t Bolleken door Cyriel Buysse

Beoordeling 8.1
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas havo | 1306 woorden
  • 1 december 2006
  • 8 keer beoordeeld
  • Cijfer 8.1
  • 8 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1906
Pagina's
171
Geschikt voor
vmbo/havo
Punten
1 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover t Bolleken
Shadow
t Bolleken door Cyriel Buysse
Shadow
ADVERTENTIE
Help nu jouw favoriete goede doel door jouw mening te geven!

Hoe? Heel simpel. Geef je op voor het panel van Young Impact en geef jouw mening over diverse onderwerpen zoals gelijke kansen, diversiteit of het klimaat. Voor iedere ingevulde vragenlijst (+/- 1 per maand) ontvang je een bedrag dat je direct mag doneren aan een goed doel naar keuze. Goed doen was nog nooit zo easy!

Meld je aan!
1. BESCHRIJVINGSOPDRACHT

a. Zakelijke gegevens:
Buysse, C.
’t Bolleken
1906
1959
b. Samenvatting:
Meneer Vitàl bezoekt zijn zieke oom Nonkelken. Deze sterft aan de drank. Meneer Vitàl erft alles van Nonkelken. Hij gaat in het dorp op het ‘Kasteelken’ wonen en stopt met zijn studie rechten. Meneer Vitàl maakt kennis met de heren uit het dorp die vrienden waren van Nonkelken. Ze praten over de jacht maar hij besluit om nog niet mee te gaan naar de herbergen. Hij wil niet zoals Nonkelken aan drank verslaafd raken. Hij gaat naar zijn vriendin, Irma, uit de stad. Daar komt hij ongeveer 3 keer per week. De rest van de week is hij met de heren op jacht en gaat nu ook mee naar de herbergen. Hij denkt al lange tijd dat Irma hem bedriegt maar kan dit niet bewijzen. Dankzij meneer de Reu komt hij erachter dat ze hem bedriegt en hij verbreekt hun relatie. Hij wordt verliefd op mademoiselle de Saint-Valéry. Hij stuurt haar een liefdesbrief maar hij krijgt een brief van haar vader terug die hem afwijst. Hij voelt zich nu eenzaam en gaat de hele dag door naar herbergen. Dankzij meneer Taghon ontmoet hij Eleken in een herberg waar zij werkt. Hij wordt verliefd op haar en trouwt al snel met haar. Ze gaan op het ‘Kasteelken’ wonen. Meneer Vitàl probeert van haar een nette dame te maken maar dit mislukt, ze blijft een boers meisje. Ze krijgen een dochter en meneer Vitàl wordt steeds luier. Hij bezoekt vaak de herbergen, terwijl Eleken thuis zit en het huishouden doet. Hij doet mee aan de gemeenteraadsverkiezingen maar verliest van de baron. Hij zondert zich nu helemaal af van zijn vrienden en gaat alleen nog maar met Taghon om. Hij wordt heel ziek van de drank. De dokter schrijft hem voor weinig te eten en niet meer te drinken. Maar hij blijft veel eten en jenever drinken. Uiteindelijk gaat hij ook aan de drank ten onder. Eleken is dan in verwachting van hun derde kind.

2. VERDIEPINGSOPDRACHT 1: PERSONAGES

a. Uiterlijke en innerlijke eigenschappen van de hoofdpersoon:
Meneer Vitàl is de hoofdpersoon. Hij is klein en gedrongen. Hij heeft blond krulhaar, blauwe ogen, een rafelig blond snorretje, opkrullend blond puntbaardje, vierkante schouders en een plooi tussen zijn wenkbrauwen.

Meneer Vitàl is een echte levensgenieter. Hij lijkt heel erg op zijn oom. Hij heeft een heel zwak karakter. Hij neemt zich steeds dingen voor om wel of niet te doen, maar houdt zich hier niet aan. Aan het begin van het verhaal heeft hij nog grote toekomstverwachtingen, maar die vervallen al snel als hij in het dorp woont. Hij leeft erg ongezond en drinkt te veel, daardoor sterft hij al op vroege leeftijd.
b. Verandert de hoofdpersoon?
De hoofdpersoon verandert heel duidelijk. Aan het begin van het boek is hij een arme, jonge student. Hij studeert rechten en heeft mooie toekomstplannen. Zodra hij het vermogen van zijn oom erft verandert alles. Hij stopt vrijwel meteen met zijn studie rechten. Hij denkt dit later nog op te kunnen pakken, maar hier komt niets van terecht. Langzaamaan begint hij steeds meer te veranderen en lijkt hij steeds meer op Nonkelken. Uiteindelijk is hij een eenzame man en zijn leven bestaat uit de herbergen afgaan en drank.
De verandering van de hoofdpersoon komt vooral door de erfenis. Hij heeft zoveel geld, dat hij eigenlijk niet meer hoeft te studeren of te werken. Maar omdat hij niets anders doet dan thuiszitten, begint dat hem te vervelen. Hij voelt zich eenzaam en daarom gaat hij uiteindelijk ook naar alle herbergen en drinkt hij veel jenever.
c. Is de hoofdpersoon een round of een flat character of een type?
Round character. Je komt veel over meneer Vitàl te weten en over zijn gevoelens. Hij ontwikkelt zich in het verhaal.
d. Noem de 2 belangrijkste bijfiguren:
Nonkelken was de oom van meneer Vitàl. Nonkelken was heel populair in het dorp. Hij was een levensgenieter, maar op 70-jarige leeftijd stierf hij aan de drank. Meneer Vitàl erft alles van Nonkelken en hij begint uiteindelijk steeds meer op hem te lijken.
Eleken was de vrouw van meneer Vitàl. Hij ontmoette haar in een herberg. Het is een beetje een boers meisje. Meneer Vitàl probeert van haar een echte dame te maken, maar dit lukt niet. Eleken gaat veel haar eigen gang als ze bij meneer Vitàl op ‘het Kasteelken’ woont. Ze krijgt twee kinderen van hem en als hij sterft is ze in verwachting van hun derde kind.


