Titel: Het Gouden Ei
Auteur: Tim Krabbé
Uitgeverij: Bert Bakker
Plaats van uitgave: Amsterdam
Eerste druk: 1983
Titelverklaring:
Als klein kind droomde Saskia dat ze opgesloten zat in een gouden ei. Terwijl ze door het heelal vloog, was haar enige kans op ontsnapping een botsing met een ander gouden ei. Er vliegen er maar twee in het heelal rond. Rex heeft ook een nachtmerrie over het gouden ei. De droom blijkt een voorspellende droom te zijn over de dood.
Uittreksel:
Als Rex Hofman en zijn vriendin Saskia op weg zijn naar een zuidelijke vakantiebestemming, wordt Saskia ontvoerd. In haar jeugd heeft ze eens gedroomd dat ze opgesloten was in een gouden ei waarin ze door de ruimte vloog. Alleen een botsing met nog zo'n ei zou hieraan een einde kunnen maken. Rex knoopt enige tijd later een relatie aan met Lieneke die hij ten huwelijk vraagt. De misdadiger is Raymond Lemorne, een scheikundeleraar. Na het redden van een kind vraagt hij zich af of hij ook in staat is een misdrijf te plegen. Hij doodt twee Duitse lifters en ontvoert Saskia, waarna hij haar levend in een kist begraaft. Acht jaar later begint Rex in Frankrijk een reclamecampagne om inlichtingen over Saskia te krijgen. Na enige tijd meldt zich een man (Lemorne) die Rex zal vertellen wat er met Saskia is gebeurd door hem hetzelfde te laten ondergaan. Omdat Rex per se wil weten wat er met Saskia is gebeurd, gaat hij op het aanbod in. Hij wordt door de man bedwelmd en wordt in een kist wakker. Nooit wordt meer iets van hem en Saskia vernomen.
Twee professionele recensies en eigen mening:
Recensie 1, positief:
Het gouden ei
door Max Temmerman, 31-12-2002
"Het gouden ei" is een bestseller om u tegen te zeggen. Er zijn in de jaren '80 en '90 van de voorbije eeuw weinig Nederlandstalige romans verschenen die het collectieve geheugen van ons taalgebied op een dusdanige manier hebben doordrongen. Het feit dat de roman sinds zijn verschijnen in 1983 op zowat elke verplichte literatuurlijst van elke middelbare school tussen Groningen en Oostende heeft gestaan, is daar natuurlijk niet vreemd aan. (Het feit dat hij ondertussen twee keer is verfilmd, één maal erg indrukwekkend in Nederland onder de titel 'Spoorloos', en één keer in de Verenigde Staten minder overtuigend als 'The vanishing', natuurlijk evenmin). Het heeft nog niets van zijn spankracht verloren en de roman blijft aankomen als een vuistslag (in een lege maag). Het is het begin van de zomervakantie, valavond, ergens op de Route du Soleil. Rex' vriendin Saskia blijft wel erg lang in het benzinestation. Rex zelf blijft bij de auto wachten, en neemt een polaroid van dat station, bij wijze van grap. Maar dan blijkt, we zitten dan op pagina 15 van de 98, dat ze niet terugkomt. Ze is verdwenen. Tijdens de rest van het verhaal schetst Krabbé de gevolgen van deze verdwijning voor Rex, geeft hij een psychologisch dader-profiel, en verhaalt hij de afschuwelijke ontknoping als die twee elkaar ontmoeten. "Het gouden ei" blijft na al die jaren een zeer intense, hoewel korte leeservaring.
