Spijkerschrift door Kader Abdolah

Beoordeling 6.7
Foto van Myrthe
  • Boekverslag door Myrthe
  • 5e klas havo | 4584 woorden
  • 23 maart 2016
  • 8 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.7
  • 8 keer beoordeeld

Eerste uitgave
2000
Pagina's
281
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Onderwerpen

Boekcover Spijkerschrift
Shadow
Aga Akbar, de doofstomme vader van Ismaiel, heeft in de loop van zijn leven een boek geschreven, in een eigen ontworpen spijkerschrift. Na zijn dood in de Perzische bergen wordt het boek bij zijn naar Nederland gevluchte zoon bezorgd. Ismaiel probeert het leesbaar te maken, net zoals hij zijn vader vroeger verstaanbaar moest maken. Zo tovert Kader Abdolah het leven va…
Aga Akbar, de doofstomme vader van Ismaiel, heeft in de loop van zijn leven een boek geschreven, in een eigen ontworpen spijkerschrift. Na zijn dood in de Perzische bergen wordt he…
Aga Akbar, de doofstomme vader van Ismaiel, heeft in de loop van zijn leven een boek geschreven, in een eigen ontworpen spijkerschrift. Na zijn dood in de Perzische bergen wordt het boek bij zijn naar Nederland gevluchte zoon bezorgd. Ismaiel probeert het leesbaar te maken, net zoals hij zijn vader vroeger verstaanbaar moest maken. Zo tovert Kader Abdolah het leven van Aga Akbar en zijn zoon Ismaiel tevoorschijn.
Spijkerschrift door Kader Abdolah
Shadow

Boekopdracht 1 – Spijkerschrift



Auteur: Kader Abdolah



Titel: Spijkerschrift



Uitgever: de Geus



Aantal bladzijden: 374



Niveau LVDL: 4





Algemene informatie



Samenvatting





Het boek begint met een tekst uit de koran (Spelonk) over een groep mannen die toevlucht zoekt in een grot, in slaap valt en driehonderd jaar later weer wakker wordt. Als de mannen weer naar buiten gaan, is alles veranderd. Het verhaal over Aga Akbar begint bij zijn moeder, Hadjar. Ze is zwanger van een edelman, maar omdat ze niet met hem getrouwd is, zijn de kinderen onechtelijk en dragen ze niet de naam van de man. Eén van haar kinderen, Aga Akbar, wordt doofstom geboren en daarom leert Hadjar hem een gemakkelijke gebarentaal. Ook gaat zij naar de edelman om zijn adellijke naam te vragen voor haar doofstomme zoon. Aga Akbar krijgt deze naam onder de voorwaarde dat hij nooit een deel van de erfenis zal krijgen. Aga Akbar heet nu Aga Akbar Mahmoede Gazanwieje Gorasani. Als Hadjar sterft aan een ernstige ziekte, wordt Aga Akbar opgevangen door zijn oom, een dichter genaamd Kazem Gan, die Aga Akbar de kunst van het spijkerschrift bijbrengt. Dit doet hij omdat hij inziet dat Aga Akbar een kunstenaar en dichter is die zijn gevoelens moet kunnen opschrijven. Vanaf dat moment houdt Aga Akbar de rest van zijn leven een dagboek bij.





Later wordt hij verliefd op een prostituee, waar hij vaak naartoe gaat. Dit vindt zijn familie niet goed en gaat daarom op zoek naar een geschikte vrouw voor Aga Akbar. Als ze een vrouw gevonden hebben, trouwt deze met Aga Akbar, maar ze sterft in de huwelijksnacht. Weer later ontmoet Kazem Gan een meisje dat Tine heet. Ze is erg merkwaardig en ze probeert haar vader te beschermen tegen opium, een middel dat Kazem Gan zelf ook vaak gebruikte. Hij vraagt haar met Aga Akbar te trouwen en dit gebeurt niet lang daarna ook. Ze krijgen samen vier kinderen. Het eerste kind is een jongen, Ismaiel, die door de mensen altijd wordt gezien als ,,de mond van zijn vader”. Hij moet namelijk altijd in de buurt van zijn vader zijn om voor hem te zorgen en te tolken. Na Ismaiel kregen Aga Akbar en Tine nog drie dochters. Het jongste meisje heet Goudklokje en wordt echt een vaderskindje.





