Eindexamens 2024

Wij helpen je er doorheen ›

Vleermuizen

Beoordeling 6.6
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 1e klas vwo | 2013 woorden
  • 4 juni 2002
  • 331 keer beoordeeld
Cijfer 6.6
331 keer beoordeeld

ADVERTENTIE
3 redenen waarom je echt never nooit niet in het buitenland moet studeren

Studeren in het buitenland, de ultieme droom van veel mensen, toch? Nou,
vergeet het maar! Waarom zou je jezelf onderdompelen in nieuwe culturen,
talen en ervaringen als je ook gewoon thuis in je onesie op de bank kunt
blijven zitten?

Check het hier
1. Wat is een vleermuis. Vleermuizen zijn zeer boeiende en ongewone zoogdieren. Ze kunnen vliegen en zijn ’s nachts actief, vele soorten vinden de weg doormiddel van een sonarsysteem dat hun op de millimeter nauwkeurig kunnen vertellen waar ze zijn. Vleermuizen zijn vliegende zoogdieren die ‘s nachts actief zijn; rond de schemering vliegen ze uit om insecten te vangen. Vleermuizen zijn de enige zoogdieren die echt kunnen vliegen. Vaak worden ook vliegende eerhoorns voor een vliegend zoogdier aangezien, maar wat hij doet is niets meer de zweven door de huid tussen de poten en het lichaam. Vleermuizen kunnen vliegen door een vlieghuid tussen de voorpoten en de romp, en tussen de achterpoten de staart. De vlieghuid bestaat niet uit dood materiaal zoals bij vogels (de veren) maar uit levend weefsel, dit heeft als voordeel dat wonden snel genzen. Het probleem met leven weefsel is wel dat ze er ook pijn in voelen, dit kan tot gevolg hebben dat een vleermuis verhongert omdat hij zoveel pijn heeft dat hij niet kan vliegen. Ze hebben een zeer makkelijk beweegbaar skelet wat hen in staat stelt tot het kruipen door zeer nauwe kieren (1cm) . Dat deze zo beweegbaar is te danken aan het feit dat er ongelofelijk veel kraakbeen in hun botten zit, dit is het spul dat botten beweegbaar maakt. Hoe de inwendige organen op deze samendrukking reageren is niet bekent. Wat ook opmerkelijk is, is dat ze een snelheid kunnen bereiken tot zo’n 20 km p/u. Dit is ongelofelijk snel in vergelijking met de mens. 2. Soorten vleermuis. Hoewel er vele soorten vleermuizen zijn komen maar 17 van alle soorten in Nederland voor. Ze komen vrijwel overal in Nederland voor. Enkele van deze soorten zijn: - De Dwergvleermuis (Pipistrellus nathusii) De Dwergvleermuis is zo klein dat hij met ineenvouwen vleugels in een lucifer doosje past. Er leven van deze soort zo’n 77 soorten over de hele wereld. Alleen de Ruige dwergvleermuis komt in Nederland voor. Hij weegt zo’n 5.75 gram en heeft een spanwijdte van 18 tot 24 cm. - De Laatvlieger (Eptesicus serotitus) De Laatvlieger is ongeveer 2 keer zo groot als de Dwergvleermuis: met uitgespreide vleugels zo’n 40 cm. Zijn gemiddelde gewicht is zo’n 23.95gram. - De Grootoorvleermuis (Plecotus auritus) . Deze kenmerkt zich door het formaat van zijn oren; deze zijn in verhouding met zijn kop enorm: wel 3.1 tot 4.1cm. Hij heeft een spanwijdten van 24 tot 28.5 cm. Hij weegt zo’n 7.95 gram. Best veel als je bedenkt dat hij een snelheid kan bereiken van zo’n 20 km per uur. Er zijn natuurlijk wel meerdere soorten vleermuizen: honderden en honderden. Om dat ik geen boek ga schrijven maar een werkstuk ga ik ze niet allemaal op noemen. De Vleermuis heeft ook nog familie: de vleerhond. Deze zijn een stuk groter en eten vruchten en insecten
3. Jongen Vleermuizen krijgen eens per jaar een jong. Het is altijd maar 1 per keer. Die jongen eten mini insecten en moedermelk. Ze leven bij de moeder of in enorme kraamkolonies die soms wel duizenden dieren tellen. Om hun jong in deze kolonies terug te kunnen vinden laat de moeder op het jong haar speciale geur na. Deze verschilt van vleermuis te vleermuis, net als alle vingerafdrukken bij mensen verschillen. Als de moeder haar jong terug heeft gevonden kan het eten daarna valt het in slaap. Na een paar weken vliegen de jongen mee op de rug van de moeder. Dit klinkt misschien onlogisch of ongelofelijk maar het jong moet leren hoe je het langst in de lucht kan blijven. In deze periode lopen moeder en jong het meeste gevaar: ze zijn minder snel en wendbaar. Een ander probleem is dat ze in die periode een stuk zwaarder zijn en daardoor minder insecten kunnen vangen. Daarom moet het niet te lang duren voor ze zelf gaan vliegen. Als ze iets ouder zijn zullen ze zelf gaan vliegen zich bij de groep waarin ze zijn opgegroeid voegen. Vanaf dat moment zijn ze vruchtbaar. 4. Rabbies (hondsdolheid) Vleermuizen zijn vatbaar voor vele ziekten o.a. hondsdolheid. Een vleermuis die hondsdolheid heeft zal niet dol worden maar op korte termijn sterven. Omdat mensen deze ziekte ook kunne krijgen gelden een paar regels: - Vermijdt contact met vleermuizen: zorg dat je nooit gebeten wordt. Als je toch gebeten word ga onmiddellijk naar de huisarts. - Laat vleermuizen altijd met rust ze zullen dan niet bijten. Er zijn natuurlijk veel meer regels maar dit zijn de belangrijkste. Als er in een groep vleermuizen hondsdolheid uitbreekt kan je er zeker van zijn dat alle dieren het hebben. Vooral als het vampiervleermuizen (Trachops cirrhosus) in gevangenschap zijn. Dat zit zo: elke dierentuin of ander verblijfplaats waar deze dieren in gevangenschap worden gehouden is verplicht eens per jaar de dieren vrij te laten en nieuwe te vangen. Als een dier besmet raakt zal het die ziekte mee naar binnen brengen. In het wild zoeken ze allemaal van verschillende dieren (koeien, paarden) van te op om te eten. Maar in gevangenschap krijgen ze een schaaltje bloed om allemaal van te drinken (vaak komt die bloed ook maar van een dier) . De hondsdolheid zal in het bloed komen en alle dieren besmetten. Nog een methode: het dier waarvan het bloed komt waar ze van drinken is besmet. Mensen weten dat soms niet en geven alsnog het bloed aan de dieren. Gevolg: alle dieren in zo’n hok worden besmet. Jammer genoeg zijn er mensen die enorme kolonies uitmoorden omdat ze denken dat er misschien wel eens een geval van hondsdolheid zou kunnen zijn. Tot voor kort was het nodig om een dier te doden om te zien of het hondsdolheid had. Nu is dit (gelukkig) niet meer het geval. Ook voor ander ziektes zijn vleermuizen vatbaar van klein wondjes op de vleugels tot enorme plekken haaruitval. Eén geluk hebben ze: ze zijn niet vat baar voor mond-en-klauw-zeer. 5. Sonar Hoe komt het toch dat vleermuizen zo goed in het donker kunnen vliegen? Dit vroegen de mensen zich eeuwen geleden al af. Tot ze er achter kwamen dat Vleermuizen tijdens het vliegen hele hoog geluiden afstoten. Bij heel hoog moet je je +- 15.000 tot 120.000 Hz voorstellen. Omdat de mens ze niet kan horen worden de geluiden ook wel ultrasoon genoemd. Vleermuizen kunnen een beeld vormen van hun omgeving door de terugkaatsing van geluiden. Met dit echolaliesysteem, ook wel sonar genoemd, kunnen ze in het donker feilloos de weg vinden. Ontdekken ze een insect, dan word razendsnel de koers aangepast en door een knappe samenwerking tussen vleugels, staardhuid en bek het insect gevangen en al vliegend opgegeten. Grotere prooien worden of op de grond of in de verblijfplaats opgegeten. Eén vleermuis kan per nacht honderden insecten zoals muggen, motjes en kevers eten, omgerekend kan dit oplopen tot een kwart (soms de helft) van zijn lichaamsgewicht. Tussen de jachtmethoden zitten grote verschillen. Zo vliegt de Rosse vleermuis snel en hoog en lijkt daar bij op een gierzwaluw. De Watervleermuis en de Meervlieger vangen hun prooi door vlak boven het water te vliegen. De Grootoor vleermuis jaagt tussen boomtakken door of zelfs in openstaande schuren en heeft een eenzame en zeer wendbare vlucht. 6. Sporen Uitwerpselen van vleermuizen zijn langwerpig, bruin tot zwart en bevatten fijne tot grove insecten; het formaat is afhankelijk van de soort, van 1x3 mm tot soms 4x15mm. Ze kunnen alleen in en bij de verblijfplaatsen worden gevonden, bijvoorbeeld op kerkzolders of tegen de muur en op de vensterbank onder de uitvlieg opening. Op plaatsen waar veel vleermuizen verblijven, bijvoorbeeld bij een kraamkolonie in een boomholte of onder een daklijst, kunnen opvallende meststrepen worden aangetroffen. Verder kan je in de buurt natuurlijk altijd vleermuizen zien vliegen. Als je ze volgt kan op iets stuiten dat je nog nooit hebt gezien, een kolonie met honderden vleermuizen allemaal door elkaar. Maar je moet ze nooit of de nimmer volgen. Je verstoord de rust van de vleermuizen die daar slapen en in het ergste geval jaag je ze zelfs(ook al is het niet de bedoeling) weg. En al is het de bedoeling: waarom zou je? Echt last heb je van ze niet, en ik denk dat het erger is als je ’s avonds wordt belaagd door de muggen, en dat krijg je omdat de vleermuizen ze niet meer weg vangen. Dus laat ze altijd met rust dan heb je er nog lol van ook. Hoe kan het dan dat er zo veel soorten vleermuizen per jaar verdwijnen. Ik hoef maar 1 woord te zeggen: de mens. De mens is de grootste vijand van de meeste diersoorten op aarde en dus ook van de vleermuis. Het is gebleken dat in de afgelopen 20 jaar er minstens 2 soorten vleermuis uit Nederland zijn verdwenen. Het is jammerlijk om te zien hoe snel het aantal achteruit loopt. Maar meer hierover op bladzijde 10. 7. Bestrijding en bescherming Hoewel vleermuizen erg oud kunnen worden (soms meer dan 20 jaar) worden ze als diergroep bedreigt. Al vele tientallen jaren worden vleermuizen als ze slapen in hun winterverblijven geteld. Als je de tellingen van een paar jaar naast elkaar legt merk je al gouw dat bepaalde soorten in aantal sterk terug liepen, en ander zelfs totaal verdwenen waren uit ons land. Op dat moment (in 1973) zijn er c.a 20 soorten bij de wet in bescherming genomen. Daardoor was het niet meer mogelijk deze dieren te doden, te vangen, te verstoren of in bezit te hebben. Toch zijn er bedreigingen waar weinig aan te doen is: restauratie /isolatie van oude gebouwen waarin vleermuizen hun behuizing hebben, het rooien van de holle bomen, het verdwijnen van hun jachtgebieden (op plekken waar veel insecten zitten zul je ook veel vleermuizen tegenkomen) . Vleermuizen worden vaak als eng en gevaarlijk gezien iets dat ze totaal niet zijn. Hoe meer er van deze nuttige beestjes bekend is, hoe beter we ze kunnen beschermen. In Nederland is de onderzoeks groep Vleermuiswerkgroep Nederland (VLEN) bezig alles over ze te weten te komen.
8. Vleermuizen classificeren en oorsprong. Klasse: Chiropitra
Subklassese: Macro: Vleerhonden Micro: Vleermuizen
Familie: Rhinolophus
Soort: Vespariliodae: - Dwergvleermuis - Laatvlieger - Grootoor - Enz
Dat de vleermuizen als heel lang op deze aarde rondvliegen is bewezen door resten die we hebben gevonden; deze waren zo’n 55 tot 60 miljoen jaar oud. De soorten uit die tijd verschilden bijna niets van de (insectenetende) soorten in het hedendaagse leven en waren in alle opzichten al volledig ontwikkeld. Voor het ontstaan van de vleermuis moeten we nog verder terug, hoe ver is niet bekend. Ter vergelijking: de mens bestaat nog geen miljoen jaar. Over het ontstaan van de vleugels hebben we wel theorieën: Eerst hadden ze vleugels als een Pterosaurier. Dit houdt in dat ze geen golven hadden en uit dood materiaal bestonden. Daarna zijn ze zich gaan ontwikkelen naar de vleugels als van een vogel: uit door materiaal maar uit losse onderdelen. Ook hadden deze vleugels al een beetje de hoekige vormen. Uiteindelijk zijn de vleugels gaan ontwikkelen naar wat ze nu zijn: ze bestaan uit levend weefsel en meerdere vingers. 9. Waarom heb ik voor het onderwerp de vleermuis gekozen Ik heb voor het onderwerp ‘de vleermuis’ gekozen omdat ik mooie, nuttige, maar vooral ongewone beestjes vind. Ik wou er graag meer vanaf weten, vooral omdat ik ze vaak heb zien vliegen. Ze kunnen alles in het donker zien en daarin onderscheiden ze zich van de mens. Verder doe ik dit omdat veel mensen toch bang voor ze zijn door de vele horror films op t.v. Ze kunnen erg veel wat wij niet kunnen en dat maakt ook dat mensen ze vies of eng vinden. Hiermee wil ik aantonen dat vleermuizen niet eng, maar vooral mooi zijn. 10. Bronvermelding Boeken: - Atlas van de Nederlandse vleermuizen, van Herman Limpens, ISBN 90-5011-091-6 - Vleermuizen, van A.M. Voûte, ISBN 90- 6630-268-2 - Biologie en evolutie van mensen en dieren, van Peter Winfield, ISBN-90-209-3851-7 - Nachtleven, van Malcom Penny, ISBN-90-6097-332-1
Internet sites: - VZZ ( Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdier bescherming) http://www.vzz.nl/fol-vlrm/fol-vleerm.htm - Ilse (zoeksite) www.ilse.nl Musea: - ‘Naturalis’ in Leiden
www.naturalis.nl Gesprekken: - Vleermuisdeskundige in Museum Naturalis (bibliotheek)

REACTIES

N.

N.

Er staan diverse fouten in dit stuk. Ten eerste zijn er twee soorten dwervleermuizen: de Gewone dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus) die het meest talrijk is en de Ruige dwergvleermuis (Pipistrellus nathusii) die ook redelijk algemeen is.
Daarnaast staat er een verhaal over vampiervleermuizen in, die vrijwel uitsluitend in Z-Amerika voorkomen, het verhaal met schaaltjes bloed en jaarlijks loslaten is nergens op gebaseerd. Ook staat helemaal onderaan de verdeling in vleermuisordes: de mega-chiroptera (vleerhonden) en de micro-chiroptera (kleinere vleermuizen). Vervolgens wordt de familie Rhinolopus genoemd (de hoefijzerneuzen) met daaronder allerlei soorten die juist uit de Verspertilio familie (gladneuzen) komen.
Ik ben vleermuisonderzoeker en -kenner, vandaar. groet,
Niels, bureau Stadsnatuur Rotterdam

14 jaar geleden

".

".

Over de vleermuizen:
Volgens mijn weten gebruiken de vleermuizen hun sonar niet om te weten waar ze zijn, dat doen ze uit ervaring, maar om een prooi op te sporen.
G., TU-Delft

15 jaar geleden

M.

M.

er staat dat vleermuizen als ze zelfstandig gaan vliegen ook al vruchtbaar zijn, ik heb ergens anders gelezen dat dat pas na 2 jaar is.

groetjes

16 jaar geleden

B.

B.

nais werkstuk

13 jaar geleden

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.