Recensie 2, nijgt naar negatief:
Gruwelverhaal van Tim Krabbé
door Hans Warren, 09-06-1984
Tim Krabbé, thans 41 jaar, bracht het als schaker tamelijk ver (over schaken publiceerde hij 'Nieuwe Schaakcuriosa'), hij bracht het als wielrenner tamelijk ver (over wielrennen publiceerde hij de roman 'De Renner') en hij schrijft al sedert 1967 romans en verhalen die soms sterk opvallen. Na een drietal niet zo belangrijke romans kwam hij bijvoorbeeld in 1978 met de verhalenbundel 'De stad in het midden' die terecht de aandacht trok. In datzelfde jaar volgde nog 'De Renner' dat de weerslag is van een in juni 1977 gereden klimkoers in Zuid-Frankrijk waarbij Krabbé als tweede eindigde. Het leek er op of Krabbé als schrijver toen door zou breken, maar het werd weer betrekkelijk stil om hem heen.
Voor dit voorjaar was een bundel met wielerverhalen aangekondigd, een bundeling van een aantal van Krabbé's wielercolumns uit NRC/Handelsblad, aangevuld met een paar verhalen. Voorts verscheen al 'Het gouden ei', een novelle over een misdaad, een gruwelijke moord, gepleegd op een jonge vrouw, waarmee Krabbé teruggrijpt qua thema op zijn eerste roman uit 1967: 'De werkelijke moord op Kitty Duisenberg'. Met 'Het gouden ei' heeft Krabbé nogal hoog gegrepen. De opzet, de 'vondst', is zeer boeiend, maar de uitwerking bevat onhandigheden en weinig terzake doende uitweidingen die maken dat men het boekje, hoe beklemmend en luguber het hier en daar ook is, toch ietwat teleurgesteld uit handen legt.
Het eerste thema: het verdwijnen van Saskia, zoals dat in het eerste hoofdstuk verteld wordt, is het meest verrassende, juist door de onverklaarbaarheid van het gebeuren. Twee mensen, Saskia, half de twintig, en haar acht jaar oudere vriend Rex zijn per auto op weg naar hun vakantiebestemming in Zuid-Frankrijk. Ze kennen elkaar al lang, zijn nu moe, hebben ook een beetje gekibbeld, maar het weer goed gemaakt. Het loopt tegen de avond en bij een benzinestation ontspannen ze even. Saskia, die niet graag chauffeert, heeft beloofd dat ze van dit ogenblik af rijden zal. Ze heeft de autosleuteltjes al gepakt. Terwijl ze naar het toilet is maakt Rex voor de grap een foto van het tankstation, met de bedoeling daar later in hun album bij te schrijven: 'Total-tankstation met daarin Saskia, enkele minuten voordat zij voor het eerst op de Autoroute zal chaufferen'. Saskia zou ook nog een paar blikjes drinken meebrengen. Rex denkt nu vertederd aan haar. Aan gemene streken die hij met haar heeft uitgehaald, aan plagerijen waarbij hij haar een beetje beloog of bedroog. En aan Saskia's nachtmerrie als kind, die ze hem verteld had: 'dat ze opgesloten zat in een gouden ei dat door het heelal vloog. Alles was zwart, er waren niet eens sterren, ze zou er altijd in moeten zitten, en ze kon niet doodgaan. Er was maar één hoop. Er vloog nog zo'n gouden ei door de ruimte, als ze tegen elkaar botsten zouden ze allebei vernietigd zijn, dan was het afgelopen. Maar het heelal was zo groot!' (14)
Hij besloot haar niet meer zo te plagen. Saskia blijft wonderlijk lang weg. Met precisie tekent Krabbé de reacties van Rex. Eerst denkt hij: Ze zal zich wat staan op te tutten om mooi te zijn als ze chauffeert en ze rekt het omdat ze er tegenop ziet. Maar na een kwartiertje raakt hij wat gealarmeerd. Hij gaat eens poolshoogte nemen in het servicegebouw, de winkel daar, kijkt zelfs vluchtig in het damestoilet: geen Saskia voor de spiegel. Terug naar de auto. Na een half uur is Rex' paniek compleet.
"Een prins in een witte Rolls Royce? Een krankzinnige impuls, en zoeff, weg, hem voorbij, een totaal nieuw leven tegemoet? 'Ik ben een beetje wispel', ze had het vaak genoeg gezegd -- ze kòn in een flits beseft hebben dat het met hem niet volmaakt was en nooit zou worden. Maar hem zó achterlaten? Ondenkbaar" (18/19).
