Havisten en vwo'ers uit de bovenbouw gezocht! Vul deze korte vragenlijst over jouw studiekeuze in en maak kans op een Bol.com bon t.w.v. 15 euro.

Doe mee


Hoofdstuk 1 Beschrijven



Paragraaf 1

Titel: De rode strik

Auteur: Mensje van Keulen

Jaar van uitgave: 1994



Paragraaf 2

Korte samenvatting

Bee is geplaatst in een inrichting. Maria Talberg, haar zus, komt haar regelmatig opzoeken. Maria vertelt Bee verhalen over vroeger over de dingen die ze samen meemaakten.

Maria Talberg en Bee zijn zusjes. Maria is elf en Bee is negen. Marie hun moeder is vaak weg om te werken. En hun vader is weggelopen van huis toen Bee nog klein was. Samen met hun moeder wonen de meisjes in een flat. De zusjes spelen vaak buiten met de andere buurtkinderen en halen veel kattenkwaad uit. Maria neemt Bee vaak mee op sleeptouw, dit vindt ze niet altijd even leuk. En Bee hangt dus overal maar een beetje bij.

Op een avond, als Bee en Maria al in bed liggen, komt er een man op bezoek. Hij blijft niet lang. Maar de man komt daarna vaker op bezoek altijd als Maria en Bee in bed liggen. Ook is er opeens alcohol in huis, terwijl hun moeder dat niet graag drinkt. De man komt ook een keer kijken als Maria en Bee een spelletje aan het spelen zijn met de andere kinderen uit de buurt. Maria is blij als de man weer weg gaat.



Tijdens de kerstdagen blijft de man eten. Hij wordt door hun moeder voorgesteld als “ oom Leen”. De man is de neef van de vader van Maria en Bee. Maria mag de man gelijk niet. De man komt hierna steeds vaker op bezoek, hij pest Maria en Bee dan vaak. De man doet juist dingen waar Marie, de moeder van Maria en Bee, niet van houdt. Hij drinkt en rookt veel en hij praat plat. Maria vindt dat de man een vreemde geur om zich heen heeft. “ Oom Leen” vertelt dan dat hij in een dierenwinkel werkt. De zusjes vinden dat de man niks goed kan doen, ook al probeert hij nog zo aardig te zijn, hij pikt hun moeder in en ze vinden hem een indringer. Ze noemen hem dan ook de Beestenman.

De moeder van Maria en de Beestenman besluiten om Maria naar een klooster te sturen, op aanbeveling van mère van Geuzau. Maria heeft namelijk “verkeerde” taal gebruikt. Maria vindt het niet leuk dat ze naar het klooster moet.

De Beestenman blijft nu ook doordeweeks slapen. Hij doet niks aan het huishouden, en hij discrimineert. Hij drinkt en rookt alleen maar.

Op een avond als de twee zusjes in bed liggen praten ze over hoe de Beestenman dood moet, want ze haten alles aan hem.

In de zomer vakantie gaan ze met z’n vieren op vakantie. De Beestenman drinkt en rookt dan alleen maar.

De Beestenman en Maria’s moeder hebben vaak ruzie, Maria is dan ook bang dat hij haar moeder wat zal aandoen. In bed bespreken Maria en Bee hoe ze hem gaan vermoorden, ze weten nog niet helemaal hoe, maar ze zijn zeker van plan het te doen.

Op een dag krijgt hun moeder een miskraam. De zusjes willen voorkomen dat het nog een keer gebeurt. Dus ze besluiten hem te vermoorden. Als de Beestenman op een avond dreigt Nino, het konijn van Bee en Maria, te vermoorden slaat Maria de Beestenman met een koekenpan, ze gooien hem van de trap en ze denken dat hij dood is. Later komt hij weer overeind, maar Maria schopt hem dood. Ze doen alsof het een ongeluk is. Door deze moord is Bee in een shock toestand terechtgekomen. Ze zit in een inrichting en zegt niets, dan neemt Maria Nino mee. Ze pakt Bee’s hand en aait daarmee. Maar Maria aait dan niet, het was Bee die Nino aaide. Tot de verbazing van Maria.



