ADVERTENTIE
Luisterboeken: de makkelijke optie? Lars is niet echt een fan van lezen. Daarom gaat hij op zoek naar de beste manieren om door zijn leeslijst heen te komen. Red je het met alleen maar samenvattingen, of is een e-reader of luisterboek een betere optie? Deze video wordt mede mogelijk gemaakt door Storytel.

Probeer 30 dagen gratis
A Titel en auteur:
Dagen van gras van Philip Huff.
B Jaar en plaats van uitgave:
Eerste druk: september 2009.
Derde druk: oktober 2009.
Druk Thieme Boekentuin, Apeldoorn.
C Aantal bladzijden:
Dit boek heeft 169 bladzijdes.
D Ondertitel:
Dit boek heeft geen ondertitel.
E Opdracht:
De opdracht van dit boek is: Voor mijn broer en zus.

F Hoe is het boek ingedeeld? In grotere delen? In hoofdstukken of niet? Hoe zijn de hoofdstukken aangegeven?
Het begint met een proloog en daarna komen de hoofdstukken met de naam: Een, Twee, Drie, Vier, Vijf, Zes, Zeven. Op het laatst heb je ook nog een epiloog. De hoofdstukken zelf zijn ook nog een soort van onderverdeeld. Want na een stukje tekst van meestal ongeveer 1 bladzijde lang staat er zo’n * sterretje. Dat geeft dan aan dat het weer over een ander stukje gaat of dat ze iets in de tijd vooruit gaan. Dat is wel fijn met lezen. De hoofdstukken zijn gemiddeld rond de 20 bladzijdes.

G Beschrijf de voorkant van het boek. Wat zegt de illustratie over de inhoud van het boek.
Ik vind de voorkant van het boek super leuk, echt heel vrolijk en het past ook zeker bij het boek. Het laat allemaal herinneringen zien van Ben. Ben is het hoofdpersoon in dit boek. Ook vind ik het leuk dat de titel er een soort van is opgeplakt omdat het geschreven is op een plakbandje. Het is een collage over zijn leven. Je ziet bijvoorbeeld een plaat die Ben van zijn vader heeft gekregen. De plaat is van The Beatles. Je ziet op de plaat ook de nummers staan die er op die plaat voorkomen. Het zijn de nummers die die vaak draaide en die hij ook beschreef in het boek. Ook zie je een foto van (ik denk) Ben met zijn vader. Daar is hij nog een kleine baby en het is echt zo’n oude foto. Dat vind ik mooi. Ook zie je nog een andere oude foto van waarschijnlijk ook Ben. Hij ziet er daar heel vrolijk uit en hij is aan het schreeuwen. Je ziet nog vaag op de achergrond ergens achter een andere foto nog een zwart wit foto. Je ziet niet van wie die is maar het persoon dat erop staat neemt een stoere houding aan. Je hebt ook nog 2 nieuwere foto’s. 1 foto is van een tweepersoonsbed. Ik denk dat het het bed is van zijn kamer in een van de klinieken. Ook staat er een foto van een achterkant van een meisje / vrouw. Het is helemaal donker eromheen en je ziet eigenlijk alleen haar blonde haar heel goed. Ik denk dat het Anna is waarmee hij samen in de kliniek zat. Op de achtergrond zie je een brief die is geschreven door denk ik zijn vader. Je kan een paar woorden lezen, zoals Ben en doodnormale. Onder die brief zie je op de achtergrond de envelop waarin de brief waarschijnlijk is verstuurd. Het is dus een erg uitgebreide voorkant die al veel over het boek verteld.

