Wie niet weg is wordt gezien door Ida Vos

Beoordeling 6.8
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • Klas onbekend | 1512 woorden
  • 24 april 2007
  • 31 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.8
  • 31 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1981
Pagina's
160
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
1 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover Wie niet weg is wordt gezien
Shadow
Wie niet weg is wordt gezien door Ida Vos
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
ERVARINGSVERSLAG!
1. Waar gaat het verhaal over.

1.1 Beknopte samenvatting.
Het boek begint in Rotterdam , waar Rachel woont, samen met haar zus Esther en haar ouders. Het is aan het begin van de oorlog. Die avond moeten ze oefenen leren te verduisteren, het eerste teken voor Rachel dat de oorlog begint.
Dan moeten ze verhuizen vanwege het bombardement op Rotterdam naar Rijswijk. Daar woont familie van haar, en ze gaat samen met haar neefje, Leo, naar school.

Het gaat van kwaad tot erger voor de joden, en zo komt het dat Rachel samen met haar gezin moet onderduiken. Haar eerste adres is bij een pastoor, waar ze een hele lange periode blijft totdat er een kapelaan benoemd wordt die bij de pastoor gaat wonen, en dus moeten ze bij de pastoor vandaan.

Daarna komt Rachel en haar gezin in Hoorn, dat haar tweede onderduikadres is. Dat huis is nog krapper dan het huis van de pastoor, en er komen alsmaar meer mensen bij, maar na een korte tijd is het niet meer veilig, en moet ze een ander onderduikadres zoeken. Zo komt ze bij een nieuw adres: Venhuizen, bij twee aardige mensen. Maar toch is Rachel heel erg veranderd sinds ze moest onderduiken. Ze durft haast niets meer en is heel bang dat ze gepakt wordt door de Duitsers.
Haar ouders zijn ondertussen van haar weggehaald en Rachel moet voor Esther zorgen. Haar hele familie is uit elkaar gevallen.
Tegen de tijd dat Nederland wordt bevrijd vindt ze ook haar vader en moeder terug. Omdat het huis in Venhuizen te klein is voor Rachel en haar gezin, moeten ze verhuizen. Als ze weer in Rijswijk zijn vraagt haar vader (ze zijn eerst tijdelijk bij iemand in het huis) aan het gemeentehuis of er een huis vrij is. En na een tijdje is er een bericht dat er een heel groot huis is vrijgekomen. Een huis waar eerst een NSB er woonde, maar nu mogen zij erin wonen. Na een korte periode zit het huis vol met familieleden en kennissen die allemaal slachtoffers waren van de oorlog. Sommigen kwamen uit een concentratiekamp en anderen hebben de hele oorlog ondergedoken. Maar heel veel familieleden van Rachel zijn omgekomen in een concentratiekamp.

1.2 Waarom heb je dit verhaal gekozen?
Ik heb dit verhaal gekozen omdat ik met de klas op excursie ging naar het Oorlogsmuseum in Overloon. Ter voorbereiding heb ik onder andere dit boek voorgelezen.

1.3 Wat wist je of kende je al van de schrijver, het onderwerp, de context waarin het zich afspeelt?
Het onderwerp is natuurlijk wel bekent, zeker ook omdat de kinderen uit mijn klas hier nu mee bezig zijn. De schrijver kende ik echter niet.

2. De personen
2.1 Wie zijn de hoofdpersonen?
Rachel en Esther. Zij zijn twee Joodse zussen die tijdens de oorlog moeten onderduiken. Rachel is een hele slimme meid. Zij moet later ook voor haar zusje zorgen, omdat haar ouders worden opgepakt.


2.2 Wat houdt hen bezig?
De meiden hielden van school. In het begin zijn ze veel bezig met leren en lezen. Later gaat Rachel schrijven en verhalen verzinnen. Esther houdt van spelen.

2.3. Hoe is hun relatie?
Doordat ze moeten onderduiken en dus de hele dag op elkaars lip zitten, is er af en toe wrijving tussen de twee, maar meestal gaat het goed.

2.4 Wat voor mensen zijn het in jouw ogen? Hoe is volgens jou hun karakter?
Rachel is een leergierig meisje die zich heel zorgzaam opstelt tegenover haar zusje en zich dus erg groot houdt, hoewel het natuurlijk ook maar een kind is.
Esther snapt nog niet erg veel van de oorlog en alles erom heen. Zij is erg speels en snapt niet dat Rachel hier wel eens moeite mee heeft.

2.5 Herken je bepaalde karaktertrekken of bepaald gedrag van jezelf in de personen in het verhaal?
Ik herken mezelf in Rachel, omdat ik ook het oudste kind thuis ben.

2.6 Als deze hoofdpersoon een bekend figuur is: klopt het beeld van deze persoon met het beeld dat je al had? Vult het jouw beeld aan? Klopt het absoluut niet met het beeld dat je had? Waar ligt dat aan? Zou deze beeldvorming een bepaalde oorzaak hebben?
N.v.t.

2.7 Hoe ervaar jij hun problemen, wat hen bezighoudt en hoe ze daarmee omgaan? Herken je er iets van jezelf in? Hoe zou jij het aanpakken?
Hun problemen zijn heel logisch. Ik weet voldoende van de Tweede Wereldoorlog om me hierin te kunnen verdiepen. Toch heb ik wel respect voor de manier waarop Rachel omgaat met het feit dat ze moet onderduiken. Ik zou dat denk ik zo niet gekund hebben. Waarschijnlijk had ik mezelf al heel snel verraden of was ik knettergek geworden.

