De Indische vlieger door Theo Engelen

Beoordeling 7.1
Foto van een scholier
  • Boekverslag door een scholier
  • 2e klas vwo | 1843 woorden
  • 7 augustus 2006
  • 78 keer beoordeeld
  • Cijfer 7.1
  • 78 keer beoordeeld

Boek
Auteur
Genre
Taal
Nederlands
Vak
Eerste uitgave
1999
Pagina's
173
Oorspronkelijke taal
Nederlands

Boekcover De Indische vlieger
Shadow
De Indische vlieger door Theo Engelen
Shadow
ADVERTENTIE
Studententijd zomerspecial

Heb jij de Zomerspecial van Studententijd de podcast al geluisterd? Joes, Steie, Dienke en Pleun nemen je mee in hun zomer vol festivals, vakanties en liefde. En kijken ook alvast vooruit naar de introductietijd van het nieuwe collegejaar. Luister lekker mee vanaf je strandbedje, de camping of onderweg. 

Luister nu!
Persoonlijke reactie

Ik heb dit boek gekozen voor mijn boekverslag, omdat het onderwerp me erg interesseert, want het gaat over de geschiedenis, namelijk over de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië (wat in die tijd nog Indië heette). Ik vond het ook leuk, omdat ik veel verhalen heb gehoord over die tijd, bijvoorbeeld van mijn opa, die in dij tijd soldaat was in het Nederlandse leger. Ik vond de achterkanttekst ook al gelijk interessant, omdat zelfs dát stukje zo is geschreven dat je gelijk verder wil lezen.

Dit boek is op zo’n manier geschreven dat je het in één keer door wil lezen. Telkens gebeurt er aan het eind van ieder hoofdstuk iets spannends of droevigs, zodat je gelijk door leest in het nieuwe hoofdstuk, en aan het eind van dat hoofdstuk lees je dan wéér verder. Het verhaal is heel onvoorspelbaar, want er zijn telkens nieuwe ontwikkelingen en zo blíjft het spannend. Het verhaal is droevig, want in Indië is het oorlog, dus er vallen veel slachtoffers en er worden ook mensen vermist. Het is ook droevig voor Sukardi, de hoofdpersoon, omdat telkens als hij een goede vriend heeft gevonden, hij hem weer kwijtraakt.


Samenvatting

Het verhaal gaat over Sukardi, een jongen die samen met zijn vader, moeder, broer en zusje in een klein dorpje op het eiland Java in Indië woont. Sukardi is in het verhaal ook steeds aan het woord. In het begin van het verhaal (in het jaar 1939) is Indië een kolonie van Nederland. In het dorpje waar Sukardi woont, staat een grote villa, die al lange tijd leeg staat. Op een dag beginnen de Nederlanders het huis, Boengoer genaamd, op te knappen. Als het huis weer in perfecte staat is, komt er een belangrijke Nederlandse legergeneraal met zijn familie in wonen. Sukardi en zijn jongere zusje Ati zijn erg nieuwsgierig en spelen vaak in de buurt van Boengoer. Zo komt Sukardi in contact met Herman, de enige zoon van meneer Van der Vliet, de legergeneraal. Ze raken bevriend en Sukardi leert allerlei leuke dingen aan Herman, zoals, hutten bouwen en boompje klimmen. Sukardi’s broer, Boenki, werkt als tuinman in de enorme tuin van de familie Van der Vliet. Al vindt hij het steeds minder leuk, want Boenki wordt steeds meer tegen de Nederlanders, al vind zijn vader, de dorpsonderwijzer, dat het allemaal nog zo slecht niet is. Boenki is er van overtuigd dat de Indiërs de baas moeten zijn in hun eigen land. Op een dag verdwijnt hij, en later blijkt dat hij zich heeft aangesloten bij het nationalistische leger, dat vecht voor onafhankelijkheid.
Ondertussen is Indië geen Nederlandse kolonie meer, maar is het land in handen van de Japanners. Opeens wordt al het voedsel schaars, en de Japanners zijn veel strenger dan de Nederlanders. Sukardi is in die tijd erg verdrietig, omdat hij zijn vriend Herman mist. Toen de Japanners bij Boengoer kwamen, heeft een Nederlandse soldaat uit paniek een granaat gegooid. Daarbij is Hermans moeder omgekomen en Herman raakte een been kwijt. De familie Van der Vliet is toen vertrokken en Boengoer is ingenomen door de Japanners, waardoor het als legerkazerne wordt gebruikt.
De bezetting van de Japanners duurt niet lang. In 1945 krijgen de Nederlanders weer de macht. Sukardi raakt bevriend met een Nederlandse soldaat, Ton Winkels, al weet hij dat hij nu tussen de twee vuren in staat; zijn broer bij de TNI (het nationalistische leger, de Tentara Nasional Indonesia) , Ton bij het Nederlandse leger.

