Geld en Druppels

Beoordeling 8.3
Foto van een scholier
  • Praktische opdracht door een scholier
  • Klas onbekend | 451 woorden
  • 24 september 2001
  • 358 keer beoordeeld
  • Cijfer 8.3
  • 358 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!
Onderzoeksvraag:

Wat is het verband tussen het aantal druppels N dat op een muntstuk past en de oopervlakte A van de muntstuk?

Hypothese:

Men verwacht, dat het verband tussen de oppervlakte van de muntstuk en het aantal druppels, dat erop past, een recht evenredig verband met elkaar hebben.(gebonden aan een constante).

Onderzoeksplan:

· Men legt een petrischaaltje ondersteboven op een grotere petrischaal. Zie fig.onderaan.
· Op de bovenste petrischaaltje legt men een muntstuk.

· Met een pippetje druppelt men op de muntstuk.
· Men blijft druppelen, totdat het water niet overloopt van de muntstuk.
· Tijdens het druppelen telt men die druppels en na het overlopen van water noteert men het totaal aantal druppels.
· Men doet de proef minstens twee keer met verschillende Nederlandse munten.
· Men rekent een gemiddelde van de gevonden waarden uit.
· Men meet de diameter d van de munten waarmee de proef is uitgevoerd.(d/2=r)
· Vervolgens berekent men de oppervlaktes van deze munten m.b.v. de formule: r²*p
· Tenslotte gaat men na wat voor verband tussen de twee grootheden bestaat.

Uitvoering:

Men deed alles volgens de onderzoeksplan. Maar, door het tekort aan de tijd kon men de proef maar een keer uitvoeren.
Toen de proef hervat werd, kwamen heel andere meetwaarden uit dan de keer ervoor.

Dus de proef werd nog twee keer uitgevoerd om op elkaar lijkende resultaten te krijgen.

Waarnemingen:

De resultaten, die de eerste keer zijn verzameld, zijn niet meegeteld bij het berekenen van de gemiddelde aantal druppels. Omdat ze heel anders waren dan de twee opvolgende resultaten.
Conclusie:

De conclusie, die je uit deze resultaten kan trekken, komt overeen met de hypothese. Het verband tussen het aantal druppels en de oppervlakte van de muntstuk is recht evenredig.
De grootheden X en Y zijn recht evenredig: het quotiënt van bij elkaar horende waarden van X en Y is een constante (Y/X), en het verband tussen de grootheden in een (Y,X)-diagram is een rechte lijn door de oorsprong.

A Oppervlakte Munten (X) N Gemiddeld Druppels (Y) Y / X
1.8 cm² 33 18.3
2.7 cm² 52 19.3
3.5 cm² 77 22
82
4.9 cm² 100 20.4
6.4 cm² 120 18.8

Opmerkingen:

· Achteraf toen nagegaan werd, dat waarom er zo een groot verschil tussen de eerste en de twee opvolgende uitkomsten was, kwam men achter, dat de hoek tussen het muntoppervlak en de pippet een belangrijke rol speelt bij het grootte van de druppel, die uit de pippet komt. En dat was dus de hoofdreden waardoor de meetresultaten zo uiteenlopend waren.
· De grootheden, die tijdens de proef constant moeten blijven zijn:
Ø de hoek tussen de pippet en het muntoppervlak tijdens het druppelen.
Ø De kant van de muntstuk waarop je druppelt (kop of munt).
Ø Dezelfde munten moeten worden gebruikt.
Ø Het oppervlak waarop je deproef uitvoert moet tijdens de proef hetzelfde blijven.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

S.

S.

Goed verslag!!!!

20 jaar geleden

M.

M.

Hey, ik heb je praktische opdracht gelezen en ik wil graag wat info van je weten. Welke munten zijn het die je hebt gebruikt, aangezien je alleen de oppervlaktes geeft kan ik mijn leraar niet aantonen welke munten dat moeten zijn geweest.

B.V.D Maurice

20 jaar geleden

S.

S.

Super goed werkstuk!!!!!!!

20 jaar geleden

S.

S.

Toppie ussieman!
Nog steeds een goed verslag!!!

20 jaar geleden