Duitsland te verlaten. De familie Frank voelt zich vrij en veilig, totdat het Duitse leger op 10 mei 1940 Nederland aanvalt. Vanaf 15 mei 1940 is Nederland bezet door de nazi's. De discriminatie van de joden begint: joden mogen geen eigen bedrijf hebben, joodse kinderen moeten naar joodse scholen, joden moeten een ster dragen en nog tal van andere maatregelen. Er gaan zelfs geruchten dat joden naar Duitsland moeten. De geruchten dat joden naar Duitsland moeten, blijken waar te zijn. Op 5 juli 1942 ontvangt Margot Frank een oproep, net als duizend andere joden in Amsterdam.(de oproepingà)

De nazi’s willen dat zij in Duitsland in een werkkamp gaan werken.Als Margot zich niet meldt, wordt het hele gezin opgepakt.



De onderduikers worden geholpen door vier arbeiders van Otto Frank: Miep Gies, Johannes Kleiman, Victor Kugler en Bep Voskuijl. Ze zorgen voor voedsel, kleding, boeken en allerlei andere dingen die ze nodig hebben. Ook houden zij de onderduikers op de hoogte van het laatste nieuws uit de stad. Meestal zijn het slechte berichten, want overal in de stad zijn er razzia's: joden die zich niet melden, worden gearresteerd. De helpers vertellen vaak niet alles, om de onderduikers niet nog angstiger en somberder te maken.



De familie Frank had zo’n oproep verwacht: de geheime schuilplaats is bijna klaar. Niet alleen voor de familie Frank, maar ook voor de familie Van Pels: Hermann en Auguste en hun zoon Peter. Hermann van Pels is mededirecteur van het bedrijf van Otto Frank. De familie Frank vertrekt meteen de volgende dag naar de schuilplaats. Ze hebben allemaal tassen met spullen bij zich. Anne neemt natuurlijk haar dagboek mee. De schuilplaats is in een leegstaand gedeelte van het bedrijf van Otto Frank. Terwijl in het voorste gedeelte het bedrijf gewoon doorgaat, zitten de onderduikers in het achterste gedeelte verstopt, in het achterhuis. Al snel wordt de toegang tot het achterhuis verborgen achter een draaikast. (door een boekenkast voor de deur te zettenàà)



De familie Frank woont in twee kamers op de eerste verdieping, de familie Van Pels in twee kamers op de tweede verdieping. De kamer van Hermann en Auguste van Pels is ook de woon- en eetkamer. Via Peters kleine kamer komen de onderduikers op de zolder. Op die zolder word eten en zo bewaard.












In november 1942 komt er nog een achtste onderduiker bij: Fritz Pfeffer. Hij is een kennis van de familie Frank en de familie Van Pels. Vanaf dat moment slaapt Margot Frank bij haar ouders op de kamer en delen Anne Frank en Fritz Pfeffer het kamertje ernaast. In het begin vindt Anne haar nieuwe ‘’kamergenoot’ 'een erg aardig mens'.



Vrijdag 4 augustus 1944 lijkt een dag als elke andere. In het voorhuis zijn de helpers aan het werk, in de schuilplaats zijn de onderduikers stil bezig. Dan stopt er plotseling een auto voor het bedrijf aan de Prinsengracht. Een SS-officier en drie Nederlandse politieagenten springen eruit een gaan het gebouw binnen. Ze gaan direct naar het kantoor. Victor Kugler moet hen naar de schuilplaats leiden. De onderduikers zijn verraden...

De onderduikers en de twee mannelijke helpers worden gearresteerd en voor een verhoor naar een Duitse gevangenis gebracht. De twee helpers worden later naar een andere gevangenis overgeplaatst. Miep Gies en Bep Voskuijl blijven achter op de Prinsengracht. Zij redden de papieren van Anne. Op 8 augustus 1944 worden de acht onderduikers in een personentrein naar Westerbork gebracht. Ze komen in de strafbarakken terecht, omdat zij zich niet vrijwillig gemeld hebben. Overdag moeten zij batterijen uit elkaar halen. Het is smerig en ongezond werk, maar de gevangenen kunnen wel met elkaar praten. Soms vertrekken er treinen met gevangenen met onbekende bestemming naar het oosten. Op 2 september 1944 wordt de lange lijst van gevangenen voorgelezen, die de volgende dag moeten vertrekken. Op die lijst staan de namen van de acht onderduikers.

