ADVERTENTIE
Luisterboeken: de makkelijke optie? Lars is niet echt een fan van lezen. Daarom gaat hij op zoek naar de beste manieren om door zijn leeslijst heen te komen. Red je het met alleen maar samenvattingen, of is een e-reader of luisterboek een betere optie? Deze video wordt mede mogelijk gemaakt door Storytel.

Probeer 30 dagen gratis
A. Analyse.

1. Inleiding.

Ik heb dit boek gekozen omdat het mij een erg leuk boek leek. De lerares had een beetje verteld waar het over ging en dat leek me dus wel leuk. Ze vertelde dat het ging over een vrouw dat haar zusje kwijt is geraakt aan anorexia. Dat leek me wel een leuk onderwerp, dus daarom heb ik dit boek uitgekozen om te lezen. De titel was voor mij niet echt een reden om dit boek te lezen, want door de titel leek het boek mij heel saai. Dit komt doordat ik het een hele vage titel vond, en nog nooit van die woorden gehoord had.
Ik denk dat het thema van dit boek dood is. Omdat daar eigenlijk het hele verhaal over gaat. De hoofdpersoon verteld namelijk alles over haar zusje en hoe zij was voor haar dood. Ze vraagt zich ook af, waarom juist haar zusje zelfmoord moest plegen. Ze vertelt over vroeger en over de ideeën die haar buurvrouw heeft over haar zusje en de door van haar zusje.
Ik heb niet echt veel met dit thema, maar ik vind lees vaak wel van dit soort boeken. Ik houd niet van horror- of thrillerboeken en veel andere boeken vind ik weer veel te saai. Dus daarom lees ik eigenlijk boeken met dit thema. Ik vind het ook wel fascinerend, want al die schrijvers van boeken waarin iemand dood gaat, hebben andere ideeën over de dood. Dat vind ik wel leuk, om al die verschillende meningen te lezen.

2. Het uittreksel.

2.1 Titelbeschrijving.
Renate Dorrestein. Het perpetuum mobile van de liefde. vijfde druk. Amsterdam. 1990. (1988).
De omslag van het boek is niet echt bijzonder. De kaft is bruin, de titel en de naam van de schrijfster zijn rood en blauw. Verder staan er geen tekeningen op. Alleen de titel van het boek en de naam van de schrijfster dus.

2.2 Voorwerk.
Bij dit boek stond het motto niet naast de titel, maar twee bladzijdes verder. Eén bladzijde na de titel, staat er : “Voor mijn ouders.” Het motto staat nog een bladzijde verder. Het motto is: “Of what has been and might have been And who was changed and who was dead. Longfellow.”
Dat voor mijn ouders is om aan te duiden dat ze het boek voor haar ouders heft geschreven. Dat die weten dat ze nog steeds aan haar zusje denkt. In dit boek verteld ze over al haar gevoelens en daardoor kan ze iets beter omgaan met de dood van haar zusje. Ook helpt dit boek haar ouders dus een beetje om er beter mee om te gaan.
Het motto is engels, in het Nederlands staat er: “Over hetgeen dat geweest is en hetgeen dat het had kunnen zijn En degene die veranderd is en degene die dood is.”
Met hetgeen at geweest is bedoelt ze de zelfmoord van haar zusje, dat is geweest en daar gaat het hele boek over. Hetgeen dat het had kunnen zijn is dat haar zusje hulp had kunnen zoeken, er met iemand over had moeten praten. Zodat er een andere oplossing was geweest. Daardoor had haar zusje nu nog kunnen leven. Degene die veranderd is, is de schrijfster zelf. Die is door de dood van haar zusje niet meer de middelste dochter, maar de jongste. Hierdoor is ze veranderd, ze is nu veel meer gaan nadenken over dingen in haar leven en is na gaan denken over alles. Waarom haar zusje gedaan heeft wat ze gedaan heeft, enzovoort. Ze is dus veranderd door de dood van haar kleine zusje. Degene die dood is, is natuurlijk het zusje van de schrijfster. Die heeft zelfmoord gepleegd en daardoor is alles anders.
Daarvoor staan de motto’s dus, die voorin het boek staan.

