ADVERTENTIE
Luisterboeken: de makkelijke optie? Lars is niet echt een fan van lezen. Daarom gaat hij op zoek naar de beste manieren om door zijn leeslijst heen te komen. Red je het met alleen maar samenvattingen, of is een e-reader of luisterboek een betere optie? Deze video wordt mede mogelijk gemaakt door Storytel.

Probeer 30 dagen gratis
Samenvatting Life of Pi

Deel 1 India

H.1-3
Pi woont ook in India. Pi heeft z’n naam te danken aan een zwembad. De oom van Pi is een ervaren zwemmer. Hij zwom ook 2jaar in Parijs. Daar waren goede en slechte zwembaden. Eén zwembad was de beste en daar heeft zijn oom het altijd over. Het zwembad heette Pi (piscine).
Pi is een hele slimme jongen. Hij heeft godsdienst en zoölogie gestudeerd. Hij was elk jaar de beste. Hij deed onderzoek in de bush naar slapende, hangende 3-teens luipaarden.
H.4
Pi’s vader runde eerst een hotel, daarna werd hij zookeeper. Pi groeit daarom op in een dierentuin.
H,5
Iedereen noemt Pi: pis, dit vindt hij niet leuk! De broer van Pi heet Ravi. Pi gaat verder studeren, hij gaat naar een andere school. Daar zorgt hij dat ze hem gewoon Pi noemen. Z’n nieuwe klasgenoten geven elkaar Griekse namen. Pi wordt ‘le nom Pi’ genoemd. De broer van Pi is erg populair op school. Hij is de beste van het cricketteam.
H.7
Pi heeft gekozen voor zoölogie, omdat hij zijn atheïstische leraar van biologie zo mocht. Deze leraar kwam ook vaak in de dierentuin.
H.8
Pi verteld wat mensen, dieren  aandoen in de dierentuin. Zoals ze eten geven. Op een dag als Pi negen jaar is, gaat hij samen met Ravi en z’n ouders naar de tijgers. Hier moet hij beloven dat hij nooit een tijger aan mag raken, want ze zijn heel erg gevaarlijk (vooruitwijzing). Vader laat zien hoe gevaarlijk tijgers zijn. hij gooit namelijk een geit voor de tijger neer en deze eet de geit in één keer op. Dit doet de vader bij elk dier in de dierentuin, om Pi en Ravi het eens en altijd duidelijk te maken!
H.17
Pi is Hindoe, omdat dat hoop geeft. Maar na een ontmoeting met een priester, wil hij christen worden. Dit wordt hij. Daarna wordt hij ook nog moslim.
H.23
Pi’s ouders wisten niet dat Pi 3 geloven heeft. Pi is 16 jaar, wanneer hij 3 geloven heeft. Er komen drie wijze mannen op bezoek bij Pi’s ouders de Imam, de Priester en de Hindoepriester. Deze mannen overtuigen de ouders van Pi , dat Pi een goede moslim, christen en hindoe is. Ze krijgen ruzie en ze willen weten wat Pi werkelijk is, want ze zeggen dat Pi maar één geloof kan hebben. Pi spreekt af dat hij God zal liefhebben (daarmee zegt hij dus eigenlijk niks….)
H.26
Pi wil zich laten dopen en hij wil naar een christelijke school. Maar hij wil ook nog Hindoe en moslim blijven…..
H.28
Pi heeft zich laten dopen, en hij is nog steeds moslim en hindoe. Z’n ouders laten hem z’n eigen gang gaan.
In het boek zijn sommige hoofdstukken cursief gedrukt. Iemand verteld over Pi in de toekomst. Want de gebeurtenissen die worden beschreven gebeuren pas na het boek….
H,29
Pi woont met zijn familie in India. Maar Pi’s ouders hebben nu het plan om naar Canada te verhuizen.
Cursief H.30
In de toekomst in Pi getrouwd (wie deze hoofdstukken schrijft is nog niet bekend). De vrouw van Pi is ook Indisch, maar ze heeft wel een Canadees accent. Ze heet Meena. In het huis staan christelijke, hindoestaanse en islamitische voorwerpen.
H,31
Pi gaat met de imaambakker van de moskee naar de dierentuin. De bakker heet kumar. Ze komen in de dierentuin ook de biologieleraar van Pi tegen. Hij heet ook Kumar.