Het boek begint met een intro over dat hij terug kijkt op zijn leven. En het begint allemaal als hij negen jaar oud is. Hij heeft maar 1 beste vriend en dat is Tom. Samen spelen ze altijd en zitten ze vaak in de boomhut. Ben is een beetje een mietje en durft niet zoveel terwijl Tom juist heel stoer is en veel durft. Als ze ouder worden gaan ze vaak blowen en luisteren ze muziek in de boomhut. Ongeveer de helft van hun leven bestaat daar uit. Ook gaat hij veel om met zijn opa die hem leert schaken en waarvan hij bijna altijd verliest. Maar als Ben 13 jaar oud is overlijd zijn opa wat hij heel erg vind. Het gaat ook nog eens niet goed tussen zijn ouders en zijn vader gaat in Engeland wonen. Zijn moeder ontmoet een nieuwe vriend waarmee Ben het vaak niet goed kan vinden. Hij blijft ook nog eens zitten waardoor zijn moeder strenger voor hem wordt. Ze krijgen vaak ruzie en tijdens 1 van de ruzies valt zijn moeder tegen de openhaard en moet naar het ziekenhuis. Ben heeft het thuis helemaal gehad en gaat naar zijn vader in Engeland. Maar van zijn vader mag hij niet daar blijven wonen dus moet hij weer terug. Tom is daar erg blij mee want dan kunnen ze weer samen blowen wat ze steeds vaker gaan doen. Ook proberen ze nieuwe dingen uit zoals paddo’s maar dat gaat 1 keer niet goed. Hij blijft hangen in een bad trip waardoor alles veranderd. Hij hoort soms stemmen en ziet allemaal rare dingen. Als hij het aan Tom verteld zegt Tom dat hij gewoon niet zo gek moet doen en dat ze gewoon weer moeten gaan blowen. Maar dit keer gaat het fout. Tijdens het blowen is die in slaap gevallen en als hij wakker wordt is er allemaal rook en vuur. Hij komt nog levend uit de boom hut maar zijn arm is wel uit de kom. Als hij Tom wil zoeken kan hij hem niet vinden en raakt daarna bewusteloos. Hij wordt pas weer wakker als ze in het ziekenhuis zijn maar sinds die dag veranderd Ben nog meer. En van Tom hoort hij niks meer. Op een dag ziet hij zijn opa die allang overleden is en praat met hem maar zodra zijn moeder binnen komt is zijn opa weer verdwenen.Zijn moeder houdt hem goed in de gaten en vind dat het slecht met hem gaat. De dokter komt een paar keer langs waarna ze besloten dat hij moet worden opgenomen in een kliniek, de Thorbeckehof. Hij is helemaal kwaad en vind dat hij voor niks in de Thorbeckehof zit maar toch geeft hij na een tijdje toe. Soms gaat het super slecht met hem en dan doet hij allemaal rare dingen. Een keer snijd hij zichzelf open met een plastic mes omdat hij zijn woorden graag wil uiten en het dus met bloed op de muur schrijft. Het gaat een tijdje heel erg slecht met hem en mist zijn vader en Tom. Nadat hij ze een brief heeft geschreven waarvan hij geen van beide antwoord krijgt heeft hij het gevoel dat zijn vader dood is. Als dat waar blijkt te zijn stort zijn hele wereld in. Zijn vader had kanker en vandaar kon hij ook niet bij zijn vader gaan wonen. Als hij een nare droom heeft gehad waarin hij droomt dat Tom is overleden vraagt hij het de volgende dag aan zijn moeder, zijn moeder zegt dat het waar is en Ben is helemaal verdwenen.
Na een tijdje gaat het steeds beter met hem en dan besluiten ze hem over te plaatsen naar een kliniek in Den Dolder. Hier ontmoet hij Anna waar die super goed bevriend mee wordt en waar hij alles mee deelt. Hij vind Anna echt een leuk meisje en ze is het eerste meisje waarover hij droomt en fantaseert. Maar op een dag is ze zomaar verdwenen. Dit zorgt ervoor dat hij extra graag en extra snel uit de kliniek wil. Maar hij probeert te ontsnappen waardoor ze vinden dat hij nog even moet blijven. Na een tijdje gaat het echt goed met hem en gaat hij in een steunwoning wonen. Dat is in utrecht. Hierna wil hij graag bij zijn oom gaan wonen want hij wil niet meer terug naar zijn moeder. Op het eind lees je nog een stukje over vroeger.


A Noem de belangrijkste verhaalfiguren en beschrijf hun uiterlijk, gedrag en karakter.
Ben: In het begin lijkt Ben een hele normale jongen met een beetje een rare jeugd maar verder lijkt alles normaal. Hij is rustig en heeft maar 1 beste vriend. Dat is Tom. Tom is zijn allerbeste vriend waar hij alles mee doet. Ze zitten vaak samen in de boomhut waar ze dan muziek luisteren en blowen. Een citaat uit het begin van het boek:
Ik heet Ben. Ik ben geboren op een dinsdagmorgen in het Sophia Ziekenhuis in Zwolle, deze zomer achttien jaar geleden. Ik woog zeven pond en was achtenveertig centimeter lang. Het Sophia Ziekenhuis bestaat nu niet meer: het is afgebroken. Net als mijn lagere school, die is ook gesloopt. En van mijn eerste middelbare school hebben ze een appartementencomplex gemaakt: alleen de gevel is blijven staan. Als ik mensen zou willen wijzen waar ik naar school ben geweest, heb ik foto’s nodig. Maar die heb ik niet. Die heeft niemand. Ik bedoel: van je beste vrienden uit je schooltijd een foto bewaren, dat begrijp ik wel. Maar wie heeft er foto’s van de school zelf. Ik kwam niet alleen uit de buik van mijn moeder, die dinsdagmorgen. Ik had een tweelingbroer die David heette. Maar David overleed drie dagen na zijn geboorte. Hij is nooit het ziekenhuis uit geweest. Van Davids leven bestaat geen enkel gebouw meer. Geen enkele foto.
Je leest daar dat die een beetje rare jeugd heeft gehad maar dat verder alles redelijk normaal aan hem is. Maar dat veranderd later in het boek. Hij komt in een psychose terecht waardoor het helemaal verkeerd gaat. Na een bad trip hoort hij soms stemmen en ziet hij dingen die hij niet hoort te zien. Hij moet hierdoor ook naar een kliniek. Maar dat wil hij helemaal niet en hij begrijpt er niks van. In het boek wordt hij vaak beschreven als een beetje een klungelige jongen met maar 1 vriend. Hier is nog een citaat van de tijd dat het slecht met hem ging:
De weken na mijn slechte paddotrip, de weken voor de zomervakantie dus, waren anders dan de weken daarvoor. Ik kon het gevoel dat die trip met zich had meegebracht maar niet van me afzetten. Het was in mijn bloedbaan gekropen; het suisde in mijn oren als ik in bed lag en klopte in de toppen van mijn vingers als ik gitaar speelde. En als ik mijn ogen sloot, of de wind door de bomen waaide, dan zag ik dat monster weer voor me. Dus hield ik mijn ogen ’s avonds in bed net zolang open tot ze van vermoeidheid begonnen te branden en ik in één keer in slaap viel als ik ze dichtdeed. Overdag, op school, zag ik soms opeens een voorwerp van vorm of kleur veranderen: dan was et niet duidelijk of de gordijnen nu rood waren of oranje, en of ze stil hingen of niet. Andere keren zag ik opeens allerlei bewegende patronen op een kale, witte muur.
Ook heb ik nog een citaat van dat die naar de thorbechehof gaat en dus wordt opgehaald door de politie:
Ik stond buiten, op het pad, met mijn kleren aan en mijn fiets in de hand. De veters van mijn schoenen zaten los. Mijn jas stond open. Voor mij stond Rob. Hij hield mijn fiets vast. Dokter Van Polier stond naast hem. Ze praatte tegen me, maar ik hoorde niet wat ze zei. Ik keek naar mijn moeder, die bij de voordeur stond, tussen de oude kanonnen van mijn grootvader in. Ze huilde. Toen kwam een politieauto het pad op gereden. Twee agenten stapten uit en zetten hun pet op. Aan hun riemen zag ik de handboeien glimmen, waarom ben ik niet zoals Tom, dacht ik. Die had hier wel een uitweg gezien, Die had zijn vleugels nooit op slot laten zetten en een inval van vijandelijke stukken afgeweerd. Die had verdomme een tegenaanval ingezet toen dokter Van Polier zei dat ik niet heel duidelijk was, dat er iets mis was in mijn hoofd.

Tom: Tom is de beste vriend van Ben maar is heel anders. Hij lijkt vaak voor Ben een voorbeeld omdat hij alles wel slim aanpakt en nooit echt in de problemen komt. Hij is ook rustig zoals Ben maar heeft wel slimme en leuke plannen. De plannen zoals naar Amsterdam gaan om Paddo’s te kopen komen ook altijd van hem. Maar als Tom in het boek overlijd dan stort de wereld van Ben eigenlijk nog verder in. Hij komt er zelf achter maar zijn moeder doet er heel geheimzinnig over. Soms lijkt het in het boek alsof Tom verzonnen is en alsof hij helemaal geen vriend heeft maar alleen een verzonnen vriend. Dat lijkt bijvoorbeeld in het stukje over als hij erachter komt dat Tom dood is. Zijn moeder doet er heel vaag over alsof ze hem niet begrijpt. Hier is een citaat van uit het boek:
‘Het was niet makkelijk om dat te regelen,’zei mijn moeder daarna. ‘Met al die wachtlijsten en zo. Je mag me –‘ ‘Hij is dood, hé?’zei ik toen, opeens. Mijn moeder keek me aan. Ze zei niets. ‘Zeg het maar,’ zei ik. ‘ik weet het wel, dat hij dood is. Ik voel het. Ik heb het gedroomd.’ ‘Ja,’ zei mijn moeder toen, en haar neusvleugels trilden. ‘Hij is dood, ja. Het spijt me, ik kon het je niet vertellen omdat…’ maar ik hoorde al niet meer wat mijn moeder zei; ik zag alleen nog dat ze sprak. Haar lippen bewogen maar haar woorden bereikten mij niet. Het was alsof de volumeknop van haar stem was weggedraaid. Ik sloot mijn linkeroog. Toen ik mijn opgen weer opende, zat mijn moeder nog steeds voor me. Ik zag dat ze had gehuild. ‘Het spijt me,’ zei ze. Het geluid was teruggekeerd. “ik weet hoe belangrijk hij voor je was.’
Sommige mensen denken dat zijn moeder het over de dood van zijn vader heeft want die is ook overleden maar dat had ze hem al eerder proberen te vertellen maar dat was niet helemaal aangekomen. Tom heeft een witte huid en veel sproeten en rood haar. Hij was dun en had weinig spieren. Hier is een citaat uit het boek over Tom:
Tom, dat was Tom Samson. Tom was mijn beste vriend, maar echt: mijn allerbeste vriend. Toms huid was erg wit en hij had overal sproeten. En Tom had een kop vol kortgeknipte rode haren, want als hij zijn haar langer liet groeien, ging het krullen. Als Tom lachte, trokken zijn ogen samen en zag je de spleet tussen zijn ondervoortanden goed. Tom had een lichaam als dat van Jezus op die beeldjes dat hij aan het kruis hangt: veel pezen en weinig spieren, meer vel dan vet. De heilige geest.
Ik heb nog 1 citaat waarin het stoere innerlijk van Tom werd beschreven. Hij durfde veel meer dan dat Ben durfde en door Tom werd Ben ook wat stoerder. Tom had dus veel invloed op hem en dat heeft hem denk ik ook wel deels veranderd:
Tom mikte met de revolver op mij en kneep een oog dicht. ‘dat moet je dan maar eens vragen, aan die ouwe opa van je, of hij je wil leren schieten.’ Ik pakte de revolver uit Toms hand. ‘pas als ik wat ouder ben, leert opa me schieten.’ Zei ik. Tom draaide zich om en pakte een jachtgeweer uit een ogengeslagen koffer in de kast. Op de zijkant van het geweer, in bewerkt ijzer, stond de naam van mijn grootvader. Hij klapte het geweer open en keer in de loop, precies zoals mijn grootvader altijd deed. ‘Zwaar wel,’ zei hij. ‘ja,’ zei ik. ‘En leg hem nu maar weer terug.’ Ik had nog nooit een geweer vast gehouden. ‘Je bent een beetje een angsthaas. ‘ zei Tom, en hij hield het geweer nog even in zijn handen.

