Cookies..
Door Scholieren.com te bezoeken ga je akkoord met het gebruik van cookies. Klik hier voor meer info.

Erik of Het klein insectenboek

Godfried Bomans

1940

143

1 uit 5

7.0 / 10
5e klas havo
  • Saskia van Beek
  • Nederlands
  • 3317 woorden
  • 54087 keer
    184 deze maand
  • 15 december 1999
Eerste druk
1941

De uitgever
Uitgeverij Het Spectrum B.V.

Jaar van uitgave
1979

Gegevens over de schrijver
Godfried Bomans is geboren in 's-Gravenhage op 2 maart 1913. Daar is hij ook opgegroeid. Later is hij rechten gaan studeren in Amsterdam, daarna is hij psychologie gaan studeren in Nijmegen. Tijdens zijn studententijd begon hij al met het schrijven van verschillende werken. Voorbeelden hiervan zijn het humoristische toneelstuk Bloed en liefde (1937), memoires of gedenkschriften van Mr. (in latere drukken ook wel minister) Pieter Bas (1937) en het fijnzinnige Erik of Het klein insectenboek (1941). Deze boeken zorgden voor een grotere bekendheid voor Godfried Bomans.
Godfried Bomans schreef voor zowel volwassenen als voor kinderen. Hierdoor groeide zijn populariteit steeds meer. Hij schreef spottende of speelse verhalen en ironische, soms tedere sprookjes. Godfried Bomans beschikte over een speelse fantasie, een bijzonder gevoel voor humor en een opmerkelijke stijl.
Godfried Bomans blijft bij dezelfde stijl hangen, in elk van zijn boeken is hetzelfde effect te bekennen. Maar de wijze waarop hij allerlei zaken van sociale, culturele en godsdienstige aard benadert, getuigt zijn werk van grote scherpzinnigheid en van origineel denken.
Godried Bomans was een bewonderaar van Charles Dickens en van Hildebrands Camera obscura; zijn grote kennis van de sprookesliteratuur (o.a. Hans Christian Andersen en Charles Perrault) berustte op verwantschap met dit genre. De laatste jaren voor zijn dood gaf Bomans , voor de televisie, gestalte aan een zeer persoonlijke gesprekstechniek, die het midden hield tussen interview en dialoog. Godfried Bomans stierf in Bloemendaal, 22 december 1971.

Andere werken van deze schrijver
Kopstukken (1947); Buitelingen (1948); De avonturen van Bill Clifford (1948); Wonderlijk nachten (1949); De avonturen van Pa Pinkelman (1952); Pa Pinkelman in de politiek (1952); De avonturen van Tante Pollewop (1953); Capriolen (1953); Nieuwe buitelingen (1955); Pa Pinkelman omnibus (1955); Wandelingen door Rome (1956); Op het vinketouw (1957); Het zondagskind (1958); Noten kraken (1961); Omnibus (1962); Op het keper beschouwd (1963); Van de hak op de tak (1965); Godfried Bomans' sprookjesboek (1965); Denkend aan Vlaanderen (1967); Mijmeringen (1968); Van hetzelfde (1969); Beminde gelovigen (1970); Van dichtbij gezien (1970); De man met de witte das (1971); Een Hollander ontdekt Vlaanderen (1971); Dickens, waar zijn uw spoken? (1972); Op reis rond de wereld en op Rottumerplaat (1972); Gesprekken met bekende Nederlanders (1972); Nagelaten werk (dit bestaat uit drie delen 1973-1974); Aforismen (1977).
Erik of Het klein insectenboek is een van de bekendste boeken van Godfried Bomans. Mr. Pieter Bas (1937) en het humoristische toneelstuk Bloed en liefde (1937) zijn natuurlijk ook heel bekende werken uit zijn studententijd.

