Jongens gezocht!
We zoeken nog een aantal examenkandidaten die (voor moneys) hun frustraties, verdriet, of blijdschap willen uiten na afloop van de examens. Solliciteer voor 3 maart als eindexamenvlogger!

Meedoen

J.J. Rousseau

Beoordeling 6.1
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 4e klas havo | 1286 woorden
  • 13 maart 2002
  • 127 keer beoordeeld
Cijfer 6.1
127 keer beoordeeld

ADVERTENTIE
Overweeg jij een maatschappelijke studie?

Misschien is een studie Sociologie of Antropologie dan wel iets voor jou! Bij beide opleidingen ga je aan de slag gaat met maatschappelijke vraagstukken. Wil jij erachter komen welke bachelor bij jou past? Kom in maart proefstuderen aan de VU.

Meer informatie
Jean-Jaques Rousseau (1712-1778) Jean-Jaques was van Zwitserse afkomst en was een van de grootste Europese denkers van de 18e eeuw. Zijn werk inspireerde de leiders van de Franse Revolutie en beïnvloedde de Romantiek.Na zijn boek ‘Lettre à d'Alembert sur les spectacles’ (1758), waarin hij de onzedelijkheid en onnatuurlijkheid van het toneel trachtte aan te tonen, ontstond er een strek meningsverschil tussen Jean-Jaques en Voltaire (een andere groot Frans schrijver) Terug in Genève vestigde hij zich in het door Mme d'Epinay beschikbaar gestelde tuinhuis L'Ermitage. Waar hij begon aan zijn werk over opvoedkunde: ‘Émile ou De l'éducation’, wordt een jongen zonder contact met andere kinderen opgevoed. Rousseau probeert de ouders te adviseren om hun kinderen op te voeden door ‘de natuur te volgen’, een opvoeding gaat via het hart en niet via het verstand. Verder schreef hij ‘Julie ou La nouvelle Héloïse’(1761), een liefdesroman in brieven (naar voorbeeld van Samuel Richardson). De roman was opgezet als fantasie maar werd sterk bepaald door zijn passie voor Mme d’Houdetot, de schoonzuster van Mme d’Epinay. Na ‘Du contrat social ou Principes du droit politique’ (1762) werd zijn posititie geheel onmogelijk. Het boek gaat over de politiek. Rousseau zijn idee is dat de macht berust op de vrije burgers (voorloper van de democratie). Zijn boek ‘Profession de foi du vicaire savoyard’, over het deïsme( het geloof dat God de wereld had geschapen, maar verder geen invloed meer heeft op de gang van de samenleving), het boek lokte veel protest uit, en werd verboden. Rousseau moest vluchten. Een felle aanval van doctor Tronchin in de Lettres écrites de la campagne beantwoordde hij overtuigend met zijn ‘Lettres écrites de la montagne’ (1764). Een anonieme aanval van Voltaire, die in het pamflet Sentiments des citoyens (1764) had onthuld wat Rousseau met zijn kinderen had gedaan ( dat hij ze niet zelf had opgevoed, maar naar een vondelingengesticht had gebracht), gaf hem overal een slechte naam. Een kort leventje op het eiland St-Pierre in de Bieler See (een groot meer in Zwitserland) verschafte hem geen rust, en verdreven uit Zwitserland leidde hij (weer) een zwervend bestaan. Dat hem o.a. in contact bracht met de Engelse filosoof David Hume. In 1767 schreef Rousseau, die ook korte muziekstukken en andere instrumentale werken componeerde, zijn ‘Dictionnaire de musique’, waarin hij zijn vaak treffende opvattingen over de schoonheidsleer van de muziek verkondigde. Een voorbeeld van een ander instrumentaal werk is het melodrama ( een toneelstuk dat begeleid word door muziek) ‘Pygmalion’ (1770). Eveneens in 1770 voltooide hij zijn eerste autobiografische geschrift ‘Confessions’, een poetisch getint verhaal over zijn jeugdjaren en waarin hij zijn onverantwoordelijke daden bekritiseert. ‘Dialogues Rousseau juge de Jean-Jacques’ (1776), een ander werk dat hij nog schreef. In hetzelfde jaar begint Rousseau aan ‘Rêveries du promeneur solitaire’ (1782), waarin hij een verband probeert te vinden tussen de tegegestelde begrippen: persoonlijk geluk en algemeen welzijn. De wijze van schrijven is later van grote invloed geweest op autobiografische schrijvers ( Sénancour, Proust). Halverwege de jaren 1760 ging hij naar Engeland, uitgenodigd door Hume, waar hij een tijdje verbleef. Maar hij kreeg een soort paranoïde krankzinnigheid, hij dacht dat Hume hem ten gronde wilde richten, en vluchtte daarom in paniek terug naar Frankrijk waar hij in 1778 overleed. Zijn werken nog een keer op een rijtje: 1745 - Les Muses Galantes (opera) 1750 - Discours sur les sciences et les arts
1752 - Le devin du village (blijspel) 1754 - Discours sur l’origine et les fondements de l’inegalite parmi les hommes

