Gezocht: VWO'ers uit de 4e/5e met N&T of interesse in techniek. Doe mee aan een online community over een nieuwe studie en verdien een cadeaubon van 50 euro!

Meedoen

Dorsvloer vol confetti door Franca Treur

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 4e klas havo | 5994 woorden
  • 31 januari 2013
  • 48 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.6
  • 48 keer beoordeeld

Eerste uitgave
2009
Pagina's
219
Geschikt voor
bovenbouw havo/vwo
Punten
2 uit 5
Oorspronkelijke taal
Nederlands
Onderwerpen
Prijzen
NS Publieksprijs (2010 Genomineerd) , Selexyz Debuutprijs (2010 Winnaar)

Boekcover Dorsvloer vol confetti
Shadow

Hoeveel kracht hebben woorden? Hoe onschuldig zijn de fantasieën van een meisje van twaalf? De jonge Katelijne groeit in de jaren tachtig en negentig op in een strenggelovig boerengezin in Zeeland. Als enig meisje tussen zes broers wordt ze nauwelijks bij het boerenwerk betrokken. Hierdoor gaan ook de gesprekken aan tafel grotendeels aan haar voorbij. Terwijl haa…

Hoeveel kracht hebben woorden? Hoe onschuldig zijn de fantasieën van een meisje van twaalf? De jonge Katelijne groeit in de jaren tachtig en negentig op in een strenggelovig b…

Hoeveel kracht hebben woorden? Hoe onschuldig zijn de fantasieën van een meisje van twaalf? De jonge Katelijne groeit in de jaren tachtig en negentig op in een strenggelovig boerengezin in Zeeland. Als enig meisje tussen zes broers wordt ze nauwelijks bij het boerenwerk betrokken. Hierdoor gaan ook de gesprekken aan tafel grotendeels aan haar voorbij. Terwijl haar verlangen om mee te doen onverminderd groot blijft, gaan haar gedachten hun eigen gang. Daarbij laat ze zich meeslepen door verhalen. Familieverhalen, dorpsroddels, Bijbelverhalen, bekeringsgeschiedenissen. Ook sprookjes, al mag ze die eigenlijk niet lezen, omdat het leugens zijn die haar maar afhouden van de Waarheid. Ze merkt dat haar eigen woorden grote gevolgen hebben voor haar familie. Dorsvloer vol confetti is een sensitieve roman over de strijd van ieder mens om een eigen leven, en tegelijkertijd een liefdevol portret van een Zeeuwse orthodoxe boerengemeenschap met een geheel eigen vertelcultuur.

Dorsvloer vol confetti door Franca Treur
Shadow
ADVERTENTIE
Ga jij de uitdaging aan?

Op EnergieGenie.nl vind je niet alleen maar informatie voor een werkstuk over duurzaamheid, maar ook 12 challenges om je steentje bij te dragen aan een beter klimaat. Douche jij komende week wat korter of daag je jezelf uit om een week vegetarisch te eten? Kom samen in actie!

Check alle challenges!

Titelbeschrijving van het boek


TREUR, F. Dorsvloer vol confetti, Leidschendam, 2009, 1e druk 2009           




Samenvatting


Voor deze bespreking is gebruikgemaakt van: Franca Treur, Dorsvloer vol confetti . Uitgeverij Prometheus, Amsterdam, 2009.



Dorsvloer vol confetti bestaat uit achttien hoofdstukken. Er is geen sprake van een duidelijke verhaallijn. In de onderstaande samenvatting wordt daarom telkens een korte samenvatting per hoofdstuk gegeven.



Een nachthutje in de komkommerhof


Katelijne Minderhoud is twaalf jaar oud. Ze heeft zes broers en woont samen met hen en haar vader en moeder in een boerderij op het Zeeuwse platteland. De kerk en het geloof spelen een grote rol in het boerengezin. Elke dag wordt er uit de Bijbel gelezen en op zondag gaan ze twee keer naar de kerk. Tussen de kerkdiensten door doet de familie een middagdutje. Op de zondagmiddag die beschreven wordt in dit hoofdstuk, stopt er juist dan een auto voor hun deur. Het Duitse gezin dat uitstapt zoekt een plek om hun tent een nacht op te zetten, omdat ze nergens anders terechtkunnen. Katelijne weet dat haar ouders ertegen zullen zijn, maar omdat zij slapen en Katelijne als enige van de familie wakker is, geeft zij het gezin toch toestemming hun tent op te zetten. Ze denkt haar beslissing goed te kunnen praten door het verhaal van de Emmaüsgangers uit de Bijbel: 'De Emmaüsgangers herkenden de Heere Jezus ook niet toen Hij met hen mee wandelde en toen ze Hem in huis uitnodigden' (p. 20). Ze hoopt dat de preek die zondag over de Barmhartige Samaritaan zal gaan, maar er wordt over iets anders gepreekt: over een nachthutje in de komkommerhof. En ook dat verhaal weet Katelijne meteen toe te passen op de situatie: 'we moeten een nachthutje in de komkommerhof zijn' (p. 23). Als ze terugkomen uit de kerk is de tent met het gezin alweer verdwenen.



Paardenbloemen


Katelijnes opa wordt onwel - en sterft later - boven de gierkelder, als hij een van de kleine broertjes van Katelijne uit de stront trekt. Men kan zich niet voorstellen dat het jongetje in het gat geraakt was, maar Katelijne weet wel hoe dat zo kwam. Zij had de tweeling verteld dat de koeien paardenbloemen uitpoepen en dat je die door de roosters heen kon zien liggen.



