Alleen vmbo'ers gezocht! Waar denk jij aan bij duurzaamheid? Vul de vragenlijst in en maak kans op een Bol.com bon van 15 euro

Meedoen

Samenvatting Hoofdstuk 1

Beoordeling 7.2
Foto van een scholier
  • Samenvatting door een scholier
  • 2e klas vwo | 1028 woorden
  • 29 juni 2015
  • 6 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.2
  • 6 keer beoordeeld

Taal
Frans
Vak
Methode

Grammaire bron D

Regelmatige vormen van het voltooid deelwoord:




  • Parler -> praten

  • Rencontrer -> ontmoeten

  • Arriver -> aankomen

  • Rester -> blijven



Rood: vervoegen met hebben



Blauw: vervoegen met zijn



Bij de regelmatige vormen van werkwoorden op ~er vervoegd met hebben:




  1. Stam van het werkwoord

  2. Voeg toe: é



Bij de regelmatige vormen van werkwoorden op ~er vervoegd met zijn:




  1. Stam van het werkwoord

  2. Zoek het onderwerp -> vrouwelijk? é+e



 meervoud? é+s



 vrouwelijk meervoud? é+e+s



Voorbeeld:



J’ai passé.                   Ik heb doorgebracht.



Elle a passé.               Zij heeft doorgebracht.



Vous avez passé.       Jullie hebben doorgebracht.



Elles passé.                 Zij hebben doorgebracht. (vrouwelijk)



Voorbeeld:



Je suis allée.               Ik ben gegaan.



Il est allé.                      Hij is gegaan.



Nous sommes allées. Zij zijn gegaan. (allemaal vrouwen)



Ils sont allés.               Zij zijn gegaan. (allemaal mannen)



Onregelmatige vormen van het voltooid deelwoord:




  • Faire -> maken/doen  J’ai fait -> Ik heb gedaan

  • Avoir -> hebben          J’ai eu -> Ik heb gehad

  • Être -> zijn                   J’ai été -> Ik ben geweest

  • Prendre -> nemen      J’ai pris ->  Ik heb genomen



Deze werkwoorden vervoeg je allemaal met avoir.



De Fransen doen net als de Engelsen I have been.



Grammaire bron J

De voorzetsels bij landen en steden



Voor een stad of een dorp vertaal je in en naar met à.



Voorbeelden:



Il va à Paris.                          Hij gaat naar Parijs.



J’habite à Middelburg.                   Hij woont in Middelburg.



Voor een land of een werelddeel vertaal je in en naar met:




  • au -> mannelijk enkelvoud

  • en -> vrouwelijk enkelvoud

  • aux -> meervoud



Voorbeelden:



Mannelijk            Agadir est au Maroc.           Agadir ligt in Marokko.



Enkelvoud         



Je vais au Canada.             Ik ga naar Canada.



Vrouwelijk           On va en France.                 We gaan naar Frankrijk.



Enkelvoud                  



C’est en Europe.                           Het ligt in Europa.



Meervoud           J’habite aux Pays-Bas.       Ik woon in Nederland.



Nous allons aux Étas-Unis. Wijn gaan naar de    Verenigde Staten.



Les verbes bron G

Venir -> Komen



Présent                                                    Passé composé



Je viens             Ik kom                           Je suis venu(e)



Tu vient              Jij komt                         Tu es venu(e)



Il vient                 Hij komt                        Il est venu



Elle vient            Zij komt                        Elle est venue



On vient             U komt/we komen       On est venu(e)(s)



Nous venons    Wij komen                    Nous sommes venu(e)s



Vous venez       Zij komen                     Vous êtes venu(e)s



Ils viennent        Zij komen (mannelijk) Ils sont venus



Elles viennent   Zij komen (vrouwelijk) Elles sont venues


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.