De dolfijn (tuimelaar)

Beoordeling 6.9
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • 2e klas havo/vwo | 3719 woorden
  • 3 december 2001
  • 530 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.9
  • 530 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Inhoudsopgave

Voorwoord
Hst.1 Het voedsel van de tuimelaar.
Hst.2 Het uiterlijk van een tuimelaar
Hst.3 De zintuigen
Hst.4 Leefsituaties tuimelaars
Hst.5 Tuimelaars en hun jong
Hst.6 Bedreigd
Hst.7 Sekse
Hst.8 Mensenvriend
Hst.9 Familie
Hst.10 Het dolfinarium
Hst.11 Dolfijnen E.H.B.O.
Hst.12 Opvang Neeltje Jans
Hst.13 De tuimelaar en zijn naam
Afsluiting

Voorwoord

Dit onderwerp heb ik gekozen omdat ik me veel voor dolfijnen interesseer en met name tuimelaars. Het gedrag van de dolfijn is ook heel anders dan een ander dier. De tuimelaar zelf is ook weer heel anders dan andere dolfijnen. Ze zijn meer speels en nieuwsgierig. Zij treden ook altijd op en zijn dus heel fanatiek. Ze voelen ook als een mens een ziekte heeft. Daarom ben ik ook langs het Dolfinarium geweest. Ik heb daar gekeken naar hen. In mijn werkstuk vallen allerlei dingen te zien en te lezen. Zoals: het voedsel dat tuimelaars eten, het uiterlijk van het dier, de omgeving waar de tuimelaar leeft, zintuigen van de tuimelaar en ik geef ook nog informatie over het Dolfinarium

Dit is van de grootste spelletjes van een tuimelaar:

Boogjes springen en dan met de staart op het water slaan.

Hst.1 Het voedsel van de tuimelaar.

De tuimelaar eet voornamelijk tonijn maar ze eten ook veel andere vissen die ze in ondiep water vangen. Meestal eten ze kleine visjes die ongeveer in de tien of twintig centimeter zijn.
Als de tuimelaars in een groepje zijn, vangen ze ook samen hun voedsel. Als ze de prooi hebben gevonden, omsingelen ze hun prooi. Ze gaan dan in twee evenwijdige lijnen tegen de klok in zwemmen. Zodra de tuimelaar klaar is om hun prooi te vangen duiken ze de massa vissen binnen.
In het Dolfinarium eten de tuimelaars een speciaal menu. Dat menu bestaat uit: haring, makreel, sprot, wijting en inktvis. De tuimelaars eten gemiddeld ongeveer 8 kilo vis per dag.
In het dolfinarium hoeven de tuimelaars niet met hun sonar te werken. De tuimelaars in het dolfinarium en de wilde tuimelaars kauwen niet, maar slikken de vis gelijk door. Zij hoeven niet te kauwen want zij hebben achter in hun keel een kringspier waardoor de vis verder gaat en het zoute water achter blijft. De tuimelaars en de andere dolfijnen gebruiken ook hun tong om het zoute water buiten te houden. De tuimelaar kan zich zo niet verslikken. Dat komt omdat de slokdarm en de luchtpijp gescheiden zijn. Een tuimelaar heeft vier magen. Een: kropmaag(dit is een maag voor het opslaan van vissen als er een school vissen langs komt), een echte maag, en nog twee kleinere magen.
Met zijn vele tanden grijpt de tuimelaar een inktvis.


Hst.2 Het uiterlijk van een tuimelaar

Een tuimelaar is een zwaar dier. Het weegt ongeveer rond de 200 kilo. Precies weet ik niet, want in alle boeken stond iets anders. De lengte van hen is ongeveer tussen de 2 en 3 meter. Het langste wat ze kunnen worden is ongeveer 4 meter.
Door hun staart kunnen ze wel 60 km per uur zwemmen alleen dit houden ze niet lang vol. Op hun lijf hebben ze ook nog drie vinnen. De: borstvin die gebruiken ze om te sturen, de rugvin die ze gebruiken om in balans te blijven en dan hebben ze ook nog hun staartvin die gebruikt wordt om te springen en waar alle kracht vandaan komt. De tuimelaar zwemt zo hard omdat hij een horizontale staart heeft. Die staart beweegt van boven naar beneden en niet zoals een vis van links naar rechts. Maar een tuimelaar gaat ook zo snel omdat hij geen uitstekels aan zijn lichaam heeft. Hij is dus eigenlijk helemaal gestroomlijnd.
De tuimelaar dolfijn is niet helemaal grijs want de onderkant is wit. Van boven zijn ze donkerder dan onder. Dit dient als een soort schutkleur. Want als je dan van boven af kijkt zie je niets door de donkere kleur van het water.
Een dolfijn voelt heel raar aan. Onder bij de buik voelt het weer anders want daar bevindt zich het vet.
Als je van dichtbij een tuimelaar bekijkt of een andere dolfijn hebben ze allemaal krassen. Dit krijgen ze van het spelen of stoeien met andere dolfijnen. Er komt een andere kleur op en dus blijf je het altijd een beetje zien. Aan het einde van de staart, borstvin of rugvin zie je een soort "rafels", dit zijn een soort rimpels. Dit is heel gewoon. Hoe ouder ze worden hoe meer "rafels" ze krijgen.

Hst.3 De zintuigen

De neusopening is aan de bovenkant van het lichaam geplaatst. Zijn neusopening heet een blaasgat. De tuimelaar haalt adem met zijn longen net als een mens. Ze moeten dus ook geregeld boven water komen want ze moeten adem halen. Onder water houden ze hun adem in.
De tuimelaars hebben rare oren. Het is eigenlijk meer een oorgaatje. Ze kunnen er heel goed mee horen. Zelfs geluiden die voor een mens te hoog zijn.
Het gevoel van een tuimelaar is ook goed ontwikkeld. De huid is erg gevoelig, hij voelt dan ook iedere aanraking.
De smaak van een tuimelaar is niet zo goed. Dit komt omdat ze hun voedsel direct doorslikken. Maar hij proeft wel wat. Bijvoorbeeld als je een haring geeft en daarna een makreel dan spuugt hij de makreel uit.
De tuimelaar kan heel goed zien. Ze zien als er gevaar dreigt maar ook als er vis zwemt. Hoe ver de tuimelaar kan zien hangt af van de helderheid van het water. Als het heel erg troebel is kan hij niet zo ver kijken. Als het water erg troebel is gebruikt de tuimelaar zijn sonar. Hier mee kan hij zien als er een school vis zwemt of als er een grote steen ergens ligt. Een sonar wordt weerkaatst. Hij zendt dan hele hoge pieptonen uit, en als er dan iets zwemt of ligt wordt de sonar weerkaatst. Zelfs als je een tuimelaar blinddoekt en ergens een vis zwemt kan de tuimelaar nog steeds de vis te pakken krijgen. De echo die ontstaat bij het gebruiken van een sonar wordt opgevangen door de onderkaak. Sonar betekend in het Engels eigenlijk: Sound, Navigation, And, Ranging. Sound betekend geluid, navigation betekent besturing, and betekent en, ranging betekent afstandbepaling.

Hst.4 Leefsituaties tuimelaars

Je kunt eigenlijk over ter wereld wel tuimelaars vinden maar dan wel bij water. Tuimelaars komen meestal voor in grote groepen. Ze bestaan dan uit ongeveer tien tuimelaars. Als ze midden in de oceaan of zee zijn dan zijn ze ook wel eens met zijn honderden. Ze komen het meeste voor vlakbij de kust. Tuimelaars komen eigenlijk voor in alle oceanen en zeeën. Behalve hele koude zeeën. Dus in : de Grote Oceaan, de Atlantische Oceaan, de Indische Oceaan, de Middellandse Zee, de Zwarte Zee en zelfs ook nog de Noordzee. Maar in de Noordzee komen wel minder tuimelaars voor omdat de zee erg koud is.
Doordat er veel vervuiling is maar ook doordat de tuimelaars vast komen te zitten in netten komen er steeds minder tuimelaars voor . Tuimelaars verdrinken dan in de netten want ze hebben lucht nodig om te ademen.

Hst.5 Tuimelaars en hun jong

Een tuimelaar is een zoogdier dus ze krijgen geen eieren, maar ze krijgen levende jongen.
Tuimelaars krijgen gemiddeld een jong per bevalling. De jongen worden ook in het water geboren. Als de vrouwtjes tussen de vier en tien jaar zijn vallen ze op de mannetjes. Tussen de zes en tien jaar zijn ze geslachtsrijp. Als het mannetje en het vrouwtje belangstelling voor elkaar hebben ontstaan er knuffel- en stoeipartijen. Een mannetje proeft aan het water als er een vrouwtje in de paartijd is. De paring vind plaats onder water. Ze gaan dan met de buiken tegen elkaar aan. Een tuimelaar kan meestal om de twee of drie jaar jongen. De draagtijd van een tuimelaar duurt ongeveer 12 maanden. En dan gebeurt de geboorte onder water. Als een jonkie wordt geboren komt eerst de staart en dan het hoofdje. Maar heel soms komt ook eerst het hoofdje en dan de staart. Maar dan is er wel een risico bij, want de bevalling kan langer gaan duren en dan kan het jonkie niet ademen en verdrinkt dus. Na een aantal uren verliest de moeder de nageboorte.
De navelstreng breekt af tijdens het laatste deel van de bevalling. In het begin is er bij het kleine dolfijntje nog een bobbel te zien waar de navelstreng gezeten heeft. Dit wordt later een deuk dus de navel.
Meteen naar de bevalling gaat het jong heel snel naar de oppervlakte om adem te halen. Daarna pikt de moeder het jong op en zwemt aan haar zijde. Zo komt het jong in een "slipstream" terecht. Dit is een soort stroming. Dat komt doordat de moeder hard zwemt en dan hoeft het jong niet te zwemmen. Zo kan de moeder het jong beschermen en helpen tegen gevaarlijke dingen.
Als je dichtbij een jonge dolfijn gaat kijken zie je strepen. Dit zijn geboortestrepen. Dat zie je omdat het jonge dolfijntje opgevouwen ligt in de baarmoeder.
Als de moeder het jonge dolfijntje niet zoogt kan de jonge dolfijn overlijden want de jonge dolfijn heeft zelf geen genoeg weerstand. Het jong krijgt weerstand door het moedermelk. Deze melk is erg voedzaam, stroperig en vet. Een jong krijgt zijn melk meestal ongeveer om de twintig minuten. Tijdens het zogen legt het jong zijn mond om de tepel. De moeder spuit de melk in het mondje van het jong. Omdat het jong zelf geen genoeg kracht heeft spuit de moeder met al haar kracht het melk naar buiten. De moeder heeft daar een speciale spier voor. De tepels van een moeder zitten aan de buikzijde bij het witte gedeelte. De moeder blijft het jong meestal drie maanden bewaken. Het jong blijft soms wel ander half jaar bij hun moeder zogen. Hoe ouder het dier wordt hoe sterker het wordt en dus geen moedermelk meer hoeft te drinken. Na ongeveer drie maanden gaat het jong spelen met vis en wordt dan niet meer gezoogd. De andere dieren die om hun moeder heen zwemmen, en de moeder helpen heten 'tantes'. Op het plaatje A zie je duidelijk dat het staartje eerst komt.

Hst.6 Bedreigd

De tuimelaar heeft het niet gemakkelijk in het zeewater. Er zijn veel bedreigde dingen waar tuimelaars voor moeten oppassen. Het zeewater is ook erg vuil. Er worden ook vaak chemische stoffen in het zeewater gegooid. Dit komt dan terecht in het voedsel van de tuimelaar. En daar kunnen tuimelaars ziek van worden. Maar ook door olieboringen en de scheepvaart kunnen deze dieren hier veel last van hebben. Ook gaan er veel tuimelaars dood aan de visnetten. De vissers die jagen op tonijn. En ze weten dat tuimelaars gek zijn van tonijn. Dus als de vissers een tuimelaar zien dan weten ze dat daar ook tonijn in de buurt zit. Ze komen dan met de boten op de tuimelaar af. En dan drijven de vissers de tuimelaars in grote netten. Want dan hebben ze gelijk tonijn of ander vis te pakken. De tuimelaars die niet kunnen ontsnappen verdrinken, want ze moeten lucht hebben.
Ook laten de vissers vaak oude, lange drijfnetten in het water vallen. Dan kunnen ook tuimelaars in de netten verstrikt raken. Dit drijfnet vangt alles wat langs zwemt. Maar dit is al bijna verboden. Soms komt er ook een speciaal reddingsteam als er gemeld is dat er een tuimelaar of andere dolfijn vastzit. Zij komen dan het net los snijden. De vissers kunnen ook vis vangen zonder tuimelaars of andere dolfijnen te doden of te verwonden. Jij kan helpen door bijvoorbeeld in de winkel een blikje tonijn kopen waarop staat: "dolfijn vriendelijk" hieraan kun je zien dat de tonijn, dolfijn vriendelijk zijn gevangen. Als alle mensen nou een blikje dolfijn vriendelijke tonijn koopt dan kan de tuimelaar weer veilig ademhalen.
Er zijn ook dieren die de tuimelaar bedreigen. Meestal is dat de orka. De orka eet tuimelaars maar ook andere dolfijnen. Vergeleken met de tuimelaar is de orka best agressief. Soms beschermt de tuimelaar zichzelf goed. Door met zijn snuit keihard tegen de orka aan te drukken. Zo helpt de tuimelaar ook vaak mensen van een haai. Een haai bedreigt de tuimelaar ook. Maar weer met zijn snuit beschermt de tuimelaar zich. De tuimelaar heeft namelijk een harde, spitse snuit.

Hst.7 Sekse

Bij een tuimelaar kan je de mannetjes en vrouwtjes niet goed onderscheiden. Er is alleen een verschil te zien aan de onderkant van hun buik. Daar zit hun geslachtsdeel. Een tuimelaarvrouwtje heeft een kleinere snee dan een mannetje. In tegendeel tot een vrouwtje heeft een mannetje een lange snee. Toch heeft een mannetje ook een penis. Als de tuimelaars paren gaan ze ook met hun buikjes tegen elkaar aan.

Hst.8 Mensenvriend

Een tuimelaar is niet zoals alle andere wilde dieren. De tuimelaar is niet bang voor mensen, hij vindt het juist prettig in gezelschap. Zoals je dat al ziet bij het plaatje.

Tuimelaars houden van allerlei spelletjes. Een aantal spelletjes zijn: uit het water springen of heel hard met zijn staart op het water slaan. Maar een van de leukste spelletjes is: spelen met een boot. Ze gaan dan naast een boot zwemmen. En omdat een boot zo hard gaat hoeft de tuimelaar niet te zwemmen. En gaan dus in de stroomversnelling van een boot mee zwemmen. De dolfijn redt ook vaak mensen. Meestal redt de tuimelaar een mens van een haai. De duiker is dan uitgeput en dan helpt de tuimelaar hem.
Er is ook een verhaal wat gaat over een mens die was gered door de tuimelaar. Dit was echt gebeurt. De duiker was toen te uitgeput om te zwemmen. Toen heeft de tuimelaar de duiker naar de kust gebracht. Ook was er een waargebeurd verhaal over een kind dat op het punt was te verdrinken. Toen heeft de tuimelaar het kind boven water gebracht. Maar een van de beroemdste verhalen van een tuimelaar is deze. Het was in Indonesië gebeurt in de maand november van 1988. De zee in Indonesië is meestal erg ruig. Op een dag is de zee woester dan ooit. Het schip "Elphina" vergaat. Het is midden in de nacht. De overlevenden houden zich vast aan losse stukken hout. De bemanning weet dat de zee vol zit met haaien. Snel nadat het schip verging doken er dieren uit het water. De bemanning dachten dat het haaien waren. Maar ze hadden het mis. Het waren tuimelaars. Zij duwden de bemanning in richting van het eiland Java. Uren later zien de bemanning licht, ze zien land. Ze zwemmen naar het eilandje dat vlakbij is. En zo is hun leven gered door de tuimelaar maar ook wel door andere dolfijnen. Nog meer van zulke verhalen zijn bekend uit de oudheid.

Hst.9 Familie

Tuimelaars behoren bij de walvisachtigen. Het zijn dus eigenlijk kleine walvissen. De walvisachtigen worden weer ingedeeld in twee groepen. Ze worden ingedeeld in de "baleinwalvissen" en de "tandwalvissen". De baleinwalvissen worden zo genoemd omdat ze geen tanden in de mond hebben maar baleinen. De baleinwalvissen zijn erg groot, soms wel 30 meter lang en een gewicht van 130.000 kilo(blauwe vinvis). Baleinwalvissen eten plankton, maar soms ook kleine visjes die ze met hun baleinen uit het water zeven. Tot de baleinwalvissen behoren de: Blauwe vinvis, de Dwergvinvis en de Groenlandse walvis.
De tandwalvissen heten zo omdat ze tanden in hun bek hebben. Tandwalvissen eten veel soorten vis. De tandwalvissen vangen hun prooi met hun scherpe tanden, vervolgens slikken ze hem helemaal door. Bij deze groep behoren: de Potvissen, de Orka's, de Bruinvissen en de Dolfijnen. De verschillen tussen de baleinwalvissen en de tandwalvissen heb ik al eerder opgenoemd. Maar de overeenkomsten nog niet. De overeenkomsten zijn: het zijn allebei zoogdieren. Net als een kat, hond, paard en nog veel meer andere dieren. Eigenlijk is de naam van de walVISachtigen dan verkeerd. Dat komt doordat de mensen vroeger dachten dat de walvisachtigen vissen waren. Doordat ze in het water leefden. Men weet dat het zoogdieren zijn omdat: ze levende jongen ter wereld brengen, ze jongen zogen, ze adem halen met longen, ze warmbloedig zijn en omdat ze behaard zijn.

Hst.10 Het dolfinarium

Er zijn veel dolfinaria in de hele wereld. In Harderwijk staat het grootste dolfinarium in Nederland. De tuimelaars geven daar een show. Maar ook andere dieren geven een show zoals: een zeeleeuw en nog veel andere dieren. Ze doen allemaal kunstjes zoals: tegen een ring aan zwemmen enzovoort. Er werken daar voornamelijk tuimelaars, want zij kunnen beter tegen gevangenschap. Er wordt voor de show veel geoefend. Ze moeten het allebei goed kunnen zowel de tuimelaar als de trainer. De trainer moet allemaal precies weten wanneer en hoe de tuimelaars iets gaat doen. De trainer moet bijvoorbeeld goed weten hoe hij of zij op een rug van een tuimelaar stapt. In een dolfinarium zit het publiek op een soort tribune. Het dolfinarium haalt de tuimelaars meestal helemaal uit Florida. Een van de taken die het dolfinarium heeft, is de opvang en verzorging van alle dolfijnensoorten die levend op de Nederlandse kust stranden. De gestrande dieren zijn meestal verzwakt of ziek. Als ze weer beter zijn worden ze weer terug gezet in hun eigen omgeving. Maar als de tuimelaar of andere dolfijnen soorten te lang in het dolfinarium zijn gebleven kan hij niet meer terug naar de zee. Ze zijn dan te gewend geraakt aan het dolfinarium. Ze hoeven namelijk in het dolfinarium niet met hun sonar te werken. Sommige tuimelaars in het dolfinarium kunnen niet tegen de gevangenheid en worden ziek. Mensen vinden het leuk om te kijken naar de tuimelaars in het dolfinarium, maar of de tuimelaars het wel zo leuk vinden is en blijft een vraag. Ik heb al eerder in het hoofdstuk "voedsel" vertelt wat de tuimelaars te eten krijgen. In het dolfinarium krijgen de dolfijnen en tuimelaars dode vis te eten.

Hst.11 Dolfijnen E.H.B.O.

Als er een tuimelaar of andere dolfijnen verzwakt of ziek zijn, komt de dolfijnen E.H.B.O hun helpen. Maar als de E.H.B.O. niet op tijd komt, moeten de mensen de regels volgen die het E.H.B.O. hebben gemaakt. Hier volgen ze:
1. Kom rustig dichterbij
2. Niet teveel mensen om het dier heen
3. Houd honden weg
4. Houd het blaasgat altijd boven water(anders verdrinkt het dier)
5. Leg de tuimelaar of andere dolfijn op een zachte bodem zoals kleding
6. Koel het dier steeds af met water maar het blaasgat wel vrijhouden
7. Leg natte doeken op het dier
8. Als er zon is maak dan schaduw
9. Bel het nummer 0314-467467(nummer van dolfinarium Harderwijk)
Zodra de dolfijn is opgehaald door de E.H.B.O. wordt het zo snel mogelijk naar "Fort Heerewich" gebracht. Daar wordt medische hulp gegeven. Een speciaal team van het Dolfinarium Harderwijk verzorgt de dieren en let ongeveer een dag op de dolfijn. Meestal zijn de dolfijnen zo ziek dat ze niet kunnen zwemmen. Dan worden ze in een "hangmatje" gelegd. Dat is een soort doek die is dubbelgevouwen. Daar ligt dan de zieke of verzwakte dolfijn in. Zo is het Dolfijnen E.H.B.O er ook zeker van dat hun blaasgat niet onder water gaat.
De jongere dieren worden tien keer per dag gevoed met pap. Die pap is heel speciaal, want er zitten speciale stoffen in. Die pap wordt gegeven met een slangetje. Dat wordt via de keel in de maag gebracht. De dolfijnen vinden dat niet vervelend omdat het lekker warm is. Als de dolfijn zover is hersteld dat hij weer kan zwemmen wordt hij naar het opvangcentrum gebracht. Daar zijn ook veel andere dolfijnen die ooit een keer verzwakt of ziek zijn geweest. In het opvangcentrum leren ze om weer een vis te vangen. Als ze dat goed kunnen worden ze weer terug gebracht naar de Noordzee waar ze vandaan komen.

Hst.12 Opvang Neeltje Jans

Als sommige dolfijnen te lang in het opvangcentrum zijn geweest worden ze naar het Waterland Neeltje Jans in Zeeland gebracht. Waterland Neeltje Jans is een stuk zee van 20 bij 30 meter en 4 meter diep, waar dolfijnen die te lang in het opvangcentrum zijn geweest worden opgevangen. De dolfijnen moeten daar dan wennen aan de zee omstandigheden. Ze worden daar goed in de gaten gehouden, maar ze worden ook aan zich zelf overgelaten. Veel meer dan het Opvangcentrum in Harderwijk. Ze moeten bijvoorbeeld deels hun vis zelf vangen. Als ze dat allemaal goed kunnen worden weer terug gebracht naar de Noordzee. Ze zijn dan beter voorbeid op het leven in de zee. Er zijn al veel dolfijnen en andere soorten tandwalvissen naar het Waterland Neeltje Jans gebracht.
Een daarvan is "Tjitske". Zij was ook erg verzwakt. Maar met behulp van Waterland Neeltje Jans is zij er weer boven gekomen.

Hst.13 De tuimelaar en zijn naam

Ieder dier heeft in het Grieks een naam, zelfs de tuimelaar. De Griekse naam voor de tuimelaar is: Tursiops truncatus. Dit betekent gewoon tuimelaar. Zoals ik al eerder had vermeld hoort de tuimelaar bij de dolfijnen. De dolfijn heeft ook een aparte Griekse naam. Zijn naam in het Grieks is: Delphinus delphis. Deze naam lijkt wel een beetje op de naam dolfijn.
De dolfijn heeft niet voor niks zijn naam. Als je goed kijkt naar de naam staan er twee namen in. Namelijk dol en fijn. De dolfijn heet zo omdat hij altijd zo dol en vrolijk is. Ze zijn ook dol op spelen en vinden het fijn om met mensen te spelen.

Afsluiting

Ik wist al veel van dolfijnen, maar van tuimelaars nog niet zoveel. In dit werkstuk heb ik dus veel over de tuimelaars geleerd. Wat ik heel bijzonder aan een tuimelaar vind zijn deze dingen: ik vind het heel bijzonder dat de jongen met de staart uit de vagina komen. Maar ik heb geleerd dat daar een speciale reden voor is namelijk: de bevalling kan te lang duren en dan kan het jong stikken. Maar wat ik ook erg bijzonder vond is dat de tuimelaars een blaasgat hebben. Dit wist ik al, maar nog niet dat ze geregeld boven water moesten komen. Tuimelaars hebben namelijk longen en dus moesten ze boven water komen.
Eigenlijk ben ik een beetje anders over het dier gaan denken. Namelijk dat de dolfijn heel intelligent en knap is. Dit vind ik zo omdat ze longen hebben en toch lang onder water kunnen blijven. Maar ook heel knap vind ik dat de tuimelaar kan zien wanneer een mens een ziekte heeft zoals kanker.

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

R.

R.

er staan heel veel spelfouten in

vind ik...

14 jaar geleden

E.

E.

De naam Dolfijn heet niet zo omdat er dol en fijn in zit! Dat heeft er niks mee te maken.

15 jaar geleden

A.

A.

ik heb geen kometaar ik vind het een grapig leesverslag en ik heb hem ook gebruikt ik heb er een goed en hoog cijfer.

20 jaar geleden

S.

S.

dit werkstuk is echt toppie!!!!!!!!

Ik heb er veel info uitgehaald

bedankt

Groetjes sarina

19 jaar geleden

F.

F.

hey shirley, ik wil je ff bedanken
Ik heb heel veel aan je werkstuk.
bedankt en ga zo door


kusjes fabienne

19 jaar geleden

B.

B.

Thnx! Ik had een 8.4 voor m'n werkstuk :D
Ik had er zelf wel nog wat bij gedaan omdat dat er ook in moest maar niet in jouw info stond.
Maar is tog wel handuhg dat er toch nog ook sociale mensen op aarde zijn :)
Gr's babette

19 jaar geleden

M.

M.

wat een geweldig werkstuk ZEEEGGGGG

18 jaar geleden

N.

N.

zit je opschool in amsterdam
want dan weet ik het op ik het kan gebruiken

ik verder niks te weten

mooie werkstuk

17 jaar geleden

J.

J.

ik vond het super goed heel goed zo ga ik het ook doen als ik op de havo zit.groetjes june v/d k.

17 jaar geleden

K.

K.

hEEY DEZE SITE IS HEEL COOL HET WAS HEEL BRUIKBAAR tHNXZ GROETJES KIM EN MARISKA

17 jaar geleden

D.

D.

ik ben daman en ik ben tien jaar. ik moet ook een werkstuk maken. ik wil dat over tuimelaars doen en gebruik een stukje van jou werkstuk, want ik en ook mijn vader vinden jou werkstuk erg goed. ik laat nog even weten wat voor punt ik gehaald heb.

groetjes daman gelens

17 jaar geleden

D.

D.

je hebt veel infomatie verzameld dus ik vind het een dikke tien vind je het goed als ik het van je overneem en verder veel succes

16 jaar geleden

Z.

Z.

hoi ik heb je werkstuk gelezen en ik heb er veel aan gehad want ik heb hem zelf ook over tuimelaars gehouden, ik heb nog wel wat tips, schrijf erbij welke sites je hebt gebruikt, zo kunnen andere mensen ook gebruik maken van die sites en hebben ze wat sites voor het geval ze meer info willen dan dat in jouw werkstuk staat verder is er nog 1 ding: je heb een paar keer dingen staan met dubbele punt zoals: de dolfijnen geven daar een show ze doen dingen als: door een ring springen enzovoort, als je dat doet komt het heel erg over alsof je bedoelt van ik zet 1 ding achter de dubbele punt en dat is goed genoeg en ik ga mijn handen niet aan nog meer werk vuilmaken, als je maar 1 ding weet wat ze doen ga dan A: naar het dolfinarium en kijk goed B: zet dit neer: ze doen dingen als, door een hoepel springen, GEEN dubbele punt MAAR een komma, dat staat beter, vat dit alsjeblieft niet op als kritiek maar als tips

15 jaar geleden

C.

C.

hoe oud ben jij???
en trouwes...je werkstuk mag wel wat nette XDXD

14 jaar geleden

S.

S.

Leuk werkstuk. Zelf houd ik hem ook over Tuimelaar Dolfijnen.

Groetjes Sanne uit 1VG1

PS: Dat staat voor 1 VWO Gymnasium 1

11 jaar geleden

L.

L.

ik heb zelf ook dolfijnen ik verzorg ze ook heel erg goed

11 jaar geleden

D.

D.

wat voor cijfer heb je vor idt werkstuk gekregen ?

10 jaar geleden

N.

N.

Dolfijnen (Delphinidae) zijn een familie van in zee levende walvisachtigen. Ze worden ook wel dolfijnachtigen, zeedolfijnen of echte dolfijnen (in tegenstelling tot de grondeldolfijnen) genoemd. Ze vormen een familie uit de onderorde der tandwalvissen (Odontoceti) en komen voor in alle wereldzeeën.

Er bestaan ongeveer 36 soorten dolfijnen verdeeld over 16 geslachten. De kleinste dolfijn is de Havisidedolfijn, met een lengte van 1,2 meter en een gewicht van 40 kilogram. De grootste dolfijn is de zwart-witte orka, waarbij mannetjes tot 9,8 meter lang kunnen worden en 5,5 ton kunnen wegen.[1]

Dolfijnen leven vooral in de ondiepere gebieden van de zee. Ze eten vooral vis en inktvis. Tussen de diverse soorten zitten behoorlijke verschillen: orka's pakken bijvoorbeeld veel grotere prooien (onder andere zeeroofdieren) dan de gewone dolfijn, die hoofdzakelijk van vis leeft.

Inhoud [verbergen]
1 Intelligentie
2 Gedrag
2.1 Sociale interactie
2.2 Seksualiteit
3 Huid
4 Evolutie en anatomie
4.1 Evolutie
4.2 Anatomie
4.3 Zintuigen
5 Soorten
6 Actualiteit
6.1 2007: Jaar van de Dolfijn
6.2 Dolfijnen in de kunst
6.3 The Cove
7 Ecotoerisme
Intelligentie[bewerken]
Net als andere walvissen staan dolfijnen bekend als zeer intelligente en sociale dieren. Ze hebben relatief grote hersenen, waarvoor overigens ook andere verklaringen bestaan dan hoge intelligentie: dolfijnen kennen geen remslaap en dieren zonder remslaap hebben vaak relatief grote hersenen.

In 2001 slaagde een dolfijn voor de zogenaamde spiegeltest, waarbij een dier voor een spiegel wordt geplaatst om te bepalen of het zijn spiegelbeeld herkent als zichzelf. In hetzelfde jaar toonden onderzoekers aan dat dolfijnen het aanwijzen van een voorwerp door een mens begrijpen.

Bij tuimelaars is het gebruik van sponzen als gereedschap (waarschijnlijk ter bescherming van de neus) bekend. In 2005 beargumenteerden onderzoekers dat dit gebruik weliswaar binnen één genetisch verwante groep plaatsvindt, maar dat het niet alleen genetisch bepaald kan zijn, waarmee een vorm van cultuur zou zijn aangetoond.

In 2006 bleek uit onderzoek van de Universiteit van St Andrews in Schotland dat tuimelaars elkaar roepen met een karakteristiek fluitgeluidje, dat per dier verschillend is. De onderzoekers vergelijken dit met het gebruik van namen door mensen.

Onderzoek in Emory University op basis van MRI-gegevens, afgerond in 2010, plaatst dolfijnen op het vlak van intelligentie net na mensen. Ze zouden deze te danken hebben aan relatief grote hersenen t.o.v. hun lichaam, de erg ontwikkelde neocortex en de mogelijkheid om complexe emoties te beleven en zichzelf te herkennen. Er zouden twee grote groeispurten van de hersenen te herkennen zijn, een 39 miljoen jaar geleden, toen de tandwalvissen ontstonden en ze kleiner werden en grotere hersenen kregen. Ook de verschijning van de echolocatie trad toen op. 15 miljoen jaar geleden zou de tweede spurt zijn opgetreden toen dolfijnen socialer gedrag begonnen te vertonen en complexere interacties steeds belangrijker werden.[2]

Gedrag[bewerken]
Sociale interactie[bewerken]
Mede door hun intelligentie zijn dolfijnen sociale dieren, die leven in groepen tot tientallen individuele dieren. Op plekken waar een grote hoeveelheid voedsel aanwezig is, kunnen groepen tijdelijk mixen, om een supergroep te vormen; zulke groepen kunnen soms wel bestaan uit meer dan 1000 dolfijnen. Men vermoedt dat een combinatie van nieuwsgierigheid en het speelse karakter van de dolfijn ervoor zorgt dat ze veelvuldig contact hebben met andere diersoorten waaronder de mens. Veelvuldig is waargenomen dat dolfijnen met boten mee zwemmen. Hun neiging naar gezelschap komt ook goed tot uiting in de grote groepen waarin dit dier zich vaak manifesteert. Individuele dieren communiceren door een variëteit aan geluiden te maken, door te klikken, fluitachtige geluiden te maken, of op andere manieren. Deel uitmaken van een groep staat niet vast; uitwisselen met andere groepen komt vaak voor. Desondanks kunnen dolfijnen sterke sociale banden opbouwen; ze zullen bij gewonde of zieke individuele dolfijnen blijven, waarbij ze de dolfijn zelfs helpen te ademen door ze naar de oppervlakte te brengen wanneer dit nodig is. Dit altruïsme is tevens niet gelimiteerd tot bij hun eigen soort. De dolfijn Moko in Nieuw-Zeeland werd geobserveerd terwijl hij een vrouwelijke dwergpotvis begeleidde samen met haar kalf uit ondiep water waar ze verschillende keren waren gestrand. Ze hebben ook zwemmers beschermd tegen haaien door rondjes te zwemmen om de zwemmers of door gewoon de haaien weg te jagen.

Dolfijnen vertonen ook cultureel gedrag, iets waarvan men dacht dat dit alleen voorkwam bij de mens (en mogelijk bij andere primaten). In mei 2005 werd er een ontdekking gedaan in Australië waarbij er langbektuimelaars (Tursiops aduncus) gevonden werden die hun jongen leerden hoe ze gereedschappen moesten gebruiken. Ze bedekken hun snuit met sponzen om zich te beschermen terwijl ze foerageren. Deze kennis wordt meestal overgedragen van moeders op dochters, in tegenstelling tot apen, waar kennis meestal wordt overgedragen op beide seksen. Het gebruiken van sponzen als snuitbescherming is aangeleerd gedrag. Ander aangeleerd gedrag werd ontdekt bij rivierdolfijnen in Brazilië, waar een aantal mannelijke dolfijnen stokjes en onkruid gebruiken als onderdeel van de geslachtsgemeenschap.

Dolfijnen reageren zich op elkaar af tijdens agressie. Hoe ouder een mannetjesdolfijn is, hoe groter de kans dat zijn lichaam onder de littekens van beten zit. Mannetjesdolfijnen reageren in omstandigheden van agressie op elkaar om waarschijnlijk dezelfde reden als de mens: onenigheden tussen vrienden en strijden voor de vrouwen. Handelingen in agressiviteit kunnen zo intens worden dat getroffen dolfijnen soms verbannen worden als resultaat van een verloren gevecht.[3]

Seksualiteit[bewerken]
In een aantal gevallen is bekend dat seksueel gefrustreerde dolfijnen hun lusten botvieren door mensen aan te randen waarmee ze zwemmen. Hierdoor zijn enkele zwemmers ernstig gewond geraakt.

Huid[bewerken]
In 2004 maakten Japanse onderzoekers bekend dat ze ontdekten dat dolfijnen voortdurend roos hebben. Hun huid schilfert af, waarbij ze zich elke twee uur vernieuwt.

De loslatende huidschilfers verminderen de waterwrijving doordat de waterstroom rond het lichaam kalmeert. Hierdoor gaat er minder energie verloren aan het overwinnen van de waterweerstand en moet het dier minder energie verbruiken voor het zwemmen.

De huid is zacht. Dolfijnen hebben een flinke onderhuidse vetreserve, waardoor hun huidoppervlak een beetje veerkrachtig is. Als ze snel zwemmen ontstaan er kleine golfjes in hun huid, alsof ze geribbeld is. Die golfjes gaan de turbulentie tegen.

Evolutie en anatomie[bewerken]
Evolutie[bewerken]
Zowel dolfijnen, walvissen en bruinvissen zijn afstammelingen van landzoogdieren, hoogstwaarschijnlijk van de orde der evenhoevigen. De voorouders van de dolfijn zijn grofweg vijftig miljoen jaar geleden, in het Eoceen, in het water gaan leven.

Het skelet van een dolfijn heeft twee kleine botfragmenten die samen een rudimentair bekken vormen. In oktober 2006 werd in Japan een tuimelaar waargenomen met kleine vinnen aan beide zijden van de genitale gleuf. Wetenschappers geloven dat deze vinnen zijn ontstaan doordat het bekken van het dier verder is ontwikkeld dan gewoonlijk wordt waargenomen bij dolfijnen.

Als dolfijnen slapen, doen ze dat met één hersenhelft tegelijk. Dat is nodig omdat ze om de paar minuten boven water moeten komen om te ademen.

Anatomie[bewerken]


Anatomie van een dolfijn
Dolfijnen hebben een gestroomlijnd spoelvormig lichaam dat uitermate geschikt is om snel te zwemmen. De homocercale staartvin wordt gebruikt voor stuwkracht terwijl de borstvinnen samen met de hele staartsectie worden gebruikt voor de aansturing. De rugvin zorgt, bij de soorten die deze hebben, voor stabiliteit tijdens het zwemmen.

Hoewel de kleurpatronen per soort verschillen, bestaat het basale kleurpatroon uit grijstinten met op de onderzijde van het lichaam een lichtere grijstinten; frequent gecombineerd met lijnen en plekken in verschillende tinten en contrasten.

In de kop van een dolfijn vinden we de meloen die de dolfijn zijn karakteristieke uiterlijk geeft. De meloen is een bollend orgaan dat enigszins over de bovenkaak heen uitpuilt. De meloen dient voor echolocatie en werkt als een actieve sonar. De meloen intensiveert de sonar, geproduceerd door de fonische lippen hoog in de luchtpijp nabij het spuitgat. De trillingen van het fonische lippenmembraan wordt door het weefsel in de meloen omgezet in geluid. Deze fonische lippen produceren een hoogfrequent klikgeluid, ook wel kliks genoemd, de frequentie is zo hoog dat het menselijk oor de klikgeluiden niet kan waarnemen. Wanneer een dolfijn een prooi nadert en de geluidsgolven van de kliks worden weerkaatst door de prooi, zal de dolfijn de echo van zijn klik waarnemen middels de onderkaak hierin bevinden zich holtes welke zijn gevuld met vet en de trillingen van een echo doorgeven aan het binnenoor waarna de dolfijn zijn prooi kan lokaliseren.

Enkele soorten zoals de tuimelaar hebben een gekromde bek waardoor deze een glimlach lijkt te vormen, deze vorm heeft echter niets te maken met de gemoedstoestand van de dolfijn. De bek van een dolfijn kan wel tweehonderdvijftig tanden herbergen. Wetenschappers denken dat de tanden ook een functie hebben in het opvangen van kliks; deze zouden zo zijn gerangschikt dat ze dienstdoen als een antenne.

Dolfijnen ademen door het spuitgat, deze is net boven de meloen op de kop gesitueerd en wordt afgesloten door een krachtige klep die reflectorisch wordt geopend voor het in- en uitademen wanneer een dolfijn boven water komt. Het spuitgat is een geëvolueerde neus die in de loop van de evolutie van de snuit is verdwenen en is verplaatst boven op de kop van het dier.

De geslachtsorganen zijn gelokaliseerd aan de onderzijde van het lichaam. Mannetjes hebben twee gleuven, de bovenste voor het intern herbergen van de penis en de onderste voor de anus. Vrouwtjes hebben slechts één gleuf waarin zowel de vagina als de anus in uitmonden, aan beide zijden van deze genitale gleuf bevinden zich twee kleine kloven met daarin tepels verborgen; deze kloven behoren niet exclusief toe aan de vrouwtjes dolfijnen, ze komen ook voor bij sommige mannetjes.

Zintuigen[bewerken]
De meeste dolfijnen hebben zowel onder als boven water een scherp zicht en hun gehoor is vergeleken met dat van de mens vele malen beter. Dolfijnen nemen geluidsfrequenties waar van 75 Hz tot 150.000 Hz; ter vergelijking een mens neemt geluidsfrequenties waar van 20 Hz tot 20.000 Hz. Hoewel dolfijnen een kleine ooropening hebben aan beide zijden van hun kop neemt men aan dat geluiden onder water ook, zo niet enkel, door de onderkaak worden opgevangen en worden doorgegeven aan het binnenoor middels een met vet gevulde holte in de onderkaak. Wetenschappers vermoeden dat de tanden van een dolfijn zo zijn gerangschikt dat ze werken als een antenne. Zo is een dolfijn in staat om de echo van hun kliks te kunnen interpreteren waardoor de lokalisering van de prooi wordt vergemakkelijkt. Dolfijnen zijn vermoedelijk gevoelig voor de hoge geluidsintensiteit van bijvoorbeeld sonar zoals die voor militaire doeleinden wordt gebruikt. Strandingen van dolfijnen worden onder meer daaraan geweten.

De tastzin van een dolfijn is eveneens zeer goed ontwikkeld met vrije zenuwuiteinden dicht op elkaar gepakt in de huid, vooral rond de snuit, op de rugvin en de genitale gleuven is de tastzin van een dolfijn zeer perceptief.

Dolfijnen hebben geen geurzenuw, daarom wordt aangenomen dat dolfijnen geen reukzin hebben. Toch hebben dolfijnen smaakzin en hebben voorkeur voor bepaalde soorten vis. Omdat dolfijnen de meeste tijd onder water doorbrengen denkt men dat het proeven van water voor de dolfijn een manier is om het ontbreken van reukzin te compenseren.

Soorten[bewerken]
De bekendste soorten zijn de orka (Orcinus orca), de tuimelaar (Tursiops truncatus) en de gewone dolfijn (Delphinus delphis). Enkele andere tandwalvissen die "dolfijn" worden genoemd, bijvoorbeeld rivierdolfijnen zoals de Orinocodolfijn (Inia geoffrensis) en de Chinese vlagdolfijn (Lipotes vexillifer), behoren niet tot de familie.

De familie omvat de volgende geslachten en soorten:

Familie Delphinidae:
Geslacht †Australodelphis
†Australodelphis mirus
Geslacht Cephalorhynchus:
Kortsnuitdolfijn (Cephalorhynchus commersonii)
Witbuikdolfijn (Cephalorhynchus eutropia)
H(e)avisidedolfijn (Cephalorhynchus heavisidii)
Hectordolfijn (Cephalorhynchus hectori)
Geslacht Delphinus:
Kaapse dolfijn (Delphinus capensis)
Gewone dolfijn (Delphinus delphis)
Geslacht Feresa:
Dwerggriend (Feresa attenuata)
Geslacht Globicephala:
Indische griend (Globicephala macrorhynchus)
Griend (Globicephala melas)
Geslacht Grampus:
Gramper (Grampus griseus)
Geslacht Lagenodelphis:
Sarawakdolfijn (Lagenodelphis hosei)
Geslacht Lagenorhynchus:
Witflankdolfijn (Lagenorhynchus acutus)
Witsnuitdolfijn (Lagenorhynchus albirostris)
Dolfijn van Peale (Lagenorhynchus australis)
Zandloperdolfijn (Lagenorhynchus cruciger)
Witgestreepte dolfijn (Lagenorhynchus obliquidens)
Donkergestreepte dolfijn (Lagenorhynchus obscurus)
Geslacht Lissodelphis:
Noordelijke gladde dolfijn (Lissodelphis borealis)
Zuidelijke gladde dolfijn (Lissodelphis peronii)
Geslacht Orcaella:
Irrawaddydolfijn (Orcaella brevirostris)
Australische snubvindolfijn (Orcaella heinsohni)
Geslacht Orcinus:
Orka (Orcinus orca)
†Geslacht Platalearostrum
†Hoekmans stompsnuitdolfijn (Platalearostrum hoekmani)
Geslacht Peponocephala:
Witlipdolfijn (Peponocephala electra)
Geslacht Pseudorca:
Zwarte zwaardwalvis (Pseudorca crassidens)
Geslacht Sotalia:
Tucuxi (Sotalia fluviatilis)
Costero (Sotalia guianensis)
Geslacht Sousa:
Chinese witte dolfijn (Sousa chinensis) (of "Roze dolfijnen")
Kameroendolfijn (Sousa teuszii)
Geslacht Stenella:
Slanke dolfijn (Stenella attenuata)
Clymenedolfijn (Stenella clymene)
Gestreepte dolfijn (Stenella coeruleoalba)
Atlantische vlekdolfijn (Stenella frontalis)
Langsnuitdolfijn (Stenella longirostris)
Geslacht Steno:
Snaveldolfijn (Steno bredanensis)
Geslacht Tursiops:
Langbektuimelaar (Tursiops aduncus)
Tuimelaar (Tursiops truncatus)
Actualiteit[bewerken]
2007: Jaar van de Dolfijn[bewerken]
Het jaar 2007 is door de Verenigde Naties en het 'United Nations Environment Programme' (UNEP) uitgeroepen tot (Internationaal) Jaar van de Dolfijn op voorstel van en ondersteund door diverse conventies en organisaties.
Op 17 september 2006 heeft H.S.H. Prins Albert II van Monaco de aankondiging gedaan, hij is ook internationaal beschermheer geworden van dit zogeheten themajaar.
Op initiatief van NatureNet Europe is een Nationaal Comité Jaar van de Dolfijn voor Nederland ingesteld. Het Comité bevorderde de viering van het (Internationaal) Jaar van de Dolfijn 2007 in Nederland. Voorzitter was Wim van Gelder, Kustvereniging (EUCC) / NatureNet Europe en Commissaris van de Koningin (CDA) in de provincie Zeeland.

Dolfijnen in de kunst[bewerken]
In de ornamentkunst is de dolfijn een veel gebruikt motief. In de heraldiek het symbool van vorstelijk gezag (zie het Franse dauphin), dat in de wapens van Franse koningen veel voorkomt.

Het motief wordt gebruikt ter versiering van fonteinen en bronnen. Veelal ook als begeleiders van nimfen, nereïden, tritonen, van Neptunus, Aphrodite, Arion, enz.

The Cove[bewerken]
In 2009 bracht de dolfijnentrainer van Flipper, Ric O'Barry, de documentaire The Cove uit. Hierin liet hij zien hoe dolfinaria de jaarlijkse slachting van 23.000 dolfijnen in Taiji, Japan, in stand houdt. Internationaal bracht de film een schokgolf te weeg, met name in Japan. The Cove werd beloond met een Academy Award voor beste documentaire.

Ecotoerisme[bewerken]
Het bekijken van dolfijnen in hun eigen wilde omgeving, ook dolphin watching genoemd, is een populaire vorm van ecotoerisme.

Bronnen, noten en/of referenties
(en) Susan Milius, Sponge Moms: Dolphins learn tool use from their mothers. Science News Online jaargang 167, nr. 24, p. 371 (juni 2005)
(en) Michael Krützen, Janet Mann, Michael R. Heithaus, Richard C. Connor, Lars Bejder en William B. Sherwin, Cultural transmission of tool use in bottlenose dolphins. PNAS jaargang 102, nr. 25 (juni 2005)
(nl) Dolfijnen noemen elkaar bij de naam. NRC Handelsblad, 9 mei 2006
(en) Lone dolphins - Friend or foe? BBC Inside Out, 9 september 2002
(en) Dolphin Engelse Wikipedia
(nl) Dolfijnen basiskennis
Omhoog ? (nl) Shirihai, H., Gids van alle zeezoogdieren, Tirion, Baarn, 2008, pp. 74 ISBN 978 90 5210 712 7. 412.
Omhoog ? Jennifer Viegas. Dolphins: Second-Smartest Animals?. Discovery News (22 januari 2010) Geraadpleegd op 24 januari 2010
Omhoog ? Dit Sociale interactie of een eerdere versie ervan is (gedeeltelijk) vertaald vanaf de Engelstalige Wikipedia, die onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.

8 jaar geleden

S.

S.

Dolfijnen (Delphinidae) zijn een familie van in zee levende walvisachtigen. Ze worden ook wel dolfijnachtigen, zeedolfijnen of echte dolfijnen (in tegenstelling tot de grondeldolfijnen) genoemd. Ze vormen een familie uit de onderorde der tandwalvissen (Odontoceti) en komen voor in alle wereldzeeën.

Er bestaan ongeveer 36 soorten dolfijnen verdeeld over 16 geslachten. De kleinste dolfijn is de Havisidedolfijn, met een lengte van 1,2 meter en een gewicht van 40 kilogram. De grootste dolfijn is de zwart-witte orka, waarbij mannetjes tot 9,8 meter lang kunnen worden en 5,5 ton kunnen wegen.[1]

Dolfijnen leven vooral in de ondiepere gebieden van de zee. Ze eten vooral vis en inktvis. Tussen de diverse soorten zitten behoorlijke verschillen: orka's pakken bijvoorbeeld veel grotere prooien (onder andere zeeroofdieren) dan de gewone dolfijn, die hoofdzakelijk van vis leeft.

Inhoud [verbergen]
1 Intelligentie
2 Gedrag
2.1 Sociale interactie
2.2 Seksualiteit
3 Huid
4 Evolutie en anatomie
4.1 Evolutie
4.2 Anatomie
4.3 Zintuigen
5 Soorten
6 Actualiteit
6.1 2007: Jaar van de Dolfijn
6.2 Dolfijnen in de kunst
6.3 The Cove
7 Ecotoerisme
Intelligentie[bewerken]
Net als andere walvissen staan dolfijnen bekend als zeer intelligente en sociale dieren. Ze hebben relatief grote hersenen, waarvoor overigens ook andere verklaringen bestaan dan hoge intelligentie: dolfijnen kennen geen remslaap en dieren zonder remslaap hebben vaak relatief grote hersenen.

In 2001 slaagde een dolfijn voor de zogenaamde spiegeltest, waarbij een dier voor een spiegel wordt geplaatst om te bepalen of het zijn spiegelbeeld herkent als zichzelf. In hetzelfde jaar toonden onderzoekers aan dat dolfijnen het aanwijzen van een voorwerp door een mens begrijpen.

Bij tuimelaars is het gebruik van sponzen als gereedschap (waarschijnlijk ter bescherming van de neus) bekend. In 2005 beargumenteerden onderzoekers dat dit gebruik weliswaar binnen één genetisch verwante groep plaatsvindt, maar dat het niet alleen genetisch bepaald kan zijn, waarmee een vorm van cultuur zou zijn aangetoond.

In 2006 bleek uit onderzoek van de Universiteit van St Andrews in Schotland dat tuimelaars elkaar roepen met een karakteristiek fluitgeluidje, dat per dier verschillend is. De onderzoekers vergelijken dit met het gebruik van namen door mensen.

Onderzoek in Emory University op basis van MRI-gegevens, afgerond in 2010, plaatst dolfijnen op het vlak van intelligentie net na mensen. Ze zouden deze te danken hebben aan relatief grote hersenen t.o.v. hun lichaam, de erg ontwikkelde neocortex en de mogelijkheid om complexe emoties te beleven en zichzelf te herkennen. Er zouden twee grote groeispurten van de hersenen te herkennen zijn, een 39 miljoen jaar geleden, toen de tandwalvissen ontstonden en ze kleiner werden en grotere hersenen kregen. Ook de verschijning van de echolocatie trad toen op. 15 miljoen jaar geleden zou de tweede spurt zijn opgetreden toen dolfijnen socialer gedrag begonnen te vertonen en complexere interacties steeds belangrijker werden.[2]

Gedrag[bewerken]
Sociale interactie[bewerken]
Mede door hun intelligentie zijn dolfijnen sociale dieren, die leven in groepen tot tientallen individuele dieren. Op plekken waar een grote hoeveelheid voedsel aanwezig is, kunnen groepen tijdelijk mixen, om een supergroep te vormen; zulke groepen kunnen soms wel bestaan uit meer dan 1000 dolfijnen. Men vermoedt dat een combinatie van nieuwsgierigheid en het speelse karakter van de dolfijn ervoor zorgt dat ze veelvuldig contact hebben met andere diersoorten waaronder de mens. Veelvuldig is waargenomen dat dolfijnen met boten mee zwemmen. Hun neiging naar gezelschap komt ook goed tot uiting in de grote groepen waarin dit dier zich vaak manifesteert. Individuele dieren communiceren door een variëteit aan geluiden te maken, door te klikken, fluitachtige geluiden te maken, of op andere manieren. Deel uitmaken van een groep staat niet vast; uitwisselen met andere groepen komt vaak voor. Desondanks kunnen dolfijnen sterke sociale banden opbouwen; ze zullen bij gewonde of zieke individuele dolfijnen blijven, waarbij ze de dolfijn zelfs helpen te ademen door ze naar de oppervlakte te brengen wanneer dit nodig is. Dit altruïsme is tevens niet gelimiteerd tot bij hun eigen soort. De dolfijn Moko in Nieuw-Zeeland werd geobserveerd terwijl hij een vrouwelijke dwergpotvis begeleidde samen met haar kalf uit ondiep water waar ze verschillende keren waren gestrand. Ze hebben ook zwemmers beschermd tegen haaien door rondjes te zwemmen om de zwemmers of door gewoon de haaien weg te jagen.

Dolfijnen vertonen ook cultureel gedrag, iets waarvan men dacht dat dit alleen voorkwam bij de mens (en mogelijk bij andere primaten). In mei 2005 werd er een ontdekking gedaan in Australië waarbij er langbektuimelaars (Tursiops aduncus) gevonden werden die hun jongen leerden hoe ze gereedschappen moesten gebruiken. Ze bedekken hun snuit met sponzen om zich te beschermen terwijl ze foerageren. Deze kennis wordt meestal overgedragen van moeders op dochters, in tegenstelling tot apen, waar kennis meestal wordt overgedragen op beide seksen. Het gebruiken van sponzen als snuitbescherming is aangeleerd gedrag. Ander aangeleerd gedrag werd ontdekt bij rivierdolfijnen in Brazilië, waar een aantal mannelijke dolfijnen stokjes en onkruid gebruiken als onderdeel van de geslachtsgemeenschap.

Dolfijnen reageren zich op elkaar af tijdens agressie. Hoe ouder een mannetjesdolfijn is, hoe groter de kans dat zijn lichaam onder de littekens van beten zit. Mannetjesdolfijnen reageren in omstandigheden van agressie op elkaar om waarschijnlijk dezelfde reden als de mens: onenigheden tussen vrienden en strijden voor de vrouwen. Handelingen in agressiviteit kunnen zo intens worden dat getroffen dolfijnen soms verbannen worden als resultaat van een verloren gevecht.[3]

Seksualiteit[bewerken]
In een aantal gevallen is bekend dat seksueel gefrustreerde dolfijnen hun lusten botvieren door mensen aan te randen waarmee ze zwemmen. Hierdoor zijn enkele zwemmers ernstig gewond geraakt.

Huid[bewerken]
In 2004 maakten Japanse onderzoekers bekend dat ze ontdekten dat dolfijnen voortdurend roos hebben. Hun huid schilfert af, waarbij ze zich elke twee uur vernieuwt.

De loslatende huidschilfers verminderen de waterwrijving doordat de waterstroom rond het lichaam kalmeert. Hierdoor gaat er minder energie verloren aan het overwinnen van de waterweerstand en moet het dier minder energie verbruiken voor het zwemmen.

De huid is zacht. Dolfijnen hebben een flinke onderhuidse vetreserve, waardoor hun huidoppervlak een beetje veerkrachtig is. Als ze snel zwemmen ontstaan er kleine golfjes in hun huid, alsof ze geribbeld is. Die golfjes gaan de turbulentie tegen.

Evolutie en anatomie[bewerken]
Evolutie[bewerken]
Zowel dolfijnen, walvissen en bruinvissen zijn afstammelingen van landzoogdieren, hoogstwaarschijnlijk van de orde der evenhoevigen. De voorouders van de dolfijn zijn grofweg vijftig miljoen jaar geleden, in het Eoceen, in het water gaan leven.

Het skelet van een dolfijn heeft twee kleine botfragmenten die samen een rudimentair bekken vormen. In oktober 2006 werd in Japan een tuimelaar waargenomen met kleine vinnen aan beide zijden van de genitale gleuf. Wetenschappers geloven dat deze vinnen zijn ontstaan doordat het bekken van het dier verder is ontwikkeld dan gewoonlijk wordt waargenomen bij dolfijnen.

Als dolfijnen slapen, doen ze dat met één hersenhelft tegelijk. Dat is nodig omdat ze om de paar minuten boven water moeten komen om te ademen.

Anatomie[bewerken]


Anatomie van een dolfijn
Dolfijnen hebben een gestroomlijnd spoelvormig lichaam dat uitermate geschikt is om snel te zwemmen. De homocercale staartvin wordt gebruikt voor stuwkracht terwijl de borstvinnen samen met de hele staartsectie worden gebruikt voor de aansturing. De rugvin zorgt, bij de soorten die deze hebben, voor stabiliteit tijdens het zwemmen.

Hoewel de kleurpatronen per soort verschillen, bestaat het basale kleurpatroon uit grijstinten met op de onderzijde van het lichaam een lichtere grijstinten; frequent gecombineerd met lijnen en plekken in verschillende tinten en contrasten.

In de kop van een dolfijn vinden we de meloen die de dolfijn zijn karakteristieke uiterlijk geeft. De meloen is een bollend orgaan dat enigszins over de bovenkaak heen uitpuilt. De meloen dient voor echolocatie en werkt als een actieve sonar. De meloen intensiveert de sonar, geproduceerd door de fonische lippen hoog in de luchtpijp nabij het spuitgat. De trillingen van het fonische lippenmembraan wordt door het weefsel in de meloen omgezet in geluid. Deze fonische lippen produceren een hoogfrequent klikgeluid, ook wel kliks genoemd, de frequentie is zo hoog dat het menselijk oor de klikgeluiden niet kan waarnemen. Wanneer een dolfijn een prooi nadert en de geluidsgolven van de kliks worden weerkaatst door de prooi, zal de dolfijn de echo van zijn klik waarnemen middels de onderkaak hierin bevinden zich holtes welke zijn gevuld met vet en de trillingen van een echo doorgeven aan het binnenoor waarna de dolfijn zijn prooi kan lokaliseren.

Enkele soorten zoals de tuimelaar hebben een gekromde bek waardoor deze een glimlach lijkt te vormen, deze vorm heeft echter niets te maken met de gemoedstoestand van de dolfijn. De bek van een dolfijn kan wel tweehonderdvijftig tanden herbergen. Wetenschappers denken dat de tanden ook een functie hebben in het opvangen van kliks; deze zouden zo zijn gerangschikt dat ze dienstdoen als een antenne.

Dolfijnen ademen door het spuitgat, deze is net boven de meloen op de kop gesitueerd en wordt afgesloten door een krachtige klep die reflectorisch wordt geopend voor het in- en uitademen wanneer een dolfijn boven water komt. Het spuitgat is een geëvolueerde neus die in de loop van de evolutie van de snuit is verdwenen en is verplaatst boven op de kop van het dier.

De geslachtsorganen zijn gelokaliseerd aan de onderzijde van het lichaam. Mannetjes hebben twee gleuven, de bovenste voor het intern herbergen van de penis en de onderste voor de anus. Vrouwtjes hebben slechts één gleuf waarin zowel de vagina als de anus in uitmonden, aan beide zijden van deze genitale gleuf bevinden zich twee kleine kloven met daarin tepels verborgen; deze kloven behoren niet exclusief toe aan de vrouwtjes dolfijnen, ze komen ook voor bij sommige mannetjes.

Zintuigen[bewerken]
De meeste dolfijnen hebben zowel onder als boven water een scherp zicht en hun gehoor is vergeleken met dat van de mens vele malen beter. Dolfijnen nemen geluidsfrequenties waar van 75 Hz tot 150.000 Hz; ter vergelijking een mens neemt geluidsfrequenties waar van 20 Hz tot 20.000 Hz. Hoewel dolfijnen een kleine ooropening hebben aan beide zijden van hun kop neemt men aan dat geluiden onder water ook, zo niet enkel, door de onderkaak worden opgevangen en worden doorgegeven aan het binnenoor middels een met vet gevulde holte in de onderkaak. Wetenschappers vermoeden dat de tanden van een dolfijn zo zijn gerangschikt dat ze werken als een antenne. Zo is een dolfijn in staat om de echo van hun kliks te kunnen interpreteren waardoor de lokalisering van de prooi wordt vergemakkelijkt. Dolfijnen zijn vermoedelijk gevoelig voor de hoge geluidsintensiteit van bijvoorbeeld sonar zoals die voor militaire doeleinden wordt gebruikt. Strandingen van dolfijnen worden onder meer daaraan geweten.

De tastzin van een dolfijn is eveneens zeer goed ontwikkeld met vrije zenuwuiteinden dicht op elkaar gepakt in de huid, vooral rond de snuit, op de rugvin en de genitale gleuven is de tastzin van een dolfijn zeer perceptief.

Dolfijnen hebben geen geurzenuw, daarom wordt aangenomen dat dolfijnen geen reukzin hebben. Toch hebben dolfijnen smaakzin en hebben voorkeur voor bepaalde soorten vis. Omdat dolfijnen de meeste tijd onder water doorbrengen denkt men dat het proeven van water voor de dolfijn een manier is om het ontbreken van reukzin te compenseren.

Soorten[bewerken]
De bekendste soorten zijn de orka (Orcinus orca), de tuimelaar (Tursiops truncatus) en de gewone dolfijn (Delphinus delphis). Enkele andere tandwalvissen die "dolfijn" worden genoemd, bijvoorbeeld rivierdolfijnen zoals de Orinocodolfijn (Inia geoffrensis) en de Chinese vlagdolfijn (Lipotes vexillifer), behoren niet tot de familie.

De familie omvat de volgende geslachten en soorten:

Familie Delphinidae:
Geslacht †Australodelphis
†Australodelphis mirus
Geslacht Cephalorhynchus:
Kortsnuitdolfijn (Cephalorhynchus commersonii)
Witbuikdolfijn (Cephalorhynchus eutropia)
H(e)avisidedolfijn (Cephalorhynchus heavisidii)
Hectordolfijn (Cephalorhynchus hectori)
Geslacht Delphinus:
Kaapse dolfijn (Delphinus capensis)
Gewone dolfijn (Delphinus delphis)
Geslacht Feresa:
Dwerggriend (Feresa attenuata)
Geslacht Globicephala:
Indische griend (Globicephala macrorhynchus)
Griend (Globicephala melas)
Geslacht Grampus:
Gramper (Grampus griseus)
Geslacht Lagenodelphis:
Sarawakdolfijn (Lagenodelphis hosei)
Geslacht Lagenorhynchus:
Witflankdolfijn (Lagenorhynchus acutus)
Witsnuitdolfijn (Lagenorhynchus albirostris)
Dolfijn van Peale (Lagenorhynchus australis)
Zandloperdolfijn (Lagenorhynchus cruciger)
Witgestreepte dolfijn (Lagenorhynchus obliquidens)
Donkergestreepte dolfijn (Lagenorhynchus obscurus)
Geslacht Lissodelphis:
Noordelijke gladde dolfijn (Lissodelphis borealis)
Zuidelijke gladde dolfijn (Lissodelphis peronii)
Geslacht Orcaella:
Irrawaddydolfijn (Orcaella brevirostris)
Australische snubvindolfijn (Orcaella heinsohni)
Geslacht Orcinus:
Orka (Orcinus orca)
†Geslacht Platalearostrum
†Hoekmans stompsnuitdolfijn (Platalearostrum hoekmani)
Geslacht Peponocephala:
Witlipdolfijn (Peponocephala electra)
Geslacht Pseudorca:
Zwarte zwaardwalvis (Pseudorca crassidens)
Geslacht Sotalia:
Tucuxi (Sotalia fluviatilis)
Costero (Sotalia guianensis)
Geslacht Sousa:
Chinese witte dolfijn (Sousa chinensis) (of "Roze dolfijnen")
Kameroendolfijn (Sousa teuszii)
Geslacht Stenella:
Slanke dolfijn (Stenella attenuata)
Clymenedolfijn (Stenella clymene)
Gestreepte dolfijn (Stenella coeruleoalba)
Atlantische vlekdolfijn (Stenella frontalis)
Langsnuitdolfijn (Stenella longirostris)
Geslacht Steno:
Snaveldolfijn (Steno bredanensis)
Geslacht Tursiops:
Langbektuimelaar (Tursiops aduncus)
Tuimelaar (Tursiops truncatus)
Actualiteit[bewerken]
2007: Jaar van de Dolfijn[bewerken]
Het jaar 2007 is door de Verenigde Naties en het 'United Nations Environment Programme' (UNEP) uitgeroepen tot (Internationaal) Jaar van de Dolfijn op voorstel van en ondersteund door diverse conventies en organisaties.
Op 17 september 2006 heeft H.S.H. Prins Albert II van Monaco de aankondiging gedaan, hij is ook internationaal beschermheer geworden van dit zogeheten themajaar.
Op initiatief van NatureNet Europe is een Nationaal Comité Jaar van de Dolfijn voor Nederland ingesteld. Het Comité bevorderde de viering van het (Internationaal) Jaar van de Dolfijn 2007 in Nederland. Voorzitter was Wim van Gelder, Kustvereniging (EUCC) / NatureNet Europe en Commissaris van de Koningin (CDA) in de provincie Zeeland.

Dolfijnen in de kunst[bewerken]
In de ornamentkunst is de dolfijn een veel gebruikt motief. In de heraldiek het symbool van vorstelijk gezag (zie het Franse dauphin), dat in de wapens van Franse koningen veel voorkomt.

Het motief wordt gebruikt ter versiering van fonteinen en bronnen. Veelal ook als begeleiders van nimfen, nereïden, tritonen, van Neptunus, Aphrodite, Arion, enz.

The Cove[bewerken]
In 2009 bracht de dolfijnentrainer van Flipper, Ric O'Barry, de documentaire The Cove uit. Hierin liet hij zien hoe dolfinaria de jaarlijkse slachting van 23.000 dolfijnen in Taiji, Japan, in stand houdt. Internationaal bracht de film een schokgolf te weeg, met name in Japan. The Cove werd beloond met een Academy Award voor beste documentaire.

Ecotoerisme[bewerken]
Het bekijken van dolfijnen in hun eigen wilde omgeving, ook dolphin watching genoemd, is een populaire vorm van ecotoerisme.

Bronnen, noten en/of referenties
(en) Susan Milius, Sponge Moms: Dolphins learn tool use from their mothers. Science News Online jaargang 167, nr. 24, p. 371 (juni 2005)
(en) Michael Krützen, Janet Mann, Michael R. Heithaus, Richard C. Connor, Lars Bejder en William B. Sherwin, Cultural transmission of tool use in bottlenose dolphins. PNAS jaargang 102, nr. 25 (juni 2005)
(nl) Dolfijnen noemen elkaar bij de naam. NRC Handelsblad, 9 mei 2006
(en) Lone dolphins - Friend or foe? BBC Inside Out, 9 september 2002
(en) Dolphin Engelse Wikipedia
(nl) Dolfijnen basiskennis
Omhoog ? (nl) Shirihai, H., Gids van alle zeezoogdieren, Tirion, Baarn, 2008, pp. 74 ISBN 978 90 5210 712 7. 412.
Omhoog ? Jennifer Viegas. Dolphins: Second-Smartest Animals?. Discovery News (22 januari 2010) Geraadpleegd op 24 januari 2010
Omhoog ? Dit Sociale interactie of een eerdere versie ervan is (gedeeltelijk) vertaald vanaf de Engelstalige Wikipedia, die onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.

8 jaar geleden

A.

A.

ik vind dit werkstuk best wel slecht voor een 2e klasse moet je die hoofdstuk namen zien ( sekse )

6 jaar geleden