H,35
De ouders van pi besluiten om naar Canada te vertrekken. Ze verkopen de dierentuin en ze vertrekken. De dieren gaan ook mee op het schip.
Cursief: H.36
Degene die bij Pi op bezoek komt, is de schrijver van het boek. In de toekomst heeft Pi een zoon (een puber) hij heet Nick. Pi heeft ook een dochter van 4, ze heet Usha.

Deel 2 de Pacific oceaan
H.37
Het schip (Tsimtsum) zinkt. Pi hoorde eerst een explosie en daarna rende hij het dek op. Er stonden mannen die hem in een reddingsboot gooien. Op de reddingsboot zitten ook een tijger, zebra en een hyena.
H.38
Het schip zinkt op de 4e dag van de rit. Het gebeurde ’s nachts om half 5. Pi werd wakker, hij hoorde een raar geluid en hij ging op onderzoek uit. Op het dek was veel wind en regen. Dan ziet hij opeens de punt van de boot niet meer. Hij gaat terug naar beneden, maar daar staat het vol met water. Dan rent hij terug naar het del. Hij heeft doordat het schip zinkt. De dieren en de andere passagiers (familie) zitten nog binnen. Dan zie Pi drie mannen. Hij gaat naar ze toe. Hij vertrouwt ze. Eén man geeft hem een reddingsvest. Dan wordt hij door de mannen i een reddingsboot gegooid.
H,39
Als Pi in de reddingsboot zit, denkt hij dat de mannen hem achterna zullen springen, maar dat doen ze niet. Ze gooien alleen een zebra in de reddingsboot…
H.40
Pi springt uit de reddingsboot, maar in de zee zwemmen haaien, dus hij gaat snel terug de reddingsboot in. Maar in de boot zit inmiddels ook een tijger. Pi noemt de tijger: Richard Parker.
Pi beweegt zo min mogelijk op de reddingsboot, want hij is bang dat de tijger hem aanvalt. De tijger zit in het beneden dek (bodem) van de reddingsboot. De zebra heeft de val overleefd, maar hij bloed en z’n been ligt raar. De tijger eet de zebra niet op. Opeens ziet Pi ook een hyena in de reddingsboot. Het is een mannetje. Nu snapt Pi waarom de mannen hem in de reddingsboot gooiden. Pi zou de boot veilig maken voor deze mannen…
H,42
Opeens ziet Pi fruit, maar hij pakt het niet. Op het fruit zit een Orang-Oetang. Later zit deze aap ook in de reddingsboot. Het fruit zat in een net. Het net bewaard Pi goed, want dat zou later nog van pas kunnen komen. De Orang-Oetang heet: Orange Juice
H.43
De hyena is alsmaar rondjes om de zebra aan het rennen. Soms stopt hij en dan kijkt hij naar Pi, die steeds banger wordt. Maar de hyena doet hem niks. De hyena rent elke morgen rondjes om de zebra.
H.44
Pi durft zich bijna niet te bewegen op de boot. Hij kijkt alleen maar naar de horizon, want daar zou z’n redding zijn. dan vliegen er opeens allemaal vliegen rondom de boot. Pi vindt de nachten het engste, want een boot zou hem dan niet kunnen zien en de hyena zou hem kunnen opeten.
H.45
De volgende dag ziet Pi dat de hyena een been van de zebra heeft opgegeten en ergens anders heeft neergelegd. Pi vindt het erg vies, maar hij moet overleven. Dus het doet hem niet zoveel. Liever de zebra dan hemzelf…
Pi ziet de Orang-Oetang, ze is zeeziek. Hij vindt het erg grappig om deze menselijke eigenschap te zien bij dieren.
H.46 dag 2
De Orang-oetang had in de dierentuin twee kindjes, maar die is ze nu kwijt. De hyena bijt weer in de zebra en hij eet de zebra van binnen helemaal op. De zebra leeft nog steeds. Dan begint de Orang-oetang heel hard te brullen. De hyena brult terug. Het is een heel hard lawaai. Daartussendoor schreeuwt de zebra ook nog. Dan komt er bloed van de zebra in het water en al snel zwemmen er haaien rond de boot en ze beuken tegen de boot op. Uiteindelijk stoppen ze en is er weer rust. Op dag 2 sterft de zebra en Pi’s familie ook. Pi is heel erg verdrietig.
