ADVERTENTIE
Zie jij op tegen het lezen van al die boeken voor je leeslijst?

Probeer dan eens een luisterboek! Wij geven je acht tips van boeken die op je leeslijst staan en die je kunt terugvinden op Storytel. Check het blog en probeer Storytel nu 30 dagen gratis! 


Check het blog!

Hoofdstuk 1:

Waarom is familie Frank naar Nederland gevlucht?

De familie bestaat uit 4 leden:
 Otto Heinrich Frank, geboren op 12 mei 1889 te Duitsland.
 Edith Frank-Holländer, geboren op 16 januari 1900 te Duitsland.
 Margot Betti Frank, geboren op 16 februari 1926 te Duitsland.
 Annelies Marie (Anne) Frank, geboren op 12 juni 1929 te Duitsland.
Otto diende als officier in het Duitse leger tijdens de Eerste Wereldoorlog. Hij trouwde op 36-jarige leeftijd met de 25-jarige Edith Holländer. Zij kregen 2 dochters; Margot en Anne. Het was een gewoon gezin met Liberaaljoodse achtergrond. Dat houdt in dat ze wel verbonden zijn met de joodse godsdienst, maar dat ze niet streng gelovig zijn. Anne en Margot speelden vaak samen met kinderen die verschillende achtergronden hadden, zo leerden ze verschillende godsdiensten kennen en respecteren. De zusjes waren erg verschillend. Anne was een levendig en populair kind. Ze was altijd vrolijk en kwam voor haar eigen mening uit. Op school had ze het wel zwaar, want ze had een zwak hart en reumatische klanten. Daarom moest ze ’s middags rusten en mocht ze geen zware sporten ondernemen.
Margot was de slimste van de twee, iedereen vond haar aardig en slim. Margot was wel een stuk rustiger en terughoudender dan Anne, ook luisterde ze beter naar haar ouders en deed wat gevraagd werd. Ook Margot was niet sterk, want ze had vaak last van maagpijn.






Hitler aan de macht
Na de Eerste Wereldoorlog, die Duitsland begonnen was en verloren had, kwam de vrede en economie in Europa weer een beetje op gang. Dat kwam door de vredesonderhandelingen die getekend waren tussen Duitsland en andere Europese landen. In 1929 vond er een beurscrisis plaats, wat er voor zorgde dat overal in Europa de economie weer één grote puinhoop werd.
Hitler zat tijdens de Eerste Wereldoorlog in een leger, maar kwam daarna in een gevangenis terecht. Daar had hij alle tijd om een boek te schrijven; Mein Kampf (1923). Daar stonden echter vreselijke dingen in. Zijn doel was om Duitsland weer op te bouwen door te breken met de vredesonderhandelingen en een politiek neer te zetten die bestond uit chantage en oorlogsdreiging. Zijn doel werd omgezet in werkelijkheid.
Tijdens de beurscrisis kregen de nazi's, onder leiding van Hitler, de kans om de politiek over te nemen. Vanaf 1933 was Hitler dan ook aan de macht en zoals bekend werden de Joden de slachtoffers. Volgens Hitler waren de joden gevaarlijk, dus kregen zij de schuld van alle ellende in Duitsland.
Al snel waren alle andere Duitsers het met Hitler eens, het is natuurlijk de makkelijkste manier om alle schuld op één groep af te schuiven. De verafschuwing van verschillende groepen werd steeds erger. Vanaf 1940 ging het uitroeien van bepaalde rassen een steeds grotere rol spelen. Veel mensen zagen niet in wat de werkelijke plannen van Hitler waren, omdat ze alleen wilde inzien dat het beter zou gaan met de economie in Duitsland. Daarom werd het verafschuwen van joden normaal gevonden.
Na 2 jaar liet Hitler mensen een Ariër verklaring afleggen, een bewijs of ze wel of niet joods waren. Joden werden ontslagen en nog later werden ze naar werkkampen of concentratiekampen afgevoerd. Vele joden probeerden te vluchten naar een land waar ze wel veilig zouden zijn. De familie frank was echter al in juli 1933 verhuisd, omdat de politiek toen al een puinhoop was en ze zagen aankomen dat er voor hen weinig plek meer zou zijn als Hitler aan de macht zou komen.










Veranderingen - maatregelen - gevolgen

Zoals bekend, was de Jodenvernedering in volle gang toen Hitler aan de macht was gekomen. Toch had nog steeds niemand in de gaten dat het doel was om Duitsland jodenvrij te maken. De gemeente wees emigratie af, omdat ze de ernst er niet van inzagen en ze vonden dat de joden moesten vechten voor hun vaderland.
Otto Frank wil toch verhuizen en krijgt een aanbieding van de broer van Edith om een zaak in Amsterdam op te richten (Opekta). Een paar maanden later komt ook de rest van het gezin over.
Op 15 september 1935 werden in Duitsland 2 wetten aangenomen, waardoor meer dan 50.000 joden uit het land vertrokken. Ze mochten zichzelf geen Duitser noemen, geen Duitse vlag ophijsen, niet uitgaan en niet trouwen met Ariërs.
Op 12 maart 1938 vielen Duitse troepen Oostenrijk binnen en werd een deel van Nazi-Duitsland. Later dat jaar vermoorde een jood een hoge nazi. De Nazi’s gebruikten dat als excuus om in heel Duitsland joden aan te vallen. Op 9 en 10 november 1938 werden allerlei joods winkels vernield en in brand gestoken, dat wordt de ‘Kristalnacht’ genoemd. De dagen erna werden ongeveer 30.000 joodse mannen naar concentratiekampen gestuurd.
Op 10 mei 1940 vallen Duitse troepen Nederland binnen. Nadat Rotterdam gebombardeerd is en er vele doden zijn gevallen, geeft Nederland zich over.
Eind 1940 moet iedereen zich laten registreren, zodat de Duitsers weten wie er joods zijn. Als je loog, volgde er een heel zware straf.
Doordat de joodse bedrijven werden gesloten, veranderde Otto Frank met behulp van Jan Gies, zijn bedrijfsnaam in Gies & Co.

