ADVERTENTIE
Wil jij exposeren in het Rijks?

Heb jij een goed oog voor mooie beelden? Het Rijksmuseum zoekt jonge fotografen die hun talent durven laten zien. De prijzen: een tentoonstelling in het Rijksmuseum en je eerste betaalde foto-opdracht! Klik voor meer info over het thema en de wedstrijd.

Meer info

Wat zijn heksen?



De meeste mensen denken dat heksen enge vrouwen zijn met een puntmuts een wrat op hun neus en die vliegen. Heksen betoveren ook geen mensen. Heksen zoals wij denken is fantasie heksen zijn gewoon mensen die van de natuur houden, en proberen balans te vinden tussen goed en kwaad.

Heksen vieren ook feesten net als wij maar alleen dan wat anders als hoe wij dat doen. Die feesten worden Sabbats genoemd en Esbats (zie hoofdstuk ....) dat zijn jaarfeesten en maanfeesten. Er zijn acht jaarfeesten, elk bij een verandering in de natuur. Dat betekent dat als er iets nieuws ontstaat in de natuur, houden ze daar een feest over. Zo is er een feest dat Yule heet, op 21 december. Ze houden hier een feest over omdat de nacht lang is en de dag kort. De winter word dat gevierd.

De Esbats is een maanfeest, die word alleen gevierd als er volle maan is. Dan is de maan op z’n grootst.



Vroeger waren er bijna alleen maar vrouwen die kennis hadden van de natuur. Deze kennis werd van moeder naar dochter doorgegeven. Vandaar dat de mensen denken dat alleen vrouwen heksen zijn. Dat is niet waar, want mannen kunnen ook heksen zijn. Al worden die meestal tovenaars genoemd. Aan de buitenkant kun je niet zien of een heks een heks is.

Heksen hebben een gezin en een gewone baan. De meeste heksen vinden het dan ook niet erg dat ze anders zijn dan de gewone mensen.

De meeste mensen weten niet wat heksen zijn.



Heksenproces



Een heksenproces/ heksenjacht is: dat iemand wordt verdacht als heks.



‘Gij zult gen heks het leven geven.”

Zo luidt een regel uit het Oude Testament (de Bijbel).

In 250 jaar, van 1450 tot 1700, werden honderdduizenden mensen van hekserij beschuldigd. Niemand wilde heksen in hun dorp. En iedereen dacht dat er overal heksen konden zitten. Vandaar dat veel mensen iemand anders er van beschuldigde dat diegene een heks was.

In geen enkel plaatsje in heel Europa deden mensen dit niet. Iedereen werd ervan beschuldigd: priester of bedelaar, koopman ofschoonhoudster, je kon het zo gek niet bedenken maar dan werd die bedelaar weer naar de rechter gestuurt.





Zelfs mannen werden beschuldigd, maar vrouwen nog meer. Want mannen kunnen alleen tovenaar zijn en geen heks.

Tocht werden ook vaak mannen aan de galg opgehangen of op de brandstapel gezet.

Hoewel héél weinig mensen echt aan magie deden, hadden de meeste slachtoffers van de heksenprocessen helemaal niet met hekserij te maken.

Vaak vonden heksenjachten plaats op een droge plek. Bijvoorbeeld waar een oogst was mislukt, een ziekte of oorlog was uitgebroken, het was vaak op uitgestorven plaatsen.



Als iemand was verbrand, of helemaal verteerd was van de galg, brachten mensen hun woede uit op de botten die van een heks, of een gewone mevrouw, over was gebleven. Ze vierden ook even feest omdat ze natuurlijk dachten dat er weer een heks weg was, terwijl het misschien wel een onschuldig vrouwtje was.



Heksenwaag

Om de schuld van een verdachte te bewijzen, bedachten heksenjagers een aantal vreemde proeven. Één daarvan is het wegen van een heks. De jagers dachten dat als heksen konden vliegen, heel licht moesten zijn.

De proef verschilde per gebied.

In het ene dorp woog de rechter de verdachte, en daarna moest de verdachte op een weegschaal gaan zitten, en als de verdachte zwaarder was dan de bijbel, die dus op de andere kant van de weegschaal stond, werd hij/zij opgehangen aan de galg of op de brandstapel gezet.



Geschiedenis van de heksen



Vroeger waren maar een paar vrouwen heksen. Maar al snel kon iedereen heks zijn. Als het twee keer niet regende kreeg iemand daar de schuld van. Als iemand dacht dat iemand een heks was, moest je naar de rechter. Dan vroeg de rechter of die gene een heks was. Natuurlijk zei iedereen ‘nee’.

Als je ‘nee’ zei werd je gemarteld net zo lang tot diegene toegaf dat hij/zij een heks was, en dan werd je verbrand op de brandstapel. Dat deden ze want dan dachten de mensen dat hij/ zij dan haar boze toverkracht verloor. Er waren ook nog andere dingen om een heks te herkennen een van die proeven heette heksenwaag.



HEKSENWAAG

De heksenwaag was een grote weegschaal waarop mensen werden gewogen. Men geloofde namelijk dat heksen konden vliegen. Dus dachten ze dat de heksen wel heel licht moesten zijn (wat niet zo is). De mensen die beschuldigd werden moesten op de weegschaal staan. De heksenwaag stond in Oude Water. De beschuldigde werd in haar hemd gewogen. Als ze minder dan vijftig kilo woog was ze een heks, als ze meer dan vijftig kilo woog dan was ze geen heks. Voor zes gulden en tien stuivers kreeg ze dan een brief waarin stond dat ze geen heks was.

In Oude Water is nog nooit iemand te licht geweest.

Je kunt je zelf daar ook nog wegen, maar wel voor de grap natuurlijk. Want heksen bestaan niet.



WRATTEN, MOEDERVLEKKEN, SPROETEN EN LITTEKENS

De heksenjagers waren mensen die naar heksen zochten, ze liepen de hele dag over straat en daarom dachten heel veel mensen dat deze jagers heksen waren. Als deze jagers een litteken op de wenkbrauw, een moedervlek in de nek, een sproet verborgen onder het haar, een wrat op het oor, een verkleuring onder het oog of een spleetje in de kin had, werd diegene vaak verdacht en moest dus mee naar de rechter.



Heksen in Afrika



In heel veel landen komt hekserij voor. Één van die landen is Afrika. De heksen die in Afrika wonen, deden lastig tegenover de mensen. Met woorden en gedachten. De heksen kwamen soms bij elkaar, op een avond. Dan aten ze mensenvlees. Hun helpers waren hyena’s maar ook uilen, apen en harige dwergen.

Heksen in Afrika werkten voor de boze geesten. Als er een ongluk was gebeurd, dan was het de schuld van de boze geesten.



In West Afrika leefde Azandi. Dat is een groep (stam) mensen. Ze (de Azandi) gaven vergif aan kippen, dan noemden ze een naam van iemand, als de kip dan gestorven was dan was de kip een heks. Er wordt dan op de grond een patroon gemaakt van meel. Op die plek verschijnt dan een geest.



Prikstokken

Een onmiskenbaar bewijs voor hekserij was dat de heks ergens op haar lichaam geen pijn voelde. Een verdachte werd uitgekleed en berwerkt met een puntig voorwerp, een prikstok. Een uit deze verzameling prikstokken leek op een theaterdolk: het mes verdween in het handvat als het tegen iemand of iets aan werd gedrukt. Enkele heksenjagers gebruikten ook dit soort prikstokken. Als ze zo’n prikstok in een verdachte staken, kwam er geen bloed en was dat dus de plek waar ze nooit pijn had.



Feesten die de heksen vieren

(ook wel Sabbat genaamd)



In de Wicca worden 8 jaarfeesten (ook wel sabbats genoemd) gevierd.

Deze feestdagen zijn onder te verdelen in 2 groepen, namelijk de 4 grote jaarfeesten en de 4 kleine jaarfeesten.

De 4 grote jaarfeesten zijn landbouwfeesten, ze vieren dit feest omdat er dan bijvoorbeeld graan is, dit zijn de oudste feesten. Hieronder vallen Samhain, Imbolc, Beltane en Lughnasadh.

De 4 kleine jaarfeesten zijn verdeeld onder de 4 seizoenen. De zijn Yule (winter), Ostara (lente), Litha (zomer) en Mabon (herfst).

De feestdagen worden ook wel Wiel van het Jaar genoemd

Door het vieren van deze feestdagen, worden heksen blij en denken ze weer goed over het leven om heks te zijn, want dat is natuurlijk een heel anders leven. De dag waarop een feestdag gevierd word licht eraan hoe de zon staat. Omdat dit niet ieder jaar precies hetzelfde is, kan het zijn dat de exacte datum een dag verschilt.



Beltane

Beltane is ongetwijfeld het grootste vruchtbaarheidsfeest die de jaarkalender kent. Rond beltane zouden kwaadaardige feeën ronddwalen, en meidoorntakken werden opgehangen boven drempels van huizen en stallen en gebonden aan de staarten van vee. Want de elfen en feeën zouden uit hun winterslaap zijn ontwaken en hun feest vieren.

Het meifeest is het feest van liefde, van paartjes en dat soort dingen.

Als teken hiervan werden niet enkel kampvuren gehouden, maar bijna elke dag. Er waren vaak mensen die andere mensen beschuldigden voor heks. Dus vaak gingen mannen naar het bos om de hoogste boom om te hakken. Alle kleine takjes werden er vanaf gehaald en de mannen zetten deze paal (meilpaal) naast de Kerktoren.



Ook in Engeland vinden de meivieringen nog steeds plaats, en ook in Engeland hakken mannen vaak bomen om als meilpaal. Meestal zet men de meilpaal in de aarde of een ketel met stenen en zand. Hierop ligt het jaarwiel waar witte en rode linten zijn aan verbonden.

Elk houd een lint vast (kinderen doen dit nog steeds) en draaien rond. Zodat degene die aan de meilpaal vast zit helemaal ronddraait.



Ostara

Ostara is het Keltische paasfeest. De mannelijke haas staat hier als brenger van de lente en was bij de Kelten een heilig dier, zoals de Indiërs de koe hebben. In alle Egyptische, Griekse, Perzische, Noorse en Keltische gebruiken is het schilderen van eieren een gebruik rond deze tijd.

De zaden in de buik van moeder aarde zullen weldra ‘openbreken’. Dag en nacht zijn in harmonie en even lang.

Het feest van Diana valt rond deze periode, en de Romeinen maakten tarwekoekjes voor haar met amandelpasta.

Pasen kent heel veel gebruiken, zoals het zoeken naar eieren, uitblazen en beschilderen ervan, maken van mandjes, kuikentjes en een paashaas knutselen.

Op het Ostara feest gaan we elkaar geluk brengen, we zorgen dat we eieren hardgekookt of uitgeblazen hebben en dit rood hebben geschilderd. [met verf of rode kool meegekookt]

Hierop hebben we wensen geschreven die we elkaar schenken, deze wordt in een mand geplaatst met een laken erover.

aan het einde van Pasen gaan mensen in de mans grabbelen en leest men elkaars wensen voor.



Imbolc

Imbolc betekent letterlijk “in de buik”, en dit verwijst naar onze moeder Aarde. Binnen haar, ontkiemen de zaden die zijn gezaaid, en daarna zullen groeien tot prachtige planten en bloemen.

De eerste sneeuwklokjes en krokussen zijn er al en kunnen de onschuld voorstellen op het altaar.

Het zou ook van Oimelc afkomstig kunnen zijn, wat schapenmelk betekent.

De figuur van dit voorjaarsfeest is Brigit, later omgedoopt tot Saint Brigit.

Voor haar maakt men een brigittabed en kruis. Deze godin is dan ook te gast op deze ploeg en zaaifeest.

In het midden van de cirkel staat een ketel met zand gevuld en de as van het Joelblok.

Hierin werpt elk covenlid wat pelt (het oerzaad) en doet een wens. Men kan ook een zaadje planten in aarde en dit laten groeien. Ook kan men koren plaatsen in de ketel met zand en rond de ketel dansen met het roepen van “Groei! Groei! Groei!”.

De drie godinnen kunnen vertegenwoordig zijn (maagd, moeder, wijze) die elk een drank aanbieden, zodat men kan proeven van wat men schenkt. De moeder die het kind baarde

laat je van mede proeven, een honingdrank, de wijze of crone laat je van haar wijn drinken, die in bitter is.



Yule

Hier verwijs ik naar de term midwinter of de langste nacht omdat het vooral een landbouw en lichtfeest is.

Het symbool van Midwinter is van de Eik en de Hulstkoning.

De vrouwen van het dorp verzamelden het graan en koren en bakten er koeken van.

Op het altaar staan ook maretak, hulst en klimop, taxus daar ze de symbolen hebben van eeuwig durende, blijvend groen.

De maretak is verboden aan de druïdenwereld,en het wordt opgehangen in huis. Hierover is het gebruikelijk iemand te kussen.

In het Christendom haalde men een groene boom binnen die men met appels versierde, later werden het bollen van hout en glas, een spar of kerstboom.

In Scandinavië viert men geen kerst maar het feest van Sint-Lucia,

deze heilige was de lichtbrenger. Tijdens de viering draagt men kronen van klimop waarop kaarsen branden.

In de donkere dagen was er ook plaats voor narren, om het seizoen wat op te

vrolijken, want op dit lichtfeest viert men de komst van de zomer, vanaf dan zullen de dagen verlengen.

Om deze strijd symbolisch uit te beelden houdt men een strijd tussen de Eik en Hulstkoning. De eik staat symbool voor opbouwende kracht en heerst van

midwinter tot midzomer. De hulst staat symbool voor de afbrekende kracht en heerst van midzomer tot midwinter.



Deze gebeurtenis vertaald zich ook naar een samensmelting, namelijk het joelblok. Dit is een volksgebruik waarbij men een stuk eikenhout, met enkele twijgjes hulst samengebonden met een rood lint verbrand.

Hierboven kan men springen en huppelen. De as van het joelblok gaat men gebruiken voor imbolc.


REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

M.

M.

heej sientje!!
wat leuk dat je mijn werkstuk op scholieren.com hebt gezet. k ben trots op je!!!
al is het niet mijn hele werkstuk maar dat boeit niet!!
LUF YA
doeg meikie
je lieve kleine zusje

15 jaar geleden