Economische crisis in Azie

Beoordeling 6.5
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 3924 woorden
  • 5 juli 2001
  • 60 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.5
  • 60 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
ADVERTENTIE
De Galaxy Chromebook maakt je (school)leven makkelijker!

Met de Galaxy Chromebook Go kun je de hele dag huiswerk maken, series bingen en online shoppen zonder dat 'ie leeg raakt. Ook kan deze laptop wel tegen een stootje. Dus geen paniek als jij je drinken omstoot, want deze laptop heeft een morsbestendig toetsenbord!

Ontdek de Chromebook!
Inleiding:

Men kan er niet omheen... Iedereen zal er al wel over gehoord hebben; de Aziatische crisis. Krantekoppen schreeuwen de problemen uit. Iedereen denkt “Azië is ver van mijn bed”, maar er bestaat gevaar dat ook de westerse economie wordt meegesleurd in de crisis.

· Hoe is het mogelijk dat zo’n bloeiende economie plots in zo’n crisis belandt ?
· Hoe geraakt Azië uit deze benarde positie ?
· Welke landen betreft het ?

· Wat zijn de oorzaken ervan ?
· Bestaan er gevaren voor ons ?

Op deze vragen zullen wij u in de komende 12 pagina’s een antwoord trachten te geven.

DE CRISIS IN ZO-AZIË

1. Feiten

1.1 Feiten


Wanneer men spreekt over de crisis in Zo-Azië, gaat het om een financiële crisis; één met een omvang zoals de wereld er sedert de oorlog geen meer kende. De Aziatische regio verloor op amper een half jaar de welvaart die ze de jongste tien jaar opbouwde. Het sociaal-economisch ontwikkelingsmodel van de Tijgers faalt, en misschien wel definitief. De bevolking lijdt onder de gele Grote Depressie, zoals de industriële wereld in de jaren dertig.

In vliegende vaart verarmt de hele Aziatische regio. Het aantal faillissementen valt niet te tellen. In de bedrijven die (voorlopig) overleven, geldt afslanken als de algemene regel. Miljoenen werknemers verloren hun baan, zijn nu werkloos. (Let op: zonder sociale zekerheid of sociale bescherming). Anderen leveren op hun loon in, in de hoop hun onderneming te redden. Zo moest de onaantastbare autoproducent Hyundai in Zuid-Korea de productie in de reuzenfabriek van Ulsan (met een productie van 4500 wagens per dag) stilleggen omdat hun failliete toeleveranciers niet meer leverden. Ook verloren in Thailand tienduizenden bankbedienden hun job nadat de overheid 56 banken van twijfelachtig allooi sloot. Gezinnen verloren hun spaargeld in failliete banken, woningen werden niet langer afbetaald en autoleningen blijven open staan. Om hun begroting te saneren, verhogen de overheden de belastingen en besnoeien ze in uitgaven voor gezondheidszorg en onderwijs. De oplaaiende inflatie vreet de resterende koopkracht aan. In Thailand verlaten de werklozen de overbevolkte steden en keren terug naar hun geboortedorpen in de hoop daar te overleven.


1.2 Hoe begonnen?

Het begon allemaal heel onverwacht op 2 juli 1997, met een haast onschuldige devaluatie van de Thaise baht. Als dominostenen vielen, de een na de ander, de munten van de omringende landen: Maleisië, Indonesië, de Filipijnen en, verder naar het noorden, Singapore, Taiwan en zelfs Hongkong. Als laatste moet Zuid-Korea de witte vlag hijsen. Niemand kan voorspellen hoeveel de crisis nog zal verdiepen en verbreden. Maar dat zelfs de economische wereldmacht Japan in ademnood verkeert, is een slecht teken. Slechts dankzij miljarden overheidssteun kan het zijn banken in leven houden. En bij supertijger China is alles onvoorspelbaar. De economische hervormingen doen er de werkloosheid dramatisch stijgen en er zijn signalen van groeiende sociale onrust - wat op zo’n megacontinent tot van alles kan leiden.