H.47
Pi dacht dat de zebra dood was, maar ze leeft nog steeds. ’s Avonds gaat ze wel dood. Dan raken de hyena en de orang-oetang in gevecht. Pi leert de agressie van Orange Juice kennen, maar de hyena is sterker en bij de orang-oetang dood. Pi denkt dat hij het volgende slachtoffer is. Maar dan pas ziet hij een tijger aan boord (Richard Parker= R.P)
H,48
De tijger kreeg deze naam, omdat ene Richard Parker de loslopende tijger ving en naar de dierentuin bracht.
H,49
Pi heeft al 3 dagen niks gegeten, gedronken en niet geslapen. Pi denkt dat hij zal sterven van de dorst, of dat de tijger hem vermoord. Pi weet zeker dat er ergens water en eten aan boord moet zijn (bootuitrusting). Pi gaat voorzichtig op zoek. De tijger en de hyena bewegen zich niet. De hyena is bang voor de tijger, want ze zijn een prooi voor elkaar.
H.50
Reddingsschip: 3.5 feet hoog, 8 feet breed en 26 feet lang.
De boot is oranje. In de boot liggen veel reserve peddel en er zijn bankjes. Pi kan nog steeds geen water vinden. Hij tilt dingen omhoog, dan valt zijn oog op oranje reddingsvesten. Daaronder ligt de bootuitrusting, waaronder water en eten. Er liggen heel veel blikjes water van 500ml  water. Alleen krijgt hij het blikje niet open. Door hard tegen een punt te slaan, lukt het hem om de blikjes open te krijgen. Hij voelt zich stukken beter. In het ‘etenshok’ vindt hij ook eten. Er zit veel dierlijk vet in en dat terwijl hij vegetarisch is. Toch eet hij het op. Volgens de verpakkingen heeft Pi nog voor 93 dagen eten en voor 124 dagen water.
H,52
Pi vindt een hele  (voedsel)voorraad. Uiteindelijk valt hij in slaap.
H.53
Pi denkt eerst dat hij zal sterven, maar dan wil hij toch blijven leven. Hij is van plan om van de materialen een vlot te maken, dan is hij van de beesten af…
Pi maakt een vlot van peddels, touw, reddingsvesten en een boei. De tijger komt dan heel dicht bij Pi en de hyena. R.P. eet de hyena op. Dan staat R.P. oog in oog met Pi. Pi valt van de schrik en dan zit er opeens een rat op Pi’s hoofd. De tijger gaat naar het dek en Pi gooit de rat snel weg en rent weg. De tijger eet de rat op en gaat daarna de hyena eten. Pi twijfelt of hij het vlot op moet gaan, want het vlot zit nog aan de boot vast. Hij besluit om op het bovendek van de boot te blijven.
H.54
Pi zit op het vlot en hij bedenkt dingen om de tijger weg te krijgen:
1.    Eraf duwen (dat is te zwaar en tijgers kunnen zwemmen..)
2.    Doden met morfine…
3.    Met attributen hem doden.
4.    Hem laten stikken met een touw
5.    Vergiftigen, in brand steken, elektriseren  (waarmee…?)
6.    Z’n eten ontnemen z’n eten is in een keer op en hij kan nergens water halen….
H,55
Pi wil plan 6 uit gaan voeren. Hij zal dus lang moeten wachten. Maar als hij er langer over nadenkt, vindt hij het plan steeds slechter worden, want R.P. drinkt het regenwater dat in de boot valt op…
H.56
Pi is bang…
H.57
De tijger zorgt ervoor dat Pi uiteindelijk niet meer bang is. Ze hebben oogcontact. Zonder de tijger zou Pi het van verdriet niet overleefd hebben. Pi gaat een ‘show’ opvoeren, vanaf het vlit. Hij wil de tijger in leven houden=p plan 7. Pi gaat R.P. temmen!
H.58
Pi wil erachter komen waarom R.P. beneden het dek blijft. En hij wil een extra touw aan de boot maken. Pi weet zeker dat geen boot hem zal bevrijden en dat hij dus zelf moet zien te overleven. Hij ziet het hopeloos in.
