Tomatenblues door Paul Waterman

Beoordeling 6.8
Foto van Cees van der Pol
  • Boekverslag door Cees van der Pol
  • Docent | 3272 woorden
  • 15 april 2011
  • 5 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.8
  • 5 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
2010
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Onderwerpen

Boekcover Tomatenblues
Shadow
Tomatenblues door Paul Waterman
Shadow
ADVERTENTIE
Ga jij de uitdaging aan?

Op EnergieGenie.nl vind je niet alleen maar informatie voor een werkstuk over duurzaamheid, maar ook 12 challenges om je steentje bij te dragen aan een beter klimaat. Douche jij komende week wat korter of daag je jezelf uit om een week vegetarisch te eten? Kom samen in actie!

Check alle challenges!

Feitelijke gegevens over het boek
Verschijningsdatum 1e druk: november 2011
Gebruikte druk: 1e
Aantal bladzijden: 316
Uitgeverij: Boekenbent
Genre
“Tomatenblues” is een psychologische roman over een zoon die naar huis terugkeert. De vader-zoonverhouding, maar ook de religie van vroeger speelt een flinke rol in het verhaal.
De cover
De roman speelt zich af in het Westland. Die streek staat bekend om zijn kassen en warenhuizen. Maar een gedeelte van het verhaal speelt ook in Zuid-Frankrijk nabij Lourdes en dat gaat over de verschijningen van Maria aan de herderin Bernadette. Daarom staat er een afbeelding van de Madonna geprojecteerd op de afbeeldingen van de kassen. In de titel is de tweede T als een Kruis afgebeeld.

De flaptekst
Het nieuwste boek van Paul Waterman ligt vanaf eind november 2010 in de winkel. Het verhaal neemt je mee op een vreemde onverwachte reis, vanuit Lourdes naar het ouderlijke huis. Het is een nostalgisch weerzien, met gedachten van toen en nu. In dit boek beschrijft Paul de vergankelijkheid in bluesvorm.
Een man beleeft zijn jeugd in het Westland opnieuw, wanneer hij door een ongeluk in coma raakt. Wanneer tegelijkertijd zijn vader overlijdt, verschuift in het verhaal ook de grens tussen realiteit en fantasie.

Samenvatting van de inhoud
Deel 1
Laurens van Schie, de bijna 60-jarige (blz. 119) ik-verteller is onderweg in zijn auto naar Nederland. Hij heeft te horen gekregen dat zijn vader aan een ernstige vorm van kanker lijdt en niet lang meer te leven heeft. Hij heeft zijn Franse vriendin Suzette moeten achterlaten en hij rijdt in gedachten verzonken naar huis. Hij denkt dan aan de grottentocht die hij met zijn zwager Didier heeft gemaakt. Dat was een gevaarlijke onderneming. Daarvóór is de eerste echtgenoot van Suzette bij een dergelijke tocht om het leven gekomen. Lau zelf heeft Suzette leren kennen na een auto-ongeluk. Hij kan het heel goed vinden met haar broer Didier. Intussen werkt hij op een camping als een soort administrateur.