In 1941 krijgt elke Nederlander een persoonsbewijs, de joden krijgen er een ‘J’ bij vermeld.
Daarna ontstaan er niet-joodse scholen, mogen de joden niet meer met het openbaar vervoer reizen en veel openbare gelegenheden zijn verboden. In 1941 volgde er ook een naziwet, waarbij alle joden uit Duitsland hun nationaliteit ontnomen werd. Familie Frank werd op dat moment staatloos.

Voorbereidingen voor het onderduiken
Voor Annes 13de verjaardag, in april 1942, had Otto Frank al in gedachten om onder te duiken, dat leek hem slimmer gezien de omstandigheden in Nederland. Het achterhuis aan de Prinsengracht zou een goede plek zijn als de betrokkenen bereid waren om het geheim te houden en voor hen te zorgen.
Het achterhuis werd schoongemaakt, er werd beddengoed, keukengerij en eten boven gebracht en de ramen werden afgeplakt. In de loop van juli zouden ze in het Achterhuis intrekken.
Op 5 juli kreeg Margot Frank een oproep van de SS. Ze kreeg een lijst waarop stond wat ze allemaal mee moest nemen de volgende dag, omdat ze zich moest melden. Er werd dus besloten om het onderduiken te vervroegen. In hun oude huis lieten ze alles rommelig achter, zodat het leek alsof ze plotseling weg moesten, ook hadden ze een briefje achter gelaten waar opstond dat ze naar Zwitserland waren vertrokken.

Conclusie deelvraag 1
Op 12 juni 1929 werd Anne Frank geboren in Frankfurt am Main. Het gezin was liberaal-joods, wat inhield dat ze niet streng gelovig waren. In die tijd werd Hitler steeds machtiger en zijn doel werd steeds duidelijker; namelijk de joden uit de weg ruimen! De joden kregen allerlei beperkingen opgelegd en Hitlers macht breidde steeds verder uit. De toekomst zag er niet rozenkleurig uit voor familie Frank. De familie besloot daarom in 1933 naar Nederland te verhuizen, maar in 1938 kreeg Hitler ook hier invloed. Op 10 mei 1940 moest Nederland zich overgeven aan de Duitsers. Er ontstonden steeds meer beperkingen voor de joden en dus besloot de familie onder te duiken in Het Achterhuis.

Hoofdstuk 2:

Hoe heeft de familie Frank de oorlog ervaren?

Het achterhuis

Ze zouden 16 juli onderduiken in het Achterhuis, maar dit werd 10 dagen vervroegd.
het pand aan de Prinsengracht had 3 verdiepingen en een zolder. De begane grond werd gebruikt als magazijn, de eerste verdieping als kantoor en de tweede verdieping als opslagplaats voor grote mengvaten en zakken ingrediënten voor jam en specerijen.
Het pand had ook een achterhuis waarvan de ingang verstopt zat achter een boekenkast. De tweede en derde verdieping stonden leeg. Op de eerste verdieping kwam een privé-kantoor voor Otto en een keuken voor het personeel. Later zouden de familie Frank, familie van Pels en meneer Pfeffer op de tweede en derde verdieping onderduiken.
Recht tegenover de ingangsdeur bevond zich een steile trap. Op de tweede etage bevond zich de huis- en slaapkamer van de familie Frank. Daarnaast was een kleinere slaap- en werkkamer voor Anne en Margot. Rechts van de trap was een kamer zonder raam met wastafel en een afgesloten wc-hokje. Op de derde etage was een ruimte die diende als gemeenschappelijke huiskamer en als slaapkamer van de familie van Pels. Op zolder bevond zich een kamertje van Peter van Pels, waar ook de voorraden worden bewaard.
Daarna komt er nog een kennis van de families bij en zijn ze totaal met 8 onderduikers:
Familie Frank: 1. Otto Familie van Pels: 5. Hermann
2. Edith 6. Auguste
3. Margot 7. Peter
4. Anne 8. Fritz Pfeffer
Vanaf dat moment slaapt Margot bij haar ouders op de kamer en delen Anne en Fritz het kamertje ernaast.
Het was wel noodzakelijk om een aantal regels in het huis vast te stellen. Tijdens kantoortijd moesten de onderduikers naar elkaar fluisteren, de gordijnen dicht houden en de wc en kraan niet gebruiken als er andere mensen in het gebouw aanwezig waren.
De grootste zorg was hoe ze aan eten moesten komen. Elke ochtend brachten Bep en Miep hun rantsoenen, Kleiman zorgde voor het brood, een vriend van meneer van pels leverde vlees, Miep zorgde voor de groente en Bep voor melk.