Rex doet alles wat je in zo'n geval doet. Hij klampt mensen aan, sommigen hebben haar gezien, dingen kloppen, andere niet. De politie wil er pas werk van maken als ze de volgende morgen nog niet terecht is. De avond valt, en Rex overweegt nuchter: "Ze was in een auto gesleurd of gelokt en ontvoerd. Ze zag er sexy uit, maar niet rijk. Misschien had de dader zelfs gezien dat ze bij Rex' oude auto hoorde, het moest dus om verkrachting begonnen zijn. Dan werd ze nu verkracht. En daarna? Ze kon vermoord worden. Dan werd haar lijk vroeger of later gevonden. Maar ze zou niet zo stom zijn zich te verzetten. De kans was groot dat ze ergens op een afgelegen plek werd achtergelaten, dan zou ze na verloop van tijd het hotel weten te bereiken. Al met al was dat het meest waarschijnlijk. Het was niet eens gezegd dat de vakantie reddeloos was" (23/24).
Hij denkt toch ook aan haar nachtmerrie over het Gouden Ei, wil haar lot delen, haar redden.
Saskia blijft spoorloos, de jaren verstrijken. Zoals gezegd: deze opzet van het verhaal boeit door de simpele, realistische verteltrant. De ontreddering van Rex die op onverklaarbare wijze zijn vriendin verliest grijpt ook de lezer.
Het tweede hoofdstuk zorgt dan voor een anticlimax door te veel overbodig bijwerk. We zijn acht jaar verder en in een vakantieoord in Italië. Rex heeft een nieuwe vriendin, Lieneke, met wie hij besluit te trouwen. Saskia's schim staat echter tussen hen in, haar nachtmerries zijn op hem overgeslagen.
Het derde hoofdstuk is weer zeer beklemmend. We maken kennis met Raymond Lemorne, een leraar scheikunde en een gevaarlijke gek. Met groot inlevingsvermogen tekent Krabbé de aanvallen van gekte van deze man. Hij bezit een vervallen buitenhuisje niet ver van het bewuste tankstation en hij is het geweest die na lang oefenen en veel mislukkingen erin geslaagd is Saskia te overmeesteren en te doen verdwijnen. Ik verklap het geheim niet: zijn handelswijze is primitief-geraffineerd en leidt tot een perfecte misdaad. Hij heeft er al meer op zijn geweten.
In het laatste hoofdstuk blijkt Rex nogmaals, na acht jaar, een grote advertentiecampagne op touw te hebben gezet om Saskia op te sporen. Ook dit hoofdstuk bevat te veel bijzaken, maar de gruwelijk-onheilspellende lijn wordt weer opgevat wanneer (op nogal onwaarschijnlijke manier overigens) de moordenaar van Saskia in Amsterdam verschijnt en hem aanspreekt. Raymond Lemorne wil het raadsel van haar verdwijnen alleen ontsluieren als Rex er in toestemt hetzelfde lot te ondergaan als Saskia -- hij weet dat ze dood is en dat het dus ook zijn dood betekenen zal. Hij denkt aan het Gouden Ei en stemt toe. Ze rijden in Lemornes auto naar het benzinestation van weleer.
Dat Rex' dood zó gruwelijk zal blijken is wel voor iedere lezer een schok. 'Het Gouden Ei' zit echter te onbeholpen in elkaar om echt geslaagd te heten. Lezenswaard is het zeker.
Eigen mening, positief:
Het boek Het Gouden ei is echt een boek dat veel mensen zal aanspreken. Er zit spanning, liefde en moord in wat in ieder geval mij tot een positieve mening heeft laten komen. Vooral het einde is merkwaardig wanneer Rex overweegt hetzelfde te ondergaan als zijn vriendin Saskia. Ik denk dat die gebeurtenis het boek dan ook zo bestseller heeft gemaakt. Een gruwelijk einde, dus geen ‘eind goed, al goed’.