H,59
Pi gaat terug naar de boot. Daar hoeft R.P. z’n territorium afgebakend met z’n urine in het benedendek. Gelukkig niet op het bovendek. Pi plast op het bovendek om zijn territorium aan te geven. Pi maakt z’n vlot iets comfortabeler, door een extra touw aan het vlot vast te maken en meer peddels op het vlot te doen. Ook maakt hij een mast en hij gaat op een reddingsvest zitten (=droog)
Dit zou Pi van R.P. moeten redden. Op het vlot vergelijkt Pi de oceaan met een drukke stad. Dit kalmeert hem.
H.61
Pi gaat vissen met z’n linkerschoen, maar het lukt niet zo goed. Hij raakt z’n hele schoen kwijt. Hij viste ook voor R.P. Het lukt Pi ook niet om en schildpad te vangen. Pi zit weer op het vlot, 2 meter van de boot. R.P. gaat op het dek van de boot staan, Pi denkt dat z’n einde nadert. Maar als hij opkijkt, ziet hij een grote vis op z’n vlot. Pi gooit de via naar R.P. om hem te temmen. Maar de vis valt in het water. Maar dan komen er ineens heel veel springende vissen. R.P. eet ze allemaal op en Pi verzamelt er een paar. Pi durft ze alleen niet te doden, omdat hij vegetarisch is!
Uiteindelijk dood hij een vis, maar hij voelt zich een moordenaar. Hij gaat weer proberen te vissen, dan vangt hij een reusachtige vis (1.5 meter). Als Pi de vis dood, verkleurd het beest in alle kleuren van de regenboog. Pi gooit de vis naar R.P.
H,62
Met een ‘zonne-systeem’ maakt Pi water uit zeewater. Als Pi even op de boot komt, gooit hij vis naar R.P. deze eet het op en hij komt niet dichterbij. Hij heeft z’n eigen territorium. Pi vindt dat het steeds meer op een dierentuin gaat lijken…
Pi gaat verder met vissen, maar hij vangt niks. Hij zit nu al een week op de reddingsboot.
H.63
Pi zit in totaal 227 dagen op de reddingsboot. Eerst wachtte Pi op een schip, maar na 7 weken geeft hij die moed op. Hij telt de dagen ook niet meer. Daardoor kan hij overleven!!
H.64
Door het weer en het zeezout zijn Pi’s kleren kapot gegaan. Hij is nu naakt. Hij heeft alleen een fluitje om zijn nek, waar hij R.P. mee temt. Pi heeft veel last van z’n rug, door de zon en het zeewater.
H.65
Pi heeft nooit geleerd om te navigeren. Hij heeft dus geen idee waar hij heendrijft.
H.66
Pi wordt steeds beter in het vangen van vissen. Hij maakt gebruik van het net. Soms vangt hij zelf té veel vis. Eerst eet hij dan totdat hij genoeg heeft en de restjes geeft hij aan R.P.
Ondanks dat Pi vegetarisch is, eet hij heel veel vis…
H.67
Pi eet ook veel schelpdiertjes die onder het vlot zitten. Pi vergelijkt de onderwaterwereld met het leven van de mens.
H.68
Pi slaapt weinig, terwijl R.P. juist heel veel slaapt.
H,69
Pi denkt vaak dat hij ’s nachts schepen ziet. Maar er komt nooit een schip. Pi geeft het op om te denken dat een schip hem zal redden.
H.70
Pi vangt weer een schildpad. Als hij hem vermoord heeft, drinkt hij het bloed op. Maar de poten van het beest blijven schoppen. Pi is van plan om z’n territorium uit te breiden.
H.71
Pi maakt een reddingsplan voor mensen die ooit in zijn situatie terecht zullen komen…
H,72
Pi is R.P. nog steeds aan het temmen, maar soms komt R.P. dreigend naar Pi toe. Pi gaat dan snel en bang naar het vlot toe. Hij heeft een schildpadschild ter verdediging.
R.P. praat z’n eigen taal. Na een tijdje ‘begrijpt’ Pi deze ook. Maar Pi kan ook zijn autoriteit aan R.P. laten zien en R.P. doet dan niks.
H.73
Pi zou graag een boek willen, maar er is alleen een overlevingsgids en een paar lege blaadjes. Van deze blaadjes maakt hij een dagboek.
H.74
Pi probeert z’n geloven te behouden, maar dat vindt hij erg moeilijk.
H.75
Pi denkt dat het z’n moeders verjaardag is en hij zingt: Happy Birthday voor haar.