Het gezin verhuist naar de stad en Ismaiel komt in aanraking met het verzet tegen de heersende sjah. Hij gaat studeren in Teheran en ontwikkelt zich steeds verder. Hij heeft steeds minder contact met zijn vader, door het verschil van wereldkennis. Ismaiel probeert zijn vader veel te vertellen over de wereld, maar Aga Akbar begrijpt hem niet. Aga Akbar is een tapijtwinkel begonnen en die betekent erg veel voor hem. Zijn zoon verbergt hier een belangrijke vrouw uit het verzet, Djamila. Als ze ziek wordt, wordt ze thuis door Tine verzorgd. In die tijd komt Ismaiel erachter dat zijn zusje, Goudklokje, ook in het verzet zit. Hij verzwijgt dit voor zijn familie.





Als er meer druk komt vanuit Amerika, verdwijnt de sjah en wordt hij opgevolgd door een geestelijke, Khomeini. Eerst lijkt alles goed te gaan en de partij van Ismaiel wordt toegestaan, totdat Irak het land aanvalt. Tijdens de bombardementen op Teheran worden partijleden opgepakt en daarom werkt de partij van Ismaiel ondergronds, zoals al eerder het geval was. Ismaiel wordt verantwoordelijk voor de partijkrant. Het is erg gevaarlijk werk dat nog gevaarlijker wordt naarmate er steeds meer partijleden worden opgepakt.











Ismaiel is intussen getrouwd en heeft een dochter. Hij stuurt zijn vrouw en dochter naar zijn familie om ze te laten beschermen. De band tussen Ismaiel en Aga Akbar verslechtert zich nog meer, maar als Ismaiel aankondigt dat hij het land uitgaat, herstelt de oude band zich. Ismaiel komt zijn vader nog één maal tegen op weg naar de moskee. Zijn vader geeft hem zijn jas en samen beklimmen ze de Damawand. Hij krijgt zijn vaders jas en deze stuurt hem de bergen in.





Uiteindelijk komt Ismaiel in Nederland terecht, waar hij hoort dat Goudklokje wordt vermist. Hij hoort dat ze waarschijnlijk is geëxecuteerd, maar de kans bestaat dat ze uit de gevangenis is gevlucht. Aga Akbar gaat haar in de bergen zoeken, maar in de lente wordt hij dood in de sneeuw gevonden. Goudklokje wordt niet meer teruggevonden. Dit alles heeft Aga Akbar in zijn dagboek opgeschreven. Na zijn dood heeft men zijn dagboek naar Ismaiel in Nederland gestuurd, die zo het levensverhaal van zijn vader heeft ontcijferd, het was namelijk in spijkerschrift geschreven. Op deze manier leert hij het levensverhaal van zijn vader kennen en tevens dat van zichzelf. Aan het einde van het boek vertelt de schrijver nog dat Goudklokje in dezelfde grot terecht is gekomen als de mannen uit het verhaal uit de Koran, dat ook aan het begin van het boek wordt verteld. Hij schrijft dat ze na driehonderd jaar wakker wordt en dat alles dan anders is geworden.





Beschrijf de belangrijkste personages in het boek





Al beschreven in de boekopdracht.



Vanuit welk perspectief is het verhaal geschreven?





Het boek bestaat uit drie verschillende boeken. In het eerste boek (Spelonk) heerst een alwetende vertelsituatie. Het gaat hier over de jeugd van Aga Akbar tot aan het moment dat Ismaiel geboren wordt.





In het tweede boek (nieuwe grond) is er een ik-vertelsituatie. Hierin wordt het verhaal door Ismaiel geschreven en hij vertelt over zijn leven in Iran en Nederland.





