Brandstof prijzen

Beoordeling 6.3
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 5e klas havo | 2126 woorden
  • 12 juni 2002
  • 56 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.3
  • 56 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Hfst: 1 “De geschiedenis”

Hoe komen we aan het gebruik van brandstof en wat verstaan we onder brandstof? Brandstoffen worden al sinds mensen heugenis gebruikt. In het begin was dat doormiddel van hout of steenkool. Een mooi voorbeeld is dat van de stoomtrein deze werd al tientallen jaren geleden gebruikt.
Later werden er ook auto’s gemaakt die op stoom reden. Alleen dit was niet echt praktisch dus zochten ze naar andere brandstoffen. En kwamen ze op de brandstof die we vandaag de dag nog steeds kennen.

Een mooi voorbeeld uit de geschiedenis boeken:

In de negentiende eeuw kwamen er snellere voertuigen. Dat kwam door de uitvinding van de stoommachine (ca. 1775). De eerste stoomtrein reed in 1804. In 1846 stak de eerste stoomboot met schroef de Atlantische Oceaan over. Maar de stoommachine was niet bruikbaar voor een vliegtuig. Het vliegtuig zou dan veel te zwaar worden.

Eind negentiende eeuw werd de verbrandingsmotor (die werkt op benzine of diesel) uitgevonden. Toen kon ook een vliegtuig ontwikkeld worden. De Amerikaanse fietsenmakers Orville en Wilbur Wright maakten een vliegtuig in hun vrije tijd. In 1903 maakte Orville de eerste geslaagde vliegreis. Hij bleef 59 seconden in de lucht en vloog 250 meter.

Deze leuke en leerzame informatie over hoe de mensen brandstoffen gingen gebruiken (Benzine, Diesel, LPG) voor motoren en andere soorten apparaten die dit nodig hebben.

Hfs: 2 Brandstof prijzen

Wie voor 1.15 (benzine prijs genomen van maart 2001) euro per liter zijn benzinetank vult wordt daar niet echt vrolijk van. Benzine was al niet goedkoop en dan komt daar nog ook eens een prijsstijging van een paar dubbeltjes in enkele weken overheen. En dan wordt de prijs van benzine weer verlaagd met enkele centen.

Wie en wat zit daar achter!?
En hoe lang gaat het nog duren, voordat wij het Franse voorbeeld volgen en ook wij havens en snelwegen gaan blokkeren als protest tegen de veel te hoge brandstofprijzen. Maar wij vragen hier minister Kok beleefd ons kwartje terug dat hij ooit als minister van financiën van ons geleend heeft. Kok zegt nee, en wij gaan weer over tot de orde van de dag en vullen morrend onze tank met de steeds duurder wordende brandstof.

Overzicht actuele brandstofprijzen

Deze prijzen zijn van de Shell site en je kan zien dat de prijzen best wel veel verschillen per jaar.
Prijzen per: 31-01-2001
€



Euro ongelood

1.153

Super plus

1.212

Pura

1.193

Diesel Ultra Laag zwavel

0.825

Prijzen per: 09-02-2002
€



Euro ongelood

1.100

Super plus

1.154

Pura

1.140

Diesel Ultra Laag zwavel

0.758


De prijzen van Euro ongelood van 31-01-2001 tot 09-02-2002

(Prijzen van Euro ongelood tussen de boven genoemde data’s)

31-01-2001 1.153
12-02-2001 1.162
14-02-2001 1.171
20-02-2001 1.162
27-02-2001 1.162
01-03-2001 1.153
03-03-2001 1.144
20-03-2001 1.157
28-03-2001 1.175
04-04-2001 1.180
06-04-2001 1.193
11-04-2001 1.198
13-04-2001 1.212
18-04-2001 1.230
20-04-2001 1.230
24-04-2001 1.230
07-05-2001 1.239
10-05-2001 1.257
12-05-2001 1.275
16-05-2001 1.266
17-05-2001 1.257
29-05-2001 1.239
31-05-2001 1.221
05-06-2001 1.207
08-06-2001 1.198
15-06-2001 1.189
19-06-2001 1.180
20-06-2001 1.166
23-06-2001 1.153
30-06-2001 1.153
11-07-2001 1.144
13-07-2001 1.134
18-07-2001 1.134
20-07-2001 1.125
27-07-2001 1.139
14-08-2001 1.148
21-08-2001 1.130
25-08-2001 1.144
29-08-2001 1.153
04-09-2001 1.166
07-09-2001 1.171
18-09-2001 1.171
21-09-2001 1.153
25-09-2001 1.139
26-09-2001 1.116
29-09-2001 1.107
10-10-2001 1.094
13-10-2001 1.094
18-10-2001 1.085
24-10-2001 1.085
30-10-2001 1.085
31-10-2001 1.080
03-11-2001 1.066
13-11-2001 1.080
14-11-2001 1.080
15-11-2001 1.080
16-11-2001 1.080
17-11-2001 1.060
18-11-2001 1.060
19-11-2001 1.060
20-11-2001 1.050
21-11-2001 1.050
22-11-2001 1.060
23-11-2001 1.060
24-11-2001 1.060
25-11-2001 1.060
26-11-2001 1.060
27-11-2001 1.060
28-11-2001 1.060
29-11-2001 1.060
30-11-2001 1.060
01-12-2001 1.060
02-12-2001 1.060
03-12-2001 1.060
04-12-2001 1.060
05-12-2001 1.060
06-12-2001 1.060
07-12-2001 1.060
08-12-2001 1.060
09-12-2001 1.060
10-12-2001 1.060
11-12-2001 1.060
12-12-2001 1.060
13-12-2001 1.050
01-01-2002 1.090
04-01-2002 1.090
05-01-2002 1.095
08-01-2002 1.110
11-01-2002 1.100
16-01-2002 1.090
29-01-2002 1.100
09-02-2002 1.100

De boven genoemde prijzen zijn in EURO’s

De hierboven genoemde bedragen laten goed zien hoe de brandstof prijzen kunnen variëren in een jaar.
Hieruit kunnen we concluderen we dat de benzine prijzen van euro ongelood heel erg kunnen veranderen. Zo zien we dat de prijs op 12-05-’01, € 1,27 bedroeg, en op 11-12-’01 was die prijs gedaald naar € 1,06. Dat is een verschil van € 0,21. Op een tank van 50liter scheelt dat dus:

Bij een prijs van € 1,27

€ 1,27 x 50 = € 80,65

Bij een prijs van € 1,06

€ 1,06 x 50 = € 53,00

dat is dus een verschil van € 27,65!!!

Omgerekend in Nederlandse guldens is dat zo’n 60 piek. Deze prijzen worden bepaald op de volgende manier.


Opbouw Shell adviesprijs Euro ongelood op € 1,09 (situatie 1 januari 2002)

[plaatje0]
Hierboven zie je een grafiek met de opbouw van Euro ongelood. Door deze tekening kan je goed zien dat de benzine prijzen eigenlijk niet zo hoog zijn, maar hoog worden gemaakt. Dit wordt gedaan door middel van belastingen.


* De verschillende belastingen worden op de volgende bladzijde haarfijn uitgelegd.

Accijns:
Accijns is een verbruikersbelasting die is verwerkt in de prijs. Accijns wordt geheven per liter. Dit wordt geheven door de overheid en het geld dat de accijns oplevert wordt gebruikt voor het bouwen van nieuwe wegen.

Brandstoffenbelasting:
In het kader van de belastingen op milieugrondslag is er de brandstoffenbelasting.

Voorraadbelasting:
Oliemaatschappijen zijn verplicht een strategische olievoorraad aan te leggen. De kosten hiervan worden betaald uit de opbrengst van de voorraadbelasting. Ook de voorraadbelasting wordt door de overheid verrekend.

BTW:
De belasting over de toegevoegde waarde is een algemene verbruiksbelasting voor goederen en diensten. De BTW wordt geheven over de prijs van het goed of de dienst
De BTW is voor brandstoffen tegenwoordig 19%.

Dieselprijs

Diesel is de brandstof voor wegverkeer en de pleziervaart op het water en in de lucht.
Je hebt rode diesel: de brandstof voor al het andere dan het wegverkeer en de pleziervaart. Onder meer tractoren en huishoudolie valt hier onder.
Dan heb je ook nog paarse diesel, dit is de regeling voor de teruggave voor zware vrachtauto’s in de transportsector. De reden voor deze teruggaaf regeling is de compensatie van de accijnsverhogingen. Voor de teruggaafregeling is destijds goedkeuring van de Europese commissie aangevraagd en verkregen. Deze goedkeuring heeft een looptijd van een jaar en wordt jaarlijks verlengd.