3. VERDIEPINGSOPDRACHT 2: TITEL EN THEMA

a. Wat is het thema?
De geschiedenis herhaalt zich. Meneer Vitàl gaat op dezelfde wijze ten onder als zijn oom.
b. Welke (literaire) motieven verwijzen naar het thema?
Het beekje keert steeds terug in het verhaal. Het thema van het boek is dat de geschiedenis zich herhaalt. Het water in het beekje blijft altijd stromen en herhaalt zich dus ook steeds.
Meneer Vitàl en Nonkelken woonden allebei in hetzelfde ‘Kasteelken’.
Het waren allebei echte levensgenieters. Ze hielden van veel alcohol en vrouwen.
Ze waren beide eenzaam en zochten daarom hun gezelschap in de herbergen.
Beide zijn ze ten onder gegaan aan drank.
c. Verklaar de titel.
Op blz. 8 wordt ’t bolleken al voor het eerst genoemd. Nonkelken had het erover dat er een balletje in zijn buik zat dat steeds heen en weer sprong. Hij noemde het ’t bolleken. In de laatste 2 hoofdstukken van het boek komt dit bolleken weer terug, maar dan bij meneer Vitàl. Beide zijn gestorven door het ‘bolleken’.

4. VERDIEPINGSOPDRACHT 3: OPBOUW

a. Informatieve opening of opening in de handeling?
Informatieve opening. Het boek begint met te vertellen wie Nonkelken was en dat hij nu dood is.
b. Open of gesloten einde?
Gesloten einde. Het verhaal eindigt met de dood van meneer Vitàl. Nu is het verhaal ook afgelopen, want heel het boek draaide om hem. Ik bleef niet echt met vragen zitten, alleen hoe het verder zou gaan met Eleken.
c. Vertelperspectief.
Alwetende vertelsituatie
d. Noem 3 belangrijke open plekken in het verhaal.
Begin: Nonkelken is gestorven aan drank. Maar dokter van der Muijt zegt dat ook Flavie oorzaak is van zijn dood. Het is me nooit helemaal duidelijk geworden waarom zij ook de oorzaak was van zijn dood. Er wordt wel gezegd dat ze op zijn geld uit is en ze is boos als hij haar maar 5000 franc nalaat.
Midden: Je komt in het verhaal nooit iets te weten over mademoiselle de Saint-Valéry. Ik was benieuwd wat voor vrouw ze was en wat zij voor meneer Vitàl voelde. Er wordt alleen verteld dat meneer Vitàl verliefd op haar is en dat haar vader hem afwijst, over mademoiselle de Saint-Valéry zelf wordt niets verteld.
Einde: Het verhaal stopt meteen bij de dood van meneer Vitàl, maar Eleken is dan in verwachting van hun derde kind en je weet niet hoe het met haar verder zal gaan.

5. VERDIEPINGSOPDRACHT 4: HISTORISCHE TIJD

a. Wat is in het boek herkenbaar van de tijd waarin het verhaal zich afspeelt?
Aan de wijze waarop alles beschreven is kun je duidelijk merken dat dit boek zich een eeuw geleden afspeelde. Mensen die in kleine dorpjes wonen en die ’s avonds naar herbergen gaan of overdag gaan jagen. Dit maak je nu niet zoveel meer mee. En in het boek hebben ze het er steeds over dat ze naar thuis moeten telegraferen. Dat betekent dus dat er nog geen telefoon was.
b. Wat is in het boek in strijd met de tijd waarin het verhaal zich afspeelt?
Ik heb in dit boek niet duidelijk iets kunnen vinden wat in strijd is met de tijd waarin het verhaal zich afspeelt. Dit komt denk ik omdat het boek zich afspeelt aan het begin van de 19e eeuw en de schrijver heeft het boek toen ook geschreven.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "t Bolleken door Cyriel Buysse"