Zijn gedachten gaan terug naar de tocht die hij met Didier heeft gemaakt in de grotten van Bétharram (in de buurt van het Zuid-Franse Pau nabij Lourdes) Didier heeft in de grot bijzondere muurschilderingen gezien. En hij heeft er mysterieuze beelden gezien. Kwamen die door de flakkeringen van hun licht? Er zijn steeds andere afbeeldingen te zien met wiskundige vormen. Zou de verschijning van Maria aan het eenvoudige herdermeisje destijds in Lourdes ook zo’n verschijnsel geweest zijn, waardoor Maria niet echt verschenen zou zijn aan haar?
Met vijf man zijn ze de laatste keer de grot ingegaan (Lau, Didier, Yves, Guy en Robert) Maar het noodlot heeft toegeslagen en Didier heeft een stuk rots op zich gekregen. Hij is zwaargewond en kan niet worden vervoerd. Laurens en Guy blijven bij Didier. Robert moet hulp gaan halen. Lau denkt weer terug aan Bernadette die Maria in zo’n grot zou hebben gezien. Of zijn dat ook hallucinaties geweest? Net zoals het beeldenspel met de tekeningen waarvan hij al eerder getuige is geweest. De situatie in de grot wordt penibeler. Robert keert terug. De batterijen raken op. Van Lau wordt verwacht dat hij nu voor het eerst in zijn leven initiatief neemt. Altijd was hij voorheen weggevlucht voor moeilijkheden: in zijn jeugd ten opzichte van zijn vader en in zijn eerste huwelijk dat stukgelopen was. Daarna was hij naar Zuid-Frankrijk gevlucht.
Hij droomt over thuis. Wanneer hij bijkomt, ziet hij dat Robert en Guy de tekeningen die ze van de wandschilderingen hadden gemaakt aan het verbranden zijn. Ze vrezen voor een banvloek van de oorspronkelijke bewoners. Lau wordt boos, maar hij krijgt klappen o.a. met de schildersezel. Hij valt neer en hij is erg bang dat hij dood gaat. Beelden uit zijn jeugd in het Westland komen voorbij zweven. In de verte hoort hij iemand Westlands spreken.
Deel 2
In het eerste hoofdstuk van dit deel is Lau van Schie naar Nederland gereden. Hij vertelt aan de lezer over de dominante positie die de tomaten in het Westland maar ook in zijn eigen leven hebben gespeeld. Lau heeft zich er eigenlijk altijd aan willen onttrekken. Hij belt daarna aan bij het huis van zijn broer Wim en diens vrouw Ellen. Zij was altijd al een aparte persoon in de familiegeschiedenis. Het gezin is streng katholiek opgevoed, maar Ellen had van het begin af aan dat zij verkering had met Wim meegedeeld dat ze niet Rooms-katholiek was. Toch had ze een bijzondere band met haar schoonvader gekregen. Ook Laurens heeft inmiddels het ouderlijk geloof afgezworen, wat hem een moeizame verhouding met zijn vader heeft opgeleverd. Ellen is de laatste jaren voornamelijk spiritueel bezig en ook daar moet hij niets van hebben. Toch mag hij zijn schoonzus in zeker opzicht wel. Hij vraagt aan haar hoe het met zijn vader gesteld is. Die is opgenomen in een verpleegtehuis De Lagune. De volgende dag gaat Laurens zijn vader opzoeken, maar voordat het zover is, zijn er een heleboel uitweidingen o.a. met Westlanders die hij op zijn tocht ontmoet. Dan ontmoet hij zijn vader die aan Alzheimer lijdt, maar toch een opmerkelijke helderheid vertoont, die je niet bij een demente zou verwachten. Zijn toestand is wel zielig. Ook Ellen verschijnt die dag in het verpleegtehuis. Ze heeft nog een oude bekende van Lau meegenomen: Jack Molenkamp die ook in De Lagune verblijft. Die was vroeger net als hij zanger van een band. De twee bands beconcurreerden elkaar. Het wordt nog een genante toestand als zijn vader aangeeft dat hij moet plassen: Lau wil dat eigenlijk niet zien. Maar Ellen doet alles voor haar schoonvader Freek. Lau denkt in een flash back terug aan zijn oude opa. Dan krijgt vader Freek weer een helder moment: hij praat ineens over seks, het Rooms-katholieke geloof en zijn grote aantal kinderen. Laus broer Martin is inmiddels al gestorven.
Wanneer Lau het verpleegtehuis wil verlaten, hoort hij plotseling de stem van zijn oude jeugdliefde, Mia van der Laan. Ze is natuurlijk ook ouder geworden en ze helpt in het verpleegtehuis als vrijwilligster bij het verzorgen van terminale patiënten. Hij is nog steeds verliefd op haar, nu hij haar terugziet. Ze vraagt naar zijn privéleven en vertelt ook dat ze zelf inmiddels gescheiden leeft van haar man Frans. Ziet Lau ineens kansen om zijn jeugdliefde toch te krijgen? Maar ze blijft buiten zijn bereik. Ze wil zelfs geen kopje koffie met hem drinken. In een flashback denkt hij terug aan de keer dat zij de verkering had uitgemaakt.

Daarna gaat hij nog een keer bij Jack Molenkamp (die vroeger de artiestennaam Ravi had) langs. Ze praten samen over het werk en hun muziekhobby in het Westland. Laurens denkt weer aan Bernadette in de grot met de eventuele hallucinaties. Ook Jack gelooft niet aan verschijningen van Maria aan mensen.
In het tehuis loopt een schoonmaker rond die ook al een oude bekende van Laurens van Schie is. Hij heet Jan de Klok en hij is eigenaar van een transportbedrijf. Maar één van zijn chauffeurs is betrapt bij een mensensmokkelzaak waarbij een aantal vluchtelingen om het leven is gekomen. Hij heeft daarvoor als eindverantwoordelijke een taakstraf gekregen en die voert hij nu in het verpleegtehuis als schoonmaker uit. Lau spreekt hem bestraffend toe. Ze hebben elkaar eigenlijk maar weinig te vertellen.
Daarna gaat hij weer naar het huis terug van Wim en Ellen. Hij spreekt met Ellen over Mia. Wanneer hij daarna de kas ingaat, hallucineert hij. Hij valt neer en hij ziet zijn dode broer Martin , maar ook honden die er in werkelijkheid niet zijn. En een beeld van zijn moeder. Broer Wim vindt hem op de grond.
Opnieuw gaat hij de volgende dag bij zijn vader op bezoek. Zijn vader is weer vrij helder. Toch zit er bij Lau een ingeboren angst dat hij ooit ook Alzheimer zal krijgen. Lau krijgt het moeilijk: ziet hij nu ook hallucinaties van zijn broer Martin en de honden of waren dat beelden van Guy en Robert ? Hij vertelt zijn vader over de vloek van de Cro Magnon mensen. Zijn vader geeft behoorlijk heldere antwoorden over religie voor iemand die Alzheimer heeft. Op zich is dat vreemd en dat moet de lezer natuurlijk aan het denken zetten. Dan verzint Lau een smoes dat hij naar het toilet moet, waardoor hij even zijn vader kan ontvluchten.
En natuurlijk ontmoet hij weer Mia van der Laan. Ze praten weer over het verleden. Mia geeft aan dat ze het destijds heeft uitgemaakt met, omdat ze gewoon nog niet aan een relatie toe was. Lau is zo gegrepen dat hij eigenlijk zijn verleden wil overdoen. Maar Mia geeft aan dat dit niet kan. Buiten het verpleegtehuis kan hij haar niet ontmoeten. Ze stuurt hem naar zijn vader. Ook Jack ontmoet hij nog een keer: die ontmoeting is niet zo leuk. Jack pakt hem hardhandig beet, maar Lau weet zich los te rukken.
Hij ziet bij het vluchten allemaal bekende doden (moeder, Martin, zijn grootouders) Hij vraagt aan iemand waar Mia heen gegaan is en hij gaat haar achterna in de aangewezen richting. Ze woonde vroeger in Monster en hij gaat naar de Roomse kerk in de Choorstraat. Naast de kerk ziet hij een grot en daarbinnen ziet hij een Mariabeeld zoals in Lourdes staat. Zijn vader en moeder waren in het verleden voor dat beeld in het huwelijk getreden. Hij durft het beeld van Maria nauwelijks aan te kijken: ziet hij de tranen opwellen uit de ogen van het beeld?
