Weerborstels door A.F.Th. van der Heijden

Beoordeling 5.5
Foto van een scholier
Boekcover Weerborstels
Shadow
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas havo | 1172 woorden
  • 15 februari 2015
  • 1 keer beoordeeld
Cijfer 5.5
1 keer beoordeeld

Boekcover Weerborstels
Shadow
Weerborstels door A.F.Th. van der Heijden
Shadow
ADVERTENTIE
Maak jij weleens gebruik van de achteraf betalen-optie bij een webshop?

Voor veel jongeren is het de normaalste zaak van de wereld, maar het kan ook risico’s met zich meebrengen. Zo belandde Maura in de schulden: 'Wat begon met achteraf betalen eindigde met een schuld van zo’n 3.000 euro.'

Lees nu het interview

Titelbeschrijving:

Het boek van A. F. TH. Van der Heiden heet weerborstels. De weerborstels verwijzen naar het haar van Robby. Weerborstels zijn plukjes haar die niet willen liggen.

 

Samenvatting:

Albert Egberts is 11 jaar als zijn oom Robert een televisieantenne komt plaatsen op zijn ouderlijk huis te Geldrop. Zijn zesjarige Eindhovense neefje Robby staat beneden zijn vader te bewonderen. Albert kan de verleiding niet weerstaan zijn neefje over de bol te aaien. Het kortgeknipte haar, zonwarm, voelt aan als zacht borstelig nylon. Het zonlicht doet nog iets extra's met de weerborstels. Er ontstaat een kleine draaikolk van licht, vergelijkbaar met de glinstering die soms over de spaken van een sneldraaiend fietswiel komt te liggen.

Oom Robert was op zijn zesde door zijn zus met een haaknaald in het oog gestoken. Sindsdien had hij vrijwel nog maar zicht uit één oog. Hij zocht het daarna in snelheid. Op zijn vijftiende was hij wees en ontdekte de snelheid van de fiets. Hij kreeg via de bezemwagen in het peloton kennis aan Karin, dochter van een Duitse vader. Na een val uit een boom heette ze onvruchtbaar te zijn, dus haar ouders stemden gaarne in met een huwelijk. Albert beleefde op zijn vierde jaar de afschuwelijke ervaring om bruidsjonker bij het huwelijk te moeten zijn.

Op het zaterdagse wielerparcours ziet Albert de snelheid van het fietsen, die onzichtbaar maakt. De resultaten van de wielrennerij van zijn oom laten steeds te wensen over, maar hij wordt wel vader van zoon Robby, terwijl beide ouders onvruchtbaar zouden zijn. Karin schenkt Robert vier kinderen, maar de vijfde is afkomstig van Hendige Henny. Oom Robert vertrekt naar een kosthuis in Eindhoven. Hij krijgt een baan als nachtwaker bij Philips en goede connecties met een Belgische apotheker, maar zijn wielerloopbaan gaat nog steeds bergafwaarts. Zijn zoon Robby stapt op de fiets en die carrière gaat van aanvang af als een pijl omhoog. Vader Robert keert terug in een schaftkeet voor de echtelijke woning, maar Karin liet hem vaak genoeg door de achterdeur binnen.

Als Albert op speurtocht is naar zijn gestolen jas, komt hij weer in contact met zijn neef Robby, die inderdaad achter de diefstal zit. Robby wil intussen overstappen naar de motorsport. De twee neven komen in een filosofische discussie over de massa-energierelatie. Robby zegt dat hij lichter wordt bij grotere snelheid, Albert weet[1] dat hij iets zwaarder wordt. Maar echte effecten treden pas meetbaar op vlak bij de lichtsnelheid zelf. Maar Robby lijkt met lichter lichtgevend te bedoelen, en daarom zoekt hij steeds hogere snelheden op. En desgevraagd gewaarschuwd door zijn neef, is hij inderdaad niet bang om in een invalidenwagen te komen.

Vader Robert krijgt van agenten te horen dat zijn zoon Robby is verongelukt bij een motorongeluk. Hij is klinisch dood. Maar zonder voorgevoel gelooft zijn vader niet in zijn dood en Robby staat op uit zijn toestand en leeft verder met zilveren pinnen in zijn kniegewrichten. Vriend en vijand noemt hem nu Pinocchio. De twee neven praten hun doodsangst uit. Volgens Robby is het een kwestie van snelheid. Als je snel genoeg rijdt gaat het leven naadloos over in de dood.

