Jongens gezocht!
We zoeken nog een aantal examenkandidaten die (voor moneys) hun frustraties, verdriet, of blijdschap willen uiten na afloop van de examens. Solliciteer voor 3 maart als eindexamenvlogger!

Meedoen

Genetische manipulatie

Beoordeling 6.9
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 1940 woorden
  • 20 februari 2000
  • 97 keer beoordeeld
Cijfer 6.9
97 keer beoordeeld

ADVERTENTIE
Overweeg jij een maatschappelijke studie?

Misschien is een studie Sociologie of Antropologie dan wel iets voor jou! Bij beide opleidingen ga je aan de slag gaat met maatschappelijke vraagstukken. Wil jij erachter komen welke bachelor bij jou past? Kom in maart proefstuderen aan de VU.

Meer informatie
INLEIDING Het onderwerp genetische manipulatie bij dieren en planten is tegenwoordig een geliefd onderwerp voor discussies en overleggen. Dit komt doordat je er overal mee te maken krijgt, in de landbouw, de geneeskunde, de voedingindustrie en natuurlijk het normale biotechnische onderzoek. Het probleem hierbij is dat het eigenlijk nog niet bekend is in welke mate het genetisch manipuleren van dieren en planten schade kan toebrengen aan de mensheid en natuurlijk aan het natuurlijk milieu. Dit is eigenlijk nog wel een logisch probleem, omdat het genetisch onderzoek en het manipuleren nog niet zo lang aanwezig is in het onderzoek. Ik heb dit onderwerp gekozen omdat het natuurlijk een veel bewogen en besproken onderwerp is. Maar ook omdat mijn vader een geliefd voorstander is van de genetische manipulatie en hij telkens zegt: "wacht maar af, in de volgende eeuw wordt alles anders". Dit op zich is natuurlijk niet zo een vreemde uitspraak voor iemand die in de jaren veertig is geboren en eigenlijk de gehele opkomst van de huidige technieken en onderzoeken heeft meegemaakt. Vandaar dat het eigenlijk ook een beetje is overgeslagen op mij en ik het ook een boeiend onderwerp vind, vooral omdat je (nog) niet weet wat er misschien binnenkort allemaal al niet mogelijk is op dit gebied. Hierbij is natuurlijk één van de belangrijkste factoren de geneeskunde. Er zijn nog steeds ziekten waar geen of een niet afdoende geneesmiddel voor is en met onder andere genetische manipulatie van dieren wordt er geprobeerd om nieuwe al dan niet betere stoffen te vinden om er geneesmiddelen mee te maken. De landbouw is natuurlijk ook sterk geïnteresseerd in sterkere, betere en goedkopere soorten die meer opbrengen. GESCHIEDENIS De geschiedenis van de genetische manipulatie is nog niet zo lang. In de zeventiende eeuw nog denken de "ovisten" nog dat het ei van de moeder de allesoverheersende rol speelt na de bevruchting. Maar er ontstaat ook een ander denkpatroon in deze tijd, namelijk die van de animalculisten. Hierin wordt beklemtoond dat ook het mannelijk sperma een belangrijke rol speelt in de ontwikkeling. (Antonie van Leeuwenhoek is de eerste die dankzij de primitieve microscoop de spermacellen in het zaad van de man ontdekt). Dit slaat ook snel over naar de andere kant waarbij beweert wordt dat er zelfs kleine miniatuurmensjes "homunculi" in de spermacellen van de man bevinden en de vrouw enkel nodig is om het mensje te laten groeien. In de negentiende eeuw raakt de Brit Charles Darwin ervan overtuigd dat erfelijke eigenschappen in de loop van de tijd kunnen veranderen. Hoewel hij geen beschikking heeft over harde bewijsmaterialen, blijft hij geloven dat er een sterke scheiding bestaat tussen de erfelijke kenmerken en de veranderingen die tijdens het leven optreden. Deze overtuiging weerspiegelt het geloof dat de erfelijke eigenschappen ergens in het lichaam in materie zijn opgeslagen. Dat de uiterlijke kenmerken van dieren en planten in de loop van de tijd toch kan veranderen komt volgens hem doordat er bij de overdracht van het genetische materiaal soms iets fout gaat. Rond 1860 duikt er voor het eerst het woord "gen" op: dit is de onbekende stoffelijke weerslag van één erfelijke eigenschap. Na het werk van de Oostenrijker Johann Mendel, die onderzoek heeft gedaan naar de erfelijke eigenschappen bij de erwt. Hij is tot de conclusie gekomen dat erfelijke eigenschappen tot stand komen onder invloed van twee onafhankelijke, ondeelbare 'factoren'- één afkomstig van de vader en één afkomstig van de moeder – ook als ze even niet tot uiting komen. In de jaren 1860 tot 1890 door de Zwitser Miescher en de Belg van Beneden ook ontdekkingen worden gedaan met betrekking tot respectievelijk het nucleïnezuur en de chromosomen (de helft van het aantal draadjes in gewone cellen) komt het onderzoek een tijd lang stil te liggen. In 1902 wordt het verband tussen de parallellen tussen de verdubbeling van chromosomen en de rekenkundige regels rond de erfelijkheid gelegd: De erfelijke factoren zitten in de chromosomen, waarvan beide ouders twee setjes hebben er elk van hen draagt één van de twee factoren via de chromosomen over op hun kind. De ene factor kan de andere overheersen. In 1920 wordt het bewijs van deze theorie geleverd met behulp van de Drosophila melanogaster (= fruitvlieg). Ook wordt nu de samenstelling van het nucleïnezuur vastgesteld en deze bestaat uit vier basen; thymine, cytosine, adenine en guanine. In 1944 wordt het raadsel opgelost door Avery. Hij bewijst dat nucleïnezuur wel degelijk de drager is van de erfelijke eigenschappen. Pas in 1953 vallen alle stukjes in elkaar als Watson en Crick een theorie over het DNA-molekuul presenteren; de dubbele helix. Nu kon men ook proeven gaan doen met manipulatie van deze kennis, de genetische manipulatie. Dit werd vooral beoefend op planten en dieren om er maar voor te zorgen dat ze beter resistent gemaakt konden worden, of meer melk gingen geven. In 1982 werd de eerste supermuis geboren. Het inbrengen van een nieuw gen gebeurt meestal direct nadat de eicel is bevrucht door de zaadcel.
DE STAND VAN ZAKEN NU Op dit ogenblik is men in staat om dieren zo genetisch te manipuleren als wij vinden dat noodzakelijk is. Is er behoefte aan extra snelgroeiende varkens omdat dat goedkoper is qua fokken dan komen er extra snelgroeiende varkens. Is er een gewas nodig dat resistent is voor een bepaalde ziekte dan wordt die resistentie ingebouwd. Zijn er koeien of schapen nodig die bepaalde stoffen in hun melk moeten hebben omdat wij zelf er niet genoeg van aanmaken zoals eiwitten. Een voorbeeld hiervan is de stof AAT (a-antitrypsine). Als je hiervan onvoldoende aanmaakt verliezen de longblaasjes op latere leeftijd hun elasticiteit = longemfyseem. Schotse onderzoekers namen een stukje schapen-DNA dat kodeert voor AAT. Ze koppelden dat aan het stukje DNA dat alleen in de melkklier tot expressie komt. Het kodeert voor een melkeiwit. Bij het biotechbedrijf Pharming in Leiden is het natuurlijke antibioticum lactoferrine gemaakt in de melk van de transgene koeien. DE VOORDELEN De Voordelen van de genetische manipulatie zijn eigenlijk overduidelijk aan te wijzen. Het vinden van nieuwe en betere soorten, gewassen zodat er