2.3 Inhoud.
Het gezin Dorrestein bestaat uit 13 personen. 2 ouders, 7 zoons en 3 dochters. dit verhaal gaat over de middelste dochter en haar verdriet over de dood van de jongste dochter. De zeven zoons zijn boordwerktuigkundigen, de oudste dochter is non, de middelste is schrijfster (de schrijfster van dit boek) en de jongste wilde ook schrijfster worden.
De jongste dochter, het zusje van de schrijfster, heeft haar hele leven al last van overgewicht. als ze klein is noemt haar grote zus haar al een volgepropte stomme trage big. als ze in de puberteit zit, vindt ze dit steeds erger en daarom gaat ze laxeermiddelen gebruiken.
In de jaren voor haar dood heeft ze dan ook in verschillende inrichtingen gezeten, heeft ze last van zware depressies en anorexia nervosa. Iedere keer als er wat met haar gebeurd, staat Renate voor haar klaar.
Dit gaat jaren zo door. De zussen hebben een haatliefde verhouding. Soms hebben ze heel erge ruzie, maar toch helpen ze elkaar altijd. Ze hebben ook allebei de droom om schrijfster te worden. En als Renate dit is, wil haar zusje precies hetzelfde worden als zij.
Als Renate op een dag door haar moeder opgebeld word gelooft ze eerst ook niet wat haar moeder haar verteld. ze zegt namelijk dat haar Renate's zusje zelfmoord heeft gepleegd. Renate erft het dagboek van haar zusje. Als ze dit leest, begint ze haar zusje iets beter te begrijpen.
Zeven jaar na haar dood, begint Renate het allemaal iets beter te begrijpen, dit komt mede door haar buurvrouw, Lydia. Die helpt haar een beetje met al haar gedachtes op een rijtje te zetten. Renate denkt dat haar zusje zelfmoord gepleegd heeft, omdat ze zich niet kon of wilde aanpassen aan de maatschappij. In de maatschappij moeten vrouwen namelijk een onmogelijke rol vervullen, die van huisvrouw, moeder en goede echtgenote. Haar oudere zus kon zich daar ook niet aan aanpassen en daarom is zij non geworden. Ze is nu getrouwd met God en dus hoeft ze andere mannen niet tevreden te stellen. Renate zelf kon dit ook niet. Zij heeft haar eileiders laten afbinden, zodat ze nooit een clichévrouw zou worden.
Lydia is de buurvrouw van Renate. Ze heeft haar hele leven lang al voor haar ouders gezorgd. Haar moeder slikt pillen en haar vader is aan de alcohol. zij zorgt ervoor dat het huishouden soepel verloopt en dat haar ouders geen ruzie krijgen. Door haar zijn haar ouders dus nog bij elkaar. Op deze manier is zij dus een vrouw geworden die alleen relaties aangaat met mannen die niet voor zichzelf kunnen zorgen.
Zo komt Lydia bij een man die alleen met haar wil vrijen als ze haar hoofd bedekt. Renate zegt dat alle mannen dit willen, een vrouw 'zonder hoofd' een vrouw zonder eigen mening, die alles doet wat de man wil. Lydia wordt gek en beland in dezelfde psychiatrische inrichting als die waar Renate's zusje in gezeten heeft. Daar wordt ze uitgehaald door Renate als die terug is uit Amerika. Tegenwoordig danst zij voor haar minnaar die alleen zij kan zien en kan horen.
Godelieve Ochtendster is een hele lelijke vrouw die zonder liefde is opgegroeid. haar ouders hielden eigenlijk helemaal niet van kinderen. Dan wordt ze aangenomen door Lydia's vader, die neemt haar zoals ze is. Na een tijdje doet hij dit niet meer en laat hij haar een keuze maken. of ze laat zich opereren door een plastisch chirurg, of ze wordt ontslagen. Ze kiest voor de plastische ingreep. Vlak na de operatie is haar gezicht nog wat en dan wordt ze door een travestiet aangezien voor een travestiet. Hij biedt haar een baan aan om te gaan werken in een travestietenbar, maar als Lydia's vader haar daar ziet, verraad hij haar. Dan wordt ze aangeklaagd omdat ze zich uitgaf voor een travestiet terwijl ze gewoon een vrouw is. Hierdoor wordt ze landelijk bekend als het gezicht van een feministische vrouwenclub.
Door deze twee vrouwen, haar grote zus, zichzelf en hun geschiedenissen, leert Renate de dood van haar zusje te begrijpen. Ook door het schrijven van dit boek realiseerde ze zich dat ze niks had kunnen doen aan de dood van haar zusje. Hierdoor voelt ze zich ene stuk minder schuldig.