Met gedoofde lichten rijdt Robby met zijn maat in een auto zich met topsnelheid te pletter tegen een boom. De Eindhovense politie komt vader Robert nu vertellen dat zijn zoon zijn laatste ongeluk heeft gehad. Maar vader Robert gelooft weer niet in zijn dood. De politie houdt echter de lijkkist uit piëteit dicht. Tijdens de begrafenisplechtigheid probeert Albert zijn tante in gedachten te troosten. Oom Robert moet tot het besef komen dat zijn zoon zijn vaders voorbeeld te goed heeft gevolgd. Maar oom Robert blijft het sterfgeval ontkennen. Hij krijgt een nieuwe vriendin. Maar Albert blijft achter met de naadloze dood van Robby. Hij vreest zelf nu heel moeizaam ooit aan zijn einde te komen.

Albert besluit nog eens de krantenfoto van het ongeluk te bestuderen. De auto is een compleet wrak maar Albert concentreert zich op de fel opgepoetste wieldop, als een traan van de omgekomen auto. De ochtenddauw en het oranje licht van de takelwagen geven de wieldop de glorie van het beeld van een weerborstel. Albert beseft dat Robby niet dood is.

 

Thematiek en motieven:

In mijn ogen zit er niet echt een achterliggende gedachten in het boek. Het boek heeft bijvoorbeeld wel veel grote vraagtekens want het boek bevat een open einde. Het gaat over het dagelijks leven maar wel over angst. Albert is bang voor de dood van Robby maar in het laatste stukje van het boek ziet hij een foto uit de krant en daar herkent Albert Robby in de wieldop doormiddel van de weerborstel van Robby. Misschien wil de schrijver hiermee laten zien dat we allemaal wel eens bang zijn geweest om iemand te verliezen.

Terugkerende motieven zijn de weerborstels van Robby. De reden om dit steeds terug te laten komen is dat je Robby hiermee goed kan herkennen, het is een kenmerk.

De boeken van van der Heijden zijn zoals al eerder gezegd een pleidooi voor de onbeperkte mogelijkheden van de geest. Dit is dus het belangrijkste motief in het boek.

 

Beknopte analyse:

Ik denk dat het thema van dit boek de dood is. Robert kan de dood van

Robby niet accepteren. Tot twee keer toe wordt Robert hiermee geconfronteerd.

Robert kaffert de agenten die hem het nieuws komen vertellen gewoon uit.

 

Robby komt uit Eindhoven. Het taalgebruik van Robby (Wâ’ne quatsch!) lijkt me

uit de Achterhoek te komen. De dief die de jas gestolen had, komt uit Den Bosch

en Robby stunt in Helmond op een autokerkhof. Verder speelt het zich af thuis en op de wielerkoersen van Robert waar iedereen altijd komt kijken.

 

De vertelde tijd van het boek is ongeveer 30 jaar.het begint dat Albert en Robby nog klein zijn en het eindigt wanneer Robby dood gaat. Het verhaal is chronologisch geschreven en discontinu.

 

Bio- en bibliografie:

A. F. Th. Van der Heijden werd geboren in 1951 te Geldrop. Hij is een Nederlands schrijver die beschouwd wordt als een van de belangrijkste romanciers in het Nederlandse taalgebied. In 1978 schrijft hij zijn debuut, Een gondel in de Herengracht, onder het pseudoniem Patrizio Canaponi. Een gondel inde Herengracht bevat elegant en lyrisch getoonzette verhalen, waarvoor hij

de Anton Wachterprijs krijgt. Minder weelderig van stijl en ambitieuzer van opzet is de cyclus De tandeloze tijd waarmee hij in de jaren tachtig begint. Voorlopig zijn de volgende boeken in de cyclus verschenen: De slag om de Blauwbrug (Proloog, 1983), Vallende Ouders (Deel één, 1983), De

gevarendriehoek (Deel twee, 1985), Advocaat van de hanen (Deel vier,

1990) en Weerborstels (Een intermezzo, boekenweekgeschenk 1992).

Weerborstels kan achter deel twee gelezen worden. De cyclus vormt een levendige kroniek van Nederland in de jaren 50-80. Een filosofische verkenning en een verslag van de queeste en de wedergang van de hoofdpersoon Albert Egberts, die als junk buiten schot van het maatschappelijk leven en de tijd wil blijven.

 

http://nl.wikipedia.org/wiki/Weerborstels

http://www.zoekboekverslag.nl/boekverslag-10949.html

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Weerborstels door A.F.Th. van der Heijden"