De aanloop tot de tweede wereldoorlog

De doelen van Hitler waren:
· Wissen van het verdrag van Versaille
· Heim ins reich: Duitstalige gebieden rond Duitsland annexeren (innemen)
· ‘Lebensraum’ voor het Arische ras in het oosten
· Europa vrij van Joden

De Volkenbond heeft een systeem van internationale veiligheid ontwikkeld. De Volkenbond kwam onder hoge druk te staan.
· Japan veroverde Mantsjoerije in 1931 en zegde in 1933 het lidmaatschap van de Volkenbond op.
· Italië viel in 1935 Abbessinië (nu Ethiopië) binnen.
· Hitler kondigde de herinvoering van de dienstplicht aan en begon met herbewapenen. In 1936 trokken zijn soldaten het Rijnland binnen.

In de jaren ‘30 voerden Engeland en Frankrijk de appeasement politiek ten opzichte van Duitsland. Om oorlog te voorkomen moest onderhandelt worden met Duitse eisen. Bovendien zorgde de economische crisissen van de jaren dertig voor een grote nadruk op de eigen nationale belangen. Zo ontstond er een non-interventie (niet ingrijpen) politiek ten opzichte van Duitsland, Italië en Japan.
Het hoogtepunt van de appeasement politiek vond plaats in september 1938 bij de Conferentie van München. Het grensgebied van Tsjechoslowakije met Duitsland kende een groep Duitstalige inwoners, de Sudeten-duitsers. Op de Conferentie van München dwongen Chamberlain (premier van Groot-Brittannië) en Daladier (premier van Frankrijk) Tsjechoslowakije tot het afstaan van Sudetenland. In 1939 werd de rest van Tsjechië ingelijfd en werd Slowakije een vazalstaat van Duitsland.

De wereldcrisis van de jaren ’30 trof Japan zwaar. Vanaf 1931 was er een oorlog aan de gang met China. Het grondstofrijke Mantsjoerije werd een Japanse vazalstaat, Mansjoekwo, met een eigen keizer aan het hoofd. In 1940 stond Vichy-Frankrijk haar kolonies af aan Japan. De Japanse propaganda presenteerde de Japanse invloed aan de bewoners van Azië als de Groot Aziatische Welvaartssfeer, de volkeren van Azië zouden onder leiding van Japan tot een grote welvaart komen.
In augustus 1941 bespraken Roosevelt en Churchill de politieke situatie en sloten het Atlantic Charter, een overeenkomst vergelijkbaar met de 14 Punten van Wilson.
Nieuwe oliebronnen waren te vinden door de verovering van westerse koloniën. Dat betekende zeker oorlog met Groot-Brittannië en de Verenigde Staten. Binnen Japan ontstonden er discussies over wat er moest gebeuren. Op 7 december vielen Japanse vliegtuigen de marinebasis Pearl Harbor aan en werd een groot aantal oorlogsschepen de grond ingeboord.

Het verloop van de oorlog

De aanval op Polen op 1 september 1939 betekende het einde voor de appeasement politiek en daarmee was de tweede wereldoorlog begonnen. De verovering van Polen verliep zonder problemen. Dit was mede te danken door de Blitzkrieg, een nieuwe manier van oorlog voeren door middel van samenwerking van tanks en duikbommenwerpers.
In 1940 bezette Duitsland Denemarken en Noorwegen om een aanval op de noordelijke flank onmogelijk te maken. Op 10 mei 1940 barstte het Duitse tegenoffensief in het westen echt los en werd in één grote aanval Luxemburg, België en een deel van Frankrijk ingenomen.
In het niet bezette Frankrijk stichtte maarschalk Pétain, collaborerend (meewerkend) met de Duitsers regime Vichy-Frankrijk. Hitler kon Groot-Brittannië niet veroveren omdat Groot-Brittannië nieuwe vliegtuigen (de Spitfires) hadden en nieuwe radarinstallaties. Zo kon Duitsland deze Battle of Britain niet winnen.