Korte inhoud
Erik Pinksterblom probeert niet in slaap te vallen, omdat hij het gevoel heeft dat er wat bijzonders gaat gebeuren. Hij herhaalt in zin bed dingen uit " Solms' Beknopte Natuurlijke Historie", omat hij de volgende dag een proefwerk over de insecten uit dit boekje krijgt. Af en toe bekijkt hij het schilderij dat naast zijn bed hangt, schilderij "Wollewei", op dit schilderij zijn ook insecten te zien. In de slaapkamer van Erik hangen ook portretten van zijn voorouders. Opeens ziet hij, dat grootvader Pinksterblom beweegt en met hem begint te praten. Zijn grootvader vertelt hem, dat hij geen slechte dingen moet zeggen over zijn grootmoeder, omdat deze volledig geschilderd is en daardoor naar hem toe kan lopen en ontzettend kwaad kan zijn. Zijn grootmoeder komt naar hem toe en verteld, dat alle schilderijen in zijn kamer leven, ook schilderij "Wollewei". Erik wenst om daar eens naar toe te kunnen gaan en zijn grootmoeder wenst Erik zo klein dat hij door zich over de lijst heen moet zwaaien en zo in het zachte gras van het schilderij belandt. Als eerste ontmoet Erik Meneer van Vliesvleugel, een wesp. Deze wesp woont samen met zijn vrouw en zeven dochters in een roze bloem. De familie van Vliesvleugel vertelt dat ze van adel zijn en Erik meent te weten dat er ook mensen van adel zijn. Erik vertelt een heleboel dingen over de Nijvere Bij, dat niet echt gewaardeerd wordt door de wespen, omdat zij de bijen tot de verkeerde tak van de familie toedelen, omdat bijen tot de arbeidende stand behoort. Na het diner spelen Erik en de familie nog muziek, hierbij strijkt Erik een bromvlieg dood, die als basviool dient. Erik voelt zich na deze ongelukkige taferelen niet meer op zijn gemak en vliegt daarna met een hommel weg om een hotel te zoeken. De hommel houdt van filosofie en heeft ook een boekje over filosofie, dat "Schicksal der Gegenwart" heet, al heeft hij het boekje nog nooit gelezen. Als Erik moet afrekenen blijkt hij bijna niks te hebben, maar gelukkig is een klompje honing, dat hij had meegekregen genoeg te zijn. De eigenaar van het hotel blijkt een slak te zijn en het hotel zelf een slakkenhuis van een reuzenslak. Boven de deur hangt een naambordje zonder naam. De slak, die net zo langzaam praat als hij loopt, vertelt dat zijn broer dood was gegaan, omdat hij te veel bezig was met de naam van het hotel. Erik krijgt in dit hotel een kamer met een bed. Zijn kamer is vlak naast de kamer van de duizendpoot, die dubbel tarief moet betalen omdat al zijn schoenen elke ochtend gepoetst moeten worden. De volgende ochtend staan alle dieren, die in het hotel verblijven voor zijn deur. Ze zijn verbaast dat Erik weet wie ze zijn en wat ze doen. Erik wordt al helemaal bewonderd als hij weet dat de rups niet vermoord is, maar een pop is geworden en over enkele dagen als vlinder uit de pop zal komen. Op den duur willen alle insecten weten of zij alles wel goed doen, zoals in "Solms, Beknopte Natuurlijke Historie". Erik heeft het nu ook niet meer naar zijn zin in het hotel en besluit al snel te vertrekken met de vlinder. Omdat de slak geld wil hebben, betaalt Erik met enkele bladzijden uit "Schicksal der Gegenwart", die hij mee had gekregen van de hommel. Ondanks een waarschuwing van de glimworm, die de nachtdienst houdt, vertrekt Erik de volgende morgen met de vlinder op zoek