Dan beseft hij de boodschap: het gaat niet om een bepaalde religie. Het gaat om de pure liefde, geen passie maar juist de onbaatzuchtige liefde. Dat is de les die hij heeft moeten leren.
Deel 3
Laurens van Schie ontwaakt daarna uit zijn coma. Hij bevindt zich in het Centre d’Hòpital in Lourdes. Drie dagen na hun ongeval is hij uit de grot gered door duikers. Hij heeft wat ledematen gebroken. De politie is erg nieuwsgierig naar wat er is gebeurd, maar Lau weet er eigenlijk niet veel meer van. Hij was immers niet bij kennis.
Didier ligt enkele kamers verder: hij is blind geworden. Yves die ook was meegegaan, is dood en Guy en Robert zitten daarvoor vast. Yves is overladen met steekwonden. Suzette denkt inderdaad aan de vloek die zich aan hem voltrokken heeft.
De pastoor heeft van haar gehoord dat Lau tijdens zijn comatoestand steeds :”Mia, Mia “heeft geroepen en hij vermoedt dat Lau een verschijning van Maria heeft gezien. Suzette vertelt Lau dat de coma ongeveer een week heeft geduurd. Ze vertelt ook dat er slechts nieuws is uit Nederland. Zijn broer Wim heeft gebeld en meegedeeld dat zijn vader Freek de dag ervoor is overleden.
De politieagenten vertellen nog dat Yves steekwonden in zijn ogen had: de houtschilfers die ze aangetroffen hadden, waren afkomstig van de potloden die ze bij zich hadden. Laurens denkt nu toch ook aan een vloek.
Dan heeft hij telefonisch contact met Wim, die hem vertelt hoe zijn vader overleden is. In zijn laatste uren had hij nog duidelijk met Lau zitten praten, vertelt Wim. Hij vertelt dat zijn vader was opgenomen in De Lagune. Ook zijn oude rivaal Jack Molenkamp (Ravi) had daar gezeten. Die is door een beroerte getroffen. Wanneer Lau naar Jan de Klok vraagt, zegt hij dat die enkele maanden ervoor overleden is aan een hartinfarct. Dan krijgt hij Ellen ook nog even aan de lijn. Ze zegt hem dat hij de reis (zoals beschreven in deel II) met haar heeft gemaakt. Ze is immers spiritueel. Ze heeft hem helemaal gevolgd. Wanneer hij naar Mia van der Laan vraagt, zegt ze hem dat die vrouw al jaren geleden overleden is.
Wanneer de zuster terugkeert, vraagt Lau het verband rond zijn ogen wat losser te maken. Dan ziet hij wat kalk van het plafond naar beneden dwarrelen. Ze vertelt hem dat er de laatste dagen wat aardschokjes zijn geweest en dat hun afdeling (die van Lau en Didier) nog moet worden geëvacueerd.