3. Structuur.
Het boek is verdeeld in twee delen. Dit herken je aan een witte bladzijde, met alleen een titel erop. Dat is dus de titel van het deel.
Het eerste deel heet: ‘Zet eens een kroon op uw liehiefde.’
Het tweede deel heet:’ Haar kop eraf!’
Die twee delen zijn niet weer onderverdeeld in hoofdstukken. Wel is er soms wel een witregel tussen de tekst geplaatst. Die geven aan dat het komende stukje over iets anders gaat als het vorige.

4. Belangrijkste personen.
“Als ik vanmiddag niet op mijn walgelijke zusje had moeten passen, ongelukskind, vetzak, volgepropte stomme trage big, dan had ik een schoot gehad om op te zitten.”
Hieruit kan je concluderen dat het zusje dik is, dit blijft ze in haar eigen ogen ook. Ze probeert af te vallen met laxeermiddelen en door niet meer te eten, maar in haar eigen ogen blijft ze te dik. En daarom pleegt ze zelfmoord.
Ze heeft dus een erg onzeker karakter, dit veranderd niet. Als het was veranderd, als ze wat zekerder geworden was ver zichzelf, had ze geen zelfmoord gepleegd.
“Ik zie ons nog lopen over het zandpad dat naar het vogelwater voerde, ik onverschrokken voorop, door de schemering. Ik wil eigenlijk dat ze de zoom van mijn vest beetpakt: ik zal je veilig gidsen, ik ken de weg. Hier gaan we zitten. Niet daar, maar hier, luister naar mij! Ik weet waar de nachtegaal uithangt!”
Hierdoor merk je dat Renate heel zorgzaam is en veel van haar zusje houdt. Ze wil haar leiden en haar mooie dingen laten zien.

5. Tijdverloop.
Het boek bestaat voor het grootste gedeelte uit flashbacks. Dit kan ook niet anders omdat het zusje al dood is en die kan dus niets meer beleven. Renate verteld alles over vroeger, zelfs een stukje over toen haar zusje nog een kleuter was. En over vlak voor haar zusje’s dood.
Ze vertelt ook wel over nu maar dan gaat het niet over haar zusje. Die stukken gaan vooral over haarzelf, over hoe zij over de situatie denkt. Dat zijn dus geen flashbacks, maar gaan indirect wel over de dood van haar zusje.

6. Ruimte / Sfeer.
“Telkens als mijn ogen van mijn werk afdwalen en ik een moment vanaf mijn bureau naar buiten staar, zie ik mijn buurvrouw tussen de geparkeerde auto’s draaien en tollen – pas toch op, Lydia, het is al zo’n warboel in je hoofd.” (Bladzijde 11, tweede alinea) Ze zit dus binnen, in haar huis te schrijven. Ze schrijft een boek over hoe zij de dood van haar zusje verwerkt.
“Maar nu ben ik niet klein meer. Ik ben vierendertig. En mijn zusje is voor altijd twintig. Ik suis van haar weg in de tijd.” (Bladzijde 17, tweede alinea) de tijd is dus bijna zeven jaar na de dood van haar zusje.
Deze twee aspecten hebben een grote invloed op de persoon in het verhaal. Doordat het al bijna zeven jaar na de dood van haar zusje is, wordt het voor haar steeds moeilijker om zich haar voor de geest te halen.
Ook hebben de twee aspecten invloed op de sfeer. Doordat ze alleen in een kamertje zit is er een rustige sfeer. Door de tijd is de sfeer verdrietig, omdat haar zusje nu al bijna zeven jaar dood is. En er tussen de zussen een steeds groter wordend leeftijdsverschil komt.