De arrestatie
Op een warme zomerdag, 4 augustus 1944, was het zover. Ze werden opgepakt. Het was een normale, saaie dag zoals het de afgelopen 3 jaar was geweest. De onderduikers zaten in het achterhuis te lezen of te studeren en in de kantoren waren de werknemers met hun gewone werk bezig. Halverwege de ochtend stopte er een auto voor de Prinsengracht 263. Er kwamen Nederlandse nazi's en een sergeant, genaamd Silberbauer, binnen gelopen.
Ze moesten weten wie de leiding had en daarop liet Kugler de rest van het gebouw zien.
De nazi's ontdekten echter de haak waarmee de boekenkast vastzat aan de muur en de doorgang naar het Achterhuis werd zichtbaar. Voor de onderduikers was het natuurlijk gelijk duidelijk dat ze ontdekt waren en dat was een hele grote schok voor ze. Silberbauer beval de bewoners dat ze vijf minuten de tijd hadden om hun spullen te pakken voor vertrek.
Ze hadden alle bagage al klaar staan voor een noodgeval, bijvoorbeeld als er een bom zou vallen op het achterhuis en ze snel zouden moeten vluchten.
Omdat Otto zei dat hij in de Eerste Wereldoorlog luitenant was geweest in het Duitse leger, veranderde de houding van Silberbauer en kregen ze meer tijd. In het privékantoor werden Kugler en Kleimand ondervraagd, maar ze zeiden dat ze niet te zeggen hadden. Daarop arresteerde Silberbauer ook Kugler en Kleiman. De rest van de medewerkers werd met rust gelaten.
Ze werden allemaal met een vrachtauto naar het hoofdkwartier in Amsterdam-Zuid gebracht en daar werden ze opgesloten. Kugler en Kleiman werden overgeplaatst naar andere cellen. Silberbauer vroeg aan Otto of hij wist waar andere joden ondergedoken zaten, maar nadat hij vertelde dat ze twee jaar lang ondergedoken hadden gezeten, geloofde Silberbauer hem en let hen verder met rust. De dag erna werden de families overgeplaatst naar een echte gevangenis in het centrum van Amsterdam. Op 8 augustus, 4 dagen na de arrestatie, werden ze op de trein gezet die hen naar Westerbork leidde.

Westerbork:
Westerbork ligt in het plaatsje Hooghalen, midden in de provincie Drenthe. Dit is een kamp dat opgezet is door de Nederlanders om aan het begin van de oorlog de vluchtelingen op te vangen. Later, op 1 juli 1942, werd dit kamp overgenomen door het Duits bestuur. Ze gebruikten het als doorgangskamp om de gevangen naar concentratiekampen te vervoeren.
Toen de families hier aankwamen, werden ze geregistreerd. Ze kregen blauwe overalls aan en werden 'criminele joden' genoemd, omdat ze hadden ondergedoken. De vrouwen werden kortgeknipt en de mannen werden kaal geschoren. Vanaf 5 uur 's ochtends moest iedereen werken, dat bestond uit het uit elkaar halen van batterijen. Ze kregen 1 appel, 1 stuk oud brood en wat waterige soep te eten op een dag.
De familie Frank raakt met verschillende mensen bevriend, zoals de zusjes Janny en Lientje Brilleslijper, Rosa en Manuel de Winter en dochter Judy, die even oud was als Anne. Ze probeerden allemaal optimistisch te blijven en Anne bleef ondanks alles toch een beetje vrolijk.
Op 2 september 1944 werden er lijsten met namen opgenoemd, waaronder de namen van de familie Frank, Pels en Pfeffer. Het gevolg daarvan was dat je de volgende dag met de laatste trein mee moest, die je naar de concentratiekampen zou rijden. Om 7 uur 's ochtends werden ze in overvolle, slechte wagons gestopt. De trein reed 3 dagen lang en stopte in Auschwitz, het meest gevreesde kamp van allemaal.
Het Westerbork is sinds 1983 een herinneringscentrum. Er is een museum waar diverse voorwerpen worden tentoongesteld en er zijn verschillende films te zien. Het voormalig kampterrein is nu een groen vlakte, in ongeveer een uur loop je van het museum naar het terrein toe. Gebouwen, barakken en spoorrails zijn gemarkeerd door heuveltjes en stenen. In het midden van het terrein is een monument geplaatst ter nagedachtenis aan de vele duizenden joden die zijn gedeporteerd naar de kampen. Twee jaar terug heb ik dit allemaal gezien en dat was erg indrukwekkend! Het was zelfs één van de redenen waarom ik dit onderwerp heb gekozen.

Auschwitz
Het kamp Auschwitz ligt in het plaatsje Auschwitz, in Zuid-Polen. In 1941 werd in Auschwitz geëxperimenteerd met technieken voor massamoord. Een gas tegen ongedierte bleek het goedkoopst en meest efficiënt. Als mensen onder de douche stonden, kwam er in werkelijkheid gas uit de douches en stierven de mensen. In 1942 begon de aanleg van het terrein met barakken, gaskamers en crematoria.
Het werd dus duidelijk een vernietigings- en concentratiekamp. In totaal zijn er meer dan 1,5 miljoen mensen gedeporteerd naar Auschwitz. Ongeveer 1,1 miljoen hiervan werd direct na aankomst vergast of doodgeschoten.
Minstens 200.000 mensen kwamen om door ziektes, honger of omdat ze alsnog naar de gaskamers werden gestuurd. Auschwitz staat symbool voor de Holocaust, waarbij tussen de 5 en 6 miljoen joden werden vermoord, omdat dit het grootste vernietigingskamp was. Er zijn echter veel meer mensen vermoord, omdat niet alleen de joden niet welkom waren, maar ook slaven, homoseksuelen, zigeuners, verzetsstrijders, andersdenkenden etc. niet.
Toen de trein vanuit Westerbork aankwam, werden de mannen en vrouwen gesplitst. Een man gaf met zijn hand aan in welke rij je moest gaan staan, dat betekende niets minder dan leven of dood. De ene rij werd gelijk naar de gaskamers gebracht en de andere rij werden ondergebracht in barakken. Anne, Margot, Edith en hun vriendinnen Rosa en Judy de Winter kwamen in blok 29 terecht. Deze barakken waren vies en ijskoud. ' s Ochtends werd en een appél gehouden, de vrouwen moesten in rijen gaat staan om geteld te worden. Daarna moesten ze naar hun werk lopen, wat dit keer bestond uit het afgraven van gras. Ze kregen ongeveer hetzelfde eten op een dag als in Westerbork.
Op 27 oktober werd er een selectie gehouden. De jongste en sterkste uit Anne's blok mochten het kamp verlaten en in een munitiefabriek gaan werken. Anne werd niet uitgekozen, omdat ze schurft had, daarom bleven Edith en Margot ook op het kamp. Toen Anne naar de schurftbarak moest, ging Margot vrijwillig mee.
Op 30 oktober vond er nog een selectie plaats door Josef Mengele. Dit keer werd er besloten wie er naar het concentratiekamp Bergen-Belsen in Duitsland mocht. Wie niet werd toegelaten, moest naar de gaskamers. Edith en Rosa werden niet toegelaten, Anne en Margot wel.