Anna: Anna is een meisje die ook in de kliniek in Den Dolder zit en ze krijg een hele goede band met Ben. Maar later is ze ineens verdwenen wat Ben echt niet leuk vind. Ben is verliefd op Anna en hij droomt zelfs een keer dat ze samen op haar kamer zijn. Dat zij graag wilt dat hij haar aanraakt en dan gebeuren er meerdere dingen. Maar dan wordt hij wakker en blijkt het allemaal maar een droom te zijn.
Hier is een citaat met de ontmoeting met Anna:
Ik liep de eerste dag voor de lunch door de binnentuin en zag daar een meisje zitten, onderuitgezakt in een plastic tuinstoel. Ze las een boek. Ik bleef staan en keek naar haar twee blauwe ogen die langs de bladzijde bewogen. ‘The Bell Far, he?’ zei ik toen. ‘Goed boek?’ Maar er kwam geen antwoord. Het meisje sloeg de bladzijde om. ‘Wat is je lievelingsboek?’, dat was vanochtend een vraag. En ‘wat zijn je toekomstdoelen?’, dat was er ook een. Ik denk dat jij ‘The Bell Far’ en ‘Hier zo snel mogelijk wegkomen,’ zou hebben geantwoord. Als ik nou nog raad wat je lievelingsmuziek is, weten we precies wie je bent.’ Het meisje was gestopt met lezen. Ze glimlachte. ‘Maar wat voor muziek zou je goed vinden? De zangeres Zonder Naam? Frank Boeijen?’ En ik begon te zingen; de openingszin van het eerste, maar echt allereerste liedje wat in me opkwam, het liedje waar ik die morgen door was gewekt:
Ik weet niet, wat jou zover heeft gebracht.
Als ik jou zie, ’s avonds bij het park.
Het meisje zei nog niets. Dus zong ik verder:
De autolichten beschijnen je lichaam,
Zonder ogen, zonder herinneringen.
Ik neem aan dat je nooit liefde hebt gehad,
Ook niet toen dat zo belangrijk voor je was.
De woorden die bij jou horen-
Toen, opeens, stopte ik met zingen. ‘Dat heb ik altijd wel een mooie zin gevonden.’ Zei ik, ‘De woorden die bij jou horen.’ Het meisje liet haar boek zakken. Boven een van haar wenkbrauwen een groot litteken. ‘wat zijn de woorden die bij jou horen dan?’ Ik twijfelde. ‘Muziek.’ Zei ik toen. ‘En bij jou?’ ‘Anna,’ zei ze, en ze stak haar hand uit.


B Welke figuur is zeker een uitbouwkarakter en welke figuren zijn gegeven karakters? Licht je antwoord toe.
Ben: Ben is een uitbouwkarakter omdat hij in het begin nog niet gek was en nog niet in een kliniek zat. Ookal zat dat deels altijd al in hem maar door zijn vriend Tom is hij veranderd wat hem tot een uitbouwkarakter maakt. Hij ging steeds meer blowen en werd steeds stoerder terwijl hij vroeger een lief jongetje was. Ook ging het uit eindelijk helemaal de slechte kant op waardoor hij in een kliniek belande waardoor hij nog meer veranderde.
Tom: Tom is geen uitbouwkarakter maar een gegeven karakter. Hij is in het begin al stoer en dat blijft hij ook tot zijn dood. Zelfs als hij al een verzonnen vriend was blijft hij toch altijd het zelfde. Altijd stoer en nooit bang.
Anna: Wat je van Anna leest in het boek is ze een gegeven karakter. In het boek blijft ze het redelijk stille meisje die vooral veel met Ben praat en waartegen Ben ook altijd hetzelfde doet. Tot dat ze op een dag weg is en Ben nooit meer iets van der hoort.

A Op welke plaats(en) speelt het verhaal zich af?
Het verhaal speelt zich in het beging af in hun eigen huis en soms bij Ben op school. Ook zit hij soms in de boomhut met Tom. Het speelt zich verder nog af in zijn klinieken en even in de stad Amsterdam. Er komen veel verschillende plaatsen in voor omdat hij vaak van huis veranderd.