1.3 Achtergrond : De Aziatische Tijgers en het mirakel

1.3.1 De Aziatische Tijgers groeiden op krediet


De groeieconomieën van Azië leefden de voorbije jaren té uitbundig, boven hun stand en vooral op krediet. Overmoedig koppelden ze hun munten aan de dollar, zodat hun concurrentiekracht op de internationale markten verzwakte naarmate de dollar bleef versterken en bijgevolg hun betalingsbalansen hoogrood aanliepen. Zij trokken enorme hoeveelheden kapitaal aan, voor investeringen in fabrieken waarvan ze er al te veel hadden en vooral voor hun megalomane kantoortorens waarvoor ze geen huurders meer konden vinden. De vastgoedprijzen stortten ineen, wat de aandelenbeurzen en de banken in grote verlegenheid bracht. Door de devaluatie van hun munten, (ten opzichte van de dollar halveerde de waarde van de Koreaanse won in een paar maanden tijd) kunnen de landen hun kredieten in buitenlandse valuta niet meer terugbetalen met als gevolg dat het buitenlands geld op de vlucht slaat.

1.3.2 Niet te geloven....

De hele economische wereld stond de afgelopen jaren met bewondering en vaak met schrik te staren naar de ongewone prestaties van de Aziatische Tijgers. Ze schreven hun economische groei met twee cijfers, op een ogenblik dat Europa nog geen twee procent behaalde. Zuid-Korea draaide als de motor van de globalisering van de economie. Op één generatie werkte het land zich uit de onderontwikkeling en, meer nog, vestigde zich als elfde land op de economische wereldranglijst.... Het was een mirakel.

1.4 “Nog nooit gezien ?” en/of “Totaal onvoorspelbaar ?”

1.4.1 Mexico in 1994


De economische en financiële wereld heeft zich eerder al op dergelijke mirakels verkeken. Tot enkele jaren geleden nog kon, bijvoorbeeld, het lof in Mexico niet op (hét voorbeeld van snelle economische ontwikkeling). Maar in december 1994 schrokken de Amerikaanse speculanten van wat indianengeweld en Mexico vloeide financieel leeg. Inmiddels willen enkele verlichte geesten het Centraal-Amerikaanse land opnieuw een voorbeeldfunctie toekennen: het slaagt erin snel uit de financiële crisis te klimmen. Dat klopt echter alleen maar voor wie de ogen sluit voor de enorme werkloosheid en grote armoede. Nu nog ligt de koopkracht er 30% lager dan vier jaar geleden.

1.4.2 Onvoorspelbaar ?

De OESO, organisatie voor economische samenwerking en ontwikkeling voorspelde een maand voor het begin van de crisis nog een gemiddelde economische groei van zes procent voor Zuidoost-Azië. Ook het IMF (Internationaal Monetair fonds), ‘s werelds hoogste monetaire autoriteit die op het internationale financiële reilen en zeilen moet toezien, verloor veel van zijn gezag. De instelling waarschuwde de Aziatische landen wel voor hun zwakke financiële stelsels, maar de deskundigen van directeur-generaal Michel Camdessus bekenden nu wel dat ze de crisis niet zagen aankomen. Ze waren verblind door de hoge groeicijfers uit het verleden.

Het IMF heeft, ondanks de massale speculatie van de Amerikaanse pensioenfondsen, ook de Mexico-crisis niet zien aankomen. We kunnen dus besluiten dat een crisis vaak niet te voorspellen is.

1.5 Politieke gevolgen van de crisis voor de Aziatische landen

De crisis veroorzaakt ondertussen politieke onrust. Thailand kreeg vorige zomer al een nieuwe regering. Zuid-Korea installeert Kim Dae Jung eind februari als nieuwe president. Voor het eerst in de bijna vijftigjarige nationale geschiedenis won een oppositieleider de presidentsverkiezingen, wat onder de huidige omstandigheden geen verwondering mag wekken.