naar de lijst van het schilderij. Ondanks dat ze zeer hoog vliegen zien ze de lijst niet, maar dat maakt hem eigenlijk ook niks mee ruit. De vlinder blijkt een "hij" te zijn, want de vlinder wordt verliefd op een vlindermeisje. Hij blijkt zeer verlegen te zijn en Erik vertelt dat zijn broer dat ook had. Samen met de vlinder schrijft Erik een gedicht. Na enkele dagen worden ze uitgenodigd bij de vlinderfamilie voor een diner. De "vlinder- vader" vindt het goed, dat zijn dochter gaat trouwen. Na de bruiloft vliegen de vlinder en het vlindermeisje weg en is Erik weer alleen. Erik heeft het ontzettend moeilijk in zijn eentje en begint er steeds hongeriger uit te zien. De insecten worden steeds brutaler tegen hem. Op een dag loopt hij in een spinnenweb, maar gelukkig kan hij zich losrukken en doodt hij de spin en valt zelf flauw. Als hij bijkomt staan er allemaal teleurgestelde doodgravers om hem heen. Gelukkig nodigt een van de doodgravers Erik uit voor een diner. De doodgraver woont diep onder de grond en in de gang liggen allemaal ledematen en skeletten. De vrouw van de doodgraver baalt ervan dat Erik nog leeft, maar is toch gastvrij en geeft Erik een gebraden paardenvlieg. Erik wordt verteld dat er in de buurt een dam is, waar de wereld ophoudt. Erik weet zeker dat dit de lijst moet zijn. Plotseling komt er een mol, die de doodgravers op eet. Erik is nu weer alleen en kan de weg naar de uitgang niet meer vinden. Een regenworm schiet hierbij te hulp, maar het dier kronkelt zo, dat het in de knoop komt te zitten. Erik is nog steeds in de gangen en komt een mier tegen en ze beginnen een gesprek. De mier komt er achter dat Erik de beroemde Erik Pinksterblom is en verteld aan Erik dat alle insecten het over hem hebben en dat ze allemaal willen weten wat er in "Solms' Beknopte Natuurlijke Historie" over hen staat geschreven. Erik belooft de regenworm, dat hij terugkomt om hem los te krijgen. Nadat Erik eindelijk uit de gangen is gekomen, gaat hij samen met de mier naar een mierennest. In het mierennest ligt alles al een tijdje plat. Al snel komt er weer rust in het mierennest. Erik komt er nu ook achter waarom Solms de mieren als voorbeeld van de mens beschrijft. Erik vraagt een leger van mieren om de worm uit de knoop te halen, maar als ze terugkomen blijken ze de worm in honderd stukjes te hebben geslacht. Erik geeft ze de toestemming het dier te braden en ten ere aan Erik wordt een groot "Noenmaal" gehouden. Tijdens de speech begint Erik ontzettend te huilen omdat hij heimwee naar huis heeft. De mieren hebben hem beloofd hem te helpen als hij eerst verteld wat er met hem gebeurt is. De volgende dag vertrekken de mieren en Erik op weg naar de lijst. De mieren blijken van oorlog te houden en ze lopen alles en iedereen ondersteboven. Ze komen een ander mierenleger tegen en Erik moet meevechten in het gevecht, hierbij wordt hij geraakt door een straal mierenzuur. Hiervan wordt hij wakker en de straal mierenzuur, blijkt een zonnestraal te zijn. Erik maakt het proefwerk slecht en zijn juf geeft een briefje voor zijn ouders aan hem mee, waarin staat, dat Erik andere dingen over de insecten vertelt dan dat erin Solms staat. Erik is nu groot geworden en met de raad: Vaart allen wel, houdt altijd de lijst in het oog en bekommert u niet te zeer om honing eindigt het verhaal.