Titelverklaring
“Tomatenblues” is een mooie benaming voor de roman. Het verhaal speelt zich in deel II voornamelijk af in het Westland. Daar is Laurens opgegroeid. In het Westland is het voornaamste product de tomaat geweest. Lau heeft zich in zijn jeugd nooit zo kunnen interesseren voor de tomaat. Het verleden brengt bij hem allerlei vervelende gedachten naar boven over zijn strenge jeugd. Dat wordt dus zeker geen loflied , maar meer een blues. De blues vindt o.a. zijn oorsprong in de religieuze muziek ( gospels ed.) en is meestal melancholisch van aard. In deze roman maakt de hoofdfiguur een reis naar zijn jeugd, wat nostalgische gevoelens oproept. Bluesmuziek moet de hoofdfiguur ook aanspreken, omdat hij vroeger zelf in een bandje heft gespeeld.
Het eerste hoofdstuk van deel II heet ook “Tomatenblues”. Op dat moment is de hoofdfiguur teruggekeerd in zijn woonplaats (zij het dat hij feitelijk in coma ligt in Zuid-Frankrijk)
Structuur
Het boek heeft drie delen I, II en III. Alle drie delen worden onderverdeeld in hoofdstukken die een vaak korte titel dragen . Enkele voorbeelden: Vanuit Lourdes, Tomatenblues, Maria Monster, Ellen, Pa, Echte liefde etc.
Deel I speelt zich voornamelijk af in het zuiden van Frankrijk, waar de hoofdfiguur met zijn zwager een grottentocht maakt en daarbij door een val in coma raakt. (blz. 7-73)
In Deel II wordt een reis beschreven van Zuid-Frankrijk naar het Westland. Achteraf blijkt dat dit deel zich geheel tijdens de comateuze toestand van de hoofdfiguur afspeelt. (blz. 77-296)
Het verhaal gaat dan eigenlijk terug naar de jeugd en hij ontmoet oude bekenden onder wie zijn oude jeugdvrienden en zijn jeugdliefde. Ook gaat hij bij zijn vader op bezoek die in een verpleegtehuis ligt.
In deel III ontwaakt de hoofdpersoon uit zijn coma. Hij verneemt dat zijn vader overleden is. (blz. 299-316) Hij is dan weer terug in Zuid-Frankrijk.
Perspectief
De roman heeft een ik-verteller Laurens van Schie die over zijn jeugd in het Westland vertelt. Hij heeft een vader die in de tomatenteelt heeft gezeten en vrij hard voor hem is geweest. In zijn comatoestand gaat Lau terug naar zijn jeugd. Hij vertelt in de periode in de o.v.t.
De tijdlagen van het verhaal
Er wordt niet duidelijk naar een jaar of jaartal verwezen. Wel is er sprake van een verhaal uit de 21e eeuw. Het tijdsverloop is natuurlijk wel een bijzonder aspect in deze roman. In feite is er slechts sprake van het tijdsverloop van een week. De mannen zijn namelijk de grot ingegaan, ingesloten geraakt en na drie dagen bevrijd. Lau heeft ongeveer een week in coma gelegen. In die tijd heeft hij een spirituele reis gemaakt naar zijn jeugd. Al die tijd zou zijn schoonzus Ellen hem begeleid hebben. Hij is als het ware een stukje aan de andere kant geweest: vlak voor de dood van zijn vader heeft hij nog met hem gesproken. Daarna is hij weer bijgekomen uit zijn coma.
De vertelde tijd is dus in wezen maar een periode van een week geweest, nl. de week die hij in comateuze toestand heeft doorgebracht.
Het decor van de handeling
Het decor van de roman is in eerste instantie de grot in Zuid-Frankrijk waar hij met zijn zwager en drie andere onderzoekers de wandschilderingen heeft willen bekijken. Daar is hij in coma geraakt. In zijn brein heeft hij daarna de reis terug naar zijn “roots”gemaakt.
Daardoor is het Westland de tweede belangrijke symbolische ruimte: het decor waarvan hij zich had losgemaakt door te vluchten naar Zuid-Frankrijk.
Daar eindigt het verhaal dan ook in deel III: hij komt bij in het ziekenhuis van Lourdes. In feite heeft Lau dus een soort queeste gemaakt: hij is op zoek geweest naar zichzelf en naar zijn verleden. Een queeste begint en eindigt op dezelfde plek: dat is dus hier in Zuid-Frankrijk. De avonturen (hier spirituele avonturen) spelen zich af op het vreemde terrein. Dat is hier het terrein van zijn jeugd geweest, waar vandaag hij gevlucht was. Maar Lau moest op weg naar de waarheid die hij in de kapel van de moederkerk in Monster heeft gevonden: nl. het geloof aan de onvoorwaardelijke liefde.
