Wat houdt jeugdcriminaliteit in?

Jeugdcriminaliteit is een naam voor alle strafbare gedragingen voor jongeren tussen de 0 en 24 jaar. Vooral de groep jongeren tussen de 12 en 18 jaar is erg crimineel actief.

Die strafbare gedragingen kunnen erg uiteen lopen. Het kan zijn dat een kind snoepjes heeft gestolen in de supermarkt, maar het kan ook gaan over vandalisme, grof (seksueel) geweld en zelfs moord.
Jeugdcriminaliteit is al het gedrag dat schade en/of overlast voor personen en/of goederen tot gevolg heeft.

Kinderen en jongeren zijn opzoek naar hun grenzen en ze experimenteren met hoever ze kunnen gaan. Op zich is daar niets mis mee, tot ze te ver gaan. En te ver, kan ver over de streep zijn…

De oorzaken van Jeugdcriminaliteit

Er zijn veel oorzaken te bedenken die kunnen leiden tot criminaliteit. Vooral als je sociaal niet goed in je schoenen staat of niet lekker in je vel zit kun je sneller in aanraking komen met criminaliteit.
De oorzaken die we gaan behandelen zijn:

* Thuissituatie/Opvoeding.
* Groepsgedrag/Vrienden.
* Onderwijs.
* Psychische problemen.
* Invloed van bepaalde godsdiensten/Afkomst.

De thuissituatie en opvoeding
Als je aan een slechte thuissituatie denkt denk je aan dingen zoals: mishandeling, tienermoeders, alcohol/drugs gebruik van de vader/moeder, echtscheiding en/of gebrek aan aandacht door teveel kinderen.
Als dit soort problemen zich voor doen in een opvoeding van het kind kan het later fout gaan. Vanaf thuis krijgt een kind ook bepaalde normen en waarden mee. Je hoort ook te leren hoe je met andere mensen om moet gaan en hoe je je moet gedragen. Door zo’n slechte opvoeding kunnen jongeren problemen krijgen met zichzelf en dit uiten door aan criminaliteit te gaan doen.

Groepsgedrag en Vrienden
Als een jongere ‘foute’ vrienden krijgt neemt hij al snel allemaal gebruiken van hen over. Vooral in groepsgedrag durft en kan hij meer omdat hij sterker is met de groep erbij. Als de jongere zich verveeld met zijn vrienden of als hij zijn agressie wil uiten gaat hij veel sneller bijvoorbeeld een bushokje vernielen. Met vrienden is hij ook sneller aangeschoten en hij raakt misschien wel aan de drugs. Hierdoor kunnen hele foute dingen gebeuren.

Onderwijs
Hoe kan onderwijs leiden tot criminaliteit? Als de probleemjongeren op school in aanraking komen met andere probleemjongeren kan dat tot een ‘gevaarlijke’ groep leiden. Ze nemen de gewoonten van elkaar over en al snel kunnen ze gaan spijbelen of gewoon wegblijven van school. Dit leid ertoe dat ze geen diploma krijgen en dan denken dat ze niks meer kunnen doen in de toekomst. Dat is weer een probleem erbij en daarom gaan ze maar over tot criminaliteit.
Er zijn ook andere manieren waarom het onderwijs te maken heeft met jeugdcriminaliteit. Het kan namelijk ook komen doordat de jongeren zich kansloos voelen in de klas. Het niveau is te hoog gegrepen voor ze en dan denken ze dat ze niks meer kunnen en de cijfers gaan steeds verder achteruit. Dit kan leidden tot wegblijven van school en in aanraking komen met andere jongeren die van school gegaan zijn. Dat kan weer leiden tot jeugdcriminaliteit.

Psychische problemen
Bij psychische problemen kun je denken aan emotionele verwaarlozing, depressie, alcohol en drugs etc. Criminaliteit ontstaat vaak bij vele tegenslagen. Op een gegeven moment kunnen jongeren het allemaal niet meer aan en daardoor raakt hij op het verkeerde pad.