1.6 Invloed van de crisis op andere continenten (in grote lijnen)

In een globale economie en met een vrije wereldhandel kan het niet anders dan dat de Aziatische crisis het westen besmet. Japan is het meest directe slachtoffer, maar ook de Verenigde Staten, dat dertig procent van zijn export op Azië heeft, krijgt te lijden. Europa kan er met schrammen van af komen, want de handel met de regio is niet groot. In elk geval beschikken de voormalige Tijgers niet meer over de middelen om gretig op de wereldmarkt te kopen. Integendeel. Zij zullen meer exporteren nu hun binnenlandse markten knock-out geslagen werden en hun producten, ten gevolge van de devaluaties van hun munten en de loonsverminderingen van de werknemers, aan concurrentiekracht wonnen. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) berekende dat de economische groei dit jaar met een klein procentpuntje daalt. Onafhankelijke economische instituten geloven er niets van. Volgens hen zal de fall-out van de Aziatische crisis veel zwaarder wegen.

1.7 “Geen vangnet voor speculanten” (Ph. Maystadt)

Azië zou al flink geholpen zijn met een moratorium op zijn schulden. Daarom riep het Internationaal Monetair Fonds de westerse banken en bedrijven op om hun verantwoordelijkheid te nemen. Vooral de banken zouden de aflossing van hun kortlopende kredieten moeten uitstellen. In het IMF groeit immers wrevel omdat het instituut steeds meer opdraait voor de risico’s die de internationale financiële markten nemen. Zelfs Ph. Maystadt, de Belgische minister van Financiën en voorzitter van het Interimcomité van het IMF, liet verstaan dat het niet zijn taak is om als vangnet voor speculanten te fungeren.

Naar vaste gewoonte koppelt het IMF strenge voorwaarden aan zijn financiële bijstand. De Tijgers moeten hun economie hervormen: hun markten openzetten voor de internationale handel, buitenlandse investeerders vrije toegang verschaffen tot hun kapitaalmarkt en rentevoeten afschaffen en de lonen verminderen en de arbeidsmarkt dereguleren.

De Aziaten voelen dit aan als een weerwraak voor hun succes van de tien voorbije jaren. Ze krijgen de indruk dat het westen hen weer bezet...

2. Analyse van de crisis

2.1 Oorzaken volgens P.B. RANA


Over de oorzaken van de Aziatische crisis is al veel gezegd en geschreven. Toch maakte P.B. RANA ( een econoom van de Aziatische ontwikkelingsbank (ADB) ) een studie en zag twee structurele oorzaken:

· De zorgwekkende toestand van de financiële sector, met als typische kenmerken een groot aantal probleemkredieten en een slecht management. De financiële sector in ZO-Azië is sterk gefragmenteerd. De markt wordt er verdeeld tussen kleine privé-banken en grote staatsinstellingen, merchant banks, wisselkantoren,... Al die instellingen waren slecht opgewassen tegen de liberaliseringsgolf die in de jaren negentig op hen afkwam. Om winstgevend te blijven moesten ze vaak enorme risico’s nemen. Dat verklaart onder andere het groot aantal dubieuze investeringen in de vastgoedsector.

