ADVERTENTIE
Waarom je twee keer per week een zelftest moet doen!

Ein-de-lijk mag je weer naar school! Zonder afstand, maar met gratis zelftesten. Maar waarom je twee keer per week een zelftest moet doen lees je in ons artikel! 

Feitelijke gegevens

  • 1e druk, 2021
  • 220 pagina's
  • Uitgeverij: Wereldbibliotheek

Flaptekst

Het is 1944. Willem, die thuis Kiendop wordt genoemd, woont in een volkswijk in Arnhem. Hij is veertien jaar oud, een nakomertje in een gezin met twee oudere broers en een zus. Zijn oudste broer heeft hij al vier jaar niet gezien, want die voer op zee toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. Wanneer de Slag om Arnhem begint, moet hij halsoverkop met zijn ouders huis en stad verlaten. Zijn moeder beweert dat het voor hooguit een weekje zal zijn, maar zijn vader en hij vermoeden dat het wel eens langer kan gaan duren. Er breekt een periode aan van ingrijpende gebeurtenissen die de rest van zijn leven zullen bepalen. Als hij uiteindelijk terugkeert naar de ruïnes van hun huis is hij vijftien en volwassen.
Een verrassend vertelde coming-of-ageroman, die gebaseerd is op het waargebeurde verhaal van jazzmusicus Willem Reinen.

Eerste zin

"Waar moeten we heen? Wat moet er allemaal mee? En hoe dan?"

Samenvatting

Deel 1 : Evacuatie
Na de verloren Slag om Arnhem (september 1944) moet het gezin Reinen evacueren. De Reinens woonden in de Vijverlaan in de Geitenkamp.  Ze moeten te voet  en nemen alleen het hoogst noodzakelijke mee.
Tijdens de voettocht denkt de 14-jarige Willem aan wat er de eerste vier jaar in de  oorlog is gebeurd. Zo heeft hij gezien dat bij hem in de straat een vierjarig meisje Sophie gedood werd bij een bombardement. Ze ligt op straat met slechts één klein gaatje in haar slaap.
Maar hij denkt ook aan een vriendje Arie Bennis dat hem geholpen had, toen hij bijna een zak illegale kolen verspeelde. En aan een verschrikkelijk meester de Bloednek, die schreeuwde en sloeg. Zijn vader was vroeger bij de Gele Rijders  (een infanterie-onderdeel), maar hij was er ontslagen.
Jan, de oudste broer van Wim,  is op de grote vaart en sinds de bezetting niet meer thuis geweest. Bertus werd opgeroepen voor de Arbeitseinsatz, maar weigerde dat en probeerde onder te duiken. Dan is er ook nog een getrouwde zus Agnes die verkering heeft met Otto en inmiddels zwanger is. Ze wonen in een boswachtershuisje. 

Deel 2: Inwonende vreemdelingen 
De drie evacuees  lopen niet naar Beekbergen waar het vriendje heen gaat. Ze lopen oostwaarts naar De Steeg en hopen bij een bakker te worden opgevangen. Maar die heeft al te veel mensen in huis genomen. Ze lopen door in De Steeg  waar een melkboer Ekkers hen opvangt. Maar de melkboer en zijn vrouw zijn allesbehalve vriendelijk en kijken op de familie neer. De sfeer is soms ijzig. De Ekkers doen het min of meer, omdat het opvangen als een gebod in de Bijbel staat. Ma en pa  doen klusjes als tegenprestatie. Waar ze eerst dachten dat de inwoning maar een paar weken zou duren, wordt dat enkele maanden. Ze maken de Hongerwinter mee. Bertus komt ook een keer langs op  de fiets. Hij zit ondergedoken in de NO-polder, bij een mooie meid van gereformeerde afkomst. Hij praat over seks met zijn jongere broertje.
Op een dag geeft Pa zijn favoriete  nagelschaartje aan Wim. Dat is heel bijzonder. Is er een sprake van een voorteken?

Deel 3 Pa
Op een dag komt de veldwachter Savelskous voor de deur. Hij heeft een slecht bericht. Er wordt veel voor Wim verzwegen, maar uiteindelijk blijkt dat vader zelfmoord heeft gepleegd: in een bos heeft hij zich opgehangen in een boom. Steeds meer details komen er los. Pa was op een middag naar hun oude huis aan de Vijverlaan gereden en hij had gezien dat er Duitsers in zaten. De moffen wilden hem doodschieten. "Hadden ze dat maar gedaan", zegt Agnes  Daarna was hij doorgereden naar het Rozendaalse Bos. 
Dit  hoofdstuk wordt vooral gevuld met herinneringen aan pa: zijn liefde voor paarden, zijn fysieke kracht: hij was nooit ziek, en het nagelschaartje.
Ma identificeert Pa. Wim is erbij als de verklaring wordt opgenomen door een ambtenaar. De dood is vastgesteld op 8 februari 1945. Bij de begrafenis zijn Jan en Bertus niet aanwezig, wel Agnes met haar dikke buik. Het gezin wordt steeds kleiner, beredeneert Wim. Het lijkt wel het verhaal van de tien kleine negertjes. 

Deel 4 Vrouwen
In dit deel wordt vooral de coming of age van Wim beschreven. Hij gaat uitkijken naar de groeiende borsten van meisjes (Lientje, Welmoed) en jonge vrouwen. Hij krijgt stijve piemels en masturbeert.
Agnes krijgt in die periode een kind. Een andere roodharige vrouw die met een kind ondergedoken zit bij de melkboer, wil Wim wel wat wijzer maken over de wereld van de seks, maar hij weigert. 
Ook komen er weer flashbacks van voor de evacuatie terug: het vertrek van Jan naar zee, het doorzoeken van het huis door de SS op zoek naar de ondergedoken Bertus en het oorlogsverhaal over de gezonken Duitse onderzeeër dat de kleine Wim moet vertellen aan twee meesters op het schoolplein, o.a. weer  de enge Bloednek. Wim kent dat verhaal, omdat hij naar de verborgen Radio Oranje luistert.

Deel 5 Einde
De oorlog vordert en de Duitsers lijden steeds meer verliezen. De Duitsers trekken weg en sommigen vragen onderdak bij de bevolking. Anderen stelen fietsen om weg te komen.
Dan ineens is er de bevrijding. Geallieerde tanks rijden de straten binnen. Meisje Welmoed loopt hand in hand met een Tommy. 
Wim krijgt nog een knallende ruzie met zijn moeder die achter een afzetlint (vanwege landmijnen) hout wil sprokkelen. Hij gaat uit zijn dak en scheldt haar uit.  Daarna zegt ze huilend alleen maar: "We gaan naar  huis."
Na de capitulatie worden Duitsers opgepakt en Wim vindt dat erg leuk. Hij haat de moffen. Hij wil graag terug naar Arnhem, maar het kan nog niet.

Personages

Willem

Willem Reinen is veertien jaar en hij is tijdens de laatste oorlogsjaren een opgroeiende puber. Zijn gezin wordt steeds kleiner. Er blijven eigenlijk twee mensen over: zijn moeder en hij. Hij observeert de mensen in zijn omgeving haarfijn, maar er zijn ook situaties die hij nog niet goed kan begrijpen. In het laatste oorlogsjaar ontstaat bij Willem ook een seksueel bewustzijn. Hij raakt verliefd op meisjes die volwassen beginnen te worden en hij fantaseert wat hij er mee zou kunnen doen. Willem heeft een enorme hekel aan de moffen, indirect zijn ze schuldig aan de zelfdoding van zijn vader. Willem mist zijn beide oudere broers. Met zijn zus Agnes die al getrouwd is en in de hongerwinter moeder wordt, is het contact wat minder. Dat hij bang is net na de bevrijding ook nog zijn moeder te moeten verliezen, blijkt uit het slothoofdstuk.

Ma

Willems moeder is een harde vrouw die door de oorlog een cynische kijk op de wereld maar ook op Willems pa heeft gekregen. ("Willem typeert haar misschien het beste met de metafoor "scheermesstem") Ze moet opgenomen worden in een kil gezin van een melkboer uit de streek, wordt met de nek aangekeken en doet huishoudelijk werk waarvoor ze weinig waardering krijgt. De zelfdoding van haar man is een grote klap, maar ze slaat zich er door heen en vindt daarna toch nog wat voldoening met het oppassen op haar eerste kleinkind. Dat ze enigszins verbitterd is, is wel verklaarbaar.

Pa

Pa was ooit onderdeel van de Gele Rijders, maar na de overname door de Duitse bezetters werd het korps opgeheven en werd Pa ontslagen. Ma was daarover nogal sarcastisch. Ze was immers met hem verloofd vanwege zijn fraaie pet. Hij werkte daarna in een stalhouderij en weer later in een elektriciteitscentrale, maar in september 1944 is hij werkloos. Hij pleegt zelfmoord door zich op te hangen, maar in het verhaal van Willem wordt niet duidelijk waarom. Is het zijn minder goede relatie met zijn vrouw in die periode, is het vanwege het gemis van zijn twee oudste zoons, is het de bezetting van de Duitsers in zijn huis of de periode van opvang in De Steeg? De zelfdoding blijft voor iedereen een raadsel.

Quotes

"Er lagen scherven op straat. Een eindje verderop, onder de lantaarnpaal, lag een bewegingloos kind in een jurkje, de beentjes recht, het gezichtje op de stoep alsof het voorovergevallen was."

Bladzijde 55

"Het huis van Ekkers ruikt naar zure melk, naar karnemelk en karnemelkse pap. De Ekkers zelf ruiken ook zo, alsof ze zich er 's ochtends mee wassen en alsof ze zich er daarna mee insmeren. De dekens daarentegen ruiken naar zoetigheid, zuurtjes. En mijn sloop ruikt naar augurk."

Bladzijde 66

"Hij (Bertus) zit ondergedoken in de Noordoostpolder, hij heeft verkering met een meid uit Kampen, zwaar gereformeerd, maar zo heet als een brood dat net uit de oven komt. Zij heeft ervoor gezorgd dat hij bij haar ouders kon onderduiken."

Bladzijde 80

"Mevrouw Ekkers dirigeert ma naar de divan. Daar valt ma om. Als een oude boom in de storm. Ze begint te brullen, ze slaat met haar vuisten op de vloer. Ze gaat helemaal kapot."

Bladzijde 112

"ik had de pudding moeten nemen en haar erbij. Dat had ik moeten doen. Ik krijg het aangeboden. Gratis en voor niets. En wat doe ik?"

Bladzijde 194

Thematiek

Puberleven en puberleed in de tweede wereldoorlog.
Willem Reinen is een puber. Hij is in 1940 tien jaar en wanneer het verhaalheden van de roman zich afspeelt (1944-1945) veertien jaar. Hij beschrijft wat hij meemaakt in de oorlog. Het gaat dan om de relaties in het gezin (moeder en vader lijken niet erg op een harmonieus stel. omdat moeder haar man nogal wat verwijt). Willem mist zijn broers Jan (grote vaart) en Bertus (ondergedoken). Op school heeft hij het ook al niet geweldig met een vervelende onderwijzer als Bloednek. Als hij veertien is, is hij getuige van de Slag om Arnhem. De Geallieerden lukt het niet om de stad in te nemen en de Duitsers keren terug. De inwoners worden geëvacueerd. Pa, ma en Willem gaan lopend naar het dorp De Steeg en krijgen onderdak bij een gereformeerde melkboer. Erg hartelijk worden ze niet ontvangen. Pa en ma worden genegeerd. Met vader die met zijn tijd niet goed raad weet, gaat het slecht. Als hij bij een bezoek aan zijn eigen huis ziet dat Duitsers erin wonen, pleegt hij diezelfde dag nog zelfmoord. Dat is een schrijnend verhaal voor Willem. Hij moet met zijn moeder mee om zijn vader te identificeren. Daarna zijn ze nog maar met zijn tweeën, want zijn zus Agnes is getrouwd en staat op het punt een kind te baren. Bij Willem ontwikkelen zich puberhormonen :hij heeft belangstelling voor de zich ontwikkelende borsten van meisjes uit zijn omgeving. Hij krijgt seksuele gevoelens. Maar direct na de komst van de Tommy's ziet hij dat het meisje op wie hij verliefd is aan de hand van een Engelse soldaat loopt. Willem is blij dat de oorlog is afgelopen, hij wil terug naar Arnhem. Hij heeft genoeg meegemaakt in die oorlogsjaren.

Motieven

Zelfmoord
Pa pleegt zelfmoord. Op een dag in februari 1945 doet hij zijn nette pak aan, rijdt naar de Vijverlaan in Arnhem en ziet dat het huis door Duitsers bezet is. Hij rijdt op de fiets door naar het Rozendaalse Bos, waar hij met ma vroeger wandelde. Hij klimt op zijn fiets en hangt zich op aan een boom.

Coming of age : seksueel bewustzijn
Bij de veertienjarige Wim ontluikt het seksueel bewustzijn. Hij denkt aan de meisjes met de groeiende borsten als Lientje en Welmoed. Hij masturbeert bij de gedachte die hij aan hen heeft. Ook is er een roodharige vrouw met een baby die ook bij de Ekkers onderdak vindt. Zij wil hem wel wat leren op dat gebied, maar Wim durft niet.

Hongerwinter
In het slechtste en laatste jaar van de oorlog zit de familie Reinen bij een melkboer. Het is hongerwinter en enkele kenmerken worden in deel 2 verteld. De melkboer is niet scheutig in het voorzien van etenswaren. Frapperend is ook het hoofdstukje "Mij hongert"

Religie
De Ekkers lijken alleen maar vluchtelingen te willen opnemen, omdat er een tekst uit de Bijbel is die dat van hen vraagt. (blz. 91:"De Ekkersen hebben ons opgenomen omdat God zegt: "En wanneer een vreemdeling bij u in het land als vreemdeling verkeren zal, gij zult hem niet verdrukken. De vreemdeling die als vreemdeling bij u verkeert, zal onder u zijn als een inboorling van u lieden: gij zult hem liefhebben als uzelf, want u bent vreemdeling geweest in Egypteland." Deze Bijbeltekst komt uit het Oude Testament, in Leviticus: 19: 33-34. Maar echt Christelijk is de houding van de familie Ekkers niet. Het zijn koude mensen die niets uitstralen. De vreemdelingen behandelen ze niet zoals ze hun eigen familie behandelen. Bovendien wil pa niet bidden voor het eten, wat de melkboer niet zo fijn vindt.

Broers
In het gezin van Reinen waren drie broers, maar in de laatste oorlogsjaren moet Wim het zonder broers stellen. In het begin van de oorlog is Broer Jan naar zee gegaan en het gezin heeft hem niet meer gezien. Bertus, de tweede broer, wil zich niet melden bij de Arbeitseinsatz en duikt onder. Eerst bij een zwaar gereformeerde vriendin in de Noordoostpolder, daarna bij een ander, maar Wim weet niet waar Bertus in de laatste oorlogsdagen zit. Het verhaal geeft daarop geen antwoord. Je weet als lezer ook niet of de beide broers nog leven.

Schoolleven
Summier geeft Willem aan dat hij niet graag naar school gaat. Dat komt met name door de leraar die hij de naam Bloednek geeft. Met de verteltechniek van "show, don't tell" geeft Willem aan hoe die leraar is.

Opdracht

Voor Willem

Titelverklaring

De jonge Willem Reinen wordt thuis Kiendop genoemd. Het verhaal speelt zich af in de oorlog en met name na de Slag om Arnhem. De titel is dus heel toepasselijk. We zien als lezer hoe de evacuatie van het gezin Reinen verloopt.  Kiendorp maakt dramatische dingen mee: het vertrek van zijn broers, de dood van een straatmeisje en de zelfmoord van zijn vader. Aaan de andere kant ontwikkelt hij zich op seksueel gebied.

Structuur & perspectief

De roman is onderverdeeld in vijf delen met een titel. Alle delen worden onderverdeeld in getitelde, heel korte hoofdstukken (de meeste van ongeveer één bladzijde,) Maar het meest bijzondere in die structuur is dat die hoofdsdtukken als het ware onderverdeeld zijn in korte fragmenten gescheiden door een witregel, waardoor de illusie wordt gewekt dat er sprake is van poëzie en de korte fragmenten als strofen kunnen worden gezien. Dat is vrij uniek. Het  verhaal leest o.a. daardoor als een trein en je vliegt door de geschiedenis van Wim Reinen van pakweg een driekwart jaar. Hij vertelt in de ik-vorm, afwisselend in de o.t.t en de o.v.t. 
Er is sprake van een niet-chronologisch verhaalverloop, want in de winter van 1944-1945 denkt Wim steeds terug aan de jaren van na het uitbreken van de oorlog. 
De bijzondere roman heeft een open einde.

Decor

Het verhaal is gemakkelijk te reconstrueren qua tijd. Het begint met de maand van de door de Geallieerden mislukte Slag om Arnhem (september 1944) en het einde van het verhaal is begin mei 1945. Er is dus sprake van een kleine negen maanden in de tijd. In de flashbacks gaat Wim terug naar 1940, toen de oorlog uitbrak. 

Het topografische decor is in eerste instantie de stad Arnhem. De familie woont in de Vijverlaan in de arbeiderswijk Geitenkamp. De inwoners van de stad worden na de Slag om Arnhem  geëvacueerd. De familie Reinen trekt lopend oostwaarts naar het dorpje De Steeg. Daar worden ze ondergebracht in het gereformeerde gezin van de Ekkers, de plaatselijke melkboer. Ze blijven er tot de Bevrijding.
Een belangenruimte is het Rozendaalse Bos waar Pa Reinen in februari 195 na het bezoeken van zijn bezette huis aan de Vijverlaan zelfmoord pleegt.

Stijl

De vertelstijl is sober en het verhaal wordt verteld vanuit een veertienjarige jongen. Dat betekent dat hij ook over dingen vertelt die hij zelf nog niet heeft begrepen. Dat levert boeiend proza op. Maar door de presentatie van de stof -korte alinea's als het ware in strofevorm- lijkt het verhaal ook op poëzie. Door deze stijl te kiezen en heel korte hoofdstukken (de meeste zijn slechts één pagina lang) vlieg je als lezer door deze tekst heen.

Janneke Holkwarda schrijft ook rake metaforen:
- (blz. 21: ""Ja", zei ma, "als jij nog bij de Gele Rijders had gezeten, dan hadden we die oorlog makkelijk gewonnen." Ma met haar scheermestong.")
- (blz. 23: "We schuiven mee in de lange slang die voortkronkelt door Arnhem.")
- (blz. 23: "Mijn ouders zakken als twee oude paarden door hun benen. Ik realiseer me ineens hoe oud ze zijn.")
- (blz. 71: "Ma heeft haar suikerstem na een paar dagen alweer opgeborgen, ze antwoordt met haar scheermesstem.")
- (blz. 88: "Pa kan het land omleggen alsof het door een broodmes gesneden is, kaarsrecht en in dunne plakken."
- (blz. 171: "Hoe gaat het nu met je moeder?" Ik ken haar niet. Ik zeg: "Dunne soep". Iets anders kan ik niet bedenken. Daarna moet ik hard lachen  om het antwoord dat ik net heb gegeven. Het gaat dunne soep met mijn moeder. Heel dunne soep.")

En ze verrast de lezer bovendien met mooie one-liners, als op blz. 140: "Aan Agnes heb ik niets, want wie vol is van nieuw leven heeft geen ruimte voor de dood."
(blz. 183 : Ik ben een volwassene in een kind."
Kortom, prachtige stijl.

 

Slotzin

De storm in mij komt tot bedaren, ik zie ma. Ze staat nog steeds bij dat witte lint. Ze huilt. "Kom", zegt ze. "Kom Wim, we gaan naar huis."

Bijzonderheden

1.Janneke Holwarda heeft het verhaal opgetekend uit de mond van Willem Reinen (1930), maar ze heeft naar eigen zeggen ‘de vrijheid gekregen en genomen om zijn verhaal te romantiseren.’ "Hij woont aan de andere kant van de wierde in ons dorp en maakte de 'Slag om Arnhem' mee. Ik had zijn oorlogsverhalen al vaak beluisterd. Toen besloot ik om hiervan een roman te maken.’’ Reinen die door diens vader steevast als 'Kiendop' werd aangeduid, stemde hiermee in.Ze heeft goed geluisterd naar de man uit haar dorp en vervolgens zijn verhaal een eigen vorm gegeven met ritmische herhalingen en sprongen in de tijd.

2. In deel III van de roman zegt Willem dat hun gezin na de dood van zijn vader net lijkt op de geschiedenis van de "Tien Kleine negertjes Negertjes." (Agatha Christie) Maar historisch gezien kan hij dat  in 1945 nog niet weten, want de Nederlandse vertaling van die roman verschijnt pas in 1948, dus drie jaar erna.

Beoordeling

Prachtige oorlogsroman over het leven van een veertienjarige jongen in de laatste oorlogsdagen in de buurt van Arnhem. Het gaat bij die beoordeling niet direct om de thematiek van de roman, want dit soort oorlogsboeken zijn natuurlijk in de loop der jaren meer geschreven. (Van het bekende kinderboek "Oorlogswinter" tot de toproman "De donkere kamer van Damokles").
De roman is wel bijzonder door de manier waartop Janneke Holwarda het verhaal vertelt. Zij gebruikt heel korte, getitelde hoofdstukken die uit poëtische strofen lijken opgebouwd. De opbouw is daardoor wat fragmentarisch geworden. De chronologie wordt door middel van korte anekdotes voortdurend doorbroken. Dat houdt de spanning erin.
Deze oorlogsroman is uitstekend geschikt voor scholieren van havo en vwo. De tekst is voor hen  heel toegankelijk en de thematiek (de coming of age) maakt het verhaal voor jonge mensen aantrekkelijk.
Een aanrader voor de literatuurlijst, niet in de laatste plaats omdat de aangeboden tekst door zijn bijzondere open bladspiegel snel kan worden gelezen.  

Recensies

"Janneke Holwarda heeft voor de roman Kiendops oorlog een bijzondere vorm gekozen. Het is proza, maar met een poëtisch karakter wat de vorm betreft: korte regels, witregels, waardoor de stukjes proza strofen lijken. Maar ook inhoudelijk doet het verhaal aan poëzie denken. Het is een vorm die we ook kunnen vinden bij Kreek Daey Ouwens, maar daar is er nog meer weggelaten, zodat lezers zich afvragen: is dit proza of poëzie? {....] De schrijfster heeft er voor gezorgd dat alles wat er gebeurt door de jongen, soms half begrepen, wordt waargenomen. Dit alles in nuchtere, sobere taal, maar de lezer maakt het niettemin belevend mee. Ik moest ook wel denken aan de vertelwijze van Marga Minco. Je zou kunnen denken: een verhaal over de oorlog vanuit een jongen van tien tot vijftien? Kan dat nog? Mijn antwoord is ‘ja’, omdat het zo indringend wordt verteld."
https://www.tzum.info/202...ps-oorlog/

"De schrijfster heeft er voor gezorgd dat alles wat er gebeurt door de jongen, soms half begrepen, wordt waargenomen. Dit alles in nuchtere, sobere taal, maar de lezer maakt het niettemin belevend mee. Ik moest ook wel denken aan de vertelwijze van Marga Minco. Je zou kunnen denken: een verhaal over de oorlog vanuit een jongen van tien tot vijftien? Kan dat nog? Mijn antwoord is ‘ja’, omdat het zo indringend wordt verteld."
https://jannekeholwarda.n...-je-vader/

"Wat opvalt, zijn de vorm en de toon. Holwarda (Emmen, 1953) gebruikt korte, in strofen opgeknipte hoofdstukken met staccato zinnen om over de vlucht voor het oorlogsgeweld te vertellen. Ze doet dat vanuit het perspectief van een 14-jarige puber, die in tegenstelling tot zijn moeder weet dat de evacuatie langer dan een paar dagen gaat duren. De lezer – dit boek is zeer geschikt voor scholieren – trekt mee naar het Noorden. Volgens zijn vader gaan ze naar Beekbergen, maar ineens slaat het gezin rechtsaf. Willem spreekt vader erop aan: ‘Wij buigen nu naar het Oosten’. Vader zegt dat hij zijn kop moet houden. Met elke stap neemt het vertrouwen af en groeit de onzekerheid."
https://jannekeholwarda.n...reddering/

Bronnen

Podcast 1 over de roman van Janneke Holwarda

https://jannekeholwarda.n...ps-oorlog/

Podcast 2 over Kiendops oorlog.

https://jannekeholwarda.n...-oorlog-2/

Interview in een streekcourant met de schrijfster over haar nieuwe roman.

https://het-westerkwartie...roman.html

Overhoor jezelf

De naam Kiendop is de bijnaam van Willem Reinen.
Bewering I : De roman wordt verdeeld in vijf delen met een titel.
Bewering II : De delen worden steeds onverdeeld in vijf hoofdstukken, eveneens met een titel.
Bewering III : Het verhaal wordt vooral chronologisch verteld.
Het verhaal is gebaseerd op een waargebeurd oorlogsverleden van de familie Reinen.
Bewering I : Willem vertelt in de ik-vorm.
Bewering II : Willem gebruikt zowel de o.t.t als de o.v.t
Een cruciaal motief in dit boek is de zelfdoding van Willems pa. Wat is de reden dat de vader dat doet?
Hoe lang is de vertelde tijd in het verhaalheden?
Het dorp De Steeg ligt heel ver van de wijk waarin de familie Reinen woonde.
Wat is het thema van de roman?
Welke motieven zie je in deze roman?
Meerdere antwoorden mogelijk
Welke van de onderstaande beweringen zijn kenmerkend voor de stijl van Holwarda in deze roman?
Meerdere antwoorden mogelijk
Bewering I : Willem is een stierlijk vervelend jongetje.
Bewering II : Willems coming of age is seksueel getint.
Bewering II: Willem is een heel gelovig jongetje.
Willems vader werkte vroeger bij de Gele Rijders. Wat was/ wie waren dat eigenlijk?
Welke beweringen over de familie Ekkers zijn waar?
Meerdere antwoorden mogelijk
Je hebt nog 3 Zeker weten goed verslagen over.

Wil je onbeperkt toegang tot alle Zeker Weten Goed verslagen? Meld je dan aan bij Scholieren.com.

46.499 scholieren gingen je al voor!

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit ZekerWetenGoed-verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.