Experiment 3.1

Onderzoeksvraag
Waarin verschilt halvarine van margarine?

Inleiding.
Margarine en halvarine zijn stoffen.
In dit experiment gaan we onderzoeken wat het verschil nu is tussen deze twee.

Verwachting.
Ik verwacht dat de stoffen in het vetpercentage van elkaar verschillen, omdat het op de verpakking staat.

Waarnemingen bij 1:
De margarine ontmengde na verwarmen in een vetlaag en een waterlaag. De kleur van de vetlaag was niet gelijk aan de oorspronkelijke kleur van de margarine. De hoogte van de vetlaag bedroeg 2 cm. De hoogte van de vetlaag en waterlaag bedroeg samen 2.5 cm.
Het volume van de vetlaag bedroeg na schatting 80 % van het oorspronkelijke volume van de halvarine.

Waarnemingen bij 2:
De halvarine ontmengde na verwarmen in een vetlaag en een waterlaag. De kleur van de vetlaag was geliger dan de oorspronkelijke kleur van de halvarine. De hoogte van de vetlaag bedroeg 0.9 cm. De hoogte van de vetlaag en waterlaag samen bedroeg 2 cm.
Het volume van de vetlaag bedroeg na schatting 40% van het oorspronkelijke volume van de halvarine.

Conclusie.
Bij onderdeel 3 kon worden vastgesteld dat de bijdrage van de vetcomponent aan het totale volume van het mengsel bij margarine circa 2 maal zo groot was als bij halvarine.
Margarine bevat dus 2 keer zoveel vet als halvarine.

Experiment 3.3

Onderzoeksvraag.
Hoe kun je een suspensie van krijt in water scheiden?

Inleiding.
Krijt is een vaste stof en water een vloeistof.
In dit experiment gaan we kijken hoe we een vaste stof en een vloeistof kunnen scheiden.

Verwachting.
Ik denk dat je de stoffen kan scheiden door middel van ze even te laten staan.

Waarnemingen.

Waarnemingen bij de onderdelen 2 en 3:
De vaste stof verzamelt zich op de bodem van de buis. De proces verloopt sneller bij de methode centrifugeren dan bij de methode zinken.

Waarnemingen bij onderdeel 4:
Na het filtreren bevindt de vaste stof zich in de filter en de vloeistof bevindt zich in het reageerbuisje.

Conclusie.
Een suspensie kan door zinken, door centrifugeren en door filtreren worden gescheiden in een vaste stof en een vloeistof.

Experiment 3.4

Onderzoeksvraag.
Hoe kun je een mengsel van twee vaste stoffen scheiden?

Inleiding.
In dit experiment gaan we uitvinden hoe we het mengsel zand en jood van elkaar kunnen scheiden.

Waarnemingen.
Het filtraat van het mengsel in de eerste buis is vrijwel water, het residu is jood en zand .
Het filtraat van het mengsel in de tweede buis is jood en wasbenzine, het residu is vrijwel zand.

Conclusie.
Een mengsel van twee vaste stoffen kan worden gescheiden door gebruik te maken van een vloeistof de ene stof goed oplost en de andere stof niet in oplost.

Experiment 3.8

Onderzoeksvraag.
Hoe verloopt de temperatuur tijdens een destillatie?

Inleiding.
We gaan in dit experiment het mengsel aceton en water destilleren.

Waarnemingen.
1. tijdens het koken van de vloeistof stijgt de tampratuur van de vloeistof.
2. de temperatuur van de damp bedroeg ongeveer 50¢ªC.
3. De temperatuur blijft 7 minuten gelijk.

Conclusies.
1. De damp is een zuivere stof.
2. De vloeistof heeft een kooktraject, doordat deze een mengsel is.
3. De damp heeft een kookpunt doordat deze een zuivere stof is.

Experiment 3.5

Onderzoeksvraag.
Hoe kun je een opgeloste stof uit een oplossing halen?

Inleiding.
In dit experiment gaan we uitzoeken hoe we broom uit het de oplossong broom en water kunnen halen.

Verwachting.
Ik denk door de oplossingen te laten zinken en daarna te filtreren dat broom uit het water is.

Waarnemingen.
De oplossing van broom in water had een oranjebruine kleur. De wasbenzine was kleurloos. De wasbenzine vormde de top laag van het tweelagen systeem. Na het schudden van het vloeistofmengsel was de wasbenzine laag oranje gekleurd en de waterlaag kleurloos.

Conclusie.
Het opgeloste broom is ‘verhuist’ van water naar wasbenzine.
Kennelijk lost de stof beter op in wasbenzine dan in water.

Experiment 3.7

Onderzoeksvraag.
Waaruit bestaat rode wijn?

Inleiding.
Rode wijn is een drank dat voornamelijk bestaat uit alcohol, water en daarin geloste rode kleurstof.
We gaan deze drank destilleren en proberen het alcohol als destillaat over houden.

Verwachting.
Het destillaat alcohol overhouden is erg moeilijk omdat water altijd wel een beetje mee verdampt.

Waarnemingen.
Tijdens de destillatie geeft de temperatuur aan van ongeveer 20 tot 90 ¢ªC. Als we een brandende lucifer bij het destillaat houden, brandt het destillaat

Conclusie.
1. Het destillaat is een vloeistof met een kooktraject van 30 tot 90¢ªC.
2. het destillaat is een mengsel (water en alcohol).
3. het destillaat bestaat dus hoofdzakelijk uit water.