goedkopere landbouw en veeteelt kan ontstaan. Het goedkoper en makkelijker produceren van stoffen die mensen nodig hebben bij bepaalde ziekten. Het experimenteren om ook totale dieren te kunnen klonen/kopiëren zodat er misschien uitsterving van bepaalde soorten kan worden voorkomen. Het einddoel is natuurlijk om de mens te kunnen klonen, al dan niet met de mogelijkheid om hieruit "reserve-onderdelen" te kunnen halen. Hierbij hoort natuurlijk ook de transgenese; de mogelijkheid om dierlijke organen in mensen te plaatsen zoals bijvoorbeeld een varkenshart. DE NADELEN Het is natuurlijk de vraag of het ethisch gezien wel correct is dat de mens zich bezighoudt met de taak van moeder natuur. Voor vele mensen is het nu ook alsof de professoren en laboranten de taak van God op zich hebben genomen en dit stuit op veel weerstand. Ook is er (natuurlijk mede doordat het nog niet zo lang mogelijk is) nog niet duidelijk of genetisch gemanipuleerde gewassen en dieren schadelijk zijn voor de mens om te consumeren of dat het schade toebrengt aan het natuurlijk milieu. Een ander nadeel voor vele mensen is dat er voor het onderzoek zo veel geld en zeker zoveel proefdieren nodig zijn; In het jaar 1996 waren dit er in België totaal ruim 1,5 miljoen: Vissen à 733.928
Muizen à 430.172
Ratten à 211.785
Kippen à 52.708
Cavia's à 40.656
Konijnen à 13.208
Gerbils à 10.845
Varkens à 5.605
Hamsters à 3.570
Honden à 2.553 DE INVLOED IN DE GENEESKUNDE De genetische manipulatie heeft met rasse schreden zijn intrede gedaan in de geneeskunde. Er worden al velerlei geneesmiddelen en grondstoffen verkregen met behulp van transgene dieren en planten. Maar natuurlijk ook voor het onderzoek naar bijvoorbeeld kanker is de genetische manipulatie zeer geschikt (kankermuizen enz.) Een kort overzicht wat voor ziekten er met behulp van genetische manipulatie worden bestreden: Suikerziekte, de insuline werd in 1921 al uit de alvleesklier van honden gehaald en in 1982 werd dit gedaan met behulp van recombinant DNA-technologie
Hartinfarcten, 1986 de stof Activase. Bij transplantatie patiënten de stof Orthoclone OKT3. Bij groeistoornissen de stof Protopine. Tegen virusinfecties en Aids: Intron A
DE INVLOED IN DE VOEDINGSSECTOR De voedingssector is de sector die in tegenstelling tot de geneeskunde iedereen treft. Daarom wordt er ook zo tegen geprotesteerd door onder andere Greenpeace en Groene Partij. Zij vinden dat er geen genetisch gemanipuleerd voedsel in de supermarkten mag komen. Maar in de supermarkten liggen al verscheidene produkten die genetisch veranderd zijn. Zoals gemodificeerde mais, zetmeel, sojabonen, koekjes, soep van Unox, bitterballen en kroketten van Mora en nog veel meer artikelen. Maar hoewel het er wel opstaat weet slechts een enkele supermarktbezoeker dat er "geknoeid" is met de levensmiddelen in de schappen. Want wie leest er nu helemaal een etiket? DE REGELGEVING VAN DE OVERHEID De regels voor de biotechnologische toepassingen zijn in Nederland ondergebracht in dertien verschillende wetten. Deze zijn afgeleid van de regelgeving die in de Europese Unie van kracht is. Hiervan zijn twee regelingen in het bijzonder van belang: Het besluit genetisch gemodificeerde organismen: Dit besluit verplicht tot het aanvragen van vergunningen wanneer het werken met micro-organismen bepaalde risico's inhoudt en tot meldingen vooraf of rapportages achteraf wanneer dat niet het geval is. De ingestelde Commissie Genetische Modificatie (COGEM) beoordeelt de risico-analyse; het ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieuhygiëne verleent de vergunningen en de Hoofdinspectie Milieuhygiëne controleert of de voorwaarden worden nageleefd. Ook voor veldonderzoeken is toestemming van de regering nodig. Op dit ogenblik zijn er veranderingen gaande, waarbij wordt voorgesteld dat nieuwe gewassen slechts voor 7 jaar kunnen worden toegelaten op de Europese markt. Het besluit nieuwe voedingsmiddelen: Dit is een onderdeel van de Warenwet dat sinds twee jaar van kracht is. Het doel hiervan is de consumenten te behoeden voor risico's bij het eten van nieuw geproduceerde voedingsmiddelen, waaronder producten die genetisch gemodificeerde organismen bevatten, vallen. Om een gewas aan boeren te mogen verkopen, moeten bedrijven toestemming hebben van de Europese Commissie. De commissie gaat na of een ingebracht gen niet schadelijk is voor mens of milieu. Noch de ingebrachte genen, noch het nieuwe gewas mogen zich gemakkelijk over het ecosysteem verspreiden. Uitgangspunt is dat het verboden is "nieuwe" voedingsmiddelen op de markt te brengen, maar een fabrikant kan hiervan ontheffing vragen. In Nederland buigt een commissie zich over deze aanvraag, waarna de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport besluit of het product voor toelating in de Europese Unie wordt voorgedragen. De beslissing daarover is aan een comité waarin alle lidstaten zijn vertegenwoordigd. Dit comité kijkt bijvoorbeeld of de genetisch veranderde plant of bestanddelen ervan in het eindproduct zijn terug te vinden. En, zo ja, of ze giftig kunnen zijn of een verhoogde kans op allergische reacties kunnen geven. Bedrijven moeten hun veiligheidsgaranties met voldoende proeven onderbouwen.Bij twijfel wordt het product in principe niet toegelaten. Andere wetten zijn: de wet op de geneesmiddelenvoorziening, de diergeneesmiddelenwet, de wet op de dierproeven, de wet zaaizaad- en plantgoedwet en de rampenwet, de wet vervoer gevaarlijke stoffen. CONCLUSIE Ik vind dat het toepassen van de genetische manipulatie een goede zaak is, mits het controleerbaar blijft. Het moet niet worden zoals vele mensen denken: "Ira Levin, The boys from Brasil" een tweede Hitler, gewassen die een eigen leven krijgen en intelligentie. Dus het is op zich een hele goede ontwikkeling maar er moet meer bekendheid aan worden gegeven en er moet zeer voorzichtig mee worden omgegaan zowel door de fabrikanten en laboranten als door de overheid en Europese Unie. Het is natuurlijk goed dat er betere soorten en dieren komen, maar gebruik het ook; zorg ervoor dat er snelgroeiende gewassen komen om de hongersnood te bestrijden en dat soort dingen.
BRONVERMELDING + Perfectie op bestelling, door Peter Vermij, Aramith Uitgevers 1992 + aantal internetsites van het NRC-handelsblad + aantal internetsites van greenpeace + Biotechnologie, door E. Antébi en D. Fishlock; Maastricht 1987 + aantal pagina's van mijn vader

REACTIES

M.

M.

hey!
ik vind je werkstuk erg goed en denk wel dat ik het goed kan verwerken in me eigen werktstuk
groetjes mariska

22 jaar geleden

B.

B.

Haaaaaj
Ik hou me werkstuk (20 pagina's)
over genetische manipulatie
enne ik wil je heeeeel erg bedanken dat je de jouwe op het i-net hebt gezet.
Tjeeh dat hielp me echt heel erg! DANK JE WEL!!!

22 jaar geleden

S.

S.

.uik heb een helehoop aan je werkstuk gehad, en ik heb er een 9,75 voor gekregen,

21 jaar geleden

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.