Vocabulaire Hoofdstuk 1

Beoordeling 6
Foto van een scholier
  • Vertaling door een scholier
  • 5e klas vwo | 453 woorden
  • 14 januari 2010
  • 4 keer beoordeeld
Cijfer 6
4 keer beoordeeld

Vocabulaire 1.B | F-N
1. accéder à toegang hebben/geven tot
2. l'accueil het onthaal
3. aménager aanleggen
4. assister à aanwezig zijn bij
5. l'attache de verbinding, de band
6. ça fait un bail het is een eeuwigheid geleden
7. chaleureux hartelijk, warm
8. conserver bewaren
9. conseiller raad geven
10. consistuer de bestaan uit
11. contraindre dwingen
12. se dérouler zich afspelen
13. le descendent de afstammeling

14. le deuil de rouw
15. édifier oprichten
16. éloigné verwijderd
17. l'époque het tijdperk
18. l'étranger het buitenland
19. évoquer oproepen
20. exceptionnel uitzonderlijk
21. la querre de oorlog
22. héberger onderdak verschaffen
23. l'héritage de erfenis
24. l'hospitalité de gastvrijheid
25. inaugurer inwijden
26. incroyable ongelooflijk
27. le lieu de plek
28. lumineux verlicht
29. l'Occident het Westen
30. notamment vooral
31. le patrimoine het nationaal erfgoed
32. principal belangrijkst
33. le rayonnement de schittering

34. restituer teruggeven
35. le successeur de opvolger
36. urbain stedelijk

Vocabulaire 1.B | N-F
1. aanwezig zijn bij assister à
2. belangrijkste principal
3. beschikbaar disponible
4. bewaren conserver
5. het buitenland l'étranger
6. de gastvrijheid l'hospitalité
7. onderdak verschaffen héberger
8. ongelooflijk incroyable
9. de oorlog la guerre
10. de opvolger le successeur
11. de plek le lieu
12. raad geven conseiller
13. het tijdperk l'époque
14. uitzonderlijk exceptionnel
15. vooral notamment

Vocabulaire 1.C | F-N
1. apparemment blijkbaar

2. contradictoire tegenstrijdig
3. être doté de voorzien zijn van
4. l'embuscade de hinderlaag
5. empêcher verhinderen
6. l'empereur de keizer
7. l'esprit de geest
8. estimer schatten
9. la folie de gekte
10. la gravité de ernst
11. hesitant twijfelend
12. inquiet ongerust
13. la lucidité de helderheid
14. maîtriser beheersen, overmeesteren
15. parvenir à bereiken
16. le pouvoir de macht
17. la raison het verstand, de rede
18. reconnaïtre erkennen
19. se cacher zich verbergen
20. se libérer zich bevrijden
21. receler bevatten
22. se référer à betrekking hebben op

23. renvoyer wegsturen
24. superstitieux bijgelovig
25. tenter proberen
26. terrestre aards
27. toutefois echter

Vocabulaire 1.C | N-F
1. zich bevrijden se libérer
2. beheersen, overmeesteren maîtriser
3. echter toutefois
4. erkennen reconnaître
5. de geest l'esprit
6. de gekte la folie
7. de keizer l'empereur
8. de macht le pouvoir
9. zich verbergen se cacher
10. het verstand, de rede la raison

Vocabulaire 1.D | F-N
1. alterne afwisselen
2. attirer aantrekken
3. la civilisation de beschaving
4. commémoratif herdenkings-

5. le crépuscule de schemering
6. démesuré buitensporig
7. de temps en temps af en toe
8. divertissant vermakelijk
9. effectuer uitvoeren
10. estival(e) zomer-
11. grâce à dankzij
12. l'île het eiland
13. improbable onwaarschijnlijk
14. indiquer aanwijzen
15. la lutte de strijd
16. le marché aux puces de vlooienmarkt
17. nocturne nachtelijk
18. le parcours de route
19. participer à meedoen aan
20. le point de repère het herkenningspunt
21. privilégier bevoorrechten
22. réussir slagen
23. la rêve de droom
24. rural landelijk

25. renommé vermaard
26. se consacrer à zich wijden aan
27. le spectateur de toeschouwer

Vocabulaire 1.D | N-F
1. aantrekken attirer
2. af en toe de temps en temps
3. de beschaving la civilisation
4. dankzij grâce à
5. de droom le rêve
6. het eiland l'île
7. meedoen aan participer à
8. de route le parcours
9. slagen réussir de strijd la lutte
10. de toeschouwer le spectateur
11. zich wijden aan se consacrer à

REACTIES

Log in om een reactie te plaatsen of maak een profiel aan.