Red ons, Maria Montanelli door Herman Koch

Beoordeling 5
Foto van een scholier
Boekcover Red ons, Maria Montanelli
Shadow
  • Boekverslag door een scholier
  • 5e klas vwo | 1890 woorden
  • 2 mei 2001
  • 62 keer beoordeeld
Cijfer 5
62 keer beoordeeld

Eerste uitgave
1989
Pagina's
124
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Literaire thema's

Boekcover Red ons, Maria Montanelli
Shadow

Het zogenaamd moderne en liberale Montanelli Lyceum, waar kinderen 'ontzettend creatief' moeten zijn en leraren het veel te goed bedoelen, staat centraal in deze angstaanjagend herkenbare roman. Wanneer een zwakbegaafde jongen voor de ogen van de verteller verdrinkt, wordt hij van school gestuurd. Zijn hieropvolgende aanklacht tegen een omgeving waarin geld de…

Het zogenaamd moderne en liberale Montanelli Lyceum, waar kinderen 'ontzettend creatief' moeten zijn en leraren het veel te goed bedoelen, staat centraal in deze angstaanja…

Het zogenaamd moderne en liberale Montanelli Lyceum, waar kinderen 'ontzettend creatief' moeten zijn en leraren het veel te goed bedoelen, staat centraal in deze angstaanjagend herkenbare roman. Wanneer een zwakbegaafde jongen voor de ogen van de verteller verdrinkt, wordt hij van school gestuurd. Zijn hieropvolgende aanklacht tegen een omgeving waarin geld de maatstaf van alle dingen is geworden is tragisch, omdat hij ondanks zijn kritiek toch duidelijk het product blijft van het door hem gehate milieu. 

 

Red ons, Maria Montanelli door Herman Koch
Shadow

Titel/ opdracht 'Red ons, Maria Montanelli' -Voor Amalia-

Schrijver Herman Koch

Leestijd Vijf uur

Verantwoording keuze Mijn broer prees het me aan.

Verwachtingen In ieder geval humoristisch, ik ken Herman Koch al van 'Jiskefet'.

Eerste indrukken
Ik bemerkte bij het lezen van de eerste bladzijde al, waarover het boek zou gaan, en dat zijn schrijfstijl prachtig is.

mening
Een leuk boek, schrijfstijl naar mijn smaak, leuke woordkeus. Mijn eerste indrukken waren dus correct.

HET KUNSTWERK

De titel van de psychologische roman 'Red ons, Maria Montanelli', slaat terug op een droom die de verteller heeft. In deze droom komt Maria Montanelli, wat ook de naam van zijn 'verschrikkelijke' school is, zelf de school inspecteren na een brief van de verteller. Met walging neemt ze het geheel waar. Dan belt ze de luchtmacht en vraagt de verteller om de coördinaten van de school. 'Ze vegen het in één keer van de kaart'. Daarna stapt ze in, en laat haar weer wegrijden. Vlak daarna gaat het luchtalarm af. Het gaat harder en harder. Harder als anders, de vliegtuigen komen…. En zo is hij, en alle andere kinderen onder dit verdoemde schoolsysteem verlost, in zijn droom dan. Verder staat er nog een opdracht voor in het boek; 'Voor Amalia'. De schrijver laat merken dat hij de hoofdpersoon (roundcharacter) is in het boek, een jongen van zestien jaar. Dat is ook de verteller van het verhaal, de ik-figuur. Hij zegt zelf dat hij een grote bek heeft, en altijd direct een woord terug heeft te zeggen. Tevens zegt hij dat hij in wezen een verlegen persoon is, maar dat hij halverwege de lagere school heeft besloten om daar en punt achter te zetten. Hij wilde niet langer blijven mompelen en niemand niet durven aan te kijken als die wat vraagt. Hij was van de ene op de andere dag iemand anders geworden. Hij kwam er achter dat grappig zijn een goed wapen is tegen verlegen zijn. Verder is hij recht door zee en erg negatief. Hij is erg mager en is dus geen sportheld. Wel is hij altijd erg populair in de klas. Zijn beste vrienden zijn Erik en Gerard, over hen wordt niet erg veel verteld. Zijn vader en moeder zijn beide flatcharacters, bij hen geen psychologische ontwikkeling. Zijn stiefmoeder is een echte type. Zij wordt precies beschreven als zo'n bekakte dame, die 'alleen de fijnste zalm en de duurste kaviaar door haar verwende mondje krijgt'. Ook de leraren zijn echt types. De schrijver beschrijft ze met alle slechte kenmerken die ze ook maar kunnen hebben. Nog een erg belangrijk persoon in het verhaal in Jan Wildschut. Een zwakbegaafde jongen die op het Montanelli lyceum komt, en ervoor zorgt dat de verteller en zijn vrienden helemaal gek van hem worden. Het boek is chronologisch verteld. Alleen de eerste regel en de laatste bladzijde is in tegenwoordige tijd. De rest is in verleden tijd verteld. Het hele verhaal is één grote herinnering aan het Montanelli lyceum en daaromheen. Dit wordt allemaal chronologisch verteld. Soms gaat het heel even terug, maar dat geeft de schrijver dan ook duidelijk aan. Het verhaal speelt zich ongeveer af in één jaar. Op blz. 34 staat dat Jan Wildschut halverwege het schooljaar de klas binnenkomt. Halverwege is ongeveer december. Op blz. 133 staat dat de hoofdpersoon zijn kerstrapport kreeg en daarin, tussen neus en lippen door, stond dat hij vanwege zijn slechte resultaten en het al een keer eerder blijven zitten, wijzer was een andere school te zoeken. Dis van december tot december, ongeveer een jaar. Er vindt dus geen tijdsuitbreiding plaats, natuurlijk wel tijdsverdichting, anders wordt het boek wat lang. De plaats waar het boek zich afspeelt wordt niet duidelijk in het boek vermeld. Het is in ieder geval een plaats waar in de tweede wereldoorlog gebombardeerd is, dus misschien Rotterdam wel. Uit achtergrond informatie blijkt dat het zich afspeelt in Amsterdam-Zuid. De tijd van het verhaal zijn de jongere jaren van de schrijver ( vooral zestien/ zeventien jaar). De ik-figuur woont in een buurt waar hij een hekel aan heeft. Iedereen in de buurt heeft geld teveel, en wil opvallen. Bijna iedereen zit al bij een psychiater, dat is blijkbaar 'in'. Hij zou zo willen dat de buurt nog eens platgebombardeerd zal worden. Zijn vader is arts , zijn moeder huisvrouw. Hij hielt van zijn moeder, en die komt prompt te overlijden. Zijn vader mag hij wat minder, hij ging altijd al vreemd met een bekakte dame uit de buurt. Als zijn moeder komt te overlijden trekt zijn vader bij de bekakte dame in, en hij blijft thuis alleen achter. Hij krijgt van zijn vader honderd gulden per week. Op het Montanelli lyceum wordt op een dag een geestelijk gehandicapte jongen bij de verteller in de klas geplaatst. De jongen, geheten Jan Wildschut, is iemand die midden in de zomer met een dikke jas, wanten en een sjaal loopt. Als hij eet loopt het kwijl uit zijn mond, en zitten de broodkruimels nog in zijn mondhoeken. In het begin heeft de verteller niet zo'n hekel aan de jongen. Maar uiteindelijk blijkt dat hij wordt voorgetrokken door de leraren. Geen enkele leraar heeft kritiek op hem (behalve de geschiedenisleraar). Dit buit Jan Wildschut dan ook behoorlijk uit. Dit tot ergernis tot de ik-persoon en zijn twee vrienden. De verteller verteld dan ook dat hij de jongen graag een helpende hand had willen toesteken, maar hem nog liever voor z'n 'bek geslagen' had. Zijn school zelf vindt hij ook vreselijk. Alles wordt voor de leerlingen voorgekauwd, en alles moet leuk zijn. Schoolreisjes heten werkweken, er waren klassenleraren, en geen cijfers maar beoordelingen. Het rapport bestond niet uit cijfers, maar uit goed, voldoende, onvoldoende, slecht. En de meest gruwelijke herinneringen heeft hij aan zijn Engels leraar die dacht educatief te doen door honderd keer Alice in Wonderland voor te lezen. Op een dag krijgt de verteller een strookje, waarop hij kan kiezen wat hij gaat doen tijdens de werkweek. Hij kiest voor de fietstocht door de provincie, de rest was niet naar zijn smaak. Ook zijn vrienden gingen mee. Tijdens de week ergeren ze zich groen en geel aan Jan Wildschut, die ging ook fietsen. Tijdens de week gaan ze een keer stiekem naar de bioscoop. Maar Jan Wildschut verraad hen. Ze werden op een haar na op de trein naar huis gezet. Wanneer de ik-figuur met zijn twee beste vrienden een stuk vooruit is gefietst, zien ze een grote lange brug over een enorme rivier, waar veel binnenschepen over varen. Ze gaan op de rand staan, voor de lol. Plots komt Jan aanfietsen. Hij is ook voor de groep uitgefietst. Hij gaat óók op de rand staan. Maar dan doet hij ineens een stap naar achter en valt naar beneden, de rivier in. Hij verdrinkt. De gymleraar, de man met de beste conditie, doet niets en geeft alleen maar aanwijzingen. Niemand doet wat. Op het Montanelli lyceum worden hij en zijn vrienden als de schuldigen gezien. Ze wortden niet direct van school gestuurd, maar met de kerst moeten ze wel van school, omdat ze het jaar, gezien hun resultaten, toch niet zouden halen. De schrijfstijl van Herman Koch is erg trendy, vol met scheldwoorden en jongerentaal. Dit leest best fijn, tenminste niet zo formeel allemaal. Het thema van het boek is 'jeugdherinneringen'. Het hele verhaal draait om een herinnering van de hoofdpersoon. Hij denkt hierin constant aan zijn overleden klasgenoot die is overleden in zijn bijzijn. Verdere herinnering in het boek besproken zijn de herinneringen aan zijn zieke moeder, het leven voor en na haar dood. Zijn herinneringen aan het Montanelly lyceum, de leraren, en zijn medeleerlingen. Hij denkt zeer negatief over veel van deze onderwerpen. Het enige wat hem aanstaat in zijn leven zijn z'n vriendin, zijn twee vrienden, en z'n moeder.

DE KUNSTENAAR en KUNSTHISTORISCHE ACHTERGRONDEN

Herman Koch (1953), die al op zijn zestiende is begonnen met schrijven heeft maar twee romans en een verhalenbundel op de markt gebracht: 'Red ons Maria Montanelli' (1989), 'Eindelijk oorlog' (1996) en 'De voorbijganger' (1985). In het boek 'Red ons Maria Montanelli' verteld hij dat hij in zijn jeugd op een gegeven moment tegen zichzelf heeft gezegd dat hij niet meer het verlegen jongetje moet zijn, maar dat hij moet durven praten. Dat is hem (ook in het echt) goed gelukt. De twee Romans zijn gebaseerd op humor en ironie, hierdoor is hij bekend geworden. Zo pakt Koch in zijn meest recente roman, 'Eindelijk oorlog', onderwerpen aan als eenzaamheid, depressie, de angst dat het levensongemerkt aan iemand voorbij gaat. 'Maar daar zit wel een vette laag ironie over. Het is toch voortdurend een overdrijving van een bepaald soort thematiek'. Verder zegt hij: 'Te vaak wordt in de literatuur de nadruk gelegd op zware thema's, ten koste van de leesbaarheid van het verhaal. Een goed verhaal, daar gaat het om'. Door humor is hij ook bekend geworden met het programma's 'Jiskefet' en 'Debiteuren Crediteuren'. Ik ken geen schrijvers die net als hem over literatuur denken. Als men op de manier van Herman Koch over literatuur zou denken, zou het dan nog wel literatuur zijn wat men dan gaat schrijven. Daarom denk ik dat de boeken van Herman Koch, met de gedachtes erachter, best uniek zijn. Hij zal hoogstens aan de stroming van tegenwoordig houden 'dat alles wat vrijer is geworden'.

DE KIJKER

Mijn verwachtingen van het boek 'Red ons, Maria Montanelli' waren best hoog. De titel zei me weliswaar niets, maar ik hoorde alleen maar goede reacties over het boek. Deze klopte ook. Er is dan niet zoveel gebeurd, maar het schrijfstijl van Herman Koch maakte dat weer goed. Een voorbeeld: 'Van die opgefokte menopauzekoppen waar je werkelijk schele hoofdpijn van krijgt als je dat te lang aan moet zien hoe ze in hun dure bontjassen hun eigen weerzinwekkende spiegelbeeld in de etalageruiten staan te bewonderen, of van die te dikke of juist veel te dunne mannen die daar in hun maatpakken ook een beetje gezellig lopen te winkelen of ze niks beters te doen hebben'. Het onderwerp sprak me erg aan. De hoofdpersoon die z'n hele school afzeikt en over het algemeen erg negatief is, denkt net zoals ik. Maar alleen ben ik niet zo hyper negatief, en uit ik het niet allemaal zoals hij doet. In het boek dwaalt de schrijver wel net iets te veel af van het geen waar hij over aan het schrijven was. Dat heeft hijzelf ook wel in de gaten, dan zegt hij: 'Maar waar was ik-'. De bepaalde verhalen door elkaar waren niet moeilijk te volgen, ze hadden allemaal wel verband met elkaar. Soms wordt het saai als hij weer voor de tweede keer een bepaald aspect begint af te kraken. Dit kan enkele bladzijdes duren. Ik durf bijna te zeggen dat de helft van het boek uit afzeiken bestaat. Gelukkig ben ik het vaak met hem eens. Ik heb een recensie van Alfred Kossmann uit de Provinciale Zeeuwse Courant. Over het algemeen is hij positief over het boek. Hij vindt dat de hoofdpersoon in het boek een leuke kankeraar. Hij woont zelf in die buurt waar Herman Koch het alsmaar over heeft, en hij heeft volgens de recensent op die vlegelmanier volkomen gelijk. 'Je leest de baldadige roman vlot en met genoegen' aldus Alfred Kossmann. Wel vindt hij dat de hoofdpersoon niet verward genoeg om boeiend te worden, en het slot is wat teleurstellend. Om kort te gaan; een amusant boek.

REACTIES

R.

R.

Ik vond het een erg goed verslag. Ik heb er veel dingen van kunnen gebruiken. Alleen ik moet twee resensies in mijn verslag hebben en ik heb er nog maar 1. Ik zag in uw verslag een resensie uit de Provinciale Zeeuwse Courant geschreven door Alfred Kossmann. Ik heb op www.pzc.nl geen resensie gevonden. Heeft u die resensie nog, zodat ik die kan gebruiken?
Ik hoop dat u hem nog heeft,
Rianne

15 jaar geleden

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Red ons, Maria Montanelli door Herman Koch"