Bergen-Belsen

Bergen-Belsen ligt in de deelstaat Neder-Saksen, in Duitsland. Het was oorspronkelijk een krijgsgevangenkamp voor Franse, Belgische en Russische soldaten. In maart 1944 besloten de Duitse autoriteiten zieke gevangenen uit andere kampen over te brengen naar de barakken van Bergen-Belsen. Ze hadden daar geen gaskamers, aangezien de massamoorden in de meer oostelijk gelegen kampen plaatsvonden. Toch stierven er veel mensen aan ziekte en/of uitputting. Bergen-Belsen werd het grootste concentratiekamp van Duitsland, waarbij uiteindelijk 70.000 mensen zijn vermoord.
De geselecteerde vrouwen, die van Auschwitz overgeplaatst werden naar Bergen-Belsen, kregen oude kleren, een deken, een kwart brood, stukje worst en een klontje margarine mee in de trein. Hieronder vielen ook Anne en Margot. De wagons waren weer overvol, onhygiënisch en erg koud. De reis duurde vier dagen. Aangekomen in Celle, moesten ze nog een half uur lopen om aan te komen in Bergen-Belsen. Het kamp zat al vol en daarom werden er tenten opgezet. Iedereen was natuurlijk uitgeput, vanwege de 4-daagse reis zonder genoeg te eten en drinken.
Op het kamp kwamen ze Janny en Lientje Brilleslijper tegen, die ze al kenden van het kamp Westerbork. In het 'tentenkamp' was het erg warm, er was geen licht, geen wc's en ze sliepen op een dunne laag stro. Later werden ze naar echte barakken gestuurd, waar 1 wc
was voor duizenden mensen. Anne vertelde 's avonds in bed verhaaltjes voor Lientje, Janny en Margot om de moed erin te houden.
Er waren erg veel ziektes op het kamp, waardoor het werk buiten te zwaar werd. Het werk dat ze binnen kregen was echter ook te zwaar en moeilijk. Eind november 1944 kwam mevrouw van Pels vanuit Auschwitz in Bergen-Belsen aan, die ze sinds het vertrek uit Westerbork niet meer hadden gezien. Op 2 december 1944 werd Josef Kramer commandant van het kamp, waardoor de situatie nog meer verslechterde en ze nog minder te eten kregen.
Bergen-Belsen
Margot kreeg dysenterie, een erge vorm van diarree, waardoor ze verder uitgeput raakte en niet meer op haar benen kon staan. Anne en Margot werden naar de ziekenbarak gestuurd. Hier werden de meisjes nog zieker, omdat iedereen elkaar besmet. Na een tijdje werden ze toch terug gestuurd naar de gewone barakken, ondanks dat ze nog erg ziek waren. Anne probeert zo goed mogelijk voor Margot te zorgen, maar eigenlijk was ze daar zelf al niet meer toe in staat. Margot was zo zwak geworden, dat ze stierf toen ze uit haar bed viel. Dit drama kon Anne niet verdragen en enkele dagen later stierf Anne, helemaal alleen. Dit alles gebeurde begin maart 1945, drie weken voordat het kamp door het Britse leger werd bevrijd!

De anderen
Hermann van Pels werd meteen na zijn aankomst in Auschwitz vergast, samen met 549 mensen die op 3 september van Westerbork naar Auschwitz waren gekomen.
De andere mannen, Peter van Pels, Otto Frank en Fritz Pfeffer bleven tot 29 oktober bij elkaar. Daarna werd Fritz Pfeffer overgeplaatst naar een kamp wat Sachsenhausen heette. Weer later werd hij overgeplaatst naar Neunengamme in Duitsland. Hier stierf hij op 20 december 1944.

Otto Frank was al lange tijd ziek door uitputting en mishandeling. Peter van Pels bezocht hem in de ziekenbarak, maar durfde daar op aanraden van Otto niet te blijven. Daarop werd
Peter met duizenden afgevoerd naar het concentratiekamp Mathausen, waar hij stierf op 5 mei 1945, drie dagen voordat het kamp werd bevrijd!
Edith Frank was dus aan de gaskamers ontsnapt, maar sinds de selectie in Auschwitz was ze gescheiden van haar dochters en gaf ze de wil om te leven op. Ze stierf op 6 januari 1945 in Auschwitz.
Auguste van Pels overleed waarschijnlijk in een vliegtuigfabriek of tijdens het werk. Ze is in ieder geval voor 8 mei 1945 in Duitsland of Tsjechië overleden.
Otto Frank was de enige die het kamp overleefde. Zijn redding was de ziekenbarak, waar hij zo lang had gelegen en waar hij veilig was, omdat een joods-Nederlandse arts met een Duitse arts had gepraat. Op 27 januari 1945 werd zijn kamp, Auschwitz, door de russen bevrijd. Zij gaven Otto kleren en wat eten, waardoor hij weer wat opknapte. Hij overleed in 1980 op 91-jarige leeftijd.