Titelverklaring: In het boek hebben de twee zusjes en de Beestenman het over de rode strik in het haar van Bee. De Beestenman vertelt dat de strik van de stroper rood kleurt als er een dier in vastzit. De Beestenman loopt in de figuurlijke strik van de twee zusjes, wat later zijn dood zal betekenen.





Paragraaf 3

Ik heb het boek De Rode Strik van Mensje van Keulen gekozen omdat het was aanbevolen door mijn docente Nederlands. Zij heeft mij dit boek aanbevolen na het lezen van mijn leesautobiografie. Ik wilde het boek dus graag lezen om te kijken of ze gelijk had of ik het boek leuk vond. Ik had al wel eens van het boek gehoord.

Ik vond het een mooi boek, omdat het realistisch is. Je weet aan het begin al dat de Beestenman wordt vermoord, maar je wilt nog weten waarom. Als je het boek leest kun je je helemaal in het verhaal inleven, omdat het bepaalde dingen bevat uit je eigen belevingswereld.

Ik heb het boek daarom ook met plezier gelezen, en mijn docente Nederlands geef ik gelijk, het boek vind ik mooi.



Hoofdstuk 2 Verwerkingsopdracht



De fabel en sujet vallen voor een gedeelte samen in het boek. Het boek begint met het einde, dus hier valt het niet samen. Daarna vertelt Maria over haar belevenissen samen met Bee, dit verloopt allemaal in chronologische volgorde, dus fabel en sujet vallen hier wel samen. En het boek eindigt ook bij het einde. Dus alleen het begin valt niet samen.



De tijdsduur van het verhaal is ongeveer een jaar.



Voorbeelden van flashbacks:

- (pag. 11) “ Weet je nog van Eppo?” vroeg ik.

Hierna gaat Maria in op haar buurjongen en hoe ze vroeger samen een grap uithaalde met een spin.

- (pag. 28) Vorig jaar was er iemand twee keer aangereden, plus een hond. Dit jaar was er een fiets dubbel onder vandaan gekomen en was er een busje van de was-en stomerij tegenaan geknald.

In dit stukje tekst vertelt Maria over een aantal ongelukken die zijn gebeurd.



Voorbeeld van een vooruitwijzing

-(pag. 177) “Hij eet vaak gebakken eieren”, zei Bee. “ Kunnen we het daar niet indoen? Jij bakt ze dan voor hem, jij kan dat goed.”

Hier bespreken de zusjes hoe ze de Beesten man willen vermoorden.



Voorbeeld van een versnelling

-(pag. 114) Na de pauze lag er een briefje op mijn bank waarop stond: het was Ans Verdel.



Voorbeeld van een vertraging

-(pag. 186) Ik pakte de pan die op het fornuis stond. Het was de zwarte koekenpan met het houten handvat die nog vet was van het eieren bakken. Ik pakte hem en ik sloeg. Ik sloeg tegen zijn hoofd. Hij liet Nino vallen en draaide zich naar mij toe, zijn mond open. Hij wankelde. Zijn hand greep mijn gezicht, zijn vingers drongen in mijn gezicht. (....) Zijn ogen gingen omhoog of ze loszaten als bij een pop, en toen zakte hij in elkaar, kwam hard op zijn knieën terecht en viel om.



Hoofdstuk 3 Verdiepen



Recensie, geschreven door Alle Lansu, geplaatst in “Het Parool”

Alle Lansu beschrijft in de recensie dat Mensje van Keulen schrijft in een kleinburgerlijke sfeer. Haar technische beheersing is dan ook het gedoseerd opbouwen van spanning. Ze weet haar zuivere stem te geven en haar belevingswereld zeer overtuigend te verbeelden. Het verhaal van De rode strik kun je in 1 zin samenvatten: hoe twee zusjes afrekenen met de ‘verkeerde’ nieuwe vriend van hun moeder. In de aanloop naar de fatale climax creëert ze met suggestieve beelden tamelijk onnadrukkelijk een sfeer die de lezer op het ergste voorbereidt. De Beestenman wordt met gevoel voor suspense geïntroduceerd. Hij ontpopt zich meer en meer als een ongelikte beer, ‘een smeerlap’, ‘een zuiplap’, kortom, een beest van een man. Onduidelijk is wat de moeder eigenlijk in de kerel ziet. Het is een zwakke plek in het verhaal.

Belangrijk is de ijzige kalmte waarmee het vonnis wordt voltrokken en met verbluffende tegenwoordigheid van geest wordt afgewerkt tot een perfecte misdaad. Toen ik ruimschoots over de helft van de roman was kreeg mijn fascinatie van Van Keulen eindelijk gezelschap van een onbedwingbare nieuwsgierigheid naar de precieze toedracht van ’s mans dood.



Mijn reactie op de recensie

Met deze recensie ben ik het eens, Mensje van Keulen schrijft op een manier die je aangrijpt. Je begrijpt gelijk al bij het lezen van de eerste bladzijde dat er een tragisch eind komt met dodelijke afloop. Je wordt op het ergste voorbereidt. Ook is mij onduidelijk wat de moeder in de Beestenman ziet. De moeder houdt niet van roken en drinken, dat zijn dingen wat de Beestenman voortdurend doet.



Recensie, geschreven door Jeroen Vullings, geplaatst in “Vrij Nederland”

In de nieuwe roman van Mensje van Keulen zijn de verhoudingen duidelijk: twee meisjes nemen wraak op de nieuwe minnaar van hun moeder, een man die met duivels gedrag hun leven verpest. Bloed vloeit rijkelijk, zoals de titel al enigszins doet vermoeden. “De strik van de stroper. Als die een vos of konijntje strikt wordt die rood. Van Keulen spiegelt de moord door de twee zusjes op de Beestenman voor als een volstrekte juiste handelswijze, iets heel natuurlijks. Dat vloeit voort uit het gekozen perspectief: dat van Maria, de hoofddader. Of het hele verhaal heeft plaatsgevonden, is nog maar de vraag: de lezer ziet de gebeurtenissen alleen door Maria’s van haat gloeiende ogen. Beter had Van Keulen kunnen afzien van de raamconstructie, waarbij in het begin en eind Maria haar zusje in de kliniek bezoek en de rest in chronologische volgorde wordt verteld. Die gezusterlijke, amorele handelwijze was dan niet zo voor de hand liggend met waanzin bestraft, en de lezer had nog wat te wikken gehad. Het einde is wel erg kras, maar gelukkig weet De rode strik voor het zover is anekdotisch te boeien.



Mijn reactie op de recensie

Ik ben het grotendeels eens met deze recensie. Doordat alles door de ogen van Maria wordt verteld word je meegesleurd in het verhaal. Je beschouwt de moord dan ook als iets dat moest gebeuren. Maar toch vind ik dat de raamvertelling een goede manier is om het verhaal te schrijven. Je weet gelijk dat er iemand vermoord wordt, maar je weet niet waarom. En die vraag houdt je de hele tijd bezig. Zonder deze vraag, dus afzien van de raamvertelling, volgt het verhaal zich op, waardoor het saai wordt en te voorspellend.



Hoofdstuk 4 Evalueren



Ik heb het boek met plezier gelezen, het verhaal boeide me. Je wordt gelijk al geconfronteerd met de dood van de Beestenman, en de shock toestand van Bee. Dan wil je ook echt doorlezen om erachter te komen hoe het heeft kunnen gebeuren. Mensje van Keulen beschrijft het op een manier dat niks slecht is aan wat Maria doet. Je leeft zo met het meisje mee, dat je het kunt begrijpen waarom ze dingen doet. Zelfs het vermoorden van de Beestenman kon ik accepteren. Je kijkt door de ogen van Maria, en beleeft de wereld van haar zoals ze die zelf ook beleeft. Je wordt meegesleurd in het verhaal door nieuwsgierigheid en doordat er af en toe bepaalde handelingen voorkomen die je bekend voorkomen of juist verrassen.