Experiment 3.9

Onderzoeksvraag.
Hoe kun je een rode oplossing ontkleuren?

Inleiding.
In dit experiment gaan we onderzoeken hoe we een kleurstof uit een mengsel kunnen halen

Waarnemingen bij 1:
Bij de eerste buis zie je dat het vloeistof iets lichter van rode kleur is geworden.
Waarnemingen bij 2:
Bij de tweede buis zie je dat de koolstofpoeder korreltjes de rode kleurstof hebben geadsorbeerd en dat het filtraat bijna helemaal helder is geworden.

Conclusies.
1.Filtratie is geen geschikte methode om een kleurstof uit een oplossing te verwijderen.
2.Koolstofpoeder toevoegen aan een gekleurde oplossing en daarna filtreren is wel een geschikte methode om een oplossing te ontkleuren.
3.Koolstofpoeder is wel in staat een kleurstof aan een oplossing te ontrekken.

Experiment 3.10

Onderzoeksvraag.
Hoe gaat papierchromatografie in zijn werk?

Inleiding.
Het doel van dit experiment is een mengsel van kleurstoffen te scheiden door middel van papierchromatografie

Verwachting.
Ik denk dat de kleuren zullen uitlopen.

Uitvoering.
We nemen een stukje filtraat papier en zetten daarop 3 stippen met viltstift.
We zetten dat stukje papier in water.

Waarnemingen.
1. De vloeistof in het bekerglas trekt omhoog.
2. De kleurstoffen uit de inkt trekken samen met het water omhoog.
3. Verschillende kleurstoffen blijven op de zelfde hoogte zitten, gelijke kleurstoffen zitten op de zelfde hoogte.
4. De inkt van stift 1 is gescheiden in alleen paars.
De inkt van stift 2 is gescheiden in
De inkt van stift 3 is gescheiden in

Conclusie.
Met behulp van papierchromatografie kan in principe het aantal kleurdeeltjes in een mengsel bepaald worden.

Experiment 3.2

Onderzoeksvraag.
Wat zijn oplossingen, suspensies en emulsies?

Inleiding.
In dit experiment gaan we uitzoeken wat nou oplossingen, suspensies en emulsies zijn.

Waarnemingenbij 1.
De volgende stoffen leverden een helder mengsel op, nadat ze met water werden gemengd: Citroenzuur, druivensuiker en zout. De ontstane oplossingen waren allemaal doorzichtig.
De volgende stoffen leverden een troebel mengsel op, nadat ze met water werden gemengd: Krijt en jood. De mengsels van deze stoffen met water waren direct na het schudden wel doorzichtig.

Waarnemingen bij 2:
Een van de stoffen leverde een troebel mengsel op, namelijk: Krijt. Het ontstane mengsel was direct na het schudden wel doorzichtig.
De stoffen kamfer en jood leverden een helder mengsel op, nadat ze werden gemengd met wasbenzine. De ontstane oplossingen waren beide doorzichtig. Het mengsel jood met wasbenzine had een paarse kleur.
Het mengsel van kamfer met wasbenzine was kleurloos.

Waarnemingen bij 3:
De volgende combinaties van vloeistoffen leverden een helder mengsel op: water + alcohol en slaolie + wasbenzine. De gevormde vloeistofmengsels ware beide doorzichtig.
De volgende combinaties van vloeistoffen leverden aanvankelijk geen helder mengsel op: water + wasbenzine en alcohol en slaolie. Direct na het schudden was er sprake van een heldere vloeistof, enige tijd later vormden zich in beide gevallen 2 aparte vloeistoffen die op elkaar dreven

Conclusie bij 1:
De volgende stoffen losten op in water: Alles behalve jood en kamfer.

Conclusie bij 2:
De stoffen jood en kamfer losten op in wasbenzine.
Niet alle stoffen zijn oplosbaar in, of mengbaar met water.
Stoffen die niet oplossing in water, lossen soms beter op in een andere vloeistof, bijvoorbeeld wasbenzine.

Conclusie bij 3:
De volgende combinaties van vloeistoffen waren mengbaar: Water en wasbenzine, wasbenzine en slaolie.
De combinaties water en alcohol, water en slaolie waren niet mengbaar.

Experiment 3.6

Onderzoeksvraag.
Hoe gaat extraheren en indampen in zijn werk?

Inleiding.
In dit experiment gaan we leren hoe indampen en extraheren in zijn werk gaat.

Waarnemingen.
Na het mengen van het zand/zout mengsel met water ontstond er een oplossing van het zout in het water en het zand lag al snel weer op de bodem.
Na de filtratie kreeg je als filtraat een oplossing van water en zout en als residu zand.
Na indampen van het filtraat bleef er een opgeloste vaste stof over.

Conclusies.
1. Bij deze proef werd water met zand en zout als extractiemiddel gebruikt. Hierin loste het water wel op en het zout niet.
2. De extractie vond plaats in onderdeel 2 van het experiment.
3. Om een mengsel van zand en zout te scheiden moesten achtereenvolgens drie scheidingsmethoden worden toegepast: bezinken, filtreren, indampen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

je moeder

je moeder

doe aub kamfer met zout oplisses binnen 5 min

1 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

M.

M.

Veel van je experiment kloppen niet, dat is vervelend voor mensen die dat niet zien en de info gebruiken

13 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast