Dossier lezen: 3 thema's in de literatuur

Beoordeling 4.5
Foto van een scholier
  • Opdracht door een scholier
  • 4e klas vwo | 1649 woorden
  • 2 juni 2001
  • 32 keer beoordeeld
  • Cijfer 4.5
  • 32 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Hoofdstuk 8: Thema’s in de literatuur

Thema 1: De zin van het leven
16 Het fragment uit “Het Gouden Ei” van Tim Krabbé over Raymond Lemorne zijn eerste idiote plan, namelijk uit het raam van een flatgebouw springen, spreekt mij het meeste aan, omdat het zijdelings te maken heeft met de zin van het leven. Het is geen ideologisch gewauwel, maar meer een verhaal. Het heeft geen principes, maar alleen maar op zichzelf staande gedachten. Zijn visie op het leven wordt minder duidelijk, omdat hij eerst bedenkt dat hij verantwoordelijkheid voor zichzelf draagt, maar later bedenkt dat zijn gedachten niet op lucht zijn gebaseerd. Hij twijfelt tussen zijn verstand en zijn gedachten, uiteindelijk vertrouwt hij zijn gedachten en springt naar beneden. Ik denk niet dat dit de visie op het leven van Raymond Lemorne zelf duidelijker maakt. Hij probeert zijn grenzen te ontdekken, maar dat lukt hem niet, omdat hij zijn grens niet overgaat: het heeft geen blijvende gevolgen.

17 Elkerlijc: In dit verhaal heeft Elkerlijc lange tijd het verwerven en houden van bezit en het hebben en onderhouden van relaties als zijn levensdoelen, maar aan het eind komt hij erachter dat relaties en bezit niet het belangrijkste zijn, maar dat een deugd-zaam leven geleid te hebben het belangrijkste is. Dit is een zeer ideologisch verhaal en ik vind er niets aan.


Mariken van Nieumeghen: De hoofdpersoon in dit verhaal is Mariken, een meisje met een naam die is afgeleid van Maria. Mariken wil wijs worden, want het gezegde is: kennis is macht. Maar het geloof zal haar helpen, wanneer zij ook in tijden van nood zal blijven geloven. Het leven moet dus gewijd worden aan het geloof. Dit vind ik een typisch middeleeuws verhaal, omdat het geloof centraal staat en dit het belangrijkst wordt geacht. Ook haar andere, kennis, is een typisch middeleeuws verschijnsel. De Kerk was in die tijd daartegen, omdat kennis des duivels was. Persoonlijk vind ik deze invulling het meest ver afstaan van de mijne, omdat ik iets tegen het geloof heb.

Het Gouden Ei: Raymond Lemorne, de hoofdpersoon in dit bizarre verhaal, zoekt zijn grenzen binnen dit leven, maar wanneer dit verkeerd was afgelopen, had hij geen leven meer gehad. Hij heeft zijn grenzen gezocht, maar niet overschreden, dus weet hij nog niet wat zijn grenzen zijn. Hij heeft de zin van zijn leven dan nog niet gevon-den, maar hij vult het in met zijn gedachten, geest en lichaam uit te dagen. Deze in-vulling vind ik bijna eng, omdat het bijna psychopathisch is. Ik zou deze zeer zeker niet kiezen, omdat ik mij niet zo laat leiden door gedachten en gevoel. Ik ben er denk ik te nuchter voor.

Publiek Geheim: De hoofdpersoon probeert een evenwicht te vinden in het Russisch communisme tussen een comfortabel leven en een eerlijk leven. Dit evenwicht be-staat echter niet. Zijn vrouw gaat voor een eerlijk leven, maar hij gaat toch voor het comfortabele leven. De keuze van zijn vrouw spreekt mij het meeste aan, omdat ik er ook voor zou kiezen in zo’n systeem: dan maar arm, maar eerlijk ben je wel geweest. De man zijn keuze kan ik me niet in vinden, maar dat komt ook omdat hij een gemakkelijke keuze maakt. Zijn vrouw wil een eerlijk leven, zodat zij geen ernstige gewetensvragen krijgt en zodat zij haar kinderen goed verder op kan voeden. De man wil zijn kinderen een goede en makkelijke toekomst bieden.

Ave Verum Corpus: Het meisje in het verhaal geniet van de macht die ze heeft via haar lichaam. Ze gebruikt haar lichaam om haar doelen te bereiken: volledige over-gave en om kunnen gaan met haar seksualiteit en religie. Ze moet de balans nog vinden in haar leven. Dit probeert ze door volledige overgave, zonder remmingen te bereiken. Ik vind het gebruiken van je lichaam om meer macht te krijgen en je doelen te bereiken niet goed, maar helemaal zonder kan je ook niet. Ik vind dit geen goede invulling van het leven en ook niet bij me passen. Bij volledige overgave ben je helemaal toevertrouwd aan iemand anders en dat kan niet, omdat niemand hetzelfde is.


Thema 3: Opvoeding en onderwijs
54 Fragment 3, uit ‘Bint’ van Ferdinand Bordewijk spreekt mij het meeste aan, omdat het zo’n idioot verhaal is, maar als je denkt dat het zo is in je eigen belevingswereld, is er geen enkele aanwijzing dat het niet zo is, maar ook weer geen enkele die zegt dat het wel zo is. Het is een angstaanjagend verhaal als je het op die manier gaat bekijken. Je kunt in je eigen belevingswereld bepaalde woorden op de manier interpreteren zoals hierin duidelijk worden gezegd.

Naast het fragment staat een stukje waarin Ferdinand Bordewijk werd verweten met dit boek propaganda voor fascisme te maken, maar ik vind juist het tegendeel. Mij wordt het hiermee nog extra duidelijk hoe verschrikkelijk afschuwelijk verkeerd fascisme is en hoe verkeerd de aanpak van deze man is. Aan het taalgebruik kan je zien dat het een boek uit de eerste helft van de twintigste eeuw is, maar dat zou ik persoonlijk naar de inhoud kijkend niet vinden, omdat volgens mij er toen niet zo vrij over dit soort onderwerpen geschreven mocht worden. Ik denk dat dit ook insloeg als een bom en dat het commentaar ernaast ook meteen gegeven is of meer na de Tweede Wereldoorlog, in de conservatieve jaren vijftig, omdat in de Tweede Wereldoorlog ook duidelijk is geworden dat een totalitair systeem, in dit geval fascisme, verkeerd was.


55 De volgende normen, waarden, gedragingen en overwegingen kwamen bij mij (redelijk) positief over.


Uit het eerste fragment:
*Luisteren naar je vader
*Je vader gehoorzamen
*Een goede vriend wijst je op je onvolkomenheden en fouten
*Altijd vleiende vrienden zijn de verkeerde

Uit het tweede fragment:
*Mensen die irritant zijn een streek leveren
*Gelijke munt: “Ik spelde mijn Servet voor: ‘als ik gelijk een kind eten krijg, moet ik ook zien, dat ik mij niet bemors.”
*Iemand goedenavond zeggen

Uit het derde fragment:
*Leraren respecteren (uhuh)
*Niet toegeven als een leraar je knijpt
*Je vaders verjaardag gaat voor school

Uit het vierde fragment:
*Tegenspraak baat niet bij ouders
*Leraren zijn winden
*Je moet niet spugen
*Op school denkt men niet na
*Alles is relatief gezien saai

Uit het vijfde fragment:
*Weglopen, zodat er niet meer gepraat kan worden
*Drank drinken is niet goed voor je
*Je kunt je kind niet altijd blijven beschermen
*Je kunt je kind niet alleen opvoeden zonder buitenwereld