De haat tegen de Beestenman steekt gelijk de kop op. Hoe Maria hem bekijkt, dan voel je met haar mee. Hij drinkt veel, rookt veel, discrimineert en heet tatoeages, dingen waarvan ik zelf niet veel houd, daarom was de haat er denk ik gelijk al. De manier waarop de man zich gedraagt geeft het gevoel dat je je af en toe gekleineerd voelt, en op de andere momenten op wil staan en hem een harde dreun wil geven.

Ik vond het ook een mooi verhaal, doordat ik het een realistisch verhaal vind, de dingen zijn echt gebeurd en het kan iedereen zomaar overkomen. Je kunt goed in het verhaal komen, en de mensen die er in voorkomen zouden mensen uit je nabije omgeving kunnen zijn. Mijn verwachtingen van het boek zijn grotendeels uitgekomen, ik had verwacht dat het een realistisch boek was en waarin ik me goed kon inleven, zulke boeken lees ik het liefst. Maar toch vond ik het eind een beetje tegenvallen. De moord had niks spannends meer, je vond het alleen maar zielig voor Maria dat ze er zo aan toe was dat ze haar stiefvader vermoordde. Vooral met Bee had ik vaak medelijden, ze wordt nooit serieus genomen en niemand geeft haar de aandacht die ze nodig heeft. Ze doet bijvoorbeeld dan ook alleen spelletjes mee voor spek en bonen. Ze leeft in haar eigen wereldje. Als de andere buurtkinderen al klaar zijn met een spel, gaat zij nog door. Ze wordt op sleeptouw genomen door Maria, en voelt zich vaak gekleineerd. Door het egoïsme van Maria belandt ze dus ook in een inrichting. Maria wil de waarheid niet vertellen waardoor het moeilijk wordt om Bee te helpen.

Het eind van het verhaal is een open eind. Het laat een gevoel achter waarover je gaat nadenken wat er verder zal gebeuren. Zal Bee bijvoorbeeld helemaal doordraaien of komen de twee zusjes er toch weer bovenop. Het geeft dan ook een teleurstelling als het boek uit is, je wilt weten wat er verder gebeurt. Het einde dwingt je na te denken over het vervolg.

Hoe de relatie met de moeder en haar dochters verder zal verlopen blijft ook een raadsel die je graag wilt achterhalen. Het einde van het verhaal laat dus een leeg gevoel achter.

Kortom, het boek was spannend, meeslepend en vooral zielig. Een meisje van negen die op zo’n leeftijd al in een inrichting beland. En het moeten vermoorden van een man, door twee jonge meisjes. Toch had ik het gevoel dat Maria al volwassener was dan normale meisjes van 11, dit komt doordat ze al veel dingen heeft meegemaakt in haar leven. Het boek was leuk om te lezen en ik ben zeker van plan om nog meer boeken te gaan lezen van Mensje van Keulen, omdat de manier hoe ze schrijft me erg boeit. Ze laat vragen bij je opkomen, waardoor je verder wilt lezen. Ze vertelt alles in de werkelijke wereld, zodat het dicht bij je staat en het je daardoor aangrijpt.



Mensje van Keulen



Mensje van Keulen is in Den Haag geboren op 10 juni 1946. Ze heeft daar in de jaren vijftig zelf als meisje ook vaak spelletjes gespeeld. De spelletjes die in het boek worden beschreven zijn dan ook haar eigen jeugdspelletjes. Voordat ze met het schrijven van boeken begon was ze redacteur van Popria Cures en waarvoor ze schreef en literaire en politieke cartoons tekende. Hierna maakte ze acht jaar deel uit van de redactie van het literaire tijdschrift Maatstaf.

Haar debuut Bleekers zomer verscheen in 1972. De eerste recensie over dit boek begon met de woorden: ‘Dit is het’ ( verscheen in het NRC Handelsblad).

Olifanten op een web, is een autobiografie van Mensje van Keulen. Mensje schreef dit boek naar aanleiding van de dood van haar moeder. In het boek is veel over haar jeugd, haar latere belevenissen en haar schrijverschap te vinden.



Mensje van Keulen

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

D.

D.

prachtig :P

3 jaar geleden