Gloria


Katelijne mag als enige uit het gezin op vakantie: ze gaat logeren bij een oom en tante in de stad. Daar ontmoet ze buurvrouw Gloria en bij haar leest ze - stiekem - De sprookjes van de gebroeders Grimm . Tijdens de logeerpartij overlijdt opoe. Katelijne vindt bij thuiskomst haar klederdracht in de bijkeuken en past die stiekem aan. Als ze weer thuis is, schrijft ze Gloria, maar na een half jaar stopt zij met het beantwoorden van Katelijnes brieven.



Hondsdagen


Katelijne komt graag bij oma, die in een eigen huisje op het erf van de boerderij woont. Oma vertelt haar nieuwtjes van het dorp, die zij gehoord heeft van haar vriendin Kee Dommisse. Tijdens de bezoekjes vertelt oma Katelijne veelvuldig over het geloof.



Bezoek


Er komt een veekoopman langs voor het kopen van vee van vader. Katelijne verzorgt de koffie, omdat moeder niet thuis is. Tussen de prijsonderhandelingen door vertelt de veekoopman een spannend verhaal. Katelijne vindt dat haar vader te weinig geld krijgt voor zijn vee en ze bemoeit zich ermee door honderd


gulden te vragen voor de koffie die de man gedronken heeft. Hij betaalt. Jood-en-mof


Op school leert Katelijne niet alleen van de meesters en de juffen, maar ook van haar klasgenoten. Ze leggen haar bijvoorbeeld uit wat ze voor haar verjaardag moet vragen. Ook doen ze samen spelletjes, zoals Jood-en-mof. Bij dit spel loopt Katelijne rode striemen op, die thuis worden opgemerkt. De moeder belt de meester op om te zeggen dat het de spuigaten uitloopt op het schoolplein.


Katelijnes beste vriendin heet Suzanne. Ze woont in het dorp en bij haar thuis is alles anders. 'In de kamer van Katelijne overheersen de kleuren bruin en groen; bij Suzanne roze en wit. Als Suzanne eindelijk een keer bij Katelijne thuiskomt, blieft ze niet de melk die haar wordt voorgezet en vraagt ze om Yogho! Yogho!. Door Suzanne gaat Katelijne de boerderij ook anders bekijken: 'Suzanne's afkeer zorgt er ook voor dat in het beeld van de boerderij als de heilige spil een barstje begint te ontstaan dat Katelijne meer dan welkom is' (p. 85).



Verraad


Katelijne biedt aan om een keer mee te helpen de koeien te melken, zodat broer Rogier kan blijven liggen. Ze voelt zich misschien schuldig, omdat ze ongevraagd een boek van hem geleend heeft, dat hij van opa en oma cadeau kreeg. Als ze terugkomt van het melken, leest de moeder de anderen - zonder toestemming - een verhaal voor, dat door Katelijne is geschreven. Later blijkt dat Katelijne het deurtje van de melkstal open heeft laten staan, waardoor de helft van de koeien naar buiten is gelopen. Van Rogier mag ze nooit meer meehelpen met het vee.



De vijfde colonne


Uit het schooladvies blijkt dat Katelijne goed kan leren: ze mag naar het vwo. Dit hadden haar ouders niet verwacht.


Meester Wisse bereidt zijn leerlingen voor op het voortgezet onderwijs: 'op de confrontatie met de wereld' (p. 104). Hij waarschuwt hen ook voor de gevaren van muziek. Hij gebruikt hiervoor een lied van een zekere meneer Wessel (zie de paragraaf 'Context'): naar deze muziek kun je volgens meester Wisse niet luisteren, zonder mee te willen doen: '"En hierdoor" - hij buigt zich over naar de klas - "lukte het de nazi's om hun duivelse ideeën op de massa over te brengen. Zien jullie nou hoe gevaarlijk muziek is?"' (p. 106). Maar ook popmuziek is uit den boze. Zelfs 'Yellow Submarine' van The Beatles, dat vader en moeder mee kunnen zingen als Katelijne hen erover vertelt.




Tweede pinksterdag


Op Tweede Pinksterdag maakt de familie Minderhoud een uitje naar het kanon op de dijk bij Westkapelle. Moeder is boos op Katelijne omdat ze hard schreeuwt en haar vervolgens een grote mond geeft. Katelijne loopt weg bij het kanon en maakt een praatje met een man, die ze niet kent. Ze vraagt hem of ze niet bij hem kan komen wonen, want ze kan aardappels schillen en tuinbonen doppen, afdrogen en strijken en alle andere dingen die ze altijd voor de moeder moet doen. De man vraagt haar vervolgens wat ze in bed kan: 'Kun je je benen goed wijd doen? Of ben je daar nog te klein voor?' (p. 119). Katelijne schrikt van zijn vuile lachje en gaat terug naar de auto.




De vriendin van Rogier


Broer Rogier heeft een vriendin. 'Jannemieke is een van de uitgetredenen. De uitgetredenen zijn strenger dan zij en vromer in de leer en leven. Ze zijn bijvoorbeeld niet verzekerd en niet ingeënt' (p. 124). Jannemieke slaapt bij Katelijne op de kamer als ze in het weekend komt. Als Rogier er op zondagmiddag bij komt liggen, 'voelt Katelijne de spanning van het heimelijk tasten en strelen' (p. 128). Tijdens een van de laatste keren dat Jannemieke en Katelijne bij elkaar slapen, snoepen ze in bed en er raakt een kauwgombel verstrikt in Jannemiekes haar. De moeder moet de kauwgom uit het haar van Jannemieke knippen, maar toch komt de schaar er niet door, want Jannemiekes haar is nog nooit geknipt. Niet veel later gaat het uit tussen Rogier en Jannemieke.




Huisbezoek


Er komen twee ouderlingen van de kerk op huisbezoek, maar van 'het zo zorgvuldig opgebouwde gesprek komt niets meer terecht' (p. 138), omdat meester Wisse langs komt fietsen - op weg naar zijn vriendin Ria de Kikker, weten ze. 's Avonds in bed bedenkt Katelijne vragen die ze aan de ouderlingen had kunnen stellen, zoals 'Wat betekent het dat er in Genesis 6 staat dat er vroeger reuzen op aarde waren?' (p. 139).




Gegrepen door het Woord


Oma's Statenbijbel uit 'zeventienhonderdzoveel' (p. 140), wordt, samen met het zendingsbusje, uit haar huis gestolen. Er bestaan allerlei theorieën over wie het gedaan zou kunnen hebben. Uiteindelijk wordt de Bijbel teruggevonden in een reistas in 'Hoes' (Goes).



Je weet niet wat je meemaakt


Met broer Jeroen fietst Katelijne naar Middelburg om een spuit voor een koe te halen. Ze besluiten, nadat de boodschap gedaan is, om een ijsje te kopen. Broer en zus belanden op de kermis en er wordt hen door een paar jongens cola aangeboden. Waarschijnlijk is er alcohol door gemengd, want het smaakt gek en als ze samen in de draaimolen gaan, komen ze er onder de kots weer uit, omdat de twee jongens hebben overgegeven. Tot overmaat van ramp blijkt verder dat ze op deze heidense plek gezien zijn door de dochter van Kee Dommisse. Ze worden er door vader hardhandig voor gestraft



Tarwe dorsen


Katelijnes lichaam verandert en de gezinsleden raken hier maar niet over uitgepraat. De jongens willen dolgraag weten hoeveel kilo Katelijne nu precies weegt. Ook zoeken ze tussen de plooien van haar shirts naar 'een beginnende boezem' (p. 163). Uiteindelijk is het vader die haar gewicht raadt, omdat hij met en zonder Katelijne op de trekker, over de weegbrug gaat.


Als de tarwe gedorst is, wordt het land gebruikt voor brommerraces. Broer Christiaan komt zo aan de praat met Petra.



Sunny Boy


Christiaan komt steeds vaker bij Katelijne op de kamer om te praten. Katelijne vertelt haar broer tijdens een van deze bezoekjes een zelfverzonnen verhaal over de zusjes Davidse. Volgens haar liggen zij op donderdagmiddag naakt op het bed van hun vader en moeder. Christiaan luistert zwaar ademend naar haar verhalen.



Deo volente


Christiaan en zijn vriendin Petra moeten trouwen, omdat Petra in verwachting is. Katelijne begint met het perforeren van tijdschriften, zodat er confetti op de bruiloft zal zijn. De dorsvloer zal als feestzaal gebruikt worden.



Zoete koek met boter


Katelijne probeert oma te vertellen dat opa, die niet bekeerd is, misschien toch goed terecht is gekomen na zijn dood. Ze vertelt dat toen ze met opa 'naar stad' is geweest, ze op de terugweg zijn opgehouden door een oud vrouwtje. Hierdoor botsten ze niet op een auto, die hard aan kwam rijden. '"Toen we daar zo stonden op dat kruispunt, die auto na te kijken, kwam er opeens dat versje in me op, je weet wel, van "De HEER' verlost en spaart"'(p. 198). Opa zou tegen Katelijne hebben gezegd dat hij precies dezelfde psalm gehoord dacht te hebben, waardoor hij afremde voor het vrouwtje. Oma twijfelt misschien verstandelijk aan het verhaal, maar in haar hart gelooft ze het al, volgens Katelijne.




Dorsvloer vol confetti


In dit hoofdstuk staat de bruiloft van Christiaan en Petra centraal. Katelijne heeft precies uitgedacht wanneer de confetti over hen uitgestort moet worden. Maar op het moment suprême staat het bruidspaar juist daar als er een eerbiedig vers gezongen wordt en durft Katelijne niet. Toch kan de confetti uiteindelijk, met behulp van broer Rogier, uitgestrooid worden. Hierdoor gaat er wel iets mis met de koeien.



Persoonlijke reactie


Ik vond het boek moeilijk om doorheen te komen. Dat komt vooral omdat ik me er niet bij kan inleven. Ik ben zelf namelijk niet gelovig en heb altijd al een moeite gehad met het inzien waarom mensen hun leven laten lijden door hun geloof. Aan de andere kant was het ook redelijk interessant om te lezen dat er toch veel verschil kan zitten in een dorp en dat kan ik ook in mijn woon omgeving terug vinden en in de scholen. Bijvoorbeeld het verschil tussen onze school en het Lodenstein College. Ook in mijn woonwijk heb je streng gelovige mensen en vooral in Woudenberg (20 minuten fietsen van mijn huis af) heb je  veel gelovige mensen. Die mensen zie ik super vaak op straat en de achtergrond daarvan weten is toch wel een beetje interessant. Ik heb ook veel respect voor de mensen die streng gelovig zijn, want ze hebben toch een doel in hun leven waar ze zich altijd bij zullen houden. Voor de rest miste ik wel echt iets in het boek. Vaak zijn boeken opgebouwd met een probleem die word opgelost naar mate het boek, dit boek was jammer genoeg toch anders. Ik zou het boek niet snel aanraden bij mijn vrienden, maar het zal misschien wel een leuk boek zijn voor gelovige mensen.



Thematiek


Belangrijke thematische sleutelwoorden in Dorsvloer vol confetti zijn religie, het verzinnen van verhalen en het buitenstaanderschap.


Katelijne groeit op in een reformatorisch gezin, waarin de vrouwen rokken dragen, er geen televisie wordt gekeken en niet naar de radio wordt geluisterd - behalve naar het weerbericht. Verder zijn verschillende muzieksoorten verboden, net zoals bepaalde boeken. Katelijne leest dan ook vooral stichtelijke blaadjes als Terdege en boeken zoals Elske van de orgeldraaier. Haar leeshonger wordt zo niet gestild, maar meent oma: '"Van vele boeken te maken is geen einde", weet je dat wel? "En veel lezens is vermoeiing des vleses"' (p. 145). Oma is voor het gemak even vergeten dat de Bijbel ook een boek is (p. 145), meent Katelijne en dat is typerend voor Katelijnes kijk op het geloof. Zij zet er soms haar vraagtekens bij en merkt soms de hypocrisie ervan op. Als Jannemieke met een dropsleutel een vlek in het laken maakt die er niet uitgaat, biedt Katelijne aan om te zeggen dat het vogelpoep van de waslijn is. Dit stelt de strenggelovige Jannemieke gerust. 'Zolang ik degene ben die moet liegen, vind je het allemaal best, hè, denkt Katelijne' (p. 132). Voor Katelijne zijn de regels op het gebied van religie veel minder strikt.


Verder spelen verhalen een belangrijke rol in Dorsvloer vol confetti . Als een van de verhalen die Katelijne opschrijft - ongevraagd - door moeder wordt voorgelezen, wordt haar buitenstaanderschap binnen het gezin beklemtoond: 'Het was duidelijk dat haar verhaal niet werd gewaardeerd en ze had gezien hoe de jongens argwanend naar haar keken alsof ze zich ervan wilden vergewissen dat ze geen staart onder haar rok had, of horens op haar kop. Ze vinden dat ze niet spoort. Ze vinden haar een vreemde' (p. 98).


Ook brengen de verhalen haar - en anderen - soms in de problemen. Als zij haar broers niet verteld had over de paardenbloemen in de gierkelder, was opa daar dan niet onwel geworden? En heeft ze Christiaan op bepaalde gedachten gebracht door haar verhaal over de naakte zusjes Davidse? Niet lang hierna moest hij immers trouwen.


Door haar levendige fantasie ziet Katelijne ook dingen voor zich, die ze liever niet zou zien. Zo roept ze soms het beeld op van opa die op de rand van de gierkelder ligt: 'Telkens als ze hem voor zich had gezien, besefte ze weer dat fantaseren een hachelijke onderneming was en nam ze zich voor zich er niet meer aan te wagen' (p. 31).


Haar zelf verzonnen verhalen genereren aan de andere kant aandacht. Als moeder haar verhaal voorleest aan de anderen, vergeet Katelijne haar boosheid: 'Ze luistert gebiologeerd naar de stem van de moeder, die bezig is de woorden, háár woorden, te laten ontsnappen aan het papier' (p. 96). En Katelijne staat ook even in het middelpunt van de belangstelling als ze over de Duitse familie op hun erf vertelt. Verhalen geven het leven kleur. Als Katelijne met haar broer Jeroen naar Middelburg fietst, herkent ze de wegen waar hij - en de andere broers - vaak over verteld hebben: 'De verhalen zijn interessanter dan de werkelijkheid, dat ziet ze ook wel, maar zonder de verhalen waren het alleen maar weggetjes geweest' (p. 150).


De kracht van woorden wordt door Katelijne verder aan religie verbonden. Als haar zelfverzonnen verhalen tot leven komen, meent ze: 'Zo moet het voor de Heere gevoeld hebben toen Hij zei: "Er zij licht", en het was er' (p. 182).


Een ander themawoord is buitenstaanderschap. Katelijne groeit als enig meisje op in een gezin met zes jongens. Katelijne weet bijvoorbeeld steeds als enige de belangrijkste punten van de preek op te noemen en hoopt op waardering van haar broers hiervoor, maar zij zijn er allang aan gewend en merken het niet meer op. Ook haar verhalen zeggen hun weinig: 'De jongens leren niet naar haar te luisteren, om de eenvoudige reden dat ze naar hun maatstaven nooit iets interessants te melden heeft' (p. 7). Ook in de klas is ze, als boerendochter, een buitenstaander. Deze geïsoleerde positie brengt met zich mee dat Katelijne over allerlei grenzen heen leert kijken.



Het boek kan verder gezien worden als een Bildungs roman of een ontwikkelingsroman, omdat de geestelijke groei van Katelijne erin centraal staat.



Structuur en techniek


De roman bestaat uit achttien ongenummerde hoofdstukken. Dorsvloer vol confetti is een aaneenschakeling van scènes, die chronologisch worden verteld.




Vertelsituatie


In Dorsvloer vol confetti wordt gebruikgemaakt van een personale verteller. Het verhaal wordt verteld vanuit de twaalfjarige Katelijne Minderhoud. Zij is een scherp observator. Na afloop van de bruiloft, staat de bruid demonstratief met haar hand op haar buik: 'De hele dag heeft ze gedaan alsof er geen kindje was, denkt Katelijne. En nu moeten we er opeens allemaal naar kijken' (p. 217).


Ook voor een lezer zonder religieuze bagage valt Dorsvloer vol confetti goed te lezen. Dit komt doordat Treur op impliciete wijze informatie over het geloof en het leven in een reformatorisch gezin in haar verhaal verpakt. Ze laat oma bijvoorbeeld zeggen dat een meisje hervormd is geworden. '"Kee heeft 'r gesproken. Ze loopt nogal met d'r eigen te koop," zegt de oma. "En ze heeft de mond vol van Jezus." Dan is het foute boel, weet Katelijne' (p. 53).




Titel en motto's


'Dorsvloer vol confetti' is niet alleen de titel van het boek, maar ook de titel van het laatste hoofdstuk. In dit hoofdstuk staat de bruiloft van Christiaan en Petra centraal.


De dorsvloer verwijst niet alleen naar de plek waar het huwelijk gevierd wordt, maar het is ook een verwijzing naar de Bijbel. De dorsvloer staat voor de jongste dag. Op de dorsvloer scheidt God de uitverkorenen en de verworpenen: het kaf van het koren.


Op de dorsvloer wordt door Katelijne zelfgemaakte confetti (van verknipte tijdschriften) over het bruidspaar uitgestrooid. Dit levert een veelbetekenend beeld op: 'Een wit dwarrelend gordijn onttrok de familie voor enkele seconden aan ieders gezicht. Een vitrage van uitgesneden klinkers en medeklinkers ontrolde zich in alle mogelijke combinaties, om vervolgens weer in een heel nieuwe volgorde neer te komen (...) op de betonnen vloer, waar met steeds grotere tussenpozen weer nieuwe letters aan werden toegevoegd, tot een taal waarin slechts het mogelijke besloten lag en niets voor altijd en immer was vastgelegd' (p. 218).


Dit beeld laat zien dat Katelijne door haar fantasie en creativiteit te gebruiken, steeds opnieuw nieuwe verhalen kan creëren.




Tijd en plaats


Het verhaal grijpt terug naar de eind tachtiger, begin negentiger jaren van de vorige eeuw. Er is echter geen enkel jaartal of datum in het verhaal te ontdekken. Ergens wordt een keer gesproken over Tweede Pinksterdag , maar die is er immers elk jaar. Een enkele keer worden er gegevens gebruikt uit de samenleving waardoor je een inschatting kan maken in welke jaren het verhaal speelt: er zijn nog geen euro’s (maar er


wordt gesproken over guldens) landbouwminister wordt Braks genoemd, melkquota. 


Het verhaal speelt op een boerderij in een dorp op het Zeeuwse eiland Walcheren. De naam van het dorp wordt zelf niet genoemd. Maar er wordt enkele keren verwezen naar Vlissingen , Zoutelande en Middelburg. Dat zijn ook


plaatsen op dat eiland.


De symboliek van het decor ligt meer in de gesloten gemeenschap van het gezin dat gereformeerd is en de buitenwereld toch vaak als een bedreiging ziet. Dat zie je bijvoorbeeld al aan het eerste hoofdstuk waarin de vader een Duits gezin wegstuurt van zijn erg. Ook de moeder is niet erg gecharmeerd van bezoek. Een dergelijk gezin heet “een oestergezin”en het is vaak moeilijk om daaruit te ontsnappen. Katelijne probeert zich wel steeds te verzetten en ze wil zelfs een keer met een vreemde man mee.





Schrijver: Treur, Franca


Titel: Dorsvloer vol confetti


Jaar van uitgave: 2009


Bron: NRC Handelsblad


Publicatiedatum: 16-10-2009


Recensent: Janet Luis


Recensietitel: Hij was geen man van goeiendag en de groeten


Taal: Nederlands


De boer in Nederland leidt een zieltogend bestaan. Onlangs moest hij weer eens de straat op om hogere literprijzen te eisen voor zijn melk - die al jaren onder de kostprijs wordt verkocht.


De boer heeft het zwaar, maar de boerderij leeft als nooit tevoren, zo lijkt het. Het televisieprogramma Boer zoekt vrouw trekt een miljoenenpubliek en krijgt hoge waarderingscijfers. Gerbrand Bakker trok een paar jaar geleden veel lezers met zijn Noord-Hollandse plattelandsroman Boven is het stil.


En nu is er Franca Treur, die ons in Dorsvloer vol confetti, haar eerste roman, een blik gunt in het reilen en zeilen van een Zeeuwse boerenfamilie. De geschiedenis speelt zich af in de jaren tachtig. Het is de tijd van landbouwminister Braks, de melkquota en de superheffing. Het is de tijd van discotheek, houseparty en xtc, maar ook, in gereformeerde kringen althans, van bijbellezing, mannenbroeders en zuinigheid met vlijt.


We maken kennis met de 12-jarige Katalijne, een leergierig en leesgraag meisje. Zij groeit op tussen zes broers. In het gezin Minderhoud wordt geen tv gekeken. De radio is er alleen voor de nieuwsberichten. Strandbezoek is ijdel vermaak en dus uit den boze. Er wordt melk gedronken en geen frisdrank. Zomaar een kraan laten stromen geldt als 'een haveloos aanwensel'. Als uitkomt dat Katalijne met een van haar broers de kermis heeft bezocht in Goes, gaan ze bij vader over de knie.


Wat is dit voor een boek? Voorin staat vermeld dat elke gelijkenis met bestaande personen op toeval berust. Wel is Treur geboren en getogen in Zeeland. Moeten we er een indirecte afrekening in zien met het milieu van herkomst? Wordt hier een jeugdtrauma verwerkt? Zou kunnen, maar ik krijg niet de indruk.


Dorsvloer vol confetti s een montere streekroman, of eigenlijk meer een verzameling scènes van het Zeeuwse platteland. Met ontroerende accenten. Alledaagsheden over het reinigen van plavuizen of over washandjes voor boven en onder, worden afgewisseld met passages over zwarte zonden en genadetijd. Net als Maarten 't Hart neemt Treur graag haar toevlucht tot vaste uitdrukkingen. Over een praatgrage dorpsgenoot wordt gezegd dat het geen man is 'van goeiendag en de groeten'. Vooral oma Minderhoud grossiert in algemene wijsheden: 'Je kunt nóg zoveel weten, maar als je het ene nodige er niet uit kunt halen, dan ben je nog een klinkende schel gelijk.'


'De vader' en 'de moeder' zoals de ouders van Katalijne consequent worden genoemd, zijn streng en kortaangebonden, maar ellendelingen zijn het ook weer niet. Vader maakt weleens een geintje en moeder ziet weleens iets door de vingers. En allebei reageren ze opmerkelijk lankmoedig op de zonde die een van de zoons begaat, waardoor hij op zijn zestiende moet trouwen. Het huwelijk, een van de verhalende hoogtepunten van deze boerderijsoap, wordt gevierd op de dorsvloer vol confetti.


Treur laat haar personages steeds schipperen tussen de Heere en hun liefhebberijen. Moeder verlustigt zich in haar bloementuin, vader verheugt zich op zijn flesjes bier en de broers houden hun handjes niet altijd boven de dekens. En zo verlustigt Katalijne zich, al even zondig, in haar fantasie. Zij mag niet liegen van God, maar haar behoefte om andere mensen met haar verhalen in vervoering te brengen, is vaak net iets sterker dan haar religieuze geweten. En zo laat Treur zien dat de geest zich nooit helemaal laat temmen, ook niet in de meest orthodoxe omstandigheden. Wat valt er verder nog op te merken over zo'n wijs en tegelijk ook vermakelijk boek? Als het niet zo blasfemisch klonk, zou je zeggen dat Gods zegen erop rust.




Schrijver: Treur, Franca


Titel: Dorsvloer vol confetti


Jaar van uitgave: 2009


Bron: Provinciale Zeeuwse Courant


Publicatiedatum: 14-10-2009


Recensent: Rolf Bosboom


Recensietitel: In een verhaal kun je wonen


Taal: Nederlands


Franca Treur debuteert met roman over Walcherse boerenfamilie.


De net verschenen debuutroman Dorsvloer vol confetti van Franca Treur speelt zich af in een strenggelovig boerengezin op Walcheren.




Verhalen hebben haar altijd vergezeld. ,,Ze zijn heel belangrijk in mijn leven geweest", zegt Franca Treur (1979), die is opgegroeid in Meliskerke en nu in Amsterdam woont. "En niet alleen in mijn leven, maar ook in de cultuur waar ik vandaan kom. Alles draait om verhalen. De bijbelverhalen, maar ook heel veel verhalen over familieleden, over mensen van het dorp. Een familie kan eigenlijk niet zonder verhalen. Ik ben bijna geneigd om te zeggen dat het een soort kern vormt van wat een familie is, wat een familie met elkaar deelt, ook omdat je ze vertelt als je met elkaar bent, aan tafel, bij de koffie. Ik vind dat zoiets moois."



De kracht van verhalen is een belangrijk thema in haar eerste roman, Dorsvloer vol confetti, over het twaalfjarige meisje Katelijne dat met uitsluitend broers opgroeit in een Zeeuws boerengezin. Het boek laat zich lezen als een verzameling scènes, een reeks verhalen die samen een portret schetsen van een orthodox milieu begin jaren negentig. "Uiteindelijk is een verhaal een huis om in te wonen, een huis om in lief te hebben en om in te schuilen als het dondert", zegt de schrijfster.


Het heeft een indrukwekkend boek opgeleverd, waarvan je vermoedt dat het ooit geschreven móest worden, dat het jarenlang heeft gerijpt. Het tegendeel is waar, zegt Treur. In 2006 won zij een essaywedstrijd van NRC Next, het dagblad waarvoor zij ook als freelancer werkt. De publicatie van haar winnende essay trok de aandacht van uitgeverij Prometheus. ,,Ik kreeg al vrij snel een boekcontract aangeboden. Nu, drie jaar later, is er een roman, al lijkt die totaal niet meer op het oorspronkelijke idee. Alle verhalen waarmee ik begon, werden het niet. Op een gegeven moment heb ik gewoon een los verhaal tussendoor geschreven. Dat was 'Tweede pinksterdag' en toen dacht ik: dit is eigenlijk wat ik wil schrijven, dit zijn het perspectief en de toon die me bevallen."


Het was het begin van wat Dorsvloer vol confetti werd, ook al waren er aanvankelijk wat twijfels. ,,Ik heb zelf natuurlijk ook een reformatorische achtergrond. Het was niet mijn bedoeling om daarover te schrijven, maar er kwam steeds meer naar boven en het werd steeds groter. En toen heb ik het toch maar gedaan."


Treur lijkt met haar roman, met vele gedetailleerde verwijzingen naar de Walcherse werkelijkheid, dichtbij haar eigen jeugd te zijn gebleven. Toch staat voorin nadrukkelijk dat het boek 'een werk van fictie' is. ,,Ik begrijp heel goed dat mensen denken: alles klopt, dus zullen die personages ook wel bestaan. Dat is gewoon niet zo. Ik vond dat ik dat mijn familie niet aan kon doen. Dat iedereen zou denken: jeetje, zo is zij opgegroeid, dat heeft zij allemaal meegemaakt en zo is die familie."


Het dorp waar het gezin woont, blijft onbenoemd. ,,Ik vond dat niet nodig, want dan wordt het heel specifiek en het idee was juist dat deze roman dat zou overstijgen. Ik wilde geen streekroman schrijven of een tekening van een dorp, maar echt een literair kunstwerk, een op zichzelf staand iets."


Dorsvloer vol confetti is geen zware roman. Er zitten vaak hilarische scènes in, de toon is zowel betrokken als relativerend.


,,Dat was wel lastig. Voordat ik zover was, zijn er wel heel wat versies gesneuveld."


De taal in het boek is doordesemd met zowel de Zeeuwse taele als de tale Kanaäns. "Ik ben wel echt goed Zeeuws opgevoed. En gelukkig maar, want het is een heel erg mooie taal. Er is ook wel een soort heimwee naar al die mooie oude woorden die verdwijnen. Die wilde ik daarom graag in mijn boek verwerken."


Treurs familie wist dat ze bezig was met een boek dat geworteld was in haar jeugd. Ze was niet helemaal gerust op hun reactie op het uiteindelijke resultaat. "Voor hen is het wel helemaal duidelijk dat het een verzonnen familie is, maar ik begreep hun angst - en dat is ook wel terecht gebleken - dat mensen die hen niet zo goed kennen het boek één-op-één zouden gaan lezen. Dat is niet zo leuk. 'Iedereen zal denken dat het er bij ons zo aan toe gaat', werd gezegd. Tegelijkertijd, je weet zelf dat het niet zo is, dat het geen autobiografische maar een fictieve, psychologische roman is. Maar het is altijd lastig. Je bent heel erg geneigd het leven van een schrijver terug te lezen in een boek."


Er is al veel aandacht voor het boek en de eerste reacties zijn ook lovend. De ontvangst sterkt Franca Treur in haar voornemen om zich helemaal te gaan toeleggen op het schrijven van fictie. "Zeker, want ik vind het heel erg leuk. Ik heb gemerkt dat het schrijven mij heel erg gelukkig heeft gemaakt. Heel veel andere dingen die ik hiervoor heb gedaan - lesgeven, redacteur bij de krant - hebben mij niet datzelfde ultieme gevoel kunnen bezorgen. Ik heb al wat ideeën voor een nieuw boek, waarvan ik er nog een moet gaan kiezen."


Ze sluit niet uit dat ze nog eens over haar geboortegrond schrijft. ,,Waarom niet? Het was heel fijn om een tijdje in Zeeland te 'zijn' met mijn boek. Het zou dus kunnen, maar het hoeft helemaal niet."


Franca Treur, Dorsvloer vol confetti, uitgeverij Prometheus, 222 blz., Euro 17,95.





Naam: Katelijne Minderhoud


Tijd: Rond de jaren 80. Ze betaalde nog in gulden.

Leeftijd: 12 jaar


Woon- en verblijfplaatsen: Op een boerderij dichtbij zee. Op het Zeeuwse platteland . “Op het wegje waar ze aan wonen waait het altijd. Een zoute zeewind die tegen hun voorhoofden beukt en die van hun haren vettige stengetjes maakt. Vlak bij het hofhek van hun boerderij gaat degene aan kop, die niet meer kan worden ingehaald, achteloos rechtop zitten, een hand losjes in de jaszak. La-la-la.”  Blz. 6


Uiterlijk: Ze draagt vooral een rok en ze heeft zandkleurige haren. In het boek wordt ook gezegd dat ze een wit ondergoed aan heeft. “Zeven uithijgende kinderen, met zandkleurige haren en in de ooghoek met beginnetje van een traan van de harde wind.” Blz. 6


“Ze zegt tegen de tante, omdat die zich interesseert voor alles wat ze zegt, dat ze eigenlijk geen broek aan mogen, en de tante vraagt waarom dan niet. ‘Omdat het mannenkleren zijn, en vrouwen  die mannenkleren dragen is de Heere een gruwel.’” Blz. 37


Opleiding: Katelijne is erg leergierig en houdt van lezen. Op bladzijde 102 en 103 gaat het over de overstap van Katelijne van de basisschool naar de middelbare school. “Advies vervolgopleiding vwo leest Katelijne, waarop de tranen in haar ogen springen, want vwo, dat is de school waar Christiaan ook op zit.” Blz. 106/107


Gezondheid: Zo ver ik in het boek kan lezen is Katelijne een gezond meisje. Ze zou wel wat afwisseling moeten hebben in wat ze drinkt. Ze drinkt alleen melk. Een fruitsapje zou haar ook wel goed doen.


Financiële middelen:  N.V.T


Bloedverwanten: Arjaan en Rina zijn de ouders van Katelijne. Katelijne heeft 6 broers. Rogier is de oudste van het stel. Daarop volgt Christaan en Jeroen. Na Jeroen is Katelijne geboren en daarna de tweeling Peter en Korné en als laatste de drie jarige Lourens. En dan hebben we nog opa en oma Minderhoud. Opa Minderhoud overlijdt in hoofdstuk twee na het onwel worden. “Drie jongens, Katelijne en weer drie jongens. De familie Minderhoud.”  Blz. 6  “Toen de opa onwel werd boven de gierkelder, had hij net de kleine Peter uit de stront getrokken.” Blz. 25


Reizen: Katelijne gaat als enige van het gezin op vakantie. Ze gaat naar haar oom en tante logeren in de stad. “(…) en dan mag ze logeren bij een oom en tante in een stad ver weg,  waarmee ze de enige van de familie wordt die met vakantie gaat.” Blz. 36


Werk: Katelijne is nog maar twaalf jaar. Ze mag nog niet werken. Ze helpt haar ouders wel thuis. “Hij neemt haar apart en zegt dat ze de moeder meer moet helpen.” Blz.35  Dat de vader van Katelijne dit tegen haar zegt is ze best verontwaardigd want ze vindt dat ze meer doet dan de jongens.


Liefdesleven:  N.V.T


Vrienden: Suzanne is de beste vriendin van Katelijne. Suzanne is heel anders opgevoed als Katelijne en zet Katelijne aan het denken. Suzanne drinkt en eet hele andere dingen thuis als Katelijne. Suzanne vroeg bij Katelijne thuis een keer om iets anders dan melk. Dat was toch een beetje raar voor de familie. “De moeder geeft haar een beker melk, maar Suzanne zegt  dat ze ‘officieel alleen Yogho! Yogho! drinkt’.  De moeder weet niet eens wat het is en Katelijne haast zich om het uit te leggen. Suzanne zegt dat cola ook goed is of 7 Up, maar dat hebben ze ook niet.” Blz. 83

Vijanden:  Vijanden heeft Katelijne niet echt. Ze heeft vaak een hekel aan haar broers, dat is ook prima te begrijpen aangezien ze het enige meisje in het gezin is.



Bekenden: Gloria, de buurvrouw van de oom en tante van Katelijne. “De buurvrouw – Gloria heet ze – is moeder van een mager jochie dat zo onbeholpen en harkerig beweegt als een pasgeboren kalfje dat voor het eerst probeert te staan” Blz. 38


Jannemieke de vriendin van Rogier. “Sinds twee maanden heeft Rogier een vriendin die hem adoreert.” Blz. 123


Petra de zwangere vriendin van Christiaan, de oudste broer van Katelijne. Christiaan en Petra moeten trouwen omdat Petra in verwachting is.  “Elke woensdagavond komt Petra nu naar hen toe en elke woensdag is er meer buik en minder meisje.” Blz. 183


Goede en slechte eigenschappen:  Katelijne wil het beste voor iedereen waardoor ze soms verkeerde beslissingen neemt. Na het nemen van die beslissingen volgen er vaak problemen waarin Katelijne opeens heel bijdehand kan worden en vervelend. Ze maakt ook vaak verkeerde keuzes omdat ze meer wil zien van het leven. Een voorbeeld ervan is dat Katelijne naar de kermis ging met haar broer.


Politieke en godsdienstige opvattingen:  Katelijne wordt gelovig opgevoed. Ze gaat heel vaak naar de kerk en er worden haar veel Bijbelse verhalen voorgelezen. “Wie nat wil worden moet in de regen lopen. Wie zalig wil worden , moet de middelen gebruiken: de Bijbel lezen, naar de kerk gaan en naar catechisatie. De zaligheid is er niet mee te verdienen, maar de Heere mocht er in zijn lankmoedigheid nog eens iets van komen te zegenen.” Blz. 9


Houdt van: Zoute pinda’s  en lezen. “Ze hangt op haar ellebogen boven Elske van de orgeldraaier, gekregen met kerst, van school en inmiddels al drie keer gelezen, maar heeft alle bibliotheekboeken al uit, dus ze moet wat.” Blz. 16


Houdt niet van: Katelijne en de rest van haar gezin hebben een hekel aan Duitsers. “De auto  heeft een Duits kenteken. ‘Een rotmof,’ zegt Christiaan. ‘Hij heeft een hitlersnor,’ verzint Rogier ter plekke. (…) ‘Hij moet terug naar Moffrika,’ zegt Lourens, wat bijzonder grappig klinkt uit de mond van iemand die nog geen vier is.” Blz. 15


 Bijzonderheden: Katelijne fantaseert heel veel. Ze heeft onder andere tegen de tweeling gezegd dat er paardenbloemen in de gierput lagen. “Maar Katelijne herinnerde zich dat ze een week of wat daarvoor tegen de tweeling had verteld hoe de paardenbloemen uit de wei in de magen van de koeien verdwenen, eerst in de pens, dan in de netmaag, daarna in de boekmaag en ten slotte in de lebmaag, en dat ze in de stak weer door hen werden uitgepoept. ‘Als je goed kijkt, kun je ze door de roosters zien liggen.’” Blz. 26






REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "Dorsvloer vol confetti door Franca Treur"