Proeven

Beoordeling 4.6
Foto van een scholier
  • Proef door een scholier
  • 3e klas vmbo | 1108 woorden
  • 4 december 2001
  • 178 keer beoordeeld
  • Cijfer 4.6
  • 178 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Titel: De zuurstoftoevoer.
Proefnummer: 1

Doel:
Verbrandt papier met zuurstof?

Waarneming:
-) het brandt goed. Het heeft een gele vlam. En er blijft roet over

-) het brand slecht, het wordt snel zwart en roetvormig. Het brand alleen waar je de vlam houdt van de lucifer.

Conclusie:
-) het reageert goed en er blijft zwarte roet over

-) het velletje papier brand beter als het propje omdat er niet zoveel zuurstof bij kan.
Naam: De hele klas

Datum: 24-05-01


Titel: de reactie tussen oplossingen van kopersulfaat en soda.
Proefnummer: 1

Doel:
Is de massa voor de reactie gelijk als de massa na de reactie.

Waarneming:

Voor Na

6.14 gram 7.01 gram

verschil van massa komt door de zuurstof die erbij is gekomen.

Er is een hoeveelheid zuurstof gebonden aan een hoeveelheid ijzer.

Conclusie:
De wet van behoud van massa klopt.


Titel: verbranding van kaarsvet en aardgas
Proefnummer: 10


Doel:
Welke stoffen ontstaan er bij verbranding van kaarsvet en aardgas?

Waarneming:
Kalkwater is voor koolstofdioxide aan te tonen en witte kopersulfaat is voor water aan te tonen.

Het helder kalkwater wordt troebel, dus er is koolstofdioxide ontstaan.

Het witte kopersulfaat wordt blauw, dus er is water ontstaan.

Conclusie:
Bij het verbranden van aardgas onstaat koolstofdioxide en water.


Titel: hoeveel zuurstof zit er in de lucht?
Proefnummer: 11

Doel:
Hoeveel zuurstof zit er in de lucht?

Waarneming:
In de linker gasmeterspuit zit 0 ml lucht en in de rechter gasmeterspuit zit 100 ml lucht.
In het buisje zit 10 ml lucht (koper) = rood-bruine stof (kopersulfaat)

Alleen de zuurstof uit de lucht kan reageren met koper. Er ontstaat een zwarte stof (koperoxide).

Er zit uiteindelijk minder lucht in de gasmeterspuit.

10 ml in het buisje
78 ml in de spuit 88 ml

20% is altijd zuurstof dus zit er nog 80% koper in het buisje.


Conclusie:
Er zit 20% zuurstof in het buisje en 80% koper.


Titel: Calcium in water.
Proefnummer: 2

Doel:
Hoe reageert calcium in water?

Waarneming:
Je doet enkele stukjes calcium in een droge reageerbuis. Voeg voorzichtig 4 cm hoog water toe. Er ontstaat nu een gas. Je kunt deze gas aantonen door er een lucifer vlakbij te houden. Daarna filtreer je de inhoud van de buis. Er onstaat dus een gas en een blafgeluid. Ook ontstaat er een kort vlammetje.

Conclusie:
Bij een reactie tussen calcium en water ontstaat oa. Waterstof. Helder kalkwater word troebel als je er uitgeademde lucht in blaast.


Titel: Water verwarmen in papier.
Proefnummer: 2

Doel:
Kun je water verwarmen in papier?

Waarneming:
Je vouwt een papieren bakje en doet daar een beetje water in. Zet het bakje op het gaasje en zet de gasbrander eronder. Zo verwarm je het water. Het papieren bakje is stevig en gaat niet stuk, je kunt er gewoon water in koken. Als het water begint te koken zie je dat er bubbeltjes naar boven komen.

Conclusie:
Het papieren bakje is erg stevig dus daar kun je makkelijk water in verwarmen. Het bakje vliegt niet in brandt doordat er water in het bakje zit, als het water is verdampt dan zal het bakje wel in de fik vliegen.


Titel: ijzer en zwavel
Proefnummer: 3

Doel:
Reageert ijzer met zwavel?

Waarneming:
Ijzerpoeder is een grijze, poedervormige vaste stof. Zwavel is een gele, poedervormige vaste stof. Als het op reactietemperatuur is. Het reageert heftig met vuurverschijnselen, dan komt er veel warmte vrij. Zwarte vaste stof die ontstaat is ijzersulfide.

Ijzer(s) + Zwavel(s) ijzersulfide(s)
Fe(s) + S(s) FeS(s)

Conclusie:
Het reageert heel heftig en er komt warmt vrij.


Titel: Verbranden van enkele bekende stoffen.
Proefnummer: 3

Doel:
Hoe verbranden die bekende stoffen?

Waarneming:
Het papiertje verbrandt met een gele vlam en een beetje roetvorming. Brandt dus goed. Spiritus heeft een kleurlozen vlam en geen roetvorming als je het verbrandt. Terpetine brandt met een gele, roetende vlam.

Conclusie:
Er zijn schone brandstoffen en roetende brandstoffen.


Titel: de verbranding van staalwol.
Proefnummer: 3

Doel:
Is de massa voor de reactie hetzelfde als de na de reactie?

Waarneming:

Beginmassa = staalwol = lichtgrijs glanzend metaal

4Fe(s) + 3O(s) 2FeO(s)

kopersulfaat is een blauwe oplossing en in het buisje in de erlenmeyer zit soda.

Het reageert met elkaar. Je krijgt een groenblauwe suspensie.

Voor Na

250.81 gram 250.81 gram

verschil van massa komt door de zuurstof die erbij is gekomen.

Er is een hoeveelheid zuurstof gebonden aan een hoeveelheid ijzer.

Conclusie:
De massa voor de reactie is hetzelfde als je massa na de reactie.


Titel: De brandbaarheid van witte fosfor.
Proefnummer: 4

Doel:
Brandt witte fosfor?

Waarneming:
Fosfor(s) + zuurstof(g) fosforoxide
P (s) + O (g) P, O (s)

Fosfor wordt bewaart onder water. Het stukje fosfor gaat in de Erlenmeyer. Fosfor verbrandt in de Erlenmeyer , er ontstaat een witte damp(vaste stof).

Als de Erlenmeyer open blijft, gaat het stukje fosfor meteen op en anders komt het weer in aanraking met zuurstof, en brandt het weer. Fosfor moet onder water gesneden worden want anders vliegt het in brand omdat het dan reageert met zuurstof. Dan krijg je brandwonden.

Conclusie:
Fosfor is hartstikke brandbaar.


Titel: Verbranden van ijzerpoeder.
Proefnummer: 4

Doel:
Hoe verbrandt ijzerpoeder?

Waarneming:
Het verbrandt in de vlam met de vuurverschijnselen.
4Fe(s) + 3O2(g) 2 Fe2O3(s)
ijzer + zuurstof ijzeroxide

Conclusie:
Ijzerpoeder reageert heel goed met zuurstof


Titel: verbranding van brood.
Proefnummer: 7

Doel:
Welke stof ontstaat er bij het verbranden van brood?

Waarneming:
Het kalkwater wordt troebel. (dit gebeurt alleen bij het gas: koolstofdioxide).

Conclusie:
Bij het verbranden van brood ontstaat koolstofdioxide gas.


Titel: verschil tussen in- en uitgeademde lucht.
Proefnummer: 8

Doel:
Wat is het verschil tussen in-en uitgeademde lucht?

Waarneming:
De rechter fles is uitgeademde lucht
De linker fles is ingeademde lucht

Waar uitgeademde lucht doorgaat, dan wordt het kalkwater troebel. Waat in geademde lucht doorgaat is het helder.

Conclusie:
Je toont aan dat je koolstofdioxide uitademt.


Titel: Aantonen van water
Proefnummer: 9

Doel:
Hoe toon ik water aan?

Waarneming:
Water en witte kopersulfaat wordt blauw. Als je wasbenzine en alcohol erbij doet dan reageert het niet. (je ziet geen kleurverandering).
Koolstofdioxide 㦠kalkwater
Wit kopersulfaat 㦠water

Conclusie:
Water toon je aan met wit kopersulfaat.


Titel: wat gebeurt er met blauw kopersulfaat als je het verwarmt?
Proefnummer: 9B

Doel:
Is er bij het blauw kleuren van wit kopersulfaat een reactie opgetreden? waarom?

Waarneming:
Als ik wit kopersulfaat verwarm wordt het wit, doe je er weer water bij dan wordt het weer blauw.

Conclusie:
Ja, het is een chemische reactie want het verdwijnt en ontstaat.


Titel: De chemische vlag.
Proefnummer: extra

Doel:
Kijken hoe fosfor reageert met zuurstof.

Waarneming:
Fosfor is opgelost in een oplosmiddel. Oplosmiddel is heel vluchtig. Het verdampt heel snel. De fosfor en het oplosmiddel wordt op een krant gegooid en het oplosmiddel verdampd. De krant vliegt in brand. Er ontstaat Fosfor-oxide, Fosfor-oxide is een vaste stof

Conclusie:
Het is zeer brandbaar.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

I.

I.

aangezien je zoveel proeven hebt gedaan heb je ook een proefje van "het scheiden van zout en zand" alvast bedankt al je em hebt

groetjes van Ineke

19 jaar geleden

L.

L.

haay sabine
heb je ook plaatjes over dat onderwerp voor mij
stuur maar een mailtje!!!!!
thnx
groetjuzz laura!!!!

17 jaar geleden