· Lenen in het buitenland werd aangemoedigd door de koppeling van de munten aan de Amerikaanse dollar, die elk wisselrisico leek uit te sluiten. Die stroom van buitenlands kapitaal (zowat verveertienvoudigd in tien jaar) moest op één of andere manier een bestemming vinden, maar werd niet altijd op de meest productieve manier geïnvesteerd. De ongebreidelde toevoer van goedkoop kapitaal leidde tot overcapaciteit en werkte een slecht management in de hand. Het systeem bleef in vele landen ongehoord lang draaien, omwille van de belangenvermenging die je er op alle fronten aantreft. Indonesië, waar volgens sommigen 80% van de economie gecontroleerd wordt door de clan rond president Suharto, is een schoolvoorbeeld. Ook de bankiers hadden een te grote greep op bedrijven waarvan ze ook de voornaamste geldschieters waren. Azië mist grotendeels de westerse aandeelhouderstructuur, waarbij kapitaal wordt opgehaald bij het grote publiek en waarbij het management wordt beloond of gestraft op basis van zijn resultaten. Om de speculatieve zeepbel te doorprikken volstond een samenloop van omstandigheden: de vertraging van de export vanaf 1996 en de stijging van de Amerikaanse dollar. Als gevolg van de muntkoppeling zorgde dat laatste voor een snelle afbrokkeling van de concurrentiepositie. Bovendien zaten heel wat grote banken met grote bedragen aan (slechte) kredieten opgezadeld, zodat de geldkraan vanaf 1996 werd dichtgedraaid. De onmiddellijke aanleiding voor de eerste aanval op de Thaïlandse baht (juli 97) was de zorgwekkende toestand van de Thaïlandse deviezenreserves. Al gauw werd echter duidelijk dat de rest van de regio er niet veel beter voorstond....

2.2 Is de crisis vergelijkbaar met de Tequila-crisis ?

P.B. Rana heeft ook onderzocht of de Aziatische crisis vergelijkbaar is met de Mexicaanse Tequila-crisis van 1994. Hij merkte op dat ze totaal verschillend zijn omdat er in Mexico sprake was van excessieve ontleningen (overborrowing) door de overheid. Het land voerde echter erg snel een geloofwaardige hervorming door, waarna het vertrouwen al na enkele maanden terugkeerde. In Azië daarentegen hebben we te maken met een verkeerd gebruik van kapitaal (misallocation) in de privé-sector.

Zuid-Korea zit al lang aan tafel met tientallen westerse banken om een oplossing te vinden voor zijn dringende betalingsproblemen. Diezelfde bankiers moeten ook apart vergaderen over de andere landen in de regio. De zaken worden ook bemoeilijkt door de gesloten houding van heel wat regeringen, die slechts bij mondjesmaat de omvang van de crisis bekendmaken.

2.3 De rol van het IMF

De IMF-maatregelen hebben tot doel het vertrouwen van internationale investeerders te herstellen zodat de buitenlandse kapitaalstroom terug op gang komt. De allereerste vereiste daarbij is dat er terug stabiliteit komt op de wisselmarkt.

Maar de maatregelen in Azië misten grotendeels hun effect. Het duidelijkste en meest dramatische voorbeeld daarvan was Indonesië, waar de roepia na de IMF-tussenkomst nog ruim 60% van zijn waarde verloor. Maar ook andere landen in de regio zagen hun munten dag na dag verder kelderen.

Het IMF geeft in een interne nota overigens toe dat het in Indonesië de duimschroeven misschien wat te hard heeft aangedraaid en daarmee een verdere kapitaalvlucht in de hand werkte.

Vast staat alvast dat de rol van het IMF in de Aziatische crisis omstreden is. De argumenten van de critici lopen echter uiteen. Naast de kritiek op de slechte inschatting van de crisis worden er ook twijfels geuit over het feit dat het Fonds moet opdraaien voor de flaters die de westerse bankiers en investeerders hebben gemaakt. De banken zouden aangemoedigd geweest zijn om leningen te blijven verstrekken aan de Aziatische landen, precies omdat ze wisten dat het IMF in geval van nood toch tussenbeide zou komen.

In conservatieve Amerikaanse kringen wordt er dan maar meteen voor gepleit de financiering van het IMF stop te zetten. Bij een groot deel van het Amerikaanse kiezerspubliek doet die slogan het overigens goed; wat niet verwonderlijk is als je weet dat de Amerikaanse belastingbetalers instaan voor 18% van de IMF-reserve van 200 miljard dollar.

Ondanks al die kritiek was het bestaan van een instelling als het IMF wellicht een geluk bij een ongeluk. Al was het maar omdat het Fonds een onmisbare rol vervult als centraal aanspreekpunt voor schuldeisers en schuldenaars. Zonder het IMF zou de crisis wel eens chaotische vormen kunnen aangenomen hebben.

Zoals al gezegd kreeg na Thaïland Zuid-Korea klappen, daarna volgden Maleisië en Indonesië. Voor drie van deze vier landen werkte het IMF al steunprogramma’s uit, waarvoor al massale geldpakketten werden vrijgemaakt.

2.4 De gevaren

Vele westerse mensen trekken zich van deze crisis nog niets aan; zolang wij er niets van voelen tenminste. Velen vragen zich af wat er vandaag de dag nog mis kan gaan met ons ? Op deze vraag bestaat er een shockerend, maar waarlijk antwoord ; ONGEVEER ALLES !

Daarom zetten we de belangrijkste risico’s even op een rijtje.

2.4.1 China devalueert

Dit scenario staat waarschijnlijk bovenaan het gevarenlijstje van heel wat economen. China lag al in 1994 mee aan de bais van de huidige crisis. In dat jaar devalueerde Peking namelijk zijn munt, de yuan, om een concurrentievoordeel te krijgen op de buurlanen. Die beslissing komt vandaag als een boemerang op het land terug: door de competitieve devaluaties in de rest van Azië werd de concurrentiepositie van China zwaar aangetast. Op een ogenblik dat nagenoeg de helft van zijn staatsbedrijven met verlies draait, dreigt de economische groei een serieuze knauw te krijgen. Ook kampt het land met een groeiende werkloosheid en een sociale tijdbom.

In die omstandigheden is het voor Peking bijzonder verleidelijk om zich uit de crisis te exporteren door de yuan nogmaals te devalueren.

Dit zou onvermijdelijk leiden tot een nieuw domino-effect in de regio en verhoogt de kans op nieuwe muntcrisissen in andere werelddelen, vooral in Latijns-Amerika en Oost-Europa. Door een Chinese devaluatie zou ook de druk toenemen op Hongkong om zijn muntkoppeling aan de Amerikaanse dollar op te geven. Met die koppeling staat of valt het vertrouwen in de Hongkongse kapitaalmarkt, die na Tokyo de belangrijkste is van het Verre Oosten.

Gelukkig wordt er druk uitgeoefend op Peking om zijn munt toch maar niet te devalueren. Gelukkig ziet China in dat het er zelf belang bij heeft om de crisis niet uit de hand te doen lopen.

2.4.2 Indonesië gaat failliet

M.A.W. de Indonesische bedrijven kunnen hun buitenlandse schuldeisers niet meer betalen en de regering in Jakarta beslist dat er geen dollar meer het land uit mag. Indonesië is het eerste land in de regio waar zo’n financieel rampscenario echt tot de mogelijkheden behoort.

Een daadwerkelijke schuldbevriezing zou kunnen leiden tot een zwaar vertrouwensverlies bij de buitenlandse geldschieters, die de geldkraan nog verder zouden dichtdraaien.

2.5 De Aziatische domino’s

De economische en financiële storm die vorig jaar Thailand in zijn greep kreeg, raasde in enkele maanden van land tot land en lijkt voorlopig nog niet uitgewoed.

Hoe erg de crisis is, kan worden afgeleid uit de val die de nationale munten doormaakten en uit de aandelenkoersen op de Aziatische beurzen.

2.4.1 China + Hongkong : “Erop of eronder”

Aantal inwoners: 1.224 + 6 mln
Hoofdstad : Peking
Munt : Yuan + HK dollar
bbp per hoofd : 440$ + 22.590$
Buitenlandse schulden China medio ’97 : 57,9 mld $
Aandeel Belgische Export : 0,5 % + 0,8 %

De vraag is natuurlijk of China de storm kan ontwijken. Het antwoord op deze vraag is van enorm belang; niet alleen voor Azië, maar ook voor de rest van de wereldeconomie. Met meer dan een zesde van de wereldbevolking heeft China een erg aanlokkelijke thuismarkt, die het op één na grootste aantal buitenlandse investeerders aantrekt.