H.76
Pi pest R.P. psychologisch, door hem telkens aan te staren. Dit doet hij om te laten zien dat hij de alfa is en niet R.P.
H.77
Pi heeft altijd honger. Pi eet zelfs hele schildpadden op (uitgezonderd de schild, dat is z’n verdedigingsschild en de schilden beschermen hem tegen de zon.) 
Op een dag eet Pi zelfs de uitwerpselen van R.P. Na een paar weken merkt Pi dat hij opzwelt.
Pi kan z’n zoölogische kennis gebruiken op de boot. Hij observeert R.P. en andere beesten goed.
H.79
Pi vangt met z’n blote handen een grote haai, maar de haai is erg agressief. Pi gooit de haai snel naar R.P., maar de haai bijt in de poot van R.P. Er ontstaat een gevecht tussen de twee dieren. Uiteindelijk wint R.P. en hij eet de haai voor de helft op. Pi eet de andere helft op. R.P. heeft wel last van z’n poot, maar het is niet levensbedreigend. Voortaan vangt Pi alleen nog maar kleine haaien en hij vermoord ze dan zelf.
H.80
Op een keer vangt Pi een grote vis (Dorado). R.P. ziet de vis ook en wil hem hebben. Pi’s honger zorgt voor de drang om de vis zelf te houden. Daarom blijft hij R.P. recht in de ogen kijken. R.P. kijt terug, maar uiteindelijk wint Pi het ‘oog contact gevecht.’  Dat betekent dus dat Pi meer macht heeft als R.P. Hierdoor durft Pi vaker op de reddingsboot te zijn. R.P. vindt dat goed, zolang Pi uit z’n territorium blijft.
H.81
R.P. doet Pi niks, omdat hij doorheeft dat Pi de bron van zijn voedsel is.
H.82
R.P. en Pi zijn altijd blij met vers eten/water. Maar van de honger eet Pi als een dier…
H.83
Er is een grote storm en het is erg gevaarlijk. Pi komt steeds dichter bij R.P. tijdens de storm. An de storm ziet Pi dat er veel beschadigd is. Het vlot is weggespoeld en ook veel eten. Gelukkig heeft hij z’n fluitje nog, om R.P. te temmen.
H.84
Pi ziet opeens een oog in het water het is een walvis. Later vangt Pi een vogel en hij eet hem helemaal op, uitgezonderd de veren.
H.85
Het onweert: Pi vindt het erg mooi. Pi vindt de bliksem in het water fascinerend.
H.86
Pi ziet een schip naderen, maar het schip vaart bijna over hun heen! Het gaat maar net goed. Alleen ziet de kapitein van het schip de reddingssloep niet….
Pi zegt dat hij van R.P. houdt en dat hij hem nooit meer kwijt wil..
H.87
Pi maakt een deken nat dat is z’n droomkleed. Hij kan dromen en de tijd verstrijkt sneller. Na een droomtijd kan Pi er weer tegenaan.
H.88
De boot vaart langs allemaal olie en troep. Er komt ook een kastje met eten langsdrijven, maar dat is oneetbaar. dus pi gooit het weer terug in zee. Pi vindt ook een wijnfles, daar stopt hij een overlevingsbriefje in. Daarna gooit hij de fles terug in het water.
H.89
-Pi is heel veel geuren vergeten-
R.P. en Pi vallen erg af. Pi houdt nog steeds een dagboek bij. R.P. gaat steeds sneller achteruit. Pi is bang dat ze beide zullen sterven. Pi raakt R.P. aan om te kijken of hij ngo leeft. Pi eindigt z’n dagboek met: ‘Ik ga dood’. Dan is het dagboek vol.