B Geef een voorbeeld van belangenruimte en vermeld hierbij een citaat uit het boek. Beschrijf vervolgens nauwkeurig hoe de ruimtebeschrijving de sfeer in het verhaal en/of de stemming van de hoofdpersoon benadrukt.
Een hele belangrijke plaats in het boek is zijn boomhut. Hij had er vroeger meerdere maar 1tje is er heel gebleven waar hij vaak met zijn aller beste vriend Tom in zit. Hij luister daar muziek en rookt daar vaak. Ook gebruikt hij daar drugs wat een belangrijk voorwerp is in zijn leven.
Een andere belangrijke plaats waar het verhaal zich afspeelt is het oude huis waar hij woont, daar speelt hij vaak schaak met zijn opa waar hij veel van leert. Hij vind het heel leuk om te doen en het maakt het rustig. Dat huis heeft allemaal speciale herinneringen voor hem.
Ook is de Thorbeckehof een belangrijke plaats voor hem, daar ontmoet hij Anna wat voor hem een heel belangrijk persoon wordt. Het is denk ik het eerste meisje waar hij echt verliefd op is.
Een voorbeeld van een belangenruimte is Weldra dat is het landgoed waar zijn grootouders op woonden:
Ik ben daar opgegroeid, in het oosten, op Weldra, het landgoed van mijn grootouders. Weldra was geen slechte plek om te wonen. Echt niet. Tot ik er weg moest, kon ik elke dag door de bossen lopen en naar de natuur luisteren. De stilte en de vogels horen. Dat mis ik wil. Want hier in de stad is het nooit stil genoeg om naar de vogels te luisteren: hoor je geen auto, dan hoor je wel een scooter, hoor je geen scooter dan hoor je wel een vliegtuig. Of een drilboor. Maar nooit alleen de vogels. Ik woon hier tussen mensen die daardoor niet eens weten hoe een mus klinkt. Die het verschil tussen een merel en een kraai niet kunnen zien.

Op welke wijze wordt het verhaal verteld? Kies uit de ommentaarvorm, de ik-vorm en de twee hij-vormen (de alwetende hij-vorm en de verborgen ik- vorm). Licht je keuze toe.
De vertelwijze is de ik-vorm maar op sommige momenten is het de jij-vorm want dan verteld Ben over iets wat hij moeilijk vind. Hij verteld dan vaak over de Thorbeckehof of over zijn school. Je ziet dat hij het er moeilijk mee heeft en daarom verteld hij denk ik in de jij-vorm. Het is de ik-vorm omdat het vanuit Ben wordt verteld.
Een voorbeeld hiervan is:
Er is een lange tijd geweest dat ik niet heb geschaakt. Maar hier heb ik, op aanraden van de begeleiding, het schaken toch maar weer opgepakt. Ze zeiden dat het goedde gymnastiek was voor mijn hersenen. Ik ben begonnen met het oplossen van wat schaakproblemen, eerst ui de bijlage van de krant, en toen uit een boekje dat een meisje van de begeleiding had meegenomen.

A In welke tijd(en) speelt het verhaal zich af?
Het speelt zich af in nu, je ziet dat aan de moderne apparatuur waar ze het over hebben en de techniek van de kliniek. Vroeger had je niet eens klinieken maar nu kan hij zo overstappen van de ene kliniek naar de andere kliniek. Ook is het tegenwoordige tijd.

B Is het verhaal chronologisch of niet-chronologisch verteld? Licht je antwoord toe.
Ja het verhaal is chronologisch verteld want alleen in het begint is er een flash-back. In het begin verteld hij over de vriendschap van hem en Tom en hoe dat onstaan is. Dan over zijn ouders en nog vaak over Tom. Je leest dan ook over dat die blijft zitten en dat die het jaar dus over moet doen. Daarna komt die terecht in een bad trip en moet hij later naar de kliniek. Dat gebeurd allemaal chronologische volgorde met af en toe dingen uitgebreid verteld en sommige dingen worden heel snel besproken.

C Komen er flash-backs in het verhaal voor? Zo ja, geef een voorbeeld en leg uit wat de functie van deze flash-back is.
Ja er komen meerdere flash-backs in het verhaal voor zoals het eerste hoofdstuk van het verhaal. Daar verteld hij over toen hij achtien was. Dan zie je even een korte samenvatting van zijn leven en dat is de fucntie van deze flash-back.
Later krijg je nog een andere flash-back van toen die rond de 8 jaar was. Het gaat er over dat hij stemmen in zijn hoofd hoort en dat hij daar weer aan herrinert wordt. Door deze flash-back worden sommige dingen wat duidelijker.
Dat is wel vaker het geval in dit boek, dat er een flash-back voorkomt zodat de rest van het verhaal daardoor duidelijker is.

