ADVERTENTIE
Open Avond = online ontdekken en ontmoeten

Bezoek onze Online Open Avond op woensdag 9 december dit jaar vanaf je bank! Ontdek bijzondere verhalen van onze studenten en docenten. Stel al je vragen én luister naar onze gezellige radioshow! Klaar voor een toekomst als student in het hbo?

Meld je dan nu aan!

Besturingssysteem

Inhoudsopgave

1. Inleiding
2. Wat is besturingssysteem
3. Wat doet een besturingssysteem
4. Verschillende soorten besturingssystemen
5. Microsoft Windows
6. Linux
7. OS/X
8. Korte geschiedenis van besturingssysteem

Inleiding

Mijn werkstuk gaat over besturingssysteem. Besturingssysteem is een heel belangrijke deel van computer. Besturingsstyeem regelt heel veel binnen computer. Het heeft allerlei belangrijke taken in de computer. Omdat het besturingssysteem een belangrijke rol speelt binnen de computer, wilde ik zoveel mogelijk erover te weten komen wat precies besturingssysteem inhoudt. In mijn werkstuk heb ik in het kort uitgelegd wat besturingssysteem is, wat voor taken besturingssysteem allemaal heeft en het korte geschiedenis daarvan. Hoewel we op school informatie over besturingsysteem hebben gehad, kon ik van die informatie niet zo gebruik kunnen maken.

Wat is besturingssysteem

Een computer zonder besturingssysteem kan niets doen. Elke computer heeft een besturingssysteem. Besturingsysteem zorgt ervoor dat de computer goed werkt. Een ander woord voor besturingssysteem is besturingsprogramma. Een voorbeeld is als je met een teksteverwerkingsprogramma een brief hebt gemaakt, wil je afdrukken. Als je dat doet zorgt het besturingssysteem ervoor dat de informatie(dus de brief) bij de printer komt. Daarnaast werkt de computer zelf met een groot aantal programma’s. Het meeste programma’s zijn verborgen. Daar merk je dus niks van. Andere porgamma’s zijn niet verborgen. Met een aantal daarvan ga je in dit boek werken. Zo is er een programma waarmee je gegevens keurig in ‘mappen’kunt zetten. Besturingssysteem is een verzamelnaam voor de software die ervoor zorgt dat de hardware van de computer kan samenwerken met de programma's die de gebruiker start. Denk bij het laatste aan programma’s als tekstverwerkers en tekenprogramma's etc. Belangrijkste taak van een besturingssysteem is het verdelen van de beschikbare tijd van de processor over de verschillende processen, maar ook het beheer van beschikbaar geheugen en de koppeling met andere apparaten die aan de computer verbonden zijn. Via het besturingssysteem worden ook programma's aangestuurd die de communicatie met andere computers mogelijk maken. Wanneer een dergelijke computer vooral tot taak heeft andere computers van informatie en diensten te voorzien spreken we van een server, computers die gebruik maken van deze centrale voorziening noemen we clients of werkstations. De clients zijn vergelijkbaar met de pc’s die je als eindgebruiker thuis

Wat doet een Besturingsysteem?

Een besturingssysteem (in het Engels operating system of afgekort OS) is een programma dat bij het starten van een computer in het geheugen geladen wordt en dat de functionaliteithen aanbiedt om andere programma's uit te voeren. Het eerste programma dat actief wordt na het inschakelen van een personal computer is het Basic I/O Systeem (BIOS).
Besturingsysteem wordt meestal van de harde schijf gelezen, maar soms ook wel vanuit ROM-geheugen of vanaf een verwisselbaar medium zoals een diskette, cd-rom, of (voor ingebedde systemen) een flashgeheugen. Een schijfloos systeem, d.w.z. Een systeem zonder harde schijven, kan opstarten vanaf een netwerk. De protocollen BootP en het nieuwere DHCP voorzien hierin.
Het besturingssysteem zorgt onder meer voor het starten en beëindigen van andere programma's, het regelt de toegang tot de harde schijf, het scherm, de invoer van gegevens. De andere programma's die gestart kunnen worden, heten applicaties.Zo’n applicatie maakt gebruikt van het besturingssysteem door middel van een Application Programming Interface (API). Deze API abstraheert de toegang tot de verschillende randapparatuur, zoals harde schijf, printer en beeldscherm.
Gebruikers maken van het besturingssysteem gebruik door middel van een opdrachtregel, zoals MS-DOS of de UNIX-terminal, of een grafische

Het besturingssysteem voert verschillende taken uit. Hierna zie je er vijf.

1. Het beheert gegevens en programma’s:

Als je iets opschrijft, doe je dat bijvoorbeeld in een schrift.Dat schrift bewaar je. Als je een brief met een tekstverwerker hebt gemaakt, wil je dat ook bewaren. De inhoud van de brief bewaar je in een bestand. De inhoud van dit bestand bestaat dus uit tekst. Maar de inhoud vaneen bestand kan ook een reeks cijfers zijn, een plaatje, een video of een geluid. Ieder bestand heeft een naam en een plaats waar het bestand is opgeslagen. De computer onthoudt waar elk bestand is opgeslagen. Dit noemen we ‘het beheren van bestanden’. Het beheren van bestanden is typisch een taak waar het besturingsysteem voor zorg.

2. Het voert handelingen met bestanden uit:

De computer kan verschillende dingen met bestanden doen:
• Afdrukken maken op een printer;
• Laten zien op het beeldscherm;
• Beveiligen (zodat de inhoud van een bestand niet per
Ongeluk veranderd of gewist kan worden);
• Een andere naam geven;
• Kopiëren;
• Verplaatsen;
• Verwijderen.
Het uitvoeren van deze handelingen gebeurt met programma’s van het besturingssysteem.

3. Handelingen met externe geheugens:

Soms kan het gebeuren dat je een diskette niet meer kunt gebruiken. Er is dan nog maar één oplossing. Deze oplossing is formatteren.Formatteren gebeurt met een programma van het besturingssysteem.Bij het formatteren worden alle bestanden op de diskette verwijderd.
Ook wordt de diskette opnieuw ingedeeld. Ook bij de harde schijf zijn soms handelingen nodig. Een voorbeeld is defragmenteren. Bij defragmenteren worden de beschreven gedeelten van de harde schijf op een betere wijze ingedeeld. Ook het defragmenteren wordt gedaan met een programma van het besturingssysteem.

4. Handelingen met randapparaten:

Randapparaten zijn bijvoorbeeld de printer, het beeldscherm, toetsenbord en muis. Bij bijna alle randapparaten kun je eigenschappen instellen. Zo kun je via het besturingssysteem de scherpte van het beeldscherm instellen. Ook allerlei eigenschappen van de printer kun je met behulp van het besturingssysteem instellen. Dat maakt het voor een beginner vaak lastig. Gelukkig hoef je dat ook niet allemaal te doen. Als je niets doet, kiest de computer automatisch bepaalde instellingen. Een dergelijk instelling noemen we de default-instelling.

5.Werken met programma’s zoals een tekstverwerken:

Met het besturingssysteem kun je een programma starten en afsluiten

8. Multitasking:
Bepalen welk programma op welk moment moet draaien (als het besturingssysteem het toelaat dat meer programma’s tegelijkertijd draaien).
8. Gebruikersbeheer bij servers en multi-useromgevingen.
9. Draaien van services bij servers.
10. Energiebeheer bij laptops en computers die op batterijen werken.

Verschillende soorten besturingssysteem

Microsoft Windows is één van de bekendste besturingssystemen. We zijn eigenlijk allemaal een beetje grootgebracht met Microsoft Windows, ook op school. Maar er zijn meer besturingssystemen, zoals MacOSX voor de Apple computers. Linux is het meest bekende Open Source besturingssysteem, dat zowel geschikt is voor de desktop als voor de server. We zullen het hier dan ook voornamelijk over Linux hebben.
Voor de PC-desktop is Linux eigenlijk de belangrijkste speler naast Windows. Die tweede plaats is niet zonder reden: door de continue ontwikkeling is Linux stabiel en flexibel. Linux is opgebouwd uit een groot aantal met elkaar samenwerkende modules, waardoor het veel makkelijker is om componenten apart aan te passen, veilig te houden en te verbeteren. Linux is ondertussen behoorlijk gebruiksvriendelijk en wordt geleverd met veel gratis programma’s voor tekstverwerking, internettoegang, tekenen, rekenen, e.d. De 'spelletjesfreak' is op dit moment nog steeds beter gediend met Windows, al begint ook de ondersteuning van spelletjes onder Linux steeds beter te worden. Ook voor beginnende computeraars thuis is Windows – op dit moment nog - beter hanteerbaar. Linux Bedrijven en ontwikkelaars werken hard om Linux ook een volwaardig alternatief voor de desktop te maken, gebruiksgemak en de ondersteuning van hardware krijgt steeds meer aandacht. In schoolsituaties, waar de systemen professioneel beheerd worden, heeft Linux echter wezenlijke voordelen te bieden.

Sommige besturingssystemen wijken echter af van deze standaard. UNIX-besturingsystemen gebruiken alleen een Line Feed in plaats van de combinatie CR-LF. Het LF-commando wordt onder Unix dan ook Newline genoemd. Mac OS tot en met versie 9 gebruikte alleen een Carriage Return voor een regelovergang; Mac OS X, dat een UNIX-variant is, gebruikt in principe een LF als regeleinde, maar kan ook overweg met alleen een Carriage Return als regeleinde. Beide soorten besturingssystemen voldoen op dit punt dus niet aan de standaard.

Belangrijkste soorten besturingssystemen.

1. Windows
2. Linux
3. Mac OSX

Microsoft Windows
Microsoft Windows is de naam van de besturingssystemen van Microsoft voor de personal computer. Het werd in 1985 geïntroduceerd en domineert sinds de introductie van Windows 95 in 1995 de personal-computermarkt. In 2004 had Microsoft 90% van de personal-computermarkt in handen. Microfoto’s oorspronkelijke beslissing om de eerste versie van Windows te gaan ontwerpen was waarschijnlijk sterk beïnvloed door eerdere initiatieven van Xerox en Apple, die hun computers al voorzagen van grafische gebruikersomgevingen.
Het Engelse woord 'Windows' betekent vensters. Vensters zijn één van de vier onderdelen van het WIMP interface concept (Windows, Icon, Menu, Pointing device) oorspronkelijk gedefinieerd aan het Xerox PARC begin jaren '70.
Er zijn in de loop der jaren veel versies van Microsoft Windows uitgegeven. Men zegt daarom ook wel al spotted: Windows: A 32 bit extension for a 16 bit patch to an 8 bit operating system, originally coded for a 4 bit microprocessor, written by a 2 bit company, that can't stand 1 bit of competition.
Bijna elk bestand op uw computer staat ergens op de harde schijf. Waar een bestand staat wordt bijgehouden door het bedrijfssysteem Windows XP. Helaas is Windows XP niet gezegend met een gevoel voor orde en netheid. Daardoor kan het gebeuren dat een bestand gefragmenteerd wordt opgeslagen.
Op het simpel te stelen. Uw harde schijf is tijdens het formatteren ingedeeld in blokken worden door Windows XP gebruikt als ‘landkaart’voor het onthouden waar bestanden zijn opgeslagen. Elk blok heeft een vaste grootte. Is het bestand opgeslagen, dan zet Windows xp in een soort van database welke blokken zin gebruikt voor het opslaan van het bestand. Het zou heel logisch zij wanner Windows XP voor het opslaan van bestanden altijd blokken neemt die achter elkaar op de harde schijf echter, Windows XP bezit die logica niet en slaat bestanden altijd willekeurige blokken op. Het zal iedereen wel duidelijk zijn dat het ophalen van de informatie Het zal dan iedereen wel duidelijk zijn dat het ophalen van de informatie langer duurt wanneer de blokken verder uit elkaar liggen dan wanneer de blokken elkaar opvolgen.Wanneer de blokken verder uit elkaar liggen dan wanneer de blokken elkaar opvolgen.

Om de snelheid waarmee Windows XP de benodigde informatie voor het openen van een bestand ophaalt te verhogen kunt u uw harde schijf defragmenteren. Tijdens het defragmenteren worden alle bij elkaar horende blokken van een bestand ook daadwerkelijk bij elkaar gezet
Windows XP bevat met het programma Schijfdefragmentatie de benodigde software om uw harde schijf te defragmenteren. Helaas is die software redelijk diep in het systeem verstopt door Microsoft. Er zijn verschillende manieren op het voor het defragmenteren benodigde programma te starten.

1. Via Deze Computer

2. Via het Congfiguratiesscherm

Linux

Linux is een betrouwbaar en flexibel besturingssysteem. Gebruikers van andere besturingssystemen zijn meestal gewend aan het vaak herstarten van de computer en regelmatige vastlopers. In Linux heb je hier geen last van. Als je nieuwe software installeert, werkt het meestal direct, zonder rebooten of andere onnatuurlijke kunstgrepen.
Linux komt in veel verschillende smaken - wel honderden 'soorten'. Deze smaken noemen we 'distributies'. Bekende distributies zijn SuSE, RedHat, Mandrake, Slackware en Debian. Elke distributie is gericht op een bepaalde doelgroep (of meerdere doelgroepen) en heeft zijn eigen specialiteiten. Veel distributies kun je kosteloos van het Internet downloaden in de vorm van ISO-bestanden die je makkelijk op CD kunt branden. Andere distributies kun je alleen in de winkel kopen.
Als we het over Linux hebben, praten we meestal over het totaalpakket van besturingssysteem plus programma's. Dit is eigenlijk niet helemaal correct. Linux is de kern van het totaalsysteem, de 'kernel'. De kernel is het hart van het besturingssysteem, de distributie. Om nog preciezer te zijn in het gebruik van de termen, moeten we eigenlijk spreken van GNU/Linux. Dit komt omdat alle Linux distributies gebruik maken van een heleboel programma's van het GNU-project. GNU (GNU's Not UNIX) is een project dat vele jaren geleden is opgezet met als doel een gratis UNIX-achtig systeem te maken. Het project had al een hele serie programma's gemaakt, maar de UNIX-achtige kernel van het systeem was nog niet gereed. Op dat moment kwam Linux, dat gebruik maakte van de GNU-software ter aanvulling van het systeem. Vandaar GNU/Linux.
Een belangrijk voordeel van Linux is dat het systeem, plus de meeste software, Open Source Software is (OSS). Dit wil zeggen dat de broncode van de programma's vrij beschikbaar is voor iedereen die het wil inzien, gebruiken of zelfs veranderen of verbeteren. Dit is een grote kracht van Linux en de andere software. Stel dat er een programma uitgebracht wordt dat Open Source is en er zitten wat foutjes in, of het werkt niet helemaal lekker. Iedereen heeft dan de vrijheid om de software te verbeteren.
De meeste Linux-software wordt, net als de kernel zelf, verspreid onder de GNU General Public License (GPL). Dit is een licentie die verplicht om van de software die onder de GPL uitgebracht wordt, de sourcecode beschikbaar te stellen. Als je delen van GPL-software gebruikt in je eigen programma, dan moet je dat programma ook weer onder de GPL licentie uitbrengen. Er zijn veel voor- en tegenstanders van deze licentiemethode, maar het heeft zijn kracht bewezen met Linux.
Linux onderscheidt zich niet alleen op technisch vlak van andere PC-besturingssystemen; ook het ontwikkelmodel en licentiemodel verschillen enorm van die van de commerciële besturingssystemen. De versienummers van de Linux kernel bestaan uit drie getallen:

