Italie

Beoordeling 6
Foto van een scholier
  • Werkstuk door een scholier
  • havo/vwo | 1047 woorden
  • 16 april 2003
  • 409 keer beoordeeld
Cijfer 6
409 keer beoordeeld

Taal
Nederlands
Vak
Onderwerpen

ADVERTENTIE
Fix onze energie!

Studeer energie & techniek. Iedereen staat te springen om jou! We hebben namelijk veel technische toppers nodig die de energie van morgen fixen. Met een opleiding in energie & techniek ben je onmisbaar voor de toekomst. Check Power Up The Planet en ontdek welke opleiding het beste bij je past! 

Check Power Up The Planet!

1 Het klimaat van Italië. Italië heeft een Middellandse-zeeklimaat, overgangsklimaat en een hooggebergteklimaat. Dat Italië zoveel klimaten heeft komt doordat het een heel erg lang en uitgerekt land is. Italië is een lekker warm land. In de zomer wordt het er gemakkelijk 30 graden en nog veel warmer. Alleen in het noorden bij het hooggebergteklimaat haalt het vaak die temperatuur niet.

1.1 het Middellandse-zeeklimaat. Het Middellandse-zeeklimaat bevindt zich voornamelijk aan de kust. Het neemt ongeveer 50% in van Italië. Het Middellandse-zeeklimaat is een is een warm klimaat. In de winter is het nooit heel erg koud. En in de zomer is het er heel erg warm. In gele maar 5-6 dagen regent. Maar als het dan regent het ook goed. Er valt ongeveer 600mm tot 800mm neerslag per jaar.

1.2 het overgangsklimaat. In het overgangsklimaat ligt voornamelijk in het midden van het land. Het overgangsklimaat is een klimaat dat tussen een landklimaat en een zeeklimaat in zit. Het is in de zomers vrij warm en in de winters vrij koud. De neerslag in het overgangsklimaat is overal verschillend. De minste neerslag per jaar is 400mm en de meeste is tot 2000mm.

1.3Het hooggebergteklimaat. In het noorden van Italië waar de Alpen liggen is een. Daar ligt op sommige plaatsen eeuwige sneeuw en is het altijd koud. De neerslag valt in de winter vaak in de vorm van sneeuw, en in de zomer gewoon. Als water. Er valt per jaar 1200mm tot 2000mm neerslag per jaar. 2 Het landschap. Italië is een schiereiland. Dat betekend dat een land maar aan een stuk land vast zit en anders een eiland is. Het landschap van Italië is onder te verdelen in drie onderdelen: gebergte, heuvels en vlakten. In geen van de drie is landbouw mogelijk. Daardoor is ongeveer 80% van het land niet geschikt voor landbouw. Verder is er veel reliëf in Italië. Ook bevinden zich bodemschatten in de grond dat zijn: lood, zink, marmer, aardolie en aardgas. Italië heeft een erg lange kust, die is wel 8000 kilometer lang. De kust is niet overal hetzelfde. Soms komen de bergen of heuvels tot aan de zee. Er is dan een steile, rotsachtige kust met hier en daar kleine strandjes. Als de kust valk is, vind je meestal zeer lange zandstranden

2.1 heuvels en gebergten. 34% van Italië is gebergte, en 24% zijn heuvels. De hoogste bergen in Italië liggen bij de Alpen. De Dolomieten maken een deel uit van de Alpen en liggen in het noordoosten van Italië. De Apennijnen vormt een ander gebergte in Italië. Die lopen van het noorden naar het zuiden. Ze zijn niet zo hoog als de Alpen. De hoogste bergen in de Alpen zijn namelijk meer dan 4000 meter hoog. De hoogste toppen van de Apennijnen zijn ruim 2000 meter hoog. Op veel plaatsen van het gebergte vindt bodemerosie plaats. Sommige bergen zijn vulkanen. De bekendste vulkanen in Italië zijn de Vesuvius bij Napels en de Etna op het eiland Sicilië. De Etna is 3340 meter hoog. Beide vulkanen werken nog. Af en toe is er een uitbarsting. Heuvels zijn eigenlijk lage gebergtes en hinderen veel wand voor toerisme is het niet echt aantrekkelijk. Verder zijn ze ook nog henderend voor het verkeer.

2.2 vlakten
24% van Italië bestaat uit vlakten. In het noorden ligt de grootste vlakte en dat is de Po-vlakte. De Po-vlakte lijkt heel veel op het wilde westen in Amerika. Het lijkt er zelfs zo veel op het westerns zijn opgenomen. De Po-vlakte komt aan zijn naam door de rivier de Po die door het gebied heen stroomt.

2.3 rivieren en meren
Italië heeft een aantal rivieren de grootste zijn de Po, Adige, Tiber en de Arno. De Po is de langste rivier met 670km. De Po loopt begint in de Alpen ergens bij de grens tussen Italië en Frankrijk. Na dat hij is ontstaan loopt hij samen met allemaal rivieren uit de alpen en de Apennijnen. De Adige is maar 410km lang. Hij ontstaan in de alpen maar dan aan het drielandenpunt van Zwitserland Italië Oostenrijk. De Tiber ontstaat midden in de Apennijnen. De Tiber is ook vrij belangrijk omdat hij door Rome heen stroomt. De laatste rivier is de Arno die een lengte van 241km heeft. Hij ontstaat in het noorden van de Apennijnen en loopt door de belangrijke toeristen stad Pisa heen. Verder heeft Italië nog belangrijke meren. De meren zijn te verdelen in verschillende types: Alpentype, ontstaan uit kraters, meren die vermoedelijk zijn ontstaan uit oude zeestraten en gewone meren. De meren van het alpentype zijn de Lago di Garda, Lago di Como en de Lago Maggiore. De rivieren die uit oude kraters zijn ontstaan zijn de Lago di Vico en Lago di Bolsena. De meren die vermoedelijk uit oude zeestaten zijn ontstaan zijn de Lago Trasimeno en de kleine meren van Montepulciano en Chiusi. Er is een gewoon meer volgens de wetenschappers en dat is het meer Lago Trasimeno dat vlakbij Perugia ligt en is het grootste meer van Midden- en Zuid-Italië met een 128 vierkante kilometer. 3 Toerisme Italië is een goed land voor het toerisme want ’s winters is er wintersport in de alpen. En in de zomer is er aan de kust en de meren veel toerisme verder is het ook mooi met de steden die het hele jaar door druk bezocht worden. 3.1 wintersport in de Italiaanse Alpen
De alpen is voor het rijke West-Europa het perfecte skigebied. Veel toeristen geven ook aardig wat geld uit in hun vakantie. De meeste mensen in Noord-Italië leven van het toerisme

3.2 toeristische steden
Veel mensen gaan ’s zomers naar steden in Italië. Ze gaan naar bekende plaatsen zoals Rome, Venetië, Florence en Pisa om naar bekende gebouwen te kijken. Als het warm is gaan de toeristen vaak ook nog naar de stranden. Vlak bij toeristische steden zijn dan veel hotels en campings. In de steden geven toeristen veel geld uit. Toerisme is een grote bron van inkomsten voor de Italianen. Veel gezinnen leven van het toerisme en zijn er zelfs afhankelijk van.

Het werkstuk gaat verder na deze boodschap.

Verder lezen

3.2 toeristische steden
Veel mensen gaan ’s zomers naar steden in Italië. Ze gaan naar bekende plaatsen zoals Rome, Venetië, Florence en Pisa om naar bekende gebouwen te kijken. Als het warm is gaan de toeristen vaak ook nog naar de stranden. Vlak bij toeristische steden zijn dan veel hotels en campings. In de steden geven toeristen veel geld uit. Toerisme is een grote bron van inkomsten voor de Italianen. Veel gezinnen leven van het toerisme en zijn er zelfs afhankelijk van.

3.3 Het toerisme aan de kust
De zee trekt ook de meeste toeristen aan. Het is zo aantrekkelijk door de warmte van de zee en de warmte in Italië zelf. Maar zo heel druk hoeft het niet te zijn want Italië heeft een kust van ongeveer 6000km die geschikt is voor vermaak. De eilandjes van Italië zijn vooral erg populair voor de toeristen

REACTIES

K.

K.

ik wou effe zeggen wat een onduidelijk werkstuk

12 jaar geleden

T.

T.

Niet het beste werkstuk,
maar wel handig om info van
af te halen.

12 jaar geleden

K.

K.

Ik vind het een heel goed werkstuk, ik haal dr een beetje info vanaf :D

10 jaar geleden

N.

N.

IK vind hem wel goed

10 jaar geleden

K.

K.

dit is echt geen werkstuk voor VWO!!

10 jaar geleden

K.

K.

daar heb je gelijk in

10 jaar geleden

F.

F.

slecht zeg

5 jaar geleden

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.