Het Expertisebureau Online KinderMisbruik (EOKM) en Slachtofferhulp Nederland doen onderzoek naar financiële afpersing met naaktvideo’s onder jongens (ofwel: sextortion). Is dit jou overkomen? Deel dan jouw ervaringen door mee te doen met het anonieme onderzoek. Met jouw bijdrage help jij de hulpverlening verbeteren!

 


Naar het onderzoek


A. gegevens:

De datum van vandaag is 28 oktober 2002.
De titel van het boek is Schijndood.
De schrijfster van het boek is Simone van der Vlugt. Zij werd in 1966 geboren en is één van de jongste auteurs van Lemniscaat. Schrijven is al van jongs af haar grote passie geweest. Op haar dertiende benaderde ze voor het eerst een uitgever die haar adviseerde en stimuleerde om door te gaan.
Het schrijven begon serieuze vormen aan te nemen toen Simone Nederlands en Frans studeerde aan de lerarenopleiding en haar duidelijk werd dat de lessen creatief schrijven haar het best bevielen. Direct na afronding van haar studie stortte ze zich op haar computer. In eerste instantie ging dat niet soepel door een drukke baan en wat later bovendien door een baby. Maar nu Simone in deeltijd werkt met intussen al twee kinderen, schrijft ze tussen de bedrijven door. Op een aparte kamer met al haar spullen om zich heen waar niemand aan mag komen. Ze schrijft in fragmenten. Een stukje uit het midden van het verhaal, een stukje uit het einde. In 1995 verscheen haar eerste jeugdboek De amulet bij Lemniscaat. Het boek werd een succes: de amulet werd getipt door de Nederlandse Kinderjury. Al spoedig volgde haar tweede boek Bloedgeld, een spannend verhaal over de belevenissen en ontberingen van Reinout en zijn maten, die op een VOC-schip op weg zijn naar Indie.
De genre van het boek is een historische roman.

B. Gegevens:

Kris Blanken is een student Economie en heeft een groot teken en schilder talent. Van kinds af aan heeft Kris last van angstdromen waarin hij zijn eigen dood beleeft. Hij praat er over met een van zijn huisgenoten Dominique en die wijst hem erop dat het iets met reïncarnatie te maken kan hebben. Ze haalt hem over een afspraak te maken met haar tante die reïncarnatie therapeute is. De afspraak komt snel tot stand, en al snel zit Kris bij Heleen Walraven in de behandelkamer. Kris moet enkele vragen beantwoorden over zijn kindertijd en de relatie met zijn ouders. Het lijkt Heleen een goed idee om Kris met behulp van hypnose terug naar zijn vorige leven te sturen om te weten wat zijn steeds terugkerende droom betekent en om daarna het verleden achter zich te laten.

Alkmaar 1655
Op achttien jarige leeftijd wordt bij de talentvolle schildersleerling Olivier Moeriaans melaatsheid geconstateerd. Omdat dit zeer besmettelijk is wordt hij verplicht afscheid te nemen van zijn familie, zijn vrienden en De witte roos, de apotheek van zijn vader en moet hij in een leprozerie gaan leven samen met lotgenoten. Hij loopt hier weg en gaat mee op rondreis met dokter Jeroom Couttenier, een kwakzalver, en Isa en haar 2 kinderen Lyncken en Marijtje. Jeroom is er bijna van overtuigd dat de artsen fouten hebben gemaakt en dat Olivier helemaal niet melaats is. Hij verkoopt mensen zogenaamde geneesmiddelen tegen allerlei kwaaltjes. Vooral nu de pest is uitgebroken is het erg makkelijk mensen ervan te overtuigen de middeltjes te kopen. Zodra Olivier weet dat de pest ook in Alkmaar is uitgebroken verlaat hij Jeroom, Isa en de 2 kinderen. Hij gaat terug naar Alkmaar om erachter te komen hoe het met zijn familie is. een maal in Alkmaar ziet hij al gauw dat er niet veel meer te redden valt, in zijn ouderlijk huis treft hij zijn doodzieke vader aan. Deze vertelt hem dat zijn moeder zusje en broertje al zijn overleden aan de pest. Zodra ook vader overlijdt wordt de hele familie in een keer begraven. Olivier heeft nu afscheid genomen van zijn familie en neemt ook afscheid van de stad. Net als hij op het punt staat de stad te verlaten voelt hij bij zichzelf de eerste builen.

Kris gaat zelf naar Alkmaar en is geschokt als hij in het stedelijk museum van Alkmaar een schilderij ziet hangen dat hij zelf gemaakt heeft in zijn vorig leven als Olivier. Ook ontdekt hij in de Grote kerk het graf van zijn vader, moeder, zusje en broertje. Kris is ervan onder de indruk en raakt in de war. Maar toch weet hij het zeker. Het is goed geweest, hij heeft geen last meer van angstdromen en laat het verleden nu rusten. Hij besluit alsnog naar de kunstacedemie te gaan om wat met zijn talent te doen en eindelijk wat te doen waar hij plezier in heeft.

De hoofdpersoon van het boek is in eerste instantie Kris Blanken, een student Economie die van kinds af aan ’s nachts wordt geplaagd door angstdromen waar in hij zijn eigen dood beleeft Kris is een hele normale jongen kanppe jongeman met een groot schilderstalent.


Een van de belangrijkste bijpersonen is Dominique, een knappe jonge vrouw die in het zelfde huis als Kris woont. Zij wijst Kris erop dat zijn dromen met reincarnatie te maken kunnen hebben en stuurt hem naar haar tante die reincarnatie therapeute is.

Een andere belangrijke bijpersoon is Heleen Walraven. Een gewone vrouw van rond de 40 jaar,de tante van Dominique en werkt als reincarnatie therapeute. Zij stuurt Kris met behulp van hypnose terug naar zijn vorig leven.

Maar ook Olivier Moeriaans is een hoofdpersoon. Hij leefde in de zeventiende eeuw ( het vorige leven van Kris) en er wordt eerst melaatsheid bij hem geconstateerd, en later ook de pest. Olivier is een jongen die weet wat hij wil, en zich niet gauw laat afschrikken. Hij heeft net als kris een groot schilderstalent.

Jeroom Couttenier is een belangrijke bijpersoon in het verhaal van Olivier. hij is een kwakzalver in de zeventiende eeuw en beweerd dat Olivier helemaal niet melaats is (waar hij ook gelijk in krijgt) hij neemt Oliver mee op rondreis.

Het verhaal van Kris speelt zich af in de plaats waar Kris woont. Het verhaal van Olivier begint in Alkmaar en eindigt daar ook maar tussendoor reist hij rond samen met Jeroom. Ik weet het omdat je dat uit het boek kunt op maken.
Als Kris nog Kris is speelt het verhaal zich gewoon in dezelfde tijd af als wij nu leven. Maar als hij Olivier is leeft hij in de zeventiende eeuw. Het verhaal duurt in beide gevallen ongeveer een paar weken.
Het verhaal start aan het begin van de gebeurtenissen, Kris heeft voor de zoveelste keer in zijn leven dezelfde angstdroom.
Het probleem in dit boek is dat Kris angstdromen heeft en daar vanaf moet zien te komen, hij moet het verleden achter zich laten. Ik vind dat het boek een goede afloop heeft. Kris heft geen last meer van angstdromen over het verleden en weet eindelijk wat hij wil, naar de kunstacedemie.
Het verhaal is realistisch, dit verhaal zou echt kunnen gebeuren.
De titel van het boek is schijndood omdat Olivier door zijn melaatsheid werd verbannen en half dood werd verklaard zonder dat hij eigenlijk echt dood was. Drie titels die ook zouden kunnen zijn:
- Tussen licht en donker, Kris lijdt gewoon een normaal leven (het lichte) maar ’s nachts wordt dat vaak verduisterd door zijn angstdromen.
- Gezicht op het Waaggebouw, zo heet het schilderij dat Kris in het stedelijk museum te Alkmaar ziet hangen en dat hij toen hij in de zeventiende eeuw Olivier was zelf heeft gemaakt.
- De witte roos, de naam van de apotheek van Oliviers vader waar Olivier tot zijn achttiende gewoond heeft.

Ik ga nu proberen bij de punten 6 t/m 11 steeds een voorbeeld uit het verhaal te noemen.

Personen: ik geloof niet dat ik hier echt een voorbeeld bij kan noemen, de hoofdpersonen en hoe ze zijn heb ik al genoemd.

Plaats: in het volgende voorbeeld wordt Kris net onder hypnose gebracht.

‘ Waar ben je? Vertel eens wat je ziet?’
‘ Ik ben in de Sint-Jacobskapel.’
‘ Wat voor kapel is dat?’
‘ De kapel de van de leprozerie in Haarlem.’
‘ Wat doe je daar?’
Kris balt zijn vuisten.
‘ Ik ben niet dood! Ik ben niet dood!’stoot hij hees uit.
Heleen fronst haar wenkbrauwen.’ Wat bedoel je daarmee?’
Geen antwoord. Kris kreunt.
‘ Waar woon je?’
Nu duurt de stilte heel lang.
‘ In Alkmaar’
‘ Hoe oud ben je?’
‘ Achttien,’ klinkt het aarzelend.
‘ Hoe heet je?’
Korte stilte. Dan, heel zacht:’ Olivier Moeriaans.’
‘ In welk jaar leef je?’
‘Het is 1655.’
‘ Wat is er aan de hand?’
Stilte.

Tijd: Hetzelfde als bij plaats.

‘ Waar ben je? Vertel eens wat je ziet?’
‘ Ik ben in de Sint-Jacobskapel.’
‘ Wat voor kapel is dat?’
‘ De kapel de van de leprozerie in Haarlem.’
‘ Wat doe je daar?’
Kris balt zijn vuisten.
‘ Ik ben niet dood! Ik ben niet dood!’stoot hij hees uit.
Heleen fronst haar wenkbrauwen.’ Wat bedoel je daarmee?’
Geen antwoord. Kris kreunt.
‘ Waar woon je?’
Nu duurt de stilte heel lang.
‘ In Alkmaar’
‘ Hoe oud ben je?’
‘ Achttien,’ klinkt het aarzelend.
‘ Hoe heet je?’
Korte stilte. Dan, heel zacht:’ Olivier Moeriaans.’
‘ In welk jaar leef je?’
‘Het is 1655.’
‘ Wat is er aan de hand?’
Stilte.

Hoe begint het verhaal:

Het is dezelfde droom als altijd. Kris weet dat hij droomt, maar slaagt er niet in zichzelf te bevrijden van de beklemming waarin hij gevangen zit. Het is donker om hem heen. Hoge muren belemmeren het uitzicht maar vormen geen hindernis voor het gekreun en gezucht daarachter. Hij is alleen, en toch ook niet. Door de kier van de deur vangt hij af en toe een glimp op van voorbijschuifelende gedaanten. Ze komen nooit dichterbij, maar hij voelt hun dreigende aanwezigheid. Hij wil naar buiten, weg uit die verstikkende kleine ruimte, maar het ontbreekt hem aan moed.
De deur kiert langzaam verder open. Hij kan weg. Hij staart naar de duisternis achter de deur en het zweet breekt hem uit. In de duisternis wachten verschrikkingen. Hij voelt het aan zijn haartjes die in zijn nek overeind staan, aan het angstzweet dat zijn lichaam klam maakt.
Met een ruk draait hij zich om, weg van het duister, naar het enige venster in het vertrek. In het spiegelende glas ziet hij zichzelf staan. Zijn lichaam is mismaakt en zijn gezicht heeft niets menselijks meer. Zijn ogen kijken terug met een niet te peilen verdriet en hij weet dat hij spoedig zal sterven.

Probleem en afloop: hier heb ik twee voorbeelden van, een van als blijkt dat het probleem deels is opgelost en eentje van de echte afloop.

’s Nachts droomt hij van Alkmaar. Het heeft niet van de beklemming uit de eerdere dromen. Hij is Kris en tegelijkertijd ook Olivier en dwaalt door het Alkmaar van 1656. Hij ziet Hester kaatsenballen met haar vriendinnen. Ze roepen iets naar hem, maar hij hoort niet wat. Hij lacht alleen maar en stapt de apotheek in. Zijn vader staat achter de toonbank en helpt een klant; Jan stampt kruiden fijn met een stamper. Met een glimlach wordt Kris wakker. Meteen beseft hij dat dit de eerste normale droom over zijn verleden is.
Het is over! De nachtmerries zijn verdwenen!

Hij loopt tussen de stoeltjes vandaan, het terras op het plein af, en blijft voor het Stedelijk Museum staan. Daar hangt Oliviers meesterwerk: het schilderij van de Waag. Kris wrijft zijn vingers tegen elkaar. Hij kan het penseel in zijn hand al voelen, ziet de schilderijen die hij al jarenlang wil maken al hangen. Hij draait zich om en loopt het plein af, de binnenstad uit, op weg naar het station. De zon verwarmt zijn gezicht, doet het prille groen van de bomen langs de singel oplichten, verdiept de kleuren om het heen. Zijn schildersbloed kriebelt om al die indrukken op het doek vast te leggen. Misschien lukt het hem om naam te maken als kunstschilder, misschien niet. Hij heeft een lange leertijd te gaan, maar wat maakt het uit. Hij heeft de tijd.

Verloopt het verhaal realistisch: hier weet ik geen voorbeeld voor. Of het is realistisch of het is het niet.

Mijn eigen mening: ik vond het een heel leuk en leerzaam boek. Ik las er makkelijk doorheen en er was niet echt moeilijke taal gebruikt. Andere boeken die ik van Simone van der Vlugt heb gelezen zijn: de amulet, de guillotine en zwarte sneeuw. Haar manier van schrijven spreekt mij wel aan net als de onderwerpen. Ik vond het best moeilijk om het boekverslag te maken, vooral om de titels te verzinnen en om een verhaal van alle punten te maken. Ik hoop dat het een beetje gelukt is.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

L.

L.

eey liesje
wooow ik wist niet dat jij zulke goede boekverslagen kon maken
shit heey
nou doegie
x laura

16 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

Lisa

Lisa

Ik heb er heel veel aan hoor je boekverslag
Hihi best wel lollig
Maaja
Ik ga zegge dat ik hem heeeeel erg goed kon gebruiken
-xxx-jes tooske

16 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast