Ben jij weleens opgelicht?

Wij doen onderzoek naar online oplichting onder jongeren. Vul de vragenlijst in (ca 5 min) en maak kans op een Bol.com bon van 25 euro (echt waar!)

Noem geen namen door Astrid Sy

Zeker Weten Goed
Foto van een scholier
Boekcover Noem geen namen
Shadow
  • Boekverslag door een scholier
  • Zeker Weten Goed
  • 14 juni 2021
Zeker Weten Goed

Boekcover Noem geen namen
Shadow
Noem geen namen door Astrid Sy
Shadow

Oefenen voor je mondelingen?

Komen je mondelingen er aan en wil je oefenen? Probeer onze Boekenquiz. We stellen je open vragen over de gelezen boeken.

Feitelijke gegevens

  • 1e druk, 2021
  • 435 pagina's
  • Uitgeverij: Luitingh-Sijthoff bv, Amsterdam

Flaptekst

Rosie is kinderverzorgster en woont bij haar ouders in een levendige joodse buurt in Amsterdam. Kaat studeert rechten en heeft een moeizame relatie met haar rijke, kille ouders. Dan breekt de oorlog uit. Kaat komt in aanraking met een studentengroep in Utrecht, waar ze de stoutmoedige Josephine leert kennen. Onder het oog van de Duitse soldaten beginnen de drie jonge vrouwen in het diepste geheim met het redden van joodse kinderen. Wat volgt is een gevaarlijke weg…

Eerste zin

Rosie en Betje tilden de doos op en gaven die aan Kaat.

Samenvatting

Wanneer het steeds duidelijker wordt dat de Duitsers Amsterdam binnendringen om Joodse inwoners op transport te zetten, komt een aantal studenten in Amsterdam in actie. De joodse Rosie, Judith en Betje werken als kinderverzorgster in De Crèche, waar kinderen worden opgevangen die gescheiden zijn van hun ouders. Hun ouders zitten in de Hollandsche Schouwburg, vanaf waar ze op transport worden gezet naar de kampen. De kinderverzorgsters werken samen met Directrice Henriëtte, Walter Süskind (medewerker Joodsche Raad) en Raphaël Halverstad (medewerker Joodsche Raad) om de kinderen te verstoppen, laten ontsnappen en onder te brengen bij pleeggezinnen. Dit gebeurt allemaal onder de neus van Ferdinand aus der Fünten (ss-officier), wie een oude bekende van Süskind was.

Om dit te kunnen doen worden het Utrechts Kindercomité en de Amsterdamse Studenten Groep opgezet. Twee groepen studenten uit Utrecht en Amsterdam die de kinderen naar de pleeggezinnen brengen. Ze vervalsen persoonsbewijzen en verstrekken geld en voedselbonnen aan de nieuwe ouders, terwijl onder andere Kaat en Josephine het hele land doorreizen met de trein om de kinderen bij hun nieuwe adres af te leveren. Deze acties zijn niet zonder gevaar, want Duitse soldaten controleren de treinen en stations en soms komen ze op het nippertje door deze controle heen.

De dreiging van de Duitsers wordt steeds heviger en de studenten raken steeds verder verwikkeld in het verzet. Elke dag kan de laatste zijn, dus liefdes die er zijn bloeien snel op: Theun en Kaat geven toe dat ze verliefd op elkaar zijn en Ben en Rosie trouwen zodat ze hoe dan ook bij elkaar mogen blijven.

Uiteindelijk komt de dag dat ze de hele Hollandsche Schouwburg en Crèche komen leeghalen: Amsterdam wordt vrij van joden gemaakt. Een paar dagen en nachten doen de studenten en kinderverzorgsters er alles aan om zoveel mogelijk kinderen te laten onderduiken voordat de gebouwen echt worden gesloten.

Kaat en Josephine worden opgepakt en verhoord over het verzet. Blijkbaar wisten de Duitsers precies wie ze moesten hebben en wat ze hebben gedaan, maar ze houden hun mond. Kaat en Josephine komen samen in kamp Vught terecht, waar ze dapper proberen te overleven. Ze horen de geallieerden steeds dichterbij komen. Kaat is gescheiden van Theun en dat vindt ze vreselijk, maar de gedachte aan hem houdt haar op de been: ze hoopt dat ze hem ooit weer zal zien. Vlak voordat kamp Vught wordt bevrijd, wordt het kamp leeggehaald. Kaat en Josephine worden naar een ander kamp, Ravensbrück, gebracht. Hier proberen ze zo snel mogelijk een nieuwe kampfamilie te vinden. De kampfamilie vinden ze bij een stel mede-Nederlanders, namelijk: Dorien, Bep, José, Miep en Katrien. Samen doen ze er alles aan om te overleven. Na een tijd wordt Josephine ziek. Ze lijdt aan vlektyfus en moet naar de ziekenboeg, waar de meeste vrouwen niet meer van terugkomen. Vlak voordat de geallieerden het kamp komen bevrijden, helpt een bevriende arts door Kaat te waarschuwen dat ze Josephine uit de ziekenboeg weg moet halen. Dit doet ze en ze helpt Josephine de laatste appéls door. Josephine heeft het eigenlijk al opgegeven, maar Kaat weet haar telkens te overtuigen om vol te houden. Dan komt de bevrijding: witte busjes van het Zweedse Rode Kruis komen de vrouwen ophalen om ze naar Denemarken en dan Zweden te brengen. Daar blijven de vrouwen in quarantaine tot alle ziektes zijn bestreden en daarna mogen ze naar huis, naar Amsterdam.

Ben en Rosie zijn tijdens de oorlog ondergedoken bij meneer en mevrouw Wies, een heel strikt en gelovig gezin. Vervolgens duiken ze onder bij meneer en mevrouw Peters, dichtbij Arnhem. Wanneer de geallieerden Nederland bevrijden staan ze op de daken te juichen om de voedselpakketten te ontvangen. Al gauw verhuizen ze samen terug naar Amsterdam, naar een klein appartement.

Na de bevrijding vinden de studenten elkaar langzaamaan weer terug, maar de wonden zijn diep. Kaat komt erachter dat haar geliefde Theun een paar dagen tegelijkertijd in kamp Vught heeft gezeten, maar ook dat hij daar is omgekomen. Ze is ontroostbaar en vraagt zich af waarom het leven nog zin heeft. Iedereen heeft moeite met begrijpen hoe ze nu verder moeten, maar gelukkig zijn ze vrij.

Personages

Kaat (Katharina) van Bronkhorst

een studente uit Utrecht. Ze komt uit een rijke familie en ze heeft geen goede band met haar ouders. Haar vader heeft een hoge functie bij het spoor, dus mag Kaat gratis met de trein door Nederland reizen. Haar ouders vinden het vreselijk dat Kaat bij het verzet zit. Ze regelt dat Josephine onder een schuilnaam bij haar ouders kan onderduiken (zonder dat zij dit weten) en sleept haar zieke vriendin door de laatste weken in het kamp. Ze overleeft de oorlog, maar moet helaas haar geliefde Theun missen.

Rosie (Rosa) Meijer

een kinderverzorgster in de Crèche. Ze komt uit een joodse familie en moet op een gegeven moment gele sterren op haar kleding dragen. Omdat ze in de crèche werkt is ze vrijgesteld van deportatie. Haar familie wordt wel op transport gezet, ondanks dat Rosie heeft aangedrongen dat ze moeten onderduiken. Ze overleeft de oorlog doordat ze samen met haar man Ben onderduikt.

Josephine

een pittige tante en de beste vriendin van Kaat. Samen reizen ze heel Nederland door om de kinderen onder te brengen bij pleeggezinnen. In kamp Ravensbrück lijdt ze aan vlektyfus, maar ze overleeft de oorlog.

Judith en Betje

kinderverzorgsters in de Crèche. Ze helpen mee met het verstoppen en laten ontsnappen van kinderen uit de Crèche.

Anne

Huisgenoot en goede vriendin van Kaat

Theun Klaassen

de grote liefde van Kaat en leider van de verzetsgroep in Utrecht. Hij reist vaak mee met Josephine en Kaat zodat hij bij Kaat kan zijn. Hij heeft connecties door het hele land, bijvoorbeeld de familie Schutte. Helaas blijkt de familie Schutte het voor het geld te doen en verraden ze de verzetsgroep wanneer ze de kinderen bij hen weg willen halen.

Ben

de grote liefde van Rosie. Hij werkt ook mee in de verzetsgroep en hij wil koste wat kost Rosie bij zich houden.

Japie

Japie is een vriendelijke jongen en werkt ook mee in de verzetsgroep. Hij wordt in Utrecht vermoord bij de schuilplaats waar ze later zouden vergaderen. Dit zet iedereen op scherp, omdat ze merken wat er echt op het spel staat.

Pim en Ted

regelen de valse persoonsbewijzen, voedselbonnen en geld voor de pleegouders.

(Ferdinand) aus der Fünten

de SS-officier die de transporten vanuit de Hollandsche Schouwburg regelt. Hij kent Walter Süskind van vroeger, en heeft daardoor niet door dat er onder zijn neus veel kinderen worden weggehaald.

Walter Süskind

hij is een medewerker van de Joodsche Raad. Hij kent aus der Fünten van vroeger, waardoor het mogelijk wordt om kinderen onder zijn neus te laten ontsnappen.

Henriëtte Pimentel (de Directrice)

de directrice van de Crèche. Zij kiest Rosie, Betje en Judith als afdelingshoofden van de Crèche en zorgt ervoor dat er een heleboel kinderen kunnen ontsnappen.

Quotes

"Ze willen dat we samenwerken, zodat er een echte afdeling komt in Amsterdam, die de toevoer naar Utrecht kan regelen." Bladzijde 90
"Kunnen jullie hem wegkrijgen? Vroeg mevrouw Grossman met een Duits accent. Dat willen we proberen, ja. Waarheen? Rosie schudde haar hoofd. Daar kan ik niets over zeggen." Bladzijde 126
"Zijn ouders hebben toestemming gegeven. We laten hem toch niet tegen de wil van zijn ouders in op transport gaan?" Bladzijde 211
"Tijd om ze allemaal te troosten was er niet. Binnen een paar dagen waren ze toch weer weg en werden ze vervangen door een nieuwe lading angstige en verwarde kinderen die riepen om hun papa en mama." Bladzijde 269
"Maar Josephine rolde met haar ogen en reageerde niet meer. Wanhopig probeerde Kaat haar overeind te houden." Bladzijde 394

Thematiek

Tweede wereldoorlog

Het verhaal speelt zich af ten tijden van de Tweede Wereldoorlog. Je leest hoe een groep studenten deze tijd beleeft.

Verzet

De studenten in het verhaal beginnen een verzetsgroep om Joodse kinderen te redden uit de handen van de Duitsers.

Motieven

Liefde en vriendschap

Liefde en vriendschap staan centraal in dit verhaal. Het is veelal een reden om niet op te geven, maar ook een bron van goede connecties om de kinderen onder te brengen.

Vertrouwen

De acties van de studenten zijn volledig gebaseerd op het vertrouwen in elkaar en de betrokkenen. Ze maken bijvoorbeeld afspraken over wat ze te doen staat als ze worden opgepakt, en soms is er ruzie of wantrouwen doordat iemand is verraden. Telkens komen ze terug bij de conclusie dat ze elkaar moeten vertrouwen of er helemaal mee moeten kappen.

Motto

‘Ook vrouwen speelden soms een rol in de oorlog.’ L. de Jong, historicus en journalist (1914-2005)

Titelverklaring

De titel refereert naar het blindelingse vertrouwen dat de studenten van elkaar nodig hadden. Ze hadden met elkaar besproken dat het maximaal 24 uur zou duren totdat ze elkaar zouden verraden als ze opgepakt zouden worden. Je moest dus zo lang mogelijk geen namen noemen, zodat de rest tijd had om zich te verschuilen op andere plaatsen en het verzet door te kunnen zetten.

Structuur & perspectief

Het verhaal speelt zich in chronologische volgorde af vanaf april 1942 tot en met na de bevrijding in 1945. Per jaar is het boek opgedeeld in delen, en onderverdeeld in hoofdstukken per maand. Het verhaal wisselt tussen de verhaallijnen van Kaat en Rosie, van wie je alles weet, ook hun gedachten.

Decor

Het verhaal speelt zich af in Amsterdam in Utrecht ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, specifiek 1942 tot en met 1945. Delen van het verhaal spelen zich af door heel Nederland bij het onderbrengen van de kinderen of het opgesloten zitten in kamp Vught. Voor de bevrijding komt zitten Kaat en Josephine in kamp Ravensbrück en als ze worden bevrijd, worden ze naar Zweden gebracht.

Stijl

De stijl van de schrijfster is heel helder. In het begin is het soms lastig om alle verschillende namen te onthouden, maar de verhalen en karakters worden steeds duidelijker. Het is een historische roman en er zijn veel historische personages en feiten gebruikt, waardoor het verhaal levensecht wordt.

Slotzin

Ze haalde diep adem, draaide zich om en liep naar huis.

Beoordeling

Het is een enorm spannend en ontroerend verhaal over de Tweede Wereldoorlog. Er wordt op een hele eerlijke manier beschreven hoe de studenten destijds de oorlog hebben ervaren en wat er allemaal op hun pad kwam. Het is een lang verhaal, maar zeker de moeite waard.

Je hebt nog 2 Zeker weten goed verslagen over.

Wil je onbeperkt toegang tot alle Zeker Weten Goed verslagen? Meld je dan aan bij Scholieren.com.

31.347 scholieren gingen je al voor!

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.