Conclusie deelvraag 2

De personen Kugler, Kleimann, Bep en Miep Gies probeerden de situatie van de onderduikers in Het Achterhuis te vergemakkelijken. Zij deden de boodschappen en dergelijke. Om niet ontdekt te worden, moesten er allerlei regels opgesteld worden, die het verblijf niet leuker maakte. Toen Anne dertien jaar werd, kreeg ze van een vriendinnetje een rood-wit-geruit dagboek. Hierin kon ze al haar verhalen en problemen kwijt, wat voor haar een hele uitlaatklep was, omdat niemand anders in het huis haar begreep. Ze had vaak ruzie met haar moeder Edith en zus Margot. Met haar vader kon ze echter wel goed opschieten. Na een lange tijd leert ze Peter beter kennen en sinds die tijd worden haar dagen leuker, omdat ze verliefd word op die jongen. Na twee jaar onderduiken, worden ze uiteindelijk toch ontdekt en naar Westerbork gestuurd. Later volgde Auschwitz en voor sommigen onder hen ook nog Bergen-Belsen. Otto Frank is de enige geweest die de concentratiekampen heeft overleefd. De rest is gestorven aan ziektes, verdriet en mishandeling.

Hoofdstuk 3:

Inhoud van het Dagboek van Anne Frank

Het ontstaan van het Dagboek
Anne Frank werd op 12 juni 1942 dertien jaar oud. Voor die datum hadden Otto Frank en Hermann van Pels het er al over gehad om te gaan onderduiken, omdat ze dat slimmer leek gezien de omstandigheden in Nederland. Toch organiseerden de familie een verjaardagsfeestje voor Anne Frank, waarbij ze haar vriendjes en vriendinnetjes uitnodigden. Één van haar cadeaus was een rood met wit geruit schrift. Het was de bedoeling om dit als dagboek te gebruiken. Daardoor vond ze dit het mooiste cadeau wat ze gekregen had.
Anne dertien jaar oud
Later die dag begon ze er al in te schrijven. Haar eerste zin was: "Ik zal, hoop ik, aan jou alles kunnen toevertrouwen, zoals ik het nog aan niemand gekund heb en ik hoop dat je een grote steun voor me zult zijn"… Niet wetend dat ze haar dagboek later nog zo hard nodig zou hebben. Ze noemde haar dagboek Kitty en het werd haar 'allerbeste vriendin'.
Anne schrijft er met tussenpozen in, maar wanneer ze ondergedoken zit, schrijft ze bijna dagelijks. Toen Anne vijf dagen in het Achterhuis zat, schreef ze: "Ik geloof, dat ik me nooit thuis zal voelen en daarmee wil ik helemaal niet zeggen dat ik het hier naar vind, ik voel me veeleer als in een heel eigenaardig pension, Het dierbaarste cadeau
waar ik met vakantie ben!"