De dieselprijs aan de pomp is sinds 1 januari 1995 gestegen met 66,8 cent per liter gestegen. Hiervan is 44,4 cent per liter gevolg van de stijging van de kale dieselprijs, dat is de pompprijs voor accijnzen heffingen en BTW.
Sinds 1 januari 2000 is de dieselprijs weer gestegen met 20,2 cent per liter, waarvan 17,2 cent het gevolg is van de stijging van de kale dieselprijs. Sinds 1995 is het belastingaandeel gedaald van 75% naar 61%.

Wanneer is het rijden met gas lonend?

Het omslagpunt tussen benzine en diesel enerzijds en autogas anderzijds is van doorslaggevende betekenis voor de automobilist om op autogas te gaan rijden. Dankzij de ondersteuning van de overheid in de vorm van belastingvoordelen voor de autogasrijder, ligt het omslagpunt tussen benzine en autogas voor een gemiddelde personenauto op dit moment rond 14 000 km per jaar. Dit lage omslagpunt is te danken aan de € 318,- korting op de houderschapsbelasting voor LPG auto’s met een G3-instalatie. De overheid wil het gebruik van LPG auto’s hiermee duidelijk stimuleren.
Het omslagpunt tussen diesel en benzine is hoger geworden omdat op de aanschaf van een dieselpersonenauto extra € 907,- bpm wordt geheven. De overheid wil de aanschaf van een dieselauto ontmoedigen. Daarom is het omslagpunt tussen diesel en benzine 21 000 km per jaar.

Hfst: 3 De OPEC

Als we de prijsvorming van een liter Euro ongelood gaan bekijken door alle takken van de bedrijfskolom (aardolieproducent, benzinemaatschappij, pomphouder) komen tot een volgend beeld. De prijs van de grondstof, ruwe aardolie, wordt door vraag en aanbod bepaald. Met de volgende bijschrift dat zo’n 35% van het aanbod beheerst wordt door de OPEC (Oil Producing and Exporting Countries). De OPEC is een kartel van olieproducerende landen dat momenteel 40% van de wereldolieproductie verzorgt en 75% van de bewezen reserves bezit.

Welke macht heeft de OPEC op ons verbruik?

De OPEC bestaat uit: Saoedie Arabie, Irak, Iran, Katar, Verenigde Arabische Emiraten, Koeweit, Venezuela, Nigeria, Libië, Algerije en Indonesië. Deze landen proberen door prijsafspraken en productieafspraken invloed uit te oefenen op de wereldolieprijs. Het was zelfs zo dat in 1973 en 1979 de OPEC voor veel opschudding zorgden door drastische prijsverhogingen. Door deze prijsverhogingen werd in het industriële westen men er beter bewust van zijn afhankelijkheid van een beperkt aantal olieleveranciers. Er volgde op de prijsverhoging een aantal reacties:
· Er gingen steeds meer mensen opzoek naar andere alternatieve brandstoffen.
· Verbruikers gingen zuiniger om met energie: deze isoleerden hun huizen.
. Er werden zuinigere auto’s gebouwd die rond de 1 op 20 rijden.
· Er werd gezocht naar andere vind plaatsen van olie in plaats van de
gebruikelijke plaatsen, hierbij is te denken aan de Noordzee.

Gevolgen van de boven genoemde actie:

De vraag naar olie liep terug en het aanbod nam toe. De macht van het OPEC-kartel is tegenwoordig een stuk minder groot dan ongeveer twintig jaar geleden toen de OPEC nog de totale wereldolieprijs beheerste. Tegenwoordig speelt het marktmechanisme, dus vraag en aanbod, een belangrijke rol.
Anderhalf jaar geleden was de olieprijs ingezakt tot zo’n $35 per vat (een vat is 159 liter). Voor de OPEC was dit een reden om bijeen te komen en te besluiten om het gezamenlijk aanbod te beperken. Dit is een van de oorzaken dat de olieprijs in juni 2000 weer $34 per vat was.
En daar kwam dan ook nog het herstel van de economieën van Azië en Europa bij. En de energieslurpende economie van de VS heeft de wereldvraag naar olie flink opgeschroefd. Ook het hamsteren van olie i.v.m. de millenniumwisseling en de strenge winter in de VS waren daar mede de oorzaken van .

Hoe is het nu?

Intussen is er al een aantal keren druk uitgeoefend op de OPEC om de productie op te voeren om de prijs omlaag te krijgen. De OPEC heeft de productie uitgebreid maar tot dusver blijkbaar onvoldoende om de groeiende vraag het hoofd te bieden: de wereldolieprijs is nog niet gedaald.
Een stapje verder komen we Shell, Esso, BP enz tegen. In principe een oligopolistische markt,* waar felle prijsconcurrentie zou kunnen heersen. Maar daar is in ons land geen sprake van, sterker nog bij ons zijn de prijzen exclusief de BTW en de accijns 30% hoger dan in bijv. Duitsland. Voor de vorige minister van economische zaken Wijers was dit reden om een onderzoek te starten naar concurrentiebeperkende afspraken tussen de oliemaatschappijen. Intussen is ook in Frankrijk zo’n onderzoek gestart naar mogelijke kartelafspraken. Maar ook nu kunnen we woordvoerders horen zweren dat er geen afspraken zijn. Het is best mogelijk dat dit waar is maar dat er geen afspraken zijn betekend niet dat er geen prijsleiders is en de anderen volgen. Volgens de mededingingswet zou dit vallen onder “onderling afgestemd gedrag” en dat is ook verboden. In een volgend hoofdstuk ga ik daar dieper op in omdat dit toch betrekking heeft op een van mijn deelvragen.
De benzinemaatschappijen maken naar hun zeggen niet meer dan 3 cent winst van de 2,49 bij de pomp. Ze zouden dus weinig ruimte hebben voor een prijsverlaging.


Intussen zijn we op het niveau van de pomphouders aangeland, het schoolvoorbeeld van monopolistische concurrentie. De marge van een pomphouder is zo’n 2 cent en als dit gegeven juist is ook hier niet echt veel mogelijkheid om de prijs te verlagen.
De grootste slokop die ook nog even langskomt voordat wij het kostbare vocht in onze tank gieten is de overheid. Die haalt momenteel zo’n f 1,70 aan BTW en accijns per liter binnen. Dus als er ergens een buffer voor een prijsverlaging zit is het hier wel. Maar of die f 1,70 relatief veel of weinig, goed of slecht is, daar kun je over van mening verschillen. Wie het milieu een warm hart toedraagt zou voor 5 gulden per liter kunnen pleiten. Wie van mening is dat autorijden voor de meeste mensen een eerste levensbehoefte is en vind dat het openbaar vervoer onvoldoende ontwikkeld is zou pleiten voor verlaging van de literprijs. Bijvoorbeeld door het “kwartje van Kok” terug te geven die de automobilisten al jaren betalen. Maar de regering wil dit niet om de oververhitte economie geen extra koopkracht injecties te geven.


*noot: een oligopolistische markt is een markt waar geen prijsconcurrentie heerst. alle andere vormen van concurrentie komen er wel voor.


Als je de hele bedrijfskolom gehad hebt, dan komt de autorijdende consument pas kijken. Wordt na een prijsstijging van een halve gulden, (dat is een stijging van ongeveer 25%) minder auto gereden? Op de weg merk je daar niets van. De benzine verkopen zijn nauwelijks gevoelig voor de prijsstijgingen, de vraag naar benzine heeft een heel lage prijselasticiteit, de vraag naar benzine is bijna niet gevoelig voor prijsveranderingen. De automobilist gedraagt zich als een verslaafde en de aanbieders in de bedrijfskolom weten dit en kunnen dus hun gang gaan.

Bronnen/literatuur lijst

http://www.de-brandstof.nl/brandstof.htm

http://www.kwartjeterug.nl/

http://www.gasunie.nl/

http://www.shell.nl/

http://www.touring.be/mobile/fuel/

http://www.autogas.nl/

http://www.volkskrant.nl/

http:// www.nrc.nl/

REACTIES

Er zijn nog geen reacties op dit verslag. Wees de eerste!

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.