7. Motieven.
De anorexia van Renate’s zusje is een motief. Het blijft terugkomen en het wordt uitgebreid beschreven. Ook kan je er in haar dagboek veel over lezen.
De dood van Renate’s zusje is ook een motief. Daar gaat eigenlijk het hele boek over.
Het stukje waarin Lydia danst voor haar minnaar die alleen zij kan zien en kan horen is ook een motief. Dat wordt vaak herhaalt, Renate ziet Lydia dansen als ze uit het raam kijkt.

8. Symboliek.
Een perpetuum mobile staat in dit boek symbolisch voor de liefde, de leifde wordt beschreven als een iets, dat als het er eenmaal is, het in beweging blijft.

10. Thema.
Het thema is de dood en hoe mensen op de dood reageren van een geliefd persoon.

11. Perspectief.
Het is een subjectief perspectief. De schrijfster verteld over haar belevenissen en gedachten. De lezer weet wat ze denkt, voelt en ziet. De lezer beleeft het verhaal van binnenuit, door de ogen van het lichaam van de hoofdverhaalfiguur.
Het subjectief perspectief is geschreven in de ik-vorm. De schrijfster speelt een rol in het verhaal en ze vertelt het verhaal zelf.

12. Titel.
Een perpetuum mobile is het eeuwig bewegende; een eeuwig bewegend toestel dat, in beweging gezet, blijft bewegen. Dit is bij de liefde ook zo, als je eenmaal van iemand houdt, gaat dit niet zo snel meer over en het gevoel dat liefde heet, is ook altijd in beweging. In de liefde is het nooit hetzelfde.
Dat heeft alles te maken met het verhaal, want de schrijfster houdt zielsveel van haar zusje en blijft van haar houden. Wat ze ook doet, hoe verschrikkelijk ze zich ook gedraagt. Na haar dood blijft Renate van haar zusje houden. Net zoiets als een perpetuum mobile dus daarom heet het boek “Het perpetuum mobile van de liefde”.
Ze gebruikt in het verhaal ook wel vaak de woorden perpetuum mobile.

B. Lezer en verhaal.

1. Stilistisch / esthetisch.
De stijl was nieuw voor mij, ik had nog nooit een autobiografie gelezen. In het begin dacht ik ook dat het fictie was, omdat de schrijfster veel van haar gevoelens bloot legt. Ik heb ook nog niet zo vaak een boek gelezen met een ik-perspectief. Meestal lees ik boeken met een alwetende schrijver, waarin je niet echt de diepste gevoelens van de personen te weten komt. Dus dat was ook nieuw voor mij.
Het boek is ook op een mooie manier geschreven, niet echt moeilijk taalgebruik en geen mooie woorden, gewone woorden die je in het dagelijks leven ook vaak gebruikt. De inhoud is wel mooi en de gedachte erachter ook. De schrijfster gebruikt wel vaak de woorden perpetuum mobile, maar dat komt voor in de titel. Dus dat snapte ik wel .
De zinnen lopen ook wel goed. Als ze het over iets anders ging hebben, was er een witregel dus dat was makkelijk te begrijpen.
Er zit ook best wel veel beeldspraak in het boek. De schrijfster probeert vaak om haar gedachten te verklaren, om ze uit te beelden in woorden.

2. Structureel.
De opbouw van het boek is helder, maar soms een beetje verwarrend. Het begint met Lydia die op straat danst en daarna gaat de schrijfster pas vertellen over haar zusje. Het wordt wel chronologisch verteld, dat is ook wel helder.
De fragmenten over het zusje vond ik het sterkst, die over Lydia of Godelieve vond ik wat minder leuk, dat boeide me niet echt. Ik wilde weten wat er met het zusje ging gebeuren.
Het boek was niet echt spanningoproepend, vanaf het begin weet je al dat het zusje zelfmoord pleegt. Dus je vraagt je niet af wat er met haar gaat gebeuren. Verder gebeurt er niets spannends.