Het vertelperspectief
Erik of Het klein insectenboek wordt verteld vanuit een hij- perspectief. Je komt wel alles van Erik te weten en alles wat Erik denkt, doet en ziet. Dit is een onbetrouwbaar perspectief. Dit komt omdat door het personale perspectief (het hij- perspectief) de lezer gemanipuleerd kan worden.

De tijd en de ruimte
Het boek is in chronologische volgorde geschreven. Er zijn geen flash- backs en er is ook weinig tijdverdichting. Af en toe wel natuurlijk, bijvoorbeeld als hij van de wespen naar het hotel gaat. Dan zit hij bij een hommel op zijn rug. Ze hebben dan waarschijnlijk een gesprek over "Schicksal der Gegenwart". Maar hier kom je niets over te weten. Het verhaal speelt zich af in een nacht, maar in het boek zijn het een paar dagen.
Het boek speelt zich af op de kamer van Erik en in schilderij "Wollewei". Erik gaat op bezoek bij verschillende insecten. Op het einde van het verhaal bevindt hij zich vaak onder de grond.

De verhaalfiguren of personages
Erik is een rond karakter. Hij heeft verschillende emoties en hij beleeft verschillende dingen. Erik is een beleefde, gevoelige jongen. Als hij beslissingen moet nemen weet hij niet waarvoor hij moet kiezen, is hij onpartijdig.
De insecten in het boek hebben elk een negatieve eigenschap. Dit moeten de negatieve eigenschappen van de mens voorstellen. De wespen (de familie van Vliesvleugel) zijn verwaand, zij zijn van adel en zijn beter als de bijen: "het arbeidersvolk". De spin lijkt een heel lief beest, maar als je hem beter kent is het een gemeen, achterbaks beest. De worm is eigenwijs, hij denkt dat hij de weg wel weet (en dat hij nog veel meer weet), maar hij is er zo druk mee bezig dat hij in de knoop raakt. De slak denkt dat hij belangrijker is omdat hij naakt is: hij is mooi genoeg en hoeft daarom geen extra vel om. De mieren hebben alleen belangstelling voor hun eigen volk. Zij zijn tenslotte de sterkste dieren. Ook omdat zij een grote kolonie hebben voelen zij zich heel belangrijk.

De thematiek
Het thema van het boek is gebaseerd op een citaat van Leonardo da Vinci in een brief aan Gabriele Piccomini. Daarin staat het volgende: ' Non tutti siamo esiliati, viventi entro le cornici di uno strano quardo. Chi sa questo, vive da grande. Gli altri sono insetti.' 'Wij zijn alle ballingen, levend binnen de lijsten van een schilderij. Wie dit weet, leeft groot. De overigen zijn insecten.'
In dit boek is Erik dus eigenlijk de "grote" en de insecten zijn dus de "insecten". De insecten vragen alles aan Erik en hij weet alles van Solms. Er is dus eigenlijk niemand die alles weet.

De titel en het motto
De titel is Erik of Het klein insectenboek. De titel spreekt voor zich. Er zit geen achterliggende gedachte bij.

Stijlkenmerken
Godfried Bomans heeft niet echt een kenmerkende stijl.
Een typisch kenmerk van deze tijd was wel, dat er memoires geschreven werden. Dit boek kun je beschouwen als een soort memoires. Godfried Bomans schrijft over de insecten die Erik allemaal ontmoet. In een memoires wordt ook beschreven wie de schrijver allemaal ontmoet heeft in zijn eigen leven en hierbij besteedt hij dan meer aandacht aan degenen die hij ontmoet heeft, dan aan zichzelf.

De plaats in de literatuurgeschiedenis
Dit boek is geschreven in 1941. Dat was dus in de tweede wereldoorlog. In de periode van 1930 tot 1945 was in de literatuur sprake van een sobere, nuchtere en zakelijke manier van schrijven. Ik vind dat deze manier van schrijven niet in dit boek terug te vinden is. Het is een fantasie- boek en het is niet op een nuchtere manier geschreven.
Maar ook een kenmerk van deze tijd (volgens Sigmund Freud) was dat het surrealisme meer tot uiting kwam. De surrealisten meenden dat de kunstenaar (in dit geval de auteur) alleen via zijn onderbewustzijn kon ontsnappen aan de dagelijkse werkelijkheid en kon doordringen tot een hogere realiteit. Het onderbewustzijn laat volgens Sigmund Freud zien hoe mensen werkelijk zijn. Dit vindt je ook terug in Erik of Het klein insektenboek. Hierin laat Godfried Bomans de karaktertrekken van mensen terugkomen in het gedrag van de insecten.

De kritiek van recensenten op dit boek:
Recensent: Onbekend
Publicatiedatum: 23-02-1941
Bron: De Tijd
Recensietitel: Het klein insectenboek: Humor van Godfried Bomans.

De recensent begint met een verhaal over Pieter Bas; een eerder uitgebracht werk van Godfried Bomans. Hij schrijft hierover: "Pieter Bas was een leuk boek en een prettig boek, maar juist iets te weinig boek. Het bleef een bundel grappige bijdragen, waarvan desnoods een deel kon worden gemist, zonder dat het geheel minder volledig werd, terwijl het anderzijds vatbaar was voor eindelooze uitbreiding. Op de manier, waarop Bomans het deed, kon men pret maken tot in het onbegrensde."
Dit was de mening over het eerste werk van Godfried Bomans.
Godfried Bomans liet bij uitgeverij Spectrum en nieuw boek publiceren, getiteld "Erik of het klein insectenboek". De mening van de recensent over Erik of het klein insectenboek:
"Godfried Bomans liet een nieuw boek verschijnen wat eventjes den indruk wekt, en parodie te zullen worden op "de Kleine Johannes" van Frederik van Eeden, maar dat al spoedig een eigen richting inslaat en dan bijzonder onderhoudend wordt. Het heet Erik of het klein insectenboek en verhaalt de fantasieen van het knaapje Erik Pinksterblom.
De recensent vergelijkt het boek dus een beetje met "De kleine Johannes" van Frederik van Eeden. Maar ook vergelijkt hij het met een uitspraak die de dichter Eduard Hoornik doet over de poezie. De recensent zegt hierover het volgende:
"Eduard Hoornik, de dichter, heeft onlangs de nieuw poezie gekenteekend als een "psychisch en plastisch droom- realisme", hetgeen ongetwijfeld een welluidende kenteekening is. Zelfs voor de poezie. Maar wanneer men bij toeval zoou willen kennismaken met een psychisch en plastisch droom- realisme, moet men "Erik" van Godfried Bomans lezen, want dit is het, maar het is bovendien leuk."
Ook zegt de recensent iets over de inhoud van het boek. Hierover is hij ook heel positief.
" Het onverwacht grappige blijft het fort van dezen geestigen schrijver. In de dierenwereld heerschen dezelfde omgangsvormen als bij menschenfamilies. Dit ter karakterisering van dolle invallen , waarmede Bomans ons bladzijde na bladzijde amuseert. De wijsheid van hommel en slak worden hem aanleiding tot speelsche variatie op het thema, dat hij had gekozen en telkens verrast ons een leuke zet zoodat wij met plezier verder lezen. Het is geen buitengewoon verhaal, nog minder is het een "uniek" meesterwerk. Maar waarom zou het dit allemaal moeten zijn? Het verhaal blijft op een goede toonhoogte en vindt een passend slot, wanneer Erik , die zoo lang onder de insecten heeft geleefd en hun manier aan doen heeft waargenomen, bij het proefwerk een onvoldoende cijfer krijgt voor zijn dierkunde, omdat zijn ideeen niet overeen komen met het boekje van Solm, Dit is een vondst, die het talent van Bomans alle eer aandoet. Hiermede komen wij in de wereld van de werkelijkheid terug op een gepaste wijze: wij ontdekken haar innerlijke scheefheid, veroorzaakt door vooropgezette gedachten. Ga eerst zelf maar eens kijken hoe de menschen zijn wil de auteur ons voorhouden en daarna is het nog tijd genoeg voor mooie theorieen. Deze grondgedachte werkt hij vlot en geestig uit in een amusant en afwisselend droomverhaal, vol studentikoze invallen en dwaze grapjes.
Als slot tot deze recensie schrijft de recensent:
" Men koopen en leze het, omdat het bezit en het genot van dit werk plezierig zijn, doodgewoon, oprecht en inderdaad plezierig. Niet meer. Niet minder. Het is waarachtig niet weinig, iets te kunnen schrijven, dat echt plezierig is.

