Hoofdstuk 3 boek: Aarde
Middellandse Zeegebied ligt in een subtropische landschapszone.
Subtropische landschapzone: Landschapszone in de subtropen met een mediterraan klimaat. En een altijd groene mediterrane vegetatie. Neerslag vooral in winter. Zomer droog en vocht te kort. Hoge neerslag intensiteit.
Kenmerken mediterraan klimaat:
• Hoge temperaturen en droogte in de zomer
• Gematigde temperaturen en neerslag in de winter
• Neerslag heeft een hoge intensiteit
• Naar het zuiden nemen de temperatuur en de verdamping toe
• Richting aride en semi-aride landschapzonde neemt neerslag af en onregelmatiger
Hoe droger het klimaat wordt >> hoe meer de variabiliteit en de intensiteit van de neerslag toenemen.
Waterbalans:
• Bepaalt de mogelijkheden die een samenleving heeft ten aanzien van watergebruik.
• Verhouding tussen de toevoer en afvoer van zoetwater.
Drie onderdelen waterbalans:
1. Toevoer van water
- Vernieuwbaar water
- Niet vernieuwbaar water
2. De opslag van water
- Oppervlakte water
- Boven grond: bodemwater en ondiep grondwater
- Ondergrond: diep grondwater uit diepe gesteentelagen
3. Afvoer van water
- Verdamping
- Uitstroom van rivierwater
- Watergebruik
Middellandse Zeegebied in de zomer watertekort >> meer verdamping dan neerslag
Planten alleen groeien op basis van de voorraad vocht die in de winter is opgeslagen door de bodem.
Landbouw zonder irrigatie bijna niet mogelijk.
Maatregel om water vast te houden uit de winter voor de zomer >> stuwmeren
Problemen stuwmeren:
• Hoge verdamping in de zomer zorgt ervoor dat het water zouter wordt. Want er is namelijk minder water waarin het zout kan worden opgelost.
• In de winter lopen de meren vol met water maar ook met slib, dit zorgt ervoor dat de stuwmeren kleiner worden en minderopslagcapaciteit hebben. Boven slippen ze ook dicht.
• Plaatsen waar stuwmeren geplaatst kunnen worden zijn beperkt en de vraag blijft toenemen.
In het middellandse zeegebied is de groeiperiode van planten lang.
Drie factoren bepalen het groeiseizoen:
1. De temperatuur
2. Aantal uren zonlicht per dag
3. Vochttoestand van de bodem
Beschikbaarheid water in zomer een probleem : veel zonlicht
Planten hebben een groot wortelstelsel : vocht uit een groot gebied ontrekken.
Planten hebben leerachtige bladeren: transpiratie remmen.
Planten in het mediterrane gebied: veel olie en hars.
Bosbranden, hoge vlammen, moeizaam blussen> schade natuurlijke vegetatie klein, planten aangepast.
Verlatenheid van een gebied bevorderd bosbranden.
Kenmerkend mediterrane landbouw:
Gebruik van planten die goed tegen de droogte kunnen en veel zon nodig hebben.
Droogte zichtbaar door afstand tussen bomen, hoe droger een gebied hoe minder bomen op een hectare geplant.
Duurzame landbouw: verbouwing van olijven of amandelen met ondergroei .
Irrigatielandbouw: voldoende beschikbaarheid van water noodzakelijk.
Oases = plekken in woestijnachtige waar water beschikbaar is.
Gevaar geïrrigeerde landbouw: verzilting
Oplossing verzilting: draineren en grond doorspoelen.
Kwaliteit van de bodem en mogelijkheden voor de landbouw bedreigd door landdegradatie door bodemerosie of massabewegingen.
Natuurlijke factoren die bodem erosie bevorderen:
• Veel stortregens
• Veel erosiegevoelige hellingen
• Veel harde stenige bodems
• Weinig beschermende plantengroei in droge periodes
Menselijke factoren die bodem erosie bevorderen:
• Vergroting grondpercelen, hindernissen die water konden afremmen weggehaald.
• Meer monoculturen, vroeger bodem beter bedekt door afwisselende gewassen nu niet meer, nu water ongehinderd
• Weghalen van terrassen, is makkelijkere voor de machines
• Minder ondergroei bij boomgaarden.
• Overbegrazing
• Braakleggen van de grond
Natuurlijke factoren die verdroging bevorderen:
• Minder dan 300 – 400 mm neerslag
• Hoge verdamping capaciteit
Menselijke factoren die verdroging bevorderen:
• Meer irrigatie in de land- en tuinbouw
• Meer watergebruik voor toerisme en de bevolking
Meer watergebruik - daling van het grondwater - minder plantengroei - meer watererosie en winderosie - degradatie van de bodem - woestijnachtig landschap.

Middellandse Zeegebied ligt in de botsing zone van de continent korsten Afrika en Europa.
Gevolg hiervan is een plooiingsgebergte, komt door doordat de afzetting van zand, klei en kalk samengedrukt werden.  alpiene plooiingsgebergte
alpiene plooiingsgebergte:
• Alpen
• Pyreneeën
• Apennijnen
• De gebergte in de Balkan
Dit zijn relatieve jonge gebergte, scherpe toppen en steile hellingen.
Hoe dieper de haard van een aardbeving, hoe zwaarder de aardbeving is.
Subductiezone geeft de plaats aan waar de zware oceanische korst onder de lichte continentale korst duikt.
Afstand van vulkaan tot de subductie zone bepaald de diepteligging van de magmahaard.
Hoe dieper de magma haard, hoe dikker het bedekkende gesteente is dat tegendruk geeft, de druk van de magmahaard neemt toe door sediment en water naar beneden af te voeren explosieve uitbarsting
• Stratovulkaan
• Calderavulkaan
Vulkanismebij toenemende afstand tot de subductiezone >> explosiever
Magma hard vloeibaar gesteente ( bron van lava)
Puimsteen:
hete lava zo snel afkoelt dat de gasbelletjes die er in zitten niet kunnen ontsnappen,is erg licht en drijft op water.
Elementen die de kwetsbaarheid bepalen:
• Bouwwijze en gebruikte bouwmaterialen
- Flexibele of vast hout/beton
- Verschillen in hoogte van naast elkaar staande gebouwen.
• Ouderdom van bouw werken
- Rekening mee gehouden
• Samenstelling van de ondergrond
- Liquefactie : ondergrond gaat bij een aardbeving zich als een vloeistof gedragen door de vibraties.
• Aanwezigheid van veel hellingen
- Aardbeving als neveneffect : Aardverschuivingen
• Dichtheid van de bebouwing

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Willemijn

Willemijn

paragraaf 7.2 ontbreekt

6 jaar geleden

Antwoorden

sjorsvdbScotoewilmeDNA

sjorsvdbScotoewilmeDNA

goed gezien meid! Scherp van je!!

1 jaar geleden

gast

gast