In het derde boek is de alwetende vertelsituatie weer terug. Er wordt verteld hoe het met de ouders van Ismaiel gaat nadat hij naar Nederland is gevlucht. Het boek loop door tot de dood van Aga Akbar.





Wat kan je zeggen over de tijd en ruimte in het boek?





Het boek Spijkerschrift heeft een verteltijd van 377 pagina’s. De vertelde tijd is ongeveer 75 jaar. Het hele leven van Aga Akbar en een stuk van het leven van Ismaiel worden verteld.





Het verhaal speelt zich af in het ouderwetse dorp Senedjan in de tijd dat Sjah Reza Khan aan de macht was in Perzie. Daar worden de beroemde tapijten gemaakt waar je op kan vliegen volgens de verhalen. De mensen rijden op ezels en er is bijna geen sprake van modernisering.





In de Saffaraanberg is een spelonk met daarachter een grot. Daar is een stuk spijkerschrift gevonden dat geschreven is door een koning van vroeger. Als Aga Akbar kinderen heeft, verhuisd hij naar de stad. Ismaiel en zijn drie zusjes gaan daar naar school. De stad is, in tegenstelling tot het dorp, wel gemoderniseerd. Later gaat Ismaiel in Teheran studeren en komt bij de ondergrondse beweging. Hij vlucht uiteindelijk naar de Flevopolder in Nederland.













Hoe is de spanning in het verhaal opgebouwd?





Al beschreven in de boekopdracht.





Bedenk bij het verhaal meerdere thema’s en leg uit waarom je deze thema’s bij het verhaal vindt passen





Al beschreven in de boekopdracht.







Boekopdracht



Beschrijf het karakter van de belangrijkste personen in het boek





Citaten zijn lastig gezien je de karaktertrekken moet halen uit de verhaallijn, de karaktertrekken zijn niet gegeven.





Aga Akbar





Aga Akbar wordt geboren als doofstomme zoon van een alleenstaande vrouw, Hadjar. Toch krijgt Aga de edele achternaam van zijn vader, maar zonder recht op erfdelen.





Hadjar begint al snel met het ontwikkelen van een eenvoudige gebarentaal voor Aga Akbar, zodat hij zich toch verstaanbaar kan maken tegenover zijn familie. Als Aga Akbar ongeveer tien is, sterft zijn moeder en neemt zijn oom, Kazem Gan, de voogdij op zich. Aga Akbar leert van zijn oom een soort spijkerschrift te ontwikkelen, zodat hij vanaf dat moment elke dag zijn gedachten kan uiten in een dagboek.





Aga Akbar houdt heel veel van de twee vrouwen met wie hij trouwde. De dood van zijn eerste vrouw heeft hem veel pijn gedaan, maar Tine (zijn tweede vrouw) maakte veel goed. Zijn zoon Ismaiel neemt vaak de verantwoordelijkheid van het gezin op zich, Aga Akbar’s jongste dochter Goudklokje wijdt haar leven geheel aan haar vader. Met Goudklokje heeft Aga Akbar dus ook een zeer hechte band.





Uit Aga Akbar’s leven kun je zijn karakter ontcijferen: Aga Akbar is een leergierige jongeman, afgeleid van zijn wil om het spijkerschrift te leren van Kazem Gan. Ook is Aga een heel liefdevolle man, volle aandacht voor zijn vrouwen.





Ismaiel





Ismaiel is de oudste van het gezin van Aga Akbar en Tine, en tevens hun enige zoon. De opvoeding van Ismaiel wordt vooral verzorgd door Tine en zijn oudoom Kazem Gan. Met zijn vader heeft hij een zeer speciale band: door de maatschappij wordt hij gezien als de tolk van zijn vader: Ismaiel moet alle verplichtingen overnemen van zijn vader die Aga Akbar niet zelf kan uitvoeren.





Ismaiel is een erg vriendelijke jongeman geworden, hij helpt iedereen altijd als dat nodig is en denkt niet vaak aan zichzelf. Hij heeft een zeer speciale band met zijn vader, maar ook met zijn oudoom Kazem Gan. Van zijn oudoom leert hij veel, Ismaiel is net zoals zijn vader erg leergierig.