Wat zijn de belangrijkste motieven? Geef bij elk motief een korte uitleg.
Drugs: Ben en zijn beste vriend Tom gebruiken heel vaak drugs. Ze gaan zelfs naar Amsterdam om paddo’s te halen. Maar nadat hij een keer bad was gegaan gaat het ineens helemaal mis met Ben. Hij ziet het leven soms niet meer zitten en hoort soms stemmen in zijn hoofd. Ook gaat hij nadenken over dingen die nergens op slaan en die niemand begrijpt. Zoals op een gegeven moment over God.
Muziek: Ben het belangrijkste personage uit het boek houdt ontzettend veel van muziek. Altijd als hij verdrietig is of als hij rust wilt gaat hij in zijn boomhut zitten en muziek luisteren. Hij heeft een oude platenspeler en veel oude platen. Het liefst luistert hij naar The Beatles. Hij heeft een hele mening over muziek en vaak gaat het in het boek zelf ook over muziek. Hij gebruikt veel zinnen uit liedjes en schrijft elke dag op met welk liedje hij wakker wordt. Dan zoekt hij daarachter een conclusie.
Vrienden: Ben heeft niet veel vrienden. En soms lijkt het zelfs alsof zijn allerbeste vriend Tom zelf verzonnen is. Het enige met wie hij dingen doet is met Tom. Je ziet dat hij zich steeds aan 1 persoon bindt want als hij in de kliniek zit dan gaat hij bijna alleen maar om met Anna. Je ziet daarin wel dat zijn vrienden voor hem heel belangrijk zijn en dat dat veel invloed heeft op de rest van zijn leven.

A Verklaar de titel van het boek.
Ik vind de titel van het boek niet helemaal bij het boek passen maar als je erover na gaat denken snap je de titel van het boek wel. Het boek gaat over de tijd die Ben mee maakt en door brengt in de klinieken. Hoeveel dagen hij daar wel niet zit, hij heeft daar zeeën van tijd. Hij was voor dat die in de klinieken zat vaak in de boomhut en in de natuur ik denk dat daar vandaan het gras komt. De dagen van gras, de dagen die hij doorbracht in zijn boomhut samen met zijn beste vriend Tom. Maar misschien wil de schrijven ook wel iets zeggen over dagen die hij rond brengt, opgeslotten en alleen, in zijn klinieken.
Kleine domme drenkeling
Waar ben je toch geweest
We roeien naar de overkant
Nu is het nog licht
De zomer duurt nog heel lang erg lang
En we komen echt niet terug
Kleed jezelf aan
Gooi alles weg neem een besluit
Doe als het moet alles opnieuw
Je kon het zo goed
Beter dan ik
Je kan het nog steeds
Net zoals toen in het begin
Je weet hoe het is
Soms is het zo
Je weet hoe ze zijn
Dagen van gras dagen van stro
Dans uit de maat zo goed als je kan
Zo goed als het gaat
Als niemand het ziet
Doe als het moet alles opnieuw

B Heeft het boek een motto? Zo ja, wat is het motto en wat is het verband met de inhoud van het boek?
Het boek dagen van gras heeft geen motto.

Formuleer het thema in één goedlopende zin. Maak hierbij gebruik van de antwoorden die je bij 7 en 8 hebt gegeven.
Drugs kan je leven breken maar alles kan op zijn tijd goed komen door goede vrienden of door goede muziek.

A Hoe is de zinsbouw? Licht je antwoord toe met enkele voorbeelden.
Ik vind de zinsbouw in het boek dagen van gras leuk omdat het meestal korte en krachtige zinnen zijn. Het is in een leuke volgorde verteld en dat vind ik leuk om te lezen. Soms zitten er wat langere zinnen tussen maar dan gebruikt hij bijna altijd een komma om het korten te laten lijken. Het leest (vind ik) makkelijker als het korte zinnen zijn, zoals in dit boek. Een voorbeeld hiervan is:
Maar goed, de Thorbeckehof, Anna, de adolescentenkliniek in Den Dolder, mijn medicijnen: daar ben ik nog lang niet. Want ik ben bij het begin; ik begin bij het begin. En het begin is: Ik heet Ben. Ik ben Ben. Ben ben ik. Ik ben begonnen.
Ik vind dit stukje echt een super mooi stukje. Dit komt helemaal in het begin van het boek voor en daardoor vond ik het echt leuk. Het is leuk en grappig geschreven met korte zinnen. Wat makkelijk doorleest. Vlot en gezellig geschreven.


B Hoe is de woordkeuze van de schrijver? Verrassend volgens jou? Origineel? Humoristisch? Licht je antwoord toe met enkele voorbeelden.

Ik vond de woordkeuze niet echt bijzonder, het was gewoon een prima woordkeuze niet te moeilijk en niet te makkelijk. Het is wel leuk dat ze vaak in het boek woorden schuin gedrukt deden want daardoor lees je de zin toch anders. Ook zijn er soms wat grappige woordkeuzes zoals ik hier boven ook al had genoemd. Ik ben Ben. Ben ben ik. Dat is gewoon grappig geschreven. Hij gebruikt de meerdere betekenissen van een woord en dat is soms wel humoristisch en origineel tegelijk.
Ook vind ik het goed dat de schrijver zich heeft ingeleefd in het personage, want Ben is natuurlijk van deze tijd dus gebruikt hij andere woorden dan vroeger. De schrijver is zelf ook redelijk jong dus dat zal hem waarschijnlijk wel liggen. Hij leeft zich helemaal in in het verhaal een voorbeeld hiervan is:
Je bent hypomanisch en wat doe je de hele tijd? Je denkt na. Ik dacht vooral na over God. God en de muziek en mijn vader en mijn moeder. Ik bleef de hele nacht wakker en las drie boeken door. Ik maakte aantekeningen in de marges van de bladzijden: ‘klopt niet! Misschien nu. Maar over twee of drie eeuwen? WE ZIJN NET ZO GEBONDEN AAN HET RITME ALS AAN DE MELODIE! WANT HET RITME = DE MELODIE. TWEE KANTEN VAN EEN MUNT.’


A In hoeverre heeft het boek jou leesplezier gegeven? Denk bijvoorbeeld aan spanning, humor, avonturen of boeiende dialogen.

Ik vond het boek mooi geschreven vooral het begin vond ik erg leuk. Op het eind vond ik het ook wel leuk maar veel minder. Op het begin vond ik het heel interessant over hoe er geschreven werd en het onderwerp zoals, drank, school, drugs en problemen die Ben had vond ik interessant om te lezen. Ook de dialogen die Ben vertelde over dat hij het allemaal begreep en over god vond ik leuk om te lezen. Het was niet heel spannend maar toch was het een soort van avontuur. Omdat er telkens iets nieuws met hem gebeurde en hij telkens achter nieuwe dingen kwam wat dan weer zijn leven veranderde. Ik vind het eigenlijk altijd wel lekker om te lezen het geeft gewoon rust en dat heeft dit boek ook. Het is een lekker boek om even te lezen voordat je bijvoorbeeld gaat slapen of als je gewoon even iets rustigs wil doen. Een heel mooi stukje uit het boek vind ik:
“Tom, moet je luisteren.
‘Nee, nee, leren kan zo ook nog. Want man, echt: dit moet ik je nu vertellen, voordat ik het kwijt ben. Ik geloof dat ik God begrepen heb.
‘Haha, nee, echt.
‘Waarom wij hier zijn en zo.
‘De schepping, ja. Ik bedoel, je vraagt je af: waarom? Nietwaar? Waarom al dat gedoe? Want: het is een hoop gedoe.
‘Nou, je bent God en je bent alles en je bent overal en buiten jou bestaat niets en dan opeens denk je: daar ga ik wat aan veranderen.
‘Inderdaad: waarom?
‘Nou stel je voor: jij bent alles. Dan ben je ook niets. Of: een verzameling die tot niets komt. Want als je licht wil zijn ben je ook donker. En wil je muziek zijn, dan ben je ook stilte. Als je het ene wilt zijn, ben je ook het andere. Dus eigenlijk ben je helemaal niet licht en donker, groot en klein: maar geen van beide. Niets. Doordat je alles bent, de hele tijd. Omdat je niet asymmetrisch bent. Je bent een oneindig kleine dichtheid van alles. En je komt tot niets.
‘maar als niets bent, echt niets, ben je dus ook geen god. Want god heeft aanbidders nodig. Mensen.
‘Dus omdat je, nee, omdat God – en dat is dus nu een naam voor dat alles – niets is, schept hij het heelal. Hij blaast zichzelf op, slijt zijn gelijkheden in ongelijkheden, en zo vult hij zijn kamers met duizenden universa en miljoenen sterren en zwarte gaten, met materie en antimaterie, met licht en met donker, en met hoog en laag. En uiteindelijk met jou en met mij.

B In hoeverre heeft het boek voor jou informatieve waarde? Ben je iets te weten gekomen wat je nog niet wist?
Nou in bijna elk boek kom je wel dingen te weten die je niet wist maar in hoeverre het iets te betekenen heeft voor mijn informatieve waarde scheelt wel heel erg per boek. Bij dit boek heeft het niet heel veel informatieve waarde gegeven maar ik ben wel te weten gekomen hoe het er aan toe gaat als je geestelijk ziek bent. Dat je dan rare dingen gaat doen zoals schrijven met je eigen bloed, en dat je dat de volgende dag dan weer vergeet. Natuurlijk gaat dit proces bij iedereen anders maar je weet wel dat er dus zulke dingen gebeuren. En ook natuurlijk dat drugs slecht voor je is. Maar dat is voor mij niks nieuws. Ook wordt hij van kliniek naar kliniek gebracht en zie je wat voor impact dat heeft voor ( in dit geval) Ben. Ik vind het wel mooi om te lezen hoe hij veranderd in het boek hoe hij anders reageert op dingen als hij ziek is. Een mens kan daardoor echt totaal veranderen. Dat vond ik wel interessant om te lezen.

C In hoeverre heeft het boek voor jou literaire waarde? Ben je door de tekst geraakt? Heeft de tekst je op nieuwe ideeën gebracht? Vind je de aanpak van het onderwerp door de schrijver verrassend?
Ik ben door sommige stukjes wel geraakt, bijvoorbeeld dat stukje dat je leest dat hij met zijn eigen bloed heeft geschreven. Je leest dan hoe iemand zijn logica kwijt kan raken als die ziek is. Ook dat stukje wat ik hierboven had neer gezet over dat hij over God verteld vind ik mooi geschreven. De aanpak van het onderwerp is wel mooi gedaan. Dat hij een beste vriend had dat ze veel blowden en dat er dan 1 ding gebeurd waardoor alles veranderd. Dat je moet oppassen met drugs is na dit boek wel duidelijk. Zijn vriend is dood maar niemand verteld het hem omdat hij die klap niet kan hebben hij is al helemaal door gek geworden en moet al naar de kliniek. De tekst heeft mij niet op ideeën gebracht maar ik vond het wel leuk om te lezen. Er stonden niet echt moeilijke woorden in dus heb ook geen nieuwe woorden geleerd.
Hier is het stukje wat ik mooi vind:
Ik heb bijvoorbeeld met een plastic mes in mijn arm gekrast tot ik begon te bloeden. Dat deed ik omdat ik iets nodig had om mee te kunnen schrijven. (…). Nu denk ik: waarom deed ik dat in godsnaam, mijzelf in mijn arm snijden? Maar toen dacht ik daar niet bij na. Man, ik moest mezelf wel snijden, want ik moest de woorden in mijn hoofd ergens tegenaan gooien. En er was niemand om tegen te praten, geen schrift om in te schrijven. Ik wilde zo verdomd graag dat er iemand was die naar me luisterde. Maar ze gaven me een spuitje en stopten me in een geluiddichte isoleercel, met een plastic matras, en plastic gordijnen en een plastic vloer – echt alles was van plastic daar – en gingen weer voor de televisie zitten. De wereld draait door, weet je wel? Ik moest dus wel op de muren schrijven om mijn gedachten naar buiten te krijgen, om me te uiten, om de druk van de ketel te halen. Want dat is wat mijn hoofd was: een hogedrukketel van gedachten. Man, ik knapte bijna uit elkaar van ideeën.

D Zou je iets aan het verhaal willen veranderen? Zo ja, wat en waarom?
Ja ik zou wel iets aan het verhaal willen veranderen, namelijk het eind. Ik vind het op het eind minder ‘spannend’. Misschien zou ik eerder hebben gedaan dat of zijn vader niet dood was en dat hij daar bij ging wonen, of ik had gedaan dat Tom zijn beste vriend niet dood was. Want dit zijn twee zulke grote klappen voor hem. Het allerliefst was hij bij Tom of bij zijn vader, ook al zag hij zijn vader bijna nooit. En de stukjes die hij in het begin schreef zijn zo leuk geschreven en op het eind komt dat minder voor. Het zou ook wel leuk geweest zijn als je bij dit boek zou doen dat je over tien jaar weet hij het met hem gaat. Want nu is het echt ineens afgelopen. Hij komt thuis en het is klaar. Dat maakt het aan de ene kant ook wel weer mooi want het is een open eind en je kan zelf invullen of het later goed met hem gaat of dat hij weer een terug val krijgt. Maar toch zou ik de neiging hebben om nog even over tien jaar te vertellen en dan wel met een open eind, bijvoorbeeld dat hij Anne weer is tegen gekomen en dat ze getrouwd zijn. Dat lijkt me wel een leuk eind.

E Hoe is - alles overziend – jouw eindoordeel over het boek?
Ik vond het wel een leuk boek, in het begin toen ik het uit had dacht ik , wat een stom eind ik wil gewoon weten hoe het echt afloopt. Maar dat zet je wel aan het denken over hoe jij denkt dat het afloopt. Ik vond het mooi geschreven, een mooi verhaal over een interessant onderwerp. Alleen vond ik echt dat de schrijver op het eind veel minder mooi schreef dan op het begin. Het is echt het begin van het boek wat me heeft geraakt, en ook wel sommige stukjes op het eind van het boek maar in het begin had ik echt de drang om door te lezen omdat ik wou weten wat er zou gebeuren. En toen het eenmaal gebeurd was, toen hij eenmaal uit de boomhut was gevallen was de spanning er een beetje af. Ook al waren de stukjes in de klinieken mooi om te lezen.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

M.

M.

zijn steunwoning op het laatst is aan de rand van Amsterdam. Niet utrecht

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

S.

S.

dagen van gras is verwijzing naar het blowen. wiet wordt wel eens gras genoemt.

4 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

J.

J.

Het feit dat Ben al sinds zijn jeugd stemmen in zijn hoofd had die tegen hem praatten en dat hij later in een kliniek wordt opgenomen, maakt het niet onwaarschijnlijk dat Tom ook een hersenspinsel van hem is geweest. Zijn moeder verbiedt Ben namelijk al vroeg om met Tom om te gaan, wat ze ook deed bij de stemmen in zijn hoofd. Bovendien blijkt Tom na de brand in de boomhut spoorloos verdwenen (samen met zijn familie) en Bens moeder heeft het niet over Tom die dood is, maar zijn vader, zo blijkt later.

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

N.

N.

Tom is zijn gewilde wederhelft. Ben heeft last van Schizofrenie

6 jaar geleden

Antwoorden

S.

S.

Precies, dat mis ik nou ook in alle boekverslagen over dit boek...

5 jaar geleden

gast

gast

XPien

XPien

goed boekverslag! alleen over de tijd van het verhaal, het boek is dus niet chronologisch want er zitten flashbacks in. Als het wel chronologisch zou zijn dan zouden er geen flashbacks in zitten. Wel heel goed alles duidelijk verteld!

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

M.

M.

erg bedankt, alleen naar mijn idee krijgt hij neit het gevoel dat zijn vader dood is, maar dat tom dood is. Hij komt er later pas achter dat niet tom maar zijn vader dood is.. verder helemaal prima!

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast