Zuid-Afrika

Beoordeling 6.2
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • Klas onbekend | 6419 woorden
  • 2 september 2001
  • 325 keer beoordeeld
  • Cijfer 6.2
  • 325 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
1. Inleiding
Elke avond kijken miljoenen mensen het journaal. De meeste van die mensen zitten relaxed met een kop koffie mee te leven met alle ellende die er in de wereld gebeurt. Vanuit je luie stoel kan je dus de hele wereld bekijken, en oordelen over het leven van de mensen uit landen van duizenden en nog eens duizenden kilometers verder. Ik wil het anders doen. Ik wil naar het échte journaal toe, en de wereld leren kennen. Mijn droom is om veel te gaan reizen, zodat ik later op een andere manier naar het journaal kan kijken en het nieuws van over heel de wereld niet alleen weet, maar ook voel.

Een van de landen die ik heel graag wil zien is Zuid-Afrika. Het lijkt me een mooi land met een bijzondere geschiedenis. Omdat mijn werkstuk over een aardrijkskunde onderwerp moest gaan heb ik gekozen voor dat land: Zuid-Afrika.


2. Zuid-Afrika in het kort
Gegevens
Zuid-Afrika ligt in het zuiden van Afrika en is 1.223.201 km2. Het land heeft negen provincies: Noordkaap, Westkaap, Oostkaap, Oranje Vrijstaat, Noordwesten, Noord Transvaal, Mpumalanga of Oost Transvaal, Kwazulunatal en Gauteng. In Gauteng ligt de hoofdstad, Pretoria. Zuid-Afrika grenst aan Namibië, Botswana, Zimbabwe, Mozambique en Swaziland. Lesotho is een apart land maar ligt middenin Zuid-Afrika. Pas in 1993 is het eerlijk verdeeld in de regering, nu hebben ook zwarte mensen gelijke (politieke) rechten. In heel Zuid-Afrika worden 11 officiële talen gesproken: Afrikaans, Engels, Ndebele, Pedi, Sotho, Swati, Tsonga, Tswana, Venda, Xhosa en Zulu. Het Afrikaans is een beetje raar Nederlands, als je het als Nederlander leest kan je het beter volgen dan als je het hoort. Er wordt betaald met de rand. De hoogste berg is de Matheke, van 3461 meter, en de langste rivier is de Oranje, van 2100 kilometer.

Economie
Met de economie van Zuid-Afrika gaat het sinds de laatste jaren heel goed. Een stuk beter dan met de economie van de rest van Afrika, want daarmee wil het in een groot deel niet zo lukken. Het enige Afrikaanse land dat rijker is, is Gabon. Maar eigenlijk zegt dat niet zo veel, omdat het verschil tussen arm en rijk in Afrika erg groot is. Toch is de economie in korte tijd heel erg vooruit gegaan. In 1990 was bijna al het geld van 15% van de Zuid-Afrikaanse bevolking, en dat waren dan ook nog eens blanke mensen. 85% moest leven van een heel klein inkomentje.

Toerisme
Zonder de toeristen zou het met de economie ook een stuk slechter gaan. Het toerisme is erg belangrijk voor Zuid-Afrika. Er zijn veel meer banen door bijgekomen, zoals taxichauffeurs, obers en gidsen. Maar ook mensen die souveniertjes maken zoals leerbewerkers, glasblazers, edelsmeden en mensen die houtsnijwerk maken. De werkeloosheid is enorm gedaald. Zuid-Afrika krijgt het meeste geld binnen van de ecotoeristen. Dat zijn toeristen die komen om van de natuur te genieten, zonder hem kapot te maken. Meestal gaan ecotoeristen vogels kijken, wandelen, fotograferen, schilderen, snorkelen en bergbeklimmen. Zuid-Afrika is een erg populair land voor ecotoeristen.


Industrie
Zuid-Afrika heeft de grootste industrie van Afrika. Zuid-Afrika produceert ijzer en staal, die was begonnen voor gereedschappen maar nu ook andere dingen maakt. Er worden ook machine gemaakt, zoals schepen, locomotieven, auto’s en vliegtuigen. Dit gebeurt weer met het staal uit hun eigen land, dus daar wordt ook weer veel aan verdiend. De elektronica industrie is groeit het allersnelst van alle industrieën over de hele wereld.

Naast elektrische dingen produceert Zuid-Afrika ook pasta, rijst, haver en tarwe, wat ook veel gegeten wordt. En er wordt kleding gemaakt, in de 1230 textielfabrieken werken wel 125.000 mensen. Maar er wordt ook veel vis gevangen. Er zijn ongeveer 27.000 mensen die werken in de visindustrie. Zuid-Afrika heeft veel industrieterreinen.

3. Geschiedenis
Zo’n 2,5 miljoen jaar geleden leefden de eerste mensen in Zuid-Afrika. Hier weet eigenlijk niemand iets vanaf, het enige wat er van over is zijn vondsten en muurschilderingen. De huidige bewoners van Zuid-Afrika zijn de Khoisan, die een paar duizend jaar voor onze jaartelling in Zuid-Afrika gingen wonen. Zij zijn de oud-bewoners. Eigenlijk bestaat de Khoisan uit twee volken: de San, die ook wel bosjesmannen genoemd worden en de Khoikhoi, die ook hottentotten worden genoemd. Maar ze worden gezien als één volk. De bosjesmannen jaagden en verzamelden besjes, wortels en sprinkhanen. Ze leefden in groepen van 50 tot 500 mensen. De hottentotten hielden zich meer met vee bezig, en hadden grote kuddes koeien en schapen. De hottentotten leefden in veel grotere groepen, van 600 tot 2000 mensen. De twee volken waren eigenlijk heel verschillend en leken niet op elkaar, maar toch worden ze als een volk gezien, de Khoisan. Vanaf de 9e eeuw werd het gebied van de Khoisan een stuk kleiner, omdat de bantoevolken Zuid-Afrika binnenkwamen. De bantoevolken hielden vee en verbouwden producten, en dat kostte weer meer ruimte waardoor het gebied van de Khoisan steeds kleiner werd. Toen in de 17e eeuw de Europeanen kwamen was het helemaal moeilijk leven, en ook maar een klein deel van de Khoisan heeft het gered.