Behulpzaamheid blijkt bijvoorbeeld uit: In Teheran verliest Ismaiel zijn geloof en gaat in het verzet. Dit doet hem veel goed, hij heeft het idee dat hij voor een betere wereld werkt.







Kazem Gan





Kazem Gan is de oudste broer van Hadjar. Hij is een dichter die verslaafd is aan opium roken, hier haalt hij zijn inspiratie vandaan. Hij is erg op zichzelf gesteld en heeft veel losse relaties, maar bindt zich aan geen van deze vrouwen. In het dorp is hij erg geliefd, want hij is altijd bereid om iemand te helpen. Ook neemt hij de zorg van Aga Akbar op zich als Hadjar overlijdt.





Kazem Gan heeft, ondanks hij niet de hoofdpersoon is, voor mij de meest duidelijke karaktertrekken. Een erg geliefde man omdat hij erg behulpzaam is. Ook altijd vrolijk en eigenlijk iedereen kent hem. Alhoewel hij niet erg sociaal is, kan hij het goed vinden met mensen.





Maak een tijdbalk van de belangrijkste gebeurtenissen in het boek





Het verhaal wordt niet-chronologisch verteld en het is daarom lastig om de gebeurtenissen op een rijtje te zetten.





Gewoon een gebeurtenis --> Abc



Gebeurtenis waar aandacht voor moet zijn --> Abc



Heel belangrijke gebeurtenis --> Abc





Het boek begint met een tekst uit de Koran (Spelonk) over een groep mannen die toevlucht zochten in een grot, in slaap vielen en 300 jaar later weer wakker werden. Alles is veranderd als ze naar buiten gaan.  (Geen belangrijke gebeurtenis, maar wel belangrijk voor de verhaallijn. Door dit beginstuk snap je het einde)





Hadjar (moeder van Aga Akbar) gaat naar de edelman van wie zij Akbar heeft gekregen, om zijn adellijke naam te vragen voor haar doofstomme zoon. --> Het lukt.





Hadjar sterft en Aga Akbar wordt opgevangen door zijn oudoom Kazem Gan. Van hem leert hij Spijkerschrift.





Akbar wordt verliefd op een hoertje waar hij regelmatig naar toe gaat. De familie van Aga Akbar vindt dit niet goed en gaan op zoek naar een geschikte echtgenoot. Via een koppelaarster vinden ze een vrouw voor hem. Ze trouwen, maar de jonge vrouw sterft in de huwelijksnacht.





Aga Akbar ontmoet het meisje Tine, een aantal jaar nadat zijn eerste vrouw stierf. Kazem Gan vraagt Tine om met Aga Akbar te trouwen. Niet lang daarna trouwen Akbar en Tine en samen schenken ze leven aan vier kinderen.





Goudlokje (dochter van Aga Akbar) en Ismaiel (oudste zoon van Aga Akbar) zitten beide in het verzet tegen de regerende sjah.





Aga Akbar zet zijn eigen tapijtenwinkeltje op, dat is erg belangrijk voor hem.





Ismaiel richt een politieke partij op, de partij wordt gedoogd.





Na vervanging van de regerende sjah valt Irak het land binnen, de partij van Ismaiel wordt gedwongen ondergronds te werken, net zoals voorheen. Ismaiel verantwoordelijk over de partijkrant.





De band tussen Aga Akbar en Ismaiel was verslechterd, maar als Ismaiel besluit om het land uit te vluchten, herstelt de oude band zich.





Ismaiel belandt in Nederland waar hij hoort dat Goudlokje wordt vermist en het spijkerschrift van zijn vader vertaalt.





Aga Akbar gaat Goudlokje zoeken in de bergen.





Aga Akbar wordt in het begin van de lente gevonden in de sneeuw.





De verteller eindigt met dat Goudklokje in dezelfde grot zit als de mannen uit het verhaal uit de Koran. Hij maakt de toespeling dat Goudklokje over 300 jaar wakker wordt en dan ziet dat alles anders is.