Anne Frank tijdens het onderduiken
Ze had geen keuze of ze thuis kon blijven wonen of moest onderduiken in het Achterhuis. Dus ze moest op 6 juli snel wat noodzakelijke spulletjes inpakken en meenemen naar hun nieuwe (tijdelijke) huis. Anne vond haar kamertje niet leuk. Daarom plakte ze hem helemaal vol met plaatjes van vooral filmsterren. Ook was ze blij wanneer familie van Pels kwam, dan kwam er iets meer leven in het huis. Dat sprak Anne natuurlijk wel aan, want zij was een hele vrolijke en drukke meid. Voorheen kende ze amper angst, maar in haar situatie had ze toch wel wat angst, vooral omdat ze voorlopig niet naar buiten zou mogen en haar toekomst onzeker was. Ze vond het daarom ook leuk om dingen van buitenaf te horen.
Op 14 augustus 1942 schreef ze dat de familie van Pels op 13 juli ook in het Achterhuis was komen wonen. Al snel vormden ze een soort grote familie. Otto Frank zorgde ervoor dat de kinderen in het huis vanaf september les kregen. Zo zouden ze niet teveel achterstand oplopen.
Anne had nogal eens conflicten met haar moeder. Ook met haar zus Margot kon ze het niet heel goed vinden. Het probleem was dat ze Anne niet begrepen en haar bleven zien als 'het kleine meisje'. Anne was iemand die heel veel en graag praatte, ze vond alles interessant en kwam altijd voor haar eigen mening uit. Mevrouw van Pels vond haar echter maar een verwend meisje.
Op 9 oktober 1942 schreef Anne een stukje over de Jodenvervolging: "Onze vele joodse kennissen worden bij groepjes weggehaald. De Gestapo gaat met deze mensen allerminst zachtzinnig om, ze worden gewoon in veewagens naar Westerbork gebracht, het moet daar vreselijk zijn, de mannen worden kaalgeschoren of gebrandmerkt, ontsnappen is onmogelijk!" Anne wist dus goed hoe het in de rest van het land eraan toe ging en wat er zou gebeuren als ze ontdekt werden.
Op 17 november 1942 kwam pas de 8ste bewoner erbij, Fritz Pfeffer, hij was een tandarts. Hij moest met Anne de kamer delen. Dat vond ze niet erg, omdat ze zo iemand kon helpen. Anne voelde zich schuldig toen mnr. Pfeffer vertelde over de buitenwereld. Ze zei: "Slecht voel ik me, dat ik in een warm bed lig, terwijl mijn liefste vriendinnen ergens buiten neergegooid of neergevallen zijn. Ik word zelf bang als ik aan allen denk met wie ik me altijd zo innig verbonden voelde en die nu overgeleverd zijn aan de handen van de wreedste beulend die er bestaan. En dat alles omdat ze joden zijn!"
Drie maanden na de aankomst in het Achterhuis voelde Anne zich steeds ellendiger. Vroeger zaten haar gedachten vol met humor en bezigheden met haar vriendinnen. In het Achterhuis voelde ze zich eenzaam, ze kon nooit haar emoties laten gaan, want misschien hoorde iemand hen anders wel. Dit was ook de periode waarin ze dagelijks in haar dagboek ging schrijven.
Op 5 december 1942 was haar rood-wit geruite dagboek vol. Ze vraagt aan Bep of ze zo snel mogelijk een nieuw dagboek wil kopen als die er nog zijn, anders moet ze verder schrijven in schriften.
In de loop van 1943 was er steeds meer schaarste, de laatste meevaller was met kerst 1942, ze kregen toen een extra blok boter. Ze aten droog brood en al 2 weken spinazie of sla. Alles was van de slechtste kwaliteit en de aardappels waren ook nog eens rot. Op een dag aten ze boerenkool, Anne omschreef het eten als een mengsel van WC, bedorven pruimen, conserveermiddel en ook nog 10 bedorven eieren. Moet je nagaan dat in de loop der maanden het voedsel nog slechter werd!
Op 13 juni 1943 vierde Anne haar verjaardag in het Achterhuis. Ze was erg blij met de dingen die ze gekregen had, vooral het gedicht van haar vader, dat ze ook opschreef in haar dagboek. Ze vond dat ze te veel verwend was door haar medebewoners, maar genoot er met volle teugen van. Toch bleef ze het saai vinden in het Achterhuis. Ze ergerde zich vaak aan iedereen, behalve aan haar vader, want daar kon ze wel goed mee opschieten. Ze ergerde zich mateloos aan het feit dat er niet naar haar geluisterd werd en ze niet serieus genomen werd en dat alleen omdat ze de jongste was. Ze moesten eens weten wat ze allemaal in haar dagboek schreef en wat er in haar hoofd omging, want ze werd echt met de dag volwassener.
Begin 1944 voelde Anne zich zo eenzaam en wilde ze zo graag met iemand praten, dat ze bij Peter op bezoek ging op zolder. Ze durfde daar nooit lang te blijven, omdat ze eigenlijk niet kon achterhalen of Peter het net zo fijn vond om met haar te praten als zij vond. Steeds vaker ging Anne samen met Peter op zolder praten. De gesprekken werden steeds diepgaander, hun gevoelens over alles kwamen op tafel. Over hun leven voor het onderduiken, hun opvoeding, wat hun mening was over de rest van de onderduikers in het Achterhuis en later ook over onderwerpen waarvan ze elkaar iets konden leren; zoals seks.
Margot was al een tijdje een beetje verliefd op Peter en ze zag dat Anne ook verliefd werd, maar die bleef ontkennen. Anne was wel heel erg blij dat ze een ‘maatje’ had gevonden, waar ze mee over alles kon praten. Hierdoor vond ze de voorgaande jaren al een stuk minder erg.
Omdat Anne het zielig vond voor Margot dat zij zoveel met Peter omging, ging ze brieven met Margot schrijven om te achterhalen of ze boos was op haar. Anne kon er niet meer onderuit dat ze niet verliefd zou zijn, want dat blijkt wel erg duidelijk uit haar dagboek. Ze schrijft namelijk nergens anders meer over.
Eind maart 1944 begon Anne aan een bewerkte versie van haar tot dusver geschreven aantekeningen. Er was namelijk een oproep gedaan door een minister om bijvoorbeeld dagboeken bij te houden, zodat ze na de oorlog een tijdsdocument zouden hebben. Deze oproep leek wel gemaakt voor Anne, want die wilde niets liever dan een roman uitbrengen na de oorlog. Bij het herlezen van haar schrijfwerk, kon ze niet begrijpen dat ze sommige dingen werkelijk had opgeschreven. Ze schreef: “Dat ik zo ongegeneerd over andere dingen geschreven heb, kan ik me niet meer indenken.” Daarom schreef ze in haar ‘netversie’ sommige dingen iets anders op. Hierdoor kon je ook merken dat ze volwassener was geworden in de 2 jaar ondergedoken tijd in het Achterhuis, toch was het maar een meisje van 13-15 jaar die het had geschreven. Ook haar taalgebruik werd steeds beter, ze formuleerde soepeler en haar woordenschat kleurrijker.
1 augustus 1944 was de laatste keer dat Anne Frank in haar dagboek geschreven heeft, ze had toen niet in de gaten dat het de laatste keer zou zijn. Op 4 augustus zijn de opgepakt!

Conclusie deelvraag 3

Zoals ik al zei was haar dagboek een zeer grote steun voor haar tijdens de onderduiktijd. Ze schreef er bijna dagelijks in. Ze schreef over van alles; hoe het huis eruitzag, hoe de bewoners waren, wat ze meemaakte per dag, hoe ze over dingen dacht, wat de vaste regels waren, wat ze wel en niet waardeerde, hoe ze ruzie maakte met haar moeder, hoe ze verliefd werd op Peter en wat ze te horen kreeg over de buitenwereld. De inhoud van dit dagboek zou later voor vele anderen een grote steun kunnen zijn.

Hoofdstuk 4:

Hoe ging het leven voor de familie Frank verder na de oorlog?

Otto Frank terug in Nederland
Otto werd door de Russen bevrijd uit Auschwitz en kon op 25 april met de trein mee naar Odessa. Daar werden ze eerst gecontroleerd op besmettelijke ziektes, voordat ze verder konden reizen met het schip 'Monoway'. Deze vertrok op 21 mei naar Marseille. Op het schip werden ze voor het eerst sinds hele lange tijd goed behandeld. In Marseille aangekomen, konden de passagiers hun naam en andere gegevens doorgeven. Naar aanleiding van die gegevens werd hen verteld met welke trein ze de volgende dag naar huis konden. Op 28 mei ging Otto Frank met de trein door Frankrijk en België naar Nederland. Op 3 juni 1945 kwam Otto aan in Amsterdam. Hij gaf zijn gegevens aan een collega van Jan Gies, die hem wat geld gaf, omdat een paar kleren het enige was wat Otto bezat. Otto nam gelijk een taxi naar Jan en Miep Gies in de Hunzestraat. Hij kreeg daar een eigen kamer, omdat zijn eigen huis was ingenomen door de Duitsers nadat ze een briefje op de tafel hadden achtergelaten dat ze naar Zwitserland zouden waren vertrokken. Ook ging hij weer aan het werk op zijn oude kantoor op de Prinsengracht 263.
Er ging geen dag voorbij zonder dat Otto navraag deed bij mensen, lijsten met namen afliep, informeerde bij het Rode Kruis en advertenties plaatste in kranten in de hoop zijn dochters terug te vinden. Hij had namelijk al eerder te horen gekregen dat zijn vrouw Edith overleden was. In de zomer van 1945 ging Janny Brilleslijper naar het Rode Kruis. Ze kreeg een lijst met namen voor zich, waarbij ze een kruisje moest zetten als ze zeker wist dat ze dood waren. Dat wist ze wel van Anne en Margot, hun dood had ze van dichtbij meegemaakt!
De uitgave van Anne's dagboek door Otto
Otto heeft het er heel erg moeilijk gehad en kon het maar niet verwerken dat hij zijn 3 lievelingsvrouwen uit het leven verloren had. Hij verloor daardoor zelf ook de zin in het leven en moest zijn verdriet alleen verwerken. Miep Gies had Anne's dagboeken gevonden nadat de onderduikers gearresteerd waren. Ze had ze bewaard en wilde ze bij terugkomst zelf aan Anne terug geven. Omdat dat definitief niet het geval zou zijn, besloot ze de dagboeken aan Otto Frank te geven.
Ik vind het heel mooi hoe Otto later zelf verwoord heeft wat er met hem gebeurde toen hij het dagboek van zijn dochter begon te lezen. Dit geeft toch het beste weer hoe de mensen haar zagen, maar hoe anders ze eigenlijk was. Daarom zal ik een stuk tekst van hem citeren:
"Ik begon langzaam te lezen, een paar bladzijdes per dag, meer was niet mogelijk, ik werd overspoeld door pijnlijke herinneringen. Voor mij was het een openbaring. Er verscheen een heel andere Anne voor me dan de dochter die ik had verloren. Zulke diepe gedachten en gevoelens, daar had ik geen idee van. Dat Anne zich zo intens verdiept had in het probleem en de betekenis van het joodse lijden door de eeuwen heen, dat ze zoveel kracht had geput uit het geloof in God, dat was een verrassing voor me. Hoe had ik kunnen weten dat de kastanjeboom zo belangrijk voor haar was, terwijl ze nooit blijk had gegeven van belangstelling voor de natuur. Ze had al die gevoelens voor zich gehouden. Soms las ze ons humoristische episodes en verhalen voor, maar ze las nooit iets voor wat over haarzelf ging. Dus hebben we nooit geweten hoe intens haar persoonlijkheid zich ontwikkelde; ze had de meeste zelfkritiek van ons allemaal. Ik las ook hoe belangrijk haar verhouding met Peter was geweest. Ik werd soms erg verdrietig als ik las hoe hardvochtig Anne schreef over haar moeder. In haar woede over een of ander conflict liet ze haar gevoelens de vrije loop. Het deed pijn om te lezen hoe vaak Anne de visie van haar moeder verkeerd beoordeelde, maar het was een opluchting in latere passages te lezen dat Anne inzag dat het soms haar schuld was dat ze niet met haar moeder overwegkon. Ze had zelfs spijt van wat ze had geschreven. Dankzij Annes precieze beschrijving van elke gebeurtenis en elke persoon, kwamen alle details van ons samenleven mij weer helder voor de geest."
Toen Otto het hele boek gelezen had, wilde hij er graag met zijn medemensen over praten. Hij besloot om stukken tekst van Anne te vertalen in het Duits en die op te sturen naar familie. Zo kon hij hen een indruk geven van hoe ze, gedurende 2 jaar, de dagen zijn doorgekomen. Anne schreef ook in haar dagboek dat haar liefste wens was, dat ze journaliste wilde worden en later een beroemde schrijfster. Ze was van plan om de oorlog haar dagboek te publiceren onder de naam 'Het Achterhuis'. Ze schreef: " Ik wil voortleven na mijn dood.." Hierdoor dacht Otto eraan om het boek te gaan publiceren, want dat was de grootste wens van zijn dochter. Hij twijfelde echter wel, omdat hij het dagboek ook heel graag voor zichzelf wilde houden. Hij werd overgehaald door vrienden en kennissen, omdat zij vonden dat het boek zeker uitgegeven moest worden. Dit mocht men niet achterhouden voor de literatuurgeschiedenis. Het boek zou ook veel steun kunnen bieden voor veel mensen uit de oorlogstijd. Via via werden de uittreksels doorgegeven en iedereen was zo onder de indruk dat op 25 juni 1947 het dagboek in een oplage van 1500 exemplaren verscheen. In 1950 kwamen er vertalingen van het dagboek in het Frans en Duits. In 1951 volgden Engelse en Amerikaanse versies. Inmiddels is het dagboek in meer dan zestig talen vertaald en gepubliceerd en dus wereldberoemd geworden. Precies zoals Anne Frank het gewild zou hebben!
In 1998 kwamen vijf -niet gepubliceerde- bladzijdes uit het dagboek te voorschijn. Het was een groot raadsel waarom ze niet gepubliceerd waren en waar ze opeens vandaag kwamen. Otto Frank had echter een verklaring: hij zei dat in die bladzijdes de ontwikkelingen van Annes lichaam stonden en haar hatelijke opmerkingen over haar moeder.
Het Anne Frank Museum
Anne Frank is een soort symbool geworden voor de zes miljoen joden die in de Tweede Wereldoorlog vermoord zijn. Straten en scholen zijn naar haar vernoemd, maar ook toneelstukken en films zijn in de loop der tijd gemaakt over haar leven.
Na de oorlog werd Prinsengracht 263 bijna afgebroken. Op 3 mei 1957 ontstond de Anne Frank Stichting, hun doel was het pand te herstellen, ook kochten zij Prinsengracht 265. Allebei de huizen werden gerestaureerd; Prinsengracht 263 diende als Museum en Prinsengracht 265 werd een internationaal jeugdcentrum.
Hoe ziet het gebouw er nu uit? Het voorhuis is in oorspronkelijke staat teruggebracht. Het magazijn van Opekta is opnieuw gemaakt, de vloer is weer van klinkers en de muren zijn ook weer origineel. Het privé-kantoor van Otto Frank in het Achterhuis heeft nog de originele meubels, zoals de brandkast en archiefkasten. Het keukentje met granieten aanrecht, dat zich naast het kantoor bevind, is gereconstrueerd. De plaatjes die Anne op de muren in haar kamertje in het Achterhuis plakten, zijn gerestaureerd en achter glas gezet. De kamers van familie Van Pels op de derde verdieping zijn ook vernieuwd.
Wat de Anne Frank Stichting wilde bereiken, is goed gelukt. Ze wilde laten zien waar en hoe familie Frank 2 jaar ondergedoken heeft gezeten en hoe vreselijk een oorlog is.
Sinds de opening van het museum zijn er erg veel bezoekers geweest. De aantallen lopen nog steeds op. Hier zijn enkele bezoekersaantallen uit het verleden:
1960 - 9.000
1970 - 180.000
1980 - 336.000
1990 - 647.000
1997 - 710.000
1998 - 822.000