In de ochtend van 3 september 1944 vertrekt een lange goederentrein vanuit Westerbork. In elke wagon zitten meer dan 70 gevangenen. Onder de 1019 joodse gevangenen zijn ook de acht onderduikers uit het achterhuis. Na een verschrikkelijke treinreis van drie dagen komen zij aan in Auschwitz-Birkenau.

Op het perron van Auschwitz-Birkenau worden mannen en vrouwen van elkaar gescheiden. Nazi-artsen verdelen de gevangenen in twee groepen: gevangenen, die volgens hen nog kunnen werken en gevangenen die gelijk in de gaskamer vermoord worden. De acht onderduikers worden niet naar de gaskamer gestuurd. Zij moeten zwaar werk doen. Na korte tijd is Hermann van Pels daartoe niet meer in staat. Hij wordt in de gaskamer vermoord.

Eind oktober 1944 worden Anne en Margot Frank van Auschwitz-Birkenau naar Bergen-Belsen gebracht. Hun moeder blijft achter in Auschwitz-Birkenau. Edith Frank wordt ziek en gaat dood in januari 1945 door uitputting. Auguste van Pels komt in november 1944 met een ander gevangenentransport aan in Bergen-Belsen. Daar ziet ze Anne en Margot terug. Auguste van Pels blijft slechts korte tijd in Bergen-Belsen en sterft waarschijnlijk tijdens een transport van gevangenen naar Theresienstadt. In maart 1945 sterven Anne en Margot Frank aan tyfus, een paar weken voor de bevrijding van het kamp door het Britse leger.



Otto Frank wordt op 27 januari 1945 in Auschwitz bevrijd. Kort voor de bevrijding ontruimen de nazi's het kamp. Gevangenen, die nog kunnen lopen, moesten mee. Onder deze gevangenen is Peter van Pels. Eind januari komt hij aan in het kamp Mauthausen (Oostenrijk). De gevangenen moeten zwaar werk doen. Peter van Pels sterft op 5 mei 1945 van uitputting.

Na een lange reis komt Otto Frank op 3 juni 1945 aan in Amsterdam. Tijdens de reis heeft hij gehoord dat zijn vrouw in Auschwitz is gestorven, maar heeft hoop dat zijn dochters nog in leven zijn. In Amsterdam ontdekt hij dat alle vier de helpers de oorlog hebben overleefd.

Otto Frank doet er alles aan om zijn dochters te vinden: hij zet een advertentie in de krant en praat mensen die het overleefd hebben. Op 18 juli 1945 ontmoet hij de zusjes Brilleslijper, die getuige waren van de dood van Anne en Margot in Bergen-Belsen.



Otto Frank heeft pas na een aantal dagen de kracht om zijn familie op de hoogte te stellen. Als Miep Gies het droevige nieuws hoort, overhandigt ze hem de dagboeken, schriftjes en losse vellen papier met aantekeningen van Anne. Na de arrestatie vonden Miep en Bep de dagboeken van Anne op de vloer in het achterhuis. Miep heeft ze al die tijd in een la van haar bureau bewaard. Otto Frank begint het dagboek van zijn dochter te lezen. Het is vreemd, want zo goed kende hij zijn dochter niet. In haar dagboek leest Otto ook dat Anne het plan had gemaakt om na de oorlog een boek uit te geven over haar tijd in het achterhuis. Ze had zelfs al een flink deel van haar originele dagboek overgeschreven. Otto Frank aarzelt eerst, maar besluit uiteindelijk toch de wens van zijn dochter te vervullen.

Na de Nederlandse uitgave volgt een Duitse, Franse, Amerikaanse en Engelse. Echt populair wordt het dagboek van Anne Frank pas nadat het bewerkt is tot een toneelstuk. Enkele jaren later wordt het dagboek ook verfilmd.



Steeds meer mensen willen met hun eigen ogen de plek zien waar Anne Frank haar dagboek schreef, maar het achterhuis dreigt in te storten. Burgers van Amsterdam richten de Anne Frank Stichting op. Belangrijkste doel: het behouden van de schuilplaats. Op 3 mei 1960 wordt het Anne Frank Huis officieel geopend. De geheime schuilplaats is een museum geworden.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

N.

N.

de naam is Annelise maria frank niet Annelies alvast bedankt

15 jaar geleden