Leg uit wat je van het thema vindt.





Het thema van het verhaal is vlucht. Het gaat over de zoon van een doofstomme man, Ismaiel, die vlucht uit Iran voor het politieke regime. Later krijgt hij onleesbare notities van zijn vader, Aga Akbar, opgestuurd en probeert deze te vertalen.





Kader Abdolah heeft een hele mooi een interessante link gelegd tussen het verhaal en zijn leven. Kader Abdolah moest zelf ook vluchten uit Iran en is uiteindelijk terecht gekomen in Nederland. Dit maakt Ismaiel in het boek ook mee. Ook beschrijft Abdolah de cultuurverschillen van Nederland en Iran erg goed. Dat Abdolah een buitenlandse afkomst heeft, heeft hij er ook (waarschijnlijk niet expres) leuk in verwerkt. Abdolah schrijft in korte zinnen met simpele woorden en hij vertaalt veel Perzische literatuur naar het Nederlands waardoor zinnen soms wat apart lopen.





Het thema leek mij eerst wat afgezaagd, maar Abdolah heeft mij zeer zeker verrast. Hij is er op een leuke, speelse, maar toch realistische manier mee omgegaan. Je blijft nieuwsgierig en wilt zo snel mogelijk doorlezen.





Leg uit hoe de spanning in het boek is opgebouwd.





Ik heb het idee dat er niet echt een vaste spanningsboog in het verhaal is verwerkt. Ik denk dat het per lezer verschilt. Het boek is opgedeeld in drie delen en die delen zijn stuk voor stuk opgedeeld in kleine hoofdstukjes. De hoofdstukjes hebben een samenvattende naam en beginnen elk met een intro van de alwetende verteller. Ook heeft het boek twee verhaallijnen die constant door elkaar lopen, het leven van Aga Akbar en het leven van Ismaiel.





In de intro van elk hoofdstukje staat mysterieus beschreven door de alwetende verteller wat er gaat gebeuren. Ik vind dit een soort ‘spanning’ in het verhaal, je bent nieuwsgierig. Maar dit kan voor elk persoon verschillend liggen.





Wat vind je van het boek?





Ik vind ten eerste het thema heel interessant uitgewerkt. Abdolah heeft goed door wat een lezer wil lezen, zoals cultuurverschillen, een spannende verhaallijn en het goede in de mens (veel behulpzaamheid van de personages). Ook heeft hij zijn Perzische taal er leuk in verwerkt, door middel van bijvoorbeeld stukjes poëzie. De begrippenlijst achterin kwam daarom vaak goed van pas.









Ondanks het boek simpel geschreven is en met korte zinnen, is het niet altijd goed te begrijpen. Je gaat constant van de ene naar de andere verhaallijn en dat kan heel verwarrend zijn. Ook omdat de cultuur in Iran erg verschilt van mijn cultuur waren sommige dingen erg apart en moeilijk te begrijpen.





De gebeurtenissen waren het belangrijkst in het boek, omdat je over de gedachten van Aga Akbar niet veel te weten komt. Misschien is dat ook wel beter, omdat anders de nadruk te veel op Aga Akbar komt te liggen, terwijl het eigenlijk het verhaal is van een jongen, Ismaiel, die de oren mond van zijn doofstomme vader is.





Ik vind de personage ‘Kazem Gan’, de oudoom van Ismaiel geweldig goed bedacht. Een dichter die verslaafd is aan opium roken, erg op zichzelf is, maar toch veel medeleven toont voor de mensen om zich heen. Ook zijn behulpzaamheid spreekt mij heel erg aan, ik herkende mijzelf wel een beetje in hem. Toch denk ik dat het goed is dat hij een bijpersoon is in plaats van een hoofdpersoon, want anders had de hele hoofdgedachte van het verhaal moeten veranderen.





Wat wil je nog meer kwijt?





Opbouw





Het boek bestaat uit drie verschillende boeken. In het eerste boek (Spelonk) heerst een alwetende vertelsituatie. Het gaat hier over de jeugd van Aga Akbar tot aan het moment dat Ismaiel geboren wordt.