Invloed van godsdienst/afkomst
Bepaalde groepen kunnen zich tegen elkaar keren. Dat kan leiden tot ruzie en weer tot criminaliteit. Ook kunnen er zich bindingsproblemen voor doen. Als je net uit een ander land komt kun je het daar moeilijk krijgen. Het kan moeilijk zijn om je aan te passen aan de gewoonten, gebruiken en cultuur van dat land. Je kan je dan afzetten tegen dat land en met criminaliteit in aanraking komen.

Theorieën over criminaliteit

Is crimineel gedrag gewoon een fase van het leven? Is crimineel gedrag kenmerkend voor de puberteit?
Iedereen heeft zo zijn eigen ideeën over de oorzaken van jeugdcriminaliteit. Net zoals er veel theorieën zijn over (jeugd)criminaliteit. Biologische theorieën, psychologische theorieën en sociologische theorieën.

Biologische theorieën
Een bekende Italiaanse criminoloog (en psychiater en hoogleraar in psychiatrie te Pavia en Turijn) is Cesare Lombroso.
Lombroso hield er verschillende theorieën op na. Zoals de theorie dat de misdadiger een terugkeer is van de mens naar zijn oorspronkelijke staat (atavisme) en de theorie die ervan uitgaat dat de lichamelijke en psychische ontwikkeling van misdadigers in de kindertijd al tot stilstand is gekomen.
Hij is bekend geworden door zijn theorie dat misdadig gedrag, vaak voorkomt uit erfelijke eigenschappen. Hij ontwikkelde het idee van het criminele type en het idee van de geboren misdadiger. Een misdadiger was volgens hem voorbestemd om misdrijven te plegen. Of hij dat ook werkelijk gaat doen, hangt af van zijn (leef)omstandigheden.
Misdadigers, zo meende Lombroso, hebben andere uiterlijke kenmerken dan niet-criminelen. Zo zouden jonge gevangenen atletisch gebouwd zijn; dit zou wijzen op een actief, agressief gedrag. Maar ook zouden criminelen een achteroverhellend voorhoofd hebben, vooruitstaande jukbeenderen, asymmetrische. Om dit te bewijzen verrichtte hij schedelonderzoek bij gestorven gevangenen. Ook op psychologisch gebied kende Lombroso de criminelen andere eigenschappen toe dan niet-criminelen. Criminelen zouden een zwakke zintuiglijke gevoeligheid hebben, een lage gevoelsdrempel voor pijn en wispelturigheid.
Later onderzoek toonde aan dat de theorie van Lombroso totale onzin was. Toch heeft hij een belangrijke bijdrage geleverd tot de criminologie.
Tegenwoordig probeert de sociobiologie het sociale gedrag van mensen uit biologische factoren te verklaren.

Psychologische theorieën
De Amerikaan Edwin H. Sutherland hield er een heel andere theorie op na dan Lombroso. Sutherland was er juist van overtuigt dat het uiterlijk van de misdadiger en niets toe deed. Volgens hem was criminaliteit gewoon aangeleerd. Dat leren vindt dan voornamelijk plaats in kleine groepen. In die groepen wordt niet alleen de techniek geleerd, meende Sutherland, maar ook de motieven om het misdrijf te plegen en de verdedigingen om het misdrijf “goed te praten”.
Volgens Edwin Sutherland, kon iedereen crimineel worden. Het is een kwestie van leren. Het wordt op dezelfde manier aangeleerd als ander (normaal) gedrag.
Wanneer jongeren veel omgaan met criminelen, is de kans groot dat zijzelf ook crimineel worden.
Toch kan de theorie van Sutherland niet al het crimineel gedrag verklaren.

Andere psychologische verklaringen zijn dat veel criminelen psychiatrische stoornissen hebben. Maar psychiaters konden niet aantonen dat stoornissen echt de oorzaak waren van crimineel gedrag.

Sociologische theorieën
Een bekende sociologische theorie is de anomietheorie van Merton. Robert K. Merton zocht de verklaringen voor criminaliteit in het probleem dat mensen hebben om hun levensdoelen te bereiken. Sommige mensen merken dat ze minder kansen hebben in de samenleving door bijvoorbeeld hun afkomst of omdat ze geen diploma hebben. Een deel van die mensen zal hun ‘ongeluk’ accepteren. Het andere deel zal dat niet kunnen. Zij moeten en zullen hun levensdoel behalen, dan maar via strafbare middelen.
Merton was geïnspireerd door de Franse socioloog Emile Durkheim. Met anomie bedoelde Merton de situatie die veroorzaakt was door spanning tussen de doelstellingen en de middelen om de doelstellingen te realiseren. Die doelstelling zijn volgens Merton overigens geen gigantische doelen, maar gewoon doelstellingen die iedereen in de samenleving wil of moet halen zoals financieel succes en het streven naar steeds meer materiele dingen.