De eerste Europeanen die Zuid-Afrika binnenkwamen waren Portugezen. Bhartholomeu Diaz voer in 1488 om het Kaapse Schiereiland, en iets later volgde Vasco da Gama. De Portugezen gebruikten de Kaap als een soort opslagplaats voor alle producten die ze die naar Oost Azië moesten. De eerste Nederlander die de Kaap rondvaarde was Jan Huygen (Jan Huygen, Jan Huygen, en de ton die viel in duigen) van Linschoten, aan het einde van de 16e eeuw. De eerste Europese bewoners van de Kaap was de bemanning van het Nederlandse schip Haarlem, maar zij bleven er maar een jaar. Toen ze terugvaarden zijn ze allemaal overleden, omdat dat Nederlandse schip zonk (typisch Nederland weer). Daarom besloot Nederland in 1651 dat er iemand naar de Kaap moest gaan om Nederlandse schepen die daar aankwamen op te knappen. Zo gezegd zo gedaan, en in 1652 ging scheeparts Jan van Riebeeck met nog een paar Nederlanders en Duitsers naar de Kaap om daar een soort ziekenboeg voor schepen te maken. Van Riebeeck verbouwde groente en graan, en kocht vee van de Khoisan. De Khoisan wilde niet voor de Europeanen werken, dus daarom werden er slaven uit Azië en West-Afrika gehaald. Toch ging het nog niet zo goed met de Kaap, en er werd besloten dat Nederlandse boerengezinnen naar de Kaap mochten om daar verder te gaan. Om mensen aan te moedigen om dat te doen werd er gratis land ‘uitgedeeld’. Dit werd zo populair dat ook Fransen naar de Kaap toekwamen. Dat was weer erg handig voor de Nederlanders, omdat de Fransen veel van wijn afwisten en zo kon er nog meer worden verdiend.

In het begin ging het best goed tussen de Europeanen, de slaven en de Khoisan. Ze leefden in vrede naast elkaar, niks aan de hand. Maar dat veranderde toen de Europese boerengezinnen steeds meer land inpikte van de Khoisan. Een deel van de Khoisan trok zich daarom terug naar de lege gebieden van de Kaap.

Pas in de 18e eeuw kwamen de Europeanen in contact met de Bantoevolken. De Europeanen vonden de Bantoevolken maar lastig, ze namen naar hun idee veel te veel ruimte in beslag. Dus wat doe je dan als Europeaan, dan vermoord je al hun vee waardoor de Bantoevolken óf niet meer kunnen leven óf wegvluchten naar andere delen van Zuid-Afrika. Zo simpel lag dat voor Europa. Ze hadden ook dat deel van de Kaap veroverd. Maar de Bantoevolken lieten zich niet zo makkelijk wegjagen, er zijn wel negen oorlogen over grondbezit gekomen, die de kafferoorlogen worden genoemd.

Steeds meer mensen gingen ook buiten de Kaap wonen, in de andere gebieden van Zuid-Afrika. Daarom voelde de VOC (Oost Indische vereniging die veel macht had in Zuid-Afrika) zich bedreigd en trok zich terug. Nederland, Duitsland en Frankrijk zagen zo een kans om de macht over de Kaap naar zich toe te trekken. Maar dat duurde niet zo lang, want in 1795 kwamen de Britten die gelijk alles voor iedereen moesten verpesten. Aan het einde van de 18e eeuw woonde er 16.000 blanken in de Kaap, waarvan 37% Nederlands was, 35% Duits en 15% Frans. Er woonden nog maar 15.000 in de kaap, en er waren 25.000 slaven.

De Britten werden erg machtig in de Kaap, en in nog een klein stukje van de rest van Zuid-Afrika. Tijdens en na de kafferoorlogen waren de Britten alles behalve aardig tegen de Bantoevolken en de rest van de zwarte volken. De Britten waren degene die konden zorgen dat de zwarte mensen meer rechten kregen, maar de Britten deden er niks aan, zij wilden juist beter, machtiger en sterker zijn dan de rest en wilden van iedereen winnen. Helemaal van de zwarte mensen.

Maar de Bantoevolken hadden niet alleen ruzie over het grondbezit met de Britten, maar ook met zichzelf. Dat wil zeggen dat verschillende Bantoevolken ruzie kregen over politieke dingen, ook omdat de Bantoevolken steeds groter werden en steeds meer handelden. In de jaren twintig van de 19e eeuw kwamen de Zoeloes, met hun machtige leider Shaka Zuid Afrika binnenvallen. Shaka was zo machtig dat hij land opeiste van de bantoevolken en de Khoisan, en dat hij het dan ook nog eens een keer kreeg, omdat eigenlijk iedereen bang voor hem was. Shaka was niet populair, en zijn macht duurde dan ook niet lang, want in 1828 werd hij vermoord door zijn broer Dingane (ze waren niet echt gezellig daar). Dingane nam de macht van hem over, en de Zoeloes waren ineens een stuk minder belangrijk geworden. Door al die belangrijke gebeurtenissen bij de zwarte mensen, waren grote delen van het noorden en noordoosten van Zuid-Afrika ontvolkt geraakt omdat er veel mensen waren vermoord. De gebeurtenissen uit de tijd van de Zoeloes en Shaka heet De Mfecane.

De Britten zagen gebeuren dat de boeren (blanke mensen, ook Afrikaners of Voortrekkers genoemd) grote delen van Zuid-Afrika innamen om te gaan wonen. Maar de Britten gaven niet op, eindelijk wisten ze eens wat orginelers te verzinnen dan de Kaap en wilden ook andere delen van Zuid-Afrika voor zichzelf. In 1843 viel Natal onder het Britse bestuur. Maar toch konden ze het niet voorkomen dat de boeren in 1852 Transvaal toeeigenden en in 1854 Oranje Vrijstaat. In 1887 veroverden de Britten ook Zoeloeland.

In 1867 werd er diamant gevonden in het plaatsje Hopetown bij Kimberley. De Britten vonden dat helemaal geweldig, en wilden dolgraag het stuk land met diamant. Dus Kimberley was vanaf 1871 van de Britten. Maar dat was niet genoeg. In 1877 werd ook Transvaal van hun, omdat ook daar diamant zou liggen. De boeren vonden dit helemaal niks en besloten in opstand te komen tegen de Britten. In 1880 begon de Eerst Boerenoorlog, onder leiding van Paul Kruger. De oorlog duurde een jaar en werd door de boeren gewonnen. Paul Kruger werd president, en de boeren kregen Transvaal en Pretoria weer terug.

Het ging voor de boeren en andere volken de goede kant uit met de macht van de Britten, want de Britten kregen steeds minder macht. De Britten wilden heel graag Transvaal terug, en probeerden dat ook vaak. Maar elke keer mislukte het. In Transvaal werden ze als ‘uitlanders’ of tweederangsburgers behandeld (ik vind eigenlijk dat als je de zwarten zo ontzettend slecht behandeld dat je dan een honderd-duizend-miljoenste-rangburger bent, maar daar dachten ze in die tijd blijkbaar anders over). Cecil Rhodes was een aanhanger van de Britten. Samen met een buitenlander Jameson bedacht hij een plan om zijn land terug te krijgen. In 1885 viel Jameson Transvaal binnen en begon de strijd, en daarna zou Rhodes erachteraan komen om te helpen. Maar Rhodes kwam niet eens naar binnen; de boeren zagen het plan al aankomen.

In 1899 verklaarde de Britten de boeren opnieuw de oorlog, en de Tweede Boerenoorlog was begonnen. Dit keer werd het een langere en gemenere oorlog. De Britten hadden veel betere wapens, en het was eigenlijk heel snel duidelijk dat de Britten zouden winnen. Maar de boeren gaven nog niet op. De Britten hadden Bloemfontein, Johannesburg en Pretoria ingenomen. Ze hadden verschrikkelijke concentratiekampen, waar vooral veel vrouwen en kinderen heen moesten, maar toch zetten de boeren door en gaven zich nog steeds niet over. De boeren verwachtten dat de Afrikaners uit de Kaap zouden komen helpen, maar dat deden ze niet. En er was bijna geen voedsel meer voor de boeren. Toen pas vonden ze het tijd om de strijd op te geven, en ze hadden na drie jaar oorlog de strijd verloren. In 1902 ondertekende de boeren en de Britten het Verdrag van Vereniging. Dat hield in dat Oranje Vrijstaat en Transvaal van de Britten werd, maar boeren mochten het nog wel voor een groot deel zelf besturen. Paul Kruger zat in een dipje en zag het allemaal even niet meer zitten, na het eerste oorlogsjaar is hij terug naar Nederland gegaan. Jan Smuts volgde Kruger op.

Toch bleven de afspraken in de politiek maar vaag, en alles was onduidelijk. Er werd maar wat aangerotzooid. Maar dat veranderde in 1910. Toen kwamen de Kaap, Natal, Oranje Vrijstaat en Transvaal samen en werden samen één in de Unie van Zuid-Afrika. De hele regering werd verspreid; het parlement was in Kaapstad, de regering in Pretoria en het hooggerechtshof in Bloemfontein. Nu nog steeds ligt alles zo ver uit elkaar. De unie was nog steeds van de Britten, maar de boeren konden meebeslissen over wat er gebeurde. Het rare is dat er meer Britten in het bestuur zaten dan boeren, en dat de Afrikaner Louis Botha eerste premier werd.

4. De apartheid
De apartheid betekende dat witte mensen en zwarte mensen gescheiden moesten leven, mensen met een donkere huidskleur kregen vaak veel minder kansen en hadden minder rechten dan witte mensen. Eigenlijk hadden ze géén rechten. Dat begon in 1948, eigenlijk nog maar heel kort geleden. Toen haalde de Nasionale Partij de verkiezingen, wat heel oneerlijk gegaan is omdat twee miljoen blanken en maar een paar kleurlingen (mensen met een blanke en een zwarte ouder) mochten stemmen. Daniel Malan was de partijleider, en was dominee van een Nederlandse kerk. Het eerste wat hij zei toen hij hoorde dat zijn partij had gewonnen, was: “Vandaag is Zuid-Afrika weer van ons”, dat is natuurlijk een nogal zieke zin. In 1949 kwam de Wet op Verbod van Gemengde Huwelijken, die inhield dat mensen van verschillend ras niet met elkaar mochten trouwen. Dat slaat dus echt helemaal nergens op, en dat schrijf ik nu alvast voor elke wet die blanken voortrekt. In 1950 werd de Zuid-Afrikaanse bevolking ingedeeld in vier groepen: blanken, kleurlingen, Indiërs en inboorlingen (later veranderd in Bantoes). Bantoe is eigenlijk de naam voor de taal die door veel mensen in Zuid-Afrika gesproken wordt, maar later werd hij op een discriminerende manier gebruikt om alle zwarte Zuid-Afrikanen zo te noemen. Ook in dat jaar kwam er een wet die zorgde dat blanken en zwarten gescheiden moesten leven en werken. Zwarten mochten geen grond meer bezitten in een gebied dat niet voor hen bedoeld was, en dat waren de meeste gebieden niet. In 1952 moest elke zwarte een pas bij zich hebben en dat op elk moment aan de politie kunnen laten zien, als hij hem niet bij zich had of vergat werd hij zwaar gestraft. Iets later werden zwarten, kleurlingen en Indiërs naar buitenwijken gestuurd. Toen moesten de zwarte mensen ook apart van de blanken in treinen, bussen, parken, theaters, restaurants, bibliotheken, op stranden, en je kunt het zo gek niet verzinnen of het moest apart. Maar de vervelendste en de meest gehate wet kwam in 1953: toen moesten zwarten kinderen ook naar een aparte school. Dat betekende dat ze heel slecht onderwijs kregen en later geen kans hadden om werk te vinden. Er waren nog wel kerkscholen, waar zwarte kinderen evengoed onderwijs kregen, maar die werden ook afgeschaft. In 1958 werd Hendrik Verwoerd president. Het werd er niet veel beter op, want ook hij was een enorme sukkel. Hij was in Hitlers ogen ‘symphatiek’, omdat hij de joden en zigeuners haatte en hij was in de Tweede Wereldoorlog ook een van Hitlers aanhangers. Verwoerd was ook tegen zwarten, en ging gewoon weer verder met discriminerende wetten maken in Zuid-Afrika.

In 1961 kwam Hendrik Verwoerd met het idee van de thuislanden. Dat betekende dat zwarte mensen moesten verhuizen naar een stuk land buiten de stad. Het woord thuisland zegt eigenlijk al hoe blanken over zwarten dachten. Blanken waren ervan overtuigd dat zij het meeste recht hadden op een plek om te kunnen leven, en blanken vonden ook dat zij de meeste plek mochten hebben. Want zij waren (volgens hun) van het ‘schone soort’. Verwoerd zorgde voor tien thuislanden, en binnen die landen mocht je zelf weten wat je deed. Dat klinkt allemaal redelijk goed voor een apartheidsland, maar dat was het helemaal niet. De mensen uit de thuislanden waren erg arm en woonden in hele slechte huizen, met vaak grote gezinnen. De man en de vrouw mochten overdag werken in de grote blanke stad, maar moesten daarna gelijk weer terug naar hun thuisland. Zwarten kregen slechter betaald, terwijl zij harder en vaker werkten dan de blanke mensen. In de thuislanden waren veel ziektes, maar omdat de zwarten helemaal afgezonderd moesten leven waren er voor hun geen dokters. Het was de bedoeling van Verwoerd om de zwarten geen kans te geven en te zorgen dat ze er eigenlijk niet waren, maar dat lukte niet zo omdat er steeds meer zwarte mensen werkloos werden. In 18951 waren er anderhalf miljoen mensen op zoek naar werk, en in 1980 meer dn 7,5 miljoen. Tussen 1955 en 1960 verhuisde iedere zwarte naar een thuisland, en woonde er alleen maar blanken in de stad.

Maar de zwarte mensen verzetten zich ook. De belangrijkste groep die zich tegen de apartheid verzette was het African National Congress, het ANC. Het ANC was in 1912 opgericht om voor de belangen van de zwarte mensen op te komen, maar steunde later ook stakende mijnwerkers. Het ANC wilde dat iedereen gelijk behandeld werd, en dat Zuid-Afrika een land werd waar zwarte en blanke mensen het goed zouden hebben. Ze wilde dat doel bereiken zonder geweld, want daar waren ze tegen, maar met kleine acties, en laten zien dat ze zich niet voor hun huidskleur hoefde te schamen. Onder andere Nelson Mandela, Olivier Tambo en Walter Sisulu waren lid van het ANC. Pas in 1952 kwam het ANC met de eerste echte actie. Ze protesteerden expres voor bijvoorbeeld de ingang van blanke winkels, en moedigde mensen aan om hun pasje te verbranden. Dan werden ze wel gearresteerd, maar als elke zwarte dat zou doen zou dat de regering veel geld, tijd en moeite kosten. Binnen een maand werden er 8500 mensen gearresteerd. Toen er een aantal ANC leiders opgepakt werden, kwam er gelijk een einde aan de opstand. Maar het ANC kreeg wel steeds meer leden, er waren nu 100.000 mensen lid van de club. In 1952 werd Albert Luthi, onderwijzer en leider van een kleine Zoeloestam, voorzitter van het ANC. In 1961 kreeg hij de Nobelprijs voor de vrede.

Niet alleen het ANC verzette zich tegen de apartheid, ook het buitenland. Omdat Albert Luthuli vaak sprak voor het journaal wisten alle landen wat er aan de hand was in Zuid-Afrika, ook al zonderde het land zich nog zo af van de buitenwereld. Zuid-Afrika is de grootste producent ter wereld van goud, platina, steenkool, ijzererts, mangaan, zilver, uranium, antimonium, vanadium en diamanten. Aan al die dingen verdient Zuid-Afrika het meest, door het te verkopen aan andere landen in de wereld. Maar niemand wilde het nog kopen, als protest tegen de apartheid. Er waren zo’n 500 bedrijven die zich terugtrokken uit Zuid-Afrika, ook Coca Cola. Coca Cola verkocht alleen nog maar aan zwarte Zuid Afrikanen. Niemand wilde nog handelen met Zuid-Afrika, en uiteindelijk verloor Zuid-Afrika 3% per jaar aan inkomsten. Dat was natuurlijk wel even schrikken, zeker voor de bedrijven. Hendrik Verwoerd had eerder gezegd dat hij de apartheid belangrijker vond dan de geldzaken van Zuid-Afrika, vond hij eigenlijk het omgekeerde belangrijker, net zoals een heleboel blanken met een bedrijf waarmee het ook veel slechter ging. De enige die nog bleef kopen bij Zuid-Afrika was Afrika, omdat Afrika nog erg afhankelijk was van de spullen die Zuid-Afrika produceerde.

Het einde van de apartheid kwam sneller dan gedacht, maar toch heeft het nog heel lang geduurd voordat de zwarte mensen eindelijk gelijke rechten kregen in Zuid-Afrika. Het had geen zin om mensen te dwingen naar de thuislanden te gaan waar ze bijna niet konden leven. Ook in Zuid-Afrika trokken veel mensen van het platteland naar de stad om werk te zoeken. In 1993 woonde meer dan 40% van de zwarte bevolking in de stad.

Niet iedereen in de Zuid-Afrikaanse regering was het met Hendrik Verwoerd eens, er zaten ook mensen met gevoel in de regering. Zoals Helen Suzman, zij durfde op te komen voor de zwarten en werd daarom ook bekend in het buitenland. Ze zat al vanaf 1953 in de regering om te strijden voor de vrijheid van de zwarten, en heeft Nelson Mandela bezocht in de gevangenis. Er kwamen steeds meer clubs en organisaties die zich verzetten tegen de apartheid. Het werd steeds duidelijker dat de apartheidswetten van de regering helemaal nergens op sloegen en oneerlijk waren. Maar de regering had al heel vroeg wetten gemaakt waarin stond dat je niet tegen de regering mocht protesteren en alles moest doen wat er gezegd werd. Daarom was het voor de regering mogelijk mensen zomaar op te pakken, alleen maar omdat ze hadden gezegd dat ze tegen de apartheid waren. De regering mocht mensen zomaar eenzaam opsluiten, politieke organisaties verbieden, huisarrest geven, mensen naar afgelegen en eenzame stukken land vervoeren, en de pers mocht niet schrijven wat hij wilde (censuur). Er zijn meer dan 80 mensen overleden in politiecellen, er werden meer dan 40.000 mensen gearresteerd en meer dan 1000 mensen vermoord. Kortom; wat je als zwarte ook deed, er was altijd wel een wet die je dat kon verbieden.

In 1886 werden er een paar wetten afgeschaft. Bijvoorbeeld de wet op het Verbod van Gemengde Huwelijken, en het systeem dat elke zwarte een pasje moest hebben. Kleurlingen en Indiërs kregen meer rechten, maar voor de zwarten bleef het één en al ellende. Maar ze gaven niet op en streden door. In 1985 kwam de financiële crisis voor Zuid-Afrika, want toen eisten banken uit het buitenland dat de leningen die Zuid-Afrika had afgesloten terugbetaald werden. Zuid-Afrika werd in een keer een stuk armer, en geen enkel land wilde nog geld lenen aan Zuid-Afrika. Het einde van de apartheid kwam steeds dichterbij.

In september 1989 werd F.W. de Klerk leider van de Nasionale partij en premier van Zuid-Afrika. Hij heeft samen met nog een paar anderen gezorgd dat de zwarten mensen weer gelijke rechten kregen. Hij zei dat de uitslag van de verkiezingen (70% had op hem gestemd) hem het recht gaf om veel te veranderen in Zuid-Afrika. Hij liet veel gevangen vrij, ook Walter Sisulu, lid van het ANC. Op 2 februari 1990 wilde de Klerk heel graag praten over een nieuw Zuid-Afrika. Dat deed hij ook, met het ANC, het PAC en de SCAP, allemaal verenigen die opkwamen voor de belangen van de zwarten en de blanken, ze wilde dat zowel blank als zwart gelijk behandeld werden. Tien dagen later (twee dagen na mijn geboorte!) liet de Klerk Nelson Mandela vrij, ook lid van het ANC en hij had meer dan 27 jaar gevangen gezeten. Iedereen was blij en iedereen had het erover. In de jaren daarna werden er een heleboel wetten tegen de zwarten afgeschaft, waardoor ze een tuk meer rechten hadden. Maar met al die rechten af te schaffen, is de apartheid natuurlijk nog niet voorbij. Die zou pas echt afgelopen zijn als er een regering zou zijn die democratisch gekozen was met verkiezingen voor de blanken én de zwarten. Het ANC en de regering waren hard bezig met een nieuwe grondwet.

De vrijlating van Nelson Mandela werd het symbool van het einde van de apartheid. Maar er waren meer dingen die erop wezen dat Zuid-Afrika steeds onafhankelijker werd. Het censuur van de kranten werd voor een deel opgeheven, de doodstraf mocht nu alleen nog maar gegeven worden bij een hele erge misdaad of criminaliteit.

Gek genoeg zorgde het ook voor veel oorlogen. In Natal, was een oorlog bezig tussen de aanhangers van het ANC en Inkhata (een andere groep voor de toekomst van Zuid-Afrika) Ook in Transval was er een oorlog ontstaan tussen aanhangers van het ANC en Inkharta. Bij die oorlogen kwamen in het eerste halfjaar van 1992 wel 1500 mensen om het leven. Uiteindelijk kwam er ook in Natal en Transvaal vrede.

De Klerk ging verder met praten over de toekomst van Zuid-Afrika. Iedereen was het erover eens dat Zuid-Afrika een nieuwe regering moest hebben, maar de Klerk vond dat de blanken ook mee moesten beslissen en liet ze in maart 1992 stemmen. 68% van alle mensen die hadden gestemd vonden dat Zuid-Afrika een nieuwe regering moest hebben en dat het einde van de apartheid snel moest komen. Op 17 maart (de verjaardag van mijn moeder) zei de Klerk: “Vandaag hebben we een eind gemaakt aan het hoofdstuk van de apartheid”. Alles ging goed en de regering onderhandelde met het ANC, maar de boeren waren het er niet mee eens en wilden geen veranderingen. Met geweld protesteerden ze ertegen. In april 1993 werd Chris Hani, één van de ex-leiders van het ANP en de SCAP vermoord. Janusz Walusz en Clive Derby werden daarvan verdacht en later werden ze veroordeeld. Aanhangers van die twee waren woest en iedereen was bang dat er een burgeroorlog zou komen. Vijf dagen na de dood van Chris Hani overleed Olivier Tambo, ook een leider van het ANC. Nelson Mandela nam de plaats van Olivier Tambo in.

Op 27 april 1994 werden de eerste echte democratische verkiezingen gehouden. Op dezelfde dag zouden de thuislanden weer bij Zuid-Afrika horen. De rest van de wereld was blij en opgelucht, en heel positief. In 1993 vroeg Nelson Mandela aan Amerika om het verkoopverbod tegen Zuid-Afrika te stoppen. Dat gebeurde, en er mochten ook weer wapens worden besteld.

Op 10 mei 1994 werd Nelson Mandela president van Zuid-Afrika. Het nieuwe Zuid-Afrika. Nelson Mandela had heel veel stemmen gekregen, en was duidelijk in de meerderheid gevallen. Hij had 62,6% van alle stemmen gekregen! De Nsionale partij 20%, Inkhata 10%, het Vrijheidsfront (partij van rechtse boeren) 2%, de Democratische partij 1,7 en het PAC 1,2%. Uiteindelijk had precies de goede man voor Zuid-Afrika gewonnen.

5. De bevolking
Sinds de apartheid is afgelopen wordt iedereen gelijk behandeld in Zuid-Afrika, en is het een ‘gemengd land’. Toch zijn de zwarten mensen met meer. Meer dan driekwart van de inwoners van Zuid-Afrika is zwart. De zwarte bevolking bestaat uit nakomelingen van de bantoevolken, van ruim 2000 jaar geleden. De volken in Zuid-Afrika van nu zijn heel verschillend, en lijken helemaal niet op elkaar. Dat zie je aan de manier van bouwen en de taal. De Zoeloes bouwen hutten in de vorm van een bijenkorf, de Xhosa wonen in kleihutten met een dak van stro en de Shoto bouwen vierkante kleihutten. In Zuid-Afrika worden de zwarte volken verdeeld in vier groepen: de Nguni, de Sotho, de Venda en de Tsonga. De groepen zijn vernoemd naar de taal die de volken spreken. Elke groep leeft al sinds de tijd van toen over-over-over-over-overgrootoma en opa nog jong waren in bepaalde gebieden van Zuid Afrika. De Nguni is de grootste groep, meer dan 50% hoort bij dat volk. Ze wonen tussen de Grote-Visrivier in het zuiden en Kosi Bay in het noorden. Dat is al vanaf de 9e eeuw zo. De Shoto is 35% van de zwarte bevolking en trekken het land rond. De Tsonga en de Venda zijn later pas gekomen. De Tsonga 7% van de zwarte bevolking en leeft in Noord en Oost Transvaal. De Venda is 5% van de zwarte bevolking en leeft samen met de Tsonga in Noord Transvaal.

De blanke mensen in Zuid-Afrika zijn nakomelingen van de Europeanen die naar Zuid Afrika gekomen zijn. De Nederlanders, Fransen en Duitsers kwamen in de 17e eeuw naar Zuid-Afrika toe. Dat waren de boeren, of Afrikaners. Zij hadden in de 19e eeuw vaak ruzie met de Britse kolonisten. In Zuid-Afrika bestaat de blanke bevolking uit twee groepen: de Afrikaans en de Engels sprekende groep. De meeste blanken zijn Afrikaners, 57%. De meeste Afrikaners wonen in Transvaal of Oranje Vrijstaat. De Afrikaners waren vroeger boeren, jagers of ambtenaren. De Engels sprekende groep is 38% van de blanken. Zij waren vroeger juist handelaren, of werkten in de industrie. Een groot deel woont in de Kaap en Kwazulu Natal. De andere 5% van de blanken uit Zuid-Afrika zijn de immigranten die in de 20e eeuw naar Zuid-Afrika kwamen.

Kleurlingen zijn mensen van gemengd ras. Met een zwarte vader en witte moeder, of met een witte vader en zwarte moeder. In Zuid-Afrika komen kleurlingen heel veel voor. Dat komt eigenlijk nog uit de 17e eeuw, toen leefden de Hottentotten, de slaven en de Europeanen samen. De meeste kleurlingen werden geboren in Kaapstad, en dat is nu nog steeds zo. Het grappige is dat sommige kleurlingen zich zwart voelen en sommige wit, het ligt er maar net aan waar je je dan meer mee verbonden voelt.

Een heel groot deel van de Indiers (95%!) zijn nakomelingen van de gastarbeiders uit Indie in de 19e eeuw. De Indiers konden toen terug naar hun eigen land, maar de meeste bleven in Zuid-Afrika. De Indiers wonen meestal in Kwazulu Natal, net zoals vroeger. Alleen werkten ze vroeger op suikerplantages, en nu meestal in de handel of in restaurants. De Indiers in Zuid Afrika zijn allemaal goed opgeleid.

De meeste Zuid-Afrikanen wonen in de vier grote industriegebieden van Zuid-Afrika. Die liggen vlakbij de steden Johannesburg, Durban, Port Elizabeth en Kaapstad. Al die steden bij elkaar is maar 4% van heel Zuid-Afrika, maar wel 35% van de bevolking woont op die 4%. Vroeger woonde bijna alle Zuid-Afrikanen op het platteland, maar nu verhuizen steeds meer mensen naar de steden. In 1995 woonde 55% in de stad, en in 2000 werd dat 65%.

De bevolking van Zuid Afrika is vrij jong. Meer dan 37% is onder de vijftien, maar Zuid-Afrikanen leven niet zo lang. Tijdens de apartheid leefde een blanke man gemiddeld 70 jaar, en een zwarte man maar 64. Een blanke vrouw leefde gemiddeld 77 jaar en een zwarte vrouw 67. Dat kwam omdat zwarten toen snel moe waren van het zware werk dat ze moesten doen en er waren geen dokters voor hun. Nu is dat anders, en leven de zwarten net zo lang als de blanken.

Er wonen steeds meer mensen in Zuid-Afrika, er komen elk jaarongeveer 1 miljoen inwoners bij (!). Deskundigen schatten dat er over dertig jaar twee keer zoveel mensen wonen dan nu. Nu zijn het er al 40.000!

6. Flora en fauna; de Zuid-Afrikaanse natuur
Zuid-Afrika heeft hele bijzondere planten, bloemen en bomen. Zuid-Afrika heeft veel inheemse plantensoorten, dat betekent dat die soorten uit hun eigen land komen. Bijvoorbeeld wilde amandelbomen en ooievaarsbekken komen 0uit Zuid-Afrika. Maar er zijn ook soorten geimporteerd, dus vanuit een ander land naar Zuid-Afrika gehaald, zoals de jacaranda die eigenlijk uit Zuid-Amerika komt. Het is heel verschillend wat voor planten je in een bepaald gebied ziet, omdat het in het zuiden meer regent dan in de rest van Zuid-Afrika. De kust in het westen is net een woestijn, het is er heel droog en je ziet er bijna geen planten, maar er is natuurlijk wel veel water. Er zijn wel wilde bloemen langs de westkust, maar die bloeien alleen als het regent en dat doet het er bijna nooit. In het westen zie je ook echte woestijnen, zoals de kalahariwoestijn. Daar zijn cactusachtige planten, maar er is geen gras. In het oosten van Zuid-Afrika zijn er savannen (groot grasland met af en toe een boom). Daar groeien bomen en struiken, bijvoorbeeld apabroodbomen, de kandelaar aalwijn en de apiesdoring. Dat is het bosveld. In het bosveld staan fruitbomen, waar veel vogels naar toe komen. De neushoornvogel, de klauwier en de vliegenvanger zijn vogels die je vaak in de bosvelden ziet. Maar er zijn ook zoogdieren in het oosten van Zuid-Afrika te vinden, zoals leeuwen, luipaarden, olifanten, neushoorns, zebra’s, koedoes en giraffen. Aan de kust van het oosten valt meer regen en daar zijn ook dennebomen en lariksen, en een heleboel verschillende soorten vogels en zoogdieren zoals de Kaapse papegaai en de geelbekbosdruif (je zult als vogel toch maar zo’n naam hebben). Maar ook bedreigde diersoorten, bijvoorbeeld het penseelzwijn en de samangomeerkat. In Westkaap zijn veel struiken als rozemarijn, tijm en heide. Zuid-Afrika noemen ze het grootste safaripark ter wereld, omdat er zo veel verschillende diersoorten en planten te vinden zijn. Gewoon in het wild, of in parken, bijvoorbeeld in het krugerpark.

7. Zuid-Afrika nu
Tegenwoordig is de apartheid afgeschaft, en dat is natuurlijk heel goed. Maar dat btekent niet dat gelijk alle problemen opgelost zijn van vooral de zwarte mensen uit Zuid-Afrika. Het heeft nog zeker twintig jaar nodig om alles weer op orde te hebben, voor de regering maar ook voor de mensen zelf. Vooral voor kinderen, die er gewoon helemaal niks van begrijpen. Er zijn nog heel veel problemen, bijvoorbeeld de woningen. Minstens 1,5 miljoen huizen zijn tijdens de apartheid helemaal versleten, en moeten dus opnieuw opgeknapt worden. Daarvoor heeft de regering geen geld. Daarnaast groeit het aantal van de bevolking zó snel, dat niet iedereen een huis kan hebben en dat er gewoon huizen tekort zijn. De mensen die geen woning hebben en er nar een op zoek zijn, zijn meestal arm en hebben dus geen geld om een huis te kopen. Er verhuizen veel mensen van het platteland naar de stad, om daar werk te zoeken. Nu woont de helft van de bevolking in de stad, maar volgens schattingen wordt dat in het jaar 2010 70%. Meer dan 7 miljoen Zuid-Afrikanen hebben geen schoon water, geen aansluiting op de riolering en geen elektriciteit. Die mensen hebben zelf een hutje gebouwd van afval om in te leven. Om die problemen op te lossen heeft de regering bedacht om elk jaar 300.000 huizen te bouwen. Daarmee vang je gelijk twee vliegen in één klap, want er komen gelijk meer banen bij, zoals timmerlieden, elektriciens, metselaars en andere mensen die helpen om huizen te bouwen.

Het onderwijs wordt elk jaar beter. Nog steeds lopen de blanken voor, maar dat komt omdat zwarten geen goed onderwijs hebben gehad tijdens de apartheid. De klassen van zwarte scholenwaren veel groter dan klassen van blanken scholen, en omdat nu de scholen weer gemengd zijn, zijn er meer leraren nodig. Dat is alleen maar goed omdat er dan weer meer werk is voor de mensen. Met het onderwijs van de kinderen loopt het dus redelijk goed. Maar de helft van de volwassen mensen van Zuid-Afrika kunnen niet lezen en schrijven, dus dat is ook een groot probleem. Ook hier heeft de regering wat op bedacht. Elke volwassene is verplicht een (gratis) cursus te volgen, en zo leren lezen en schrijven. De zogenaamde Operation Upgrade and Read.

In de grote steden kopen mensen hun spullen en eten gewoon in supermarkten en andere winkels. Dat gaat net zoals bij ons; gewoon ongezellig naar de supermarkt terwijl je je afvraagt wat je vandaag nou weer eens moet eten. In kleine dorpjes en op het platteland gaat het en stuk leuker: daar ga je naar de markt. D markt is er heel gezellig en is er elke dag, er is veel keus uit eten en andere spullen, maar is ook een soort ontmoetingsplaats. Op de markt kom je veel mensen tegen en vrienden hebben mensen vaak leren kennen op de markt. De markt is ook een prima plek om de laatste nieuwtjes en roddels bij te houden. Het dagelijkse voedsel dat gegeten wordt is mais, dat je in allerlei soorten en maten kunt kopen in de winkels en op de markt. Omdat het in Zuid-Afrika vaak lekker warm weer is blijft vlees niet echt lang goed. Daarom wordt het vlees vaak gedroogd. Dat heet ‘biltong’, ik heb het nog nooit op maar het klinkt nou niet bepaald lekker. Er wordt ook veel Indiaas gegeten, en ook dat kun je kopen op de markt.

Natuurlijk luisteren ze in Zuid-Afrika ook naar de radio en kijken naar de televisie. Er zijn zes nationale zenders en zes regionale zenders, en nog acht zenders voor de verschillende talen. Bijvoorbeeld radio Zulu. Er zijn maar drie verschillende televisiezenders in Zuid-Afrika, en ook daar hebben ze rekening gehouden met de verschillende talen die gesproken worden. TV1 maakt programma’s in het Engels en het Afrikaans. CCB maakt programma’s in het Zulu, Xhosa, Hindi, Tamil, Engels en Afrikaans. Dan heb je nog de National Network Television (NNTU) die vooral programma’s maken en over sport en onderwijs. Per dag kijken meer dan 11 miljoen mensen televisie in Zuid-Afrika, en dat is meer dan in elk ander Afrikaans land. Iets meer dan de helft van alle programma’s wordt in Zuid-Afrika zelf gemaakt, de rest komt uit Engeland of Amerika.

In Zuid-Afrika wordt veel gesport, en er gaan veel mensen naar wedstrijden kijken. De populairste sport is voetbal, dan cricket, rugby en golf. Voetbal is ook de populairste sport om naar te kijken, dan boksen, tennis, atletiek, rugby en cricket. Eigenlijk is het sporten een beetje nieuw voor de zwarten in Zuid-Afrika, omdat zwarte mensen tot 1991 niet naar een sportclub mochten. En als het al wel mocht werden de blanke mensen voorgetrokken, de scheitsrechter was altijd blank en partijdig. Maar Zuid-Afrika zelf mocht tot 1991 ook nooit meedoen aan internationale wedstrijden en toernooien, omdat de buitenwereld niet tegen een apartheidsland wilde spelen die ook nog een blanken voortrok. Na 1991 heeft de regering er alles aangedaan en er veel geld in gestoken om ook de zwarte mensen mee te laten doen op sportclubs.

8. Nawoord
In de pinkstervakantie waren we op vakantie in de Ardennen. We bezochten een kasteel boven op een berg, en er was ook een klas op schoolreisje. Er zat een bruine jongen in die klas, en hij werd gelijk gepest. Ze riepen zoeloe naar hem, en de leraren stonden er gewoon met hun neus bovenop en zeiden er niks van. Als ik dan dit werkstuk maak, en lees en schrijf over de apartheid, begin ik me bijna schuldig te voelen dat ik blank ben. En dan waren degene die die belachelijke wetten hadden bedacht ook nog eens Nederlands! Ik vraag me af hoe je dat als zwarte ooit hebt kunnen overleven, in een land waar je niet veilig bent, alle machthebbers tegen je zijn, je niet kunt vluchten en er altijd wel weer een wet is die je dwars kan zitten. Maar ik heb er wel heel veel van geleerd. Toen ik mijn werkstuk maakte werd ik eigenlijk wel heel nieuwsgierig, en ik ben er alleen maar zekerder van geworden dat ik Zuid-Afrika eens wil zien. Dan kan ik dit werkstuk als reisgids gebruiken.

9. Bronvermelding
- Dominicus reeks: Zuid Afrika van Marleen Dekker
- Moderne Industriële Wereld: Zuid Afrika van David Flint
- Oorzaak & gevolg: Het einde van de apartheid van Catherine Bradley
- Landenreeks: Zuid Afrika van Bart Lurink
- Landenreeks: Zuid Afrika van Caroline van Dullemen

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.

S.

S.

er staat dat de langste rivier dus de oranje rivier 2100 km is maar het is 2200 km.

14 jaar geleden

J.

J.

een beetje lang maar ik kreeg wel een 9 half bedankt!

20 jaar geleden

D.

D.

Hoi Mirjam, ik wou ff zeggen dat het een heel mooi werkstuk is waar ik een hoop aan heb gehad om mijn eigen gegevens uit te breiden voor mijn Po van aardrijkskunde! Bedankt!!!! groetjes Daniëlle

20 jaar geleden

W.

W.

wow

19 jaar geleden

D.

D.

he meisie...

uit welke klas kom jij dat je zo kinderachtig nl's spreekt???

groetjes Debby

19 jaar geleden

A.

A.

Let liever op jezelf en niet op anderen. Dus doe zelf niet zo kinderachtig

5 jaar geleden

P.

P.

bedankt!!

19 jaar geleden

B.

B.

maak t de volgende keer iets minder 'grappig'.. en je schrijft: zo gezegd zo gedaan, dat is echt t zieligste dat ik ooit gehoord heb

18 jaar geleden

D.

D.

Ik vind het een goed werkstuk maar er kon wel wat meer in bijvoorbeeld
het verkeer,sport,dieren enzf

nou veel succes en geluk doei doei

laterzzzzzzzzzzzzzzzzzz

dosa

18 jaar geleden

A.

A.

haayz..

leuk en boeiend werkstuk egt heel leuk !
ik heb zelf ook een werkstuk over zuid-afrika gemaakt maar dan over de geschiedenis
nouu dat wou ik effe zeggen doei doei xxx

18 jaar geleden

T.

T.

ik heb geen commentaar het is een kij goed werkstuk en ik heb er veel informatie van dankje wel voor dat :D vooral economie stuk was fijn

17 jaar geleden

R.

R.

dit werkstuk is echt goed
vooral kolonisatie :d
:) echt goed!!!!!

11 jaar geleden

R.

R.

ik vond het heel goed vroeger heb ik ook een werkstuk gemaakt over Zuid Afrika ik vind dit werkstuk een 10 waard

11 jaar geleden

A.

A.

Super goed! Ik heb hier veel over geleerd!! Dankjewel! xx Anoniempje

5 jaar geleden