3. Realistisch.
De gebeurtenissen komen overeen met de werkelijkheid zoals ik die ken. Het is inderdaad een mannenmaatschappij, maar iets minder als dat in het boek staat. Dit komt ook doordat het boek in 1988 geschreven is, toen was het nog erger. Sindsdien zijn veel vrouwen carrière gaan maken in plaats van moeder en huisvrouw worden, het is dus iets minder een mannenmaatschappij nu. Het komt nog wel een beetje met de werkelijkheid van nu.
Het kan ook zo in de werkelijkheid gebeurd zijn, omdat het een gewoon verhaal is. Er gebeurt niets bovennatuurlijks. Het verhaal is een autobiografie, dus is het ook in het echt gebeurd.
De gebeurtenissen zijn logisch en dramatisch. Het is een logische oplossing dat het zusje zelfmoord gepleegd heeft. Ze haatte haar lichaam en werd daar helemaal gek van. Dus dat was wel voorspelbaar. Maar het zusje is al zeven jaar dood als dit boek geschreven wordt, dus wordt er aan het begin al verteld dat het zusje zelfmoord gepleegd heeft.
Ze zijn ook wel dramatisch, omdat het best zielig is dat het zusje zelfmoord pleegt. Het is niet heel dramatisch omdat het boek niet gelijk na haar dood geschreven is, dus zijn de mensen al iets meer over die dood heen.

4. Emotivistisch.
Ik kon me niet identificeren met personen uit het boek. Ik snap wel een beetje dat ze geen clichévrouwen wilde worden, maar dat ze daarom haar eileiders af laat binden vind ik wel een beetje vreemd. Met het zusje kon ik me ook niet identificeren, want ik zou geen zelfmoord plegen omdat ik wilde ontsnappen aan de rol van vrouwen in de maatschappij.
Het boek roept ook niet echt emoties bij me op, ik ken niemand met zo’n ziekte. Ik weet dus ook niet hoe zo’n persoon zich moet voelen of hoe de familieleden van zo’n persoon zich moeten voelen.
Dit komt ook in de recensies voor, de recensenten kunnen zich identificeren met de schrijfster.

5. Moreel.
Het boek is niet in strijd met normen en waarden die we hier in Nederland kennen. De schrijfster was ook gewoon een Nederlandse vrouw met een gewoon leven. Alleen heeft haar zusje zelfmoord gepleegd en schrijft ze daarover. Ze wil wel dat onze maatschappij wat minder mannen gericht word, maar dat willen alle vrouwen. Dat is nu wel minder, want de maatschappij is al meer op vrouwen gericht.
Het boek kan wel door de beugel, er is niets erg mee. Ik schaamde me er ook niet voor om dit boek te lezen.

6. Vernieuwend.
Dit boek opende mijn ogen wel een beetje, ik heb nu stukjes uit het dagboek van het zusje gelezen. Wat erin stond had ik nooit verwacht, haar hele leven draaide om eten. Ik had nooit gedacht dat het zo’n obsessie zou kunnen zijn voor mensen.
Ik vond het eind best verrassend, door dit boek te schrijven heeft de schrijfster de door van haar zusje een plaats kunnen geven. Ik dacht eerst dat het niet echt was, dat niet echt het zusje van de schrijfster was overleden. Ik had niet verwacht dat iemand dat zou publiceren, want ze legt wel al haar gevoelens op tafel.
Ik heb wel nieuwe denkbeelden over het leven. Ik weet nu dat er heel veel mensen kapot gaan aan onze maatschappij. Het is een maatschappij waar vrouwen toch nog wel iets minder te zeggen hebben als vrouwen en veel mensen jagen elkaar de dood in met gepest.
Door dit boek komt al dit leed toch wat dichterbij en realiseer ik me weer wat meer hoe verpestend deze maatschappij eigenlijk is.

7. Intentioneel.
De bedoeling van de schrijfster met dit werk is de dood van haar zusje verwerken. Ook wil ze met dit boek haar ouders laten weten dat ze haar zusje nog steeds mist en dat ze haar ouders wil steunen. Omdat zij hun dochter natuurlijk ook missen.
In de recensies staat dit ook, de roman is een autobiografie en ze wil hiermee leren omgaan met de dood van haar zusje.