• Het eerste getal geeft de hoofdversie van Linux aan. Deze versie wordt alleen opgehoogd wanneer een nieuwe kernel zeer grote veranderingen heeft ondergaan t.o.v. de vorige versie.
• Het tweede getal geeft aan of de kernel stabiel (in het geval van een even getal) of onstabiel (in het geval van een oneven getal) is. Stabiel betekent: in principe bedoeld voor eindgebruikers, onstabiel betekent: vooral bedoeld voor ontwikkelaars en testers.
• Het derde getal geeft de versie van de stabiele of onstabiele kernel aan. Ook wel patchlevel genoemd.
Linux is een zogenaamde modulairee (monolitisch)?e kernel. Dat wil zeggen dat je modules kunt laden in de kernel terwijl deze draait. Modules bieden extra functionaliteit, zoals drives voor USB-randapparatuur, PCI-insteekkaarten of bestandssystemen. Een van de beste manieren om je systeem te optimaliseren, is dan ook Linux zelf compileren voor je eigen systeem. Onnodige functies kun je dan gewoon weglaten uit de kernel, waardoor deze kleiner en soms ook sneller wordt. Dit geeft je grotere flexibiliteit dan de voorgebakken kernels van distributies (en uiteraard ook een enorm voordeel t.o.v. ClosedSource software).
Doordat Linux vrij en zonder beperkingen beschikbaar is, kunnen er de meest onverwachte en innovatieve dingen mee worden gedaan, zoals eMovix, waarmee je een CD met films kunt maken die op elke PC automatisch opstart en via een klein ingebouwde Linux-systeempje de films afspeelt. Ook de Tivo, een slimme videorecorder met harddisk, draait Linux van binnen.

Mac OS/X
Mac OS X is het nieuwe besturingssysteem voor de Apple Macintosh computer. Dit op UNIX gebaseerde systeem biedt een groot aantal nieuwe mogelijkheden en is wezenlijk anders dan het klassieke Macintosh besturingssysteem. Dit stelt nieuwe eisen aan systeembeheer. Veel van de traditionele Macintosh kennis is niet meer bruikbaar. De training is gericht op systeembeheerders met kennis van Windows of het (oude) Macintosh besturingssysteem.
Mac OS X is het huidige besturingssysteem van Apple, gebaseerd op elementen van Mac OS 9 en NeXTSTEP. Het werkt officieel alleen op Macintosh computers die zijn uitgerust met PowerPC of Intel processors. Eerst bevatte de computers alleen PowerPC processors van het type G3, G4 of G5. Echter sinds januari 2006 verkoopt Apple computers die processors van de Intel x86 familie gebruiken. Gedurende 2006 rangeerde Apple al haar PowerPC gebaseerde systemen uit en verkoopt daardoor tegenwoordig alleen nog Intel Mac computers.
In 2001 brak Apple radicaal met het voorgaande besturingssysteem (Mac OS 9) en introduceerde Mac OS X. Het oude Mac OS kon echter nog wel gebruikt worden in een emulatie, genaamd Classic. Met ingang van de Intel Mac systemen is de Classic omgeving verwijderd uit het besturingssysteem en vervangen door een transparant PowerPC emulatie systeem genaamd Rosetta. Dit laat oudere programma's die zijn geschreven voor de PowerPC processor vrijwel foutloos werken op een Mac met Intel processor, wat zorgt voor een vlekkeloze overgang naar de nieuwe systemen. Mac OS X bestaat uit twee belangrijke delen: Darwin (een microkernel-ontwerp gebaseerd op de Mach 3.0 microkernel en de 4.4 BSD system service) en Aqua, een grafische gebruikersomgeving die door Apple zelf is ontwikkeld.
Mac OS X werd vroeger alleen als server-versie, en op beperkte schaal, uitgebracht in 1999. Deze versie is voorzien van hulpprogramma's voor werkgroepbeheer, en vereenvoudigde toegang tot netwerkdiensten, zoals een mailserver, een Sambaserver, en een DNS-server in maart 2001 werd ook een versie van Mac OS X voor consumenten uitgebracht zonder deze diensten. Sindsdien heeft Apple vier nieuwere versies uitgebracht voor respectievelijk consument en server gebruik. De meest recente versie heet Mac OS X 10.4, met de bijnaam Tiger. Uitgaven van Mac OS X worden vernoemd naar grote katachtige; zo wordt Mac OS X versie 10.4 door Apple en Mac gebruikers gewoonlijk Tiger genoemd.