Een andere belangrijke sociologische theorie is de bindingstheorie van de criminoloog Hirschi. Volgens hem schuilt in ieder mens een crimineel(tje). De meeste mensen gedragen zich echter niet misdadig omdat zij ‘bindingen’ hebben met hun leven, die zij niet op het spel willen zetten. Met bindingen wordt bijvoorbeeld familie bedoelt, of vrienden. Ze leggen een rem op de criminele neigingen.
Wanneer deze bindingen zwak of afwezig zijn, is de kans groter dat zij crimineel gedrag vertonen.
Hirschi benadrukte in zijn theorie dat sociale controle en maatschappelijke bindingen heel belangrijk zijn.
Walgrave was het op sommige punten erg eens met Hirschi en ging op zijn theorie door. Walgrave vond de school een belangrijke feactor in het ontstaan van (jeugd)criminaliteit. De school is de plek om vrienden (dat zijn sociale bindingen) te maken. Als dat niet lukt, ontstaan criminele factoren. Even belangrijk als medeleerlingen zijn de leraren. Bij een goede band met de leraar, gaan de leerlingen zich inzetten om goede cijfers te halen, en om de leraar niet teleur te stellen (dat is dus ook een sociale binding).
De verwachtingen van de school tegenover leerlingen uit lagere sociale klassen zijn minder hoog. En de ouders van deze kinderen zijn minder goed in staat hun kinderen te begeleiden met bijvoorbeeld hun huiswerk. De kinderen gaan zich op deze manier dom en lastig voelen, en zullen worden buitengesloten en op den duur zelfs crimineel gedrag gaan vertonen.

Overige theorieën
Verder is er nog de persoonlijkheidstheorie van Sigmund Freud; bestaande uit drie delen. Het eerste de aangeboren instinctieve driften in het onderbewustzijn. Het tweede is het ego (het bewuste deel ven de persoonlijkheid). En het derde is het superego (het geweten en de gevoelens van schuld en schaamte). Freud dacht, dat als het balans tussen deze delen verstoord raakte, het tot crimineel gedrag kon leiden.
Ook is er nog de etiketteringtheorie van de Amerikaan Howard Becker. Volgens hem was het feit dat mensen sociaal werden afgekeurd, buitengesloten, niet het gevolg van crimineel gedrag, maar juist de oorzaak.
Als mensen het ‘etiket’ afwijkend of crimineel opgeplakt krijgen, kunnen zij gestimuleerd worden om zichzelf als zodanig te gaan gedragen. Zo heeft bestraffing juist meer afwijkend gedrag tot gevolg.

De soorten delicten die jongeren kunnen plegen

Als je in Nederland let op de jongeren en de delicten die ze plegen, is dat erg veel. Het viel ons tegen hoeveel delicten er nog gepleegd worden.

De soorten delicten
* Delicten tegen de openbare orde en gezag. Hierbij kun je denken aan het afluisteren van telefoongesprekken en het verbranden van Nederlandse vlag.
* Misdrijven tegen leven en persoon. Hierbij kun je denken aan moord en/of mishandeling.
* Ruwheidmisdrijven. Hierbij kun je denken aan vernieling en graffiti.
* Vermogensmisdrijven. Hierbij kun je denken aan diefstal en verduistering.
* Seksuele misdrijven. Hierbij kun je denken aan aanranding en verkrachting.
* Verkeersmisdrijven. Hierbij kun je denken aan het rijden onder invloed.
* Misdrijven tegen de Opiumwet. Hierbij kun je denken aan verkoop en of in bezit van harddrugs.
* Economische delicten. Hierbij kun je denken aan het kopen van vlees met veel sulfiet of het onwettig manipuleren met BV’s.
* Milieu delicten. Hierbij kun je denken aan het storten van gifstoffen in zee.

Lichte en zwaardere delicten
Je hebt lichtere en zwaardere delicten die gepleegd kunnen worden.
Onder de lichtere delicten behoren de jongeren die één of meerdere lichtere delicten gepleegd hebben. Bij lichte delicten moet je denken aan winkeldiefstal en vandalisme. Zoals bushoekjes vernielen en auto’s vernielen.
Tot de zwaardere delicten behoren de jongeren die 2 of meerdere delicten gepleegd hebben. Bij zware criminaliteit moet je denken aan verkrachtingen en doodslag.
Waarom doen de jongeren dit eigenlijk? Het is bijzonder moeilijk om daar een antwoord op te geven. Waarschijnlijk wordt dat uit verveling, psychische problemen en ruzies gedaan.

Aanpak jeugdcriminaliteit

In 2003 kwamen meer dan 30.000 jongeren voor een strafbaar feit, terecht hij het Openbaar Ministerie.
Jeugdcriminaliteit zorgt voor veel overlast. Behalve overlast veroorzaakt het ook onveiligheidsgevoelens (vooral bij kwetsbare groepen zoals ouderen en kinderen).
Tot twee jaar geleden was de aanpak van criminele jongeren gewoonweg slecht georganiseerd. Instanties wisselden dossiers niet uit en de omvang van de problemen rond jongeren werd steeds minder goed zichtbaar.
Tegenwoordig is de aanpak van jeugdcriminaliteit erop gericht dat jongeren minder snel met de politie in aanraking komen. De aanpak wordt steeds gerichter en zorgt er voor dat jongeren geen criminele carrière ontwikkelen.

Als een jongere bij de politie terecht komt, hebben zij na een gesprek met de jongere en zijn/haar ouders/verzorgers, en het opmaken van een rapport, niets meer met de zaak van de criminele jongere te maken. In veel gevallen wordt de jongere doorverwezen naar het Bureau Halt. Bij jongeren die ernstige misdrijven plegen, of al meerdere keren in aanraking zijn geweest met de politie, wordt een proces-verbaal opgemaakt. Bij minderjarigen wordt hiervan een melding gedaan bij de raad voor kinderbescherming, die een wettelijke signalerings- en voorlichtingstaak heeft. Daarna neemt de raad contact op met de ouders/verzorgers en de jongere zelf, voor het invullen van een informatieformulier. De raad informeert dan de officier van justitie en de rechter over de zaak. De officier kan de zaak transigeren (tot een schikking komen) of seponeren (de jongere niet vervolgen). Ook kan de jongere een taakstraf krijgen (onder te verdelen in werk- of leerstraf). Of een dagvaarding, maar dat komt niet vaak voor bij jongeren. Welke straf het zal worden, hangt af van verschillende factoren. Ten eerste hangt het ervan af wat voor delict er is gepleegd, ten tweede hangt het af van de omvang van de schade, ten derde wordt er gekeken naar de omstandigheden waaronder het misdrijf is gepleegd en als laatste wordt er gekeken naar het aantal politie- en justitiecontacten van de jongere in het verleden.

Jongeren van twaalf tot achttien jaar, die door de politie zijn aangehouden voor dingen als: diefstal, inbraak, autokraak, mishandeling, of overlast met vuurwerk kunnen kiezen: naar Justitie of naar Halt. Via Halt kunnen jongeren weer rechtzetten wat zij fout hebben gedaan, zonder dat ze in aanraking komen met Justitie. Dat herstellen kan door 2 tot 20 uur te werken of mee te doen aan een speciale leeractiviteit.
Deze taakstraffen worden uitgevoerd in de vrije tijd en kunnen dus gecombineerd worden met school of werk.
Het is de bedoeling dat de jongere iets leert van de taakstraf. Het is niet alleen een straf. De jongere doet kennis en werkervaring op en went aan een vast dagritme. Tijdens het uitvoeren van de taakstraf, moet de jongere zich aan regels houden. Zo moet hij op tijd komen, niet spijbelen of er met de pet naar gooien.
Als de jongere de taakstraf goed uitvoert, maakt de instelling of organisatie een rapport voor de kinderrechter of officier van justitie. Als iedereen tevreden is over het werk van de jongere, zit zijn straf er op. Het kan natuurlijk zo zijn, dat de jongere de kantjes ervan afloopt. In dat geval loopt hij risico om in de gevangenis te komen of dat hij een geldboete moet betalen.
Het kan zijn dat de jongere sowieso een deel van het schadebedrag moet betalen. Hiervoor stelt Halt een regeling op.

Oplossingen voor criminaliteit onder de jongeren

Een echte oplossing voor (jeugd)criminaliteit zou er waarschijnlijk nooit zijn. Maar dat is natuurlijk nog geen reden om niet te gaan kijken of er oplossingen zijn.

Er zijn veel jongeren die ergens in een stad afspreken met een groep om daar te gaan hangen en praten met elkaar. Dit kan leiden tot verveling en dus tot criminaliteit. Een oplossing daarvoor kan zijn om in iedere stad een soort hangplek of ontmoetingsplaats te maken. Je zet bijvoorbeeld ergens een gebouw neer waar de jongeren heen kunnen gaan om gezellig met elkaar te zitten en je kan leuke activiteiten organiseren.

Vaak is er in een buurt geen politie te bekennen. Hierdoor vind vaak onnodig criminaliteit plaats. Als je nou meer politie in gemeentes neerzet is er meer controle en kan de buurt ook geruster leven.

School kan ook een oplossing bieden voor jeugdcriminaliteit. Als je naar school gaat en je beter gestimuleerd wordt, heb je een goeie basis voor de toekomst. Je kan beginnen aan een leuke baan en bent vaak niet werkloos.

Soms kan het gebeuren dat je je huis uitgegooid bent om wat voor reden dan ook. Je beland op straat, zit niet meer lekker in je vel en weet niet meer wat je moet doen. Vaak wordt je dan opgenomen in een kindertehuis. Maar sommige instellingen gaan niet goed om met dit soort jongeren. Je zou dus meer psychologen op dit gebied in kunnen zetten.

Jeugdcriminaliteit zal er altijd blijven; om welke reden en om welke theorieën dan ook. Preventie zal er zijn, maar nooit voldoende…

Bronnen

http://www.epub.nl/artikel.php?tijds=8&idnr=100373&action=view&naam=Tijdschrift+SPH
http://www.frankdekoster.nl/Jeugdcriminaliteit.htm
www.justitie.nl
http://www.scholieren.com/werkstukken/17065
het maatschappijleer boek.
http://www.justitie.nl/themas/jeugdcriminaliteit/themas/preventie/PreventieOpZeerJongeLeeftijd.asp
www.halt.nl
http://www.vetverkeerd.nl/info/dossier_body.php?s=126&id=8
www.wodc.nl/publicatie/aanpakcriminaliteit/index/index

Encarta Encyclopedie.1993-2002 Microsoft Corporation/Het Spectrum.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

Marvin

Marvin

Super nice dit! Heb er veel dingen uit kunnen halen voor mijn sectorwerkstuk, echt super bedankt! :D

2 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

A.

A.

Ik vind het goed werkstuk, ik moet zelf ook werkstuk maken voor mn examen voor maatschappijleer en ik kan hieruit veel informatie halen. Alleen je bent de amonietheorie vergeten :), isook heel belangrijk

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

N.

N.

echt bedankt hier heb ik veel aan gehad ik kon wel een goed cijfer gebruiken thanks

3 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

K.

K.

Heel erg bedankt voor dit werkstuk, ik heb hier heel erg veel aan gehad en ik ga momenteel door een lastige tijd heen dus ik kan nu ook wel een goed cijfer gebruiken wat hiermee makkelijk gaat. Ik heb ook niet zo veel vrienden en wordt ik regelmatig gepest door dit werkstuk heb ik weer een stukje verwerkt dus heel erg bedankt. Je bent mijn idool en ik hou van je <3

5 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

B.

B.

Goed werkstuk, Ik kan er goed informatie uithalen!

6 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast

K.

K.

dit is echt een heel goed werkstuk en ik kan het goed gebruiken voor mijn eigen werkstuk dankje dat jullie het erop hebben gezet en het met mij willen delen!

dankje, Kelly

7 jaar geleden

Antwoorden

gast

gast