Op 21 juli 1947 escaleert het; het gevecht om de onafhankelijkheid is nu echt begonnen. Weliswaar in de bergen, maar Sukardi en zijn familie kunnen niet slapen van de geweerschoten die tot in hun dorpje te horen zijn. Boenki is een tijdje geleden onverwacht thuisgekomen en heeft hen van zijn plan verteld; Het deel van de TRI waar hij de baas van was zou de achtergebleven Nederlandse troepen in Boengoer verrassen (van Boengoer was een Nederlandse kazerne gemaakt). Hij zei tegen hen dat ze maar beter een tijdje weg konden gaan, omdat het er hard aan toe zou gaan. Maar Ton had hen ook verteld wat hún plan was! Hij had hen gewaarschuwd dat ze níet moesten vluchten, omdat alle mensen die vluchtten, juist naar de plek toe gingen waar het vuur geopend zou worden en dus waarschijnlijk de dood zouden vinden. Een moeilijke situatie… Maar uiteindelijk nemen de ouders van Sukardi een beslissing. Ze blijven gewoon in hun dorp en wachten af wat er gaat gebeuren.

Bij Boengoer wordt hard gevochten en er sneuvelen van beide partijen veel soldaten. Van Boenki horen ze niets meer, maar van Ton wél. Sukardi krijgt een brief van hem, dat hij plotseling naar Nederland is teruggestuurd. Sukardi wil natuurlijk weten waarom. Maar van Ton en Boenki wordt nooit meer iets vernomen…


In 1986 krijgt Sukardi een brief, de afzender is Ton Winkels. Hij schrijft dat hij graag nog eens naar Indië (wat nu Indonesië heet) had willen komen, maar dat hij het niet kon. Nu vraagt hij Sukardi om naar Nederland te komen. Sukardi neemt het aanbod aan. Als hij in Nederland op het vliegveld aankomt, schrikt hij hevig. Ton is ernstig ziek en zal binnenkort sterven. In de tijd dat hij in Nederland is komt alles weer naar boven. En dan natuurlijk de grote vraag; waarom is Ton destijds zo plotseling naar Nederland vertrokken?! Ton legt uit dat hij terug werd gestuurd nadat hij in Indië al een tijdje in de gevangenis had gezeten. Hij had Boenki, de broer van Sukardi laten ontsnappen. Boenki zat gevangen, omdat hij betrokken was bij een aanslag op Nederlandse soldaten. Ton wist dat Sukardi’s broer bij de TRI zat, maar ondanks dat liet hij hem vrij, als dank voor alles wat Sukardi en zijn familie voor hem hadden gedaan. Uiteindelijk heeft Ton zichzelf aangegeven uit schuldgevoel, en zo is hij dus weer in Nederland terechtgekomen. Van Boenki is nooit meer iets vernomen. Hij komt regelmatig op de televisie omdat hij een belangrijk adviseur is van een corrupte regeringsleider. Hij heeft aan Sukardi’s familie laten weten dat hij niets meer met hen te maken wil hebben, omdat hij vindt dat ze hun land hebben verraden. Zijn zusje Ati is een succesvolle arts geworden en Sukardi volgde zijn vader op als onderwijzer. Zijn vader is overleden, met zijn moeder gaat alles goed. Drie weken nadat Sukardi weer is vertrokken naar Indonesië, is Ton winkels gestorven.

Het boek heeft dus een gesloten eind, want je weet hoe alles afloopt. De schrijver heeft hiermee willen vertellen wat er allemaal voor verschrikkelijks is gebeurd in Indië.

In het verhaal zitten veel tijdsprongen. De meeste zijn erg klein, bijvoorbeeld; de volgende dag... Maar er zitten ook grote tijdsprongen in, bijvoorbeeld naar een paar maanden later.

Beoordeling

Het laatste deel van het boek spreekt mij het sterkst aan, omdat in dat deel alle vragen beantwoord worden, bijvoorbeeld waarom Ton Winkels zo plotseling naar Nederland is teruggekeerd. In dit deel wordt alles wat je tijdens het verhaal niet helemaal begrepen hebt of vergeten was, weer helemaal opgehelderd en duidelijk gemaakt.