Uitgewerkte thematiek
Er worden in deze roman een paar duidelijke thema’s aangehaald. In feite gaat het om de reis terug naar het verleden van de jeugd van de hoofdpersoon. Hij is streng gelovig opgevoed in een milieu van hardwerkende tuinders. Zelf heeft hij nooit veel voor de teelt van tomaten gevoeld. Dat was een doorn in de ogen van zijn vader met wie hij een minder goede band heeft opgebouwd. In zijn jeugd speelde Lau het liefst in een jeugdband. Een enkele keer kwam zijn moeder kijken.
Hij heeft er in zijn leven een gewoonte van gemaakt om voor zijn verantwoordelijkheden weg te lopen. Dat had hij ook gedaan toen zijn eerste huwelijk stuk liep. Dat huwelijk kon natuurlijk niet goed gaan, omdat zijn grote jeugdliefde Mia van der Laan zijn liefde niet had beantwoord. In Zuid-Frankrijk heeft hij de rest van zijn bestaan opgebouwd. Door de ontmoeting met Suzette durft hij het leven weer onder ogen te zien. Wanneer hij hoort dat zijn vader slecht ligt, spoort ze hem aan zijn oude vader nog een keer te bezoeken voordat het te laat is. Maar hij maakt eerst een grottentocht met zijn zwager Didier die hem het geheim van de wandtekeningen wil laten zien. Lau maakt er o.a. uit op dat zelfs de verschijning van Maria aan Bernadette in Lourdes wel eens op gezichtsbedrog kan zijn gebaseerd. Dat is natuurlijk wel symbolisch voor het zich afwenden van de moederkerk. Wanneer hij in de grot zijn verantwoordelijkheden voor de eerste keer in zijn leven niet langer kan ontlopen, loopt het verkeerd af. Hij komt in een coma terecht, tijdens welke hij een reis naar zijn jeugd maakt. “Terug naar het Westland.” Op die (zoals later blijkt spirituele) reis ontmoet hij de mensen uit zijn jeugd, zoals zijn oude vrienden Jack Molenkamp en Jan de Klok en natuurlijk zijn grote liefde Mia van der Laan. Ook bezoekt hij zijn vader die aan Alzheimer lijdt, een ziekte waarvoor Lau bang is. Zit Alzheimer ook in zijn genen? Aan het einde van deel II (de spirituele reis) wordt hij door Mia naar een kerk in Monster gelokt. Het is de kerk waarin zijn ouders voor het Mariabeeld hun jawoord hebben gegeven. Dan snapt hij wat de zin van het bestaan is: onvoorwaardelijke liefde. Die had hij al ervaren bij Suzette. Dat is misschien dan ook de reden dat deel III weer in Zuid-Frankrijk speelt. Lau wordt wakker uit zijn coma en hoort wat er in de tussentijd allemaal gebeurd is. Dan belt zijn broer Wim die hem over de laatste momenten en de dood van zijn vader vertelt. Zijn schoonzus Ellen heeft hem op die droomreis vergezeld. De mensen aan het sterfbed hebben gehoord dat zijn vader met Lau gesproken had. Blijkbaar is de afstand tussen vader en zoon minder groot dan beiden tijdens hun leven hebben gedacht.
Voor je leesdossier nog een aantal motieven op een rijtje:
- de queeste naar de zin van het bestaan
- terug naar je “roots”
- een onbereikbare jeugdliefde
- een moeilijke vader-zoonverhouding
- de afvallige van het geloof van de ouders
- de rol van religie in een mensenleven
- angst om op een bepaalde manier dood te gaan (Alzheimer te krijgen)
Over de schrijver en eerder gepubliceerde werk
Bron: website auteur
Westlander Paul Waterman (Kwintsheul, 1948) is het tiende kind uit een streng katholiek gezin van veertien kinderen. Na een succesvolle carriere als ondernemer in de bouw, besluit Paul in 2006 op 58-jarige leeftijd zijn aandelen te verkopen en zich te wijden aan een onderhuids altijd al aanwezige passie: schrijven.
Tot nu toe schreef hij vier boeken”
- Schipperen naast God (2006)
- De Succulentenkweker (2007)
- Zoutwatervrees ( 2009 in de Brunaserie “Westlands juweeltje”)
- Tomatenblues (2010)

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Ook geschreven door Cees van der Pol