OS/2 is een besturingssysteem gemaakt door Microsoft en IBM en later uitsluitend door IBM ontwikkeld. De naam staat voor "Operating System/2", omdat het bedoeld was als het voorkeursbesturingssysteem voor IBM's "Personal System/2 -lijn van tweede-generatie Personal computers.
OS/2 was bedoeld als een protected-mode opvolger van DOS en Windows. Opmerkelijk genoeg waren het basis-systeemaanroepen gemodelleerd naar MS-DOS-aanroepen, hun namen startten zelfs met Dos en het was mogelijk om tekstmodus-toepassingen op een zodanige manier te linken dat zij op beide systemen konden werken (bound-programma's). Vanwege deze achtergrond, is OS/2 in veel opzichten niet erg verschillend van Windows in termen van uiterlijk, werking en functionaliteit; maar heeft het ook kenmerken van Unix.

Geschiedenis van besturingsysteem

DOS staat voor Disk Operating System, oftewel een besturingssysteem voor apparaten met schijfstations (diskdrives). Bij de opkomst van computers met diskette was het handig om na de opstartcyclus (boot-strap) een commando-processor en hulpprogramma's te laden
In 1973 schrijft Gary Kildall in de programmeertaal PL/M een van de eerste diskettebesturingssystemen. Hij noemt het CP/M.
Zes jaar later, in 1979, komt Apple al met zijn DOS 3.2. In 1980 wil Seattle Computer Product (SCP) voor de 8086-systemen een besturingssysteem hebben en besluit het zelf te laten ontwikkelen, omdat het bedrijf Digital Research vertraging heeft opgelopen bij het uitbrengen van het CP/M-86 besturingssysteem. Dit besturingssysteem van SCP wordt tot QDOS 0.10 gedoopt, wat niet staat voor Quality Disk, maar voor Quick and Dirty Operating System, omdat het slechts in twee manmaanden gebouwd was. Ondanks deze snelle ontwikkeling, bleek dit besturingssysteem toch erg goed te werken en een week later kwam EDLIN op de markt.
In oktober 1980 neemt Paul Allen (van Microsoft) contact op met SCP met het verzoek om het DOS van SCP te mogen verkopen aan een niet nader genoemde klant (wat later IBM bleek te zijn). Microsoft betaalt minder dan 100.000 dollar voor deze rechten aan SCP. Twee maanden later hernoemt SCP hun QDOS tot 86-DOS en brengt deze uit als versie 0.3. Microsoft koopt dan de (niet-exclusieve) rechten om 86-DOS op de markt te brengen.
In februari 1981 draait "MS-DOS" voor de eerste keer op een prototype van de IBM Personal Computer en in juli koopt Microsoft alle rechten van SCP en doopt het besturingssysteem officieel tot MS-DOS.
OS/2 1.0 werd uitgegeven als een uitsluitend-tekstmodus besturingssysteem. Het had daarentegen een rijke API voor het besturen van de videoweergave (VIO) en voor het opvragen van toetsenbord- en muisgebeurtenissen, een soort van protected-mode BIOS. Het is niet erg verrassend dat de video- en toetsenbord-API's ook beschikbaar waren voor bound-programma's op MS-DOS. De beloofde GUI werd geïntroduceerd met OS/2 1.1 tegen het eind van 1988.
5 Externe links programma’s uit te voeren. Deze functie bestond tot aan versie 5.0 van Windows, beter bekend als Windows 2000, maar is niet meer opgenomen in Windows XP.
Microsoft bracht Windows 3.1 Uit in antwoord op IBM's OS/2 2.0. Windows 3.1 was een 16-bits OS, maar OS/2 was al grotendeels 32-bits en ondersteunde ook Windows-programma's in een zogenaamde emulatielaag. Later kwam Microsoft met Windows 95 die ook 32-bit API's OS/2 sloeg over het algemeen niet aan in de consumentenmarkt, en is momenteel weinig in gebruik buiten bepaalde niche-markten waar IBM traditioneel sterk was. Bijvoorbeeld veel banken gebruiken in het bijzonder bij pinautomaten, os/2 met een aangepaste gebruikersinteface; de Franse nationale spoorwegen gebruiken os/2 1.x in talloze kaartverkoopautomaten. Toch heeft OS/2 nog steeds een toegewijde band met gebruikers.