Dit boek kun je vergelijken met het boek Oeroeg, dat is geschreven door Hella S. Haasse. Ook Oeroeg gaat over een jongen, Oeroeg genaamd, die in de tijd van de onafhankelijkheidsstrijd van Indië in Indië leefde. Het boek is dus heel goed te vergelijken met De Indische vlieger, omdat het over hetzelfde onderwerp gaat.

Extra opdrachten

Ik heb opdracht 1 en 3 gekozen om te maken, want 3 was verplicht en het boek heeft geen open eind, dus bleef alleen opdracht 1 over om te maken.

1. Geef een uitvoerige beschrijving van de hoofdpersoon (innerlijke en uiterlijke eigenschappen).
De hoofdpersoon in dit verhaal is Sukardi. Sukardi is een jongen die in het begin van het boek ongeveer 13 jaar oud is. In het verhaal ‘zie’ je hem groeien, want hij gaat steeds meer nadenken over alles wat er om hem heen gebeurt. Sukardi heeft zwart haar en een gebruinde huid. Hij is eerst normaal van lengte en postuur, maar als de kolonie Indië wordt overgenomen door de Japanners, wordt het voedsel schaars, en wordt Sukardi steeds magerder. Innerlijk gebeurt er nog veel meer. Hij denk heel vaak na, over de TNI, het Nederlandse leger, of hij voor Ton moet zijn of juist aan de kant moet staan van zijn broer, of het goed is wat de TNI doet, of dat zijn vader misschien toch gelijk heeft…..Eigenlijk is Sukardi dus een jongen net als alle jongens in Indië.

3. Geef informatie over de auteur (schrijver). Betrek daarin gegevens over zijn leven en eventuele andere werken.
Theo Engelen is op 19 oktober 1950 geboren in het Limburgse Geulle, zo’n tien kilometer ten noorden van Maast richt. In dit mooie Maasdorp bracht hij zijn jeugd door en bezocht hij de lagere school. Voor de middelbare schoolopleiding (gymnasium alpha) reisde hij dagelijks op en neer naar Maastricht, al vond hij die school (zowel toen als achteraf) buitengewoon saai.
Na het behalen van zijn diploma is Theo Engelen in Nijmegen gaan wonen, waar hij aan de plaatselijke universiteit geschiedenis studeerde. Dat vond hij zo boeiend dat hij er ook na het afstuderen in 1976 mee bezig bleef, eerst als docent, later als hoofddocent. In die functie geeft hij tot op de dag van vandaag onderwijs aan studenten en doet hij onderzoek naar ontwikkelingen in het verleden. Zijn speciale aandacht gaat uit naar de economische en sociale geschiedenis en daarbinnen weer naar bevolkingsgeschiedenis. Je kunt zijn naam dan ook aantreffen op een aantal boeken, bundels en artikelen die gaan over trouwen, kinderen krijgen, verhuizen en sterven in de loop van de geschiedenis. Het zijn publicaties die nogal moeilijk zijn en bovendien vaak in het Engels geschreven.
Zijn eerste jeugdboek schreef Theo Engelen in 1992, toen hij al veertig was. Het was een boekje, speciaal voor zijn zoon Thijs, bedoeld als verjaardagscadeau. Dit boekje is nooit uitgegeven, maar Thijs vond het prachtig en Theo ontdekte erdoor hoe fascinerend het is om iets anders dan wetenschap te schrijven. Toch zal de aandachtige lezer van Theo Engelens boeken al snel merken dat de schrijver goede banden met het verleden heeft. Zijn verhalen hebben bijna altijd iets met geschiedenis te maken. Soms gaat het erover hoe belangrijk het verleden is voor ons huidige leven (Schimmen uit het verleden), soms maakt hij zich kwaad over het gemak waarmee alles wat ouder dan twintig jaar,aan de kant wordt gezet (De nacht van de doorbraak). Natuurlijk kan een boek ook in het verleden spelen (de helft van De Riddergrot) en bovendien weet Theo Engelen heel goed hoe het is om als historicus in een archief te werken (Moordzaak). Schoolstrijd is niet gebaseerd op het verleden, maar op de verhalen van zijn kinderen over de soms harde toestanden op middelbare scholen.
Over kinderen gesproken: Theo Engelen is getrouwd en heeft vier kinderen (geboren in 1980, 1984, 1990 en 1996). Voorlopig kan hij dus in eigen huis nog volop luisteren naar wat kinderen en jongeren van diverse leeftijden zoal bezig houdt. Dat eigen huis staat sinds 1979 in Cuijk, weer een Maasdorp, nu in Noord- Brabant en zo’n honderd kilometer noordelijker dan waar het in 1950 begon.

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Andere verslagen van "De Indische vlieger door Theo Engelen"