Zit je in 4/5 havo en heb je een N&T of N&G profiel? Vul deze korte vragenlijst in over chemie-opleidingen en maak kans op 20 euro Bol.com tegoed.

Meedoen

Hoofdstuk 10 Chemie

Beoordeling 5.8
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 5e klas vwo | 461 woorden
  • 12 mei 2003
  • 82 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.8
  • 82 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Scheikunde hoofdstuk 10

Exotherme reactie = de reagerende stoffen staan energie af aan de omgeving
Endotherme reactie = de reagerende stoffen nemen energie uit de omgeving op

Bij ’n energiediagram bij exotherme reactie ligt ’t beginniveau hoger dan bij ’t eindniveau, bij endotherm is dat andersom. Energie gaat niet verloren: ‘De wet van energiebehoud’. Bij sommige stoffen moet er eerst activeringsenergie zijn om de reactie aan te zetten. Door deze activeringsenergie ontstaat de geactiveerde toestand. Omdat er dus eerst wat moet worden toegevoegd, ligt de geactiveerde toestand hoger dan de beginstoffen in de energiediagram.

Chemisch evenwicht:

- de heengaande reactie verloopt net zo snel als de teruggaande reactie
- de concentraties van de stoffen verandert niet

De concentratiebreuk:
- de concentraties van de stoffen rechts van de reactiepijl staan in de teller de stoffen links van de reactiepijl in de noemer
- de coëfficiënten uit de reactievergelijking staan als exponenten bij de concentraties in de concentratiebreuk
- in de concentratiebreuk staan alleen gassen (g) of oplossingen (aq)

De concentratiebreuk heeft ’n bepaalde constante waarde, die geven we aan met ’n K. Dit noemen we de evenwichtsconstante. Als de waarde van de breuk gelijk is aan de evenwichtsconstante dan in ’t evenwicht bereikt, meer kan er niet reageren. Dit is de evenwichtsvoorwaarde.

De evenwichtsconstante wordt bij gassen aangegeven met Kp. ’n Aantal gasreacties kan je terugvinden in Binas in tabel 51.


Als je aan ’n evenwicht ’n stof toevoegt, of als je ’t volume verandert, moet je aan de concentratiebreuk kunnen nagaan of er nog sprake is van ’n evenwicht. Als de concentratiebreuk niet meer gelijk is aan de evenwichtsconstante dan is 1 van de 2 reactie in ’t voordeel. Voeg je de stof rechts van de pijl toe, dan verschuift ’t evenwicht dus naar links want er kan meer worden omgezet in de stof links van de pijl.

Je hebt de reactievergelijking: PbI2 (s) «-» Pb (aq) + 2 I (aq)
Evenwichtsvoorwaarde is dan: [Pb (aq)] x [I (aq)]^2 = K
K is in dit geval: 8,5 x 10^-9
Je moet berekenen: de [I(aq)] in ’n verzadigde loodjodide-oplossing…

De hoeveelheid loodjodide die oplost is X mol/L
Uit de vergelijking blijkt dan:
PbI2 = X
[Pb (aq)] = X
[I (aq)] = 2X

Dus dan is de evenwichtsvoorwaarde:
X x (2X)^2 = 8,5 x 10^-9
4X^3 = 8,5 x 10^-9
X = 1,3 x 10^-3 mol/L
[I (aq)] = 2 x 1,3 x 10^-3 = 2,6 x 10^-3 mol/L

De activeringsenergie van de reactie stikstof en waterstof die samen ammoniak vormen is vrij hoog. Dan is ook de reactiesnelheid heel traag, waardoor nooit alle stikstof en waterstof omgezet kan worden in ammoniak. Nu wordt ammoniak geproduceerd onder ’n druk van 200 bar en ’n temperatuur van 450 graden C met als katalysator platina. Je kan ook bijvoorbeeld de gevormde ammoniak gelijk onttrekken uit de reactie, waardoor de reactie maar door blijft gaan.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.