8. Personages.
De hoofd personen zijn warmbloedige dames. Ik vind ze allemaal wel sympathiek, alleen ik vind Lydia een beetje raar en ik heb wel medelijden met haar. Ik heb ook wel medelijden met Godelieve Ochtendster.
Het zusje heeft wel herkenbare problemen, veel jongeren (vooral meisjes) vinden zichzelf lelijk en te dik en dan gaan ze rare dingen doen. Een deel daarvan krijgt anorexia of boulimie. Dat is dus wel herkenbaar. De manier waarop haar zusje reageert is wel voorspelbaar. Ze neemt laxeermiddelen in en mag van zichzelf niets meer eten, als ze dit wel doet gaat ze laxeren. Maar ze laxeert ook als ze niets gegeten heeft. Dit is ook voorspelbaar omdat het een van de kenmerken is van boulimie. Omdat ze zichzelf na een tijdje nog lelijk en dik vond, pleegde ze zelfmoord. Dit alles is best herkenbaar en ook voorspelbaar. Ik kan me wel een heel klein beetje met haar identificeren.
De problemen van de schrijfster zijn ook herkenbaar, ze maakt zich veel zorgen om haar zusje. En later maakt ze zich veel zorgen over hoe het zover heeft kunnen komen; waarom pleegde ze zelfmoord; wat heb ik fout gedaan. Zo denkt ze. Dit is ook voorspelbaar, want als een dierbare van je doodgaat om iets dat niet zo had hoeven zijn, vraag je jezelf al snel dit soort dingen af. Het was niet voorspelbaar hoe ze hier mee om zou gaan aan het eind van dit boek. Het zou kunnen zijn dat ze zichzelf zo erg haatte omdat ze er niets aan heeft kunnen doen, dat ze zelf ook zelfmoord pleegde. Het eind had van alles kunnen zijn.

C. Achtergrondinformatie.

1. Biografische gegevens over de auteur.
Renate Dorrestein werd geboren in Amsterdam in 1954. Ze groeit op in een rooms-katholiek gezin. Haar vader is advocaat en haar moeder is voor haar trouwen onderwijzeres. Meteen na het behalen van haar gymnasiumdiploma in 1972 aan het Keizer Karel College in Amstelveen stort Dorrestein zich in de journalistiek. Ze volgt een stoomcursus tijdschriftjournalistiek bij uitgeverij Spaarnestad.
Als achttienjarig meisje krijgt ze een aanstelling bij het weekblad Panorama. Ze werkt hier vier jaar in vaste dienst en daarna nog enkele jaren als freelance medewerkster. Met een vriendin richt ze daarna een productiebureau op waar ze bijlagen voor tijdschriften, mailings, interviews en reportages voor schrijft.
Vanaf 1982 zit ze in de redactie van het feministische tijdschrift Opzij. Voor dit blad schrijft ze talloze columns. In deze jaren is ze ook hoofdredactrice van het inmiddels opgeheven tijdschrift Mensen van nu. Ook in de tijdschriften De Tijd en Bzzlletin manifesteert Dorrestein zich als columniste. Ze probeert in haar columns bewust te provoceren om de wereld wakker te schudden.
In 1983 debuteert ze als romanschrijfster met Buitenstaanders, na jarenlang vergeefse pogingen haar boeken gepubliceerd te krijgen. Haar reputatie als een van de meest fantasierijke Nederlandse schrijfsters van deze tijd is met deze roman gevestigd. Nadien verschijnen er verschillende romans van haar hand, zoals Noorderzon (1986) en Een sterke man (1994).
In 1986 en 1987 is ze verbonden aan de University of Michigan als 'writer in residence'. Ze baart veel opzien in de Verenigde Staten met haar lezing Who wants to write like a woman?. In 1986 richt ze de Anna Bijns stichting op. Deze stichting reikt ieder jaar een prijs uit aan invloedrijke vrouwelijke auteurs.
In de Keefmanlezing in Den Bosch in 1987 maakt zij heel duidelijk wat haar wereldbeeld is: 'mannen zijn laffe, bekrompen, egoïstische, kinderachtige enjagers (…) mensen van mijn geslacht worden gekleineerd, onderbetaald, uitgelachen, misbruikt en weggemoffeld, óf als wezenloze prinsessen op de erwt geromantiseerd en geïdealiseerd'. In zowel haar columns als in haar romans komt ze hier vaak op terug.
Dorrestein voelt zich een eenling de Nederlandse literatuur. Met hedendaagse Nederlandse schrijvers voelt ze zich, naar eigen zeggen, niet verwant. Ze is volstrekt niet geïnteresseerd in moderne literatuur, verklaart ze in een interview in Vrij Nederland :"Ik hoor niet bij een traditie, een 'school' heet dat. Ik val overal buiten". Verwantschap voelt zij alleen met 18e en 19e eeuwse Engelstalige schrijvers en auteurs als Fay Weldon en Beryl Bainbridge die net als zij het wonderbaarlijke in hun werk samenvoegen met maatschappelijke betrokkenheid. Door hen is haar werk beïnvloed.
Een andere invloed op het werk van Dorrestein is de zelfmoord van haar zus. Deze leed jarenlang aan eetstoornissen en heeft uiteindelijk een einde aan haar leven gemaakt. Pas in de roman Het perpetuum mobile van de liefde (1988) schrijft ze over dit onderwerp. In de eerder genoemde Keefmanlezing spreekt ze voor het eerst in het openbaar over de gebeurtenis en de impact die het op haar leven heeft.
Vanaf het moment waarop is vastgesteld dat ze aan de chronische vermoeidheidsziekte ME lijdt, is ook deze ziekte en het sociaal isolement waar patiënten in terecht kunnen komen een belangrijk thema in haar boeken.