Ik ben het met Max Temmerman van recensie 1 eens dat al is het boek in 1983 uitgegeven, het blijft zelfs in deze tijd een goed boek. Waarschijnlijk komt dit doordat er bijvoorbeeld nauwelijks oude voorwerpen worden genoemd.
Ik ben het met Hans Warren van recensie 2 eens dat het verhaal realistisch geschreven is. Misschien eindigt het verhaal dan wel apart maar de schrijfstel van Krabbé zorgt voor een stukje begrip onder de personen.
Ik ben het met Hans Warren van recensie 2 oneens dat het boek onbeholpen in elkaar zou zitten. Ik snap eventueel wel dat deze mening gebaseerd is op delen in het boek die soms verwarrend zijn of delen die plots worden overgeslagen, maar om het dan onbeholpen te noemen…
*In de recensie van Max Temmerman heb ik geen mening gevonden waar ik het niet mee eens ben, het is immers een korte recensie.
Verhaallijnen en ‘t einde:
In het verhaal is er sprake van twee verhaallijnen. De eerste verhaallijn staat Rex Hofman centraal en zijn zoektocht naar zijn levenspartner Saskia Ehlvest. In de tweede verhaallijn staat Raymond Lemorne centraal die achter de verdwijning van Saskia zit. Later in het verhaal kruisen de twee verhaallijnen elkaar wanneer Rex overweegt aan Raymond uit benieuwdheid hetzelfde lot te ondergaan als die van Saskia zodat Rex precies weet wat er met haar is gebeurd.
In het boek is er sprake van een open einde. In eerste instantie zat ik te denken aan een gesloten einde omdat het boek draait om de zoektocht van Rex naar Saskia en die zoektocht eindigt ook aan het eind van het boek. Alleen het is open, want:
1. Zal Lieneke hetzelfde ondergaan als Rex en Saskia?
2. Wordt Raymond ooit nog opgepakt wegens de 2 moorden?
3. Worden de lichamen ooit nog gevonden?
Open plekken en spanningen:
Het verhaal kent aardig wat open plekken maar deze zorgen niet erg voor de spanning. De belangrijkste open plek die daarentegen wel voor spanning zorgt is is: waar is Saskia gebleven? Deze open plek roept enkele vragen op, waaronder:
1. Is ze ontvoert?
2. Is ze er zelf vandoor gegaan, omdat ze Rex niet meer zag zitten?
3. Leef ze nog wel, of is ze misschien al dood?
Spanning wordt in het verhaal opgewekt door:
1. De titel van het boek ‘Het Gouden Ei’:
- Je vraagt je af wat het betekent.
2. Open plekken:
- ‘’Wat gaat er gebeuren…?’’ Bijvoorbeeld waar Saskia gebleven is.
3. Flashbacks:
- Je bent benieuwd wat een gebeurtenis in het verleden met het heden te maken heeft.
4. Tijdsprongen
- Hele stukken tijd worden overgeslagen waardoor je weer achter veel dingen moet komen. Bijvoorbeeld wanneer na de verdwijning van Saskia je ineens 8 jaar verder bent terwijl je verwacht dat je iets te weten zou komen over haar verdwijning.
4. Vertraging / uitstel:
- Bijvoorbeeld de rit van Rex met Raymond, het duurt heel lang voordat de twee op het benzinestation aankomen waar Saskia door die Raymond ontvoerd is.
5. Overspringen naar de andere verhaallijn:
- Het ene verhaal wordt onderbroken voor het andere waardoor je snel door wilt lezen om terug te komen op de andere verhaallijn.
Ook is er naast deze 6 punten spraken van een spanningsboog. Dit is de spanningsboog tussen het verdwijnen van Saskia en het levend begraven van Rex, wat Saskia ook ondergaan heeft.
Personages:
In het boek is er duidelijk sprake van karakters. De karaktereigenschappen zijn beschreven maar ook op te maken uit verschillende gebeurtenissen die hebben plaatsgevonden en die plaatsvinden in het boek.
Hoofdpersoon: Rex Hofman
Rex Hofman is medewerker van een populair-wetenschappelijk jeugdtijdschrift. Hij is negen jaar ouder dan Saskia (in 1983 is hij 41). Hij heeft last van claustrofobie, en houdt van spelletjes: net als Lemorne doet hij graag gedachtenspelletjes.
Hij vindt het vreselijk dat hij niet weet wat er met Saskia is gebeurd, dat hij dit raadsel niet kan oplossen. Als hij Lemorne ziet, valt er een kwellende angst van hem af.
Hij heeft verschillende vriendinnen, waaronder Lieneke, maar alleen bij Saskia had hij er werkelijk naar verlangd één met haar te worden. Deze twee wensen, het raadsel oplossen en één met zijn Saskia, gaan op het eind van het boek op een griezelige manier in vervulling.
Relaties tussen bijpersonen en de hoofdpersoon:
Centrale bijpersoon: Saskia Ehlvest
Levenspartner van Rex.
Bijpersoon: Raymond Lemorne
Vermoorde de levenspartner van Rex ‘Saskia’ en Rex zelf.
Bijpersoon: Lieneke
De vriendin na Saskia van Rex.
Thema:
Het thema van Het Gouden Ei is ‘liefde en verbondenheid voor en na de dood’. Liefde omdat Rex nog nooit zoveel voor iemand heeft gevoeld als voor Saskia. Opeens wordt Saskia hem ontnomen waardoor het boek beschrijft dat er eigenlijk een deel van zijn leven wordt ontnomen, zijn verbondenheid aan haar is daarmee duidelijk gemaakt. Hij voelt zich daarnaast ook nog is zo verbonden met haar dat hij overweegt hetzelfde lot te ondergaan als dat van Saskia. Hij wordt levend begraven en sterft. Als er een hiernamaals is betekent het dus dat de twee weer verbonden zijn. Gelijk is hiermee uitgelegd dat Rex zijn liefde en verbondheid aan Saskia zo groot is dat hij de dood overweegt, voor als er een hiernamaals is, om weer bij haar te zijn.
Motieven:
Motieven die in het verhaal voorkomen zijn:
1. Onwetendheid:
- Rex weet niet wat er met Saskia gebeurt is en waar ze is.
2. Het gouden ei:
- Saskia droomt eerst over een gouden ei waarin zij zit en daarmee door het heelal zwerft. Er zijn twee gouden eieren, als die twee tegen elkaar botsen dan zijn ze beide uit hun ei berijd. Alleen daarbij weet Saskia dat het heelal heel groot is en de kans op bevrijding dus klein. Dit alles slaat terug op de gebeurtenissen in het verhaal. De krapte van de eieren staan voor de ruimte in het graf, Saskia wordt levend begraven en Rex een aantal jaar later ook. De grote van het heelal staat voor hoe lang het duurt voordat Rex Saskia treft. En de botsing staat voor de gelijke manier van overlijden en de bevrijding voor de bevrijding van het leven.
3. Ontvoering:
- De verdwijning van Saskia blijkt uiteindelijk om een ontvoering te gaan.
Ruimte:
Het verhaal speelt zich op verschillende plaatsen af. Het verhaal begint in Frankrijk, bij een benzinepomp. Dat is een belangrijke plek, omdat Saskia daar ontvoerd wordt. Bij hoofdstuk 2 zijn Rex en Lieneke op vakantie in Marina di Camerote. Dit is 8 jaar na de ontvoering van Saskia. In hoofdstuk 3 krijg je te maken met de ontvoerder, dat is ook weer in Frankrijk en in het vakantiehuisje van Raymond.. En hoofdstuk 4 is in Amsterdam, bij het flatje van Rex. Het laatste hoofdstuk gaat vanuit Lieneke, ook weer in Amsterdam.
