Tandarts

Beoordeling 6.2
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 1716 woorden
  • 13 juni 2004
  • 190 keer beoordeeld
Cijfer 6.2
190 keer beoordeeld

Opleiding.
De opleiding die je moet volgen om een tandarts te worden is: Na de brugklas de universiteit volgen, daar moet je de tandheelkunde volgen, en natuurlijk kom je daar niet zo maar, je moet heel en heel hard werken en als je daar komt dan duurt de opleiding 5 jaar en 6 maanden. Je moet natuurlijk een paar vakken laten vallen en een paar nemen je moet de vakken hebben: Biologie, natuurkunde en scheikunde. Je moet ook rekening houden dat je niet gaat trillen tijdens een controle of een gaatje vullen en je moet ook geconcentreerd werken en je moet niet al te snel worden afgeleid door anderen anders kan het nog wel eens fout gaan.

Controle.
als het goed is ga je elk jaar 2 x per jaar naar de tandarts.Als de tandarts je tanden controleert dan let hij niet alleen op je gaatjes maar ook op anderen dingen die jij niet in de gaten hebt bijvoorbeeld naad de tanden en kiezen hij kijkt of er genoeg ruimte is tussen tanden en kiezen of er te veel ruimte is ook en ook of de tandplak niet te dicht bij is bij je tandvlees. Maar de tandarts kan jammer genoeg niet alles zien daar om maakt hij soms een röntgenfoto met een kano dat is een apparaat die die foto's maakt en daar kan hij precies zien waar de tanden misschien te dicht op elkaar zitten.


Specialisten.
Soms is er iets mis met je gebit maar de tandarts kan het niet oplossen dan maakt de tandarts een afspraak bij de specialist die lost het vaak wel op maar er is niet een specialist voor al die problemen maar er zijn meer specialisten bijvoorbeeld : -De kaakchirurg die opereert je kaak als er iets mis mee is en maakt het zaakje af met een mooi gebit. - orthodontist die zorgt dat je tanden weer recht of op de plats komen door een beugel die maakt hij niet op de eerste dag dat je komt maar hij maakt een klei gebit van je dan moet je op klei bijten en dan een gips gebit maar als eerst gaat hij alleen kijken en praten en dan maakt hij een beugel voor je op jou maat. -De mondhygiënist is geen specialist, maar hij houdt zich wel met iets speciaals bezig: hij kijkt vooral of je mond goed schoon is. Hij onderzoekt je mond en kijkt hoe het is met je tanden en tandvlees. Daarna wordt er vaak een volgende afspraak gemaakt om je gebit te schoon maken. Tandsteen en aanslag worden dan weggehaald. De mondhygiënist geeft ook tips over hoe je je mond zelf kunt schoonhouden.
- Hypnose: als je bang bent voor de tandarts dan kun je er eentje zoeken die aan hypnose doet. Voor de controle brengt de tandarts je onder hypnose. Dat is een soort slaap. Je merkt dan niets van de controle of zo. Als je wakker wordt, is alles klaar.

Zelf zorg.
De tandarts is eigenlijk alleen maar leuk als hij bij een controle niks kan vinden. Dus wanneer je geen gaatjes of erger hebt. Dat heb je zelf in de hand. Want als je je mond en gebit goed verzorgt, heeft de tandarts minder werk. Hoe kun je dat doen?
Natuurlijk moet je beginnen met goed poetsen. Minimaal eenmaal per dag. Een tandpasta met fluoride is het beste. Fluoride maakt het tandglazuur sterker en dat helpt weer tegen gaatjes.
in plaats van poetsen kun je nog meer doen. Flossen. Met een speciaal draadje ga je tussen je tanden heen en weer. Je maakt op die manier ook de ruimte tussen je tanden schoon. Want daar blijven vaak etensresten achter. Je kunt ook tandenstokers gebruiken. Dit zijn kleine houten stokjes. Je kunt er het vuil in grotere openingen tussen je tanden weghalen.
Met tanden poetsen kun je al heel jong beginnen. Zo gauw peuters tanden krijgen, moeten ze gepoetst worden. Met peuterfluoridetandpasta. Liefst tweemaal per dag. Als je tussen de 5 en 12 jaar oud bent, mag je je tanden met gewone fluoridentandpasta poetsen. Ook tweemaal per dag! Net als volwassenen doen.

Je moet ook letten op wat je eet. Suiker wordt veranderd in zuur. En zuur lost het tandglazuur op. Daardoor krijg je gaatjes. Eet dus niet teveel suiker. Dat zit bijvoorbeeld in snoep.

Fluoride.
Fluoride helpt je tandglazuur sterk te maken. Je krijgt genoeg fluoride binnen als je vaak je tanden poetst. Want fluoride zit in tandpasta.
Aangeraden wordt: baby's tot en met één jaar: een keer per dag poetsen met fluoride-peutertandpasta.
Kinderen tussen 2 en 4 jaar: twee keer per dag poetsen met fluoride-peutertandpasta. Vanaf 5 jaar twee keer per dag poetsen met gewone fluoride-tandpasta.
Soms kan de tandarts je een extra fluoride-behandeling geven. Hij vult dan een plastic gebitje met pasta. Je moet in dat gebitje bijten. De tandarts laat dat zo'n vijf minuten inzitten. Dit gebeurt hoogstens twee keer per jaar.
Je kunt ook te veel fluoride binnen krijgen, dat is niet goed. Vroeger kregen kinderen extra fluortabletjes, maar dat hoeft niet meer als je je tanden goed poetst


Bang voor de tandarts.
Sommige mensen zijn heel bang voor de tandarts. Ook al hoeft dat tegenwoordig echt niet meer. De tandarts legt steeds goed uit wat hij precies gaat doen. En met alle moderne middelen hoeft niets meer pijn te doen.
Ben je toch nog bang voor de tandarts? Misschien kun je dan vragen of hij de radio aan wil zetten. Dan kun je ergens anders naar luisteren terwijl hij boort. Of zet een walkman op! Of misschien is hypnose iets voor jou? Sommige tandartsen hebben zelf de radio al aan staan. Of misschien heb je geluk: misschien heb jij een tandarts met een tv aan het plafond waar je MTV op kan kijken. Ja, die bestaan echt!

Beugel.
Staan je tanden niet helemaal recht? Of misschien helemaal naar voren? Dan stuurt de tandarts je naar een orthodontist. Dat is iemand die voor je een beugel maakt.
Niet alleen kinderen dragen beugels. Ook als je wat ouder bent, kunnen je tanden nog scheef groeien. Dus ook volwassenen hebben soms een beugel.
Er zijn verschillende soorten beugels:
- Vaste beugel: deze beugel kan tanden verplaatsen. Zo komen ze op de goede plek in je mond te staan.
- Plaatbeugel: deze beugel drukt je tanden. Zo gaan ze bijvoorbeeld wat meer naar achteren.

- Buitenbeugel: deze beugel zorgt ervoor dat de bovenkaak niet meer verder groeit. De onderkaak groeit wel gewoon door. Hierdoor komen je tanden in de bovenkaak niet ver naar voren te staan. Deze beugel krijg je alleen als je nog in de groei bent.
- Activator: deze beugel kun je in en uit doen. Hij werkt pas als je praat of iets slikt. een stuk zit aan de bovenkaak vast en de andere stuk aan de onderkaak. Hij zorgt ervoor dat de bovenkaak niet verder groeit. Hierdoor komen de tanden dus niet ver naar voren te staan.
- Retentiebeugel: deze beugel is vaak de laatste beugel die je krijgt. Hij zorgt ervoor dat je tanden op de goede plek in je kaak vastgroeien.

Een gaatje.
Hoe krijg je nou een gaatje in je kies of tand?
Als je je tanden een paar uur niet poetst, zitten er etensresten op je gebit. In je mond leven bacteriën, en die zijn dol op die etensresten, vooral op suiker. Daar groeien ze heelsnel van. Dit heet tandplak. De bacteriën zetten suiker om in zuur, en dat lost je tandglazuur op. Dat is het beschermlaagje dat om je tand zit.
Zo'n zuuraanval duurt een half uur. Daarna kan het tandglazuur zichzelf weer repareren. Maar hoe meer suiker je achter elkaar eet, hoe langer zo'n zuuraanval duurt! En dan is de kans groot dat het tandglazuur tussendoor geen kans heeft om te herstellen. Dan ontstaat een gaatje in de tand zelf. De tand kan zichzelf niet repareren, en dan moet de tandarts het gaatje vullen voordat de tand helemaal gaat rotten.

Suiker zit in veel snoep. Niet meer snoepen is dus een oplossing om minder gaatjes te krijgen. Goed en vaak tandenpoetsen, helpt het beste om geen gaatjes te krijgen.
Ook kauwgom kan helpen. Als er tenminste xylitol in zit. Die stof helpt tegen schadelijke zuren. Maar denk niet dat je geen gaatjes meer krijgt als je genoeg kauwgom met xylitol kauwt. Het helpt wel, maar je moet natuurlijk vooral je tanden goed poetsen! En vaak naar de tandarts gaan

Middeleeuwen.
Naar de tandarts gaan was in de middeleeuwen niet leuk. In die tijd heette hij nog chirurgijn. Zijn werkplek was vaak midden op het plein in het dorp. Iedereen kon je zien. De tandarts was een soort kermisattractie!
Hij trok tanden zonder verdoving. Het enige wat je kreeg, was een slok sterke drank. Dat verzachtte de pijn.

De tandartsassistente.
De tandarts heeft altijd een assistent. Heel vaak is dat een vrouw. Zij helpt de tandarts met veel dingen. Bijvoorbeeld: De telefoon opnemen als je een afspraak wilt maken. Als je bij de tandarts bent, helpt ze de tandarts bij de behandeling. Ze maakt bijvoorbeeld het vulsel voor de gaatjes. En ze zorgt dat er water voor je klaarstaat waarmee je kunt spoelen.
Een tandartsassistente met veel ervaring mag ook meer doen. Bijvoorbeeld tandsteen verwijderen, röntgenfoto's maken en beugels plaatsen. Eigenlijk zou de tandarts zonder zijn assistente niet goed kunnen werken. Want hoe zou hij dat allemaal zelf moeten doen? Dan duurt een bezoekje aan de tandarts wel heel erg lang.


De tandartsstoel.
In de kamer van de tandarts staat een speciale stoel: de tandartsstoel. Zo'n stoel zie je niet overal. Hij is speciaal voor de tandartskamer gemaakt. Misschien heb je er nooit op gelet, maar die stoel zit eigenlijk heel erg lekker! De tandarts kan hem in verschillende vormen zo als liggen zitten laag hoog en zo voort. Zo kan hij het beste in jouw mond kijken.

Interview.

Wat is uw naam?
Meneer De Wit.

Welk op leiding heeft u gevolgd?
Ik heb na de voorgezet onderwijs de universiteit gedaan.

Hoeveel verdiend u per maand?
Nou, ik verdien z'n 3500 per maand.

Kunt u er wel tegen om een tand of kies er uit te trekken?
Ja, daar kan ik wel tegen, maar daar heb ik wel veel voor geoefend.

Hoe oud was u toen uw begon?
Nou, ik was een jaar of 31 toen ik begon.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.