H.90
Pi en R.P. zijn erg verzwakt. Pi begint tegen R.P. te praten. Pi’s ogen gaan door de slechte hygiëne steeds verder achteruit, daarna wordt hij blind.  En alles doet bij hem pijn. Hij is beried om te sterven. Hij weet dat hij niet meer voor R.P. kan zorgen. Als hij in een rare toestand op z’n dood wacht, hoort hij opeens een stem. De stem praat over voedsel. De stem zou graag (mensen)vlees willen, maar geen wortel. Omdat Pi niks meer kan zien, weet hij niet wie er tegen hem praat. Pi denkt dat R.P. tegen hem praat. Maar dat is niet zo. Het is een andere overlevende op een vlot. De jongen zegt dat hij in het verleden een man en een vrouw vermoord heeft. Hij vond het niet lekker. De jongen is ook blind. Pi valt in slaap, maar weet ngo steeds niet van wie de stem is. Als Pi weer wakker wordt, praten ze weer tegen elkaar. Pi vindt het raar dat de stem een Frans accent heeft, andersom vindt de jongen dat Pi een raar accent heeft. De jongens hebben wel dingen gemeenschappelijk: ze hebben honger en ze zijn blind. Dan gaan ze het samen over handel hebben. De stem zegt dat hij sigaretten en z’n schoenen heeft opgegeten. De jongen zit op een ander vlot. Pi heeft eindelijk door dat het R.P. niet is, maar een andere jongen. De twee boten gaan dichter naar elkaar toe. De jongens omhelzen elkaar, maar dan probeert de jongen Pi te doden. Dan valt de jongen naar beneden in het onderruim. R.P. bijt de jongen snel dood.
H.91
Pi kan na twee dagen weer zien. Dan ziet hij de verslonden jongen. Zelf eet hij er ook iets van. Het beeld van de dode jongen zal hij nooit meer vergeten…
H.92
Pi werd wakker en dan ziet hij opeens een bos dat op algen drijft met heel veel vegetatie. Hij gelooft het niet. Hij vindt het bijzonder om opeens iets groens te zien (het is ook z’n favoriete kleur). Er is geen zand op het eiland, maar ingevlochten algen. Pi vindt het op de hemel lijken. Pi klimt uit de boot, richting het bos. Het is een echt eiland! Pi begint gelijk de zoet binnenkant van de algen op te eten. Het lukt Pi niet om te lopen, omdat z’n evenwicht erg verstoord is. Dus hij beweegt zich kruipend voort. Dan ziet R.P. het eiland ook. Na enige twijfel komt hij ook aan land. Pi wordt een beetje bang voor R.P. Want dit is een nieuw en ander territorium. Pi gaat daarom snel terug naar de boot. Eerst krijgt hij kramp in zijn buik ontlasting
Na enige tijd valt Pi in een diepe slaap. De volgende dat probeert Pi weer te lopen. Het gaat met de dag beter. Hij voelt z’n krach terugkomen. Dan gaat hij het eiland verkennen. Op het eiland zijn duizenden stokstaartjes en waterpoeltjes. In deze poeltjes komen veel dode vissen bovendrijven, die de stokstaartjes uit het water halen. Deze doden dieren, stierven door het zoete water, omdat het zoutwatervissen waren. Pi neemt eerst zelf een zoet waterbad en hij drinkt veel water. Dan komt R.P. en hij dood vele stokstaartjes.  Tijdens de dagen op het eiland sterkt Pi aan. Pi maakt ook een tornado  mee op het eiland en hij geniet ervan! Pi en R.P. komen dus beide weer tot leven. Ze komen allebei aan. Pi geeft op de boot ngo altijd z’n territorium aan met z’n urine.
Op het eiland vertoont R.P. voortplantingsgedrag. Dat baart Pi zorgen.
Pi traint R.P. nog steeds, soms met gevaar voor eigen leven. Pi leert R.P. om door een hoepel te springen. Pi wil voortaan in een boom op het eiland slapen. Dit doet hij dan ook. ’s Nachts komen de stokstaartjes ook tot leven en ze vallen Pi lastig en ze maken veel lawaai.
Maar Pi vindt het toch leuk en hij blijft in de boom slapen. Op een nacht ziet Pi allemaal vissen in de waterpoeltjes. De volgende ochtend zijn alle vissen weg.  Pi vraagt zich af wie die vissen heeft opgegeten. Het antwoord komt dieper vanuit het bos…. Pi gaat het eiland onderzoeken. Dan komt hij bij een ‘fruitboom.’  Er groeit aan één tak ‘fruit.’ Pi probeert een stuk te pakken met een touw. Pi bedenkt  dat hij nooit terug wil naar de boot. Hij wil altijd op het eiland blijven wonen.
Maar…. Het fruit is geen fruit. Het is een soort bal. Als Pi de bal openmaakt, ontdekt hij dat er een mensentand inzit. In totaal zit er in elke bal een tand--. 32 (heel gebit).
Pi wordt bang. Omdat hij door z’n voet is gegaan, doet hij deze in het water. Pi ontdekt dat er veel vleesetende planten zijn op het eiland. Deze aten dus de dode vissen op. En daarom snapt Pi ook dat R.P. ’s nachts altijd op de boot wil slapen en waarom de stokstaartjes altijd hoog slapen en waarom er nog tanden hangen. Pi besluit om van het eiland te gaan. Eerst eet en drinkt hij nog heel veel en hij neemt vissen en dieren meet naar de reddingssloep. Pi neemt R.P. ook mee, anders zou R.P. het niet overleven.
H.94
Pi en R.P. komen uiteindelijk aan in Mexico. Pi is te zwak om blij te zijn. als bijna bij land aankomen, springt R.P. uit de boot en hij loopt de jungle in. Daar verdwijnt hij en Pi ziet hem nooit meer terug… Dan is Pi alleen. Dan komen er 7 mensen naar hem toe, die een vreemde taal spreken. Pi moet huilen, omdat hij zich zo alleen voelt. Pi vindt nummer belangrijk: het boek heeft namelijk 100 hoofdstukken, misschien komt dit door z’n naam.
Eigenlijk had Pi R.P. nog willen bedanken voor het redden van z’n leven. De 7 mensen nemen Pi mee naar een dorpje waar ze hem wassen en hem eten/drinken geven. Daarna wordt hij met een politieauto naar een ziekenhuis gebracht.

Deel 3 Mexico
Cursief  H.95
Pi heeft z’n verhaal op tape verteld. Dit bandje kwam in de handen van de schrijver. Hij heeft het vertaald en er een boek over geschreven.
H.96
Meneer Okamoto komt samen met een andere man bij Pi op bezoek, nadat hij op land is aangekomen. Deze mannen zijn van het Japanse ministerie van transport. (Het gezonken schip was een Japans schip Tsimtsum)
H.97
Het verhaal…. (dus deel 2 van het boek)
Het verhaal moet Pi aan de twee mannen vertellen.
H.98
De mannen vinden het een uitzonderlijk verhaal.
H.99
De mannen geloven het verhaal van Pi niet, want:
-    een aap kan toch niet op bananen drijven….? Ze proberen het uit en de bananen blijven drijven…
-    ze geloven het eiland ook niet
-    en het overleven met een tijger ook niet Pi kan het niet bewijzen, want R.P. zit in de jungle.
Het verhaal van Pi is niet te bewijzen…
De mannen komen om te ontdekken of Pi weet waarom de Tsimtsum zonk. Pi zegt dat het een samenloop van omstandigheden was. De mannen vragen of Pi weer wie de andere jongen op dat vlot was. Pi weet het niet. Maar waarschijnlijk was het de Franse kok van het schip.
De mannen willen het liefste een verhaal zonder dieren. Dus Pi maakt een ander verhaal waarin de dieren, z’n moeder, kok en de kapitein zijn.
In het verhaal zijn:
Kapitein:  Zebra gebroken been sterft
Kok: hyena
Moeder: Orang-Oetang
Pi: tijger eigen territorium
In het verzonnen verhaal voelt men zich goed op de reddingssloep. Eerst dood de kok Pi’s moeder. Pi bouwt een vlot en blijft daar. Dan dood Pi de kok met een mes.
De twee mannen hebben door dat de twee verhalen overeen komen.
Waarschijnlijk waren er dronken mannen op de Tsimtsum die de dierenkooien hadden opengezet en de dieren in de reddingsboot hadden gedaan met Pi erbij.
Pi beschrijft hoe het schip zonk:
-    voorkant verdween eerst in het water
-    het schip zonk in 20 min.
-    er was een explosie te horen en het was stormachtig weer.
in allebei de verhalen, zonk het schip, overleed Pi’s familie en overleefde Pi het. De mannen vragen welk verhaal Pi het liefste heeft hij kiest het verhaal met de dieren.
Pi wil het liefste naar Canada, niet naar India, want daar zou hij alleen maar verdrietige herinneringen hebben.
H.100
Samenvatting van meneer Okamoto over het gezonken schip de Tsimtsum…
Hij zet erbij dat niemand ooit zo lang heeft overleefd op zee (in totaal 227 dagen), samen met een volwassen Bengaalse tijger!!!

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

K.

K.

Het is een luiaard en geen luipaard in het begin van het verhaal.

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast