Havisten en vwo'ers uit de bovenbouw gezocht! Vul deze korte vragenlijst over jouw studiekeuze in en maak kans op een Bol.com bon t.w.v. 15 euro.

Doe mee


Zakelijke gegevens.

Auteur: Mensje van Keulen.

Titel: De rode strik.

Voorbericht: Voor Fulton en Ellen.

Eerste druk: september 1994.

Gelezen druk: tweede druk, december 1994.

Uitgever: Atlas Amsterdam/Antwerpen.



Samenvatting.

In het eerste hoofdstuk is Maria Talberg op bezoek bij haar zusje Bee in de Sint-Theresia inrichting. Maria zoekt haar zusje regelmatig op en verteld haar over gebeurtenissen die zij vroeger samen meemaakten. Bee reageert niet op de verhalen, het negenjarige zusje ligt in shocktoestand. In de hoofdstukken die volgen wordt uitgelegd hoe Bee in de inrichting terecht is gekomen.

Maria en Bee zijn op jonge leeftijd al op hun zelf aangewezen. Ze wonen samen met hun moeder in een flat, en onder hen woont de familie Mees. Hun moeder Marie is al vroeg weg om een kantoor schoon te maken en hun vader is er vandoor gegaan. Veel ander familie hebben zij niet meer, alleen een zure nicht in een afgelegen dorp.



De twee meisjes zijn vaak buiten met de buurtkinderen, en spelen dan spelletjes of halen kattenkwaad uit. Maria neemt Bee vaak op sleeptouw, maar vindt dit niet altijd even leuk. Bee staat er overal maar een beetje bij, en doet ook vaak voor spek en bonen mee met spelletjes. Op straat zijn er veel voorvallen tussen kinderen onderling, maar ook tussen volwassenen. Veel gebeurtenissen hebben een onheilspellende sfeer, alsof ze al een schaduw vooruit werpen; een buurjongetje verongelukt, een man verdrinkt, haar zusje krijgt een dartpijltje in haar hoofd en bij de gasfabriek was het water zwart en het dampte of het een kanaal in de hel was. Als je erin viel, verloor je al je haar. En je zwom, tussen de ratten door, geheid tegen een lijk aan.'

Op een avond horen Bee en Maria als ze op bed ligt een mannenstem beneden. Maria vindt dit vreemd, want haar moeder heeft nooit bezoek. De meisjes horen de stem maar een paar minuten. Als dit zich enkele dagen later herhaalt, gaat Maria, die altijd erg moeilijk inslaapt, uit bed om een kruik te halen. Haar moeder verhindert echter dat ze de bezoeker te zien krijgt.Al snel wordt de geheimzinnige bezoeker voor Maria een obsessie.

De man komt ook een keer kijken als Maria en Bee een spelletje aan het spelen zijn met de buurtkinderen. De man staat met een bromfiets vanaf de straat te kijken. De meisjes vinden de man groot en breed en hij draagt een zwartleren jas. Tijdens het spelen begint de man te lachen en na een tijdje rijdt hij weg. Maria is opgelucht dat hij vertrekt.

Dan wordt het Kerstmis, ook in huize Talberg is dat een belangrijke gebeurtenis. Dit jaar lijkt het feest echter anders te verlopen. Nadat de debiele buurjongen de veerkracht van de kerstballen heeft uitgeprobeerd, blijkt moeder de tafel voor vier personen te hebben gedekt. De vierde is natuurlijk haar onbekende aanbidder. Het blijkt een zwaargebouwde meneer te zijn, dat een neef van Maria's vader is. Hij heet Leen en de zusjes mogen hem 'oom Leen' noemen. Vanaf het begin vinden ze hem niet sympathiek en dat heeft verschillende oorzaken. Ten eerste doet hij alsof hij al jaren bij hen woont en verder houdt hij er een groot aantal boerse omgangsvormen op na. Bovendien is hij kampioen treiteren. Als hij op Oudjaar voor de tweede keer over de vloer komt, haten ze hem al een beetje, zeker als ze hem moeten zoenen en hij naar tabak en jenever blijkt te stinken. Wel wordt de aandacht weer even van hem afgeleid, als een kerstboombrand die nacht op het huis van de buren overslaat, waardoor de ruiten springen en een buurman glas in zijn rug krijgt. Al snel brengt oom Leen de nacht bij hun moeder door. Tot verdriet van de meisjes die het helemaal niet leuk vinden al aan het ontbijt met hun oom te worden geconfronteerd en dan al zijn plagerijen te moeten verduren. Leen voorziet in zijn onderhoud door een dierenwinkel te exploiteren. Hij vraagt de zusjes daar eens te komen kijken. Dat wordt een teleurstelling.De honderden dieren die Leen in het vooruitzicht had gesteld, blijken levend visvoer te zijn. En terwijl de zusjes zich vol walging van de maden Maria afwenden, zien ze hoe Leen in de keuken tegen hun moeder aan 'rijdt'. Op grond van zijn beroep en ook van zijn gedrag hebben de meisjes al snel een bijnaam verzonnen: de Beestenman.

Intussen krijgt Maria wat problemen op school. Ze wordt bij de moeder-overste geroepen, die haar beschuldigt van het bezigen van schunnig taalgebruik. Maria ontkent dit, maar verdenkt haar buurmeisje Leida ervan dat zij geklaagd heeft, met wie ze pas ruzie heeft gehad. Ze krijgt dan een brief voor haar moeder mee, in een gesloten envelop. Haar moeder schrijft een brief terug, maar ook daarvan mag ze de inhoud niet te zien.

Later blijkt dat het om een uitnodiging ging, want moeder en oom Leen gaan naar Maria's school. Ze keren terug met een vervelend bericht: Maria mag na de lagere school niet naar de openbare middelbare school, maar naar de middelbare meisjesschool. Ze zweert wraak op Leida te nemen en is ook kwaad over de inmenging van Leen.



Dan vinden de twee meisjes in de gangkast een muisje die ze willen houden als huisdier. Ze verzorgen het beestje en ruimen de keutels op. Enkele dagen later vinden ze hun huisdier in een muizenval. Maria en Bee weten zeker dat de Beestenman erachter zit, maar krijgen dan wel een konijn, Nino.

De afkeer van Leen neemt intussen met de dag toe. Hij laat ongegeneerd boeren, stinkt enorm,breidt zijn plagerijen uit, maar compenseert deze weer door de zusjes snoepgoed en cadeautjes te geven. Bij de carnavalsviering, die grotendeels op straat plaatsvindt, verstouwt hij grote hoeveelheden drank.Om hun walging nog eens extra te voeden, staan ze hem soms een tijdje te observeren, bijvoorbeeld als hij in bed ligt. Dan ontdekken ze ook zijn tatoeages. Reden om eindelijk eens hun ergernis bij hun moeder te spuien. Die praat al zijn slechte eigenschappen echter goed en vertelt ook iets over zijn verleden. Hij zou het niet makkelijk hebben gehad, want net als haar echtgenoot zat hij in het Vreemdelingenlegioen.

De vakantie breekt aan en Maria verlaat bedroefd haar vertrouwde lagere school en juffrouw. Per huurauto gaat de familie op vakantie naar Zuid-Limburg, samen met de Beestenman. Het verblijf in een pension verloopt met wisselend succes. De verandering van omgeving doet de zusjes goed, maar het gedrag van de beestenman verpest veel.

Nu ze weer terug zijn van vakantie is Maria steeds vaker bang dat de beestenman haar moeder wat aan zal doen, want ze hebben steeds vaker ruzie. In bed praten Maria en Bee over hoe ze de beestenman zullen gaan vermoorden, want dit willen ze nu. Ze bedenken verschillende manieren, maar zijn er nog niet helemaal uit. Ze zijn wel vastbesloten om dit te doen.

Opeens is er iets mis met hun moeder. Ze bloedt en moet naar het ziekenhuis. De meisjes geven de schuld aan de beestenman. Achteraf bleek dat hun moeder een miskraam heeft gehad. Ze willen voorkomen dat de beestenman weer een kindje gaat maken bij hun moeder, en wordt de drang om de Beestenman te vermoorden nog groter. De beestenman moet, nu hun moeder in het ziekenhuis ligt, voor de kinderen zorgen. Ze hopen echter dat zijn gedrag veranderd onder invloed van de omstandigheden. Helaas is het tegendeel waar.

Als hij vooral Bee totaal overstuur maakt door te doen alsof hij hun konijn gaat opeten en het dier een tijd boven de pan laat bengelen, besluit Maria in actie te komen. Ze geeft hem een dreun met de koekenpan en slaat hem de trap af. Hij is op slag dood. Die avond viert Maria de dood van de beestenman. Plotseling echter hoort ze Bee gillen. Hij leeft nog. Ze geeft hem een paar schoppen, waarna hij echt doodgaat. De volgende dag waarschuwen ze de buurvrouw en vertellen dat ze de beestenman dronken hebben horen thuiskomen. Hij is vast van de trap gevallen. Met Bee gaat het niet best. Ze slaapt eerst een hele dag en verkeert daarna in een shocktoestand, waardoor ze haar spraakvermogen kwijt is. Ze wordt opgenomen in een tehuis voor geesteszieken. De psychiater hoort Maria uit over de mogelijke oorzaken van Bee's toestand, maar ze vertelt hem niets belangrijks. Als ze de volgende dag het konijn voor haar meeneemt en haar het dier laat voelen en vertelt dat de beestenman begraven is, heeft dat een effect op Bee. Maria pakte Bee’s hand en aaide daarmee over het konijn. Het was Bee die zelf verder aaide tot grote verbazing van Maria.



Leeservaring.

‘De rode strik’ is een boek dat niet geheel mijn aandacht heeft gekregen. De confrontatie met Bee die in shocktoestand terecht is gekomen en de volwassen over komende zus, Maria waren in het begin wat onduidelijk. Hoe de toestand is ontstaan, wordt eigenlijk pas duidelijk van het eind van het verhaal. Het gedrag van de meisjes keur ik af. Hun gedrag ten op zichtte van de mensen in de omgeving is redelijk brutaal, maar Mensje van Keulen beschrijft het op een manier, dat niets slecht is wat Maria zegt of doet. Een enkele keer is het optreden van Maria begrijpend, zoals de keer dat ze de Beestenman met een koekenpan een dreun geeft, omdat hij hun konijn wil doden. In ieder geval kun je als lezer deze gebeurtenis accepteren, doordat het perspectief bij Maria ligt. Maria deelt haar gevoelens met de lezer. Ze haat de Beestenman, hij rookt, drinkt, discrimineert en heeft tatoeages, alle dingen waar Maria tegen is.

Het slot viel erg tegen, geen optreden van de politie of dat Maria haar gedrag veranderde door de moord. De spanning was niet aanwezig. De moord was geen verrassing, omdat de meisjes al hadden besproken dat ze oom Leen wilden vermoorden. Ik had alleen medelijden met Bee. Zij werd nooit serieus genomen en kreeg ook nooit de aandacht. Haar zus nam haar op sleeptouw en met spelletjes deed zij mee voor spek en bonen. Bee heeft een heel andere persoonlijkheid dan Maria. Door Maria’s egoïsme belandt Bee ook in een inrichting. Maria verzwijgt de waarheid, waardoor ze haar zus niet kan helpen met de verwerking van de gebeurtenis.

Zo blijkt maar weer dat een verandering in de omgeving een hevige impact heeft op kinderen. Hun rustige leven is verstoord, zover je het rustig kan noemen. De man maakte hun leven ondragelijk, waardoor ze over krankzinnige ideeën gingen nadenken. De moord was met voor bedachte raden, waarover de meisjes al vele nachten hadden gedroomd.

De manier waarop dit boek is geschreven had zijn eigen stijl. Korte zinnen, korte hoofdstukjes, volwassen onderwerpen die heel kinderlijk beschreven waren. Maar het boek had niet de schrijfstijl en de opbouw dat spanning opwekt om het boek te blijven lezen.


REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.