Thema 4: Relaties tussen mannen en vrouwen
70 Het derde fragment, uit “Van de koele meren des doods” van Frederik van Eeden sprak mij het meeste aan, omdat dat het meest dramatische en het meest gevoelige is. Het meisje is enigszins psychisch beschadigd en psychisch gestoorde mensen vind ik één van de leukste onderwerpen om over te lezen in alle soorten boeken, dus ook in biologische en andere informatieve boeken. Het meisje raakt helemaal verstrikt in haar eigen gedachten en moet zelfs nadenken over het huwelijk wanneer zij praat en dingen doet. Zij weet niet wat het huwelijk allemaal precies inhoud en heeft ook geen idee wat ze er van moet verwachten. Ze weet dat zij verplicht is nu iemand haar ten huwelijk heeft gevraagd om te trouwen. Zij moet alle aspecten van seksualiteit en intimiteit nog leren kennen, omdat zij blijkbaar zeer beschermd is opgevoed en bang is voor dingen die ze niet kent.

71 De meest sympathieke man vind ik: Robert die wordt beschreven in fragment 4 uit het boek “Eerst grijs dan wit dan blauw” van Margriet de Moor. Deze man is heel onrealistisch na vele vrouwen helemaal verliefd op en geïntrigeerd door Magda. Hij wil alles van haar weten en houdt van haar omdat zij zo zwijgzaam is en al haar gedachten en haar achtergronden voor zichzelf houdt. Lekker mysterieus. De twee fragmenten uit het boek die onder elkaar staan beschrijven twee verschillende vormen van eeuwige verbondenheid. Dit verhaal is natuurlijk heel erg onrealistisch en daarom zijn boeken en verhalen juist zo leuk. Alledaagse dingen worden bij elkaar gebracht, zodat de meest idiote combinaties bestaan.

De meest sympathieke vrouw vind ik: Agnietje, het meisje uit het boek “De Hollandse Spectator” van Justus van Effen, omdat zij in die tijd zomaar een jongen afwees die naar haar toekomt en haar voorzichtig allerlei dingen vraagt en daarna probeert haar te veroveren. Agnietje daarentegen vindt dat hij maar een beetje loopt te bazelen en dat hij niet zo zoet en slijmerig moet praten. Dat vind ik wel een leuke reactie, vanwege de nuchterheid van een meisje in die tijd.

De minst sympathieke man vind ik: Henri, de jongen uit fragment 3 uit het boek “Van de koele meren des doods” van schrijver Frederik van Eeden. Hij komt bijzonder slijmerig op mij over en wil Hedwig aan zich binden, terwijl zij veel te beduusd is om er iets tegenin te brengen en hij laat haar geen tijd. Hij is veel te opdringerig en veel te bazig en overheersend. Zo komt hij op mij over.

De minst sympathieke vrouw vind ik: Sanderijn, de vrouw uit het eerste fragment van dit thema, dat uit het toneelstuk “Lanseloet van Denemarken” is gehaald van een onbekende schrijver. Zij weigert ook maar één moment Lanseloet te vergeven en heeft geen zin om verder commentaar te geven. Zij wil denk ik niet inzien dat het niet de schuld van Lanseloet is, maar juist van zijn moeder. Zij denkt voor mijn idee veel te rechtlijnig en vindt dat niemand kan veranderen in een afzienbare tijd. Haar sympathieke idee vind ik dat zij de bode wel bedankt en hem wel vriendelijk behandelt.

72 Negatieve normen
1. De man en vrouw moeten van dezelfde stand zijn
2. De jongen moet het meisje eerst aanspreken
3. Een ring betekent later een huwelijk (verplicht)
4. -----
5. Buitenechtelijke relaties worden ook geaccepteerd

Positieve normen
1. De vrouw blijft haar man trouw
2. Het meisje mag weigeren
3. -----
4. Alle soorten relaties mogen, dus ook alleen seksrelaties bijvoorbeeld
5. Relaties met buitenlanders kunnen ook en worden ook geaccepteerd

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.