Mussolini wilde van de Middellandse Zee een Italiaanse binnenzee maken. Duitsland hielp Mussolini hiermee omdat hij het niet alleen redde. Ook in Noord Afrika verliep de verovering moeizaam. De Duitsers werden teruggedreven.
In de zomer van 1941 startte Hitler operation Barbarossa waarmee hij meer lebensraum wilde creëren voor het Arische ras in het oosten, de Sovjet-Unie. Over een breed front vielen honderd duizenden Duitse soldaten de Sovjet-Unie binnen maar hadden niet op de kou gerekend. De Russische tegenoffensieven werden steeds sterker en moesten de Duitsers zich terugtrekken.
In Noord Afrika dwong in mei 1943 een gecombineerde aanval van Britse en Amerikaanse troepen het Duitse Afrikakorps tot overgave.
In September 1943 zette de Italianen Mussolini zelf af, namen hem gevangen en capituleerden voor de geallieerden, maar de Duitsers bevrijdden hem en bezetten Noord Italië.
Op 6 juni 1944 was de tijd aangebroken om af te rekenen met Hitler: D-day was aangebroken. In een hoog tempo werden Frankrijk en België bevrijd. In september 1944 trachtte veldmaarschalk Montgomery met een gedurfde aanval bij Arnhem over de Rijn door te stoten naar het Duitse Ruhrgebied. De luchtoperatie Market Garden mislukte echter. Eind 1944, begin 1945 bevrijdde sovjettroepen het grootste deel van Oost Europa. Om de vorderingen in de oorlogvoering te bespreken kwamen de geallieerde leiders bijeen in Jalta op de Krim.
In april 1945 werd Duitsland vanuit het oosten en het westen binnengevallen. Berlijn viel en op 9 mei capituleerden de Duitse legers en eindigde de tweede wereldoorlog.
Hitler had zelfmoord gepleegd in zijn bunker in Berlijn.
President betaalde Japan dubbel terug vanwege de aanval op Pearl Harbor. De Amerikanen sprongen van eiland naar eiland en veroverde steunpunten. Hiermee verschafte Amerika zich vliegvelden. Op 6 augustus 1945 werd de eerste atoombom afgeworpen op Hirosjima en drie dagen later eentje op Nagasaki. Hiermee was de oorlog in Azië beëindigd.
Voor het einde van de oorlog waren de geallieerde leiders nog bijeen gekomen op een conferentie van Potsdam, een voorstad van Berlijn, waarin afspraken over Duitsland en Berlijn en de Poolse grenzen in definitieve kringen werden vastgelegd.

De holocaust

Hitler had een Üntermenschen-theorie: het Arische ras werd bedreigd door Joden.
Vanaf april 1933 begonnen de nazi’s een boycot van joodse ondernemingen in Duitsland. Vanaf 1938 moesten al het joodse vermogen en joodse bedrijven geregistreerd worden.
In de nacht van 9 en 10 november brak de Kristalnacht aan. Er werden synagogen verbrand, winkels kapotgeslagen en honderden Joden gedood door de SA. Verder werden 30.000 joden naar kampen gevoerd. Het was de bedoeling de Joden tot emigratie te dwingen, maar dit lukte niet helemaal.
In de loop van 1939 werden er maatregelen genomen: het stempelen van de J in het pasport en het dragen van een Jodenster.
Na de inval van de Sovjet-Unie waren miljoenen joden in handen van de Duitsers gevallen. Deze joden werden overgebracht naar kampen in Polen. Daar zouden ze hun einde vinden. De joden werden gedwongen in getto’s te wonen, afgesloten stadsdelen, bestuurd door joodse raden die de opdrachten van de Duitsers stipt moesten uitvoeren.
In Theresiënstadt in Tsjechië werd een voorbeeldgetto ingericht, bedoeld voor rijke en getalenteerde joden en geschikt voor controle door het Rode Kruis en schikbaar voor propaganda.

Nederland bezet, 1940-1945

Op 10 mei vielen de Duitse legers Nederland binnen en veroverden in 4 dagen grote delen van Nederland. Na het bombardement op 14 mei op Rotterdam en de dreiging van verdere bombardementen, capituleerde de Nederlandse opperbevelhebber, generaal Winkelman. Dat was toen de hoogste gezagsdrager in Nederland. De Duitsers namen het bestuur over in Nederland. Om grote chaos te voorkomen was het grootste deel van het bestuur op zijn post gebleven in opdracht van de regering. Duitsland plaatste een nieuwe een eigen bestuurstop in Nederland die de koningin en haar ministers, die toen naar Londen waren gevlucht, zou vervangen. Daarnaast kwam er ook nog Duitse politie.

De doelen van Duitsland om Nederland te bezetten waren snel duidelijk. Nederlandse mannen konden in het Duitse leger vechten, arbeiders in de oorlogsindustrie, bedrijven konden hun productie afstemmen op de behoefte van de wehrmacht. Tegelijk moesten de Nederlanders overgehaald worden tot de ideeën van de nationaal-socialisten: de nazificatie.
De Duitsers traden soepel en correct op. Het Nederlandse volk werd gezien als een Germaans broedervolk. De nazificatie werd het belangrijkste doel van Duitsland. Een voorbeeld van grootmoedige behandeling was het vrijlaten van Nederlandse militairen.
Stap voor stap werden de media onder Duitse controle gebracht. De vakbonden gingen op in het Nederlandse Arbeidsfront, de artsen moesten zich in de Artsenkamer aansluiten, alle artiesten en kunstenaars bij de Kultuurkamer: nationaal-socialistische organisaties die de bedoeling hadden de leden te controleren en te vormen naar de nazileer: de gelijkschakeling.
De Nederlandse joden kregen al gauw een ander beeld van de Duitse bezetter te zien.
Al vanaf 1 juni 1940 mochten joden geen functies meer krijgen in luchtbeschermingsdiensten.
Daarna volgde het ontslag voor alle joodse ambtenaren, hoogleraren en rechters. Deze werden gevonden omdat alle ambtenaren een verklaring moesten invullen waaruit bleek dat zij geen joodse (voor)ouders hadden: de Ariërverklaring. Joden kregen een J in hun persoonsbewijs en in februari volgde de eerste razzia: 400 joden werden in Amsterdam opgepakt. In de loop van 1941 volgden meer razzia’s. De joden werden gedwongen in Amsterdam te gaan wonen en werden later doorgevoerd naar de doorgangskampen. Vanuit deze kampen werden ze doorgestuurd naar de vernietigingskampen. Bijna 110.000 joden werden zo weggevoerd. Van hen kwamen er slechts 5.200 terug. Door de februaristaking in 1941 werd het de Duitsers duidelijk dat de nazificatie was mislukt en kwam er een eind aan de grootmoedige behandeling.
In de loop van 1943 was de oorlog definitief in het nadeel voor Duitsland. Voor Nederland betekende dat er een zo groot mogelijke bijdrage moest komen aan de oorlogvoering. Hierdoor weren Nederlandse militairen weer gevangen genomen. Hierdoor brak in het oosten van Nederland de april-meistaking van 1943 uit. Ook dit werd weer met harde hand onderdrukt. Hierna gingen de Duitsers over tot de Arbeidseintsetzung, de verplichte tewerkstelling van alle Nederlandse mannen in Duitsland die niet onmisbaar waren in Nederland. Alleen degenen met een ausweis waren uitgezonderd.

In september 1944 werd het zuiden van Nederland bevrijd. Boven de grote rivieren brak de hongerwinter aan. Pas op 5 mei 1945 capituleerde het Duitse leger in Nederland.
Er werd drie soorten vormen van reactie onderscheiden van houding van Nederland tegenover Duitsland:
· Accommodatie: het leven van voor de oorlog voortzetten.
· Collaboratie: meewerken met de bezetter.
· Verzet: actief verzetten tegen de bezetter (b.v. papieren vervalsen)

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.