Spijtig genoeg komt China onder druk te staan. Door de aanhoudende muntontwaardingen in de buurlanden, wordt de Chinese yuan relatief duur. Voor Peking moet de verleiding groot worden om een devaluatie door te voeren, hoewel de Chinese leiders verzekeren dat niet te overwegen. (zie ook 2.3.1)

De Hongkongse Beurs kreeg in oktober ook een klap die voelbaar was op alle wereldbeurzen. Nochtans wijzen de beleidsmakers op de fundamentele gezondheid van de economie en hopen ze, in het oog van de storm, aan het grote geweld te ontsnappen. Ook de wederaansluiting bij China had vorige zomer nochtans gezorgd voor een flinke beurshausse. Het liep storm voor de Chinese aandelen en Hongkong groeide snel uit tot het financiële centrum van de Volksrepubliek. Dat kwam de Hongkongse economie ten goede, maar het geeft meteen ook de zwakte ervan aan.

2.4.2 Thaïland : “Aanstichter van de crisis”

Aantal inwoners: 60 mln
Hoofdstad: Bangkok
Munt: Baht
bbp per hoofd: 2.454 $
Buitenl. Schuld medio ’97 : 69,4 mld $
Aandeel Belgische export: 0,5 %

Thailand kan de bedenkelijke eer opeisen de aanstichter te zijn geweest van de Aziatische crisis. Sindsdien is het niet meer goed gekomen, ondanks een lening van het IMF (aug 97) ter waarde van ruim 17 miljard dollar. Het ging toen om de grootste reddingsoperatie van het IMF, op de crisis in Mexico in 1995 na. Thailand onderhandelt nu met het IMF over soepelere voorwaarden in ruil voor de lening. Toch dring het IMF erop aan dat Thailand zelf meer werk maakt van de gezondmaking, maar Premier Chuan Leekpai wil zich van die taak kwijten.

2.4.3 Indonesië: “Einde van een tijdperk”

Aantal inwoners: 197 mln
Hoofdstad: Jakarta
Munt: Roepia
bbp per hoofd: 792 $
Buitenl. Schuld medio ’97: 58,7 mld $
Aandeel Belgische export: 0,2 %

Suharto regeerde gedurende 32 jaar met de ijzeren hand. Hij veranderde het van een economisch rampgebied in een nieuwe tijger. De beperkingen van de burgerlijke en politieke vrijheden moesten de Indonesiërs er wel bijnemen. Maar de politieke vriendendiensten, de combines en de veralgemeende corruptie brengen het land nu op de rand van de afgrond. Op drie dagen tijd verloor de roepia de helft van zijn waarde, wat leidde tot een stormloop op de levensmiddelenwinkels.

Het IMF, dat eerder al een kredietlijn van 43 miljard dollar had verstrekt, moest opnieuw opdraven om de gemoederen te bedaren. Suharto moest in ruil voor het IMF-krediet (onbekende) toegevingen doen. Monopolies worden afgeschaft, nutteloze prestiegeprojecten stopgezet, ...???...

2.4.4 Zuid-Korea

Aantal inwoners: 46 mln
Hoofdstad: Seoul
Munt: won
bbp per hoofd: 8.419 $
Buitenl. Schuld medio ’97: 103 mld $
Aandeel Belgische export (’96) : 0,4 %

Het elfde industrieland ter wereld, met zijn ook bij ons bekende namen als Daewoo, Hyundai was virtueel failliet. Zuid-Korea moest eind vorig jaar bij het IMF aankloppen voor hulp.

Het IMF trok een hulppakket uit van 58 miljard dollar, maar dat volstaat niet om de komende maanden aan alle verplichtingen te voldoen. Bijkomende onderhandelingen over schuldherschikking zijn aan de gang. Bovendien gaat de IMF-kuur gepaard met pijnlijke ingrepen. Tegen het eind van dit jaar worden 1 miljoen werklozen verwacht.

2.4.5 Japan

Aantal inwoners: 126 mln
Hoofdstad : Tokyo
Munt: yen
bbp per hoofd: 36.782 $
Buitenl. Schuld medio ’97 : -
Aandeel Belgische export : 1,4%

Vorige zomer spraken de Japanse autoriteiten nog van een “solide” economische groei. In september werd dat afgezwakt tot “langzame” groei. En in november kregen de autoriteiten het woord “stilstand” over de lippen. Voorlopig ziet het er naar uit dat niemand goed weet hoe de groei weer op gang kan worden gebracht.

Nochtans is de Japanse economische situatie niet te vergelijken met die van zijn buurlanden. Japan heeft traditioneel een comfortabel overschot op zijn handelsbalans en houdt als gevolg daarvan de grootste voorraad Amerikaanse dollars ter wereld aan. Voorlopig moet de regio echter niet rekenen op Japan als motor om de Aziatische economieën terug aan te zwengelen.

2.4.6 Maleisië

Aantal inwoners: 21 mln
Hoofdstad: Kuala Lumpur
Munt: ringgit
bbp per hoofd : 3.582 $
Buitenl. Schuld medio ’97: 28.8 mld $
Aandeel Belgische export: -

Maleisië loopt door zijn relatief kleine bevolking en zijn aanvaardbare schuldenlast minder in de kijker dan buurland Indonesië. Premier Mahathir wil echter niet bij het IMF aankloppen uit vrees zijn zelfstandigheid te verliezen. Hij kan dat omdat Maleisië er (nog) niet zo erg aan toe is : de rente bleef relatief laag en er is nog ruimte voor economische groei.

Intussen is Mahathir geen maatregel gek genoeg om harde dollars het land binnen te halen. Hij raadde zijn landgenoten aan niet meer in het buitenland op vakantie te gaan, hun buitenlandse bezittingen en gouden juwelen te verkopen, zelf groenten te kweken en minder (ingevoerde) suiker en rijst te verbruiken. Hoe lachwekkend dit ook lijkt, het geeft wel een idee van de heilige schrik die Mahathir heeft om politiek gezichtsverlies te lijden.

Ook Maleisië zal veranderen. Enkele prestigieuze miljardenprojecten verdwijnen in de diepvries en de razendsnelle welvaartsgroei zal op een lager pitje komen te staan. Onderhuids sudderen de sociale en raciale spanningen. Maleisië heeft, naast een enorme underclass van goedkope, vooral Indische gastarbeiders, ook een toplaag van rijke Chinezen.

3. Invloed van de Azië-crisis op de wereldeconomie

Vele economen verwachten dat de crisis in Azië de groei van de wereldeconomie met ongeveer een 0,5 procentpunt tot 2,6 omlaag zal duwen. Japan zal waarschijnlijk het zwaarst getroffen worden met een groei van 1 procent in plaats van de voorziene 3 procent. De VS daarentegen zouden de economische groei met 0,4 procentpunt zien aantrekken tot 2,4 procent. Voor het gehell van de rijkste zeven industrielanden (G-7) wordt een afname met 0,3 procentpunt verwacht. De groeiverwachtingen voor Frankrijk, Groot-Brittannië, Duitsland en Italië blijven overeind.