In het tweede boek (nieuwe grond) is er een ik-vertelsituatie. Hierin wordt het verhaal door Ismaiel geschreven en hij vertelt over zijn leven in Iran en Nederland. Hierin lopen twee verhaallijnen door elkaar; die van Aga Akbar en Ismaiel in Iran en die van Ismaiel in Nederland. Deze lijnen lopen door elkaar, omdat er verband is tussen de gebeurtenissen in Nederland en het boek dat Aga Akbar in Iran aan het schrijven is.





In het derde boek is de alwetende vertelsituatie weer terug. Er wordt verteld hoe het met de ouders van Ismaiel gaat nadat hij naar Nederland is gevlucht. Dit boek loop door tot de dood van Aga Akbar.





Ik vond het boek erg mooi, maar ook erg moeilijk te begrijpen. Misschien was een andere opbouw een betere keuze geweest.





Recensie van internet – Bewerk de recensie





De ideale schoonzoon is in Nederland de ideale asielzoeker





        Elke keer als ik Kader Abdolah op de televisie zie, denk ik dat hij niet goed wijs is. De eerste keer zag ik een fragment uit een discussie met Frits Bolkestein, waarin Abdolah zulke ongecontroleerde klanken uitstootte dat je er bijna een voorstander van werd om alle allochtonen het land uit te gooien. De tweede keer zag ik hem bij Adriaan van Dis in Zomergasten. Dat was geen praten meer, maar drie uur lang onsamenhangend hakkelen, drukken, moeizaam poepen.



        Laatst zag ik hem voor de derde keer. Hij had op Koninginnedag een lintje gekregen, want in Nederland willen wij altijd graag laten weten dat wij goed zijn voor asielzoekers. "Iek ben geen ridderrrr….", riep hij op zijn vertrouwde pathetische wijze. Hij probeerde uit te leggen dat hij eigenlijk tegen de monarchie is, maar dat aan de andere kant Nederland toevallig geregeerd wordt door een koningin, zodat die koningin ook zijn koningin moet zijn, wat betekende dat hij het lintje wel degelijk kon aannemen. Kortom, er was weer geen touw aan vast te knopen. Ik had er dan ook geen enkel vertrouwen in toen ik Kader Abdolah's nieuwste roman Spijkerschrift, te bespreken kreeg.



        Maar wat een verrassing!



        Spijkerschrift is een bijzonder, aardig en leesbaar boek. Helemaal mee eens! Ik kan bijna niet geloven dat die idioot die ik zo af en toe op de televisie zie haspelen diezelfde figuur is als degene die dit boek heeft geschreven. Als Pnin door Donald Duck was geschreven, had ik het eerder geloofd. Weten ze bij uitgeverij De Geus wel zeker dat zij daar niet te maken krijgen met een door de CIA gestuurde dummy? Is die rare snorremans echt de schrijver van Spijkerschrift?         Okay, okay. Laten wij aannemen dat het zo is, dan is het wel een van de meest krasse gevallen van het Jekyll-en-Hyde-syndroom, dat ik ooit heb waargenomen.



        Spijkerschrift is van alles, maar bovenal is het gewoon een spannend boek. De hoofdfiguur Ismael, zoon van de doofstomme vader Aga Akbar, vertelt het verhaal van zijn opstand tegen het Iranese regime, dat uiteindelijk uitmondt in zijn vlucht naar het westen. Nu woont hij ergens in een Hollandse polder en kijkt als asielzoeker terug op zijn leven als zoon, als verzetsstrijder en als vluchteling. Is het toegestaan de schrijver even met zijn hoofdpersoon te vereenzelvigen, dan is het begrijpelijk dat wij zo iemand graag een lintje geven. Zoals je de ideale schoonzoon hebt, zo heb je ook de ideale asielzoeker: intellectueel, tot assimilatie bereid en tenslotte ook nog succesvol in onze samenleving.



        Spijkerschrift is, naar het schijnt, direct in het Nederlands geschreven. Volgens mij zijn verscheidene stukjes vanuit het Perzisch vertaalt, dat heb ik mij in ieder geval laten vertellen door het internet. Dat is misschien bewonderenswaard, maar voor de literaire beoordeling niet van belang. Zeker is dat Kader Abdolah het met een kleine woordenschat heeft moeten doen en dat hij al te moeilijke zinsconstructies heeft vermeden. Dat is soms een voordeel, maar af en toe ook een nadeel omdat het gevaar bestaat dat een zekere monotonie het geschrevene binnensluipt. De roman krijgt dan iets knulligs, alsof er een stuk uit de schoolkrant is terugvonden van een schrijver die later beroemd geworden is. Niettemin blijft het verhaal levendig genoeg om te blijven boeien, al had het hier en daar zeker wat korter gekund.



        Bij het lezen van Spijkerschift moest ik, wat de stijl betreft, af en toe denken aan The Acrobat, de verhalenbundel die Gerard van het Reve heeft geschreven in de tijd dat hij nog in het Engels wilde publiceren. Van het Reve heeft destijds gezegd dat de beperkte woordenschat hem geenszins had belemmerd een onvergankelijk meesterwerk te creëren, maar bij mijn weten is The Acrobat in het Engelse taalgebied onopgemerkt gebleven. In dit opzicht heeft Kader Abdolah het heel wat beter gedaan, want gezien de notering op de top-tien kan de Nederlandse lezer de werken van de geridderde vluchteling wel waarderen.



        In wezen is Spijkerschrift een eenvoudig verhaal, dat op een eenvoudige wijze met eenvoudige middelen wordt verteld. Dat is ook de kracht ervan. Het is alleen jammer dat Kader Abdolah dat helemaal consequent heeft weten vol te houden. Soms heb je het gevoel dat hij af en toe literair wil doen om zijn ons Nederlanders tevreden te stellen. De introductie van een binnenverteller à la Max Havelaars Droogstoppel is een volkomen overbodige handgreep die slechts vertragend werkt. Gelukkig merkt Kader Abdolah dat zelf ook en valt hij er ons niet al te lang mee lastig, maar hier was enig schrapwerk wel op zijn plaats geweest. Niet mee eens, door iets te schrappen zou het verhaal zijn waarde verliezen! Elk hoofdstuk uit het verhaal had nut.



        Ook andere uitweidingen werken contraproductief. Zo herinnert de hoofdpersoon zich plotseling dat wij het verhaal mogelijk niet kunnen begrijpen als wij niets weten van dr. Mossadeq, de Iranese minister-president die de olie-industrie in zijn land wilde nationaliseren. Dat was achter bezien natuurlijk ontzettend stom en Mossadeq werd dan ook na een één-tweetje van de CIA en de sjah afgezet. Op zoek naar informatie over Massadeq raadpleegt de hoofdpersoon Ismael het archief van ene Igor, in wie wij zonder moeite Igor Cornelissen herkennen. Dat had Ismael natuurlijk beter niet kunnen doen, want het is zoals met alle archieven van Igor Cornelissen: de belangrijkste dingen zitten er niet in.



        Vandaar dat Kader Abdolah volkomen mist dat Mossadeq een paar keer in Nederland is geweest. Naar ik meen heeft Mossadeq een maand in Scheveningen gezeten om bij het Paleis van Justitie zijn zaak van de nationalisatie te bepleiten en heeft hij later ook nog in het Amstel Hotel in Amsterdam gelogeerd. Op Schiphol is Mossadeq een keer in zijn eigen vliegtuig vastgehouden. Ik bedoel: van mij had dat lesje in geschiedenis niet gehoeven, maar als je nu een maal als Iranese schrijver in de Hollandse polder terecht bent gekomen en je wilt ons kaaskoppen iets uit te leggen over de voormalige machthebbers van je land, maak er dan iets van. Het materiaal ligt hier, als je iets tenminste verder zoekt dan Zwolle, voor het opscheppen.