Verder hebben de ruimtes nauwelijks een functie in het boek. Alleen Raymond’s eenzame en vervallen vakantiehuisje kan de spanning net iets verhogen maar dat hangt af van hoe de lezer daarin is ingesteld.
Tijd:
Het verhaal wordt verteld in de verleden tijd. De hoofdstukken vormen geen chronologisch geheel, het verhaal bestaat uit verschillende flashbacks. Verder speelt het zich eigenlijk echt af tussen 1975 en 1983.
De vertelde tijd (8 jaar) is langer dan de verteltijd. Dit komt omdat er sprake is van tijdversnelling.
Verschil tussen fabel en sujet:
In dit boek is er een verschil tussen fabel en sujet, het verhaal wordt namelijk niet-chronologisch vertelt en er komen ook vaak flashbacks en tijdsprongen in voor.
Flashbacks en vooruitwijzingen:
In het boek zitten een aantal belangrijke flashbacks:
1. De ontvoering van Saskia.
2. De terugblik op Raymond’s leven.
3. Over Saskia om een duidelijker beeld te krijgen over de persoon die zij was.
- Hoe ze als klein meisje was.
- De droom over het gouden ei.
In het boek zitten ook een aantal opvallende tijdsprongen:
1. H1 naar H2: Een sprong verder van 8 jaar.
2. H2 naar H3: Een sprong verder van 33 jaar.
3. Blz. 48: Een sprong verder van 21 jaar.
4. H3 naar H4: Een sprong terug van 8 jaar.
Perspectief:
Het verhaal is geschreven vanuit de schrijver. Het is dus een alwetend everteller. Je ziet de gebeurtenissen wel als het ware vanuit Rex Hofman in de eerste twee hoofdstukken. In het derde hoofdstuk wordt het verhaal vanuit het perspectief van Raymond Lemorne verteld, in het vierde hoofdstuk ligt het perspectief weer bij Rex en in het laatste hoofdstuk kun je de situatie lezen door de ogen van de mensen bij Rex in de buurt en de politie die niets afweten van wat er gebeurd is. Hierdoor ontvang je objectieve informatie waardoor je zo nu en dan net een stapje voor bent met de zoektocht naar Saskia dan dat Rex dat is.
Structuur:
Het boek telt 98 bladzijden verdeelt over 5 hoofdstukken:
Hoofdstuk 1: Rex en Saskia staan centraal.
- Verdwijning van Saskia.
Hoofdstuk 2: Rex en Lieneke staan centraal.
- Rex en Lieneke gaan op vakantie.
Hoofdstuk 3: Raymond staat centraal.
- Raymonds leven.
Hoofdstuk 4: Rex en Raymond staan centraal.
- Raymond begraaft Rex levend.
Hoofdstuk 5: Lieneke staat centraal.
- Lieneke gaat op zoek naar Rex.
Samenhang:
De samenhang van de hoofdstukken is op basis van herhaling en overeenkomst. Herhaling en overeenkomst omdat het gouden ei eerst voor komt in de droom van Saskia, daarna in een droom van Rex en vervolgens komt de droom uit. Ook de wijze waarop Saskia is verdwenen en is vermoord wordt later op dezelfde manier bij Rex herhaald.
Begin van het verhaal:
Het begin van het verhaal ligt tussen ab ovo en in medias res in. Dit komt omdat we beginnen met de reis van de vakantie van Rex en Saskia en dat Saskia verdwijnt. Vanaf dat moment is zij weg en start pas de hoofdvraag ‘Waar is Saskia?’ (ab ovo). Maar er zijn voorheen al bepaalde gebeurtenissen geweest die via flashbacks later worden gegeven om het verhaal te snappen (in medias res).
Cyclische opbouw:
In Het Gouden Ei is er geen sprake van een cyclische opbouw. Dit komt omdat het verhaal begint met dat Saskia en Rex op vakantie gaan in Frankrijk en Saskia verdwijnt, en het eindigt met dat Rex weet wat er met Saskia is gebeurd en ook op dezelfde manier sterft waarna Lieneke nog opzoek gaat naar hem.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.