Dit zijn uitspraken van Pieter Bottelier, de Wereldbank-econoom voor ZO-Azië. (2/2/98)

4. België en de Aziatische crisis

4.1 Generale bank neemt maatregelen


Volgens de Standaard van 10/2/98 heeft de Generale Bank voor het boekjaar 1997 voor 800 miljoen voorzieningen aangelegd voor kredietrisico’s in Aziatische landen. Volgens de Generale bank weerspiegelen die voorzieningen de “voorzichtige en conservatieve houding in verband met de evaluatie van de risico’s”. De voorzieningen zouden echter geen gevolgen hebben voor het netto-resultaat van de groep; dat is te danken aan de “gunstige ontwikkeling in bepaalde andere dossiers”, waardoor het bedrag aan waardeverminderingen in de groep binnen de vastgelegde perken kan blijven.

Eind vorig jaar hadden de zeven grootste Belgische banken volgens de bankcommissie nog 169 miljard frank tegoed van de Aziatische landen die het zwaarst door de crisis getroffen zijn. We kunnen echter wel rekenen op een waarschijnlijke snelle schuldafbouw omdat het vooral kortlopende kredieten zijn die verleend werden aan Aziatische bedrijven en instellingen.

4.2 Aziëcrisis kost de Belgische economie geld

Volgens het Instituur voor de Nationale Rekeningen heeft de Aziatische crisis vorig jaar de Belgische economie 28,3 miljard frank gekost. De sterke groeivertraging en in sommige gevallen negatieve groei in Oost-Azië heeft een negatieve invloed op de uitvoer van ons land. De forse daling van Oost-Aziatische valuta’s verhoogt de concurrentiekracht van het Verre Oosten en doet de invoer uit deze regio stijgen.

5. Effecten op de EU industriële sector

De chemische industrie verwacht niet dat het ernstig zal beïnvloed worden door de Aziatische crisis. Een vermindering van de vraag moet wel in acht genomen worden, maar de export van chemicaliën naar Azië bedraagt slechts 6,5% ; Japan inbegrepen; en Japan is er nog niet zo ernstig aan toe.

(van de invloed op de staalindustrie, autoindustrie, scheepsbouw, vliegtuigbouw, textiel,.... hebben we ook uitgebreide gegevens, maar die zullen we niet verder bespreken omdat dit tot een ander onderwerp behoort : “de gevolgen van de Aziatische crisis”)

Bronnen:

· Knack / 7 tot 13 januari 1998 / “ Mirakels bestaan niet “
· De Standaard / 12 feb 1998 / “ Aziëcrisis kost Belgische regering al ruim 28 miljard frank ”
· De Standaard / 10 feb 1998 / “ Generale Bank zet 800 mio opzij voor Azië-crisis ”
· De Standaard / 31 jan 1998 / “ De Aziatische Domino’s ”
· De Standaard / 31 jan 1998 / “ Crisis in Azië ”
· De Standaard / 3 feb 1998 / “ Azië-crisis drukt groei wereldeconomie ”
· Internet : WWW.YARDENI.COM
· Verslag Europese commissie : “Effects of the financial crisis in Asia on EU industry
· Financial Times / 30 march 1998 + 4,5 april 1998

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

N.

N.

hoi Gert.
Ik heet nicole en ik doe nu mijn eindexamen jaar Havo. Voor economie ga ik een werkstuk doen over de Economische crisis in Azie en nou wil ik graag van jou weten waar je precies al je informatie hebt gehaald want het lukt mij niet om aan informatie te komen. Ik vind jou werkstuk zeer goed en ik zal zeker het een en ander gebruiken in mijn werkstuk. Als je mij wilt helpen heel graag.

Alvast bedankt Nicole

20 jaar geleden

J.

J.

Goed bezig Gertje!!!!

20 jaar geleden

M.

M.

He hallo daar Gert!!!
Hoe ben jij aan je informatie gekomen want al jouw bronnen klopten niet....

20 jaar geleden

S.

S.

ik vind het een erg en een erg mooie werkstuk ik zie dat je er erg lang aan hebt gewerkt.
ik zou het een 10+ geven als dat kon,
ik heb jou onderwerp gebruikt en jou werkstuk gelezen en ik heb daarvoor een 9 voor gekregen.
DANK JE WEL!!!!!

17 jaar geleden