1758 - Lettre a d’alembert sur les spectacles
1761 - Julie ou la nouvelle Heloise
1762 - Emile ou de l’education
1762 - Du contrat social ou principes du droit politique
1763 - Profession de foi du vicaire savoyard
1764 - Lettres ecrites de la montagne
1767 - Dictionnaire de musique (muziekstuk) 1770 - Pygmalion (melodrama) 1770 - Confessions
1776 - Dialogues Roussea juge de Jean-Jaques
1782 - Reveries du promeneur solitaire 3. Waarom is hij een historisch figuur? Rousseau was ten eerste een filosoof en een groot denker. Hij introduceerde 3 revolutionaire ideeën in de Westerse filosofie die van zeer grote betekenis zijn gebleven. 1. De idee dat de beschaving niet eens goed is, zoals iedereen altijd had aangenomen, maar iets uitgesproken slechts. Rousseau geloofde in de goedheid van de mens bij de geboorte maar dat we bedorven worden door de samenleving. Natuurlijke instincten worden weggedrukt, en dat betekent dat de mens vervreemd van zichzelf. Rousseau vindt dat de beschaving veranderd moet worden zodat instincten en gevoelens beter tot hun recht komen
Dat begint bijvoorbeeld bij onderwijs. Rousseau schrijft het boek “Emile” (zie ‘werk’) en dit boek heeft heel invloed gehad op de Europese onderwijs geschiedenis. Volgens hem moet het onderwijs zich niet (zoals in zijn tijd) richten op het onderdrukken van de natuurlijke neigingen van het kind, maar zijn ontwikkeling en expressie juist aanmoedigen. Het ging over sympathie en liefde in plaats van regels en straf. 2. De idee dat we ons bij alles in ons leven privé of publiek moeten afvragen of het overeenkomt met je gevoel en je natuurlijk instinct – in plaats van met de rede – het gevoel moet dus de rede vervangen in ons leven. Bijvoorbeeld Rousseau’s houding tegenover godsdienst sluit aan bij deze opvatting, godsdienst was bovenal een zaak van het hart en niet van het hoofd. Hij was tegen geloofsbelijdenissen, dogma’s en catechismussen. 3. De idee dat de menselijke samenleving een collectief wezen is met een eigen wil. En die eigen wil kan verschillend zijn met wat je als individu wil, de maatschappij heeft een eigen wil en daar moet je je als individu aan aanpassen. De burger is ondergeschikt aan de ‘algemene wil’. Naar aanleiding van het 3e idee (punt 3) kan gezegd worden dat Rousseau een groot politiek theoreticus was. Hij geloofde namelijk dat alle mensen samen de wetten moesten maken of veranderen. De wetten gemaakt door het volk waren dan absoluut bindend voor het volk. Hoofdmotief van Rousseau’s democratische opvatting is dat ‘de algemene wil’ gedwongen wordt opgelegd aan het individu. Zijn politieke filosofie heeft onder andere grote invloed gehad op de Franse Revolutie (weg met de koning en macht aan het volk) en andere politieke stelsels, zoals het Fascisme en het Communisme. Zij bewonderden hem omdat hij volgens hen de individu ontkende en de staat verheerlijkte. Hij is in ieder geval met zijn werk beschouwd als voorloper van linkse en rechtse stromingen, van democratische en totalitaire stelsels.
2. Plaatsen in de tijd Rousseau leefde in de 18e eeuw, Frankrijk was een land met een Absolute Monarchie, dat wil zeggen de koning had alle macht. De adel was bevoorrecht en waren belastingvrij gesteld, het volk was arm en ontevreden. De bevolking groeide vooral in de steden. De handel werd gedreven door de gegoede burgerij. Cultuurhistorisch is dit de tijd van de Verlichting, waaraan Rousseau met zijn ideeën ook aan meegewerkt heeft. Verlichting betekent dat de mens mondiger wordt, meer van zich af gaat spreken, en zich los wil maken van de autoriteiten die zeggen wat je moet doen en hoe je moet leven. De mens moet zijn eigen verstand durven te gebruiken. “De mens werd vrij geboren en hij is overal in ketenen” Jean-Jeaques Roussea
De verlichting was een voorloper op de Franse revolutie. Franse Revolutie: De politieke en sociale omwenteling de Frankrijk eind 18e eeuw doormaakte. “weg met de koning, macht aan het volk” Hij was ook een voorloper op de Romantiek. Romantiek : Aanduiding van een cultuurbeweging die ontstond aan het eind van de 18de eeuw en een reactie was op de Verlichting. 5. informatievermelding - ww.x4all.nl/~jooplaan/multatuli/Me/2278.htm - http://cwis.kub.nl/filosofie/gesch/rousseau.htm - Geschiedenis boek Transparant Paregraaf 4.1 blz. 67 Edu’Actief uigeverij Meppel - Denkers van de Franse revolutie Map uit de mediatheek. - Kleine larouse in kleur - Encarta 1999 encyclopedie Winkler prins editie

REACTIES

C.

C.

het is HET idee, niet DE idee

11 jaar geleden

R.

R.

hai doei

8 jaar geleden

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.