Drugs

Beoordeling 5.1
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 2329 woorden
  • 27 mei 2002
  • 115 keer beoordeeld
  • Cijfer 5.1
  • 115 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!
Inhoudsopgave

Inhoudsopgave: blz 1
Voorwoord: blz 2 blz
Vragen en antwoorden: blz 3 t/m 10

Hoe is drugs ontstaan: blz 11
Hoe werkt drugs: blz 12
Waar komt drugs vandaan: blz 12
Door wie wordt drugs het meest gebruikt: blz 12
Heeft Nederland een drugsprobleem: blz 13

Hoe gemakkelijk raak je aan de drugs: blz 13
Wat zegt de wet over drugs: blz 14
Wat is het verschil tussen soft en hard drugs: blz 14





















Voorwoord:

Ik heb dit onderwerp eigenlijk niet zelf gekozen.
Ik moest een werkstuk maken over drugs en dat heb ik gedaan.
Ik vond het een leuk onderwerp omdat er heel veel over te vertellen was.
Ik ben van plan veel te leren omdat ik zeker weten tegen drugs ben.
Maar daarover meer in dit werkstuk.
In dit werkstuk heb ik de vragen beantwoord uit het boekje
“ Wat je kunt verwachten van blowen “,
Ook kun je in dit werkstuk lezen wat ik zelf van drugs vind.
Mijn eigen stuk tekst over blowen.


Vragen en antwoorden:

Opdracht 1:

1) Heb je zelf eens wat gelezen of gehoord over blowen?
 Ja, Ik heb in de 1ste klas ook een werkstukje moeten maken over
drugs en daar ben ik te weten gekomen wat de effecten er
van kunnen zijn en dat het slecht is voor je gezondheid,
dat je er verslaafd aan kunt raken.

2) Heb je wel eens iemand gezien die hasj of marihuana rookte?
 Nee, ik heb nog nooit iemand gezien die hasj of marihuana rookt.

3) Wat zou je graag willen weten over dit onderwerp?
 Wat de gevolgen kunnen zijn,
 Of het strafbaar is om te blowen,
 Hoe het is ontstaan,
 Welke soorten drugs je hebt,
 Hoeveel % van de Nderlandse bevolking blowt.

Opdracht 2:

1) Waarom denk je dat Marion trots is dat ze hasj op zak heeft?
 Om stoer te doen tegenover haar vriend.

2) Wat vind je ervan dat Marion hasj op zak heeft?
 Stom, maar ja ik kan niet bepalen wat zij moet doen en wat niet,
zelf zou ik het niet doen, het is haar eigen keuze.

3) Waarom wordt het gebruik van hasj vaak stoer gevonden?
 Omdat je zo in een groep hoort waar je vrienden ook in
thuis horen.

Opdracht 3:

1) Welke stof zit er in een cannabisplant?
 Deze plant bevat stof die THC bevat.
THC betekend: tetrahydrocannabinol.
De THC zit in de toppen van de vrouwelijke hennepplant.

2) Wat zijn andere woorden voor cannabis?
 Hennep.

3) Wat is het verschil tussen hasj en marihuana?
 Het verschil tussen beide drugs soorten is dat hasj softdrugs is en marihuana harddrugs.

Opdracht 4:

1) Wat is het verschil tussen softdrugs en harddrugs?
 Softdrugs zijn minder kwaad voor je gezondheid dan harddrugs.
 Het gebruik van harddrugs is tegn de wet, het is daarom zeer
strafbaar om hardrugs te gebruiken.

2) Welke 3 uitwerkingen kunnen genotmiddelen hebben?
 1 = vervovende werking
 2 = opwekkende werking
 3 = hallucinerende werking

3) Noem van elk soort uitwerking een voordeel en een nadeel?
1) voordeel = je voelt je er lekker door,
nadeel = je kunt er dronken mee worden en dan ga je raar doen.
2) voordeel = Je krijgt meer energie,
nadeel = Je voelt je slomer.
3) voordeel = Je voelt je lekker in je vel,
nadeel = Je ziet andere dingen.

4) Wat vind je belangrijker de voordeln of de nadelen?
 de nadelen omdat deze vervelender zijn voor je.

Opdracht 5:

Wat vind je van de effecten van blowen?
 Het kan gunstig zijn omdat je er je lekker bij voelt,
maar er is dan nog geen aanleiding om dat dan ook te gaan
doen.

Opdracht 6:

1) Hoe worden hasj en wiet gebruikt?
 Je kan het roken
 Je kan het eten door bijvoorbeeld spacecake
 Je kan het snuiven.

2) Welk nadeel heeft het eten van hasj?
 Je merkt het pas na een uur en daardoor is het effect van hasj
niet goed in te schatten, de kans dat je dan teveel neemt is
groter.

Opdracht 7:

Ik ben het oneens met de stelling: als je vrienden blowen kun je maar
beter meedoen, omdat het geen enkel nut heeft.
Je vriend/vriendin kan je er niet toe dwingen, als jij zegt nee, moet diegene zich er maar bij neer leggen.
Dwingen ze me te kiezen tussen hasj en het groepje verlaten dan kies ik het groepje verlaten en dan ziek ik wel andere vrienden.

Opdracht 8:

1) In nederland kan men gemakkelijk aan hasj en wiet komen:
Nadeel = steeds meer mensen gaan het gebruiken.
Voordeel = Ik kan niet zo snel een voordeel ervoor bedenken sorry.
2) Wat si belangrijker de redenen om niet of wel te blowen?
* om niet te blowen, er zijn zo veel redenen te bedenken om niet te blowen terwijl ik geen enkele reden weet om het wel te doen.

Opdracht 9:

1) Hoeveel procent van de jongens van 14/15 jaar gebruikte in 1988
hasj of wiet? En in 1992 ?
 in 1988: 3,5 %
 in 1992: 7,5 %

2) Hoeveel procent van de meisjes van 14/15 jaar gebruikte in 1988
hasj of wiet? En in 1992 ?
 in 1988: 3,4 %
 in 1992: 5 %

3) Kun je bedenken waarom er meer jongens dan meisjes blowen?
* Jongens doen het denk ik om stoer te doen tegenover de meisjes.

4) Er wordt sinds 1984 steeds meer geblowd. Hoe komt dat?
 Er worden tegenwoording steeds meer kinderen geboren die
Later drugs gaan gebruiken.

Opdracht 10:

1) Wat is in de Nederlandse wet het verschil tussen soft en
harddrugs?
 Harddrugs wordt harder aangepakt dan softdrugs.
De boete bij harddrugs ligt dan ook hoger als bij softdrugs.

2) Wat kan er gebeuren als je met hasj of wiet de grens over gaat?
 Dan kan de Belgiesche politie je oppakken.
In Nederland wordt je niet opgepakt als je minder dan 30 gram bij je hebt.
In de rest van Europa zijn er andere regels.

Opdracht 11:

1) Wat vind jij van de reden die Marion geeft om hasj te roken?
Flauwekul, er moet meer aan de hand zijn om te gaan blowen.

2) Welk risico loopt zij daardoor?
 zij loopt het risico dat haar vrienden/vriendinnen haar verlaten.

Opdracht 12:

1) Welke 2 risico’s vind jij het vervelendst?
 dat het angstige en verdrietige gevoelens kan veroorzaken,
 dat je concentratievermogen vermindert.

2) Geef bij elk risico een voorbeeld wat er fout kan gaan.
1ste: bijvoorbeeld als iemand die je dierbaar is opeens was
gestorven, dat je er net overeen was, die heriningen weer
naar boven komen.
2de : Dat je slecht punten haalt op school waardoor je blijft
zitten.

Opdracht 13:

1) Schrijf nog eens 2 redenen om te gaan blowen?
 Om nare heriningen te vergeten,
 Om te ontspannen,
 Uit nieuwsgierigheid.

2) Bedenk per reden wat je kunt doen om hetzelfde te bereiken
zonder dat je er hasj voor nodig hebt.
1ste: Door er met iemand over te praten die je begrijpt.
2de: ga eens lekker op vakantie en probeer daar wat uit te rusten.
3de: Vraag een aan iemand die je kent hoe haar/zijn eerste keer
was.

Opdracht 14:

1) Hoe vind je het dat Ronald de joint weigerd ?
 Ik vind het knap van hem, omdat de meeste jongeren dat niet
durven.


2) Helena vindt Ronald een ‘slappe hap’. Wat vind je van deze
opmerking van Helena?
 stom, iedereen mag zelf weten of hij/zij wilt blowen ja of nee.

3) Stel dat Ronald toegeeft en hasj probeert. Waarom denk je dan
dat hij toegeeft?
 Anders is hij bang dat zijn vrienden hem verlaten.

4) Stel dat Ronald geen hasj wil proberen. Geef hem een tip hoe hij
zich in deze situatie kan reageren.
 Ik denk tenminste aan mijn gezondheid!!!!!

5) Wat zou je doen als jij in zo’n situatie kwam?
 Ik zou zeggen: Ik denk tenminste aan mijn gezondheid!!!!

Opdracht 15:

Soms groeien vrienden uit elkaar omdat de één wel en de ander niet wil blowen.

1) Wat vind jij daarvan?
 Ik vind dat dat moet kunnen, die blower gaat maar naar een
groepje toe waarin jongeren zitten die ook blowen.

2) Zou je om die reden meeblowen of stoppen met blowen?
 Ik zou stoppen met blowen, als ik moet kiezen tussen mijn
vrienden en drugs kies ik mijn vrienden!!!

3) Stel dat iemand je een joint aanbied en je wilt weigeren, bedenkt
dan minimaal 5 antwoorden om te weigeren:
 Sorry, ik heb er net 1 op.
 Ik voel me niet lekker, ik ga even wat drinken,
 Nee, ik moet nu naar huis.
 Ineens heel hard gaan hoesten,
 Net doen of je het niet hoort en erngens anders over beginnen.

Opdracht 17:

1) Van welke genotmiddel kun je lichamelijk afhankelijk worden?
 tabak
 alcohol
 heroïne

2) Van welk genotmiddel kun je geestelijk afhakelijk van worden?
 tabak
 alcohol
 hasj
 wiet

3) Zou het jou ook kunnen gebeuren dat je afhankelijk wordt van een
Genotmiddel?
 Nee, ik zou voor geen goud een joint willen roken!!!!!!!! Of voor ieder ander genotmiddel.

Opdracht 18:

1) Wat kunnnen de oorzaken zijn van de problemen van Erika?
 een dierbaar iemand gestorven.
 Gaat slecht op school.

2)Door samen met haar naar hulp op zoek gaan die er gespecialiceerd in zijn.

Opdracht 19:

1) Wat is nu, nadat dit boekje behandeld is, je mening oevr het gebruik van drugs ?
 Ik blijf bij mijn mening dat drugs verboden moest worden!!

2) Bedenk voor jezelf of je een blower wilt zijn of niet:
 ABSOLUUT NIET!!!!!!!!!!!!!!

Mijn eigen stukje tekst:

Veel jongeren gebruiken drugs terwijl ze niet weten wat de gevolgen er van kunnen zijn.
In dit eigen stukje van mij zal ik een paar hoofdvragen beantwoorden:

Hoe is de drugs ontstaan?

Drugs bestaan al zeker 7000 jaar, misschien zelfs nog wel langer. Alle drugs komen oorspronkelijk uit de natuur:
*hasj van de hennepplant,
*cocaïne van de coca-plant.

Meestal werden de drugs vroeger als medicijn gebruikt. Er werd bijvoorbeeld in het Andes-gebergte op coca bladeren gekauwd om ademhalingsproblemen te voorkomen en ook werden de cocabladeren gebruikt als plaatselijke verdoving en pijnstilling.
Toch kwamen de ‘echte’ drugs pas rond de jaren ’50 en ’60 (de hippie- of nozemtijd genoemd) in Nederland. In het begin waren het eigenlijk alleen maar de Chinezen die drugs gebruikten.
Dat waren dan vooral LSD, marihuana en hasj.
Later ging het ook verder naar de Nederlanders.
In 1970 waren er echt heel erg veel mensen, die vooral amfetamine in de vorm van hasjiesj gebruikten, dat was toen eigenlijk de drug die heel populair was.
Begin 1990 werd pas de XTC heel erg populair, terwijl het gebruik van LSD verminderde.
Toen kwamen ook de paddo’s, smartdrugs, smartproducts en ecodrugs.
XTC werd eind 1800 pas uitgevonden.
Dat gebeurde in Duitsland (Darmstad) in een laboratorium voor geneeskrachtige middelen. Een of ander bedrijf wilde het als eetlustremmer in de winkel leggen, maar doordat het wat ongewilde bijwerkingen had, ging dit niet door.

Hoe werken drugs?

Drugs werken op drie verschillende manieren:
* stimulerend: als je stimulerende middelen gebruikt, heb je het gevoel dat je meer energie hebt en sneller op iets kunt reageren. Vooral bij tabak, koffie, speed en cocaïne is dit het geval.
* verdovend: van verdovende middelen word je heel kalm en ontspannen. De minder leuke dingen in je leven zijn niet meer zo belangrijk. Dit is vooral bij heroïne, alcohol en slaapmiddelen zo.
* bewustzijnveranderend: je stemming en waarneming verandert. De wereld om je heen ziet er opeens heel anders uit. Dit gebeurt vooral bij LSD, paddo’s en andere tripmiddelen.

Waar komt drugs vandaan?

Drugs komen oorspronkelijk uit de natuur.
Hasj en marihuana van de hennepplant.
Cocaïne wordt uit de bladeren van de coca-plant gehaald.
Sterke bewustzijnsveranderende drugs zijn bijv. sommige paddestoelen en sommige cactussen.
LSD, XTC, Valium en Seresta zijn in laboratoriums gemaakt.
Het langst geleden, waarvan we aanwijzingen hebben dat er drugs gebruikt werden, Coca-plant is 7000 jaar geleden.

Door wie wordt drugs het meest gebruikt en waarom?

Drugs word het meest gebruikt door jongeren in de leefdtijd van 16/17 jaar.
Er zijn genoeg redenen waarom jongeren drugs gebruiken:

 Om stoer te doen
 Ze vervelen zich
 Uit nieuwsgierigheid
 Om te ontspannen
 Om spanning te zoeken
 Om van de muziek te genieten
Heeft Nederland een drugs probleem?

Hier is een tabel over het aantal verslaafden:

Alcohol 39%
Heroïne 34%
Cocaïne 9%
Hasj en wied 6%
XTC 1%
Speed 1,6%
LSD 0,04%
Snuifmiddelen 0,03%
Medijnen 0,9%
Gokken 7%
Overige 1,4%


Hoe gemakkelijk raak je aan de drugs?

Hoe gemakkelijk je aan de drugs raakt ligt niet alleen aan de drugs zelf, maar ook aan je omgeving en aan jezelf.
Als je drugs gebruikt is het gevaarlijker om ze te gebruiken als je je rot voelt, want je kunt je dan nog rotter gaan voelen.
Mensen vinden het normaal dat er gerookt en gedronken wordt. Drugs worden veel gevaarlijker gevonden, ook omdat ze illegaal zijn. Het kan niet zijn dat je zonder dat je het echt wilt verslaafd raakt, want bij eenmalig gebruik kun je van geen enkele drug verslaafd raken.
Als je softdrugs gebruikt wil het niet zeggen dat je later ook verslaafd zal raken aan harddrugs.
Meestal is het wel zo dat als je softdrugs gebruikt je er steeds meer van gaat gebruiken. Dat komt omdat je lichaam steeds meer drugs nodig heeft om hetzelfde effect te krijgen. Het is ook meestal niet waar, dat anderen je verslaafd maken door bijvoorbeeld drugs in je cola te stoppen.

Wat zegt de wet over drugs?

De wet over drug heet de Opiumwet. In de Opiumwet zijn alle middelen opgenomen die als drug worden beschouwd. De meeste van deze middelen worden in de geneeskunde gebruikt. (Dit zijn vooral de verdovende middelen). De Opiumwet bestaat uit twee lijsten. Op lijst 1 staan de producten waarvan de overheid denkt dat ze de grootse risico’s vormen.
Voorbeelden hiervan zijn: heroïne, cocaïne, speed, LSD en XTC.
Op lijst 2 staan de producten waarvan de overheid denkt dat ze een minder groot risico vormen.
Voorbeelden hiervan zijn: Cannabis (hasj en weed) en slaap- en kalmeringsmiddelen
(Valium en Seresta)
Zowel voor de middelen van lijst 1 en 2 geldt, dat productie, handel en bezit verboden is. Het enige verschil is dat voor de middelen op lijst 1 zwaardere straffen gelden, dan voor die op lijst 2. Er geldt verder ook nog dat grootschalige productie eerder wordt aangepakt dan het bezit van kleine hoeveelheden.
Ook al gaat het om middelen die op lijst 1 staan.

Wat is het verschil tussen softdrugs en harddrugs?

De middelen op lijst 1 van de Opiumwet zijn ‘harddrugs’. Harddrugs zijn volgens de wet gevaarlijker dan softdrugs.
In werkelijkheid kun je niet zo gauw zeggen of het hard- of softdrugs zijn.
Er zijn gebruikers van softdrugs die zoveel gebruiken dat het wel “hard” gebruik genoemd zou kunnen worden.
Het omgekeerde komt ook voor hoewel “soft”gebruiken van harddrugs voor de meeste gebruikers moeilijk vol te houden is.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

A.

A.

Medijnen 0,9%

14 jaar geleden

R.

R.

ik heb hele maal niks aan je verslag ge had wel jammer want het is best wel goed

doei

19 jaar geleden

M.

M.

hey ik heb echt veel gehad aan dit het waren de zelvde opdrachten bedankt

18 jaar geleden

A.

A.

ik zoek een normale spreekebeurt niet met vragen maar toch leuk gedaan :)

11 jaar geleden

H.

H.

3) Wat is het verschil tussen hasj en marihuana?
? Het verschil tussen beide drugs soorten is dat hasj softdrugs is en marihuana harddrugs.

marihuana is ook softdugs.

8 jaar geleden

D.

D.

dankje, heb er veel aan gehad

8 jaar geleden