        Maar zo lang Kader Abdolah zijn eenvoudig verhaal op een eenvoudige wijze vertelt, gaat het erg goed en is Spijkerschrift hier en daar zelfs meeslepend. Soms groeit Spijkerschrift uit boven een eenvoudige avonturenroman met een hoog werkelijkheidsgehalte, vooral daar waar op vaak aandoenlijke wijze de relatie tussen de zoon en vader wordt beschreven. Helemaal mee eens! Erg realistisch beschreven door enige ruzies, maar later toch weer een sterke band. Soms balanceert het wel op de rand van het soort vertellingen dat ik altijd pleeg samen te vatten met "het Chinese spleekwoold zeggen", maar Abdolah weet de romantiek van de simpele folklore waarin de meisjes Goudklokje heten, nog net voldoende buiten de deur te houden om te blijven boeien. Erg mooi is het verhaal van de put, die op bevel van de sjah wordt afgesloten en die later in een even symbolische daad weer door Khomeini wordt geopend. Het liet treffend zien dat een land regeren in hoofdzaak niet voortkomt uit rationeel handelen.



        Wel moet gezegd worden dat een goede editor Kader Abdolah's werk geen kwaad zou doen, een vaststelling die uitgever De Geus zich kan aantrekken. Stilistisch is Abdolah nog niet zo ver dat hij ook in roman van bijna vier honderd pagina's op een constant niveau blijft. Af en toe zakt het in. Een goede editor zou meer variatie hebben aangebracht in de voortdurende aaneenrijging van korte zinnen. Die korte zinnetjes zijn weliswaar het handelsmerk van Kader Abdolah geworden, maar een roman is nog geen wekelijkse column in de krant. Toch is Kader Abdolah onafwendbaar op weg een Nederlandse schrijver te worden. Of hij daar gelukkig mee moet zijn, weet ik niet, maar in ieder geval zou zijn volgende stap moeten zijn dat hij onze taal niet alleen schrijft, maar ook leert spreken zonder als een gek te brullen. Ik vind het juist leuk dat je soms wat aparte zinsopbouw ziet. Dit geeft maar weer aan dat Abdolah een andere achtergrond heeft dan de meeste Nederlandse schrijvers, terwijl Abdolah’s boek mij tot nu toe het meest geboeid heeft.





HPDe Tijd, 12 mei 2000 © Max Pam





De recensent beschrijft het werk van Abdolah ook erg leuk en humoristisch. Toch ben ik het vooral met zijn laatste alinea niet eens. Ik vind het juist leuk dat je kunt zien dat Abdolah een buitenlander is, een andere cultuur heeft mogen ontdekken en dat hij toch zo goed een verhaal weet over te brengen.





Ik vond het een geweldig boek, ondanks het vaak wat lastig was om te begrijpen. Het thema was helemaal mijn stijl en de beschrijvingen van de verschillende culturen heeft Abdolah prachtig verwoord!





Zinvolle informatie





'Mijns inziens heeft Kader Abdolah in het verhaal haast de perfecte balans tussen gebeurtenissen, gedachten en gevoelens gevonden. Ik ben werkelijk waar haast betoverd door dit verhaal en door deze schrijver. En dat is iets wat niet snel gebeurt! Een prachtboek, waar ik eigenlijk verder niets op aan te merken heb.'





Vicky, 5 vwo, op: www.scholieren.com – Gevonden op LVDL



'Ik vond het boek Spijkerschrift zeer aangrijpend. Ten eerste natuurlijk door het verhaal; de mensen die onderdrukt worden en dan een man die onbewust meehelpt aan de oppositie. Maar vooral de schrijfstijl van Kader Abdolah spreekt me erg aan. Hij houdt het eenvoudig, niet bombastisch of pompeus, en dit maakt het boek heel echt. Eenvoudige waarheid, zo zou ik het boek omschrijven. Al moet ik zeggen dat juist dit in het begin nogal wennen is.'





Elvan, 4 vwo, op: www.scholieren.com – Gevonden op LVDL


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Spijkerschrift door Kader Abdolah"