Hoewel IBM kort na de uitgave van Warp 4 in 1996 begon aan te geven dat OS/2 uiteindelijk teruggetrokken zou worden, heeft het bedrijf nog geen definitieve einde-van-ondersteuningsdatum gepubliceerd tot dusver. De laatste IBM-versie is 4.52 welk uitgebracht is voor zowel werkplek- als serversystemen in december 2001. Een bedrijf met de naam Serenity Systems heeft OS/2 doorverkocht sinds 2001, onder de naameComStation.
De laatste versie is 1.1, uitgebracht in mei 2003.Inmiddels in 2006 is er een versie 1.2 van eComStation o.a. in het Nederlands verkrijgbaar. Er is een Beta versie van 2.0 beschikbaar voor geregistreerde gebruikers.
IBM kondigde in juli 2005 aan dat er geen nieuwe versies en fixes meer zullen worden ontwikkeld, en dat de bestaande updates tot het einde van 2006 beschikbaar zullen zijn. IBM roept klanten op om hun, vaak zeer complexe, toepassingen te migreren naar e-business-technologieën zoals Java, op een platformneutrale wijze. Zodra de migratie van een toepassing is voltooid, beveelt IBM aan om naar Linux te migreren.
Hoewel sommige mensen gehoopt hadden dat IBM OS/2 als open source zou vrijgeven, is het onwaarschijnlijk dat dit gebeurt omdat OS/2 veel code van derden bevat, waaronder veel van Microsoft.hoewel OS/2 2.0 vaak omschreven wordt als IBM's eigen werk, was een betaversie, vergezeld van een SDK al uitgegeven door Microsoft in de tweede helft van 1990; OS/2 32-bit uitvoerbare bestanden hebben bijna exact hetzelfde formaat als Windows 3.0 -stuurprogramma’s (oudere 16-bit uitvoerbare bestanden hebben het formaat van Windows-uitvoerbare bestanden). IBM schijnt voor het grootste deel verantwoordelijk te zijn voor het GUI-gedeelte van OS/2 (vooral de Presentation Manager API veranderde niet in 2.0), en waarschijnlijk voor het uiteenlopen van syntax en semantiek in vergelijking met Windows. Dit was een onderliggende oorzaak voor de breuk tussen IBM en Microsoft toen Windows 3.0 veel succesvoller werd dan OS/2. Hoe dan ook hebben open source besturingssystemen zoals Linux reeds indirect geprofiteerd van OS/2 doordat IBM het JFS bestandssysteem vrijgaf, welke gebaseerd was op de OS/2-code.

Het grafische systeem heeft een laag genaamd Presentation Manager die vensters, lettertypen en pictogrammen beheert. Dit lijkt op een niet-genetwerkte versie van X11. Hierbovenop ligt de Workplace Shell (WPS), geïntroduceerd in OS/2 2.0, welke een object-georiënteerde laag is die de gebruiker in staat stelt om bestanden en printers te benaderen en programma's te starten. WPS volgt IBM's Common User Access gebruikersinterface-standaarden.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

H.

H.

hahahahaaaaah wat dom

9 jaar geleden