Wie heeft de bewoners uit het Achterhuis verraden?
De helpers uit het voorhuis hielden zich na de oorlog nog bezig met deze vraag. Kleimann schreef een brief naar de Politieke Opsporingsdienst, die mensen opspoorden die in de oorlog met de Duitsers hadden samengewerkt. Hun hoofdverdachte was Van Maaren, de magazijnmedewerker. Twee jaar lang werd er niets gedaan met de brief van Kleimann, maar in 1948 werd er een onderzoek ingesteld, waarschijnlijk nadat Otto Frank een gesprek heeft gehad met de Politieke recherche afdeling. Daarna ging de politie de helpers ondervragen, waaronder Miep, Kleimann, Kugler, Van Maaren en Hartog, een andere magazijnmedewerker. Hartog vertelde dat Van Maaren hem 14 dagen voor de inval had verteld dat er joden ondergedoken zaten. De vrouw van Hartog zou het ook hebben geweten. Men had uiteindelijk weinig aan het onderzoek, omdat het te oppervlakkig was.
Toen het dagboek van Anne Frank wereldberoemd werd, gingen ze Silberbauer zoeken, hij had destijds de arrestatie geleid. Hij werd in 1963 gevonden in Wenen, waar hij werkte als politieman. Hij wist nog veel over de arrestatie, maar niet wie de verrader was geweest. Degene die het telefoontje aan had genomen, had kort na de oorlog zelfmoord gepleegd.
In 1963 werd het onderzoek naar Van Maaren weer geopend, maar dit keer veel uitgebreider. Ondertussen waren er wel belangrijke getuigen overleden, zoals Hartog en Kleimann. Er werd wel bewezen dat hij meerdere diefstallen had gepleegd, maar verder weer niks. De man overleed in 1971. Het zal dus altijd een raadsel blijven wie de bewoners van het Achterhuis heeft verraden!
Conclusie deelvraag 4
Zoals eerder vermeld, was er van de onderduikers nog maar één iemand over, namelijk Otto Frank. Eenmaal aangekomen in Nederland, zocht hij al eerste Jan en Miep Gies op. Hij had al te horen gekregen dat zijn vrouw overleden was, maar of zijn dochters nog leefden, was één groot raadsel. Elke dag ging hij naar hen op zoek, totdat hij van Janny Brilleslijper te horen kreeg dat de zoektocht zinloos was, omdat ze overleden waren. Bep en Miep overhandigden het dagboek en losse vellen van Anne aan Otto. Toen hij de verhalen las, begon hij zijn dochter was écht te kennen. Hij had nooit geweten wat er allemaal in haar omging en dat ze al zo volwassen was. Hij besloot uiteindelijk om het boek uit te laten brengen en dat gebeurde op 25 juni 1947. Tegenwoordig is het vele malen vertaald en wereldberoemd geworden.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

A.

A.

Belachelijk! Ik dacht het zou helpen, een 3 voor Geschiedenis! Schandalig!

6 jaar geleden