2. Bibliografische gegevens over de auteur.
1983 Buitenstaanders roman
1985 Vreemde streken roman
1986 Noorderzon roman
1987 Een nacht om te vliegeren roman
1988-1998 Columns
1988 Het perpetuum mobile van de liefde roman
1989 Vóór alles een dame kalenderboek
1991 Het hemelse gerecht roman
1992 Ontaarde moeders roman
1993 Heden ik documentaire
1994 Een sterke man roman
1996 Verborgen gebreken roman
1997 Want dit is mijn lichaam Boekenweekgeschenk
1998 Een hart van steen roman
2000 Het geheim van de schrijver, roman

. Slot.

1. Conclusie.
“De lezer wordt door dit alles niet wijzer dan de schrijver en staat machteloos, alleen ervaart hij dat als onterecht, omdat hij vermoedt dat de schrijfster meer diepgang had kunnen bieden als zij zichzelf minder centraal had gezet.”
Met deze uitspraak ben ik het eens, als je dit boek uit hebt weet je nog weinig over het zusje. Je komt alleen dingen te weten over de schrijfster en niet echt heel veel over het zusje. Je krijgt alleen dingen te horen over het zusje zoals de schrijfster het vindt.
“Meer nog, naarmate de lectuur vordert, laat Renate Dorrestein je kennismaken met de persoonlijke hel van waaruit ze haar roman schreef.”
Die hel, daar heb ik niets van gemerkt. Ze vond het wel erg, wat er allemaal gebeurd was maar ze omschreef het niet zo erg dat het een hel leek, vind ik.

2. Eindoordeel.
Ik vond het dus niet echt een bijzonder leuk boek. Er gebeurt niet echt veel, de schrijfster verteld over haar gevoelens, die van haar zusje, Godelieve en Lydia. Voor de rest vond ik dat er weinig gebeurde. Het is wel een mooi boek, maar ik vond het gewoon te saai.
Het thema is wel herkenbaar, ze wil de dood van haar zusje verwerken en schrijft daarom dit boek. Het heeft me wel een beetje aan het denken gezet. Dat mensen gekwetst worden door de maatschappij en dat ze daarom niet meer willen leven.
Ik vind dit boek wel en niet een aanrader. Niet, omdat het voor mensen van mijn leeftijd niet leuk is. Voor hen is het saai en niet echt sensationeel. Voor oudere mensen, die wat meer van literatuur afweten, is het wel een aanrader. Voor hen zou het best een leuk en mooi boek kunnen zijn.
Als ik dit boek een cijfer zou moeten geven, zou het een 5,5 zijn. Ik vind het niet echt een goed boek, dus krijg het geen 10. maar het is wel goed genoeg voor een voldoende. Daarom krijgt het boek van mij dus een 5,5.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

D.

D.

hey Melanie,
ik heb je verslag gelezen en ik vind het echt een super verslag. ik ben bezig met het boek en wilde weten wat de schrijfster nou precies bedoelde met de titel want dat snapte ik niet zo. ik moet mijn verslag nog maken maar ik ga het wel zelf maken maar ik heb toch zeer veel aan je mening gehad. ik had die mening ook! groetjes deborah

17 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast