Lesuitval, een mondkapjesplicht, onzekerheid over de eindexamens... Wij zijn benieuwd hoe jij met de coronacrisis omgaat en wat jij vindt van de maatregelen. Doe mee met ons corona-onderzoek! 😷🦠🏫 We zoeken nog extra jongens!

Doe mee


ADVERTENTIE
Open Dag = online ontdekken en ontmoeten

Bezoek onze Online Open Dag dit jaar vanaf je bank! Ontdek bijzondere verhalen van onze studenten en docenten. Stel je vragen. Én luister naar onze gezellige radioshow! Klaar voor een toekomst als student in het hbo? 

Meld je dan nu aan!

Proefnummer: 7



Doel van de proef: Het azijnzuurgehalte van tafelazijn bepalen en bepalen of de tafelazijn voldoet aan de eisen van de warenwet. De warenwet zegt dat minimaal 4,0 gram CH3COOH in 100 mL azijn aanwezig moet zijn. Oftewel 40,0 gram per liter azijn.



Benodigdheden:

· Maatkolf

· Buret

· Pipet

· Bekerglaasje

· Erlenmeyer



Voorkennis:

· Fenoftaline kleurt (heeft zijn omslagpunt) bij PH 7

· molaire massa van CH3COOH (s) : 60,05 g/mol



· CH3COOH (s) 10 keer verdunnen

· MNaOH = 0,1013





Uitvoering:

1. Als eerst hebben we in een maatkolf 25 mL azijn en gedestilleerd water gedaan. We hebben dit goed door elkaar gemengd door de kolf 20 keer op zijn kop gehouden te hebben.

2. Vervolgens hebben we de buret met NaOH doorgespoeld

3. Daarna hebben we de pipet en het bekerglaasje gespoeld met gedestilleerd water omdat hier loog in heeft gezeten.

4. Hierna hebben we de pipet en het bekerglaasje doorgespoeld met het mengsel dat in de maatkolf zat.

5. Met behulp van een pipet hebben we 25 mL van het mengsel afgemeten en in een erlenmeyer gedaan. (We hebben er goed op gelet of alles uit de pipet eruit was).

6. Hier deden we een paar druppeltjes van de indicator fenoftaline bij.



7. We noteerden de beginstand van de buret. Deze was: 6,50 mL

8. Daarna lieten we net zo lang de buret openstaan totdat de inhoud van de erlenmeyer van kleur veranderde en roze bleef. De eindstand noteerden we weer. Deze was nu: 23, 75 mL

9. We wilden drie waarden bepalen, maar helaas hadden we geen tijd voor een derde meting en hebben we er in totaal maar twee.

10. Dit waren onze resultaten:



Meting Beginstand Eindstand Toegevoegde NaOH

1 6,50 23,75 17,25

2 2,25 18,35 16,10

Deze waarden zijn in mL.



De gemiddelde hoeveelheid NaOH die we toe moesten voegen om de oplossing PH neutraal (7) te maken was 16,78 mL.



De berekening:

MNaOH = 0,1013

16,78 x 0,1031 = 1,7300*10^-3 mol -> dit zat in 25 mL azijnzuur

1,7300*10^-3 : 25 = 0,0692*10^-3 mol -> dit zat in 1 mL azijnzuur ->

0,0692 mmol/mL = 0,0692 mol/L



10 x verdunt:

0,0692 x 10 = 0,6920 mol/L -> sterkte in mol

molaire massa van CH3COOH (s) : 60,05 g/mol

0,6920 x 60,05 = 41,5546 g/L



Deze azijn voldoet dus aan de warenwet en mag dus zonder problemen verkocht worden.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.