2.8 Wie vind je het meest sympathiek. Op grond waarvan? Beschrijf deze persoon alsof je hem of haar aan een vriend beschrijft.
De pastoor is heel sympathiek. Hij leeft heel erg met het gezin mee en zorgt ervoor dat het gezin het goed naar zijn zin heeft.
Ook oom Jaap en tante Nel (zoals de kinderen ze moeten noemen) leven heel erg met de kinderen mee en proberen de kinderen zoveel mogelijk vrijheid te geven.

2.9 Wie vind je het minst sympathiek. Op grond waarvan? Beschrijf deze persoon alsof je hem of haar aan een vriend beschrijft.
Tante Annie, zij is ook een vrouw waar ze onderduiken. Zij wil de meiden op de foto zetten en Rachel wil/kan niet lachen. Annie wordt daar erg boos om. Daarnaast neemt ze de kinderen mee naar buiten terwijl ze dat niet willen. Ze dwingt hen om het toch te doen en dat is gemeen.

3. De tijd
3.1 In welke historische tijd speelt het verhaal zich af?
1939-1945; de Tweede Wereldoorlog.

3.2 Is dat volgens jou belangrijk voor het verhaal? Hoezo?
Ja, want als je dat niet weet dan snap je het verhaal niet.

3.3 Als het verhaal zich afspeelt tegen de achtergrond van bepaalde historische gebeurtenissen: geef een korte karakteristiek van de gebeurtenissen.
Alles wat wij op school leren over de Tweede Wereldoorlog komt terug in het boek. Vooral gebaseerd op het onderduiken en de Jodenvervolging.

3.4 Geef een korte aanduiding van wat je al wist van die tijd.
Dat de Joden niets meer mochten op een gegeven moment. Dat ze moesten onderduiken en via de “ondergrondse” werden geplaatst op onderduikadressen.
Ik wist al iets over de razzia’s, de voedselbonnen.

3.5 Geef een korte aanduiding van wat je nog niet wist van die tijd.
Ik wist niet dat mensen brieven konden ontvangen vanuit het kamp en wat voor soort berichten er stonden in de kranten van die tijd.

4. De plaats
4.1 Waar (ter wereld) speelt dit verhaal zich af?
In Nederland

4.2 Geef een korte aanduiding van wat jij al wist van deze plaats, stad, streek, dit land enzovoort.
Alles.

4.3 Geeft die plaats van handeling het verhaal extra betekenis?
Nee, maar maakt het wel echter, doordat je weet waar de plaatsen zijn. Je kan je beter inleven. Ook omdat je weet dat de mensen het echt hebben meegemaakt.

4.4 In wat voor omstandigheden speelt het verhaal zich af? Denk daarbij aan de maatschappelijke situatie, het klimaat, het landschap.
In de Nederlandse maatschappij die wordt geleid en onderdrukt door de Duitsers.

4.5 Vormen die omstandigheden het onderwerp van het verhaal of zijn ze maar het decor waartegen het verhaal zich afspeelt.
Vormen het onderwerp van het verhaal.

5. Het vertelstandpunt
5.1 Door wiens of wat voor ogen volg jij het verhaal? Is het een persoon in het verhaal? Is het min of meer een manier van vertellen, die niet aan een persoon gebonden is?
Je volgt het verhaal door de ogen van Rachel. Het is de hoofdpersoon van het verhaal.

5.2 Probeer aan te geven in hoeverre jouw beleving van het verhaal en jouw kijk op de personen worden beïnvloed door de wijze van vertellen waardoor je het verhaal volgt?
Je ervaart het nu vanuit het kind dat moet onderduiken en hierdoor krijg je een andere kijk op de oorlog dan dat je zou kijken vanuit bijvoorbeeld iemand die bij de “ondergrondse” werkt..


6. Wat wil het verhaal de lezer zeggen/.
6.1 Heb jij het idee dat de schrijver met het verhaal jou iets wil zeggen, je een visie wil overbrengen of een levensles?
Ja

6.2 Wat is dat dan volgens jou?
Ida Vos heeft dit verhaal zelf meegemaakt. Zij wil ons laten ervaren hoe het is als moet onderduiken en alles moet achterlaten.

6.3 Hoe ervaar je dat?
Ik ervaar het zeer positief, al is zo’n verhaal natuurlijk voor een groot deel al bekent vanuit Anne Frank. Dit is wel leerzaam om te lezen, ook omdat je hier leest dat mensen ook naar vele andere onderduikadressen gestuurd konden worden.

6.4 Geef aan wat jij van het verhaal leert, van het verhaal meekrijgt, wat het verhaal je uiteindelijk bij je teweegbrengt.
Je staat nu toch meer stil bij het onderduik gebeuren. Je merkt gewoon dat dat geen pretje moet zijn geweest.

7. Zou je nog eens een verhaal lezen:
7.1 Van dezelfde schrijver?
Jawel

7.2 Over dezelfde tijd?
Ik houd niet heel erg van oorlogsverhalen, maar op deze manier geschreven zeker wel.

7.3 Over dezelfde plaats; hetzelfde gebied?
N.v.t.

7.4 Over hetzelfde onderwerp?
Zie punt 7.2

7.5 Waarom wel, waarom niet?
Zie punt 7.2

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Wie niet weg is wordt gezien door Ida Vos"