Recensent: Onbekend
Publicatiedatum: 80-02-1941
Bron: NRC
Recensietitel: Gaat tot de mieren: Godfried Bomans. Erik (of het klein Insectenboek).
Deze recensent prijst het boek niet zo aan als de vorige recensent. Ik kan geen echte positieve uitspraak vinden in deze recensie. Het is ook niet echt negatief geschreven. Deze recensent schrijft het volgende:
"Het thema van het boek van Godfried Bomans toont wel aan dat dit werk op het eerste gezicht niet een mengeling van sprookje en fabel, niet voor zeer jonge lezers is bestemd, al zal de jeugd boven veertien jaar dit boek zeker met vermaak en profijt kunnen lezen."
Dit is dus niet negatief, maar er komt ook niet echt een duidelijk overtuigende mening naar voren.
Over de inhoud van de recensie heeft deze recensent ook een duidelijke mening:
"Het is moeilijk, met een woord den letterkundige aard van dit boek duidelijk te maken. De benaming allegorie voldoet nog wel het beste, vooral omdat daardoor ook de didactische, de onderwijzende strekking van het werk wordt aangeduid. De allegorische figuren zijn echter stedemaagden noch riviergoden, schalksche qupido's noch wreede schikgodinnen; het zijn spinnen, wespen, vlinders, doodgravers en wormen. Met deze insecten ontstaat een feller, venijniger, nerveuzer atmospheer dan met de figuren van renaissance of klassieke oudheid. Wat de strekking betreft is het er te vergelijken met het groote voobeeld voor alle zinnebeeldige dieren- verhalen: de Reinaert.
De recensent heeft het ook over de manier van schrijven. Hierover is hij weer onduidelijk in zijn mening.
" Het komt ook overeen met den didactischen aard van de allegorie, dat een zekere schoolscheid en opzettelijkheid heel dikwijls den dichterlijken inval tot schoolmeesterachtig lesje doen uitdijen en herhaaldelijk kan men waarnemen, dat de fatale grens tusschen het vindingrijke en het gezochte, ten gevolge van te veel bedenksel en te weinig dichterlijke scheppingskracht, in de richting van het minst aantrekkelijke gebied overschreden is. Zulke grensschendingen hebben wij ook in het boek van Godfried Bomans waargenomen, maar zijn waren van te onbeteekenenden aard, dan dat er voor een oorlogsverklaring aan zijn werk reden zou zijn; eerlijkheidshalve moeten wij zelfs erkennen, dat deze schrijver van nature meer geneigd is de grens in de goede richting te overschrijden: van het gezochte en opzettelijk bedachte , maar het speelsche, het met kunstenaarsgeluk gevondene."

De eerste recensent was zeer positief over het boek. Er was niets zeer negatiefs te lezen in zijn recensie. Hij vergeleek het met "Pieter Bas" een eerder geschreven werk van Godfried Bomans en dit was volgens hem vele malen beter. Hij vindt het zelfs een aanrader om het te kopen.

De tweede recensent was minder positief over het boek. Maar ook deze recensent had niets negatiefs te melden. Ook al was deze recensent niet echt duidelijk over zijn mening.

Let op

De verslagen op Scholieren.com zijn gemaakt door middelbare scholieren en bedoeld als naslagwerk. Gebruik je hoofd en plagieer niet: je leraar weet ook dat Scholieren.com bestaat.

Heb je een aanvulling op dit verslag? Laat hem hier achter.

voeg reactie toe

5849

reacties

mag ik vragen hoe je aan de recensies komt? ik kan er namelijk geen een vinden. bij voor baat dank.
door Marjolein (reageren) op 24 augustus 2004 om 17:03
@Marjolein: uit een krant of zo natuurlijk
door ik (reageren) op 19 mei 2014 om 13:05

Welkom!

Goed dat je er bent. Scholieren.com is de plek waar scholieren elkaar helpen. Al onze informatie is gratis en openbaar. Met een profiel kun je méér:

snel zien welke verslagen je hebt bekeken
de verslagen die je liket terugvinden
snel uploaden en reacties achterlaten

Log in op Scholieren.com

Maak een profiel aan of log in om te stemmen.

Geef dit een cijfer

Hoge waardering

Dorine Juchzeker weten goedZeker Weten Goed
Gerrine 6e klas vwo7.2
Saskia van Beek 5e klas havo7.0
Carlijn 5e klas vwo6.9
Lars van Eesteren6e klas vwo7.0
Annemeijne de K.3e klas vwo8.4
Meer verslagen ›

Nederlands

Wat zou volgens jou meer aandacht moeten krijgen binnen het vak Nederlands?
  • Literatuur
  • Eigen verhalen kunnen schrijven!
  • Uitdrukkingen/spreekwoorden
  • Het nieuws

  • Spelling
  • Grammatica
  • Woordenschat
  • Het lezen en begrijpen van teksten
  • Het schrijven van zakelijke teksten
  • Het schrijven van fictie
  • Mondeling taalgebruik
  • Creatief taalgebruik
  • Taalwetenschap
  • Digitale geletterdheid en mediawijsheid
  • Om je eigen optie toe te voegen heb je een profiel nodig. Klik hier om een profiel te maken.